Werkloosheid in Nederland onder de 400.000 november 2017

De Nederlandse werkloosheid is in november 2017 voor het eerst sinds augustus 2009 onder de 400.000 werklozen gekomen. Dit werd donderdag 21 december 2017 bekend gemaakt door publicatie van cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek en uitkeringsinstantie UWV. Door deze daling in de werkloosheid heeft men het laagste aantal werklozen in Nederland in de afgelopen acht jaar. In november hadden ongeveer 8,7 miljoen mensen betaald werk in Nederland. Volgens de onderzoekers is dit aantal werken het hoogste aantal werkenden ooit in Nederland. De afgelopen drie maanden is het aantal 15- tot 75-jarigen met betaald werk toegenomen. De gemiddelde maandelijkse toename was 15.000 extra werkenden.

Werkloosheid Nederland
In totaal hadden meer dan 4,2 miljoen mensen geen werk. De redenen hiervoor lopen uiteen. Tot dit aantal behoort ook een groep van 397.000 mensen die aangaven recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor ook direct beschikbaar te zijn. Deze groep wordt daadwerkelijk tot de werklozen gerekend. Het aantal werklozen was gedaald naar 4,4 procent. In 2016 waren er in Nederland nog 500.000 werklozen. In een schatting die het Centraal Planbureau kort geleden had gedaan ging men uit van een verder daling in de werkloosheid. Volgens het CPB zou de werkloosheid in Nederland kunnen uitkomen op  gemiddeld 360.000 werklozen. Ondanks dat deze schatting een positiever beeld geeft dan de werkelijke werkloosheid is minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tevreden, hij spreekt in een reactie van mooie cijfers.

Afname werkloosheid in de bouw
De afname in de werkloosheid heeft ook een effect op het aantal ww-uitkeringen. In deze uitkeringen is ook een afname te zien. Het aantal ww-uitkeringen nam af met ruim 6.000 en kwam daardoor uit op 337.000. Er is nu een duidelijke tendens merkbaar in de afname van ww-uitkeringen. Het is inmiddels de tiende maand op rij dat er een duidelijke daling merkbaar is in het aantal ww-uitkeringen dat verstrekt wordt in Nederland. Met name in de bouw is er duidelijk sprake van een afname in het aantal ww-uitkeringen. Dat is niet verwonderlijk want de bouwsector is al geruime tijd bezig met een herstel. De vraag naar woningen neemt toe en ook in de utiliteit worden meer projecten gebouwd. Dat heeft een effect op de opdrachten en orderportefeuille van bouwbedrijven. De bouw krijgt nu echter wel te maken met een nieuw probleem: het tekort aan ervaren bouwpersoneel.

Uitzendbureaus
In Nederland merken uitzendbureaus ook duidelijk dat er steeds meer vraag is naar personeel. Technische uitzendbureaus, VCU uitzendbureaus en overige uitzendondernemingen die bouwpersoneel leveren kunnen nauwelijks nog beschikbare kandidaten vinden op de arbeidsmarkt. Dat zorgt voor de nodige druk op de arbeidsmarkt. Gelukkig gaan steeds meer uitzendondernemingen en bouwbedrijven er voor kiezen om werklozen op te leiden tot bouwvakkrachten. Zo worden twee problemen in één keer opgelost: het tekort aan bouwpersoneel en de werkloosheid.

Wat is dagloon?

Dagloon is het loon dat door het UWV als basis wordt gebruikt voor de berekening van de hoogte van een WW-uitkering. Voor de berekening van het dagloon kijkt het UWV naar het sociale verzekeringsloon dit wordt ook wel aangeduid met sv-loon. Als het UWV het dagloon gaat berekeningen zal deze uitkeringsinstantie niet alleen kijken naar het sv-loon maar ook naar de referteperiode. Ook deze term is belangrijk om een duidelijk beeld te krijgen van de totstandkoming van het dagloon. Daarom zijn deze begrippen hieronder in een aantal alinea’s uitgewerkt.

SV-loon
Het sv-loon is het loon waarover de sociale premies en de werknemersbelastingen worden betaald. Wanneer een werknemer werkloos wordt en een WW-uitkering aanvraagt bij het UWV dan kijkt het UWV naar het sv-loon dat deze werknemer had verdiend een jaar voordat hij of zij werkloos werd.

Referteperiode
Voor de berekening van het dagloon wordt naast het sv-loon ook de referteperiode gebruikt. De referteperiode is een periode van 1 jaar. De referteperiode eindigt op de laatste dag van de op 1 na laatste volledige maand die een werknemer of werkneemster heeft gewerkt. Daarnaast kan de referteperiode ook eindeigen op 1 na laatste volledige 4-wekenperiode dat iemand heeft gewerkt.

Berekening dagloon
Als het sv-loon duidelijk is en de referteperiode in kaart is gebracht. Dan kan het dagloon worden berekend. Hiervoor wordt het gemiddelde sv-loon over de hele referteperiode (1 jaar) gedeeld door het getal 261. Het getal 261 is het gemiddeld aantal uitkeringsdagen in een jaar. Wanneer het sv-loon over de periode van een jaar gedeeld wordt door 261 is de uitkomst het gemiddelde dagloon.

Dagloon en ziekte
Tot juli 2017 werd door het UWV geen rekening gehouden met het feit of een werknemer wel of niet ziek was in de referteperiode. Ziekte kan er voor zorgen dat het gemiddelde sv-loon in deze periode lager uitvalt. Op woensdag 19 juli 2017 was er echter een uitspraak in een rechtszaak die een uitkeringsgerechtigde aanspande tegen het UWV. Deze werknemer was ook langdurig ziek in de referteperiode en was het niet eens dat daardoor het sv-loon en dus ook het dagloon lager uitviel.

De Centrale Raad van Beroep (CRvB) gaf de werknemer gelijk. Aangezien er geen hoger beroep kan worden ingediend tegen de CRvB zal er waarschijnlijk op korte termijn jurisprudentie volgen. Wat er voor zorgt dat het UWV ook in de toekomst rekening zou moeten houden met langdurige ziekte van de werknemer in de referteperiode. Het UWV zal dan bijvoorbeeld moeten kijken naar de loonperiode van 4 weken of 1 maand voordat een persoon ziek werd. De kans is groot dat hier nog een officieel bericht van bekend wordt gemaakt door het UWV.

Hoe werkt het intakeproces van een (technisch) uitzendbureau?

Het inschrijfproces van uitzendkrachten start bij de sollicitatie. Deze sollicitatie kan zowel digitaal als face to face op de vestiging verlopen. Kandidaten en sollicitanten kunnen zowel digitaal/ online solliciteren op bepaalde vacatures maar ook een open sollicitatie richting het uitzendbureau doen. Een andere manier van solliciteren is bij de inloop, als een kandidaat de vestiging bezoekt en zich wil inschrijving. De open inschrijving is ook een vorm van open sollicitatie. Uitzendbureaus zijn overigens intermediairs dit houdt in dat deze arbeidsbemiddelingsbureaus op de arbeidsmarkt als tussenschakels functioneren.

Uitzendbureaus halen vacatures van hun opdrachtgevers binnen en delen deze vacatures op hun eigen website, jobboards en social media. De sollicitanten die bij een uitzendbureau solliciteren zullen daarom in veel gevallen niet rechtstreeks bij het uitzendbureau willen werken maar via het uitzendbureau bij de opdrachtgever aan de slag gaan. Hierdoor is het uitzendbureau de formele werkgever die het loon van de uitzendkracht betaald en is de inlenende partij de dagelijkse toezichthouder en operationele werkgever. Een uitzendbureau zal trachten een zo goed mogelijke kandidaat voor haar opdrachtgevers te selecteren. Hieronder is in een aantal alinea’s uitgelegd hoe dit proces wordt uitgevoerd. Deze tekst is grotendeels geschreven door Tjerk van der Meij die bij het VCU gecertificeerde uitzendbureau Technicum zijn HBO stage heeft gevolgd.

Beoordeling cv en competenties
Als een kandidaat heeft gesolliciteerd op een vacature bij een uitzendbureau zal de werknemer van het uitzendbureau deze sollicitatie moeten beoordelen. Deze werknemer kan een intercedent zijn maar ook een vestigingsmanager. Tijdens de selectie zal de medewerker van het uitzendbureaus starten met het inschatten van de competenties van de sollicitant. De cv van de sollicitant wordt beoordeeld op zowel de (werk)ervaring, opleidingen, diploma’s en natuurlijk wordt beoordeeld of de kandidaat bij de organisatie past waar het uitzendbureau de vacature van heeft ontvangen. Bij de open sollicitaties wordt de sollicitant op dezelfde criteria beoordeelt en zoekt het uitzendbureau vervolgens een passende vacature bij de persoon.

Als de kandidaat geschikt is, wordt hij of zijn (na toestemming van de kandidaat) in het systeem opgenomen en gaat het proces verder. Mocht de kandidaat niet geschikt geacht worden, dan wordt hij of zij eerst niet voorgesteld maar wordt de persoon door de intercedent wel in het systeem gezet. Mocht er later wel een interessante vacature worden gevonden dan kunnen de gegevens van de kandidaat worden gevonden in het systeem. De kandidaat wordt in dit geval slechts voorlopig afgewezen.

Intakegesprek op de vestiging
Zowel bij de online inschrijving als de inschrijving op de vestiging nodigt de consultant de kandidaat uit voor een intakegesprek. Bij het intakegesprek komen een inschrijfformulier aan de orde. Sommige uitzendbureaus werken naast een inschrijfformulier met een bemiddelingsovereenkomst, die later aan bod zal komen. Tijdens het intakegesprek maakt het uitzendbureau hoofdzakelijk kennis met de kandidaat en wordt er gekeken wat voor type mens en werknemer de kandidaat is.

Het inschrijfformulier wordt ingevuld door de kandidaat, hier kunnen de volgende gegevens op komen te staan:

  • De personalia van de kandidaat
  • Hoe de kandidaat met het uitzendbureau in contact is gekomen
  • Referenties die het uitzendbureau kan inwinnen
  • Beschikbaarheid van de kandidaat, in uren per week en in wat voor dienst verband. (Fulltime, parttime, ploegendienst)
  • Functiebeperkingen: hierin komt te staan wat voor werkzaamheden de kandidaat niet wil uitvoeren
  • Gewenste functie, voornamelijk in welk segment. (Metaal, installatie, elektrotechniek, procestechniek, bouw en hout, productie/magazijn, etc.)
  • Reisbereidheid van de kandidaat
  • Salarisindicatie
  • Welke certificaten en diploma’s de kandidaat bezit
  • Maten voor eventuele werkkleding en werkschoenen

Tot zover het intakegesprek en het inschrijfformulier. Intercedenten van VCU gecertificeerde uitzendbureaus vragen vaak tijdens het intakegesprek en/of op het inschrijfformulier of de uitzendkracht in bezit is van VCA basis of VCA vol. Hieraan kan tijdens het gesprek dus ook aandacht worden besteed.

Daarnaast zal door de uitzendkracht ook tijdens het intakegesprek een overeenkomst voorgelegd worden waarmee de uitzendkracht toestemming geeft dat zijn of haar gegevens door het uitzendbureau worden verwerkt in het informatiesysteem en dat deze gegevens worden gebruikt om de uitzendkracht te bemiddelen.

Bemiddeling door het uitzendbureau
Wanneer al de hiervoor genoemde stappen zijn doorgenomen zal het uitzendbureau de uitzendkracht gaan bemiddelen bij opdrachtgevers en vacatures die passen bij het profiel dat in kaart is gebracht door de intercedent. De intercedent kan dit doormiddel van telefonisch contact doen met opdrachtgevers maar ook per mail. Meestal wordt een combinatie van beide methoden gebruikt waarbij het uitzendbureau eerst telefonisch contact heeft met de potentiële klant en daarna contact heeft via de mail om het cv te sturen. De communicatie naar de uitzendkracht of sollicitant verloopt op een vergelijkbare wijze.

Veel uitzendkrachten willen vaak van te voren weten waar ze worden voorgesteld door het uitzendbureau. Daarom communiceren intercedenten dit vaak ook van te voren met de uitzendkracht of sollicitant. Niet alle intercedenten benoemen daarbij ook de naam van de opdrachtgever. Andere intercedenten doen dit wel op basis van vertrouwen. Daar draait een hoop van de werkzaamheden van een intercedent om: vertrouwen. De sollicitant vertrouwt de intercedent dat hij of zij zorgvuldig met de persoonlijke gegevens omgaat en de opdrachtgever vertrouwd de intercedent dat deze een goede match maakt tussen de vacature en de kandidaat.

Wat is arbeidsparticipatie?

Arbeidsparticipatie is een woord dat wordt gebruikt om aan te geven welk deel van een bevolking actief deel neemt aan het arbeidsproces. Men zou ook kunnen zeggen dat de arbeidsparticipatie het werkende deel van een bepaalde bevolking is. Meestal geeft men bij het bepalen van de arbeidsparticipatie bepaalde kaders aan. Dit kunnen bijvoorbeeld leeftijdscategorieën zijn maar ook bepaalde regio’s. Als men het heeft over arbeidsparticipatie heeft men het ook vaak over de bruto arbeidsparticipatie en de netto arbeidsparticipatie. Deze termen zijn hieronder van een uitleg voorzien.

Bruto arbeidsparticipatie
Met de bruto arbeidsparticipatie doelt men op het deel van een bevolking dat tot de beroepsbevolking hoort. Deze mensen worden ook wel de beroepsgeschikte bevolking genoemd. Ook hierbij heeft men het over leeftijden. Dit zijn in Nederland mensen in de leeftijdscategorie van 15 tot 65 jaar die reeds in bezit zijn van een betaalde baan van minimaal 12 uur per week. Ook de personen binnen deze leeftijdsgroep die op zoek zijn naar een betaalde baan voor minimaal 12 uur per week worden tot de bruto arbeidsparticipatie gerekend. De werklozen die werk zoeken worden dus meegerekend bij de bruto arbeidsparticipatie.

Netto arbeidsparticipatie
De netto arbeidsparticipatie is het deel van de beroepsgeschikte bevolking dat ook daadwerkelijk betaald werk heeft en dus daadwerkelijk aan het arbeidsproces deelneemt. Bij de netto arbeidsparticipatie rekent men de werklozen niet mee. Daarom is het percentage van de bruto arbeidsparticipatie hoger dan het percentage van de netto arbeidsparticipatie dat is berekend over een bepaalde bevolkingsgroep, land of regio.

Hoge arbeidsparticipatie is gewenst
De meeste politieke partijen wensen een hoge arbeidsparticipatie omdat daardoor meer inkomstenbelasting binnenkomt. Hoe meer mensen werken hoe beter het is voor de ‘schatkist’ van de overheid. Ook kost een hoge werkloosheid veel geld. Een grote groep werklozen krijgen namelijk een WW-uitkering en dat kost de overheid geld.  Daarnaast is een hoge arbeidsparticipatie belangrijk om de kosten voor de vergrijzing te betalen.

Wat beïnvloed de arbeidsparticipatie?
Er zijn verschillende factoren die invloed hebben op de arbeidsparticipatie van een bepaalde bevolking. Een factor is bijvoorbeeld de studieduur. Mensen die lang studeren stromen later uit op de arbeidsmarkt. Ook de pensioenleeftijd en de leeftijd waarop men met de VUT kan gaan spelen een rol. Dit is de leeftijd waarop men aanspraak kan maken op pensioen of een VUT regeling  en dus kan uitstromen van de arbeidsmarkt. Verder is ook de arbeidsongeschiktheid een factor. In een populatie met veel arbeidsongeschikten zullen ook veel mensen niet geschikt zijn om arbeid te kunnen uitvoeren. Dit zijn in feite arbeidsongeschikten. Deze dient men in mindering te brengen op de beroepsbevolking en beroepsgeschikte bevolking .

Wat is een leerwerkplek?

Leerwerkplekken zijn arbeidsplaatsen die door werkgevers ter beschikking worden gesteld voor werknemers die die naast het uitvoeren van werkzaamheden ook leren. Iemand die een leerwerkplek heeft kan zichzelf ontwikkelen. Daarom noemt men dit ook wel een leerbaan. Men heeft immers een baan en leert daarnaast ook doormiddel van een opleiding. Het voordeel is dat iemand meestal loon verdient en tegelijkertijd zijn of haar meerwaarde op de arbeidsmarkt vergroot.

Opleiding tijdens werk
Aan een leerwerkplek of een leerwerkbaan is een opleiding gekoppeld. Daarom is er sprake van werken en leren. De opleiding zorgt met name voor de theoretische basis van de werknemer. Op de leerwerkplek leert men de theorie toepassen en leert men daadwerkelijk vaardigheden te ontwikkelen in een bepaald beroep. De opleidingen kunnen heel divers zijn. Wel is het van belang dat de opleiding past bij de werkzaamheden op een leerwerkplek. Als iemand bijvoorbeeld een opleiding tot lasser volg is het van belang dat hij of zij ook daadwerkelijk laswerkzaamheden kan uitvoeren op de leerwerkplek.

Erkende leerbedrijven
Werknemers kunnen een leerwerkbaan uitoefenen op leerwerkplekken bij verschillende bedrijven in Nederland. Het is wel belangrijk dat het bedrijf een erkend leerbedrijf is. Daardoor is de werknemer verzekerd van een goede begeleiding zodat hij of zij ook daadwerkelijk een goede ontwikkeling kan doormaken tijdens het werk en op de opleiding. Een leerwerkplek kan een goede stap zijn op het gebied van loopbaanontwikkeling daarom moet men echt een bedrijf en opleiding uitkiezen die passend is bij de loopbaanambities.

Er zijn echter grote verschillen tussen de leerbedrijven. Sommige leerbedrijven besteden veel aandacht aan de begeleiding van de werknemers in een BBL-traject of leerwerktraject. Andere bedrijven beschouwen deze werknemers meer als goedkope productiekrachten. Voordat iemand voor een leerwerkplek kiest is het verstandig dat hij of zij zich goed laat informeren.

Leerwerkplek met baangarantie
Voor sommige doelgroepen is het mogelijk om een leerwerkplek te krijgen met baangarantie. Daarvoor moet iemand wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet de persoon een uitkering hebben. Mensen met de volgende uitkeringen kunnen voor een leerwerkplek met baangarantie in aanmerking komen:

  • Wajong- uitkering,
  • WAO-uitkering,
  • WIA-uitkering,
  • WGA-uitkering,
  • ZW-uitkering.

Verder is het van belang dat iemand actief op zoek is naar een baan en geen werk kan vinden op de reguliere wijze. Men heeft bijvoorbeeld niet de mogelijkheid om de werkzaamheden uit te voeren waar men ervaring in heeft en moet omgeschoold worden. Ook mensen met verouderde diploma’s of diploma’s die zou verouderd zijn dat ze geen waarde meer hebben op de arbeidsmarkt.

Wat zijn leerbanen?

Leerbanen zijn speciale dienstverbanden waarbij iemand werkzaam is bij een bedrijf en tevens een opleiding volgt. De term leerbaan is een  algemene term net zoals  “ werken en leren” . Een leerbaan is een baan die vooral gericht is op de ontwikkeling van de werknemer die werkzaam is op de leerwerkplek. Door te werken en te leren zal deze werknemer zijn of haar vaardigheden verder ontwikkelen waardoor de meerwaarde van deze werknemer voor de werkgever en de arbeidsmarkt wordt vergroot. De opleidingen die gekoppeld zijn aan leerbanen kunnen op verschillende niveaus zijn. er zijn leerbanen op mbo niveau maar ook op hbo niveau. Uiteraard is de functie-inhoud daar ook op aangepast.

Leerbaan bij een erkend leerbedrijf
Het volgen van een leerbaan op een leerwerkplek kan niet overal. Een leerwerkbaan kan men uitvoeren bij een officieel erkend leerbedrijf. Erkende leerbedrijven worden aangemerkt met een beeldmerk . Sinds 1 augustus 2015 wordt hiervoor in Nederland één landelijk beeldmerk gehanteerd voor dat gebruikt wordt voor alle erkende leerbedrijven die leerwerkplekken aanbieden op mbo-niveau. Dit is het SBB beeldmerk. De letters SBB staan voor: Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven. Mensen die een leerbaan zoeken kunnen zelf solliciteren bij een erkend leerbedrijf. Ook kunnen ze doormiddel van een uitzendbureau of een brancheorganisatie bij een leerbedrijf terecht komen. Sommige uitzendbureaus zijn zelf ook erkende leerbedrijven.

leerbanen met baangarantie
Voor bepaalde doelgroepen zijn er leerbanen met baangarantie. Deze mogelijkheid wordt vanuit de overheid geboden voor werklozen die in een uitkeringspositie zitten en recht hebben op een van de volgende uitkeringen:

  • Wajong- uitkering,
  • WAO-uitkering,
  • WIA-uitkering,
  • WGA-uitkering,
  • ZW-uitkering.

Naast deze uitkeringen zijn de volgende voorwaarden ook van belang:

  • Men zoekt actief naar werk en vindt geen werk op een reguliere manier.
  • Men heeft geen diploma’s of verouderde diploma’s met nauwelijks waarde op de arbeidsmarkt.
  • Men kan of mag de werkzaamheden waarin men ervaring heeft opgebouwd niet meer uitoefenen.

Leerbanen met baangarantie zijn grotendeels dezelfde leerbanen als de reguliere leerbanen behalve dan de speciale uitgangspositie van de werknemer. Iemand met een van de hiervoor genoemde uitkeringen heeft vaak een langere afstand tot de arbeidsmarkt dan een reguliere werkzoekende. Daar zijn de trajecten op het gebied van werken en leren ook op aangepast. Meestal gebeurd dit met behoud van uitkering of een andere financiële constructie waardoor de financiële lasten voor de werkgever kunstmatig laag gehouden worden. De werkgever moet echter wel een baangarantie verstrekken aan de werknemer op een leerwerkplek. Deze baangarantie is over het algemeen een bepaalde tijdscontract van minimaal zes maanden. Dit houdt in dat als de deelnemer gedurende een bepaalde periode een goede indruk heeft achter gelaten bij de werkgever er een contract wordt verstrekt en het dienstverband dan wordt doorgezet.

Baangarantie
Het woord baangarantie schept bij werkzoekenden een verwachting. Toch komt die verwachting in de praktijk niet altijd uit. Sommige werkgevers hebben wel de intentie om mensen een contract te geven maar zijn toch in de praktijk ontevreden over de inzet of kwaliteit van sommige medewerkers op een leerwerkplek. Dat zorgt er voor dat het voorkomt dat mensen met een leerwerkbaan niet altijd een contract krijgen hoewel ze wel op basis van een baangarantie werken. Daarnaast komt het voor dat werkgevers zelf onbetrouwbaar zijn en wel beloven om een contract te verstrekken maar dat in de praktijk niet doen. Dikwijls zoeken deze onbetrouwbare leerbedrijven naar redenen om toch geen contract te verstrekken. Deze oorzaken en redenen worden dan toegeschreven aan de kandidaat die werkzaam is op basis van een leerbaan op een leerwerkplek.

Wat zijn de voordelen van een werkervaringsplaats voor werknemers?

Een werkervaringsplaats of werkervaringsplek is een tijdelijke werkplek die ter beschikking wordt gesteld door bedrijven. Deze werkplek is bedoelt om werklozen werkervaring op te laten doen. De achtergrond van de doelgroepen voor een werkervaringsplek is divers. Er zijn bijvoorbeeld mensen die langdurig zonder werk zitten en hun vaardigheden in een bepaalde beroepsgroep moeten onderhouden.

Ook zijn er mensen die zich hebben omgeschoold maar geen werkervaring hebben opgedaan in hun nieuwe beroepsgroep. Een andere groep zijn de studenten die vaak hoge opleidingen hebben gevolgd in bijvoorbeeld de psychologie en sociologie. Deze studenten merken soms dat het moeilijk is om werk te vinden als men geen werkervaring heeft in het segment waar men voor gestudeerd heeft. Daarom zijn ook mensen in deze doelgroep regelmatig op zoek naar een werkplek om relevante werkervaring op te doen oftewel een werkervaringsplek.

Voordelen van een werkervaringsplek voor werkzoekenden?
Werken op een werkervaringsplek heeft een aantal voordelen voor de persoon die werk zoekt of werkervaring wil opbouwen. Allereerst is er natuurlijk de kennis die men krijgt op de werkervaringsplek. Bij elk bedrijf leert men weer nieuwe kennis en vaardigheden aan waardoor men een professionele werkhouding ontwikkelt.

Ook wanneer men in het verleden in dezelfde sector heeft gefunctioneerd leert men op een werkervaringsplek vaak moderne technieken aan of past men nieuwe procedures toe. Er wordt dus nieuwe kennis opgedaan. Bovendien leert men op een werkervaringsplek vooral ook de praktijk. Men leert theorie toe te passen in de uitoefening van een functie. Veel opleidingen zijn met name gericht op het aanleren van theoretische aspecten.

Vooral in de techniek hoor je vaak dat de praktijk heel anders is dan school. Op een werkervaringsplek leer je de theorie toe te passen en gereedschappen en werktuigen te hanteren. Dit kunnen ook computerprogramma’s zijn. Naast deze specifieke vaardigheden zijn er ook algemene voordelen die verbonden zijn aan het werken op een werkervaringsplek:

  • Je leert te werken in een bepaald werkritme, dienstrooster.
  • Je bouwt een netwerk op en onderhoud sociale contacten.
  • Je ontwikkelt een werkhouding.
  • Je vult een mogelijk gat op het cv op.
  • Je ontvangt als je het goed doet positieve referenties.
  • Je hebt kans om bij hetzelfde bedrijf aan het werk te blijven op loonbasis.

Vergoeding voor werken op een werkervaringsplaats?

Een werkervaringsplaats of werkervaringsplek is een tijdelijke arbeidsplaats waar werkzaamheden kunnen worden verricht door iemand die werkervaring nodig heeft of werkervaring wil onderhouden in een bepaald vakgebied. Voor mensen die langdurig werkloos zijn kan een werkervaringsplek een (tijdelijke) oplossing zijn. Er zijn echter ook andere doelgroepen die gebruik maken van een werkervaringsplek.

Voor welke doelgroepen is een werkervaringsplek?
Mensen die een werkervaringsplek kunnen een verschillende achtergrond hebben. Er zijn laag opgeleide mensen die een werkervaringsplek nodig hebben om zichzelf op een praktische wijze te ontwikkelen richting een bepaald beroep maar er zijn ook hoogopgeleide werkzoekenden die een werkervaringsplek nodig hebben om hun vaardigheden die ze hebben aangeleerd op het hbo of wo te onderhouden. Een aantal afgestudeerden merken dat ze na het succesvol afronden van hun opleiding moeilijk werk kunnen vinden omdat bedrijven werkervaring vragen. Deze werkervaring kan men bijvoorbeeld opdoen op een werkervaringsplek.

Krijg je een vergoeding voor werken op een werkervaringsplek?
Niemand wil voor niets werken men is gewend dat tegenover werk vanuit de werkgever een bepaalde beloning wordt geboden. Bij een werkervaringsplek is deze beloning meestal niet in financiële middelen. Dit houdt in dat de mensen die werken op een werkervaringsplek meestal geen loon krijgen. Er staat inderdaad ‘meestal’ want het komt voor dat er toch een bepaalde stagevergoeding wordt verstrekt. Ook is het mogelijk dat men op een werkervaringsplek tegen minimumloon kan werken. Dit komt in de praktijk vaak niet voor. Meestal werkt men op een werkervaringsplek met behoud van uitkering. Dit kan echter worden aangevuld met een reiskostenvergoeding. Het is echter ook mogelijk dat men geheel geen financiële compensatie krijgt voor de werkzaamheden die op een werkervaringsplek worden uitgevoerd.

Ontvang je helemaal niets op je werkervaringsplek?
De kern van de werkervaringsplaats moet gericht zijn op het ontwikkelen van de kennis en vaardigheden van de arbeidskracht. Deze arbeidskracht moet in ieder geval deze kennis en vaardigheden in zijn of haar eigen tempo aan kunnen leren. Men leert dus op een werkervaringsplek. De kennis en vaardigheden vormen de belangrijkste “beloning” op de werkervaringsplek. Daarnaast kan men ook referenties meekrijgen die een belangrijke meerwaarde vormen op het cv. Het spreekwoordelijke “gat” op het cv is opgevuld door de werkperiode op de werkervaringsplaats.

Uitbuiting op werkervaringsplek?
Men moet er voor waken dat mensen op een werkervaringsplek worden uitgebuit. Dit kan in de praktijk helaas voorkomen. In geval van uitbuiting is het bedrijf niet primair gericht op het ondersteunen en coachen van de arbeidskracht op de werkervaringsplaats of werkervaringsplek. In dat geval is het bedrijf juist van plan om deze kracht als goedkope tijdelijke arbeidskracht te beschouwen. De arbeidskracht krijgt eenvoudig productiematig werk. Hierdoor hoeft de werkgever geen werknemer of tijdelijk kracht zoals een uitzendkracht of zzp’er te betalen. Dat is voor het bedrijf financieel aantrekkelijk maar het mag niet. Als deze vorm van uitbuiting bekend wordt zal dit de naam van het bedrijf niet ten goede komen. 

Hoe selecteert een intercedent werkzoekenden voor een intakegesprek?

Als je als intercedent op een uitzendbureau werkt dan is het inschrijven van werkzoekenden een van de dagelijkse werkzaamheden. Een ervaren incedent herkend werkzoekenden aan de manier waarop ze binnenkomen en vragen om passend werk. Uitzendbureau’s moeten hun personeel onbevooroordeeld laten werken maar iedereen heeft bepaalde referentiekaders en ervaring zorgt alleen maar voor meer referentiekaders.

Intercedenten maken keuzes en dat zorgt er voor dat met bepaalde werkzoekenden wel en met anderen geen intakegesprek wordt gehouden. Niet iedereen wordt ingeschreven op uitzendbureau’s sommige moeten via internet inschrijven en voor anderen wordt uitgebreid de tijd genomen. Het klinkt oneerlijk maar de keuze van een intercedent is gebaseerd oo een bepaald verwachtingspatroon. Een voorbeeld van een verwachtingspatroon is de motivatie die intercedenten verwachten bij werkzoekenden aan te treffen als ze binnenlopen bij een uitzendbureau.

Hoe herkennen intercedenten gemotiveerde werkzoekenden? 

De meeste werkzoekenden zoeken oprecht naar werk.  Zij gaan goed voorbereid op pad met een cv en diploma’s.  Meestal hebben ze ook een identiteitsbewijs bewijs bij zich al mogen uitzendbureau’s deze volgens de wet bescherming persoonsgegevens niet meer kopiëren.  Werkzoekenden die gemotiveerd naar baan zoeken bij reguliere werkgevers en uitzendbureau’s hebben meestal een doelgericht beeld voor ogen. Ze willen snel een goede baan.

Over het algemeen kunnen ze goed omschrijven of benoemen welke baan goed bij hun past. Als een intercedent vraagt: “kan ik je ergens mee helpen?”, antwoorden ze met ik zoek werk als ……”. Dit maakt duidelijk dat ze in een bepaalde richting werk zoeken. Onervaren maar toch gemotiveerde werkzoekenden hebben meestal niet de juiste openingszin maar maken door hun houding en de papieren (cv, diploma’s, portfolio) toch wel een gemotiveerde indruk bij de intercedent. De houding en gedrag zegt veel daardoor kunnen ook werkzoekenden die nog nooit bij een uitzendbureau zijn binnen gelopen zeker in aanmerking komen voor een goed intakegesprek. Naast gemotiveerde werkzoekenden zijn er ook ongemotiveerde werkzoekenden.

Herkenningspunten van ongemotiveerde werkzoekenden

Veel intercedenten herkennen zich in de bovenstaande punten. Men heeft een bepaald verwachtingspatroon.  Werkzoekenden die hier totaal niet aan voldoen kunnen daardoor minder eenvoudig op de tijd en inzet rekenen van een intercedent. Als iemand binnenkomt met de mededeling dat hij of zij van het UWV zich moest laten inschrijven bij een uitzendbureau kun hij of zij op weinig medewerking rekenen van een intercedent.

Ook meteen de vraag om een visitekaartje om thuis het cv op te sturen wordt door veel intercedenten gezien als een schijnsollictatie waarbij het visitekaartje alleen maar wordt gebruikt als sollicitatiebewijs bij het UWV. De meeste werkzoekenden die op deze manier te werk gaan laten duidelijk zien dat ze ervaring hebben met het misbruiken van de sollicitatieverplichting van het UWV.

Het niet meenemen van een cv en diploma’s is echter niet een heel groot probleem zolang daarvoor een logische verklaring gegeven kan worden. Men kan bijvoorbeeld zeggen dat ze deze online hebben staan en dat deze eenvoudig gevonden kan worden. De behulpzaamheid van de werkzoekende om het cv online te vinden maakt dan aan de intercedent duidelijk of iemand toch gemonteerd is. Ook het mailen van een cv via de telefoon is een prima oplossing.

Andere punten die er voor zorgen dat werkzoekenden als ongemotiveerd worden beschouwd hebben te maken met het tijdstip zoals rond 12.00 langskomen of de algehele voorbereiding en kledingkeuze. Nu mag men op het laatste zeker niet selecteren maar dat houdt niet in dat intercedenten dat in de praktijk niet doen. Een intercedent wil dat iemand bewust en weloverwogen naar werk zoekt. De intercedent is meestal net zo gemotiveerd om iemand in te schrijven als diegene is om werk te zoeken.

Wat is wachtgeld en voor wie is wachtgeld bestemd?

Wachtgeld is een werkloosheidsuitkering die in Nederland wordt betaald aan bestuurders en politici als deze zonder werk zijn geraakt. Wachtgeld is een informele benaming voor deze uitkering. De bestuurders en politici ontvangen wachtgeld als ze zijn ontslagen of na beëindiging van het mandaat. De wachtgeldvergoeding ontvangt de desbetreffende persoon totdat hij of zij ander werk heeft gevonden of tot aan het pensioen.

Duur en hoogte van wachtgeld
Er is echter wel een maximale termijn voor de uitkering van wachtgeld wettelijk vastgelegd. De maximale duur is vastgesteld op vier jaar. De minimale duur is twee jaar maar als het ministerschap korter heeft geduurd dan drie maanden dan krijgt de voormalig minister maximaal een half jaar wachtgeld. In het eerste jaar na het dienstverband ontvangt de voormalig minister 80 procent van zijn of haar laatstgenoten bezoldiging. In het tweede jaar 70 procent van de laatstgenoten bezoldiging.

Tot het jaar 2001 werd er ook een soort wachtgeldregeling toegepast voor (semi-) ambtenaren in Nederland.

Waar komt de term wachtgeld vandaan?
Wachtgeld is een oude benaming die afkomstig is uit de tijd dat een ambtenaar in Nederland formeel geen ontslag kon krijgen. Als de ambtenaar geen functie meer had moest hij of zij op een nieuwe functie wachten. Wachtgeld is een vergoeding die werd verstrekt om het financiële ‘gat’ op te vullen.

Wat is een uitkering en wat wordt met een uitkeringsgerechtigde bedoelt?

Een uitkering is een bedrag dat iemand ontvangt als hij of zij aan bepaalde voorwaarden voldoet. De term uitkering wordt in Nederland meestal gebruikt als iemand een bepaald bedrag ontvangt van de overheid om ‘rond te kunnen komen’ of om een bepaalde schade te dekken. Het ontvangen van een uitkering is een recht, daarom wordt iemand die in aanmerking kan komen voor een uitkering ook wel een uitkeringsgerechtigde genoemd. De uitkeringsgerechtigde ontvangt de uitkering van een uitkeringsinstelling. De uitkering kan echter ook ontvangen worden vanuit een verzekeringsmaatschappij. Hieronder staan in het kort de verschillen.

Uitkering vanuit de overheid
Een uitkering kan een bedrag zijn dat eenmalig of meermalig wordt betaald namens de overheid in het kader van sociale zekerheid. Hierbij kan men denken aan een werkloosheidsuitkering of een bijstandsuitkering. Ook een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt door de overheid verstrekt al zullen werkgevers voor werknemers in eerste instantie een bepaalde periode (in 2014 was deze periode 2 jaar) de kosten moeten betalen. De uitkeringen worden in Nederland betaald door overheidsinstanties, gemeenten en het UWV. Deze afkorting staat voor Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.

In België ontvangen werklozen een  werkloosheidsuitkering deze wordt uitbetaald door de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen (HVW). Het is echter ook mogelijk dat een uitkering voor ziekte wordt betaald uit een ziekenfonds waar de desbetreffende werknemer bij aangesloten is.

Uitkering vanuit een verzekeringsmaatschappij
Een verzekeringsmaatschappij kan ook een geldbedrag uitkeren aan personen of bedrijven. In dit geval wordt de uitkering van de verzekeraar gebruikt om een bepaalde schade te vergoeden. Ook kan er sprake zijn van een levensverzekeringskapitaal of een lijfrente-uitkering.

Periodieke uitkering
Er zijn verschillende soorten uitkeringen. Als men bijvoorbeeld een periodieke uitkering heeft dan wordt de uitkering in verschillende betalingsmomenten aan de uitkeringsgerechtigde betaald. Bij deze uitkeringen wordt één betaling ook wel een termijn genoemd. De uitkering wordt dus in termijnen betaald aan de uitkeringsgerechtigde.

Inkomensafhankelijke toeslag
Een inkomensafhankelijke toeslag is een benaming voor een uitkering die gekoppeld is aan de hoogte van iemand zijn of haar inkomen. Hierbij kan ook het gehele inkomen van een gezin of partners worden bekeken door de uitkeringsinstantie.

Wat is een nulurencontract?

Een nulurencontract is een arbeidsovereenkomst. Deze overeenkomst wordt gesloten tussen een werkgever en een werknemer. Kenmerkend voor een nulurencontract is dat er geen vast aantal uren in het contract is opgenomen voor de werknemer. Daarnaast is er in een nulurencontract ook geen minimaal aantal uren werk gegarandeerd voor de werknemer. Een werknemer kan gedurende de contractduur door de werkgever opgeroepen worden. Dit vereist van de werknemer maximale flexibiliteit. De werkgever beperkt doormiddel van een nulurencontract het risico dat hij de werknemer moet doorbetalen wanneer er weinig werk is. Als de werknemer wordt opgeroepen dient hij of zij onder de voorwaarden en het loon van het nulurencontract arbeid te verrichten. Een nulurencontract kan voor bepaalde en onbepaalde tijd zijn. Een werknemer die op basis van een nulurencontract werkt is een flexibele arbeidskracht en wordt ook wel een flexwerker genoemd. Er zijn echter meerdere varianten van flexwerk en flexibele arbeid. Hieronder is meer informatie weergegeven over nulurencontracten.

Aandachtspunten bij nulurencontracten
Nulurencontracten zijn geschikt voor organisaties die een grote mate van flexibiliteit eisen van het personeel. Dit kunnen organisaties zijn die te maken hebben met grote pieken en dalen in de productie. Als er een piek in de productie is kunnen bedrijven medewerkers met een nulurencontract oproepen. Als er een dal volgt in de productie kunnen ze de medewerkers thuis laten zitten. Voor werknemers is een nulurencontract een onzekere arbeidsrelatie.

Werknemers met een nulurencontract hebben weliswaar een contract maar de hoeveelheid werk die ze verrichten is onzeker. Daardoor zijn de inkomsten van deze werknemers vaak ook onzeker terwijl ze wel werkloosheidsstatistieken verdwijnen.

Geen werk is geen loon?
De Nederlandse overheid wil misbruik van nulurencontracten tegengaan. Daarom heeft de overheid een maximale periode in de wet vastgelegd waarbinnen een medewerker kan werken onder de conditie: geen werk is geen loon’. Deze periode is maximaal zes maanden en dient schriftelijk in het nulurencontract te worden vastgelegd. Na afloop van deze zes maanden moet de werkgever het loon doorbetalen indien de werknemer onder het nulurencontract werkzaam blijft bij het bedrijf. De doorbetaling is ook van toepassing als er voor de werknemer niet of nauwelijks werk is gedurende de contractduur. De hoogte van de doorbetalingsplicht van de werkgever is afhankelijk van het gemiddelde aantal uren en het gemiddelde inkomen dat de werknemer de laatste drie maanden heeft genoten. De exacte regels zijn afhankelijk van de afspraken die zijn opgenomen in de cao waaronder het bedrijf valt.

Ik ben werkloos, hoe vind ik zo snel mogelijk een baan?

Werkloosheid wordt door de meeste mensen als onprettig ervaren. Iemand is werkloos als hij of zij geen betaald werk heeft maar dat wel zou willen of zou moeten. Door het verliezen van werk raken mensen de belangrijkste inkomstenbron kwijt. Daarnaast wordt werk ook gekoppeld aan status. Deze status gaat grotendeels verloren als men werkloos raakt. Een uitkering zoals de WW dekt voor een deel de financiële gevolgen die verbonden zijn aan het verliezen van een baan. Toch vinden veel mensen het niet prettig om van een uitkering afhankelijk te zijn. Werkloos zijn doe je meestal niet uit vrije wil. Ook solliciteren wordt meestal niet uit vrije wil gedaan. Als werklozen in een uitkering te weinig doen om werk te vinden zorgt de overheid er voor dat werklozen doormiddel van trainingen of zelfs sancties worden gestimuleerd. Deze druk is niet prettig maar de overheid heeft geen andere keuze. De kosten die gepaard gaan met het verstrekken van uitkeringen zijn enorm. Hoe sneller iemand een baan heeft hoe beter het is. De vraag: “hoe vind ik een baan”, wordt daarom regelmatig gesteld.

Hoe vind ik werk?
Het vinden van werk is niet eenvoudig als er weinig werk op de arbeidsmarkt beschikbaar is. Als er weinig vacatures zijn en er veel mensen werkloos zijn wordt het moeilijk om een baan te bemachtigen. Een aantal tips kunnen echter van pas komen:

  • Maak een volledig cv met een duidelijke beschrijving van je werkervaring en opleidingen. Schrijf alleen die informatie op die echt van belang is voor potentiële werkgevers.
  • De meeste sollicitanten hebben een cv daarom is het belangrijk om origineel te zijn. Een portfolio kan er voor zorgen dat een bedrijf naast het cv nog meer inzicht krijgt in de vaardigheden van een kandidaat. Bij het maken van een portfolio moet je goed voor ogen houden wat mogelijke werkgevers interessant zullen vinden.
  • Schrijf sollicitatiebrieven zelf. Het is belangrijk dat bedrijven een goed beeld van iemand kunnen vormen. Daarom is het verstandig om de communicatie naar bedrijven zoveel mogelijk zelf te doen. Sollicitatiebrieven moeten daarom zoveel mogelijk door de werkzoekende zelf worden geschreven. Uiteraard kan daarbij natuurlijk gebruik worden gemaakt van tips op internet of van personen uit de omgeving van de werkzoekende.
  • Gebruik social media en laat daarbij een professioneel beeld van jezelf zien. Steeds meer bedrijven maken gebruik van social media om kandidaten te zoeken. Daarnaast vergelijken bedrijven de profielen die op social media staan vaak met het beeld dat zij krijgen van een sollicitant op basis van het cv en de sollicitatiebrief.
  • Uitzendbureaus hebben een groot netwerk van bedrijven waar ze kandidaten voor zoeken. Daarom is het belangrijk dat werkzoekenden zich inschrijven bij uitzendbureaus. Het is wel verstandig dat werkzoekenden zich bij het juiste uitzendbureau laten inschrijven. Er zijn uitzendbureaus die gespecialiseerd zijn in een bepaald vakgebied zoals techniek, offshore of enginering. Door je in te schrijven bij een uitzendbureau die ervaring heeft in jouw vakgebied vergroot je de kans op passend uitzendwerk.

Tot slot is het belangrijk om een netwerk op te bouwen met bedrijven en uitzendbureaus. Probeer te achterhalen welke bedrijven interessant voor je zijn. Hou de ontwikkelingen van deze bedrijven goed in de gaten door de internpagina’s regelmatig te bezoeken. De meeste bedrijven plaatsen berichten in de media als ze nieuwe projecten hebben binnengehaald. Dit kan betekenen dat bedrijven het drukker gaan krijgen. Hoe drukker een bedrijf het heeft hoe meer kans op werk er is. Als een bedrijf al een goede indruk van je heeft kan dat er voor zorgen dat ze sneller aan je gaan denken als er een vacature vrij komt. Werk zoeken is tegenwoordig sterk verbonden met netwerken.

Nederland uit recessie volgens CBS

Donderdag 14 november 2013 publiceerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) cijfers over de economische ontwikkelingen in Nederland. Hieruit kan worden geconcludeerd dat Nederland uit de recessie raakt. Nadat de Nederlandse economie over een periode van vier kwartalen een krimp heeft laten zien ontstaat er nu een klein herstel. In het kwartaal drie van 2013 is er een positief groeicijfer  ten opzichte van de periode daarvoor.

Het groeicijfer is echter wel zeer klein. Ten opzichte van het tweede kwartaal is de Nederlandse economie in het derde kwartaal met 0,1 procent gegroeid. Wanneer het derde kwartaal van 2013 echter wordt vergeleken met het derde kwartaal van 2012 dan is de Nederlandse economie alsnog gekrompen met 0,6 procent.

Werkloosheid
De werkloosheid neemt toe. Het derde kwartaal laat een stijging zien van de werkloosheid ten opzichte van kwartaal twee. In totaal verdwenen er in het derde kwartaal 46.000 banen in Nederland in 2013. De stijging van de werkloosheid neemt nog niet af. Sinds 2011 is er nog geen einde gekomen aan de oplopende werkloosheid. Wanneer de werkloosheid van het derde kwartaal van 2013 wordt vergeleken met het derde kwartaal in 2012 is de werkloosheid nog harder gestegen. Een vergelijking van deze kwartalen laat een stijging van de werkloosheid zien van 160.000 banen. Dit zorgt voor een daling van twee procent in kwartaal drie van 2013 ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2012. Het banenverlies in deze periode is daarmee het grootste banenverlies dat in Nederland heeft plaatsgevonden ten opzichte van 1995.

Veel banen zijn verloren gegaan in de bouwsector. De bouw lijkt in Nederland moeilijk te herstellen. Buurland Duitsland heeft daarentegen een groei in de bouw. Ook België doet het verhoudingsgewijs goed. De woningmarkt in Nederland komt nog onvoldoende op gang. Veel mensen aarzelen met de aanschaf van een woning en zijn onzeker of ze de hypotheek wel kunnen betalen. Hierbij speelt het behoud van een baan een belangrijke rol.

Minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën geeft als reactie op de cijfers van het CBS dat het herstel van Nederland nog heel pril is. Nederland moet volgens hem opklimmen uit een diep dal. Minister  Dijsselbloem geeft aan dat we nog niet te optimistisch moeten worden over deze cijfers. Er verdwijnen nog banen en daarnaast wordt er door Nederlandse consumenten nog weinig besteed. Ook de overheidsfinanciën zijn nog niet geheel op orde. Dit laatste moet goed op orde worden gebracht om de economie van Nederland echt te laten groeien.

Reactie Technisch Werken
De cijfers van het CBS zijn niet zo positief dat we echt van een herstel kunnen spreken. Een groei van 0,1 procent is niet heel hoog. De economie is sterk afhankelijk van vertrouwen. Dit vertrouwen speelt ook een rol bij de binnenlandse bestedingen. Wanneer mensen daarnaast een vermindering ervaren in de koopkracht is de economie ver weg van een structureel herstel. Berichten over het al dan niet nut hebben van loonmatiging en bezuinigingen zorgen er voor dat Nederland niet unaniem achter het beleid van het Kabinet staat. Het Kabinet lijkt stevige bezuinigingen nog steeds te zien als de beste oplossing om uit de crisis te komen. De bevolking volgt het voorbeeld van de Overheid en bezuinigd ook op de uitgaven. Geen wonder dat de binnenlandse bestedingen niet omhoog gaan. Daar lijden de winkels en bedrijven in de maakindustrie onder.

Werkloosheid daalt

De werkloosheid wordt minder volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. Volgens het CBS is de werkloosheid in de maand augustus 2013 gedaald naar 8,6 procent. De daling is niet heel groot. In juli 2013 was de werkloosheid nog 8,7 procent. Het verschil is maar een tiende procent. Een enorme daling is het dus niet. Er zijn in augustus 2013 nog altijd 683 duizend personen werkloos van de Nederlandse beroepsbevolking.

Jongeren aan het werk
Het tiende procent waarmee de werkloosheid is gedaald komt nog altijd neer op elfduizend personen. Met name jongeren zijn meer aan het werk gegaan. Volgens econoom Senne Janssen van het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft de daling onder de werkloosheid bij jongeren te maken met het seizoenseffect.

Seizoenseffect
Dit seizoenseffect keert ieder jaar terug. In de maand juli stijgt de werkloosheid onder jongeren. Een maand later, in augustus, daalt de werkloosheid weer. Volgens het CBS was dit seizoenseffect in 2013 sterker dan andere jaren. Dit had voor een belangrijk deel te maken met de gunstige weersomstandigheden. Door het mooie weer bloeide de horeca op. Hierdoor konden veel jongeren werk vinden in horecagelegenheden.

Opleiding
Daarnaast solliciteerden ook minder jongeren dit jaar. Dit heeft te maken met de kansen die ze voor zichzelf inschatten op de arbeidsmarkt. Jongeren kiezen er voor om langer te studeren. Het aantal aanvragen bij HBO-opleidingen en universiteiten is ook gegroeid aldus het CBS.

Reactie Technisch Werken
De werkloosheid is een beetje gedaald. Een echte daling is pas merkbaar op langere termijn. Ook het feit dat leerlingen en studenten na het afronden van hun studie er voor kiezen om verder te studeren zorgt er voor dat de cijfers over de daling van de werkloosheid niet helemaal transparant zijn.