Uitzendbureaus, maatschappelijk verantwoord ondernemen en energietransitie

De afgelopen maanden is steeds duidelijker geworden dat investeringsmaatschappijen duidelijke keuzes maken met betrekking tot de bedrijven, projecten en producten waarin ze investeren. Pensioenfondsen zoals Pensioenfonds Metaal & Techniek hebben hun beleggingsportefeuille verduurzaamd en maatschappelijk verantwoord gemaakt door niet meer te beleggen in de tabaksindustrie, bont- en wapenindustrie.

Deze ontwikkeling is logisch want het gaat beter met de economie en zowel investeerders als afnemers hebben meer te besteden en meer te kiezen. Klanten en overheden vinden maatschappelijk verantwoord ondernemen steeds belangrijker en hanteren dit ook steeds vaker als doorslaggevend criterium in de keuze om wel of geen opdrachten te gunnen.

Daarom is 2019 het ideale moment om als uitzendbureau belangrijke stappen te maken in de richting van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Uitzendbureaus kunnen stappen zetten om te verduurzamen en bedrijven te steunen die milieubewust opereren op de markt. Op die manier kunnen duurzame, groene uitzendorganisaties ontstaan. Een transitie richting een duurzame uitzendorganisatie hoeft niet in één stap te worden doorgevoerd, er kunnen deelstappen worden gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan de volgende keuzes/ veranderingen:

Dienstverlening
Geen uitzendpersoneel meer bemiddelen voor de tabaksindustrie en andere ondernemingen die producten verkopen die zeer schadelijk zijn voor de mens en het milieu.

  • Nu technisch personeel schaars is er specifiek voor kiezen om het personeel in te zetten op (extra) duurzame projecten zodat die geen vertraging oplopen.
  • Uitzendkrachten en deta-krachten specifiek opleidingen aanbieden voor duurzame techniek, zoals het plaatsen van zonnepanelen, warmtepompen, vergistingsinstallaties en alle randapparatuur die daar bij hoort zoals slimme meters.
  • Oplaadpunten plaatsen voor elektrische auto’s bij bepaalde vestigingen waarmee het eigen wagenpark en andere auto’s opgeladen kunnen worden.
  • Invoering van een digitale ideeënbus op de website specifiek gericht op verduurzaming.

Materieel

  • De energievoorziening van de bedrijfspanden verduurzamen door het plaatsen van zonnepanelen, warmtepompen en andere installaties voor hernieuwbare energiebronnen.
  • In de marketing aandacht besteden aan relatiegeschenken die duurzaam zijn en van recyclebare materialen zijn gemaakt.
  • Minder printen en meer digitaliseren.
  • Elektrische auto’s invoeren voor intern personeel via een leasemaatschappij.
  • Werkkleding aanbieden die eerlijk is gemaakt met oog voor het loon en de arbeidsomstandigheden van de mensen die het gemaakt hebben.

De bovenstaande voorbeelden kunnen er voor zorgen dat de uitzendbranche in de markt belangrijke stappen zet op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen. De uitzendbranche is een intermediair. Dat betekent dat deze sector tussen vraag en aanbod in de arbeidsmarkt in staat. Dat zorgt er voor dat de uitzendbranche een belangrijke rol op zich kan nemen door beide kanten van de markt bewust te maken van verduurzaming. Door duidelijke keuzes te maken tussen klanten en markten kunnen ook sollicitanten specifiek richting duurzame techniek wordt begeleid naar werk. De meeste sollicitanten staan daar wel voor open. Sollicitanten zijn namelijk ook consumenten en consumenten worden milieubewuster. Iedereen wil, als hij of zij de keuze krijgt, een bijdrage leveren aan een duurzame maatschappij. Een uitzendbureau kan daarbij helpen als het uitzendbureau tenminste bereid is om bepaalde keuzes te maken. Dat vereist lef, inzicht en visie. De meeste uitzendbureaus hebben echter een afwachtende houding. Ze wachten af tot de concurrent stappen zet op het gebied van verduurzaming. Pas als de concurrent dit met succes doet zullen er veel uitzendbureaus gaan volgen. Toch moet er 1 uitzendorganisatie zijn die de eerste stap zet.

Rol van uitzendbureaus bij discriminatie in de arbeidsbemiddeling

Na het “onderzoek” van Radar over discriminatie in de uitzendbranche staat heel Nederland weer te schudden op haar grondvesten. In totaal zouden 47 procent van de uitzendondernemingen volgens het “onderzoek” van Radar mee zijn gegaan in het verzoek van een fictieve opdrachtgever om bepaalde bevolkingsgroepen niet mee te nemen in de selectie van de uitzendkrachten. De fictieve opdrachtgever zou daarbij aangegeven hebben dat er 5 vacatures vervuld zouden kunnen worden door de uitzendonderneming en dat Surinamers, Turken of Marokkanen niet in niet geselecteerd mochten worden omdat de “klant” daar slechte ervaringen mee had. Hieronder volgen enkele kanttekeningen over dit gevoelige onderwerp en dit veelbesproken “onderzoek”.

“Onderzoek” van Radar over discriminatie bij uitzendbureaus
De acteur van Radar die een discriminerende “klant” met een aantrekkelijke commerciële opdracht moest spelen zette in feite een val op voor de intercedent door eerst zelf te discrimineren en het zo aantrekkelijk mogelijk te maken voor de intercedent om mee te gaan in de discriminatie. Het feit dat een aantal intercedenten het commercieel belang vooropstelden en toch meegingen in de discriminerende aanvraag is natuurlijk niet goed te praten. Toch kan men op basis van een dergelijk onderzoek niet de keiharde conclusie verbinden dat uitzendbureaus vaak discrimineren. Men kan al helemaal niet zeggen dat het initiatief voor discriminatie bij de uitzendonderneming ligt.

Assertiviteit
De discriminatie komt in de meeste gevallen eerder van de opdrachtgever vandaan dan van het uitzendbureau. Dat blijkt indirect ook uit het “onderzoek” van Radar. Het uitzendbureau moet deze discriminatie opmerken en heeft dan de morele plicht om de opdrachtgever te wijzen op het verbod op discriminatie op basis van Artikel 1 van de Grondwet. Dat vereist echter van een intercedent een bepaalde assertiviteit. Daarnaast kan de intercedent in kwestie ook bang zijn om opdrachten te missen. Uitzendbureaus hebben natuurlijk een financieel en commercieel belang en zullen dit moeten afwegen tegen het morele belang. Uiteraard moet discriminatie verworpen worden maar intercedenten die voor het blok worden gezet moeten van goede huize komen om hun (potentiële) opdrachtgevers te berispen. Daarbij kan het ook nog zo zijn dat het uitzendbureau geen geschikte kandidaat heeft met een etnische achtergrond voor de vacature. In dat geval kan de intercedent gemakkelijk meegaan met het verkeerde discriminerende voorstel van de opdrachtgever. Dit is uiteraard fout maar er zijn wel twee fout. De opdrachtgever is namelijk de partij die aanzet tot discriminatie het uitzendbureau geeft deze aanzet niet.

Discriminatie
Discriminatie, het is een zwaar en beladen onderwerp. Mensen die het woord ‘discriminatie’ horen schrikken en reageren afkerend. Terecht want het ongelijk behandelen of uitsluiten van mensen op basis van huidskleur, geloof, leeftijd, handicap enz. is verkeerd en in een aantal gevallen zelfs strafbaar. Inderdaad ‘in een aantal gevallen’ je leest het goed. Want de overheid in Nederland heeft namelijk ook “positieve discriminatie” ingevoerd.

Positief discrimineren mag althans dat vind de overheid. Bij positieve discriminatie worden juist etnische minderheden of andere groepen geprefereerd, of beter gezegd voorgetrokken, boven de grote massa. Dat lijkt nobel maar is het wel nobel als je het gevoel hebt dat iemand je specifiek meer kansen wil geven (op bijvoorbeeld werk) puur omdat je tot een bepaalde bevolkingsgroep, ras of andere minderheid behoort? Dan wordt je positie als minderheid alleen maar benadrukt.

Je bent bijvoorbeeld niet positief aan het discrimineren wanneer je op de bouw alleen maar blanke mannen uit Friesland aan het werk wil hebben. In dat geval ben je wel degelijk aan het discrimineren omdat andere bevolkingsgroepen inclusief etnische minderheden zijn uitgesloten van de selectie. Wanneer je echt oprecht je werk op een ethisch verantwoorde wijze wil doen zal je elke vorm van discriminatie resoluut moeten afwijzen. Dat is transparant en maakt dat je een solide beleid over dit onderwerp kunnen formuleren en implementeren in de gedragscode van de uitzendorganisatie. Echter zal men uitzendorganisaties moeten controleren op de naleving hiervan als men echt een duidelijk beeld wil krijgen van de eventuele aanwezigheid van discriminatie in de uitzendbranche.

Wie controleert de uitzendbranche op discriminatie?
De opmerking: wie controleert uitzendbureaus op discriminatie is niet eenvoudig te beantwoorden. Inspecteurs die het kwaliteitskeurmerk voor uitzendbureaus moeten handhaven en verschillende brancheorganisaties voor uitzendondernemingen geven aan dat er op papier veel is vastgelegd over discriminatie in de uitzendbranche. In een artikel op de website van de NOS geeft John Verboom een kwaliteitsmanager bij Q-inspectie aan dat zijn organisatie weliswaar het kwaliteitskeurmerk controleren maar “geen specifieke controle op discriminatie” uitvoeren.

Daaraan voegt hij toe: “Hoe zou je dat ook kunnen toetsen, of er gediscrimineerd wordt?” Er blijkt feitelijk geen controle te zijn op discriminatie binnen de uitzendbranche. Maar is die controle er wel op bedrijven die discrimineren? Het feit dat sommige uitzendbureaus bereid zijn om in te gaan op discriminerende selectiecriteria van (potentiële) opdrachtgevers geeft aan dat discriminerende selectiecriteria vaker worden genoemd door bedrijven en dat uitzendbureaus niet verbaasd hierop reageren. Dit houdt ook in dat deze bedrijven deze discriminerende selectiecriteria ook hanteren wanneer ze besluiten om zelf de werving en selectie van hun eigen personeel op te nemen en daarbij besluiten om geen uitzendbureau in te schakelen. Door op basis van het “onderzoek” van Radar de focus te leggen op uitzendbureaus ontwijkt men een veel groter maatschappelijk probleem namelijk discriminatie in het gehele bedrijfsleven. Tja, dat is lastig aan te pakken, laten we uitzendbureaus dan maar politieagentje spelen dat is wel zo gemakkelijk?

Uitzendbureaus kunnen discriminatie bestrijden
Uitzendbureaus worden ook wel de graadmeter voor de economie genoemd maar in feite zijn deze intermediairs veel meer. Ze zien ook de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en kunnen daarnaast ook duidelijk een tendens bijhouden in profielen die worden gevraagd door hun opdrachtgevers. Dit zorgt er voor dat uitzendbureaus zelf het beste kunnen zien of er meer discriminerende aanvragen bij hen worden neergelegd door opdrachtgevers.

In plaats van uitzendbureaus in de hoek van organisaties te drukken die meegaan met discriminerende aanlokkelijke aanvragen kunnen uitzendbureaus een belangrijke oplossing vormen. Wanneer de overheid uitzendondernemingen praktische handvaten zou geven waarmee deze intermediairs de discriminatie van opdrachtgevers zouden kunnen ombuigen tot positieve interesse in alle kandidaten ongeacht afkomst dan ben je goed op weg.

Uitzendbureaus zijn werkgever voor iedereen
Vergeet niet dat veel mensen met een etnische achtergrond via uitzendbureaus aan het werk worden geholpen. Voor veel van de door Radar genoemde “Surinamers, Turken en Marokkanen” is een uitzendorganisatie dikwijls de springplank geweest naar een baan bij een mooi bedrijf. De reden hiervoor is niet schijnheilig maar juist heel pragmatisch. Uitzendondernemingen zien kansen en mogelijkheden waar veel bedrijven die kansen en mogelijkheden niet direct zien. Daarom zijn uitzendbureaus belangrijk voor de arbeidsmarkt maar ook voor de integratie van bepaalde bevolkingsgroepen in de maatschappij.

NBBU reageert op uitzending Radar over discriminatie in de uitzendbranche januari 2018

Consumentenprogramma Radar heeft op maandag 29 januari 2018 aandacht besteed aan het onderwerp: discriminatie door uitzendbureaus. Hiervoor heeft Radar een onderzoek laten uitvoeren waarbij 78 uitzendbureaus uit de provinciale hoofdsteden werden benaderd door een werknemer van een fictief bedrijf met een aanvraag voor uitzendkrachten. Daarbij werd ook expliciet gevraagd aan het uitzendbureau om rekening te houden met discriminerende selectiecriteria. De ‘aanvrager’ of ‘opdrachtgever’ vroeg aan de desbetreffende uitzendondernemingen om bepaalde bevolkingsgroepen zoals Surinamers, Turken en Marokkanen niet mee te nemen in de selectieprocedure omdat de opdrachtgever hier “slechte ervaringen” mee zou hebben. Uit het onderzoek kwam naar voren dat bijna de helft van de uitzendbureaus die werden benaderd met het discriminerende verzoek meegingen.

NBBU-uitzendbureaus
De Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen(NBBU) is een brancheorganisatie voor uitzendondernemingen en andere arbeidsbemiddelaars op de arbeidsmarkt. De NBBU is in 1994 opgericht en heeft ruim 1000 leden. Daardoor heeft deze brancheorganisatie een grote invloed op de uitzendbranche en weet deze organisatie goed wat er in deze branche speelt. Veel uitzendbureaus zijn aangesloten bij de NBBU. Ook uitzendbureaus die bij deze brancheorganisatie aangesloten zijn werden benaderd in het onderzoek van Radar. Dit verklaard de NBBU op haar website. In deze verklaring geeft de NBBU aan hoeveel van haar leden zijn benaderd en wat de directeur van de NBBU van het onderzoek en de uitkomst daarvan vind. Volgens de NBBU zijn 5 uitzendbureaus van de 78 benaderde uitzendbureaus NBBU leden. Van deze vijf uitzendbureaus zouden vier uitzendbureaus zijn meegaan in het discriminerend verzoek.

Reactie van NBBU
NBBU-directeur Marco Bastian noemde het “ontoelaatbaar” dat vier van de vijf NBBU uitzendbureaus zijn meegegaan in het discriminerende verzoek van de fictieve opdrachtgever van Radar. Er wordt door de NBBU benadrukt dat intercedenten en klanten voortdurend moeten worden voorgelicht en geïnformeerd over het onderwerp discriminatie. Uitzendbureaus moeten hierin hun verantwoordelijkheid nemen. Marco Bastian van de NBBU geeft aan: “Onderscheid maken naar leeftijd, geslacht en afkomst is per definitie in strijd met de wet”. Daarbij doelt de NBBU-directeur waarschijnlijk op artikel 1 van de Grondwet en de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB).

Marco Bastiaan verklaard verder: “Dat er nog altijd bedrijven zijn die ingaan met dit soort verzoeken is onbegrijpelijk. Toch keert dit onderwerp steeds maar weer terug. Kennelijk overtreden sommige uitzendbureaus liever de wet dan dat ze een klant op andere gedachten brengen. Misschien speelt ook onwetendheid een rol, een gebrek aan het besef dat meegaan in een dergelijk verzoek passieve discriminatie – dus discriminatie – is.”

De directeur van de NBBU geeft verder aan: “De uitzendbranche is in het algemeen goed bezig. We helpen mensen aan werk en laten mensen doorstromen. Dan blijft het jammer dat je het aanzien van de branche verpest omdat je voor de klant zwicht, zonder echt in gesprek met hem of haar te zijn gegaan. De oplossing hiervoor ligt wat ons betreft in het blijven informeren en voorlichten van leden en hun medewerkers. Uit eigen onderzoek blijkt dat dit werkt en dat gelukkig steeds minder leden meegaan met discriminerende verzoeken. Uiteindelijk gaat het om het veranderen van de mindset, maar kennelijk is dat een proces dat langer duurt dan ons lief is.”

NBBU wil oplossingen
De NBBU overlegt op dit moment met stakeholders om oplossingen te bespreken voor dit brede maatschappelijk probleem. Uitzendbureaus moeten weten welke richtlijnen vanuit de wet worden geboden over het voorkomen van discriminatie. Daarin moeten uitzendbureaus hun verantwoordelijkheid nemen. Uitzendbureaus moeten weten hoe ze moeten omgaan met het onderwerp discriminatie en moeten ook weten hoe ze met opdrachtgevers om moeten gaan die discrimineren. Volgens de NBBU werken de oplossingen in de praktijk over het algemeen goed. Intermediairs die aangesloten zijn bij de NBBU moeten in hun beleid maatregelen opnemen om discriminatie te voorkomen. Ook in het intercedentenexamen van de Stichting Examens Uitzendbranche (SEU) wordt het onderwerp discriminatie behandeld.

Tijdens het trainingstraject voor het SEU wordt de (toekomstig) intercedent getraind om discriminatie te herkennen en te voorkomen. Verder kunnen leden van de NBBU de app Diversiteit Loont downloaden via STOOF. Bovendien heeft de NBBU een speciale poster laten ontwikkelen. Hierop staat een praktisch stappenplan voor intercedenten waarin ze worden geholpen om discriminerende verzoeken tegen te gaan. De kern is dat intercedenten niet moeten meegaan in discriminerende verzoeken maar dat ze doorvragen naar de beweegredenen om dergelijke verzoeken te uiten bij een uitzendbureau. Opdrachtgevers moeten vanuit uitzendorganisaties te horen krijgen dat discriminatie niet is toegestaan en dat een uitzendonderneming zich net als haar opdrachtgevers aan de wet moet houden.

Radar: veel uitzendbureaus discrimineren in 2018 als de opdrachtgever dat wenst

Uitzendbureaus hebben een commercieel belang en zijn daardoor bereid om met hun klanten mee te denken. Daar is op zich niets mis mee behalve wanneer de opdrachtgever van uitzendbureaus vraagt om kandidaten te selecteren op basis van discriminatie. In Nederland is wettelijk vastgelegd dat iedereen evenveel kans moet hebben op een baan. Daarbij moeten geslacht, afkomst en geloofsovertuiging bijvoorbeeld geen rol spelen. Dit ligt vastgelegd in artikel 1 van de Grondwet. Bovendien staat deze bepaling ook nog omschreven in de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). Uit het onderzoek van Radar kwam naar voren dat bijna de helft van de intercedenten die (onbewust) aan het onderzoek deelnamen bereid is om mee te gaan met discriminerende selectiecriteria. Bij dit onderzoek kunnen echter wel duidelijke kanttekeningen worden geplaatst zoals je in onderstaande tekst zult lezen.

Uitzendbureaus en discriminatie
Uitzendbureaus moeten zich uiteraard aan deze wettelijke bepalingen houden. Toch blijkt dat uitzendbureaus zich in praktijk niet altijd aan deze regels houden volgens het televisieprogramma Radar. Het tv-programma Radar heeft namelijk onderzoek gedaan naar discriminatie onder uitzendbureaus. Tijdens dit onderzoek werden uitzendbureaus in de provinciale hoofdsteden zonder waarschuwing opgebeld met de vraag of ze mensen kunnen leveren voor een callcenter. Daarbij werd aan de intercedent, vestigingsmanager of consultant van het uitzendbureau expliciet gevraagd om geen Turken, Marokkanen of Surinamers te selecteren. De zogenaamde aanvrager zou namelijk geen mensen van deze afkomst willen inzetten vanwege “slechte ervaringen in het verleden”.

Onderzoek van Radar naar discriminatie onder uitzendbureaus
Uiteraard werd de aanvraag gedaan door een onderzoeker/ acteur in opdracht van Radar waardoor de aanvraag die gedaan werd ook fictief was. Dit wist de intercedent of andere medewerker van het uitzendbureau echter niet. Ongeveer 47 procent van de medewerkers van het uitzendbureau ging direct mee met de wens van de aanvrager van het fictieve callcenter. Daarnaast had ook 36 procent van de uitzendondernemingen aangegeven dat ze met dergelijke discriminerende eisen geen rekening kon houden. Het overige percentage uitzendbureaus dat aan het onderzoek deelnam had in het geheel geen uitspraken gedaan over de selectie.

Effect onderzoek op uitzendbureaus

Hoewel een onderzoek naar discriminatie op zich niet verkeerd is kan men dit onderzoek van Radar bij veel uitzendbureaus niet echt waarderen. Allereerst wordt een fictief bedrijf genoemd en wordt daarnaast ook nog een fictieve aanvraag ingediend voor de tewerkstelling van vijf of een ander aantal uitzendkrachten. Het uitzendbureau krijgt daardoor de indruk dat er daadwerkelijk een mogelijkheid bestaat om werknemers te plaatsen. Feitelijk wordt het uitzendbureau door dergelijke onderzoeken voor de gek gehouden. Ook werd het uitzendbureau na de fictieve aanvraag niet direct opgebeld om aan te geven dat er een onderzoek werd gedaan en dat de aanvraag niet echt is. Werknemers op het uitzendbureau kunnen daardoor de hoop en verwachting hebben om toch nog werknemers te kunnen plaatsen, uiteraard ongeacht hun afkomst.

Discrimineert Radar?

De selectie van Radar om alleen in te gaan op racisme en niet op andere vormen van discriminatie zoals leeftijdsdiscriminatie of discriminatie op grond van geslacht is vreemd. Of vind Radar deze keuze juist voor de hand liggend? Juist door het specifiek benoemen van bepaalde bevolkingsgroepen als ‘ongewenst’ in een onderzoek geeft men extra lading aan het discriminatie-onderwerp en werkt men stigmatisering van deze groepen in de hand.

Waarom heeft Radar juist voor Surinamers, Turken en Marokkanen gekozen voor haar onderzoek en niet voor Duitsers, Engelsen, Amerikanen of Australiërs? Door een dergelijke selectie te maken zou Radar zichzelf moeten afvragen of ze zelf niet bezig is om bepaalde bevolkingsgroepen mede te stigmatiseren. Wat is de beeldvorming van Radar zelf over deze bevolkingsgroepen? Had Radar bijvoorbeeld verwacht dat ze door Surinamers, Turken en Marokkanen in het onderzoek te benoemen de grootste kans zou hebben om uitzendbureaus te ‘verleiden’ of ‘over te halen’ om mee te gaan in discriminatie in de arbeidsbemiddeling? Daar heeft het in ieder geval wel sterk de schijn van. Ook het feit dat Radar de onderzoeken heeft uitgevoerd onder uitzendbureaus in grote provinciale steden roept vraagtekens op. In grote steden zou namelijk volgens de media het meeste (over)last zijn van ‘bepaalde bevolkingsgroepen’. Wederom een handige keuze van Radar om de kans op ‘beet’ onder uitzendbureaus te vergroten.

Alles voor de kijkcijfers
Bovendien heeft Radar natuurlijk ook nog het belang van de kijkcijfers. Uitzendbureaus moeten assertief reageren op discriminerende voorstellen van een betaald ‘acteur’ die het uitzendbureau een aantal mogelijke plaatsingen in het verschiet stelt. Daarbij moet de intercedent (of andere medewerker) niet de focus leggen op het aantal plaatsingen maar juist op het discriminerende aspect van de aanvraag.

Het is mooie aanlokkelijke verleiding waarbij de ‘acteur’ als eerste discrimineert en wacht tot dat de uitzendonderneming hierin meegaat zodat het percentage discriminerende uitzendbureaus omhoog gaat. Een val voor een intercedent die voor een aantal uitzendondernemingen verkeerd is uitgepakt. Zij kregen echter net als de correcte uitzendbureaus (die niet meegingen in de discriminatie) helemaal geen kans om uitzendkrachten te plaatsen en hebben meegeholpen aan het opkrikken van de kijkcijfers van Radar. En de Surinamers, Turken en Marokkanen zijn alleen maar als middel gebruikt in dit onderzoek.

De werkelijkheid
Misschien zou Radar eens uitzendbureaus moeten gaan bezoeken en moeten gaan vragen wat de etnische afkomst is van het werkenden bestand van uitzendbureaus? Ook dan zou Radar onder het mom van goede bedoelingen een onderzoek doen waarin ze haar eigen racisme projecteert, maar het beeld van de werkelijkheid wordt dan wel beter. Uitzendbureaus zijn doorgaans namelijk niet racistisch maar kijken puur naar het commerciële belang. Dit is namelijk het invullen van de vacature en het bieden van werk aan werkzoekenden.

Het maakt niet uit welke kleur, geloof of welke achtergrond iemand heeft zolang er maar een geschikte werkplek is, dan plaatst een uitzendbureau iedereen. Daardoor is de diversiteit onder uitzendkrachten van een uitzendbureau vaak enorm en dat is goed. Voor alle bevolkingsgroepen is er werk via een uitzendbureau. Sommige uitzendbureaus zijn zelfs gespecialiseerd in het bemiddelen van buitenlandse krachten. Denk aan uitzendbureaus die Poolse, Hongaarse en Roemeense arbeidskrachten bemiddelen.

Waarom volgen uitzendkrachten een opleiding?

Nu de economische crisis ten einde is wordt er weer geïnvesteerd in personeel. Niet alleen personeel dat rechtstreeks in dienst is bij bedrijven krijgen meer mogelijkheden om zichzelf te ontwikkelen ook voor uitzendkrachten bestaan er steeds meer mogelijkheden om opleidingen en trainingen te volgen. Deze opleidingen worden door uitzendbureaus gefaciliteerd maar ook door de inlenende bedrijven. Volgens de Stichting Opleiding & Ontwikkeling Flexbranche (STOOF) bieden uitzendondernemingen vooral opleidingen aan uitzendkrachten zodat deze flexwerkers zichzelf kunnen ontwikkelen en hun loopbaanperspectieven kunnen vergroten.

Waarom geven uitzendbureaus opleidingen aan uitzendkrachten?
Met name de grotere uitzendbureaus hebben hun opleidingsmogelijkheden duidelijk in kaart gebracht en hanteren vaak een opleidingsbeleid en hebben één of meerdere opleidingscoördinators in dienst. Kleinere uitzendbureaus bieden volgens de derde Opleidingsmonitor Flexbranche van STOOF ook steeds vaker opleidingen aan die ten doel hebben de uitzendkrachten te ontwikkelen. De meeste uitzendorganisaties laten echter ook het commerciële belang meespelen bij het bieden van opleidingen. Door opleidingen aan te bieden aan uitzendkrachten kunnen de uitzendkrachten beter worden bemiddeld door uitzendbureaus. De uitzendkrachten kunnen meer verdienen als ze beter opgeleid zijn maar uitzendbureaus kunnen hoger opgeleide uitzendkrachten ook beter plaatsen en hogere tarieven hanteren. Dit betekend dat ze meer omzet en marge kunnen draaien op de uitzenduren van beter opgeleide uitzendkrachten.

Waarom volgen uitzendkrachten opleidingen?
Niet alleen bedrijven en uitzendbureaus zijn zich bewust van het belang van opleidingen voor werknemers waaronder uitzendkrachten. Vanuit de arbeidsmarkt komt ook duidelijk de roep om opleidingen naar voren vanuit werkzoekenden. Nu economische crisis voorbij is neemt het aantal vacatures toe, kortom de vraag naar personeel wordt steeds groter. Het blijkt echter wel dat een bepaalde groep nog moeilijk aan een baan kan komen omdat deze groep niet over relevante werkervaring en/of niet over relevante opleidingen beschikt.

Werkzoekenden en werknemers worden zich daardoor steeds meer bewust van het belang van opleidingen. Flexwerkers zijn daardoor ook steeds gemotiveerder om opleidingen te volgen. Flexwerkers zouden daarnaast ook doormiddel van opleidingen in aanmerking willen komen voor ander werk. Met opleidingen zouden ze graag ander werk willen vinden. Op dit gebied verschillen flexwerkers overigens wel van werknemers met een vast contract. Werknemers met een vast contract volgen vaak een opleiding om hun kennis op niveau te houden. Flexwerkers willen juist hun loopbaanperspectieven vergroten doormiddel van opleidingen. In het laatste geval zouden uitzendbureaus er goed aan doen om met uitzendkrachten in gesprek te gaan over hun loopbaan en loopbaanmogelijkheden als ze een bepaalde opleiding hebben behaald.

Automatiseren van inschrijfproces uitzendbureaus

Tegenwoordig merk je dat veel processen worden geautomatiseerd. Vanuit het scientific management van Taylor dat aan het begin van 1900 haar intrede deed zijn er steeds meer nieuwe theorieën ontwikkeld waarmee bedrijven hun processen zouden kunnen optimaliseren. Hierbij kun je denken aan het zogenaamde lean management of lean manufacturing dat in veel productiebedrijven al geruime tijd wordt gehanteerd en oorspronkelijk afkomstig is uit de automotive. Er zijn verschillende sectoren bezig met automatiseringsprocessen. Dit gebeurt al lang niet meer alleen in de industrie en de productie ook de financiële sector en administratieve bedrijven automatiseren processen. Ook de uitzendwereld gaan haar processen steeds meer automatiseren, maar is dat eigenlijk wel verstandig?

Digitaal solliciteren bij uitzendbureaus
Steeds meer sollicitanten solliciteren op de digitale snelweg naar een baan. Solliciteren via internet is heel gewoon en ook oudere sollicitanten weten het internet vaak goed te gebruiken om een vacature te vinden. Ook het daadwerkelijk sturen van een sollicitatiemail of een korte motivatie is gebruikelijk. Solliciteren via social media komt echter ook voor. Uitzendbureaus proberen hierop in te haken door aan te sturen op het aanmelden en inschrijven via internet. Sommige uitzendbureaus hebben hun inschrijfproces zover  geautomatiseerd dat sollicitanten doormiddel van hun digitale inschrijving automatisch in het CRM-systeem van het uitzendbureau worden geplaatst. Dit versnelt een groot deel van het inschrijfproces en zorgt er bovendien voor dat de sollicitant niet veel kilometers hoeft af te leggen om een intakegesprek bij een uitzendbureau te houden.

Het belang van een intakegesprek
De digitale sollicitant moet na de digitale inschrijving er maar op vertrouwen dat het uitzendbureau hem of haar gaat uitnodigen voor een persoonlijk gesprek of dat het uitzendbureau gaat zoeken naar een passende functie op basis van de inschrijving. Hoewel sollicitanten via internet in een korte tijd veel sollicitaties kunnen versturen en zich bij veel uitzendbureaus kunnen inschrijven blijkt deze werkwijze voor veel werkzoekenden toch niet ideaal. Een goed intakegesprek is namelijk van groot belang voor de arbeidsbemiddeling van een potentiële uitzendkracht. Veel werkzoekenden hebben behoefte aan een persoonlijk gesprek waarin ze samen met de intercedent de mogelijkheden bespreken die de kandidaat heeft op de arbeidsmarkt. Ook zorgt een intakegesprek er voor dat de intercedent en de sollicitant rechtstreeks vragen aan elkaar kunnen stellen met betrekking tot het cv en de specifieke wensen omtrent werk.

Wordt een sollicitant een nummer
Het intakegesprek lijkt echter steeds meer te verdwijnen uit de uitzendwereld. Grote uitzendbureaus proberen zelfs doormiddel van een CRM-systeem met een algoritme automatisch kandidaten aan vacatures aan elkaar te koppelen. Dat is het toppunt van een onpersoonlijke benadering van een uitzendkracht of werkzoekende. Natuurlijk bespaart dit voor het uitzendbureau kosten maar het belang van de werkzoekende wordt met deze snelle geautomatiseerde aanpak niet of nauwelijks gediend.

Werkzoekenden willen graag persoonlijk overleggen welke werkzaamheden wel of niet geschikt zijn en passen bij de behoefte van de werkzoekende. Door dit proces te automatiseren gaat dit persoonlijke contact verloren. De uitzendkracht of sollicitant voelt zich een nummer en wordt dat in feite door deze aanpak ook. Uitzendkrachten die geautomatiseerd of digitaal zijn ingeschreven krijgen in een CRM-systeem over het algemeen ook een nummer waarmee ze bekend zijn binnen het uitzendbureau. Dit nummer is als het ware de referentie van het systeem waarmee het systeem in combinatie met het ingevulde sollicitatieprofiel koppelingen gaat leggen met mogelijke functies die beschikbaar komen bij het uitzendbureau.

Verdwijnt het intakegesprek bij uitzendbureaus?
Als er een bepaalde beweging in gang wordt gezet ontstaat er meestal ook een tegenbeweging. Er zullen uitzendbureaus zijn die de automatisering van inschrijfprocessen steeds verder willen optimaliseren. Deze uitzendbureaus beschouwen het inschrijfproces als een soort productieproces waarop geld bespaard kan worden. Uitzendbureaus die veel bemiddelen in productiefuncties zouden intakeprocessen kunnen automatiseren maar uitzendbureaus die gespecialiseerd zijn in functies voor hoger opgeleiden kunnen hun intakegesprekken beter wel persoonlijk laten plaatsvinden.

Meer keuze tussen uitzendbureaus
Tijdens een gesprek kunnen namelijk de wensen en behoeften van uitzendkrachten beter in kaart worden gebracht. Daarom zal een intakegesprek noodzakelijk blijven. Ondanks dat zullen er ook uitzendbureaus zijn die voor hogere functies ook een digitale inschrijving prefereren en ook aansturen op digitale arbeidsbemiddeling. In de toekomst zal de kwaliteit tussen de verschillende uitzendbureaus nog meer gaan verschillen. Er zullen prijsvechters zijn die sterk gedigitaliseerd zijn en er zullen uitzendbureaus zijn die aansturen op een consultatieve aanpak. Dit zorgt er voor dat sollicitanten nog bewuster kunnen kiezen voor een bepaald uitzendbureau omdat ze het juist wel of juist niet prettig vinden om persoonlijk contact te hebben met de intercedent.

Belangrijke arbeidsrechtelijke wetten voor uitzendbureaus

In Nederland is uitzendarbeid ingevoerd vanaf 1950. Na het invoeren van de uitzendarbeid zijn in Nederland honderden verschillende uitzendbureaus ontstaan. Er zijn generalisten die zich richten op meerder marktsegmenten maar er zijn ook uitzendbureaus die gespecialiseerd zijn in bepaalde markten zoals technische uitzendbureaus of uitzendbureaus voor de zakelijke dienstverlening. Doordat er zoveel uitzendbureaus zijn ontstaan en de uitzendmarkt is gegroeid zijn er door de overheid specifieke regels opgesteld om de uitzendmarkt te reguleren en te controleren.

De controle en de wetten zijn nodig om te voorkomen dat uitzendkrachten en ander flexibel personeel wordt uitgebuit. Uitzendbureaus moeten zich aan een aantal wetten houden. Vanaf 1999 zijn er een aantal wetten ingevoerd voor uitzendbureaus, uitzendkrachten en andere flexwerkers. Deze volgende 3 wetten zijn ingevoerd vanaf 1999 tot 2016:

  • WAADI: Wet Allocatie Arbeidskrachten Door Intermediairs (vanaf 1998)
  • Flexwet: Wet Flexibiliteit en Zekerheid (vanaf 1 jan 1999)
  • Wwz: Wet Werk en Zekerheid (vanaf 1 jan 2015)

De Wet werk en zekerheid is het meest recent ingevoerd. Deze wet heeft het volgende doel:

Het Nederlandse arbeidsrecht aanpassen aan de  veranderende arbeidsverhoudingen op de arbeidsmarkt en dan met name het evenwicht tussen flexibiliteit en zekerheid op arbeidsmarkt.

De Wwz heeft betrekking op de volgende aspecten:

  • Aanpassing flexbepalingen
  • Modernisering ontslagrecht
  • Transitievergoeding
  • Wijzigingen in de WW

Wat is werk voor langere tijd?

Veel uitzendkrachten en andere flexkrachten krijgen te horen dat een uitzendbureau of werkgever “werk voor langere tijd” heeft. Dit “werk voor langere tijd” wordt meestal niet duidelijk gedefinieerd. Men weet dus vaak niet hoe lang een klus precies duurt als men te horen krijgt dat het werk is voor langere tijd. Deze onduidelijkheid kan bij uitzendkrachten voor onzekerheid zorgen. Er zullen uitzendkrachten zijn die uitgaan van het beste scenario en dat is dat ze uiteindelijk overgenomen zullen worden door het bedrijf waar ze werken.

Andere uitzendkrachten hechten geen waarde aan de opmerking dat het werk voor langere tijd is. Deze groep ziet wel hoe lang de klus daadwerkelijk duurt. De groep uitzendkrachten die deze houding heeft ten opzichte van het uitzendwerk spreekt vaak uit ervaring. Het komt in de praktijk namelijk helaas vaak voor dat uitzendkrachten wel de belofte krijgen dat ze voor langere tijd kunnen werken maar dat ze na een paar weken te horen krijgen dat de klus bijna is afgerond. Uitzendkrachten kunnen door deze ervaringen teleurgesteld en wantrouwend worden naar uitzendbureaus en opdrachtgevers.

Als je dus hoort dat er werk wordt geboden voor langere tijd dan is het belangrijk dat je duidelijk krijgt hoe lang het werk precies duurt tenzij je deze onzekere factor accepteert. Als je geen genoegen neemt met de uitdrukking “werk voor langere tijd” dan zal je moeten proberen om een bepaalde tijdsduur vast te leggen op papier. Dat doen ze meestal niet voor uitzendkrachten maar als je overtuigd bent dat jij een grote toegevoegde waarde hebt voor het bedrijf en dat de vacature moeilijk met iemand anders ingevuld kan worden dan heb je een goede onderhandelingspositie.

Je kunt dan trachten zekerheid af te dwingen bij het uitzendbureau of het inlenende bedrijf vooral wanneer je meerdere aanbiedingen van andere uitzendbureaus en andere werkgevers hebt gekregen. In dat geval kun je proberen om in een detacheringscontract voor bepaalde tijd de arbeidsduur vast te leggen. Dan heb je zekerheid voor een bepaalde periode. Voor de meeste flexkrachten is deze zekerheid een zeer welkome factor.

Wat is een inhouse uitzendbureau?

Een uitzendbureau is een bedrijf dat zich richt op het bemiddelen van personeel bij opdrachtgevers. Uitzendbureaus zijn hierbij intermediairs, dit houdt in dat deze bureaus als een tussenpersoon functioneren in dit geval tussen personeel en (potentiële) opdrachtgevers. Over het algemeen bestaan de kerntaken van uitzendbureaus uit het zoeken naar personeel en het binnen halen van vacatures van bedrijven en alles wat daarmee samenhangt.

Matchen van uitzendbureaus
De uitzendbureaus proberen het juiste personeelslid te selecteren voor de vacatures die ze van hun opdrachtgevers hebben ontvangen. Als er een goede overeenstemming tussen de functie-eisen van de vacature en de competenties van de kandidaat gemaakt kan worden spreekt men ook wel van een goede ‘match’. Daarom hoort het matchen tot de belangrijkste taak van het uitzendbureau. De intercedenten en recruiters op een uitzendbureau maken deze match.

Inhouse uitzendbureaus en reguliere uitzendbureaus
Er zijn in Nederland vele uitzendbureaus gevestigd. De meeste uitzendbureaus zijn gevestigd in een afzonderlijk pand in bijvoorbeeld een winkelcentrum of op een industrieterrein. Dit zijn uitzendbureaus die over het algemeen kandidaten zoeken voor meerdere opdrachtgevers.

Inhouse uitzendbureaus verschillen van reguliere uitzendbureaus omdat deze bureaus ‘inhouse’ zijn gevestigd. Dit houdt in dat deze uitzendbureaus zich gevestigd hebben in het pand van de opdrachtgever of in een ruimte daaraan vast. Deze bureaus zijn (mede) verantwoordelijk voor de flexibele personeelsplanning van hun opdrachtgever.

Inhouse uitzendbureaus
Een inhouse uitzendbureau is meestal kleinschaliger dan een regulier uitzendbureau. Vaak werken op een inhouse uitzendbureau één of twee intercedenten of planners. Deze personeelsleden worden betaald door het uitzendbureau en staan dus bij het uitzendbureau op de loonlijst.

Deze intercedenten zijn er voor verantwoordelijk om voor het bedrijf, waarin ze gevestigd zijn, de juiste kandidaten te vinden voor de openstaande vacatures. Meestal gaat het om productiebedrijven met een behoorlijk inleenvolume. Zo kunnen productiebedrijven bijvoorbeeld vaak grote aantallen productiekrachten gebruiken en operators. Vooral wanneer de productie stijgt hebben deze bedrijven snel nieuwe flexibele werknemers nodig. Daarom is het belangrijk dat de intercedenten en planners op het bedrijf aanwezig zijn om snel probate oplossingen te bieden.

Wat doen inhouse intercedenten
De intercedenten op een inhouse uitzendbureau regelen intakegesprekken met kandidaten voor het bedrijf waarin ze gevestigd zijn. Daarnaast regelen inhouse intercedenten ook vaak rondleidingen voor sollicitanten die als uitzendkracht aan de slag willen voor het productiebedrijf. Ook dienen de inhouse intercedenten als eerste aanspreekpunt voor vragen van zowel het bedrijf als het uitzendpersoneel dat voor de desbetreffende inhousevestiging aan het werk is.

Verschil tussen inhouse intercedent en reguliere intercedent
Een inhouse intercedent hoeft in tegenstelling tot de meeste andere intercedenten niet zijn of haar best te doen om nieuwe klanten binnen te halen. Daardoor is deze functie iets minder commercieel dan reguliere functieprofielen voor intercedenten. Een intercedent op een inhousevestiging is echter vaak meer administratief en dienstverlenend ingesteld. Dat vereist specifieke competenties van de persoon die als inhouse intercedent wil werken. De functieprofielen van inhouse intercedenten zien er daardoor in de praktijk ook anders uit. Ook de plaats in de organisatie van het uitzendbureau is anders. 

Wat is een uitzendbureau?

Uitzendbureaus zijn arbeidsbemiddelingsbureaus die actief zijn op de arbeidsmarkt. Een uitzendbureau is een intermediair, dit houdt in dat dit bureau als een tussenpersoon tussen twee partijen functioneert. Uitzendbureaus bemiddelen tussen werkzoekenden en bedrijven die al dan niet tijdelijk werknemers willen inlenen om bepaalde werkzaamheden uit te voeren. Het personeel dat uitzendbureaus bemiddelen worden uitzendkrachten of inleenkrachten genoemd en de opdrachtgevers van uitzendbureaus noemt men over het algemeen inleners. Sommige uitzendbureaus noemen het personeel dat ze bemiddelen ‘kandidaten’ en noemen  hun klanten ‘opdrachtgevers’.

Wie werken intern op een uitzendbureau?
Het personeel dat een uitzendbureau extern bij opdrachtgevers aan het werk heeft noemt men uitzendkrachten. Op een uitzendbureau werken intern intercedenten, die door sommige uitzendbureaus ook wel consultants worden genoemd. Er zijn ook uitzendbureau die deze medewerkers een functienaam geven die aan het werkveld is ontleend zoals de functiebenaming Technisch Commercieel Medewerker of Consultant Werktuigbouwkunde.

Met deze functiebenaming wordt duidelijk in welk segment of welk specialisme de intercedent werkzaam is. Naast intercedenten is op een uitzendbureau vaak één vestigingsmanager verantwoordelijk voor de resultaten van de desbetreffende vestiging van het uitzendbureau. Sommige uitzendbureaus hebben nog specifieke functies op het gebied van recruitment of administratieve ondersteuning. Naast deze functies zijn er ook assistentenfuncties en leerplaatsen voor stagiairs op een uitzendbureau mogelijk. Het overgrote deel dat werkzaam is op het kantoor van een uitzendbureau behoort echter tot de intercedenten (of welke naam ze ook maar aan deze functie geven).

Wat doet een uitzendbureau voor de uitzendkracht?
In de vorige alinea is voor een deel de kern benoemd van de werkzaamheden die op een uitzendbureau worden gedaan namelijk het bemiddelen tussen beschikbaar personeel en werkgevers die personeel kunnen inzetten. Een groot deel van de taken die op een uitzendbureau worden uitgevoerd houden hier rechtstreeks verband mee. Men kan de taken van een uitzendbureau in een aantal hoofdgroepen indelen. Als men kijkt naar de werkzaamheden die een uitzendbureau doet richting de werkzoekende dan zijn dit de volgende:

  • Het werven van personeel via verschillende netwerken en cv-databases.
  • Het inschrijven van personeel doormiddel van een intakegesprek.
  • Het bemiddelen van personeel door het opstellen van een cv en het benaderen van bedrijven om de desbetreffende kandidaat aan het werk te helpen.
  • Het regelen van gesprekken tussen kandidaten en bedrijven.
  • Het voeren van salarisonderhandelingen met kandidaten. Hierbij wordt rekening gehouden met de cao van de opdrachtgever conform de inlenersbeloning.
  • Als de kandidaat aan de slag kan worden uitzendovereenkomsten opgemaakt en ter ondertekening aangeboden.
  • Als de kandidaat daadwerkelijk als uitzendkracht aan de slag gaat wordt de uitzendkracht verloont door de uitzendonderneming. Dit houdt in dat de uitzendonderneming de gewerkte uren van de uitzendkracht in een systeem zet waaruit meestal automatisch een salarisbetaling volgt.
  • Eventuele gereedschappen en kleding worden ook door de uitzendonderneming verstrekt indien dit tot de arbeidsvoorwaarden behoort.
  • Het uitzendbureau blijft aanspreekpunt voor de uitzendkracht als er vragen zijn met betrekking tot werk.
  • Ook in geval van een opleidingsvraagstuk kan de uitzendonderneming als aanspreekpunt functioneren
  • Indien nodig kan een uitzendonderneming ook daadwerkelijk een opleiding verstrekken.
  • Als de uitzendopdracht wegvalt zal de uitzendonderneming trachten nieuw uitzendwerk voor haar uitzendkrachten te regelen.

Wat doet een uitzendbureau voor de opdrachtgever?
Richting de opdrachtgever heeft een uitzendbureau ook een divers takenpakket. Dit takenpakket is voor een groot deel gekoppeld aan bovenstaande taken. Voor de duidelijkheid en het overzicht zijn de taken richting de opdrachtgever hieronder puntsgewijs weergegeven.

  • Het benaderen van potentiële opdrachtgevers om opdrachten in de vorm van vacatures binnen te halen. Het benaderen van opdrachtgevers gebeurd telefonisch, per mail of doormiddel van daadwerkelijke bezoeken.
  • Als er een vacature is wordt deze in een systeem verwerkt en indien door de klant gewenst ook gepubliceerd op de digitale kanalen van het uitzendbureau.
  • Als er geschikte kandidaten worden gevonden regelt het uitzendbureau gesprekken tussen het bedrijf en de kandidaat voor de vacature.
  • Als dit gesprek succesvol is verlopen en de kandidaat mag starten dan onderhandeld het uitzendbureau met haar opdrachtgever over de prijs. Meestal gebeurd dit al voordat daadwerkelijk kandidaten worden aangeboden bij het verstrekken van de algemene leveringsvoorwaarden.
  • Als het tarief, de startdatum en de overige voorwaarden zijn bepaald wordt door het uitzendbureau de opdrachtbevestiging opgemaakt. Deze wordt digitaal en/of per post verzonden naar de klant die de inlener wordt van de uitzendkracht.
  • Het uitzendbureau factureert de uren die de uitzendkracht heeft gewerkt aan de opdrachtgever.
  • Bij vragen blijft een uitzendbureau het aanspreekpunt voor de opdrachtgever. Hierbij kan men denken aan vragen over de facturering maar ook als er problemen zijn, zoals verzuim, ziekte en ongevallen, met de uitzendkracht.
  • Het uitzendbureau kan in geval van calamiteiten en een ongeval op het werk hierover een rapportage opstellen en deze verstrekken aan de inlener. Uitzendbureaus zijn er net als de inleners verantwoordelijk voor dat een uitzendkracht in een veilige omgeving werkt.

Dynamiek op een uitzendbureau
Uitzendbureaus zijn intermediairs. Dit houdt in dat ze tussen twee partijen bemiddelen. Dit komt er in de praktijk op neer dat de intercedenten en managers op een uitzendbureau voortdurend moeten schakelen in werkzaamheden en communicatietechnieken. Als men het heeft over communicatie op een uitzendbureau dan doelt men niet alleen op telefonisch contact. Er is ook sprake van contact via mail en eenzijdige communicatie op bijvoorbeeld websites waarop uitzendbureaus zichzelf aan zowel klanten als werkzoekenden presenteren. Een intercedent of andere medewerker op een uitzendbureau moet goed overweg kunnen met een computer en computersystemen. Ook het voeren van telefoongesprekken komt zeer regelmatig voor en daar moet men ook vaardig genoeg voor zijn.

Daarnaast worden door intercedenten ook gesprekken gevoerd met werkzoekenden en uitzendkrachten op de vestiging. Veel intercedenten bezoeken ook potentiële opdrachtgevers en bedrijven die reeds klant zijn. De ene keer inventariseert de intercedent de vaardigheden en competenties van een werkzoekende in een intakegesprek en verwerkt deze in een goed cv, de andere keer biedt men deze kandidaat aan bij een bedrijf met het doel deze kracht aan het werk te helpen. Een intercedent moet voortdurend schakelen in houding en taalgebruik tussen klanten en personeel.

Als de telefoon gaat op een uitzendbureau kan dit een aanvraag voor personeel betekenen maar ook een verzuimmelding of juist een opzegging van een personeelslid. Het kan een klacht zijn of juist een vraag van een werkzoekende. Verder kan het een financiële vraag zijn over bijvoorbeeld het loon of het tarief maar de vraag kan ook gericht zijn op arbeidsvoorwaarden. Dit alles maakt het werken op een uitzendbureau zeer dynamisch en afwisselend.

Wet- en regelgeving voor uitzendbureaus

Uitzendbureaus treden op als intermediair. Dit houdt in dat ze een bemiddelende rol hebben op de arbeidsmarkt, ze brengen vraag en aanbod bij elkaar. Zoals uit de vorige alinea’s valt op te maken stopt hun verantwoordelijkheid hier niet bij. Uitzendbureaus blijven feitelijk de werkgever voor de uitzendkrachten en betalen aan dit flexibel persoon ook het loon uit. Ook de reserveringsopbouw voor bijvoorbeeld vakantie en ziekteverzuim wordt door uitzendbureaus gedaan. Verder zijn ze verantwoordelijk voor de pensioenafdracht en de uitvoering van de afspraken die in de secundaire arbeidsvoorwaarden conform de cao zijn vastgelegd.

Ziekte en re-integratie
Ook zijn uitzendbureaus verantwoordelijk voor uitzendkrachten als ze ziek zijn. Net als reguliere werkgevers moeten uitzendbureaus er alles aan doen om voor uitzendkrachten vervangend werk te regelen of andere inspanningen verrichten op de re-integratie van uitzendkrachten te bevorderen. Voor een uitzendbureau is dit echter lastig omdat ze niet voortdurend zicht hebben op hun uitzendkrachten omdat deze elders zijn ondergebracht bij een inlener. Ook de inlener moet open staan voor re-integratie. Dat is voor uitzendbureaus een zeer lastige situatie. Ze zijn wel verantwoordelijk maar de middelen zijn beperkt. Toch moeten ook uitzendbureaus hun zieke uitzendkrachten twee jaar lang doorbetalen.

Wet op Bescherming Persoonsgegevens
In het kader van de Wet op bescherming persoonsgegevens  mogen uitzendonderneming ook niet alle gegevens van kandidaten registreren in het systeem. Ook als er sprake is van ziekte mag een uitzendbureau net als een reguliere werkgever niet vragen welke klachten iemand precies heeft en wat daarvan de oorzaak zou kunnen zijn. Al deze vragen kunnen worden gesteld door een bedrijfsarts of eventueel een Arbo-arts. De bedrijfsarts kan echter officieel een diagnose stellen en de uitzendkracht naar een specialist doorverwijzen. Een uitzendbureau krijgt alleen de output van deze gesprekken op basis van een rapportage met een percentage waarvoor de uitzendkracht arbeidsongeschikt is bevonden.

Wet Werk en Zekerheid
De inlenersbeloning is één van de richtlijnen waar uitzendbureaus zich aan moeten houden. Dit houdt in dat uitzendkrachten minimaal hetzelfde loon moeten ontvangen als werknemers die in dezelfde functie rechtstreeks bij de inlener werken.

De Wet Werk en Zekerheid is ook van invloed op de uitzendbranche. Deze wet zorgt er voor dat uitzendbureaus naast de inlenersbeloning zich ook aan andere regels moeten houden. Het betalen van een transitievergoeding bijvoorbeeld als uitzendkrachten na een twee jaar dienstverband via een uitzendbureau geen contractverlening krijgen.

Discriminatie
Omdat uitzendbureaus een selectie maken van personeel voor bedrijven maken ze onderscheid. Dit onderscheid dient alleen te gebeuren op basis van harde eisen zoals opleiding en werkervaring. Op zachte eisen zoals competenties en karaktereigenschappen mag men ook selecteren op een uitzendbureau. Het is echter verboden om onderscheid te maken op het gebied van leeftijd, ras, geslacht of geloof. Dit is vastgelegd in de Algemene wet gelijke behandeling. Sommige opdrachtgevers willen echter specifiek jonge arbeidskrachten of willen alleen mannen of juist vrouwen voor bepaalde functies. Een uitzendbureau wil de opdrachtgever uiteraard zo goed mogelijk van dienst zijn maar mag niet op deze aspecten selecteren.

Wet allocatie arbeid door intermediairs (WAADI)
Naast de bovengenoemde wetten is er ook nog de Wet allocatie arbeid door intermediairs, deze wet wordt ook wel aangeduid met de afkorting WAADI. In deze wet liggen regels vast waaraan intermediairs zich moeten houden als ze personeel bemiddelen voor hun opdrachtgevers. Er wordt bij deze wet een verschil gemaakt tussen arbeidsbemiddeling en het ter beschikking stellen van arbeid. Voor deze twee verschillende aspecten zijn er in de WAADI gedragsregels opgenomen. Artikel 8 van de WAADI beschrijft het Loonverhoudingsvoorschrift. Hierin is in feite hetzelfde vastgelegd als de inlenersbeloning namelijk dat een werkgever (uitzendbureau) een werknemer (uitzendkracht) hetzelfde loon en dezelfde vergoedingen dient te betalen als de inlener aan zijn eigen werknemers, die in gelijke of gelijkwaardige functies werkzaam zijn, betaald.

Voor de werkzaamheden voor een uitzendkracht of kandidaat mag de uitzendonderneming geen vergoeding vragen van de uitzendkracht. Inschrijven bij een uitzendbureau en de bemiddeling door een uitzendbureau is kosteloos. Uitzendkrachten mogen niet worden te werk gesteld bij bedrijven waar gestaakt wordt om het personeel dat staakt op te vangen. Voordat een uitzendkracht aan het werk wordt gezet bij een inlener dient de uitzendkracht van te voren goed op de hoogte te zijn gebracht van de werkzaamheden en de eventuele risico’s die verbonden zijn aan het uitzendwerk. Dit zijn de arbeidsomstandigheden waaronder de uitzendkracht zijn of haar werkzaamheden zal verrichten.

Wet en regelgeving verandert
De arbeidsmarkt is dynamisch en de wet en regelgeving wordt door de overheid op deze dynamiek aangepast. De bovenstaande wetten en regels zijn in 2015 en 2016 van toepassing (geweest) maar ze kunnen veranderen. Niet alleen de Nederlandse overheid heeft invloed op de wetgeving op de Nederlandse arbeidsmarkt.

Ook vanuit Europa wordt invloed uitgeoefend op de wetgeving van Nederland. Hierbij kan men denken aan het tewerkstellen van buitenlandse werknemers bij Nederlandse bedrijven. Er zijn uitzendbureaus actief in Nederland die zich alleen richten op het te werk stellen van buitenlandse werknemers. Deze uitzendbureaus hebben vaak te maken met specifieke regels omtrent het bemiddelen en verlonen van buitenlandse arbeidskrachten. Ook deze regels veranderen voortdurend en zijn afhankelijk van de politieke ontwikkelingen in Europa.

Training op het gebied van wet en regelgeving
Voor uitzendbureaus en flexwerk zijn specifieke wetten en regels ontwikkelt zoals de WAADI en de Wet Werk en Zekerheid. Uitzendwerk verandert voortdurend en de wet en regelgeving ook. Daarom moeten medewerkers op een uitzendbureau regelmatig een update krijgen met betrekking tot de wet en regelgeving voor deze branche. Omdat uitzendbureaus ook te maken hebben met de cao’s van de inleners moeten uitzendbureaus ook op dit gebied de ontwikkelingen volgen. Hierbij kan men denken aan cao-verhogingen van lonen of nieuwe cao-afspraken die voortvloeien uit onderhandelingen tussen werkgevers en werknemers. Dit alles biedt nieuwe kaders waarbinnen uitzendbureaus haar diensten moeten verlenen.

Veel grote uitzendondernemingen bieden regelmatig trainingen en cursussen aan hun personeel op het gebied van wet- en regelgeving. Deze trainingen kunnen zowel een verplicht als een vrijwillig karakter hebben.

Stichting Examens Uitzendbranche (SEU)
De eerste opleiding die veel interne medewerkers op de vestiging leren is de training voor het zogenoemde SEU-examen. De afkorting SEU staat voor Stichting Examens Uitzendbranche. Het SEU examen is een basisexamen waarin nieuwe werkennemers binnen de uitzendbranche de basiskennis aanleren op het gebied van de wet- en regelgeving binnen de uitzendbranche. Het SEU is voor veel uitzendbureaus een verplichte opleiding. De inhoudt van deze opleiding wordt voortdurend aangepast aan de veranderingen in de wetgeving.  Daardoor vormt het behalen van het SEU examen een belangrijk fundament voor het succesvol werken in de uitzendbranche.

Kennis wordt onder andere gedeeld en aangeleerd op de hiervoor genoemde opleidingen. Daarnaast wordt doormiddel van intranet-websites de nodige kennis verspreid door uitzendbureaus zodat intercedenten altijd deze informatie kunnen raadplegen wanneer dat nodig is. 

Wat zijn uitzenduren van uitzendbureaus?

Uitzenduren is een woord dat regelmatig wordt gebruikt door uitzendbureaus en statistiekbureaus zoals het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Met uitzenduren bedoelt men het aantal uren dat uitzendkrachten in een bepaalde periode hebben gewerkt. Statistiekbureaus en onderzoeksbureaus kunnen in opdracht van de overheid of uitzendbranche onderzoeken hoe het gaat met de flexibele arbeidsmarkt in Nederland. Het aantal uitzenduren kan daar een duidelijke indicatie van geven.

Uitzenduren als graadmeter voor de economie
Als het aantal uren van uitzendkrachten toeneemt zegt dat wat over het aantrekken van de werkgelegenheid. Veel bedrijven kiezen er voor om in eerste instantie uitzendkrachten in te lenen alvorens ze overwegen om rechtstreeks contracten voor bepaalde en onbepaalde tijd te verstrekken. Als er meer uitzendkrachten worden ingeleend en de uitzendkrachten meer uren werken kan dat een voorteken zijn van het herstellen van de arbeidsmarkt. Geen wonder dat uitzendbureaus ook wel de graadmeter voor de economie worden genoemd.

Wat zijn uitzenduren?
Elk onderzoeksbureau zal trachten een duidelijke omschrijving te geven van het begrip ‘uitzenduren’. Over het algemeen bedoelt men met uitzenduren de uren die een uitzendkracht voor een uitzendbureau werkt bij een inlenende partij (opdrachtgever). Deze uitzendkrachten werken op uitzendbasis (uitzendbeding). Dit houdt in de praktijk in dat ze bij het wegvallen van het uitzendwerk geen loon doorbetaald krijgen. Het werken op uitzendbasis behoort tot de meest flexibele vormen van werken in Nederland.

Uitzenden of detacheren?
Uitzendkrachten kunnen ook een contract krijgen. Meestal werken de uitzendkrachten in eerste instantie in de zogenoemde fase A voor een uitzendbureau. Ze worden dan bemiddeld onder uitzendbeding. Na 78 weken gewerkt te hebben voor een uitzendbureau ontvangt de uitzendkracht een contract van het uitzendbureau als de werkzaamheden worden voortgezet. De uitzendkracht ontvangt dan meestal een contract voor bepaalde tijd maar het is ook mogelijk dat hij of zij meteen een vast contract krijgt. Vanaf het moment dat de uitzendkracht een contract heeft zou je eigenlijk van detachering kunnen spreken.

Er zijn echter detacheringbureaus die hun flexibele arbeidskrachten meteen vanaf de eerste werkdag op contract nemen. Dat biedt voor detacheringkrachten meer zekerheden. Bij het wegvallen van de werkzaamheden van de inlener krijgen de contractanten van het detacheringbureau toch nog loon doorbetaald tot ze de volgende opdracht bij een inlener kunnen uitvoeren. Zowel uitzendbureaus als detacheringbureaus kunnen hun personeel detacheren.

Definitie uitzenduren
Onderzoeksbureaus kunnen bij het in kaart brengen van het aantal uitzenduren over een periode zowel de uitzenduren in fase A (met uitzendbeding) bedoelen als de uren die uitzendkrachten op contactbasis voor een uitzendbureau of detacheringbureau werken. Daarom moet men bij de onderzoeken altijd kijken hoe men deze begrippen definieert.

Wat wordt met een ‘flexibele schil’ bedoelt?

De ‘flexibele schil’ van een organisatie wordt regelmatig benoemt als men het heeft over de personeelsbezetting en het aantal fulltime functies. Bij veel organisaties wordt onderscheid gemaakt tussen flexibel personeel en vast personeel. Vast personeel is personeel dat een rechtstreeks dienstverband heeft bij de organisatie voor onbepaalde tijd. Flexibel personeel is personeel dat op tijdelijke basis bij een organisatie wordt ingezet. Dit kunnen personeelsleden zijn met tijdelijke contracten maar ook oproepkrachten en mensen met een nul-urencontract. Tot de flexibele schil van een organisatie behoren ook de uitzendkrachten en detacheringskrachten.

Flexibele schil in het personeelsbeleid
Deze krachten vormen over het algemeen de buitenste ‘schil’ van de organisatie. Hiermee wordt bedoelt dat de flexibele krachten om de kern van vaste krachten heen zijn geplaatst. De flexibele schil vormt de buitenkant van de personeelsbezetting en reageert het sterkst op de ontwikkelingen in de organisatie. Als het bijvoorbeeld (tijdelijk) drukker wordt vanwege een hogere productie bij de organisatie, zal men de flexibele schil gaan vergroten. Dit houdt in dat er meer flexibele arbeidskrachten worden aangenomen. Als het rustiger wordt bij een organisatie zal men er voor kunnen kiezen om personeelsleden uit de flexibele schil te laten vertrekken.

Intern en extern flexibel personeel?
Personeel in de flexibele schil kan op verschillende manieren worden te werk gesteld door een organisatie en onder verschillende voorwaarden.  Er kan onderscheid worden gemaakt tussen personeel dat rechtstreeks op flexibele basis werkt zoals oproepkrachten en medewerkers die werken met tijdelijke contracten. Er zijn echter ook mogelijkheden voor een organisatie om flexibel personeel in te lenen via een tussenpartij oftewel een intermediair. Dit zijn bijvoorbeeld de uitzendbureaus en detacheringsbureaus.

Deze bureaus zijn de feitelijke werkgevers van de uitzendkrachten en het detacheringspersoneel.  De klant wordt in deze arbeidsverhouding de inlener genoemd, deze leent de uitzendkrachten in van de uitzendonderneming of het detacheringsbureau. Deze bureaus regelen de verloning en zijn in de meeste gevallen ook verantwoordelijk voor de uitbetaling van ziektegeld en vakantiegeld en vakantie-uren. Uitzendbureaus en detacheringsbureaus vormen voor bedrijven belangrijke adviseurs op het gebied van de flexibele schil van de organisatie.

Technisch werken begint aan 2015

De website TechnischWerken.nl is nu ruim een jaar actief op internet. Het gaat goed met de website en het bezoekersaantal groeit. Momenteel is het bezoekersaantal van deze website tussen 600 en 700 per gemiddelde werkdag. Dat geeft aan dat de informatie van de website goed gevonden wordt door het internetpubliek. Momenteel ligt de aandacht van TechnischWerken.nl sterk op het publiceren van informatie over de techniek en de arbeidsmarkt die daarmee verbonden is.  Voor 2015 zijn hieronder een aantal belangrijke ontwikkelingen in verschillende alinea’s genoemd.

De vergrijzing tegengaan
Het jaar 2015 is een uitdaging. Niet alleen bedrijven maar ook personeel in de techniek gaan een interessant jaar tegemoet. De tekenen van de zogenoemde ‘vergrijzing’ worden steeds meer zichtbaar in de techniek. Bedrijven moeten keuzes maken en oplossingen bedenken waarmee ze de vergrijzing kunnen opvangen. Sommige bedrijven kiezen al voor jong technisch personeel terwijl andere bedrijven vasthouden aan ervaren krachten. De beste oplossing is natuurlijk beide. Ervaren krachten kunnen jong technisch personeel de fijne kneepjes van het vak leren zodat de jonge krachten ook vakvolwassen krachten mogen worden.

Lean management en automatisering
Dit klinkt ideaal maar bij veel bedrijven gaat dit niet zo eenvoudig omdat er te weinig tijd en capaciteit beschikbaar is om jonge technici in te werken en op te leiden. Bedrijven worden geleid door de waan van de dag en moeten daardoor voortdurend hun processen bijstellen op de wensen van de klant. Lean management is bij veel bedrijven ingevoerd maar de effectiviteit van een complete lean organisatie is nog moeilijk aan te tonen. Het blijkt namelijk lastig om alle processen in een organisatie lean te maken. Industriële automatisering is bij de meeste industriële bedrijven in de procesindustrie onontbeerlijk.

Automatisering draagt bij aan lean management omdat de input en output van verschillende onderdelen van het productieproces beter in kaart kunnen worden gebracht. Echter vereist industriële automatisering ook belangrijke investeringen. Deze investeringen zijn niet alleen nodig in de software en hardware ook personeel moet leren omgaan met de ‘nieuwe techniek’.

Allround personeel
Onderhoudsmonteurs moeten allround worden en zowel elektrisch als mechanisch onderhoud kunnen uitvoeren. Daarnaast moeten ze ook verstand hebben van industriële automatisering en moeten ze dus met PLC-programma’s kunnen werken. Dit is echter niet voor elke onderhoudsmonteur mogelijk omdat de ervaring of interesse soms ontbreekt.

Doordat personeel allrounder wordt zullen veel personeelsleden meerdere taken kunnen en moeten uitvoeren. Dit klinkt als een gunstige ontwikkeling omdat functies veelzijdiger gaan worden. Er is echter een keerzijde. Personeel dat niet in staat is om verschillende werkzaamheden uit te voeren krijgt het moeilijker op de arbeidsmarkt. Daarnaast zorgt de industriële automatisering er voor dat veel productiewerk wordt overgenomen door machines. Personeel kan zich echter goed ‘wapenen’ tegen deze ontwikkeling door voortdurend bezig te gaan met de eigen ontwikkeling. Dit kan bijvoorbeeld door scholing te gaan volgen maar ook door regelmatig andere taken op de werkvloer te gaan uitvoeren. De meeste werkgevers vinden deze bredere kijk op de eigen ontwikkeling alleen maar mooi en kunnen daarbij zelfs faciliteren door bijvoorbeeld opleidingen aan te bieden en tegemoet te komen in de kosten daarvan.

Kennis wordt nog belangrijker
In de techniek wordt kennis nog belangrijker dan in afgelopen jaren. Nederland maakt er geen geheim van dat ze de concurrentiestrijd wil aangaan met andere landen in de wereld op het gebied van technologie. Nederland wil nieuwe innovatieve producten ontwikkelen en daarvoor zijn hoog opgeleide technici nodig. Bètavakken worden op dit moment al gepromoot op veel scholen. Het is echter wel belangrijk dat men de juiste technische richting kiest. In de bouwsector is het namelijk nog vrij rustig en in die sector zal aan het begin van 2015 en vermoedelijk ook daarna nog geen grote vraag naar hoog opgeleid personeel ontstaan.

De bouw klimt op uit het dal
Ondanks de terughoudende berichten over de bouwsector zal 2015 vermoedelijk een herstel opleveren voor deze branche. Verschillende bedrijven doen investeringen en breiden uit. In 2014 bleek in de agrarische sector vooral behoefte te ontstaan aan het plaatsen van nieuwe loodsen en andere gebouwen. In 2015 zal de utiliteit naar verwachting ook een kleine groei laten zien. Ook in de woningbouw zal een groei komen omdat de woningverkoop toch gestaag toeneemt en de doorstroom wordt bevordert. Het wordt echter nog wel lastig voor veel starters om een hypotheek te krijgen. Maar dat heeft vooral te maken met het feit dat de banken en de overheid niet meer willen dat hypotheeknemers een te grote schuld aangaan.

Flexibiliteit op de arbeidsmarkt
De arbeidsmarkt zal in 2015 nog flexibeler worden dan in 2014. De overheid probeert met de invoering van equal pay de rechten voor de flexwerkers te verbeteren. Ook tijdelijk contractpersoneel krijgt met de aanzegtermijn meer duidelijkheid over het dienstverband na afloop van het contract. Het concurrentiebeding verdwijnt bij bijna alle tijdelijke contracten waardoor personeel flexibeler wordt in de keuze van werkgever na afloop van het contract. Personeel zal zelf echter meer op zoek moeten gaan naar werk en daarvoor gebruik moeten maken van persoonlijke netwerken en social media. Daarnaast wordt de rol van uitzendbureaus ook belangrijker.

Rol van uitzendbureaus in 2015
Uitzendbureaus zullen in 2015 een belangrijke rol op de arbeidsmarkt hebben. Door de veranderende wet en regelgeving zoals equal pay, de aanzegtermijn en de beperking van het aantal tijdelijke contracten zullen veel bedrijven uitzendbureaus als adviseur inschakelen. Naast adviezen kunnen uitzendbureaus echter ook concrete oplossingen bieden aan bedrijven door het leveren van personeel in uiteenlopende functies.

Uitzendbureaus zullen zich echter wel moeten specialiseren. Dit is een logisch gevolg van het feit dat hun klanten oftewel de inleners zich ook moeten gaan specialiseren. Daardoor hebben de inleners behoefte aan kwalitatief hoogwaardig personeel dat, als het een beetje kan, het kennisniveau van de inlener op een hoger niveau kan brengen.

TechnischWerken houdt u op de hoogte
Er gaat een hoop gebeuren in 2015. De dynamiek in de techniek en de arbeidsmarkt zet gewoon door. TechnischWerken zal haar bezoekers proberen op de hoogte te houden van alle ontwikkelingen. Kennis blijft van groot belang in de markt. Nog belangrijker wordt misschien wel het delen van kennis en het samenwerken zodat bedrijven elkaar kunnen ondersteunen. TechnischWerken zet zich in voor het delen van kennis. Een voorspoedig 2015 toegewenst.

Wat mag een uitzendbureau wel en niet doen als een uitzendkracht zich ziek meldt?

Eind 2014 kwamen twee grote uitzendbureaus in Nederland in opspraak omdat ze onjuist handelden bij de registratie van ziekte van uitzendkrachten. Uit een onderzoek van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) kwamen een aantal misstanden in de verzuimregistratie van uitzendkrachten aan de orde. Zo zouden de uitzendbureaus zich schuldig hebben gemaakt aan het schenden van het recht op de privacy van uitzendkrachten. Het nieuws van het CBP zorgde er voor dat verschillende partijen in de arbeidsbemiddeling het verzuimbeleid nader gingen bestuderen. Hieronder is een bondig overzicht weergegeven wat een uitzendbureau wel en niet mag doen als een uitzendkracht zich ziek meld.

Wat mag een uitzendbureau niet doen als een uitzendkracht zich ziek meldt?
Een uitzendbureau dient het recht op de privacy van de uitzendkracht te beschermen. Een aantal aspecten komen hierbij aan de orde:

  • Bij ziekmeldingen mag het uitzendbureau niet registeren wat de aard is van de ziekte. Dit houdt in dat het uitzendbureau niet de klachten mag noteren waar een uitzendkracht last van heeft.
  • Daarnaast mag een uitzendbureau ook niet vastleggen of de ziekte is ontstaan door het werk of dat de ziekte of klachten zijn ontstaan om redenen die buiten de werkzaamheden en arbeidsomstandigheden liggen.

Wat mag een uitzendbureau wel doen bij ziekmelding van een uitzendkracht?
Een uitzendbureau mag niet alles met betrekking tot de ziekte van de uitzendkracht registreren omdat de privacy van de uitzendkracht beschermd dient te worden. Voor het uitzendbureau is het echter wel belangrijk dat een aantal aspecten met betrekking tot het verzuim van de uitzendkracht in kaart worden gebracht. Dit zijn de volgende:

  • Een uitzendbureau mag weten waar de uitzendkracht verpleegd wordt. Dit verpleegadres mag door het uitzendbureau worden genoteerd in een systeem.
  • De verwachte duur van het verzuim mag eveneens door het uitzendbureau worden gevraagd aan de uitzendkracht en worden vastgelegd.
  • Ook mag een uitzendbureau vragen of de ziekte of het verzuim is ontstaan door een verkeersongeval. Daarbij mag navraag worden gedaan of er een derde betrokkene is die eventueel aansprakelijk is.
  • Een uitzendbureau mag vragen of het verzuim van de uitzendkracht dusdanig is dat de klachten er voor zorgen dat de uitzendkracht zijn of haar werkzaamheden niet kan uitvoeren.
  • Daarnaast mag door het uitzendbureau worden gevraagd of de klachten gerelateerd zijn aan een zwangerschap. Dit mag door het uitzendbureau worden vastgelegd.

Een uitzendbureau mag wel vragen stellen
Uitzendbureaus mogen niet alles registeren in hun administratie. Dat is bepaald in het kader van het recht op de privacy. Desondanks kunnen uitzendbureaus bij ziekte wel doorvragen bij de uitzendkracht. Een uitzendbureau kan dus wel vragen stellen over de aard van de ziekte en de klachten die de uitzendkracht ondervindt. Een uitzendkracht is echter niet verplicht om antwoord te geven op deze vragen. De meeste uitzendkrachten kiezen er voor om wel antwoord te geven op vragen over de aard van de ziekte en de klachten omdat uitzendbureaus meestal oprechte belangstelling hebben voor het welzijn van hun uitzendkrachten.

Tot slot
Een uitzendbureau is de werkgever van de uitzendkracht. Uitzendbureaus zullen de uitzendkracht gedurende maximaal 2 jaar ziekte door moeten betalen. Dit is echter nog het geval in 2014. De regering kan de komende jaren op dit gebied wetswijzigingen doorvoeren waardoor de duur van de doorbetaling langer of korter wordt. Hou hierover dus altijd het nieuws en speciale websites in de gaten over arbeidsrecht.

Heb ik een sollicitatieplicht als ik een WW-uitkering of een bijstandsuitkering heb?

Iedereen die een WW-uitkering heeft in Nederland zal er alles aan moeten doen om uit de uitkeringspositie te komen. Uitkeringen vormen een grote kostenpost voor de overheid daarom wil de overheid zo weinig mogelijk mensen in een uitkeringspositie. De mensen die gebruik maken van een uitkering moeten daar van de overheid zo snel mogelijk uit.

WW-uitkering en de sollicitatieplicht
Mensen met een WW-uitkering hebben een sollicitatieplicht. Ze moeten verschillende sollicitatieactiviteiten ondernemen om zo snel mogelijk weer aan het werk te komen. Ze kunnen hierbij worden ondersteund door het UWV en een jobcoach. Desondanks is de persoon in de uitkering zelf verantwoordelijk voor het vinden van een baan. Hoe langer men in de WW zit hoe minder rekening wordt gehouden met de eisen van de werkzoekende. Uiteindelijk moet de persoon in de WW elk werk aannemen waarvoor hij of zij in aanmerking kan komen.

Bijstandsuitkering en de sollicitatieplicht
Ook mensen die een bijstandsuitkering hebben dienen te solliciteren. Men moet niet alleen zoeken naar werk dat naadloos aansluit op het cv en de loopbaanwensen. Ook werk dat minder goed aansluit bij je opleiding en je werkervaring dient te worden aangenomen als je in een uitkering zit. Mensen in de bijstand hebben sollicitatieplicht.

Vijftig plus en sollicitatieplicht
Werklozen die ouder zijn dan vijftig jaar hebben in Nederland net zo goed als jongere werkzoekenden een sollicitatieplicht. Voor deze groep werkzoekenden blijkt het soms lastig om weer werk te vinden. Daarom zijn er vanuit de gemeente meestal aanvullende trainingen en trajecten die door deze groep werklozen kunnen worden gevolgd.

Sollicitatieplicht en sollicitatieactiviteiten
Gedurende de periode dat iemand een uitkering ontvangt zal hij of zij zich op verschillende manieren moeten inzetten om werk te vinden. Allereerst dient de werkloze zich in te schrijven bij het UWV Werkbedrijf. Verder dient de werkloze verschillende sollicitatieactiviteiten te ondernemen. Een voorbeeld van een sollicitatieactiviteit is het inschrijven bij uitzendbureaus en detacheringsbureaus. Verder dienen mensen in een uitkering voortdurend nieuwe vacatures te zoeken op vacaturebanken, in kranten en andere media. Op deze vacatures dienen ze gericht te solliciteren.

Het is ook mogelijk dat het werk zoeken lastig verloopt. Er zijn verschillende trajecten die door het UWV en andere instanties in opdracht van de gemeente worden aangeboden aan werklozen die in een uitkering zitten. Deelnemen aan deze trajecten is meestal verplicht.

Wat is detachering en wat doet een detacheringsbureau?

Er zijn in Nederland verschillende vormen van flexibele arbeid. Bedrijven kunnen er onder andere voor kiezen om uitzendkrachten in te lenen. Het is echter ook mogelijk om gedetacheerd personeel in te zetten. Uitzendbureaus en detacheringsbureaus zijn niet precies hetzelfde. Een detacheringsbureau heeft al haar gedetacheerden op contract. Een uitzendbureau heeft een groot deel van haar personeelsbestand in fase A zonder contract. Uitzendkrachten die in fase A zitten en geen contract hebben vallen onder het uitzendbeding. Deze uitzendkrachten hebben geen contract met het uitzendbureau, wanneer de werkzaamheden bij de opdrachtgever stoppen heeft het uitzendbureau daarom geen doorbetaalverplichting.

Contracten bij detacheringsbureau
Een detacheringsbureau heeft haar detacheringspersoneel echter wel op contract. Dit zorgt er voor dat het detacheringsbureau voortdurend nieuwe opdrachten voor haar personeel moet zoeken. Als detacheringspersoneel geen opdrachten hebben, maar nog wel over een lopend contract bij de detacheerder beschikken, dan is de detacheerder verplicht om loon door te betalen gedurende de duur van het contract. Dit wordt ook wel leegloop genoemd.

Veiligheid en gezondheid flexpersoneel
Uitzendbureaus die medewerkers in fase B of fase C hebben, kunnen met deze zelfde situatie in aanraking komen. Uitzendkrachten in fase B of fase C zijn in feite detacheringspersoneel. Met betrekking tot de veiligheid en de gezondheid van flexibel personeel is er wel een verschil tussen uitzendbureaus en detacheringsbureaus. Uitzendbureaus leggen veel verantwoordelijkheden met betrekking tot de veiligheid en de gezondheid van hun flexpersoneel bij de opdrachtgevers. Uitzendbureaus die flexkrachten uitzenden in de bouw of techniek dienen hiervoor een VCU certificaat te behalen. VCU staat voor ‘Veiligheids Checklist Uitzendorganisaties’.

Wat doet een detacheringsbureau?
Een detacheringsbureau leent personeel uit aan een opdrachtgever. Zowel het detacheringsbureau als de opdrachtgever zijn verantwoordelijk voor de veiligheid van de gedetacheerden. Beide organisaties moeten hun verantwoordelijkheden en taken goed op orde hebben. Deze aspecten zijn vastgelegd in VCA, ‘Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers’ (VCA).

Een detacheringsbureau schrijft mensen in en beoordeeld deze mensen op hun geschiktheid voor het marktsegment waar het detacheringsbureau op gericht is. Meestal trekken detacheringsbureaus meerdere referenties na van de mensen die zich bij hun laten inschrijven. Een detacheringsbureau wil namelijk goed weten of de kandidaten betrouwbaar zijn en goede kwaliteit leveren. Verder is het belangrijk dat een detacheringsbureau een aantal opdrachten heeft van opdrachtgevers waar ze mensen voor zoeken. Hierdoor kan nieuw detacheringspersoneel spoedig op gesprek bij opdrachtgevers.

De opdrachtgevers beoordelen of de kandidaten die door het detacheringsbureau worden aangeleverd van voldoende kwaliteit zijn om de opdrachten uit te voeren. Pas als dat het geval is kan een gedetacheerde een contract tekenen bij een detacheringsbureau. Het is echter ook mogelijk dat het detacheringsbureau van te voren een contract tekent met een kandidaat. Een detacheringsbureau zal er voortdurend voor moeten zorgen dat haar detacheringspersoneel een plek heeft bij opdrachtgevers. Leegloop is een groot financieel risico. Dit risico wordt meestal afgedekt met hoge omrekeningsfactoren en kostprijsfactoren. Daarom is de uurprijs van gedetacheerden meestal hoger dan de prijs van uitzendkrachten die onder het uitzendbeding vallen.

Ik ben werkloos, hoe vind ik zo snel mogelijk een baan?

Werkloosheid wordt door de meeste mensen als onprettig ervaren. Iemand is werkloos als hij of zij geen betaald werk heeft maar dat wel zou willen of zou moeten. Door het verliezen van werk raken mensen de belangrijkste inkomstenbron kwijt. Daarnaast wordt werk ook gekoppeld aan status. Deze status gaat grotendeels verloren als men werkloos raakt. Een uitkering zoals de WW dekt voor een deel de financiële gevolgen die verbonden zijn aan het verliezen van een baan. Toch vinden veel mensen het niet prettig om van een uitkering afhankelijk te zijn. Werkloos zijn doe je meestal niet uit vrije wil. Ook solliciteren wordt meestal niet uit vrije wil gedaan. Als werklozen in een uitkering te weinig doen om werk te vinden zorgt de overheid er voor dat werklozen doormiddel van trainingen of zelfs sancties worden gestimuleerd. Deze druk is niet prettig maar de overheid heeft geen andere keuze. De kosten die gepaard gaan met het verstrekken van uitkeringen zijn enorm. Hoe sneller iemand een baan heeft hoe beter het is. De vraag: “hoe vind ik een baan”, wordt daarom regelmatig gesteld.

Hoe vind ik werk?
Het vinden van werk is niet eenvoudig als er weinig werk op de arbeidsmarkt beschikbaar is. Als er weinig vacatures zijn en er veel mensen werkloos zijn wordt het moeilijk om een baan te bemachtigen. Een aantal tips kunnen echter van pas komen:

  • Maak een volledig cv met een duidelijke beschrijving van je werkervaring en opleidingen. Schrijf alleen die informatie op die echt van belang is voor potentiële werkgevers.
  • De meeste sollicitanten hebben een cv daarom is het belangrijk om origineel te zijn. Een portfolio kan er voor zorgen dat een bedrijf naast het cv nog meer inzicht krijgt in de vaardigheden van een kandidaat. Bij het maken van een portfolio moet je goed voor ogen houden wat mogelijke werkgevers interessant zullen vinden.
  • Schrijf sollicitatiebrieven zelf. Het is belangrijk dat bedrijven een goed beeld van iemand kunnen vormen. Daarom is het verstandig om de communicatie naar bedrijven zoveel mogelijk zelf te doen. Sollicitatiebrieven moeten daarom zoveel mogelijk door de werkzoekende zelf worden geschreven. Uiteraard kan daarbij natuurlijk gebruik worden gemaakt van tips op internet of van personen uit de omgeving van de werkzoekende.
  • Gebruik social media en laat daarbij een professioneel beeld van jezelf zien. Steeds meer bedrijven maken gebruik van social media om kandidaten te zoeken. Daarnaast vergelijken bedrijven de profielen die op social media staan vaak met het beeld dat zij krijgen van een sollicitant op basis van het cv en de sollicitatiebrief.
  • Uitzendbureaus hebben een groot netwerk van bedrijven waar ze kandidaten voor zoeken. Daarom is het belangrijk dat werkzoekenden zich inschrijven bij uitzendbureaus. Het is wel verstandig dat werkzoekenden zich bij het juiste uitzendbureau laten inschrijven. Er zijn uitzendbureaus die gespecialiseerd zijn in een bepaald vakgebied zoals techniek, offshore of enginering. Door je in te schrijven bij een uitzendbureau die ervaring heeft in jouw vakgebied vergroot je de kans op passend uitzendwerk.

Tot slot is het belangrijk om een netwerk op te bouwen met bedrijven en uitzendbureaus. Probeer te achterhalen welke bedrijven interessant voor je zijn. Hou de ontwikkelingen van deze bedrijven goed in de gaten door de internpagina’s regelmatig te bezoeken. De meeste bedrijven plaatsen berichten in de media als ze nieuwe projecten hebben binnengehaald. Dit kan betekenen dat bedrijven het drukker gaan krijgen. Hoe drukker een bedrijf het heeft hoe meer kans op werk er is. Als een bedrijf al een goede indruk van je heeft kan dat er voor zorgen dat ze sneller aan je gaan denken als er een vacature vrij komt. Werk zoeken is tegenwoordig sterk verbonden met netwerken.

Solliciteren in de techniek

De techniek is een brede branche binnen het Nederlandse bedrijfsleven. Binnen deze branche zijn zeer veel verschillende bedrijven actief. Toch verschillende producten en diensten die in de techniek worden aangeboden. Bedrijven in de techniek proberen zich van elkaar te onderscheiden door zich te specialiseren op een bepaald segment van de techniek. Hierdoor maken bedrijven unieke producten en leveren ze specifieke diensten. Dit zorgt voor een bepaalde klantenkring of afzetgebied. Bedrijven die hoogwaardige technische producten aanbieden waar veel vraag naar is staan stevig in de markt. De positie van deze bedrijven wordt nog steviger naarmate ze producten maken die concurrenten niet kunnen of mogen maken. Sommige bedrijven hebben speciale machines die zeer unieke producten kunnen maken omdat deze machines meer mogelijkheden of capaciteiten hebben dan de machines van concurrenten. Andere bedrijven onderscheiden zich door een hoger kennisniveau. Het is ook mogelijk om je positie als bedrijf te verstevigen door te voldoend aan certificeringen of door het patent op de vervaardiging van bepaalde producten.

Sollicitanten onderscheiden zich ook in de techniek
Niet alleen bedrijven dienen zich in de techniek te onderscheiden, ook werknemers en sollicitanten moeten zich onderscheiden van hun collega’s. Dit kan doormiddel van opleidingsrichting, opleidingsniveau, werkervaring en hobby’s waarmee unieke technische vaardigheden zijn aangeleerd. Door dit onderscheid kunnen werknemers en sollicitanten zich op één of meerdere technische vakgebieden specialiseren en een toegevoegde waarde vormen voor bedrijven.

Tegenwoordig ziet de arbeidsmarkt er anders uit dan in de twintigste eeuw. Bedrijven hebben meestal geen vaste klantenkring en maken door de jaren heen verschillende producten. Modernisering en technologie spelen een belangrijke rol in bedrijfsprocessen. Producten moeten sneller en hoogwaardiger worden gemaakt. Daarnaast is er ook aandacht voor duurzaamheid en speelt ook de prijs een belangrijke rol op de markt. In deze spanningsvelden opereren bedrijven maar ook personeelsleden. Personeel blijft tegenwoordig niet zo lang meer bij bedrijven als vroeger. In het verleden hadden sommige personeelsleden één of twee werkgevers en bleven ze daar tot aan hun pensioen werken. Tegenwoordig kan men in vijf jaar tijd wel twee of zelfs drie werkgevers hebben. Bedrijven vinden dit vandaag de dag minder bijzonder dan in het verleden.

Dit komt ook doordat bedrijven veel projectmatig werken. Daarvoor zoeken ze dan technisch specialisten die op projectbasis worden ingezet. Dit kan doormiddel van tijdelijke contracten of op basis van detachering en uitzenden. Bedrijven moeten flexibeler worden en personeelsleden zullen dat in veel gevallen ook moeten worden. Hoe meer kennis en ervaring personeelsleden hebben hoe makkelijke ze een toegevoegde waarde kunnen vormen voor verschillende bedrijven. Personeel kan daardoor rekenen op een leven lang leren. Als personeelsleden niet hun kennis en vaardigheden blijven ontwikkelen lopen ze de kans dat hun kennis veroudert waardoor hun positie op de arbeidsmarkt minder gunstig wordt.

Werk zoeken in de techniek
Met alleen het ontwikkelen van de kennis en vaardigheden is de techneut nog niet verzekerd van werk. Deze kennis en vaardigheden moeten ook onder de aandacht gebracht worden bij bedrijven. In het verleden was het voldoende dat men een klein netwerk had met technische bedrijven in de stad of het dorp waar men woonde. Tegenwoordig dient een netwerk veel groter te zijn. Netwerken zijn niet meer aan een stad of dorp gebonden en worden steeds groter. Netwerken bestaan uit bedrijven in een provincie of zelfs een grotere regio. Deze regio kan landelijk of zelfs internationaal zijn. Naar mate de techneut gespecialiseerder is zal hij of zij ook gebruik moeten maken van een groter netwerk. Hierdoor wordt de kans vergroot dat in dat netwerk een bedrijf aanwezig is die behoefte heeft aan de technische expertise waarover de techneut beschikt.

Dit kunnen overigens techneuten zijn in uitvoerende technische functies en techneuten in leidinggevende functies of functies die zich richten op tekenen en ontwerp. Over het algemeen hebben hoger opgeleide technici ervaring met digitale netwerken en zijn ze daarnaast ook goed in staat om in het Engels te communiceren. Hierdoor kunnen engineers, ingenieurs, constructeurs en tekenaars via internet goed hun vaardigheden kenbaar maken bij bedrijven. Techneuten in deze functiegebieden kunnen daardoor op veel verschillende locaties werken.

Uitvoerende techneuten hebben over het algemeen meer moeite met het solliciteren via digitale netwerken. In het dagelijks leven werken ze meestal minder met computers dan bijvoorbeeld ingenieurs. Dit zorgt er voor dat ze buiten hun werk om hun digitale netwerken op orde moeten houden. Hiervoor zijn ze dan meestal aangewezen op avonden en weekenden. Dit vereist een belangrijke mate van discipline die niet iedere techneut kan opbrengen.

Uitzendbureaus een oplossing voor techneuten
Veel techneuten kiezen er voor om via uitzendbureaus en detacheringsbureaus te solliciteren. Hierdoor maken ze handig gebruik van de grote netwerken waarover deze bemiddelingsbureaus beschikken. In overleg met uitzendbureaus en detacheringsbureaus kunnen ze een specifiek profiel opstellen dat aangeboden kan worden aan verschillende bedrijven. Hierdoor worden de kennis en vaardigheden van de techneut bij verschillende bedrijven onder de aandacht gebracht. Bedrijven kunnen kijken of het profiel past binnen de projecten die in het bedrijf worden uitgevoerd. Omdat veel bedrijven projectmatiger werken is dit een ideale oplossing. Bedrijven en techneuten gaan in samenwerking met uitzendbureaus kort durende dienstverbanden met elkaar aan. Hierdoor krijgt de techneut een brede kijk op het bedrijfsleven en leert deze meestal ook nieuwe vaardigheden aan. Dit zorgt er voor dat de techneut zijn meerwaarde op de arbeidsmarkt vergroot en breder inzetbaar wordt.

Sommige bedrijven kiezen er ook voor om technisch personeel voor langere tijd aan te nemen via een uitzendbureau. Dit gaat meestal doormiddel van detacheringscontracten. Omdat uitzendbureaus ook een groot netwerk hebben van technisch personeel kunnen bedrijven ook vragen aan uitzendbureaus om de werving en selectie te doen voor personeel van specifieke technische functies. Op die manier kunnen uitzendbureaus voor techneuten ook banen zoeken voor langere tijd en rechtstreeks dienstverband bij een opdrachtgever. Een technisch uitzendbureau kan daardoor een totaalpakket aan oplossingen bieden aan haar opdrachtgevers en aan technische werkzoekenden.

Wat is de positie van technische uitzendbureaus op de arbeidsmarkt in de techniek?

Technische uitzendbureaus vormen een belangrijke verzamelplaats voor vraag en aanbod op de technische arbeidsmarkt. Bedrijven zetten bij technische uitzendbureaus vacatures uit waar het uitzendbureau vervolgens kandidaten voor gaat zoeken. Deze kandidaten worden door het uitzendbureau gevonden in hun eigen systemen en bestanden. Daarnaast kiezen veel uitzendbureaus in de techniek er voor om ook op vacaturebanken vacatures te plaatsen om zodoende aan zoveel mogelijk geschikte kandidaten te komen. Voor bepaalde technische functies kunnen namelijk moeilijk kandidaten gevonden worden. daarom moeten vacatures via zoveel mogelijk verschillende kanalen onder de aandacht worden gebracht. Voor bedrijven is dit vaak zo veel werk dat ze het dankbaar uit handen geven aan uitzendbureaus. Uitzendbureaus worden meestal op basis van resultaat beloond. Dit is voor bedrijven een belangrijk voordeel omdat het financiële risico erg klein is. Als ze geen kandidaat aannemen van het uitzendbureau hoeven ze ook niet te betalen.

Uitzendbureaus zullen er alles aan doen om hun zoektocht naar geschikte kandidaten zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. Hoe korter de zoektocht hoe sneller ze hun klanten van dienst kunnen zijn. in de periode van werving verdient een uitzendbureau over het algemeen alleen geld aan eerder gemaakte plaatsingen. Aan de nieuwe vacature wordt pas verdient wanneer het uitzendbureau daarop een geschikte kandidaat kan plaatsen bij een bedrijf. Tegenwoordig vindt de zoektocht naar personeel vooral digitaal plaats. Uitzendbureaus met een account op een vacaturebank kunnen ook kandidaten zoeken in de cv’s die op deze websites te vinden zijn. Het aantal cv’s dat op vacaturesites gevonden kan worden is zeer groot. Gelukkig hebben de meeste vacaturesites een cv database waarin zoekresultaten goed gespecificeerd kunnen worden. Hierdoor kunnen gerichte zoekresultaten worden gegenereerd.

Daarnaast is het bij veel uitzendbureaus mogelijk om je op de vestiging in te schrijven. Door de verregaande digitalisering kunnen veel werkzoekenden bij uitzendbureaus zichzelf ook digitaal inschrijven. Dit kan vanuit huis maar soms ook op de vestiging van het uitzendbureau. Hierdoor hebben uitzendbureaus een goed beeld van de beschikbare mensen in de techniek.

De technische arbeidsmarkt
Hoewel bovenstaande beschrijving van de werkprocessen op een uitzendbureau voor veel uitzendbureaus gelijk is, kan men toch zeggen dat technisch uitzendbureaus te maken hebben met unieke facetten die verbonden zijn aan de technische sector. De technische sector is een sector waarin veel gemaakt wordt. De techniek die daarbij wordt gebruikt hoogwaardig genoeg zijn om als bedrijf voldoende onderscheidend vermogen te hebben ten opzichte van de concurrent. Aan technisch personeel worden daarom zware eisen gesteld met betrekking tot technische kennis. Ook moet technisch personeel voor een bedrijf toegevoegde waarde bieden en breed inzetbaar zijn. Jong hoogopgeleid technisch personeel kan het technische kennisniveau van een bedrijf verhogen wanneer dit jonge arbeidspotentieel goed wordt ingezet op projecten. Jong technisch personeel dat een hoge technische opleiding heeft gehad is voor veel bedrijven echter moeilijk te vinden. Er zijn wel jonge afgestudeerde ingenieurs maar de verschillende technisch HBO opleidingen en universitaire opleidingen zorgen er voor dat het voor een bedrijf lastig is om tussen alle afgestudeerde ingenieurs de juiste ingenieur te vinden die meerwaarde heeft voor het bedrijf en de daarin aanwezige processen. Hierin kunnen technische uitzendbureaus ondersteuning bieden evenals werving en selectiebureaus. Desondanks zullen ook deze organisaties veel moeite moeten doen om de juiste kandidaten te selecteren voor hun opdrachtgevers. Techniek draait om specialisatie. Bedrijven hebben specialisten nodig die nieuwe producten kunnen bedenken en maken. Niet alleen ingenieurs moeten technische toegevoegde waarde bieden aan organisaties. Ook uitvoerend technisch personeel moet een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de productie van de bedrijven waar ze worden ingezet. De techniek is een branche waar je niet snel aan de slag kunt wanneer je van school af komt. Afgestudeerden zullen moeite moeten doen om de juiste functie te vinden die aansluit bij het profiel dat ze hebben opgebouwd tijdens de opleiding. Jongeren die afgestudeerd zijn van een technische opleiding kunnen hierbij ook de steun en kennis gebruiken van technische uitzendbureaus.

Technische uitzendbureaus op de arbeidsmarkt
Technische uitzendbureaus vervullen een belangrijke positie in op de arbeidsmarkt. Deze uitzendbureaus kunnen zich onderscheiden door technische kennis. Een uitzendbureau met intercedenten die kennis hebben van de techniek kunnen goed inschatten of ze aan de vraag van hun klanten kunnen voldoen. Intercedenten die technisch onderlegd zijn kunnen goed een vacature van een technisch bedrijf aannemen. Daarbij kunnen ze ook goed doorvragen over technische aspecten die aan de functie verbonden zijn. Deze kennis kunnen ze gebruiken om geschikt personeel op de arbeidsmarkt te vinden.

Technische kennis op een uitzendbureau is daarnaast van belang om de technische kennis van kandidaten goed in te schatten. Hierdoor kunnen kandidaten hun vaardigheden goed kenbaar maken bij het uitzendbureau. Een goed beeld van de kennis en competenties van technisch personeel vergroot de kans op een goede overeenkomst of match tussen personeel en opdrachtgever.

Een technisch uitzendbureau heeft een belangrijke positie op de arbeidsmarkt. Beschikbaar personeel en vacatures komen bij deze bureaus samen. Daarnaast hebben deze uitzendbureaus goed contact met scholen en andere opleidingsinstituten zoals instituten voor lasopleidingen. Hierdoor hebben technisch uitzendbureaus een goed beeld van de ontwikkelingen in de technische arbeidsmarkt. Intercedenten van technische uitzendbureaus zijn over het algemeen ook goed op de hoogte van de ontwikkelingen in de techniek die onder andere naar voren komen in nieuwsberichten. Deze informatie is van belang omdat technische uitzendbureaus goed moeten meebewegen met de ontwikkelingen in de techniek. Hierdoor kunnen ze tijdig inspelen op de ontwikkelingen in deze dynamische branche zodat ze tijdig geschikte arbeidskrachten beschikbaar hebben.