CO2 neutraal uitzendbureau

CO2 neutraal werken is de bedrijfsvoering zo inrichten dat men zo weinig mogelijk CO2 uitstoot en in er voor zorgt dat men zelf zoveel energie opwekt dat men in de eigen energiebehoefte kan voorzien. Veel bedrijven in Nederland zijn bezig met CO2 neutraal werken en produceren. Uitzendbureaus leveren flexibel personeel aan vrijwel alle sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven en de non-profitsector. Dat zorgt er voor dat uitzendbureaus indirect betrokken zijn bij de verduurzaming van hun opdrachtgevers.

Opdrachtgevers zijn bezig met energietransitie De rol van uitzendbureaus zal in de toekomst belangrijker worden omdat de arbeidsmarkt steeds flexibeler wordt. Uitzendbureaus zullen echter hun dienstverlening moeten uitbreiden om zich te onderscheiden van hun concurrenten. Er zijn namelijk nogal wat uitzendbureaus in Nederland gevestigd. Naast een goede bemiddeling en scherpe tarieven voor het inlenen van uitzendkrachten zullen ook andere aspecten een rol gaan spelen bij de keuze van een potentiële inlener om juist wel of juist niet zaken te doen met een uitzendbureau. Het maatschappelijk verantwoord ondernemen is daar een belangrijk onderdeel van.

Maatschappelijk verantwoord ondernemen
Maatschappelijk verantwoord ondernemen beperkt zich niet alleen tot producenten en leveranciers. Ook dienstverleners zullen een steeds grotere druk ervaren om maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Dit houdt niet alleen in dat men ethisch moet handelen maar ook dat men verantwoord moet omgaan met milieu en leefomgeving. Juist deze laatste aspecten krijgen de afgelopen jaren meer aandacht. De emissie van broeikasgassen waaronder CO2 zorgt er voor dat veel bedrijven verantwoord omgaan met hun energieverbruik ook met grondstoffen en afval wordt zorgvuldiger omgegaan dan jaren geleden.

Het hergebruiken van goederen en verpakkingen zorgt er voor dat bedrijven zowel bij de productie als bij het daadwerkelijk afvoeren van producten een belangrijke rol op zich nemen. Uitzendondernemingen leveren uitzendkrachten aan bedrijven die midden in een energietransitie zitten en midden in processen waarin afval wordt beperkt, gerecycled en hergebruikt. Dat zorgt er voor dat uitzendbureaus in de toekomst ook verantwoordelijkheid moeten nemen met betrekking tot de voorlichting van uitzendkrachten op het gebied van maatschappelijk verantwoord werken of milieuverantwoord handelen.

Doorgeleidingsplicht met betrekking tot veiligheid
Vanuit de Arbowetgeving in Nederland zijn uitzendondernemingen al verplicht om hun uitzendkrachten op een duidelijke wijze voor te lichten over de aspecten met betrekking tot veiligheid en gezondheid waar ze mee te maken krijgen als ze tewerk worden gesteld bij een bepaalde inlener. VCA gecertificeerde bedrijven zetten vaak hun uitzendopdrachten uit bij VCU gecertificeerde uitzendondernemingen om dat een VCU uitzendbureau VIL-VCU gecertificeerde intercedenten heeft die door het behalen van het VIL-VCU certificaat goed op de hoogte zijn van de veiligheidsaspecten die bij bepaalde bedrijven een rol spelen.

Bij VCA en VCU spelen ook milieuaspecten een grote rol. Deze aspecten zijn echter met name gericht op het voorkomen van schade en ongelukken aan mens, materieel, gebouwen en milieu. De focus ligt zeker niet op het beperken van energieverspilling en afvalverspilling. Deze aspecten zullen echter wel een grotere rol krijgen in de bedrijfsvoering dan tot op heden het geval was. Er ontstaat behoefte aan een energiecertificaat voor uitzendbureaus en intermediairs.

Energiezuinigheid en VIL-VCU certificaat voor uitzendbureaus
Het klinkt misschien wat vergezocht een milieucertificaat of een energiecertificaat voor uitzendbureaus maar dit zal naar alle waarschijnlijkheid wel realiteit worden de komende jaren of misschien zelfs al de komende maanden. Het VIL-VCU certificaat en het VCU certificaat zijn al voorbeelden van certificeringen waarbij het uitzendwezen haar dienstverlening heeft aangepast aan de richtlijnen waar hun inleners aan zijn onderworpen op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu (VGM).

Het is goed denkbaar dat men binnen het VCA een extra onderdeel opneemt dat gericht is op energiebesparing, afvalbeperking en hergebruik van materialen. Als dat het geval is dan zal men binnen het VIL-VCU certificaat ook aandacht moeten hebben voor het beperken van energieverspilling en het juist verwerken en hergebruiken van afval. Dan zullen uitzendbureaus die mogelijk ook moeten meenemen in hun doorgeleiding van deze richtlijnen aan hun uitzendkrachten. Dan weten de uitzendkrachten waar ze op moeten letten als ze aan de slag gaan bij de inlener.

Doorgeleidingsplicht in milieuvriendelijk werken
Uitzendbureaus zijn voornamelijk commerciële dienstverleners die over het algemeen de focus hebben op het behalen van omzet en marge. Uiteraard willen ze daarbij wel dat hun naamsbekendheid vergroot wordt en indien mogelijk verbeterd wordt. Dat is nodig omdat de concurrentie steeds groter wordt tussen uitzendbureaus. De meeste uitzendbureaus voldoen aan de wettelijke regels dus het naleven van de wettelijke verplichting zorgt er niet voor dat uitzendbureaus zich van elkaar onderscheiden. Daarom moeten uitzendbureaus bijvoorbeeld meer doen dan de huidige doorgeleidingsplicht op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu.

Uitzendbureaus die nu al de focus leggen op maatschappelijk verantwoord ondernemen en daarbij hun dienstverlening aanpassen aan de energietransitie die bij hun opdrachtgevers aan de orde is, zullen in de toekomst hun naam in de uitzendmarkt nog steviger kunnen vestigen. In de praktijk betekend dit dat ze meer moeten doen dan de huidige doorgeleidingsplicht. Ze zullen ook aandacht moeten hebben voor welke milieuaspecten een rol spelen bij hun opdrachtgevers. Deze aspecten zullen ze moeten inventariseren en formuleren op instructieformulieren die ze verstrekken aan hun uitzendkrachten.

CO2 neutraal uitzenden is mogelijk
Uitzendbureaus zullen niet alleen naar de bedrijfsvoering van hun opdrachtgevers moeten kijken, ook hun eigen bedrijfsvoering moet voortdurend beoordeeld worden op het gebied van energiezuinigheid en milieuvriendelijkheid. Veel uitzendbureaus hebben schriftelijke processen gedigitaliseerd waardoor er veel papier wordt bespaard. Dit zorgt natuurlijk ook voor een koste besparing. Er hoeft minder papier te worden ingekocht en opgeslagen. Ook hoeft er minder post te worden verzonden want veel communicatie vind al plaats via E-mail. Dit is al een behoorlijke verbetering maar uitzendbureaus kunnen veel meer doen.

Elektrische lease-auto’s
Zo kunnen uitzendbureaus hun intercedenten laten rijden in elektrische auto’s en ze kunnen ook contracten sluiten met leasemaatschappijen over het ter beschikking stellen van elektrische leaseauto’s aan uitzendkrachten. Uitzendondernemingen die nog ambitieuzer zijn kunnen ook investeren in het netwerk van laadpalen door op bepaalde locaties laadpalen te plaatsen. Veel uitzendbureaus verhuizen namelijk van de binnenstad naar industriegebieden waardoor het plaatsen van laadpalen interessanter en effectiever is.

CO2 neutrale materialen
Verder kunnen uitzendbureaus die kleding en persoonlijke beschermingsmiddelen verstrekken aan uitzendkrachten deze kleding en pbm’s bij bedrijven kopen die maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dit houdt in dat de kleding en pbm’s (zo veel mogelijk) CO2 neutraal geproduceerd en getransporteerd moet zijn.

Uitzendbureaus kunnen ook met het vertrekken van hun promotiemateriaal rekening houden met de herkomst van de materialen die voor de marketingproducten zijn gebruikt. Hierbij kan ook de aandacht worden gelegd op herbruikbare materialen en duurzame producten. Wegwerpgoederen moeten zoveel mogelijk worden voorkomen.

Investeren in energietransitie
Uitzendbureaus kunnen ook zelf energie opwekken door zonnepanelen te plaatsen op de daken van hun vestigingen. Vooral uitzendbureaus die op industrietereinen gevestigd zijn zouden dit kunnen doen. Daarnaast zouden uitzendbureaus ook met opdrachtgevers van energieprojecten (zoals windmolenparken en zonnevelden) afspraken kunnen maken over het leveren van uitzendkrachten en het tevens investeren van geld door het uitzendbureau in het energieproject. Verduurzamen vereist creativiteit en ondernemerschap. Het investeren in energietransitie hoort daar bij.

Uitzendbureaus en inleners werken samen aan duurzaamheid
Uitzendbureaus zijn intermediairs dat wil zeggen dat ze tussenpersonen zijn. Een uitzendbureau is een schakel tussen personeel en bedrijven. Dat zorgt er voor dat uitzendbureaus veel informatie kunnen inwinnen maar ook veel informatie kunnen verstrekken ook op het gebied van duurzaamheid. Uitzendbureaus die hun taak als intermediair en consultant heel serieus nemen op dit gebied kunnen bedrijven goed ondersteunen om nog duurzamer te worden. Door het gebruik van elektrische auto’s kan de emissie van CO2 worden beperkt.

Als men het over duurzaamheid heeft kan men ook denken aan het duurzaam inzetten van personeel en de duurzame inzetbaarheid van uitzendkrachten. Daarbij komt ook loopbaanontwikkeling aan de orde. Duurzaamheid is een breed begrip dat dus niet alleen met het milieu te maken heeft maar ook met het verduurzamen van het personeelsbestand. Bedrijven en uitzendbureaus kunnen ook op dit gebied intensief samenwerken om het arbeidsklimaat in Nederland te verduurzamen. 

Hoe werkt het intakeproces van een (technisch) uitzendbureau?

Het inschrijfproces van uitzendkrachten start bij de sollicitatie. Deze sollicitatie kan zowel digitaal als face to face op de vestiging verlopen. Kandidaten en sollicitanten kunnen zowel digitaal/ online solliciteren op bepaalde vacatures maar ook een open sollicitatie richting het uitzendbureau doen. Een andere manier van solliciteren is bij de inloop, als een kandidaat de vestiging bezoekt en zich wil inschrijving. De open inschrijving is ook een vorm van open sollicitatie. Uitzendbureaus zijn overigens intermediairs dit houdt in dat deze arbeidsbemiddelingsbureaus op de arbeidsmarkt als tussenschakels functioneren.

Uitzendbureaus halen vacatures van hun opdrachtgevers binnen en delen deze vacatures op hun eigen website, jobboards en social media. De sollicitanten die bij een uitzendbureau solliciteren zullen daarom in veel gevallen niet rechtstreeks bij het uitzendbureau willen werken maar via het uitzendbureau bij de opdrachtgever aan de slag gaan. Hierdoor is het uitzendbureau de formele werkgever die het loon van de uitzendkracht betaald en is de inlenende partij de dagelijkse toezichthouder en operationele werkgever. Een uitzendbureau zal trachten een zo goed mogelijke kandidaat voor haar opdrachtgevers te selecteren. Hieronder is in een aantal alinea’s uitgelegd hoe dit proces wordt uitgevoerd. Deze tekst is grotendeels geschreven door Tjerk van der Meij die bij het VCU gecertificeerde uitzendbureau Technicum zijn HBO stage heeft gevolgd.

Beoordeling cv en competenties
Als een kandidaat heeft gesolliciteerd op een vacature bij een uitzendbureau zal de werknemer van het uitzendbureau deze sollicitatie moeten beoordelen. Deze werknemer kan een intercedent zijn maar ook een vestigingsmanager. Tijdens de selectie zal de medewerker van het uitzendbureaus starten met het inschatten van de competenties van de sollicitant. De cv van de sollicitant wordt beoordeeld op zowel de (werk)ervaring, opleidingen, diploma’s en natuurlijk wordt beoordeeld of de kandidaat bij de organisatie past waar het uitzendbureau de vacature van heeft ontvangen. Bij de open sollicitaties wordt de sollicitant op dezelfde criteria beoordeelt en zoekt het uitzendbureau vervolgens een passende vacature bij de persoon.

Als de kandidaat geschikt is, wordt hij of zijn (na toestemming van de kandidaat) in het systeem opgenomen en gaat het proces verder. Mocht de kandidaat niet geschikt geacht worden, dan wordt hij of zij eerst niet voorgesteld maar wordt de persoon door de intercedent wel in het systeem gezet. Mocht er later wel een interessante vacature worden gevonden dan kunnen de gegevens van de kandidaat worden gevonden in het systeem. De kandidaat wordt in dit geval slechts voorlopig afgewezen.

Intakegesprek op de vestiging
Zowel bij de online inschrijving als de inschrijving op de vestiging nodigt de consultant de kandidaat uit voor een intakegesprek. Bij het intakegesprek komen een inschrijfformulier aan de orde. Sommige uitzendbureaus werken naast een inschrijfformulier met een bemiddelingsovereenkomst, die later aan bod zal komen. Tijdens het intakegesprek maakt het uitzendbureau hoofdzakelijk kennis met de kandidaat en wordt er gekeken wat voor type mens en werknemer de kandidaat is.

Het inschrijfformulier wordt ingevuld door de kandidaat, hier kunnen de volgende gegevens op komen te staan:

  • De personalia van de kandidaat
  • Hoe de kandidaat met het uitzendbureau in contact is gekomen
  • Referenties die het uitzendbureau kan inwinnen
  • Beschikbaarheid van de kandidaat, in uren per week en in wat voor dienst verband. (Fulltime, parttime, ploegendienst)
  • Functiebeperkingen: hierin komt te staan wat voor werkzaamheden de kandidaat niet wil uitvoeren
  • Gewenste functie, voornamelijk in welk segment. (Metaal, installatie, elektrotechniek, procestechniek, bouw en hout, productie/magazijn, etc.)
  • Reisbereidheid van de kandidaat
  • Salarisindicatie
  • Welke certificaten en diploma’s de kandidaat bezit
  • Maten voor eventuele werkkleding en werkschoenen

Tot zover het intakegesprek en het inschrijfformulier. Intercedenten van VCU gecertificeerde uitzendbureaus vragen vaak tijdens het intakegesprek en/of op het inschrijfformulier of de uitzendkracht in bezit is van VCA basis of VCA vol. Hieraan kan tijdens het gesprek dus ook aandacht worden besteed.

Daarnaast zal door de uitzendkracht ook tijdens het intakegesprek een overeenkomst voorgelegd worden waarmee de uitzendkracht toestemming geeft dat zijn of haar gegevens door het uitzendbureau worden verwerkt in het informatiesysteem en dat deze gegevens worden gebruikt om de uitzendkracht te bemiddelen.

Bemiddeling door het uitzendbureau
Wanneer al de hiervoor genoemde stappen zijn doorgenomen zal het uitzendbureau de uitzendkracht gaan bemiddelen bij opdrachtgevers en vacatures die passen bij het profiel dat in kaart is gebracht door de intercedent. De intercedent kan dit doormiddel van telefonisch contact doen met opdrachtgevers maar ook per mail. Meestal wordt een combinatie van beide methoden gebruikt waarbij het uitzendbureau eerst telefonisch contact heeft met de potentiële klant en daarna contact heeft via de mail om het cv te sturen. De communicatie naar de uitzendkracht of sollicitant verloopt op een vergelijkbare wijze.

Veel uitzendkrachten willen vaak van te voren weten waar ze worden voorgesteld door het uitzendbureau. Daarom communiceren intercedenten dit vaak ook van te voren met de uitzendkracht of sollicitant. Niet alle intercedenten benoemen daarbij ook de naam van de opdrachtgever. Andere intercedenten doen dit wel op basis van vertrouwen. Daar draait een hoop van de werkzaamheden van een intercedent om: vertrouwen. De sollicitant vertrouwt de intercedent dat hij of zij zorgvuldig met de persoonlijke gegevens omgaat en de opdrachtgever vertrouwd de intercedent dat deze een goede match maakt tussen de vacature en de kandidaat.

Wat is Unique uitzendorganisatie?

Unique is uitzendbureau dat in 1972 is opgericht en actief is in Nederland, België en Duitsland. In 1972 werd de organisatie als uitzendbureau en HR-specialist opgericht door Alex Mulder. We kennen Unique vandaag de dag als onderdeel van USG-People N.V. een organisatie die actief is in verschillende landen.

Na de fusie van Unique, Creyf’s en Technicum is de organisatie Unique gevormd tot een grote marktspeler binnen haar segment waaronder het uitzendwezen. Technicum is een onderdeel van Unique en bij dit onderdeel heeft Tjerk van der Meij stage gelopen voor zijn HBO opleiding HRM in 2017. Tijdens deze opleiding heeft Tjerk verschillende teksten geschreven om een beeld te vormen van de uitzendmarkt. Deze tekst is één van deze teksten. Hieronder is in verschillende alinea’s uitgelegd welke dienstverlening Unique biedt binnen de uitzendbranche en welke ‘merken’ onder Unique vallen.

Dienstverlening van Unique
De dienstverlening van Unique is breed. Unique houdt zich enerzijds bezig met het uitzenden en detacheren van werkzoekenden, anderzijds verleent de organisatie diensten aan werkgevers. Werkzoekenden kunnen terecht bij Unique voor vast werk en tijdelijk werk, zowel op uitzendbasis als detachering. Unique biedt meer dan alleen uitzendkrachten, deze organisatie tracht doormiddel van speciale afdelingen maatwerk oplossingen te leveren aan klanten op HR gebied. Daardoor treed Unique steeds meer op als adviseur die meedenkt met klanten over alle vraagstukken die met personeel te maken hebben.

Unique specialities
De uitzendorganisaties binnen USG-People N.V. hebben iedereen hun eigen vakgebied waarin ze opperen. Om goed maatwerk aan de organisaties te leveren is Unique opgedeeld in separate onderdelen, ook wel specialities. De specialities focussen zich op:

  • Callcenters en klantenservices
  • Office- en supportfuncties
  • Technische functies
  • HR-professionals
  • Financiële functies

Om de 5 vakgebieden te kunnen voorzien van passend personeel zijn er tegenwoordig 5 specialities binnen de organisatie Unique.

  • Unique Customer Care
  • Unique Office
  • Unique Technicum
  • Unique Human Resources
  • Unique Finance

Visie van Unique
Unique heeft zich gespecialiseerd in het verlenen van diensten aan werkgevers. Unique is algemeen bekend als uitzendbureau maar daarnaast streeft Unique naar een positie als HR-partner, met een sterke bemiddeling tussen werknemer en werkgever. Door de 5 specialities kan Unique voor elk marktsegment tijdelijk en vast vakpersoneel leveren.

Wat is het uitzendwezen?

Uitzendwezen is het geheel van alle uitzendbureaus, intermediairs, uitzendkrachten en de belangenbehartigers van deze partijen die actief zijn in de flexmarkt op de arbeidsmarkt. Het uitzendwezen is een benaming die ook wel gebruikt wordt voor de uitzendmarkt en uitzendbranche. Een uitzendbureau is dus actief in het uitzendwezen. Er zijn naast uitzendbureaus ook andere intermediairs actief in het bemiddelen van uitzendkrachten. Naast deze commerciële instellingen zijn er binnen het uitzendwezen ook belangenbehartigers actief zoals de werkgeversorganisaties voor uitzendbureaus. Hieronder zijn een aantal belangrijke “spelers” binnen het uitzendwezen nader omschreven.

Uitzendbureaus
Als men het over het uitzendwezen heeft denkt men meestal in eerste instantie aan uitzendbureaus. Uitzendbureaus of uitzendondernemingen bemiddelen uitzendkrachten bij bedrijven. Dit houdt in dat uitzendbureaus de werkgever blijven voor de uitzendkracht maar dat de uitzendkracht zelf daadwerkelijk werkzaamheden uitvoert bij een inlenende partij die ook wel inlener wordt genoemd. Omdat de inlenersbeloning sinds maart 2015 van toepassing is worden uitzendkrachten beloond conform de cao van de inlener. Ondanks dat blijven de ABU cao en de NBBU cao bestaan. Deze cao’s voor de uitzendbranche worden in uitzonderlijke gevallen nog gehanteerd wanneer de inlener bijvoorbeeld niet onder een cao valt.

ABU en NBBU
De namen ABU en NBBU heb je in de vorige alinea al voorbij zien komen. Deze organisaties zijn belangenbehartigers voor de uitzendorganisaties. Binnen het uitzendwezen zijn een aantal bonden actief waarvan de ABU oftewel de Algemene Bond voor Uitzendondernemingen een hele bekende is. De ABU is onder andere bekend vanwege de ABU cao die van toepassing is voor uitzendondernemingen. Naast de ABU is ook de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU) een belangrijke speler binnen het uitzendwezen. Beide partijen behartigen de belangen voor uitzendondernemingen in Nederland.

SNCU
Een andere stichting binnen het uitzendwezen is de SNCU, deze afkorting staat voor Stichting Naleving Cao voor Uitzendkrachten. De SNCU is opgericht door werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties die actief zijn in de uitzendbranche. De werkgeversorganisaties die bij de oprichting betrokken zijn geweest zijn de eerder genoemde ABU en de NBBU. Aan de werknemerszijde zijn de FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond, LBV en De Unie betrokken geweest bij de oprichting van de SNCU.

Deze stichting is gericht op het bevorderen van de naleving van de cao’s in de uitzendbranche. De manier waarop de SNCU de naleving van de cao’s bevorderd is tweeledig. Zo geeft deze stichting voorlichting over de cao’s maar voor deze stichting ook controles bij uitzendbureaus uit. De SNCU zet zich zowel in voor de belangen van uitzendkrachten als voor de belangen van uitzendbureaus. Uitzendkrachten moeten namelijk datgene ontvangen waarop ze volgens de cao recht hebben. Uitzendbureaus willen echter ook dat elke intermediair zich aan deze cao’s houdt zodat er geen oneerlijk concurrentie binnen het uitzendwezen ontstaat.

STOOF
STOOF is een afkorting die staat voor Stichting Opleiding & Ontwikkeling Flexbranche (STOOF). Deze organisatie is in 2003 opgericht door de volgende organisaties:

  • ABU,
  • FNV Bondgenoten,
  • CNV Dienstenbond
  • De Unie.

Vanaf 1 januari 2008 zijn ook de NBBU en de LBV vertegenwoordigd binnen het STOOF-bestuur. STOOF is een stichting die zich inzet voor alle organisaties in de flexbranche die afdragen aan de Stichting Fonds Uitzendbranche (SFU). Het belangrijkste aspect waar STOOF zich op richt is de opleiding en ontwikkeling van uitzendkrachten en overige flexkrachten die werkzaam zijn binnen het uitzendwezen. Daarnaast stimuleert STOOF ook de ontwikkeling en opleidingsmogelijkheden voor vaste medewerkers die werken binnen de uitzendbranche. Voor uitzendbureaus is STOOF een adviesorgaan op het gebied van opleidingen. Daarnaast biedt STOOF ook financiële ondersteuning en heeft deze organisatie kennis is huis met betrekking tot subsidies en vergoedingen voor opleidingen. STOOF maakt ook gebruik van pilotprojecten en biedt hulp bij implementatie van beleidsaspecten die verband houden met opleiding en ontwikkeling van uitzendkrachten. Dit laatste kan doormiddel van praktische ondersteuning, financiële ondersteuning en door informatie uit netwerken. 

STAF
Veiligheid en gezondheid zijn belangrijke aspecten op de werkvloer. Binnen het uitzendwezen is daarvoor een speciale stichting opgericht. Dit is de Stichting Arbo Flexbranche (STAF). Deze stichting faciliteert de uitzendbranche op het gebied van het bevorderen van een veilige werkvloer waarop flexkrachten en andere werknemers hun werk kunnen uitvoeren zonder dat hun gezondheid of veiligheid daarmee in gevaar komt.

De Arbowet schept verplichtingen voor werkgevers. Omdat uitzendbureaus meestal geen direct toezicht hebben op de arbeidsomstandigheden van hun uitzendkrachten hebben ze praktische instrumenten nodig om de veiligheid en het welzijn van hun uitzendkrachten te bevorderen en te beschermen. STAF vertaald de richtlijnen die door de Arbowet aan zowel de werknemers als aan de werkgevers worden gesteld naar praktische handvaten voor de uitzendbranche. STAF heeft voor vaste medewerkers de branche RI&E en de arbocatalogus ontwikkeld. Deze documenten vormen een belangrijke basis voor het arbeidsomstandighedenbeleid van uitzendbureaus.

Uitzendbureaus maken gebruik van arbochecklists waarmee de intercedent de risico’s van het werk bij de inlener kan opvragen en inventariseren. Vervolgens wordt deze informatie ook aan de uitzendkracht verstrekt. De arbochecklist maakt aan de uitzendkracht duidelijk welk werk er uitgevoerd dient te worden en welke veiligheidsrisico’s daaraan verbonden zijn. Omdat in de techniek vaak met machines wordt gewerkt zijn de arbochecklists in deze sector behoorlijk uitgebreid. Dat is niet voor niets want door uitzendkrachten te wijzen op de risico’s die ze tijdens het uitzendwerk lopen kan het veiligheidsbesef worden vergroot.

Slotwoord over het uitzendwezen
Zoals je hierboven hebt kunnen lezen zijn er behoorlijk wat verschillende partijen op de uitzendmarkt actief. Er zijn organisaties die opkomen door de belangen van uitzendondernemingen zoals de ABU en de NBBU maar er zijn ook vakbonden zoals de FNV, CNC en de Unie die zich inzetten voor een goede cao. Daarnaast is er een stichting die de naleving van deze cao’s controleert namelijk de SNCU. De organisatie STOOF stimuleert en motiveert het aanbieden van opleidingen aan uitzendkrachten en het ontwikkelen van flexpersoneel. De organisatie STAF is echter gericht op het naleven van veiligheidsvoorschriften en de implementatie van de wet- en regelgeving van de Arbowet binnen het uitzendwezen. 

Wat is de NBBU cao?

Bijna alle uitzendorganisaties zijn aangesloten bij de Algemene Bond voor Uitzendondernemingen die ook wel ABU genoemd wordt. Het is echter mogelijk om hiervoor dispensatie aan te vragen en je als uitzendbureau vervolgens aan te sluiten bij de NBBU. De NBBU focust zich vooral op de MKB-bedrijven en heeft een cao die op een aantal punten afwijkt van de ABU-cao. Tjerk van der Meij heeft tijdens zijn stage bij Unique Technicum de verschillen tussen de ABU-cao en de NBBU-cao uitgewerkt in onderstaande tekst. Deze tekst heeft hij als samenvatting geschreven voor zijn stageverslag over de stageperiode bij Unique Technicum. In een aantal alinea’s hieronder heeft Tjerk beschreven wat de verschillen zijn tussen de ABU-cao en de NBBU-cao. Zoals je zult lezen zit een groot deel tussen de verschillen in de fasenopbouw.

Wat is de NBBU-cao
De NBBU is een organisatie die evenals de ABU een bond is voor uitzendorganisaties. Voor de organisaties aangesloten bij de NBBU (Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen) is NBBU cao van kracht. In de cao (collectieve arbeidsovereenkomst) staan alle rechten en afspraken voor werknemers, in dit geval uitzendkrachten, vast. In NBBU cao staat het recht op loon, vrije dagen, ziekte, opleiding en het fasensysteem beschreven. Het fasensysteem kent men van de ABU-cao maar ook bij de NBBU is er sprake van een fasensysteem. Het fasensysteem van de NBBU verschilt echter van de ABU-cao.

Verschillen tussen de ABU-cao en de NBBU-cao
Zowel bij de ABU als bij de NBBU zal een werknemer een fasensysteem doorlopen tijdens zijn of haar dienstverband bij het uitzendbureau. Binnen de ABU-cao kennen we 3 fasen (fase A,B & C), binnen de NBBU-cao kennen we 4 fasen:

  • Fase 1
  • Fase 2
  • Fase 3
  • Fase 4

Per 1 juli 2016 is het fasensysteem in het voordeel van de werknemer gewijzigd. De fasen zien er vanaf deze datum als volgt uit:

Fase 1: De uitzendkracht werkt gedurende de eerst 26 weken in fase 1, deze is te vergelijken met fase A van de ABU-cao. In fase 1 maakt het niet uit hoeveel uren je werkt per week, als dit maar minimaal 1 uur per week is. Ook is in fase 1 het uitzendbeding van kracht, dit betekend dat alleen de daadwerkelijk gewerkte uren aan de werknemer worden uitbetaald.

Fase 2: Als je als uitzendkracht aan de eis van 26 weken van fase 1 hebt voldaan ga je over naar fase 2. In fase 2 kende een duur van 104 weken maar deze duur is per 1 juli 2016 gehalveerd naar 52 weken. Net als in fase 1 is in fase 2 het uitzendbeding van kracht.

Fase 3: Wanneer de uitzendkracht de duur van fase 2 heeft voltooid, stroomt hij of zij door naar fase 3. Deze fase valt te vergelijken met fase B van het ABU-systeem en heeft dezelfde duur. Fase 3 heeft namelijk ook een duur van maximaal 4 jaar of 6 bepaalde tijds contracten. In fase 3 wordt er gewerkt met een contract voor bepaalde tijd. De begindatum en einddatum worden van te voren in het contract vastgesteld. Binnen de contracten van fase 3 is het uitzendbeding niet meer van toepassing en heeft de uitzendkracht een recht op doorbetaling bij feestdagen of wegvallen van werk voor het aantal uren per week dat in het contract is vastgelegd. Wanneer de uitzendkracht de 6 contracten heeft doorlopen in een kortere tijd dan 4 jaar is fase 3 ook ten einde gekomen. 

Fase 4: Tot slot kent de NBBU-cao fase 4 die goed te vergelijken is met fase C van de ABU-cao. In fase 4 wordt tussen de uitzendorganisatie en de uitzendkracht een contract aangegaan van onbepaalde tijd. Net als in fase 3 is in fase 4 geen uitzendbeding van toepassing en heeft de uitzendkracht recht op loondoorbetaling over het aantal uren per week dat is vastgelegd in het contract.

Onderbreking
Net als de ABU-cao kent de NBBU-cao een regelement voor onderbrekingen. Evenals het fasensysteem verschilt het onderbrekingssysteem tussen de beide cao’s. Binnen fase 1, 2 en 3 geldt een termijn van 26 weken. Wanneer de uitzendkracht na het aflopen van de fasen binnen 26 weken weer werkzaam is bij dezelfde uitzendorganisatie zal hij of zij het fasensysteem verder doorlopen. Wanneer de onderbreking langer duurt dan 26 weken gaat de uitzendkracht weer terug naar begin fase 1, dit geldt zowel in fase 1, 2 als 3.

Inlenersbeloning
De inlenersbeloning is op 30 maart 2015 ingevoerd in Nederland. De richtlijn met betrekking tot de inlenersbeloning van de NBBU-cao is gelijkwaardig aan die van de ABU-cao. Dit houdt in dat zowel uitzendbureaus die aangesloten zijn bij de ABU als bij de NBBU zich moeten houden aan de inlenerbeloning. De uitzendkracht beloond moeten worden conform de cao van het inlenende bedrijf. Dit betekent in de praktijk dat de uitzendkracht of inlener hetzelfde loon zal moeten ontvangen als een werknemer van de inlener binnen dezelfde functie. Ook heeft de uitzendkracht recht op dezelfde ADV/ATV vergoedingen, loonsverhogingen, toeslagen en overige onkostenvergoedingen als een medewerker met een gelijke functie.  Wanneer de uitzendkracht binnen de cao van de inlener beloond zal worden is nog wel via het fasensysteem van toepassing die is vastgesteld in de NBBU-cao.

Wat is ABU cao?

De ABU-cao is de cao die van toepassing is voor uitzendondernemingen. Wanneer je uitzendkracht bent val je onder de cao van de inlener of de cao voor uitzendkrachten, die ook wel de ABU-cao wordt genoemd. ABU staat voor algemene bond uitzendondernemingen. Hierbij zijn de meeste uitzendondernemingen in Nederland aangesloten. Ook als je als uitzendonderneming niet aangesloten bent bij de ABU geldt ook de cao voor de onderneming, omdat hij algemeen bindend is verklaard. Deze tekst gaat over een belangrijk deel van de ABU-cao namelijk het fasesysteem en de uitzendovereenkomsten.

De tekst is geschreven door Tjerk van der Meij tijdens zijn stage bij Unique Technicum (een onderdeel van USG People). Door deze tekst heeft de schrijver meer inzicht gekregen in het fasesysteem van uitzendbureaus en de verschillende soorten dienstverbanden die uitzendkrachten kunnen aangaan met een uitzendonderneming. Hij heeft de tekst aan technischwerken.nl verstrekt zodat ook andere lezers op internet zijn samenvatting kunnen lezen.

Inlenersbeloning
De ABU-cao is door de invoering van de inlenersbeloning (30-03-2015) niet bij elke uitzending van uitzendkrachten volledig van toepassing. Met name de beloningsmethodieken van het inleende bedrijf dienen door de uitzendonderneming overgenomen te worden. Dit houdt in dat in het kader van de inlenersbeloning de uitzendkracht dient ingeschaald te worden in de loonschalen die gehanteerd worden door het inlenend bedrijf. De uitzendkracht dient de volgende componenten voor zij beloning in ieder geval op het zelfde niveau te ontvangen als een werknemer die rechtstreeks bij het bedrijf in dienst is in dezelfde functie:

  • Het bruto loon conform de cao loonschaal van de inlener.
  • ATV en ADV toeslagen
  • Toeslagen voor overwerk
  • Toeslagen voor onregelmatige uren
  • Onkostenvergoedingen
  • Initiële loonsverhogingen die gebruikelijk zijn bij de inlener
  • Periodieken

De inlenersbeloning is zoals u leest puur gericht op de beloning van de uitzendkracht. Dit zorgt er voor dat de ABU-cao, die hier onder verder beschreven is, grotendeels gehanteerd wordt behalve op het gebied van de beloning en de inschaling van de uitzendkracht.  Mocht de organisatie geen cao hebben, dan geldt de ABU-cao.  

De opdrachtgever wordt geacht om de uitzendkracht vanaf de eerste werkdag te belonen conform de inlenersbeloning te geven. Een uitzendbureau zal echter feitelijk het loon uitbetalen aan de uitzendkracht. Daarom moeten uitzendbureaus navraag doen bij het inlenende bedrijf met betrekking tot de beloning van de uitzendkracht.

Uitzendovereenkomsten
Als uitzendkracht ben je werkzaam op grond van een uitzendovereenkomst, dit is een arbeidsovereenkomst die wordt getekend door de opdrachtgever (uitzendbureau) en de werknemer in dit geval de uitzendkracht. De uitzendkracht wordt uitgezonden naar een inlenende partij bijvoorbeeld een staalconstructiebedrijf. In dit artikel ga ik vooral dieper in op de soorten uitzendovereenkomsten en de bijbehorende fasensystemen.

Als uitzendkracht krijg je te maken met 3 soorten uitzendovereenkomsten:

  • Uitzendovereenkomst met uitzendbeding.
  • Detacheringsovereenkomst voor bepaalde tijd.
  • Detacheringsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

De uitzendovereenkomst met uitzendbeding is een overeenkomst die vaak in fase A wordt gegeven. Samen met de opdrachtgever wordt een einddatum vastgesteld waarop de opdracht eindigt. Na het eindigen van de uitzendovereenkomst eindigt het dienstverband van de uitzendkracht bij het uitzendbureau automatisch.

Een detacheringsovereenkomst kan gelden voor een bepaalde tijd of een onbepaalde tijd. Bij een detacheringsovereenkomst van bepaalde tijd is een datum opgenomen wanneer het project of de opdracht eindigt. Bij een detacheringovereenkomst voor onbepaalde tijd is geen einddatum vastgesteld men heeft het dan over een vast dienstverband bij een uitzendbureau.

Fasensysteem
Als uitzendkracht val je in het fasensysteem, ook al val je binnen de cao van je inlener. De ABU-cao kent 3 fasen.

  • Fase A
  • Fase B
  • Fase C

In al de drie fasen gelden andere arbeidsvoorwaarden waar we straks dieper op ingaan.

Wanneer je start met werken als uitzendkracht voor een uitzendbureau begin je in fase A. Je bent werkzaam in fase A voor de eerste 78 weken. Er geldt geen minimum of maximum voor het aantal te werken uren in deze 78 weken. Of je nu 1 of 40 uren per week werkt voor een uitzendbureau maakt in principe niet uit voor de opbouw van 78 weken. Als je 78 weken hebt gewerkt is fase A compleet. Fase A gaat uit van het uitzendbureau, het maakt dus ook niet uit bij welke inlener je werkt zolang je maar voor het zelfde uitzendbureau werkt. In fase A wordt je alleen betaald voor de daadwerkelijk gewerkte uren, dit zal in fase B veranderen. Als fase wordt onderbroken en je gaat na 6 maanden weer opnieuw aan de slag voor dezelfde opdrachtgever kom je weer terug in begin fase A. Is de onderbreking korter dan 6 maanden dan telt het fasensysteem gewoon door.

Na afloop van fase A kun je naar fase B gaan. Je gaat naar fase B als fase A is afgelopen en het uitzendbureau een nieuw contract geeft binnen de zes maanden na afloop van fase A. Fase B duurt, in tegenstelling tot fase A, veel langer; namelijk 4 jaar. Als je werkzaam bent in fase B ben je werkzaam op grond van een detacheringsovereenkomst voor bepaalde tijd. Fase B heeft 2 maten van duur:

  • Een periode van 4 jaar
  • Of 6 overeenkomsten van bepaalde tijd. De 6 detacheringsovereenkomsten kunnen ook korter duren dan 4 jaar, als je 6 detacheringsovereenkomsten krijgt van 3 maanden elk duurt fase B maar 18 maanden.

Het uitzendbeding is niet meer van toepassing in fase B. Dit houdt in dat als een uitzendkracht gedurende de contracturen, die zijn overeengekomen met het uitzendbureau, geen werk aangeboden krijgt van het uitzendbureau er toch loon (leegloop) moet worden betaald aan de uitzendkracht.

Na fase B komt fase C. Ook hier geldt weer dat het contract binnen 6 maanden na het eindigen van fase B moet worden verlengt om in face C te komen. Voor het gemak staat het hier onder beschreven in een beknopt schema.

Onderbrekingen
Bij fase A geldt bij een onderbreking van 6 maand of minder dat er wordt doorgeteld in het fasensysteem, de onderbrekingsperiode wordt niet meegeteld. Bij een onderbreking van meer dan 6 maand valt de uitzendkracht terug in begin fase A en begint de telling opnieuw.

Bij onderbreking van zes maand of minder in fase B wordt ook doorgeteld in het fasensysteem, de onderbrekingsperiode wordt ook hier niet meegeteld. Als de onderbreking langer is dan 6 maand gaat de uitzendkracht terug naar begin fase A .Hier wordt de onderbrekingsperiode uiteraard niet meegeteld omdat de uitzendkracht weer aan het begin van fase A terecht komt.

Wordt een uitzendkracht in C ontslagen en hij wordt weer aangenomen door hetzelfde uitzendbureau dan geldt bij een onderbreking van 6 maand of minder dat de uitzendkracht weer begint in fase B en zal de telling opnieuw beginnen. Als de onderbreking langer duurt dan 6 maand gaat de uitzendkracht terug naar fase A en zal ook in dit geval de telling opnieuw beginnen. In de praktijk komt het echter bijna nooit voor dat uitzendkrachten met een vast contract worden ontslagen door het uitzendbureau om vervolgens opnieuw door hetzelfde uitzendbureau weer een contract te krijgen.

Voor de verschillende fasen gelden nog een klein aantal onderbrekingsregels die van toepassing zijn binnen de 6 maanden na het eindigen van een overeenkomst. Als binnen de 6 maanden na het beëindigen van de overeenkomst weer een nieuwe arbeidsbetrekking wordt aangegaan met het uitzendbureau dan wordt er altijd doorgeteld in het fasensysteem. Als na het eindigen van het contract na 6 maanden een nieuw dienstverband wordt aangegaan met het uitzendbureau dan komt de uitzendkracht weer terecht in fase A.

Detacheringsovereenkomst beëindigen
De werkgever kan elk moment het detacheringscontract opzeggen binnen fase A en B. Echter geldt er voor de werkgever maar ook voor de werknemer een wettelijk opzegtermijn. Soms komt het voor dat een detacheringsovereenkomst in fase A en B niet kan worden beëindigt, dit komt alleen voor als dit in het contract is opgenomen. Hier onder staan de opzegtermijnen voor zowel de werkgever als de werknemer.

Opzegtermijnen

  • Detacheringsovereenkomst ≤ 3 maanden opzegtermijn voor uitzendkracht 7 kalenderdagen.
  • Detacheringsovereenkomst > 3 maanden < 6 maanden opzegtermijn voor uitzendkracht 14 kalenderdagen.
  • Detacheringsovereenkomst ≥ 6 maanden of langer opzegtermijn voor uitzendkracht 28 kalenderdagen.

Voor al deze detacheringsovereenkomsten geldt voor de uitzendonderneming een opzegtermijn van 1 maand.

Beëindiging van de detacheringsovereenkomst in fase C
Wanneer je in fase C zit heb je een contract van onbepaalde tijd. Je kunt fase C zien als een vaste aanstelling bij het uitzendbureau. Net als bij elke werkgever valt een contract voor onbepaalde tijd niet zomaar te beëindigen door de werkgever. Als een vaste uitzendkracht wordt je gedetacheerd bij één of meerdere opdrachtgevers. Als een detachering bij een organisatie niet helemaal soepel verloopt wordt van de gedetacheerde dat hij of zij een herplaatsingsgesprek aangaat. Daarbij wordt naar mogelijkheden gekeken om de vaste detacheringskracht te herplaatsen bij een nieuwe inlener. Wanner er geen mogelijkheden zijn voor een nieuwe plaatsing heeft de opdrachtgever toestemming nodig van UWV om de overeenkomst te laten ontbinden. 

Samenvatting over ABU cao
De cao zal evenals de wetgevingen en de arbeidsomstandigheden met tijd worden verandert. Bovenstaande informatie is van toepassing op de richtlijnen zoals die in 2017 door ABU-cao worden gehanteerd. In de Tweede Kamer wordt de Nederlandse wetgeving met betrekking tot de arbeidsmarkt in de toekomst waarschijnlijk weer gewijzigd als er een nieuw kabinet wordt gevormd. Verder zorgen ook de vakbonden en de werkgeversorganisaties er voor dat er regelmatig veranderingen in de cao worden doorgevoerd.

Wat is inleenpotentie?

Inleenpotentie is een woord dat voornamelijk wordt gebruikt door intermediairs op de arbeidsmarkt. Intermediairs zoals uitzendbureaus en detacheringsbureaus bemiddelen flexibel personeel op de arbeidsmarkt. Dit houdt in dat ze bedrijven benaderen voor vacatures waarop personeel op flexibele basis kan worden geplaatst. Dit personeel wordt door de intermediairs zelf gezocht en geselecteerd. Dat vormt een belangrijke vorm van hun dienstverlening. Voordat de intermediairs echter kandidaten voor vacatures kunnen aandragen hebben intermediairs uiteraard vacatures nodig. Intermediairs benaderen daarvoor bedrijven waarvan ze verwachten dat ze een inleenpotentie hebben.

Wat is inleenpotentie precies?
Als je het woord ‘inleenpotentie’ opdeelt dan bestaat dit woord uit ‘inleen’ en ‘potentie’. Met inleen wordt in dit geval inleenkrachten bedoelt oftewel uitzendkrachten of gedetacheerden. Het woord potentie of potentieel onderstreept de mogelijkheid om daadwerkelijk inleenkrachten bij het bedrijf te werk te stellen. Het inleenpotentieel of de inleenpotentie van een bedrijf is voor een uitzendbureau een zeer belangrijk gegeven. Aan de hand van dit gegeven kan een uitzendbureau bepalen hoe belangrijk de desbetreffende potentiële klant is voor de toekomst van het uitzendbureau. Een klant met een hoge inleenpotentie is voor een uitzendbureau aantrekkelijk.

Inleenpotentie of personeelsbehoefte?
Een bedrijf zal zelf niet snel het woord inleenpotentie benoemen. Dit woord wordt voornamelijk door uitzendbureaus en detacheringsbureaus gebruikt. Een bedrijf heeft het meestal over de personeelsbehoefte. Dit is het totaal aan openstaande vacatures die aanwezig zijn in het bedrijf. Een bedrijf met een personeelsbehoefte heeft behoefte aan extra personeel om te groeien of om de productiepiek op te vangen. De personeelsbehoefte omvat echter zowel de inleenpotentie als de behoefte om personeel een rechtstreeks dienstverband aan te bieden doormiddel van een tijdelijk contract of rechtstreeks contract. Het is daarom voor een uitzendbureau van belang om de inleenbehoefte of inleenpotentie van een bedrijf exact te bepalen.

Hoe bepaal je de inleenpotentie?
De inleenbehoefte of inleenpotentie van een bedrijf kan een uitzendbureau niet zelf bepalen. Daarvoor moet een uitzendbureau in contact treden met haar (potentiële) klant. De meeste bedrijven hebben een zogenoemde flexibele schil. Dit zijn alle werknemers die op flexibele basis bij het bedrijf werken. De flexibele schil bestaat echter niet alleen uit inleenkrachten. Vaak zitten er ook tijdelijke krachten en oproepkrachten tussen die een flexibel contract hebben gesloten met het bedrijf.

Als een bedrijf meer personeel nodig heeft dan zal de accountmanager of intercedent heel goed moeten doorvragen bij de klant hoeveel uitzendkrachten of gedetacheerden nodig zijn. Veel bedrijven hanteren percentages voor het deel van het bedrijf dat moet bestaan uit vaste krachten en het deel dat moet bestaan uit flexkrachten (flexibele schil). De optimale verhouding tussen deze twee personeelsgroepen verschilt per bedrijf. Niet alle vacatures kunnen worden ingevuld met vaste krachten en voor sommige vacatures zijn uitzendkrachten misschien niet de meest voor de hand liggende oplossing.

Een intercedent of accountmanager vraagt daarom vaak naar de samenstelling in de flexibele schil van het bedrijf. Daarbij wordt gekeken naar de huidige productie en de verwachte productie. De vraag die daarbij gesteld wordt is: “kun je met het huidige personeelsbestand de (verwachte) productie succesvol uitvoeren?”. Als deze vraag met een ‘nee’ wordt beantwoord kan de intercedent doorvragen of uitzendkrachten of detakrachten misschien een gewenste oplossing zijn. Als het bedrijf hierop bevestigend reageert kan de intercedent samen met het bedrijf in kaart brengen om hoeveel uitzendkrachten en/of detakrachten het gaat. De uitkomst van dit gesprek brengt de inleenbehoefte oftewel de inleenpotentie in kaart.

Hoe ontstaat inleenvolume vanuit het perspectief van een uitzendbureau?

Het woord inleenvolume wordt regelmatig gebruikt in de uitzendbranche. Als je goed wilt begrijpen wat er met inleenvolume wordt bedoelt en hoe inleenvolume ontstaat is het van belang om te weten wat een uitzendbureau doet. Een uitzendbureau bemiddelt personeel voor opdrachtgevers. Een uitzendbureau functioneert daarbij als een tussenpersoon of intermediair. Daarom worden uitzendbureaus ook wel intermediairs op de arbeidsmarkt genoemd. Van opdrachtgevers ontvangen uitzendbureaus vacatures of functieomschrijvingen waarvoor ze geschikte kandidaten trachten te zoeken. Vanaf dat moment start de daadwerkelijke dienstverlening van het uitzendbureau naar de klant.

Uitzendbureaus
De dienstverlening van een uitzendbureau draagt uiteindelijk bij aan het inleenvolume van de klant. Dit inleenvolume ontstaat stapsgewijs. De dienstverlening van een uitzendbureau is gericht op klanten en op werkzoekenden. De werkwijze van een uitzendbureau is over het algemeen in een vaste volgorde. Daarom zijn de stappen die het uitzendbureau doet in haar dienstverlening hieronder in een logische volgorde weergegeven.

Kandidaten selecteren
Een uitzendbureau zoekt naar geschikt personeel in haar eigen databases maar ook op cv-databanken op internet. Daarnaast zoeken uitzendbureaus ook naar personeel op Social Media. Als een uitzendbureau geschikte kandidaten heeft gevonden zal het uitzendbureau deze kandidaten uitnodigen voor een intakegesprek op de vestiging van het uitzendbureau.

Intakegesprekken houden
Een intercedent of een andere interne medewerker van het uitzendbureau voert het intakegesprek met de kandidaat die geschikt wordt geacht voor de vacature. Tijdens dit intakegesprek worden de wensen, competenties en vaardigheden van de kandidaat in kaart gebracht. Deze informatie wordt vergeleken met de informatie van de vacature. Vervolgens wordt door de intercedent ook extra informatie gegeven over de vacature en het bedrijf.

Als de kandidaat interesse heeft en de intercedent overtuigd is van zijn of haar geschiktheid wordt de kandidaat per mail of telefonisch voorgesteld bij de klant door het uitzendbureau. Daarbij wordt ook een tarief genoemd. Het is goed mogelijk dat er al eerder een tarief indicatie is afgestemd, bijvoorbeeld tijdens de eerste kennismaking tussen het uitzendbureau en de opdrachtgever toen de vacature bij het uitzendbureau werd uitgezet.

Sollicitatiegesprekken regelen
Als het bedrijf of de opdrachtgever ook overtuigd is van de geschiktheid van de kandidaat dan koppelt de opdrachtgever dit terug aan het uitzendbureau. Het uitzendbureau regelt indien nodig een sollicitatiegesprek of kennismakingsgesprek tussen de opdrachtgever en de kandidaat. Sommige bedrijven achten een sollicitatiegesprek niet nodig en laten de geschikt bevonden kandidaten direct na de tariefonderhandelingen starten.

Kandidaten worden inleners
De kandidaten van een uitzendbureau worden inleners zodra het bedrijf besluit om de kandidaten daadwerkelijk via het uitzendbureau in te lenen. De opdrachtgever verandert daarbij in een klant die personeel inleent. Daarom spreekt men ook wel van inlener of inlenend bedrijf. De uitzendkracht is een inlener of inleenkracht.

Inleenvolume
Het totaal aan inleenkrachten dat een uitzendbureau aan het werk heeft bij één van haar opdrachtgevers wordt ook wel het inleenvolume genoemd van deze inlener. Een inlenend bedrijf zal bij het inleenvolume kijken naar het totaal van alle inleners die op dat moment aan het werk zijn via alle uitzendbureaus en detacheringsbureaus.

Er kan dus een verschil zijn in benadering. Je zou kunnen zeggen dat het inleenvolume van de opdrachtgever een totaal is van al het ingeleende personeel. Een uitzendbureau kan daarbij vooral naar haar eigen bedrijfsvoering kijken en het inleenvolume van de klant opdelen zodat duidelijk wordt welk (deel) van het inleenvolume door het desbetreffende uitzendbureau wordt geleverd.

Inleenpotentie
Het inleenvolume is het totaal van het aantal inleners dat door een bedrijf wordt ingeleend. Het begrip inleenvolume is een ander begrip dan het begrip inleenpotentie. Als men het over inleenpotentie heeft dan doelt men op het aantal inleenkrachten dat het bedrijf verwacht in te kunnen lenen in een bepaalde periode. Men zou de inleenpotentie kunnen bepalen op basis van de hoeveelheid werk die het bedrijf moet verrichten minus het aantal arbeidskrachten dat reeds bij het bedrijf aan het werk zijn.

Vooropgesteld moet dit verschil dan worden gecompenseerd door inleenkrachten. Als dit laatste niet het geval is dan heeft men het over de personeelsbehoefte. Een deel van de personeelsbehoefte kan dus bestaan uit een behoefte aan inleenkrachten, dit deel vormt de inleenpotentie. Het overige deel zal worden opgevuld met rechtstreekse dienstverbanden in de vorm van vaste en tijdelijke contracten die door het bedrijf aan werknemers worden verstrekt.

Wat is inleenvolume?

Met inleenvolume bedoelt men het totaal aan inleenkrachten dat door een bedrijf op een bepaald moment wordt ingeleend van intermediairs. In het woord “inleenvolume” zit de woorden “in leen” verwerkt. De desbetreffende inleenkrachten worden door het bedrijf ingeleend en zijn dus in leen. Het bedrijf leent de werknemers van bijvoorbeeld uitzendbureaus of detacheringsbureaus. Deze bureaus zijn intermediairs oftewel tussenpersonen. Het bedrijf dat de inleenkrachten inleent wordt daarom ook wel de inlener genoemd.

Inlener
Een inlener is een regulier bedrijf maar kan ook een uitzendbureau of andere intermediair zijn. In het laatste geval wordt een inleenkracht van uitzendbureau X ingeleend door bijvoorbeeld uitzendbureau Y om bij de opdrachtgever van uitzendbureau Y aan de slag te gaan. Dit wordt ook wel een inleen-doorleenconstructie genoemd. Uitzendbureaus kunnen onderling dus uitzendkrachten aan elkaar doorlenen maar de meeste uitzendkrachten gaan gewoon direct via een uitzendbureau aan de slag bij een inlener. Deze inlener kan bijvoorbeeld in de industrie, techniek, zorg enzovoort actief zijn. Het uitzendbureau brengt haar inleenkrachten onder bij de inlener. De inlener is verantwoordelijk voor de aansturing van de inleenkracht maar het uitzendbureau is feitelijk de werkgever.

Intermediairs
De uitzendbureaus of detacheringsbureaus (intermediairs) blijven feitelijk de werkgevers van de uitzendkrachten en het gedetacheerde personeel dat zij uitzenden. Deze bureaus dienen de werknemers die ze uitzenden of uitlenen aan andere bedrijven ook te verlonen. Meestal dragen de uitzendbureaus en detacheringsbureaus ook daadwerkelijk het ziekterisico al kunnen hierover speciale afspraken worden gemaakt met de inlener.

Inleenvolume
Het totaal aan ingeleende krachten bij een bedrijf kan divers zijn. Een bedrijf kan namelijk verschillende inleenkrachten van verschillende uitzendbureaus en detacheringsbureaus hebben ingeleend. Het totaal aan ingeleende krachten vormt het daadwerkelijke inleenvolume van een bedrijf. Als een bedrijf meer personeel wil inlenen dan het inleenvolume dat reeds aanwezig is dan is er sprake van zogenoemde inleenpotentie. Het bedrijf is dan potentieel bereid om meer personeel in te lenen.

Wat is een inhouse uitzendbureau?

Een uitzendbureau is een bedrijf dat zich richt op het bemiddelen van personeel bij opdrachtgevers. Uitzendbureaus zijn hierbij intermediairs, dit houdt in dat deze bureaus als een tussenpersoon functioneren in dit geval tussen personeel en (potentiële) opdrachtgevers. Over het algemeen bestaan de kerntaken van uitzendbureaus uit het zoeken naar personeel en het binnen halen van vacatures van bedrijven en alles wat daarmee samenhangt.

Matchen van uitzendbureaus
De uitzendbureaus proberen het juiste personeelslid te selecteren voor de vacatures die ze van hun opdrachtgevers hebben ontvangen. Als er een goede overeenstemming tussen de functie-eisen van de vacature en de competenties van de kandidaat gemaakt kan worden spreekt men ook wel van een goede ‘match’. Daarom hoort het matchen tot de belangrijkste taak van het uitzendbureau. De intercedenten en recruiters op een uitzendbureau maken deze match.

Inhouse uitzendbureaus en reguliere uitzendbureaus
Er zijn in Nederland vele uitzendbureaus gevestigd. De meeste uitzendbureaus zijn gevestigd in een afzonderlijk pand in bijvoorbeeld een winkelcentrum of op een industrieterrein. Dit zijn uitzendbureaus die over het algemeen kandidaten zoeken voor meerdere opdrachtgevers.

Inhouse uitzendbureaus verschillen van reguliere uitzendbureaus omdat deze bureaus ‘inhouse’ zijn gevestigd. Dit houdt in dat deze uitzendbureaus zich gevestigd hebben in het pand van de opdrachtgever of in een ruimte daaraan vast. Deze bureaus zijn (mede) verantwoordelijk voor de flexibele personeelsplanning van hun opdrachtgever.

Inhouse uitzendbureaus
Een inhouse uitzendbureau is meestal kleinschaliger dan een regulier uitzendbureau. Vaak werken op een inhouse uitzendbureau één of twee intercedenten of planners. Deze personeelsleden worden betaald door het uitzendbureau en staan dus bij het uitzendbureau op de loonlijst.

Deze intercedenten zijn er voor verantwoordelijk om voor het bedrijf, waarin ze gevestigd zijn, de juiste kandidaten te vinden voor de openstaande vacatures. Meestal gaat het om productiebedrijven met een behoorlijk inleenvolume. Zo kunnen productiebedrijven bijvoorbeeld vaak grote aantallen productiekrachten gebruiken en operators. Vooral wanneer de productie stijgt hebben deze bedrijven snel nieuwe flexibele werknemers nodig. Daarom is het belangrijk dat de intercedenten en planners op het bedrijf aanwezig zijn om snel probate oplossingen te bieden.

Wat doen inhouse intercedenten
De intercedenten op een inhouse uitzendbureau regelen intakegesprekken met kandidaten voor het bedrijf waarin ze gevestigd zijn. Daarnaast regelen inhouse intercedenten ook vaak rondleidingen voor sollicitanten die als uitzendkracht aan de slag willen voor het productiebedrijf. Ook dienen de inhouse intercedenten als eerste aanspreekpunt voor vragen van zowel het bedrijf als het uitzendpersoneel dat voor de desbetreffende inhousevestiging aan het werk is.

Verschil tussen inhouse intercedent en reguliere intercedent
Een inhouse intercedent hoeft in tegenstelling tot de meeste andere intercedenten niet zijn of haar best te doen om nieuwe klanten binnen te halen. Daardoor is deze functie iets minder commercieel dan reguliere functieprofielen voor intercedenten. Een intercedent op een inhousevestiging is echter vaak meer administratief en dienstverlenend ingesteld. Dat vereist specifieke competenties van de persoon die als inhouse intercedent wil werken. De functieprofielen van inhouse intercedenten zien er daardoor in de praktijk ook anders uit. Ook de plaats in de organisatie van het uitzendbureau is anders. 

Wat zijn uitzenduren van uitzendbureaus?

Uitzenduren is een woord dat regelmatig wordt gebruikt door uitzendbureaus en statistiekbureaus zoals het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Met uitzenduren bedoelt men het aantal uren dat uitzendkrachten in een bepaalde periode hebben gewerkt. Statistiekbureaus en onderzoeksbureaus kunnen in opdracht van de overheid of uitzendbranche onderzoeken hoe het gaat met de flexibele arbeidsmarkt in Nederland. Het aantal uitzenduren kan daar een duidelijke indicatie van geven.

Uitzenduren als graadmeter voor de economie
Als het aantal uren van uitzendkrachten toeneemt zegt dat wat over het aantrekken van de werkgelegenheid. Veel bedrijven kiezen er voor om in eerste instantie uitzendkrachten in te lenen alvorens ze overwegen om rechtstreeks contracten voor bepaalde en onbepaalde tijd te verstrekken. Als er meer uitzendkrachten worden ingeleend en de uitzendkrachten meer uren werken kan dat een voorteken zijn van het herstellen van de arbeidsmarkt. Geen wonder dat uitzendbureaus ook wel de graadmeter voor de economie worden genoemd.

Wat zijn uitzenduren?
Elk onderzoeksbureau zal trachten een duidelijke omschrijving te geven van het begrip ‘uitzenduren’. Over het algemeen bedoelt men met uitzenduren de uren die een uitzendkracht voor een uitzendbureau werkt bij een inlenende partij (opdrachtgever). Deze uitzendkrachten werken op uitzendbasis (uitzendbeding). Dit houdt in de praktijk in dat ze bij het wegvallen van het uitzendwerk geen loon doorbetaald krijgen. Het werken op uitzendbasis behoort tot de meest flexibele vormen van werken in Nederland.

Uitzenden of detacheren?
Uitzendkrachten kunnen ook een contract krijgen. Meestal werken de uitzendkrachten in eerste instantie in de zogenoemde fase A voor een uitzendbureau. Ze worden dan bemiddeld onder uitzendbeding. Na 78 weken gewerkt te hebben voor een uitzendbureau ontvangt de uitzendkracht een contract van het uitzendbureau als de werkzaamheden worden voortgezet. De uitzendkracht ontvangt dan meestal een contract voor bepaalde tijd maar het is ook mogelijk dat hij of zij meteen een vast contract krijgt. Vanaf het moment dat de uitzendkracht een contract heeft zou je eigenlijk van detachering kunnen spreken.

Er zijn echter detacheringbureaus die hun flexibele arbeidskrachten meteen vanaf de eerste werkdag op contract nemen. Dat biedt voor detacheringkrachten meer zekerheden. Bij het wegvallen van de werkzaamheden van de inlener krijgen de contractanten van het detacheringbureau toch nog loon doorbetaald tot ze de volgende opdracht bij een inlener kunnen uitvoeren. Zowel uitzendbureaus als detacheringbureaus kunnen hun personeel detacheren.

Definitie uitzenduren
Onderzoeksbureaus kunnen bij het in kaart brengen van het aantal uitzenduren over een periode zowel de uitzenduren in fase A (met uitzendbeding) bedoelen als de uren die uitzendkrachten op contactbasis voor een uitzendbureau of detacheringbureau werken. Daarom moet men bij de onderzoeken altijd kijken hoe men deze begrippen definieert.

Wat is het verschil tussen uitzenden en detacheren?

In Nederland kun je als flexibele arbeidskracht door verschillende arbeidsbemiddelingsbureaus aan een baan worden geholpen. Er zijn verschillende vormen van flexibele arbeid waarvan uitzenden en detacheren wel de meest bekende varianten zijn. Hieronder is bondig beschreven wat uitzenden en detacheren is en wat de verschillen tussen deze vormen van flexibele arbeid zijn.

Wat is uitzenden?
Een flexibele arbeidskracht die op uitzendbasis aan het werk gaat wordt ook wel een uitzendkracht genoemd. Deze medewerker werkt op basis van een uitzendcontract. Dit is een overeenkomst die niet verward moet worden met een contract voor bepaalde tijd of contract voor onbepaalde tijd. Een uitzendcontract wordt daarom ook wel uitzendovereenkomst genoemd of een overeenkomst op basis van het uitzendbeding. Een uitzendkracht doet over het algemeen tijdelijk werk bij een bedrijf terwijl hij of zij feitelijk in dienst is van het uitzendbureau. Uitzenden op basis van uitzendbeding houdt in dat de overeenkomst met het uitzendbureau wordt beëindigd zodra de werkzaamheden stoppen. Over het algemeen wordt bij langdurig uitzenden welk een opzegtermijn gehanteerd maar dit is niet altijd verplicht.

Uitzendwerk hoeft niet altijd voor korte duur te zijn. Sommige bedrijven hebben uitzendkrachten voor lange periodes nodig. De uitzendkracht zal in zijn of haar uitzendperiode steeds meer rechten opbouwen. Na 78 gewerkte weken bij één uitzendbureau te hebben gewerkt komt de uitzendkracht in fase B. Dit houdt in dat de uitzendkracht een bepaalde tijdscontract moet krijgen indien zijn of haar dienstverband wordt voortgezet en niet wordt onderbroken door een periode van 26 weken of langer. In fase B heeft een uitzendkracht meer binding met het uitzendbureau en heeft de uitzendkracht een contract voor bepaalde of onbepaalde tijd.

Wat is detacheren?
Een uitzendbureau of detacheringsbureau is verplicht om medewerkers in fase B en C van de ABU cao een detacheringscontract te bieden. De fase B en C van ABU cao zijn vergelijkbaar met de fase 3 en 4 van de NBBU cao. Ondanks dat kan een uitzendbureau of detacheringsbureau er voor kiezen om flexibele arbeidskrachten in fase A of fase 1 een contract te bieden. In dat geval is een uitzendkracht in feite een gedetacheerde kracht met een contract zonder uitzendbeding. Einde opdracht houdt dan niet automatisch einde dienstverband in. Een gedetacheerde flexibele arbeidskracht heeft meer zekerheid dan een uitzendkracht die op basis van fase A tewerk wordt gesteld. Een gedetacheerde arbeidskracht heeft namelijk een arbeidsrelatie met het detacheringsbureau voor de duur van het detacheringscontract. Een detacheringscontract kan voor bepaalde tijd zijn of voor onbepaalde tijd. Detacheringspersoneel kan via het detacheringsbureau bij verschillende opdrachtgevers worden gedetacheerd gedurende de termijn van het contract.

Wat zijn de verschillen tussen uitzenden en detacheren?
Hierboven staan de kenmerken of eigenschappen van uitzenden en detacheren. Hieruit komt naar voren dat het verschil tussen uitzenden en detacheren vooral de aard van het dienstverband is dat de flexibele medewerker heeft bij het uitzendbureau of detacheringsbureau. Een gedetacheerde arbeidskracht heeft over het algemeen meer zekerheid over de duur van zijn of haar dienstverband bij het detacheringsbureau. Dit komt omdat gedetacheerd personeel een contract heeft voor een bepaalde tijd of onbepaalde tijd. Dit contract blijf bestaan ook wanneer de duur van de werkzaamheden bij een opdrachtgever korter is dan de contractduur die is overeengekomen met het detacheringsbureau. Een detacheringsbureau is verplicht om salaris door te betalen aan haar detacheringskrachten ook wanneer er geen opdrachtgevers zijn waar deze krachten tewerk gesteld kunnen worden. Dit brengt financiële risico’s met zich mee. Deze financiële risico’s dekt het detacheringsbureau af in het tarief dat dit bureau doorberekend aan haar klanten.

Detacheringpersoneel wordt over het algemeen voor langere projecten ingezet dan projecten waar uitzendkracht tewerk worden gesteld. Detacheringsprojecten duren over het algemeen een half jaar of langer. Omdat detacheringspersoneel over het algemeen langdurig voor een detacheringsbureau werkt wordt er in detacheringspersoneel verhoudingsgewijs veel geïnvesteerd. Hierbij kan gedacht worden aan leaseauto’s, trainingen en opleidingen. De arbeidsvoorwaarden voor detacheringpersoneel zijn over het algemeen gunstiger dan de arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten. Detacheringsbureaus zijn overigens niet de enige bureaus die detacheren, ook uitzendbureaus en bedrijven kunnen detacheren.