Wat is een P&ID of piping and instrumentation diagram?

Een piping and instrumentation diagram wordt ook wel een process and instrumentation diagram genoemd dit wordt ook wel aangeduid met P&ID. Een piping and instrumentation diagram is een schematische tekening waarop is aangegeven hoe een procesinstallatie er uit zit. Op deze tekening kan men aflezen uit welke pijpen en instrumentatie een installatie is opgebouwd. Op een P&ID zijn deze onderdelen echter doormiddel van symbolen aangeduid. Het vereist de nodige ervaring om een P&ID goed te kunnen lezen.

P&ID
In een P&ID worden ook regelkringen schematisch weergegeven. De pijpen of leidingen waaruit de installatie is opgebouwd worden in een P&ID diagram weergegeven met een doorgetrokken lijn. De regelkringen worden met een stippellijn gevisualiseerd. Door deze lijnen wordt duidelijk hoe de leidingen en andere onderdelen van een procesinstallatie met elkaar zijn verbonden. De stippellijn maakt de verbinding inzichtelijk tussen de verschillende instrumenten die gegevens leveren aan de regeltechniek.

Normen
Bij het opstellen van een P&ID maakt men gebruik van normen. Hierbij kan men gebruik maken van de ISO of de Instrumentation, Systems, and Automation Society (ISA) Standaard S 5.1. Hierin is beschreven hoe men een P&ID moet maken. Hoewel de normen universeel zijn komt men in de praktijk vaak verschillen tegen in de vormgeving van de P&ID’s. Vaak wordt een P&ID aangepast en geschreven binnen het kader van een specifieke bedrijfstak.

Componenten op P&ID
Op een P&ID kunnen verschillende componenten  worden weergegeven:

  • Keerkleppen
  • Veiligheidskleppen
  • Warmtewisselaars
  • Connectoren
  • Ketels
  • Pompen
  • Meters of sensoren
  • Compressoren

Deze componenten worden niet getekend maar aan de hand van symbolen op de tekening gezet.

Uitleg symbolen P&ID
Tussen de P&ID’s van bedrijfstakken kunnen verschillen ontstaan in de manier waarop de componenten zijn weergegeven in het schema. Daarom wordt bij een P&ID over het algemeen een lijst of overzicht geleverd waarop de getekende elementen zijn omschreven.  Daarnaast wordt meestal een legenda weergegeven en een lijst met verklaringen voor de afkortingen die gebruikt worden om de functies van instrumenten en regelkringen aan te geven op de P&ID.

Wat is een veldbus en waar wordt een veldbus toegepast?

Een veldbus is een term die wordt gebruikt in de elektronica en automatisering. Een veldbus is een soort bus binnen het kader van de elektronica. In de elektronica wordt namelijk onder een bus een gemeenschappelijk transportmedium verstaan dat gebruikt wordt voor het transporteren van elektronische signalen. Een veldbus wordt gebruikt voor het verzenden van taken in een software gecontroleerd systeem.

Dit gebeurd realtime in bijvoorbeeld de besturing van machines en processen in fabrieken in de procesindustrie. Een veldbus is een digitale bus oftewel een digitaal transportmedium. De veldbus werd in de jaren tachtig van vorige eeuw ontwikkeld. De communicatie tussen machinedelen vond toen voornamelijk nog analoog plaats. De veldbustechnologie moest het alternatief worden van deze analoge technologie.

Waarvoor wordt een veldbus gebruikt?
Een veldbus wordt dus gebruikt voor het verzenden van digitale gegevens. Dit zijn bijvoorbeeld gegevens van onderdelen van machines en processen. Veel machines en processen bevatten sensoren en meetinstrumenten die gegevens verzamelen en transporteren naar bijvoorbeeld Programmable Logic Controllers (PLC) of stuurcomputers. Ook kunnen er actuatoren aangesloten zijn evenals een interface waardoor de machineoperator kan communiceren met de computerbesturing van de machine waar hij of zij mee werkt. Door een veldbus toe te passen ontstaat er een storingsvrije en deterministische communicatie tussen machineonderdelen.

Vanaf 1999 heeft men binnen dit proces een standaardisatie ingevoerd. Deze standaardisatie valt onder de IEC 61158 norm: “Digital data communication for measurement and control—Fieldbus for use in industrial control systems”. Er zijn door de jaren heen veel verschillende veldbussen ontwikkelt. Deze zijn onderling niet compatibel. Vaak hebben veldbussen wel specifieke kenmerken doordat ze bijvoorbeeld de nadruk hebben op een bepaalde functionaliteit.

CODESYS
CODESYS is een ontwikkelomgeving waarin softwareprogrammeurs software kunnen testen. CODESYS staat voor Controller Development System en is ontwikkelt door het Duitse softwarebedrijf 3S-Smart Software Solutions. In CODESYS kan een softwareprogrammeur verschillende softwareproducten ontwikkelen en testen.

Binnen CODESYS kunnen bijvoorbeeld verschillende soorten veldbussen worden gebruikt in het programmeersysteem. Daarvoor bevat CODESYS geïntegreerde configuratoren die toegepast kunnen worden voor de meest gebruikte systemen. Hierbij kan men denken aan Profibus, EtherCAT, CANopen en ProfiNet.

Is Nederland nog interessant voor de industriële sector?

De industrie in Nederland heeft het niet makkelijk. Veel grondstoffen voir de industrie moeten uit het buitenland worden gekocht en getransporteerd.  Dat kost geld bovendien is de bouwgrond in Nederland kostbaar, ook voor de industrie. Er moeten kosten worden bespaard om de industrie rendabel de houden voor Nederlandse fabrikanten.

Industriële automatisering

Automatisering is een belangrijk onderwerp voor de industrie.  Door processen te automatiseren kan men sneller produceren en wordt de kans of fouten verkleint, althans dat is de gedachte. Door verschillende verbeterprocessen tracht men de productie in de procesindustrie te optimaliseren.  Denk hierbij aan de Lean processen die ook wrl Lean management en Lean manufacturing worden genoem. Door kosten te besparen en productieprocessen ‘lean’ oftewel ‘slank’ te maken kan men binnen redelijk korte tijd kosten besparen. Daarna zal men nog meer moeten bezuinigen als men ten opzichte van de concurrentie te duur produceert. Industriële automatisering kan een ondersteunende rol spelen in dit geheel omdat doormiddel van deze automatisering processen worden aangestuurd, gecontroleerd en gevisualiseerd.

De belangrijkste vraag is niet zozeer of men moet investeren in industriële automatisering,  veel belangrijker is de vraag of Nederland wel een geschikt massaproductieland is. De grond is in Nederland verhoudingsgewijs duur ten opzichte van dunbevolkte landen. Daarnaast ligt het loon van Nederlandse werknemers veel hoger dan de salarissen van werknemers in lage loonlanden. Is Nederland eigenlijk wel een geschikt land voor de massaproductie en maakindustrie?

Focus op ontwikkeling en innovatie

Doormiddel van efficiënt produceren kan Nederland nog redelijk concurreren met andere landen in de wereld. Dit kan Nederland niet heel lang volhouden omdat andere landen op dit gebied bezig zijn met een inhaalslag. Nederland kan zich daarom beter richten op onderzoek en ontwikkeling.  Het bedenken van innovatieve oplossingen. Er is altijd behoefte aan verbetering van machines en processen.   Voor het ontwikkelen en ontwerpen heeft men in de praktijk minder bedrijfsoppervlakte nodig dan het produceren van massaproductie.

Bovendien is kennis het belangrijkste element van de kenniseconomie en niet de productie. Nederland kan beter zelf innovatieve oplossingen bedenken voor een effectieve productie terwijl andere landen deze tegen betaling implementeren. Daarnaast kunnen fabrieken voor massaproductie beter in het buitenland worden gebouwd.

Niets meer produceren in Nederland? 

Uit bovenstaande zou je kunnen concluderen dat er niets meer in Nederland geproduceerd moet worden. Dit is echter onverstandig. De alinea’s hiervoor benadrukken dat Nederland niet geschikt is voor massaproductie.  Maatwerkproductie en productie van prototypes en kleine series vallen hier buiten. Kleinere specialistische producenten kunnen zeer snel overschakelen als de wensen van de klant en de markt veranderen. Deze dynamische bedrijven die productieprocessen uitvoeren hebben een goede kans om te kunnen blijven voortbestaan in de wereldwijde concurrentie als ze maar tijdig inspelen op de voortdurend veranderende behoefte van de potentiële klanten. Innovatie staat ook bij deze kleinere productiebedrijven centraal.

Is Nederland nog interessant voor de industrie?

Dan komen we bij de vraag og Nederland nog interessant is voor fe industrie.  Deze vraag kan met een volmondig “ja” worden beantwoord.  Alleen is Nederland niet interessant als massaproductieland maar als toonaangevende speler in de innovatie met betrekking tot de industrie.  Nederland moet zijn positie als kennisland nog steviger neerzetten in de markt. Het land moet een denktank worden voor andere landen die goedkoop kunnen produceren.  Dit vereist dat Nederland meer moet investeren in het opleiden van technici en studenten zodat hun kennisniveau wordt verhoogd. Opleidingen moeten een stevige samenwerking aangaan met het bedrijfsleven zodat studenten relevante kennis opdoen en nuttige opdrachten voor het bedrijfsleven kunnen uitvoeren. Tijdens stages kunnen studenten trachten om bij stagebedrijven te experimenteren met nieuwe innovaties. Daarvoor moet de ruimte geboden worden.

Tot slot

Door personeel en studenten alleen maar producten te laten namaken aan de hand van voorbeelden wordt er nooit iets nieuws bedacht. Nederland moet op zoek gaan naar nieuwe oplossingen,  systemen en machines. Het bestaande wordt wel gekopieerd door opkomende economieën.  Daar moet Nederland xich niet tussen gaan begeven. We moeten voorop lopen. Dan weet iedereen in deze wereld ons kleine land op de kaart te vinden en neemt de handel, waarmee wij ‘groot’ zijn geworden, toe.

Wat is een Gyrolokker en wat doet deze werknemer?

Soms hoor je de term ‘Gyrolokker’ als men het heeft over leidingwerk.  Gyrolokker wordt dan gebruikt als iemand die een bepaald beroep uitoefent. Gyrolokker is echter geen beroep. Deze term verwijst naar een bepaald type fitting, namelijk een Twin ferrule fitting. Een aantal bekende merken van dit type fitting zijn Parker A-lok, Swagelok en Gyrolok. Het merk Gyrolok is dus verwerkt in het woord ‘Gyroloker’ of ‘Gyrolokker’. In feite is een Gyrolokker iemand die werkt als fitter en daarbij ervaring heeft met de Twin ferrule fittingen van het merk Gyrolok.

Twin ferrule fittingen worden voornamelijk gebruikt in klein leidingwerk. Daarbij worden leidingen verbonden doormiddel van knelkoppelingen. Het werken aan kleine leidingen en het bevestigen van leidingen doormiddel van knelkoppelingen wordt ook wel tubing genoemd. Het is daarbij wel belangrijk dat men weet met welke merken de fitter ervaring heeft. De onderdelen van de verschillende merken zijn namelijk meestal niet uitwisselbaar. Het woord ‘Gyrolokker’ maakt duidelijk dat de desbetreffende fitter ervaring heeft met dit merk twin ferrule fittingen. Daarom gebruiken sommige fitters dit woord om duidelijk te maken wat voor type fitter ze zijn. Deze fitters hebben speciale certificaten behaald om de fittingen veilig aan te brengen in installaties.

Wat is een skid en wat is skidbouw?

Een skid is een installatie voor de procestechniek/ procesindustrie. Hierbij is de installatie op een frame gemonteerd. Een skid is voor veel bedrijven in de procesindustrie een ideale oplossing omdat een complete installatie op een frame sneller kan worden geïnstalleerd dan alle losse componenten op de locatie zelf assembleren. Hierdoor heeft een productieproces minder lang onderbroken te worden. dit scheelt tijd en zorgt er voor dat het productieniveau zo goed mogelijk kan worden gehandhaafd.

Wat is een skid?
Een skid is een onderdeel van de procestechniek. Op het frame van de skid kunnen echter verschillende componenten worden gemonteerd. Dit kunnen bijvoorbeeld warmtewisselaars, pompen, tanks en onderdelen van leidingen zijn. Daarnaast is het ook mogelijk om op een frame een totale installatie te monteren met daarbij de meet- en regeltechniek. Hierdoor kan een skid een apparaat zijn maar ook een complete installatie.

Wat is skidbouw?
Skidbouw is het bouwen van skids. Er zijn verschillende bedrijven die skids bouwen. Dit zijn veelal gespecialiseerde bedrijven die ervaring hebben met hoogwaardige techniek. Een skid bestaat meestal uit een redelijk eenvoudig gedeelte en een complex gedeelte. Het frame is bijvoorbeeld eenvoudig. De frames worden meestal van roestvast staal gemaakt omdat dit materiaal een hoge weerstand heeft tegen corrosie. Voor de stevigheid kan een frame worden gelast. Een lasverbinding is een onuitneembare verbinding. Dit zorgt er voor dat het frame niet eenvoudig uitelkaar genomen kan worden en getransporteerd. Het is echter ook mogelijk om een uitneembare verbinding te gebruiken door bijvoorbeeld bouten en moeren toe te passen.

Het complexe deel van de skid is de daadwerkelijke installatie of procesonderdeel dat binnen het frame of op het frame wordt gemonteerd. Dit kunnen pompen zijn maar ook onderdelen van leidingen en tanks. Hierbij kan sprake zijn van verschillende lasverbindingen maar ook van flensverbindingen. Leidingen en apparaten kunnen verschillende vormen hebben en daarnaast kunnen er verschillende eisen worden gesteld aan de installatie. Zo kan men bijvoorbeeld eisen stellen aan de druk die de desbetreffende installatie aan moet kunnen. Ook kan men eisen stellen aan de hygiëne en corrosievastheid. Binnen het frame kunnen ook meetcomponenten worden geplaatst die bepaalde grootheden kunnen meten.  Deze meetinstrumenten kunnen digitaal maar ook analoog zijn. Daarnaast kunnen ook regeltechnische componenten worden aangebracht. Deze componenten bestaan meestal uit zowel hardware als software.

Functie in de skidbouw
De combinatie van hardware, software, leidingen en constructie zorgt er voor dat een skid een complex geheel kan vormen. Daarom werken specialisten aan de bouw van een skid. Dit kunnen mensen met uiteenlopende functies zijn. Voor het maken van een frame worden assemblagemedewerkers, samenstellers en lassers ingezet. Daarnaast worden voor de installatie van de componenten meestal assemblagemonteurs ingezet met een elektrotechnische, mechanische of mechatronische achtergrond. Goed tekening kunnen lezen is voor de boven genoemde functies van groot belang. Meet- en regeltechnici en inbedrijfstellers zijn monteurs die in de assemblagefase maar ook vaak op locatie er voor zorgen dat de installatie op de skid zo wordt geprogrammeerd dat de gewenste bewerking in het proces wordt uitgevoerd.

Wat is een fabricaat of fabrikaat?

Fabricaten zijn producten die gemaakt zijn door een fabriek. Het woord fabriek is dan  ook terug te vinden in het woord fabricaat. Soms wordt het woord fabricaat ook nog in de verouderde spelling geschreven als ‘fabrikaat’. Dit is echter sinds 2006 niet meer de juiste spelling. Daarom gebruikt men nu het woord fabricaat.

Wat is een fabricaat?
Een fabricaat is een eindproduct. Het komt tot stand in fabrieken. In fabrieken vinden meestal meerdere geautomatiseerde processen plaats waarbij een grondstof wordt verwerkt tot een eindproduct. Men kan bijvoorbeeld hout als grondstof gebruiken en doormiddel van verschillende zaagmachines en schaafmachines het hout bewerken. Lijmmachines of spijkermachines kunnen vervolgens van de houten delen meubels maken of bijvoorbeeld houten speelgoed.

Van olie kunnen ook verschillende fabricaten worden gemaakt die variëren van vloeibare brandstoffen tot vaste producten in de vorm van plastics. Ook van metalen worden verschillende fabricaten gemaakt. Daarbij wordt het metaal eerst gewonnen uit erts en vervolgens gelegeerd zodat een goede grondstof ontstaat voor de verdere bewerkingen die moeten plaatsvinden om tot een bruikbaar eindproduct te komen.

Wat halffabricaat?
In de techniek wordt het woord halffabricaat ook regelmatig gebruikt. Een halffabricaat is als het ware een tussenfase in een productieproces. Halffabricaten zijn dus gedeelten van producten die nog afgemaakt of samengevoegd moeten worden tot een eindproduct. Als men bijvoorbeeld uit ijzererts het ijzer haalt in hoogovens kan men het ijzer in een bepaalde vorm gieten en doormiddel van verschillende processen vervormen tot halffabricaten. Doormiddel van walsen, kanten en zetten kan men plaatstaal in de gewenste vorm brengen. Dit plaatstaal kan vervolgens als halffabricaat worden beschouwd en verwerkt tot een behuizing voor bijvoorbeeld machines of apparaten. Net als fabricaten kunnen halffabricaten van verschillende materialen worden gemaakt. Een halffabricaat staat echter dichter bij de grondstof dan het fabricaat. Het fabricaat wordt gebruikt door de eindgebruiker.

Wat zijn gasleidingen en van welke materialen worden deze gemaakt?

Voor het transporteren van verschillende stoffen in gasvorm kan gebruik worden gemaakt van zogenoemde gasleidingen. Deze leidingen zijn buizen die gemaakt zijn van een metaallegering of van een kunststof. Gasleidingen worden in Nederland door verschillende specialistische bedrijven gelegd. Deze bedrijven kunnen onder andere onder de nutsbedrijven vallen zoals de Gasunie. Daarnaast zijn er veel reguliere bedrijven die in opdracht van nutsbedrijven gasleidingen aanbrengen. Het gaat hierbij meestal om aardgasleidingen. Er zijn echter ook andere gasleidingen die worden gelegd. Hieronder is meer informatie weergegeven over materialen die voor gasleidingen worden gebruikt en verschillende gassen die door gasleidingen heen kunnen stromen.

Welke materiaal kiest men voor een gasleiding?
Gasleidingen kunnen van verschillende materialen worden gemaakt. De keuze van het materiaal voor een gasleiding is afhankelijk van een aantal factoren:

  • Het soort gas dat getransporteerd wordt. Hierbij wordt extra aandacht besteed aan de risico’s op ontploffing, brand en ander schadelijke gevolgen zoals vergiftiging en verstikking die kunnen ontstaan wanneer gas uit de gasleiding ontsnapt.
  • De capaciteitseisen die worden gesteld aan het transport door de gasleiding. Kortom hoeveel gas moet worden getransporteerd op een bepaald moment. Dit bepaald mede de diameter van de leiding.
  • De druk waarmee gassen worden getransporteerd. De druk van gas heeft te maken met de capaciteitseisen. Als gassen snel getransporteerd moeten worden zal er veel druk op de gasleiding staan en moet de gasleiding van extra stevig materiaal worden gemaakt. Daarnaast worden ook extra hoge eisen gesteld aan de verbindingen waaruit het gasleidingtraject bestaat.
  • De invloeden van buitenaf die druk uitoefenen op de gasleiding. Hierbij kan gedacht worden aan bewegingen en trillingen die afkomstig zijn van gebouwen en machines waarin de gasleidingen zijn geplaatst.
  • Weersinvloeden zoals wind, sneeuw, hagel en regen kunnen ook invloed hebben op gasleidingen die buiten zijn geplaatst.
  • Temperatuur heeft eveneens een invloed op de gasleiding. Hierbij kan gedacht worden aan de omgevingstemperatuur waar de gasleiding is geplaatst en aan de temperatuur van de gassen die worden getransporteerd.
  • Corrosievastheid is belangrijk wanneer een leiding geplaatst is in de buitenlucht en met name in een omgeving met zouten zoals een zeeklimaat.
  • De prijs is ook van invloed bij het bepalen van het materiaal van een gasleiding.

Welke gassen worden vervoerd door een gasleiding?
Er worden verschillende gassen door gasleidingen getransporteerd. Door gasleidingen of pijpleidingen wordt onder ander aardgas getransporteerd. Daarnaast zijn er gasleidingen waar perslucht doorheen stroomt. Ook zijn er gasleidingen voor zuurstofgas, koolwaterstoffen, stikstofgas en waterstofgas. Dit zijn slechts een aantal voorbeelden. In onder andere de procesindustrie worden zeer veel verschillende gassen doormiddel van pijpleidingen getransporteerd.

Bevestigingsmethodes voor gasleidingen
Gasleidingen kunnen op verschillende manieren aan elkaar worden bevestigd. De bevestigingsmethodes kunnen worden onderverdeeld in uitneembare verbindingen en niet-uitneembare verbindingen. Voorbeelden van uitneembare verbindingen zijn:

  • Verbindingen van flenzen die doormiddel van bouten aan elkaar worden verbonden. Deze verbindingen worden gemaakt door flensmonteurs die hiervoor een speciale opleiding of cursus hebben gehad.
  • Koppelingen die gebaseerd zijn op schroefdraadverbindingen kunnen uit elkaar worden gehaald en zijn dus uitneembaar. Deze koppeldingen kunnen doormiddel van fittingen worden gemaakt en worden gemaakt door pijpfitters en installatiemonteurs.

Niet-uitneembare verbindingen

  • Verbindingen die doormiddel van lassen tot stand worden gebracht. Hierbij kan men denken aan gasleidingen die aan elkaar worden verbonden doormiddel van autogeen lassen, TIG-lassen, Mig/Mag lassen en elektrode lassen. Een bijzonder lasproces dat in de buitenlucht voor gasleidingen kan worden toegepast is fleetwelding hierbij worden zogenoemde pipeline-laselektroden gebruikt.
  • Sommige verbindingen worden doormiddel van vervorming tot stand gebracht. Buizen worden in elkaar geplaatst en vervolgens wordt er met een machine een vervorming zoals een rand aangebracht in de buis. Door deze vervorming kan de leiding niet eenvoudig weer uitelkaar worden gehaald en weer in elkaar worden gezet. Men zal telkens opnieuw een onvervormde leiding of buis moeten gebruiken om een goede verbinding te maken.
  • Spiegelassen wordt ook wel stuiklassen genoemd en wordt onder andere toegepast bij kunststof gasleidingen. Hierbij worden de uiteinden van twee leidingen gesmolten tegen een hete plaat (deze plaat wordt ook wel spiegel genoemd). Na het verwijderen van de spiegel worden de gesmolten uiteindes van de buizen tegen elkaar gedrukt. Na het uitharden van het gesmolten kunststof ontstaat een stevige verbinding. Spiegellassen wordt toegepast bij verschillende kunststoffen zoals polyetheen (HDPE), polypropeen (PP) en Polyvinyldieenfluoride (PVDF). Spiegellassen of stuiklassen kan worden gedaan door een spiegellasser of stuiklasser. Meestal vormt spiegelassen een onderdeel van installatiewerk.

Naast het aansluiten, fitten en lassen van gasleidingen worden ook appendages aangebracht. Dit zijn onderdelen die met de installatie verbonden zijn zoals kleppen en afsluiters. Verder wordt er aan installaties ook meetapparatuur en regelapparatuur gemonteerd. Met meetapparatuur men bijvoorbeeld de temperatuur of de druk meten van de gassen die door de leidingen stromen. Daarnaast is er ook regelapparatuur waarmee onder andere de druk kan worden ingesteld. De meet- en regeltechniek is zeer nauwkeurige techniek waarbij elektrotechnische componenten, elektronica, software en mechanische componenten nauw met elkaar verbonden zijn. Deze apparatuur wordt aangebracht door specialisten. Meestal is dit een instrumentatiefitter, een onderhoudstechnicus Instrumentatie OTI of een servicetechnicus Electro STE.

Wat leer je op de opleiding servicetechnicus Electro STE?

De opleiding servicetechnicus Electro wordt ook wel afgekort met STE. Deze opleiding komt overeen met de Opleiding technicus instrumentatietechniek OTI. Op de meeste vacatures die gericht zijn op het onderhouden, reviseren, inregelen en het storing zoeken in instrumentatie kan men met beide opleidingen solliciteren. De opleiding servicetechnicus Electro STE is net als de OTI een opleiding op mbo-niveau 4. De opleiding wordt gegeven als een BBL-traject.

Dit houdt in dat de deelnemer aan de opleiding door de week werkzaam is bij een bedrijf en in de avond of op één doordeweekse dag naar een opleidingsinstituut moet voor de theoretische aspecten van de opleiding. Hiervoor dient de deelnemer aan de opleiding servicetechnicus Electro echter wel een relevante werkplek te hebben. Een BBL-traject wordt ook wel ‘werken en leren’ genoemd. Dit heeft voor de deelnemer een aantal voordelen. Zo verdient de BBL-er een salaris en wordt door de opleiding zijn of haar kennisniveau vergroot.

Vooropleiding voor opleiding servicetechnicus Electro STE
De opleiding servicetechnicus Electro is een mbo opleiding op niveau 4. Het is belangrijk dat deelnemers aan deze opleiding over voldoende niveau beschikken. De lesstof van de opleiding STE is zeer specialistisch en gericht op met name elektrotechniek. Daarom is een elektrotechnische opleiding op mbo niveau 3 minimaal vereist. Ook relevante opleidingen met vergelijkbare lesstof kunnen worden geaccepteerd als voldoende vooropleiding. Voor meer informatie over de vooropleiding kan men het beste contact opnemen met een opleidingsinstituut waar de opleiding servicetechnicus Electro wordt gehouden. Verder volgt er altijd een intakegesprek voordat men aan de opleiding mag beginnen.

Inhoud opleiding servicetechnicus Electro STE
De duur van de opleiding STE is twee jaar. De opleiding wordt in de middag of avond gegeven. Dit is meestal afhankelijk van het opleidingsinstituut. Gedurende de opleiding werkt de deelnemer ook bij een bedrijf in een relevante sector en doet de deelnemer ook relevante werkzaamheden. Hierbij kan gedacht worden aan bedrijven in de procesindustrie of andere bedrijven waar men zich richt op onderhoudstechniek en meet- en regeltechniek. Tijdens de werkzaamheden leert de deelnemer veel praktische vaardigheden aan die bij het beroep servicetechnicus Electro van toepassing zijn. Tijdens de leermomenten op school worden theoretische aspecten en achtergronden behandelt. Het practicum vindt meestal plaats in een speciaal praktijkcentrum dat gericht is op procesbesturing.

Tijdens de opleiding leert de deelnemer meet- en regelsystemen geïnstalleerd moeten worden. Naast het in bedrijfstellen van deze systemen leert de deelnemer deze systemen ook onderhouden en te kalibreren. Ook het werken met onderhoudsschema’s wordt geleerd zodat de aankomend servicetechnicus Electro in de praktijk methodisch aan de slag kan.

Een bijzonder aspect van de opleiding is gericht op het samenwerken met andere medewerkers binnen de procesindustrie. Een servicetechnicus Electro moet in de praktijk vaak nauw samenwerken met collega’s in verschillende functies. Hierbij kan gedacht worden aan mechanisch onderhoudsmonteurs maar ook aan operators en productiemedewerkers. In sommige gevallen zal de servicetechnicus Electro als een soort coördinator moeten werken bij het oplossen van storingen. Daarvoor moet hij of zij goed kunnen communiceren en samenwerken. Het overdragen van informatie is erg belangrijk bij het oplossen van storingen en het voorkomen van storingen in de instrumentatie en alle apparatuur die daarmee verbonden is. Daarom wordt aan dit aspect ook aandacht besteed tijdens de opleiding STE.

Verder is veiligheid een belangrijk aspect. Met name in de chemische sector kunnen de gevolgen van onachtzaam handelen zeer groot zijn. Daarom leren de deelnemers aan de opleiding verschillende veiligheidsaspecten die tijdens de uitvoering van het werk aan de orde kunnen komen.

De opleiding STE wordt afgesloten  met een Proeve van Bekwaamheid. Nadat de deelnemer deze succesvol heeft afgerond ontvang hij of zij het diploma servicetechnicus Electro. Dit is een mbo-diploma met waarde op de arbeidsmarkt.

Wat kun je met de opleiding servicetechnicus Electro STE?
De procesindustrie vormt een belangrijk onderdeel van het bedrijfsleven in Nederland. Verschillende bedrijven zijn actief in deze sector die ook wel de ‘maaksector’ wordt genoemd. In de procesindustrie worden namelijk verschillende producten gemaakt. Hierbij kan gedacht worden aan medicijnen, voedingsmiddelen, gebruiksvoorwerpen maar ook aan petrochemische producten. De fabrieken waarin deze producten worden geproduceerd zijn even divers als de producten zelf. Dit houdt in dat er verschillende systemen in de fabrieken aanwezig zijn die het proces aansturen, meten en controleren.

Met name op het gebied van meet- en regeltechniek is de servicetechnicus Electro inzetbaar. De meetapparatuur moet goed zijn afgesteld zodat precies de juiste hoeveelheden, de juiste snelheden of de juiste temperatuur wordt gemeten. Ook de samenstelling van producten en stoffen kan men meestal met meetapparatuur in kaart brengen. De afstelling van meetapparatuur wordt ook wel kalibratie of kalibreren genoemd. Een servicetechnicus Electro kan deze kalibratie uitvoeren en moet daarvoor zeer nauwkeurig te werk gaan.

Ook regelapparatuur is volop aanwezig in de procesindustrie. Doormiddel van deze apparatuur worden verschillende parameters van proces geregeld. De instrumentatie die hiervoor gebruikt wordt is zeer divers. Sommige instrumentatie is gericht op het verhogen van de temperatuur andere instrumentatie vergroot juist de snelheid van stoffen. Zo zijn er nog veel meer voorbeelden op te noemen. Een servicetechnicus Electro kan deze regelapparatuur instellen en controleren. Dit is een belangrijke taak die grote gevolgen kan hebben voor het proces.

De geautomatiseerde installaties en apparaten worden door de servicetechnicus Electro ook geprogrammeerd. Hierbij komt besturingstechniek aan de orde met bijbehorende software zoals PLC’s en SCADA.

Een servicetechnicus Electro zal in de praktijk veel moeten samenwerken met andere collega’s zoals onderhoudsmonteurs, procesoperators, operators en productiepersoneel.

Ploegendienst en consignatie
In de procesindustrie draaien veel bedrijven volcontinue. Dit houdt in dat deze bedrijven dag en nacht doordraaien. De meeste processen zijn niet volautomatisch en er zal daardoor altijd personeel nodig zijn om processen in beweging te houden, te controleren en reparaties te verrichten. Ook de servicetechnicus Electro zal in de praktijk regelmatig nodig zijn buiten de gebruikelijke ‘kantooruren’. Deze monteurs werken daarom regelmatig in ploegendienst. Een ploegendienst is ingepland op een ploegenrooster. Er zijn verschillende ploegendiensten zoals tweeploegendienst, drieploegendienst, vierploegendienst en vijfploegendienst. De keuze voor een bepaalde ploegendienst is afhankelijk van het bedrijf en de processen die daarbij plaatsvinden.

Naast ploegendienst kan een servicetechnicus Electro ook consignatiediensten draaien. Deze diensten worden ingepland in een rooster. Tijdens een consignatiedienst is de STE oproepbaar bij storingen of calamiteiten. De STE moet tijdens deze diensten meestal binnen een bepaalde straal van het bedrijf verblijven. Als het bedrijf de monteur nodig heeft moet deze vaak binnen een half uur aanwezig zijn bij het bedrijf.

Wat leer je op de opleiding Onderhoudstechnicus Instrumentatie OTI?

De opleiding Onderhoudstechnicus Instrumentatie wordt ook wel afgekort met OTI. Deze opleiding duurt 2,5 jaar en wordt gegeven aan verschillende opleidingsinstituten in Nederland. De opleiding OTI is BBL-opleiding dit houdt in dat deelnemers aan de opleiding werken en leren. De deelnemers zijn door de week werkzaam bij een bedrijf in een relevante sector en voeren werkzaamheden uit die verband houden met de opleiding. De theoretische aspecten en inhoud van de OTI opleiding leert de leerling op het opleidingsinstituut. De theorie van de opleiding kan in de avonduren worden gevolgd of één dag per week op het opleidingsinstituut. De overige dagen werkt de deelnemer gewoon bij het bedrijf.

Vooropleiding voor OTI
De opleiding OTI is een mbo opleiding op niveau 4. Voordat men aan deze opleiding kan deelnemen dient men te beschikken over een relevante vooropleiding. De opleiding OMEI op niveau 3 en niveau 3 Elektrotechniek worden als relevante vooropleidingen beschouwd. Ook andere opleidingen van soortgelijk niveau kunnen als relevante vooropleidingen worden beschouwd. Een opleidingsinstituut kan beoordelen of een opleiding relevant (genoeg) is.

Inhoud opleiding Onderhoudstechnicus Instrumentatie OTI
De opleiding OTI is een opleiding waarin verschillende technische aspecten worden aangeleerd met betrekking tot het inregelen en onderhouden van instrumentatie. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan onderhoudsmanagement. Ook PLC’s, logicaschema’s en bijbehorende besturingstechniek komen aan de orde. Instrumentatie kan op verschillende manieren worden voorzien van energie. Dit kan bijvoorbeeld elektrische energie zijn of pneumatische (lucht) druk. Tijdens de opleiding OTI wordt aan deze verschillende systemen aandacht besteed. Verder leren deelnemers tijdens de opleiding hoe ze meet- en regelapparatuur kunnen testen en gebruiken. Na afloop van de opleiding volgt een examen met een praktijkgedeelte en een theoretisch gedeelte. Als men het examen en praktijkproef heeft gehaald ontvangt men een diploma Onderhoudstechnicus Instrumentatie OTI. Dit is een mbo niveau 4 diploma.

Wat kun je met de opleiding OTI?
In de techniek draait bijna alles om kennis en meten is weten. Daarom is meet- en regeltechniek van groot belang. Met name in de (chemische) industrie en procesindustrie is veel instrumentatie aanwezig. In deze sector zijn onderhoudstechnici instrumentatie nodig voor het onderhoud aan instrumentatie en het inregelen daarvan. Ook het kalibreren en vervangen van instrumentatie wordt gedaan door een onderhoudstechnicus instrumentatie. Deze persoon is een specialist op het gebied van meet- en regeltechniek.

De onderhoudstechnicus instrumentatie kan in de praktijk zelfstandig werken of in teamverband. De bedrijven waar een OTI werkt bevinden zich over het algemeen in de procesindustrie. Deze bedrijven draaien meestal volcontinue. Dit houdt in dat de bedrijven dag en nacht doordraaien. Het personeel van deze bedrijven werkt daarom in ploegen. De onderhoudstechnicus instrumentatie zal daarom in de praktijk regelmatig in ploegen werken. Dit kunnen tweeploegen, drieploegen, vierploegen of vijfploegen zijn. Zowel dagdiensten als nachtdiensten komen hierbij aan de orde.

Daarnaast wordt de onderhoudstechnicus instrumentatie ook regelmatig ingezet in consignatiediensten. Een OTI moet in de praktijk dus een flexibele houding hebben met betrekking de uren dat hij of zij werkzaam is. Uiteraard wordt bij de inzetbaarheid altijd rekening gehouden met de Arbeidstijdenwet (ATW). Voor ploegendienst en consignatiediensten worden echter wel vergoedingen verstrekt aan de werknemers. Daardoor kan de OTI naast een goed salaris ook nog extra toelagen ontvangen.

Wat is drieploegendienst en waar wordt dit ploegensysteem toegepast?

Verschillende bedrijven werken in ploegendienst. De meest voorkomende ploegendiensten zijn tweeploegendienst, drieploegendienst en vijfploegendienst. De keuze van een bedrijf voor een bepaald ploegenrooster is onder andere afhankelijk van de productiesnelheid en de sector waarin het bedrijf actief is. Sommige sectoren zoals de (petro-)chemische industrie draaien volcontinue. Dit houdt in dat er voortdurend werknemers aanwezig moeten zijn om het proces te ondersteunen en te controleren. Dit is ook het geval bij energiecentrales en verschillende productiebedrijven. Bedrijven die volcontinue 24 uur per etmaal, 7 zeven dagen per week operationeel zijn werken meestal met een vijfploegen rooster. Bedrijven die slechts vijf dagen per week volcontinue draaien werken meestal in drieploegendienst. Hieronder is beschreven wat een drieploegenrooster precies inhoudt.

Wat is drieploegendienst of een drieploegenrooster?
Een drieploegendienst wordt in de praktijk meestal gehanteerd door bedrijven die op werkdagen (maandag tot en met vrijdag)  geopend zijn maar in die periode wel volcontinue doordraaien. Kenmerkend voor drieploegendienst is dat het etmaal wordt opgedeeld in 3 ploegen van elk acht uur. In de praktijk worden twee varianten van het drieploegenrooster gehanteerd door bedrijven:

  • Drieploegen voorwaarts roterend. In deze variant van drieploegendienst werkt men in de eerste week een vroege dienst en in de tweede week een late dienst. In de derde week werkt men een nachtdienst. Hierdoor heeft men in drie weken tijd elke dienst gewerkt. In de vierde week start men vervolgens weer met een vroege dienst en begint het ploegenrooster weer opnieuw.
  • Drieploegen achterwaarts roterend. Bij deze vorm van drieploegendienst draait men de eerste week een nachtdienst en de tweede week een late dienst. In de derde week draait men een vroege dienst. Daarna volgt in de vierde week weer een nachtdienst en gaat de volgorde weer verder. Het achterwaartse ploegenrooster gaat precies de tegengestelde richting op van het voorwaartse ploegenrooster.

De begintijden en eindtijden van een drieploegenrooster kunnen per bedrijf verschillen. De tijden worden over het algemeen door de werkgever in samenspraak met de ondernemingsraad afgestemd. Indien er geen ondernemingsraad aanwezig is kan het bedrijf in overleg gaan met een andere personeelsvertegenwoordiging zodat voldoende draagkracht wordt gerealiseerd voor het ploegenrooster. In een drieploegenrooster is de maximale arbeidstijd per nachtdienst maximaal 10 uur.

Vergoeding voor drieploegendienst
De vergoeding die betaald wordt aan werknemers die werken in ploegen is verschillend. Over het algemeen kan men er vanuit gaan dat een flexibele inzet van werknemers wordt beloond. Hoe flexibeler de werknemer wordt ingezet hoe hoger zijn of haar beloning zal zijn. In vijf ploegen is een werknemer bijvoorbeeld ook in het weekend inzetbaar. Dit vereist veel aanpassingsvermogen van de werknemer daarom zal zijn of haar ploegentoeslag hoger zijn dan wanneer er in tweeploegendienst wordt gewerkt.

Bij drieploegendienst zal een werknemer ook nachtdiensten moeten draaien en dat zorgt voor een fysieke en mentale belasting. Daarom wordt aan werknemers die in drie ploegen werken een vergoeding uitgekeerd door de werkgever. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de afspraken die door de werkgevers met de werknemers zijn gemaakt. De meeste ploegentoeslagen zijn terug te vinden in de cao van de desbetreffende bedrijfstak. Gemiddeld wordt aan medewerkers in drieploegendienst een ploegentoeslag uitgekeerd ter hoogte van 15 procent van het basissalaris.

Wat is tweeploegendienst en waar wordt dit ploegensysteem toegepast?

Ploegendienst kan in verschillende bedrijven voorkomen. Met name in de procesindustrie wordt veel met ploegendiensten gewerkt. Ook in overige technische bedrijven worden ploegendiensten toegepast. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een bedrijf in een bepaalde periode meer moet produceren dan gebruikelijk is. In tijden van piekproductie kan men eerst doormiddel van overwerken trachten de productiecapaciteit te vergroten. Dit is echter alleen geschikt voor kortstondige piekproductie van beperkte omvang. Wanneer de productie voor een langere periode significant naar boven toe moet worden bijgesteld kan men er voor kiezen om werk uit te besteden of een ploegensysteem in te voeren.

Wat is tweeploegendienst?
Als een bedrijf van dagdienst over gaat op ploegendienst is de meest voor de hand liggende keuze de tweeploegendienst. Deze variant van de ploegendienst vereist de minste aanpassing van het personeel en de bedrijfsprocessen.

Bij tweeploegendienst wordt gewerkt in twee ploegen oftewel twee shifts. Deze shifts duren elk 8 uur en volgen elkaar op. De eerste ploeg werkt de vroege shift of vroege dienst en de tweede ploeg werkt de shift daarop oftewel de late dienst.

Een medewerker in de tweeploegendienst zal de ene week in de ochtenddienst werken en de week daarop in de middagdienst. Over het algemeen is tweeploegendienst ingedeeld in de werkweek. Dit houdt in dat men in het weekend gewoon vrij is en maandag tot en met vrijdag werkt. De werktijden zijn meestal als volgt:

  • Ochtenddienst: van 6:00 uur tot en met 14:00 uur.
  • Middagdienst: van 14:00 uur tot en met 22:00 uur

In twee ploegendienst is een gemiddelde werkweek gewoon 40 uur. Soms heeft men overlappende diensturen en kan bijvoorbeeld de middagdienst beginnen om 13:00. Een bedrijf kan hier voor kiezen om een soepele overdracht tussen de twee diensten te bewerkstelligen. Daarnaast kan men rond 13:00 ook de werkzaamheden zo hebben afgestemd dat tijdelijk meer mensen tegelijk werkzaamheden kunnen uitvoeren zonder dat men elkaar in de weg loopt.

Ploegentoeslag voor tweeploegendienst
Voor de meeste ploegendiensten worden door bedrijven vergoedingen verstrekt aan de werknemers. Over het algemeen wordt onregelmatigheid beloond door bedrijven. Dit houdt in dat een werknemer met een zeer onregelmatig rooster in de praktijk een hogere toeslag krijgt dan een werknemer met een beperkte onregelmatigheid. Voor bedrijven is ploegendienst daarom een kostbare aangelegenheid. Ook voor werknemers is ploegendienst een belasting. Zowel fysiek als mentaal is het werken in ploegen belastend.

In twee ploegendienst valt de belasting nog enigszins mee. Werknemers hebben nog een zekere mate van regelmaat in hun dienstrooster. Daarnaast zijn ze in het weekend gewoon vrij. Daarom is de ploegentoeslag voor tweeploegendienst over het algemeen niet heel erg hoog. Gemiddeld krijgen werknemers in twee ploegen een toeslag van 12% over hun loon. Dit wordt ook wel de ploegentoeslag genoemd.

Wat wordt op het Shell-terrein in Moerdijk geproduceerd?

Shell Nederland Chemie B.V. vestiging Moerdijk wordt ook wel SNC Moerdijk genoemd. Dit terrein bevat vier onderdelen en behoort tot de grootste chemiecomplexen in Nederland. Het totale complex heeft een oppervlakte van 325 hectare. Iedere dag werken op het Shell-terrein ongeveer 1300 medewerkers. Daarvan zijn 800 medewerker van Shell. De overige medewerkers zijn aannemers. Het olie- en chemiebedrijf Shell produceert op dit terrein per jaar 4,5 miljoen ton aan chemische producten.

Het Shell-terrein in Moerdijk werd in de jaren zestig van vorige eeuw door Shell in gebruik genomen. Deze nieuwe vestiging was noodzakelijk voor Shell omdat het bedrijf in Pernis te weinig ruimte had om nieuwe chemische fabrieken te bouwen. De locatie Moerdijk was voor Shell een logische keuze omdat deze locatie centraal ligt en daardoor goed bereikbaar is. Verder konden de Shell-complexen Moerdijk en Pernis via ondergrondse pijpleidingen goed met elkaar verbonden worden. Men koos in de jaren zestig niet voor een locatie in Antwerpen omdat die locatie minder gunstig zou zijn voor de werkgelegenheid van Nederlandse werknemers.

Belangrijkste productieproces van Shell Moerdijk
Shell Moerdijk is een complex waar verschillende chemische processen worden uitgevoerd. Het grootste deel van het proces is het kraken, dit onderdeel wordt ook wel aangeduid met de ‘kraker’. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van een zogenoemde stoomkraker met een enorme productiecapaciteit. In de stoomkraker worden verschillende chemische stoffen zoals gasolie, hydrowax, lpg en nafta afgebroken oftewel gekraakt. Door dit kraken ontstaan andere verbindingen. Voorbeelden van de nieuwe verbindingen die kunnen ontstaan doormiddel van kraken zijn propyleen, ethyleen en butadieen. Deze nieuwe verbindingen kunnen worden gebruikt voor de productie van bijvoorbeeld rubber. De ‘kraker’ van Shell in Moerdijk heeft een jaarlijkse capaciteit:

  • van 900.000 ton per jaar
  • propeen: 500.000 ton per jaar
  • 1,3-butadieen: 115.000 ton per jaar

Daarnaast bevat SNC Moerdijk nog twee fabrieken:

  • Moerdijk Etheen Oxide en Derivaten (MEOD) met een productiecapaciteit van 305.000 ton etheenoxide per jaar en 150.000 ton mono-etheenglycol per jaar.
  • Styreenmonomeer en Propeenoxidefabrieken (MSPO) met een productiecapaciteit van 450.000 ton propeenoxide per jaar en een productiecapaciteit van 1.000.000 ton styreen per jaar.

De helft van de grondstoffen wordt aangevoerd vanuit het Shellcomplex in Pernis. De overige helft van de grondstoffen en basisproducten wordt via schepen aangevoerd naar Shell Moerdijk. Slechts een klein deel van de grondstoffen wordt via wegtransport naar deze locatie gebracht.

Waar worden de producten van Shell Moerdijk voor gebruikt?
Shell Moerdijk verwerkt chemische producten tot nieuwe grondstoffen voor nieuwe producten. De grondstoffen van Shell Moerdijk worden vooral gebruikt voor de productie van rubberproducten zoals autobanden en schoenzolen. Daarnaast worden de chemische stoffen ook gebruikt voor de fabricage van verf en plastic producten zoals cd-hoesjes.

Wat is industrialisatie en welke invloed heeft dit op de maatschappij?

Industrialisatie kan worden vertaald als een ontwikkeling die plaatsvind in productieprocessen. Productieprocessen worden door industrialisatie gemechaniseerd, hierdoor verandert de organisatie waar de productie wordt uitgevoerd. Een organisatie waarin industrialisatie wordt ingevoerd veranderen in een fabriekssysteem. Hierdoor verandert de technologie binnen een bedrijf. Productieprocessen die eerst handmatig door productiemedewerkers werden uitgevoerd worden door de mechanisatie, die met industrialisatie gepaard gaat, overgenomen door machines. Hierdoor zorgt industrialisatie voor sociale veranderingen binnen een bedrijf.

Industrie
De industriële revolutie begon in 1750. Deze revolutie zorgde er voor dat kleine werkplaatsen waar producten ambachtelijk werden gemaakt veranderden in fabrieken. Aan het begin van de negentiende eeuw werden ook in andere delen van Europa fabriekssystemen ingevoerd. De industrialisatie zorgde er voor dat bedrijven veranderden in fabrieken. Hierdoor ontstond grootschalige industrie. De grote fabrieken in de industrie zorgden voor een massale productie van uiteenlopende goederen. Deze massaproductie deed het aanbod van bepaalde producten aanzienlijk stijgen op de markt. Kleine ambachtslieden konden niet meer concurreren tegen grote industriële fabrieken. Daardoor verdwenen steeds meer kleine bedrijven en nam het aantal grote fabrieken in landen toe. Ambachtslieden moesten vaak noodgedwongen in de geïndustrialiseerde omgeving van een fabriek werken.

De mechanisering van veel productieprocessen draaide met name om de invoering van een lopende band systeem. Deze lopende banden worden ook wel transportbanden genoemd. In een sterk geïndustrialiseerde organisatie waarin de productieprocessen in grote mate zijn gemechaniseerd  wordt veel gebruik gemaakt van transportbanden. Op deze transportbanden worden grondstoffen, halffabricaten en producten door de organisatie getransporteerd.

Sociale veranderingen door industrialisatie
De industrialisatie bracht positieve en negatieve ontwikkelingen met zich mee. Het positieve van industrialisatie is dat producten massaal aan consumenten werden aangeboden. Hierdoor werd de prijs van producten lager en konden meer mensen bepaalde producten aanschaffen. Een voorbeeld hiervan zijn auto’s. Toen auto’s massaal werden geproduceerd konden meer mensen een auto aanschaffen. Daarnaast werd de kwaliteit van producten door de mechanisatie van productieprocessen ook constanter.

De industrialisatie bracht echter ook een hoop nadelen met zich mee. Kleine bedrijven konden niet meer concurreren tegen grote fabrieken. Hierdoor verdwenen veel ambachtelijke bedrijven waar vakmanschap werd uitgeoefend. Door het verdwijnen van veel kleine bedrijven nam de macht van grote industriële fabrieken toe. De opbrengsten van de industrie werden voor een samenleving in toenemende mate belangrijker. Een maatschappij werd daardoor ook steeds afhankelijker van de industrie. De opbrengsten van de industriële productie nam toe ten opzichte van de opbrengsten van de landbouw. Ook in de landbouw werd echter gemechaniseerd. Gemotoriseerde tracktors namen de rol over van lastdieren en de spierkracht van de mens. Dit zorgde evenals de mechanisering van productieprocessen voor lagere prijzen. Dit was weliswaar positief maar veel boerenbedrijven, die niet in staat waren om moderne mechanische middelen aan te schaffen, konden de concurrentie niet aan en verdwenen.

Zowel de industrialisatie van productieprocessen en de mechanisering van de landbouwsector zorgde er voor dat veel banen verdwenen. De werkloosheid nam toe en mensen die een ambachtelijk vak hadden geleerd werden gedwongen om tegen lage lonen te werken in fabrieken. De prijzen van producten ging omlaag maar door de werkloosheid en de lage lonen konden minder mensen producten aanschaffen. Eigenaren van grote industriële bedrijven kregen te veel macht. De positie van de arbeider kwam onder druk te staan. Hierdoor ontstonden veel spanningen in de maatschappij en probeerden de arbeiders zich te verenigen in vakbonden om een tegengewicht te vormen tegen de machtige leidinggevenden. De maatschappij is door de industrialisering structureel veranderd.

Op dit moment worden productieprocessen nog verder geautomatiseerd. De rol van computers wordt belangrijker. Steeds meer machines worden doormiddel van computersystemen aangestuurd. Hierbij nemen PLC systemen en SCADA een belangrijke rol van de mensen op de werkvloer over. Dit zorgt er voor dat er in de toekomst in fabrieken en de overige procesindustrie nog meer banen kunnen verdwijnen.

Wat is scheidingstechniek en wat zijn scheidingsmethodes?

Een scheidingstechniek of een scheidingsmethode is een techniek of een methode om een mengsel van verschillende stoffen te scheiden. Hierbij komen verschillende technieken aan de orde die er voor zorgen dat de bestandsdelen van het mengsel worden gescheiden in afzonderlijke fracties. Het scheiden van stoffen is niet eenvoudig. De afzonderlijke bestandsdelen moeten worden opgedeeld, dit houdt in dat de richting van de bestandsdelen verschillend moet zijn.

Zo kan bijvoorbeeld het ene bestandsdeel door de scheidingsmethode naar boven worden verplaatst en het andere bestandsdeel naar beneden. Er wordt hierbij gebruik gemaakt van verschillende krachten die het scheidingsproces moeten bewerkstelligen. Deze zogenoemde scheidende krachten zijn een drukveld, een zwaartekrachtveld en een chemisch potentiaalveld.

Waar worden scheidingmethodes toegepast?
Scheidingsmethodes worden onder andere toegepast in de scheikunde. Daarnaast worden scheidingsmethodes toegepast in de procestechnologie. Het woord ‘scheikunde’ maakt al duidelijk dat scheidingsmethodes een wezenlijk onderdeel vormen van de processen die in de scheikunde worden onderzocht.

Wat is het doel van scheidingsmethodes?
De redenen waarom men scheidingsmethodes gebruikt zijn verschillend. Zo kan men scheidingsmethodes gebruiken om zuiver stoffen te krijgen. Hierdoor kunnen de eigenschappen van de stoffen worden bestudeerd. Daarnaast kan men scheidingsmethodes toepassen om te onderzoeken welke hoeveelheden van elke stof zijn gebruikt in een bepaald mengsel. Het is ook mogelijk om doormiddel van scheidingstechnieken na te gaan wat de werkzame bestandsdelen zijn van een bepaald stofmengsel. Dit kan bijvoorbeeld interessant zijn voor het onderzoeken van medicijnen in de farmaceutische industrie. Een chemicus houdt zich in de praktijk bezig met het scheiden van stoffen uit mengsels. Hierdoor kan de chemicus de zuivere stoffen waaruit een mengsel bestaat in beeld krijgen en analyseren.

Het belangrijkste doel van scheidingsmethodes is dus het verkrijgen van afzonderlijke stoffen uit een mengsel. Ondanks de technieken die worden gebruikt voor het scheiden van stoffen is het niet altijd mogelijk om stoffen compleet van elkaar te scheiden. Over het algemeen treed er een bepaald evenwicht op. Hierdoor is een effectievere scheiding over het algemeen pas bereikt als er verschillende fasen van het scheidingsproces zijn afgerond.

Verschillende soorten scheidingsmethodes
De scheidingsmethodes die worden gebruikt zijn verschillend. De keuze van de scheidingsmethode is onder andere afhankelijk van de samenstelling en de stoffen die opgedeeld moeten worden. de scheidingsmethodes maken gebruik van de eigenschappen van de stof. Deze eigenschappen kunnen ingedeeld worden in chemische en fysische eigenschappen. Hieronder staan een aantal voorbeelden van scheidingsmethodes:

  • Deeltjesgrootte zeven is een scheidingsmethode waarbij gebruik wordt gemaakt van een zeef die een bepaalde maaswijdte heeft. De deeltjes die door de maaswijdte heen passen vallen naar beneden. Deeltjes die groter zijn dan de maaswijdte blijven op de zeef liggen.
  • Filtratie is een scheidingsmethode waarbij bepaalde deeltjes achter een filter blijven zitten en kleine deeltjes door de filter heen stromen.
  • Adsorptie en oplosbaarheid is een scheidingproces dat gebruikt kan worden bij  vloeistof- en gaschromatografie. Hierbij vindt de scheiding plaats op basis van polariteit, dit is het verschil in lading. De oplossing die gemeten moet worden wordt gespoten in een kolom. De kolom waarin de oplossing is geplaatst is aan de binnenkant bedekt met een apolaire of een polaire laag. De stoffen die in de kolom worden gebracht worden door deze laag gescheiden door hun polariteit. Als een apolaire stof is aangebracht langs de binnenkant van de kolom trekken de apolaire delen van een mengsel naar de wand van de kolom. Een polaire stof zal sneller uit de kolom stromen langs een detector dan een apolaire stof die naar de wand van de kolom wordt getrokken.
  • Kookpuntverschillen kunnen ook leiden tot een scheidingsproces. Dit gebeurd onder andere bij destillatie. Hierbij maakt men gebruik van de verschillen tussen de kookpunten van chemische stoffen. Deze methode wordt onder andere gebruikt in een raffinaderij waarin verschillende chemische stoffen uit ruwe olie worden gesplitst in fracties zoals kerosine, benzine en stookolie.
  • Dichtheid kan ook worden gebruikt als scheidingsproces. Hierbij kan onder andere gebruik worden gemaakt van centrifugeren. Grote zware delen van een mengsel worden daarbij gescheiden van kleinere en lichter delen die in het mengsel aanwezig zijn.
  • Chemische reacties kunnen ook zorgen voor een scheidingsproces. Dit gebeurd onder andere bij  waterontharding. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een ionenwisselaar.

Wat is de opleiding monteur bedrijfsinstallaties MBI en wat kun je er mee?

In fabrieken en in een industriële omgeving zijn verschillende installaties aanwezig waarmee processen worden aangestuurd en gemeten en geregeld. Deze bedrijfsinstallaties moeten worden onderhouden en aangepast door ervaren installatiemonteurs die op de hoogte zijn van de technische aspecten van bedrijfsinstallaties. Omdat bedrijfsinstallaties meestal niet te vergelijken zijn met andere installaties is aanvullende opleiding voor monteurs meestal noodzakelijk.

Hiervoor kan de monteur een opleiding monteur bedrijfsinstallaties MBI of monteur elektrische bedrijfsinstallaties volgen. ook de laatste opleiding wordt in de praktijk vaak als MBI afgekort. Beide opleidingen komen met betrekking tot inhoud met elkaar overeen. De keuze voor een bepaalde opleidingsnaam is meestal de voorkeur van een opleidingsinstituut. Er zijn verschillende opleidingsinstituten waar een MBI-opleiding gevolgd kan worden. De opleidingen voor monteur bedrijfsinstallaties zijn op MBO niveau.

Werkzaamheden monteur bedrijfsinstallaties
Als iemand de opleiding monteur bedrijfsinstallaties heeft gehaald beheerst deze persoon de basiskennis waarmee hij kan werken aan bedrijfskundige installaties. Bedrijfskundige installaties zijn  divers. Hierbij kan gedacht worden aan krachtinstallaties en signaalinstallaties. Ook verlichtingsinstallaties maken een belangrijk deel uit van bedrijfsinstallaties.

Machines worden bestuurd doormiddel van  softwaresystemen die schakelkasten aansturen. Schakelkasten schakelen stroom in en uit. Daardoor krijgen bepaalde delen van een machine wel stroom en andere delen niet. Deze installaties zijn behoorlijk complex. Een monteur bedrijfsinstallaties kan wel aan deze installaties werken maar zal daarvoor toch goed geïnstrueerd moeten worden. Soms is een aanvullende opleiding noodzakelijk om een machine echt goed te kunnen repareren of storingen te kunnen zoeken. Een monteur elektrische bedrijfsinstallaties zal met name werken aan de elektrische onderdelen van bedrijfsinstallaties. Daarnaast zullen er ook in de praktijk meestal mechanische werkzaamheden aan de orde komen. Hierbij kan gedacht worden aan het vervangen van lagers of andere machineonderdelen.

Storing zoeken is met name een complex onderdeel van de functie monteur bedrijfsinstallaties. Storingen kunnen namelijk op verschillende manieren in een installatie aanwezig zijn. Dit kunnen bijvoorbeeld fouten zijn die ontstaan door mechanische problemen. Het is ook mogelijk dat storingen ontstaan in de elektrische bekabeling van de machine en de relais in schakelkasten. Nog complexer worden storingen in de software van bijvoorbeeld PLC-systemen. Storingen in de software van machines zijn vaak moeilijk op te lossen omdat ze niet direct tastbaar en zichtbaar zijn, dit in tegenstelling tot storingen die mechanisch zijn.

Verantwoordelijkheden monteur bedrijfsinstallaties MBI
Een monteur bedrijfsinstallaties werkt meestal in de technische dienst van een bedrijf. De monteur staat hierbij onder een chef technische dienst of een andere leidinggevende. De technische dienst of onderhoudsdienst van een bedrijf bestaat meestal uit een team technici die verschillende technische specialisaties hebben. Meestal bevat een technische dienst zowel onderhoudsmonteurs op elektrisch gebied als op mechanisch gebied. Er zijn ook onderhoudsdiensten die allround monteurs hebben. Deze monteurs kunnen zowel elektrisch als mechanisch onderhoud uitvoeren en storingen zoeken. Allround onderhoudsmonteurs zijn over het algemeen schaars en moeilijk te vinden.

Meestal begint een monteur binnen een bedrijf met een opleiding op elektrotechnisch of mechanisch gebied. De werkzaamheden die de monteur uitvoert zullen meestal eerst op basis van zijn of haar opleidingskennis worden vormgegeven en uitgevoerd. Naarmate iemand langer in een bedrijf werkt zal hij of zij allrounder worden en ook onderhoud kunnen verrichten op gebieden die buiten de opleidingsrichting vallen. Sommige bedrijven houden onderhoudsmonteurs echter per discipline gescheiden. Dit verschilt per bedrijf.

Een monteur bedrijfsinstallaties is er samen met zijn of haar collega’s verantwoordelijk voor dat het machinepark en de andere bedrijfsinstallaties zo optimaal mogelijk functioneren. Storingen moeten voorkomen worden door goed onderhoud. Daarbij wordt gebruik gemaakt van onderhoudsschema’s. Als er een storing ontstaat dient een storing zo snel mogelijk opgelost te worden. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van tekeningen en elektrische schema’s. Deze documenten zijn echter niet altijd aanwezig. Daarnaast kunnen softwaresystemen niet altijd duidelijk de oorzaak van een storing aangeven. Een monteur bedrijfsinstallaties moet daarom goed zelfstandig storing kunnen zoeken.

Uiteraard dient de storing ook opgelost te worden op een zo goed mogelijke manier. Daarbij moet gebruik worden gemaakt van de juiste gereedschappen en materialen. Een storing dient voorkomen te worden daarom zal een monteur bedrijfsinstallaties goed moeten nadenken over verbeteringen in het machineonderhoud. Deze verbetervoorstellen worden meestal in teamverband besproken en geëvalueerd. Sommige bedrijven gebruiken hiervoor Lean manufacturing en Six Sigma modellen.

Ploegendiensten en onderhoudsmonteurs
Veel productiebedrijven in de procesindustrie werken volcontinue. Dit houdt in dat de machines dag en nacht doordraaien. Procesoperators, operators en productiekrachten zijn voortdurend aanwezig om het productieproces aan te sturen en in werking te houden. Dit kan echter niet zonder een goede onderhoudsdienst. Daarom zijn ook onderhoudsmonteurs altijd aanwezig in bedrijven die volcontinue draaien. In sommige gevallen werkt men met een beperkte bezetting en zijn extra onderhoudsmonteurs oproepbaar terwijl ze thuis zitten. Dit wordt ook wel consignatiedienst genoemd.

Verder werken onderhoudsmonteurs net als operators en productiepersoneel in ploegen. Deze ploegendiensten kunnen verschillen. Er zijn bedrijven die werken in twee ploegendiensten, drie ploegendiensten en vijf ploegendiensten. Een monteur bedrijfsinstallaties moet bereid zijn om in ploegendiensten te werken. Het is ook mogelijk dat bedrijven eerst in een vroege en een late dienst werken en op den duur ook in nachtdiensten gaan werken. Het productieproces staat centraal bij bedrijven in de procesindustrie. De onderhoudsmonteurs moeten zich aanpassen aan het productieproces. Dit vereist veel flexibiliteit.

Wat is een appendage en waarvoor worden appendages gebruikt?

Appendage is een woord dat is afgeleid van de Latijnse woord: ‘ad’ , dit kan vertaald worden met het Nederlandse woord ‘bij’. Daarnaast is in het woord appendage ook het Latijnse woord ‘pendere’ verwerkt. Dit kan worden vertaald met het Nederlandse woord ‘hangen’. Vrij vertaald in het Nederlands kan het woord appendage worden uitgelegd als ‘bijhangsel’. Appendages worden in de techniek regelmatig gebruikt als onderdeel van een installatie of machine.

Waar worden appendages voor gebruikt?
Appendages zijn kleine onderdelen of toestellen die zijn aangesloten op installaties en machines. De appendage vormt een belangrijk onderdeel van een technisch systeem. Er zijn verschillende appendages die in de praktijk worden toegepast. In leidingnetten voor bijvoorbeeld de distributie van water en gas kan gebruik worden gemaakt van kranen en afsluiters. Dit kan in de installatietechniek gebeuren van woningen en bedrijfspanden. Ook kunnen appendages worden aangebracht in grote leidingnetwerken en gasdistributie gebieden.

Aan deze leidingen worden verschillende meettoestellen aangesloten om de druk en temperatuur te meten in installaties en leidingsystemen. Appendages worden ook veel toegepast in de procesindustrie. In veel productiebedrijven zijn machines aanwezig waaraan appendages zijn verbonden. Hierbij kan men denken aan pneumatische systemen en hydraulische systemen. Aan deze systemen zijn ventielen verbonden en andere appendages.

In de procestechniek worden veel grondstoffen en vloeistoffen door leidingen gepompt door fabrieken. Hierbij kan men denken aan de zuivelindustrie en de voedingsmiddelenindustrie. De vloeistoffen worden met een bepaalde druk door de leidingen getransporteerd. Hiervoor zijn meetinstrumenten en regelinstrumenten aangesloten op de leidingen. Daarmee kan ik kaart worden gebracht hoeveel vloeistof op een bepaald moment door een leiding stroomt. Verder zijn in de procesindustrie kranen en afsluiters aanwezig die zijn aangesloten op leidingen.

Appendages zijn belangrijk
Hoewel appendages vooral kleine onderdelen zijn van machines en installaties zijn ze wel van vitaal belang. Appendages die gebruikt worden om de druk in leidingen aan te geven moeten zeer betrouwbaar zijn. Deze meetinstrumenten moeten precies de juiste druk aangeven. Wanneer dit niet gebeurd is het goed mogelijk dat de druk in de leidingen hoger is dan op het meetinstrument wordt aangegeven. Dit kan grote gevolgen hebben voor de veiligheid van de installatie.

Ook afsluiters en kranen moeten veilig en deugdelijk zijn. Als bepaalde delen van een gasleiding zijn afgesloten moet deze afsluiting ook compleet hermetisch dicht zijn. Als er gas ontsnapt doordat een afsluiter niet goed werkt kunnen de gevolgen enorm zijn. Dit is ook het geval bij kranen die aangesloten zijn op leidingnetwerken.

Wie plaatsen appendages?
Appendages aan leidingnetwerken worden in de praktijk aangebracht door fitters. Als het gaat om specialistische appendages worden technisch specialisten ingezet. Deze specialisten kunnen instrumentatiefitters worden genoemd. Maar er zijn bedrijven die deze technici een andere functienaam geven. Instrumentatie fitters moeten zeer nauwkeurig werk leveren. De appendages moeten vakkundig worden aangebracht en de werking daarvan moet regelmatig worden gecontroleerd.

Wat is automatisering en waar wordt automatisering toegepast?

Automatisering is een woord dat regelmatig wordt gebruikt in de procesindustrie en de techniek. Doormiddel van automatisering worden menselijke handelingen vervangen door machines en computersystemen. Automatisering zorgt er voor dat mensen minder werk hoeven te verrichten. In plaats daarvan zorgen geautomatiseerde machines er voor dat er arbeid wordt verricht. Automatisering zorgt er voor dat er meer en sneller kan worden geproduceerd. Daarnaast zorgt automatisering voor een constante kwaliteit en output. Automatisering kan er toe bijdragen dat systemen in bijvoorbeeld fabrieken beter aangestuurd kunnen worden. Tegenwoordig kan men in de westerse wereld bijna niet meer zonder automatiering. Het wordt namelijk op veel verschillende manieren toegepast in bedrijven en de maatschappij.

Waar wordt automatisering toegepast?
Automatiering wordt op veel verschillende plaatsen in de samenleving toegepast om de werkzaamheden van mensen te verlichten of te vervangen. Fabrieken zijn een bekend voorbeeld van bedrijven waarin automatiseringsprocessen worden toegepast maar er zijn nog veel meer bedrijven waarin gebruik gemaakt wordt van automatisering. Ook in kantoren kan men gebruik maken van kantoorautomatisering. Daarnaast maken kassa’s en betaalsystemen ook gebruik van automatisering. Deze systemen zijn in de praktijk meestal gekoppeld aan voorraadbeheersingssystemen. Hierdoor wordt automatisch de voorraad van een bedrijf bijgehouden. Als artikelen worden verkocht kan vanuit een geautomatiseerd voorraadsysteem automatisch een bestelling worden gedaan naar een leverancier voor de levering van een nieuw product.

Automatisering vindt ook plaats in het verkeer. Verkeerslichten worden onder andere doormiddel van geautomatiseerde systemen aangestuurd. Daarnaast worden beveiligingssystemen tegenwoordig ook geautomatiseerd. Het automatiseren van verkeersystemen en beveiligingssystemen bespaard arbeidskrachten. Dit is echter niet het allerbelangrijkste pluspunt van deze automatiseringssystemen de veiligheid staat namelijk voorop. Als mensen systemen bedienen kunnen er gemakkelijk fouten ontstaan door onoplettendheid. Geautomatiseerde systemen maken gebruik van camera’s en sensors. Deze systemen vormen de ‘ogen’ van de automatisering. De gegevens die door de sensors en camera’s worden ontvangen zijn een belangrijke input die het geautomatiseerde systeem gebruikt om handelingen te verrichten. Camera’s en sensors merken over het algemeen meer op dan mensen. Daarnaast kunnen deze systemen dag en nacht worden gebruikt zonder dat ze vermoeid raken. Om deze redenen worden geautomatiseerde systemen op verschillende manieren gebruikt in het bedrijfsleven en de maatschappij. In de toekomst zal automatisering ook in andere werkprocessen worden doorgevoerd bijvoorbeeld in de gezondheidszorg.

Procesautomatisering en industriële automatisering
In de procesindustrie wordt zeer veel gebruik gemaakt van automatisering. Sinds de industriële revolutie werden de werkzaamheden van mensen in toenemende mate vervangen door machines. Er ontstond mechanisering. Mechanische systemen voerden bewerkingen uit in plaats van mensen. Meestal waren er nog wel mensen aanwezig op de werkvloer als operator of productiekracht. Deze werknemers bedienden de machines en voerden ondersteunende werkzaamheden uit aan de machines. Door de ontwikkelingen in elektronica en computertechnologie deed automatisering zijn intrede in de procesindustrie. Systemen en machines kunnen daardoor vrijwel volledig zelfstandig draaien wanneer ze door mensen zijn geprogrammeerd. Deze vorm van automatisering wordt ook wel procesautomatisering genoemd of procesbesturing en wordt zowel gebruikt voor volcontinue productieprocessen als batchprocessen.

Besturingssystemen
Procesautomatisering draait voor een groot deel om software die geïnstalleerd is op computers, deze computers worden ook wel procescomputers genoemd. Deze computers kunnen doormiddel van SCADA in contact staan met de computersystemen die verbonden zijn aan de machine. Doormiddel van automatisering ontstaat een kunstmatige intelligentie. Machines kunnen doormiddel van sensoren, voelers, camera’s en meetinstrumenten hun positie bepalen en bewerkingen uitvoeren. Uiteraard moet de machine wel geprogrammeerd zijn. Een machine moet bestuurd worden. In een geautomatiseerde omgeving bestuurt de werknemer de machine niet meer maar wordt gebruik gemaakt van een besturingssysteem. Een voorbeeld van een besturingssysteem is de PLC. De afkorting PLC staat voor programmable logic controller. Een PLC-systeem zorgt voor de besturing van de machine in plaats van de werknemer. Echter zullen er altijd operators nodig zijn die de knoppen bedienen van de machine. Doormiddel van de knoppen op het paneel worden signalen naar een geïntegreerd PLC-systeem in de machine gestuurd. Het PLC-systeem zorgt er vervolgens voor dat relais worden in- en uitgeschakeld. Hierdoor krijgen bepaalde delen van de machine juist wel of juist niet stroom. Dit zorgt er voor dat de bewerkingen worden uitgevoerd op de producten die de machine maakt. Naast PLC’s en SCADA systemen zijn er ook andere procesautomatiseringssystemen in de industrie bijvoorbeeld: Process control system (PCS) en Distributed control system (DCS).

Industriële automatisering en Lean manufacturing
In veel industriële bedrijven wordt voortdurend gezocht naar systemen en middelen waarmee het productieproces kan worden geoptimaliseerd. Hierbij kan geïnvesteerd worden in nieuwe machines en moderne softwaresystemen. De investeringen in machines en software gaan meestal gepaard met veranderingen in de bedrijfsvoering. Deze veranderingen in de bedrijfsvoeringen hebben ook invloed op de werkwijze en denkwijze van personeel. Tegenwoordig is Lean manufacturing bij veel bedrijven in trek. Deze benadering van procesbeheersing is gericht op het reduceren van verspilling. Machines moeten efficiënter werken en afval moet zoveel mogelijk worden beperkt. Daarvoor is een goed geautomatiseerd productieproces van belang. Bij de invoering van Lean manufacturing wordt daarom ook vaak gekeken naar de automatisering.

Daarnaast komt uit de automatisering (SCADA) ook naar voren of het productieproces wel de gewenste output levert. De output kan worden beoordeeld op kwaliteit en kwantiteit. Deze gegevens zijn belangrijk voor het beoordelen van de effectiviteit van het productieproces. Daarom vormen de gegevens die uit automatiseringssystemen gegenereerd worden zeer nuttige informatie voor het Lean management.

Wat is SCADA en waar wordt een SCADA-systeem voor gebruikt?

In de industrie wordt gewerkt met verschillende machines. Deze machines voeren bewerkingen uit op materialen, halffabricaten en producten. Machines werken tegenwoordig vrijwel geheel automatisch. Operators bedienen de machines door op knoppen te drukken. De machine bevat software die er voor zorgt dat de gewenste bewerking wordt uitgevoerd. Machines hebben verschillende meet en regelsystemen waarmee de processen en bewerkingen in kaart kunnen worden gebracht. Deze belangrijke informatie wordt verzameld en doorgestuurd door een SCADA-systeem. Het SCADA-systeem wordt tevens gebruikt voor het verwerken en visualiseren van deze informatie. SCADA is een afkorting die staat voor Supervisory Control And Data Acquisition.

Hoe werkt een SCADA-systeem?
Een SCADA-systeem bestaat uit software die geïnstalleerd is op een computer. Deze software zorgt er voor dat meetgegevens effectief en gemakkelijk kunnen worden uitgewisseld. Gegevens van machines moeten daarvoor worden omgezet van “computertaal” naar gegevens die voor mensen goed te begrijpen is. Hiervoor wordt SCADA gebruikt. Operators en procesoperators kunnen doormiddel van SCADA goed zien wat de productiviteit is van machines. Deze meetgegevens kunnen worden verwerkt in rapporten die vervolgens weer gebruikt kunnen worden om de effectiviteit van processen te beoordelen. SCADA kan naast het produceren van belangrijke gegevens van processen ook worden gebruikt om systemen in de fabriek aan te sturen.

SCADA is een software die gegevens kan lezen en schrijven naar besturingseenheden. Een bekend voorbeeld van besturingseenheden zijn PLC-systemen. PLC staat voor programmable logic controller, deze PLC-systemen sturen machines aan. Een SCADA-systeem kan gebruik maken van verschillende communicatiemiddelen een aantal voorbeelden hiervan zijn MPI, profibus, ethernet en RS485. Met deze communicatiemiddelen stuurt het SCADA-systeem gegevens naar de PLC-systemen van de machines in de fabriek.

SCADA en lean manufacturing
SCADA kan ook worden gebruikt worden voor rapportage over de ontwikkelingen in de procesindustrie. Hierbij kan gedacht worden aan productietotalen en het aantal alarmen dat heeft plaatsgevonden tijdens het proces. Deze gegevens kunnen naar een database of spreadsheet worden gestuurd. Informatie over de productieprocessen is van groot belang voor de aansturing en beheersing van de processen in de industrie. Gegevens over productietotalen zijn belangrijke indicatoren over de productiesnelheid. Daarnaast zijn gegevens over alarmen en fouten in het systeem belangrijk om de kwaliteit van het productiesysteem te beoordelen. SCADA kan daardoor zowel de kwaliteit als kwantiteit van productieprocessen in kaart brengen.

Door deze informatieverschaffing kan goed worden gekeken naar de verspilling in de organisatie. Machines die regelmatig storing hebben of niet goed zijn afgesteld zodat verkeerde producten worden geproduceerd zorgen voor verspilling. Lean manufacturing is er op gericht deze verspilling tegen te gaan. SCADA kan belangrijke informatie verschaffen voor Lean manufacturing. Procesoperators en leidinggevenden op de werkvloer kunnen de gegevens van SCADA gebruiken om aan de werkvloer duidelijk te maken hoe het productieproces verloopt. Daarnaast kan gekeken worden hoe bepaalde alarmen en foutmeldingen in de toekomst voorkomen kunnen worden. Dit vergroot de effectiviteit van het productieproces. Zonder een informatiesysteem als SCADA kan men het proces moeilijk controleren en beheersen. SCADA en lean manufacturing gaan daarom goed samen.

Wat leer je op de opleiding VAPRO D en wat kun je met deze opleiding?

De procesindustrie is een industrie waarin verschillende processen worden uitgevoerd. Kenmerkend voor de procesindustrie is de industriële omgeving waarin de werknemers werken. De functies in de procesindustrie zijn divers. Binnen de procesindustrie zijn productiekrachten werkzaam maar ook operators en technici. Al deze mensen voeren taken uit ter bevordering van het proces. Een hoogwaardig productieproces met een goed rendement en kwalitatief uitstekende producten staan hierbij centraal. De procesindustrie is een unieke werkomgeving. Deze werkomgeving laat zich moeilijk vergelijken met andere werkomgevingen. Daarom zijn er weinig reguliere opleidingen die geschikt zijn voor werknemers in de procesindustrie. Voor de procesindustrie zijn daarom speciale aanvullende opleidingen ontwikkelt. Een bekend voorbeeld van deze opleidingen zijn de VAPRO opleidingen. De VAPRO opleidingen zijn er in verschillende niveaus. Het laagste niveau is de VAPRO basisoperator opleiding. Deze opleiding is op mbo niveau 1. Een niveau hoger is de VAPRO A opleiding, die op mbo niveau 2 is. Nog weer hoger is VAPRO B op mbo 3 niveau. Dan volgt de VAPRO C op mbo niveau 4. Tot slot is er de VAPRO D. Deze opleiding is op HBO niveau, op Bachelor niveau zoals dat tegenwoordig internationaal wordt genoemd.

Lesstof van VAPRO D
VAPRO D wordt een duale opleiding genoemd omdat deze opleiding werken en leren combineert. Hierdoor leren de deelnemers aan de opleiding meteen de theorie in de praktijk toe te passen. Dit gebeurd onder andere doormiddel van praktijkopdrachten en praktijkstudies. De opleiding VAPRO D duurt over het algemeen twee jaar. Het is echter mogelijk om door te leren tot Bachelor of Engineering hieraan is de titel Ingenieur Chemische Technologie verbonden. De totale opleiding duurt dan ongeveer vier jaar.

De lesstof op de VAPRO D opleiding is op HBO niveau dit in tegenstelling tot de andere VAPRO opleidingen die op mbo niveau zijn. Door dit HBO niveau zijn er wel toelatingseisen van toepassing voordat men met de opleiding VAPRO D mag starten. Iemand moet in bezit zijn een VAPRO C of een afgeronde MBO opleiding Procestechnologie. Ook mensen met een opleiding MBO Algemene Operationele Techniek kunnen zich inschrijven voor VAPRO D. Mocht iemand niet in bezit zijn van deze opleidingen maar wel een gelijkwaardige opleiding en relevante werkomgeving hebben dan kan hij of zij ook in aanmerking komen voor VAPRO D. Dit wordt dan afzonderlijk bekeken.

De inhoud van de VAPRO D opleiding is gericht op een aantal onderwerpen. Het onderwerp procestechniek komt aan bod omdat de processen in een productiebedrijf grotendeels om techniek draaien. Daarnaast komt procesbeheersing aan de orde. Deelnemers leren in dit onderdeel van de opleiding hoe ze processen kunnen beheersen, controleren en aansturen. Vervolgens komen ook managementvakken aan de orde zoals bedrijfsmanagement. Een bedrijf in de procesindustrie moet worden aangestuurd hiervoor zijn verschillende management modellen nodig. Medewerkers met VAPRO D moeten over het algemeen in de praktijk mensen aansturen. Daarvoor zijn vaardigheden nodig die onder andere in deze opleiding worden aangeleerd.

Milieuaspecten vormen ook een belangrijk onderdeel van moderne bedrijfsvoering in de procesindustrie. Daarom wordt ook aan dit onderwerp aandacht besteed in de opleiding VAPRO D. Omdat binnen de procesindustrie veel chemische processen plaatsvinden is kennis van scheikunde van belang. Daarom komt ook dit vakgebied aan bod in de opleiding evenals natuurkunde en wiskunde.

Wat kun je met een VAPRO D opleiding?
Na het behalen van een VAPRO D opleiding heeft de afgestudeerde een brede kennis van procestechnologie. Hij of zij weet welke processen er kunnen plaatsvinden in de procesindustrie. Daarnaast heeft de VAPRO D-er ook geleerd hoe deze processen beheerst kunnen worden. Door het onderdeel bedrijfsmanagement van de VAPRO D opleiding heeft de afgestudeerde ook ervaring in het managen en aansturen van bedrijfsprocessen. Deze complete mix van kennis en ervaring zorgt er voor dat werknemers met VAPRO D breed ingezet kunnen worden in een bedrijf in de procesindustrie.

Over het algemeen ziet men VAPRO D medewerkers in een leidinggevende of aansturende functie. Hierbij kan gedacht worden aan wachtchefs en aan leidinggevenden die projecten coördineren. Ook in diverse staffuncties zijn mensen met een VAPRO D opleidingsachtergrond werkzaam. Dit kunnen bijvoorbeeld mensen zijn op een kwaliteitsafdeling. Ook in commerciële functies kunnen mensen met een VAPRO D opleiding worden ingezet. Dan wordt deze opleiding over het algemeen wel aangevuld met commerciële opleidingen.

VAPRO D, Lean manufacturing en Six Sigma
VAPRO D vormt een belangrijke basis voor mensen die in een leidinggevende of aansturende functie werken in de procesindustrie. Deze mensen moeten goed inspelen op de ontwikkelingen die plaatsvinden in deze dynamische omgeving. Binnen de procesindustrie vinden namelijk verschillende ontwikkelingen plaats. Dit is niet alleen de laatste jaren het geval. Al sinds de industriële revolutie aan het begin van de twintigste eeuw hebben nieuwe technologieën en ontwikkelingen er voor gezorgd dat er veranderingen hebben plaatsgevonden in de industrie. Deze veranderingen bestaan onder andere uit de invoering van de transportband. Daarnaast zijn er ook verschillende nieuwe machines ontwikkelt waardoor het werk sneller en nauwkeuriger kan worden verricht.

Productieprocessen worden moderner en sneller. Dit vereist ook een andere werkwijze en denkwijze van het personeel. Daarom worden in de procesindustrie verschillende managementmodellen ingevoerd. Deze managementmodellen zijn meestal gebaseerd op oudere managementmodellen. Een voorbeeld hiervan is Lean manufacturing. Deze moderne benadering van de bedrijfsbeheersingsprocessen is gebaseerd op scientific management. Het scientific management is bij diverse bedrijven ingevoerd aan het begin van de twintigste eeuw. Deze methode is gericht op het wetenschappelijk benaderen van werkprocessen in een bedrijf.

Lean manufacturing  gaat verder dan scientific management. De theorie van Lean manufacturing is gericht op het reduceren van verspilling tijdens het productieproces. Managers zullen de werkvloer goed moeten aansturen en zullen daarbij een belangrijk bijdrage moeten leveren aan het verbeteren en optimaliseren van het proces. Een belangrijke theoretische basis hiervoor wordt geleverd door VAPRO D. Deze kennis en ervaring kan echter worden verrijkt door het volgen van een opleiding Lean manufacturing of Lean management. Hierdoor leren managers hoe ze verspilling in een bedrijf kunnen tegen gaan en daarnaast productieprocessen kunnen optimaliseren. De wens van de klant staat hierbij centraal. Het bedrijfsproces moet er op gericht zijn die kwaliteit te leveren die de klanten verlangen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met levertijden. Het reduceren van de voorraden door just in time productiemanagement zorgt ook voor een belangrijke kostenbesparing.

Ondanks de vele inspanningen en hoogwaardige technieken die een bedrijf gebruikt kan het voorkomen dat er problemen ontstaan in de productie. Levertijden kunnen niet worden gehaald of machines kunnen regelmatig storingen hebben. De managers van bedrijven in de procesindustrie dienen daar goed op te anticiperen. Hiervoor zijn ook verschillende theorieën ontwikkelt. Een bekend programma dat gericht is op het vergroten van de kwaliteit en het optimaliseren van werkprocessen is de Six Sigma methode. Deze methode leert managers hoe ze effectief problemen kunnen oplossen door gebruik te maken van projectteams. Binnen een projectteam zijn verschillende medewerkers aanwezig die allemaal een bepaald vakgebied hebben of expertise. Six Sigma heeft verschillende niveaus. De opleidingen van Six Sigma verschillen ook. Het niveau van Six Sigma opleidingen wordt aangegeven in een bepaalde kleur band. Zo zijn er de yellow belt, de green belt en de black belt. Daarnaast zijn er ook nog andere kleuren banden.

Een manager in de procesindustrie kan zijn meerwaarde voor het bedrijf vergroten wanneer hij of zij een VAPRO D opleiding heeft gevolgd aangevuld met een Lean managementopleiding en een Six Sigma opleiding. Deze drie opleidingen vormen een ideale mix voor een moderne manager in de procesindustrie.

Wat doet een operator of machineoperator in de procesindustrie?

Operators zijn werknemers die in een fabriek een machine bedienen. Een fabriek is een industriële omgeving waarin verschillende processen en bewerkingen worden uitgevoerd op materialen, halffabricaten en producten. Deze bewerkingen werden voor de industriële revolutie vrijwel geheel door mensen gedaan. De industriële revolutie bracht verandering in productieprocessen. In plaats van handwerk en oude ambacht werden werkzaamheden overgenomen door machines. Productieprocessen werden gemechaniseerd. Hierdoor kon men in fabrieken meer produceren in een kortere tijd. Daarnaast zorgt mechanisering van productieprocessen er voor dat de kwaliteit van producten vrijwel constant wordt.

Bedrijven die gebruik maken van machines voor het uitvoeren van productieprocessen vallen onder de procesindustrie. Deze industrie is een brede bedrijfssector waaronder verschillende bedrijven vallen. De producten die in de procesindustrie worden vervaardigd zijn verschillend daarom is de procesindustrie opgedeeld in verschillende industrieën. Hierbij kan gedacht worden aan de chemische industrie, de farmaceutische industrie, de voedingsmiddelenindustrie en de zuivelindustrie. Er zijn echter ook andere industrieën die bijvoorbeeld gericht zijn op het produceren van gebruiksvoorwerpen en speelgoed. De producten die geproduceerd worden in de procesindustrie zijn divers daarom zijn de machines die de bewerkingen uitvoeren verschillend. De machines moeten echter aangestuurd worden door ervaren personeel: de operators. Deze personeelsleden vormen een belangrijke groep in de procesindustrie. Operators worden ook wel machineoperators genoemd. Daarnaast zijn er ook procesoperators in bedrijven aanwezig die complete processen aansturen.

Wat zijn de werkzaamheden van een operator of machineoperator?
Een operator bedient een machine of een aantal machines in een fabriek. Hij of zij zorgt er voor dat de machine de gewenste bewerking uitvoert op het product. Daarnaast moet de operator er voor zorgen dat de machine de juiste aantallen draait en kwaliteit levert. Operators moeten daarom goed de machine in de gaten houden. Indien nodig moeten ze bepaalde instellingen van de machine bijstellen zodat kwaliteit en aantallen worden geleverd die gewenst zijn. De machines moeten daarvoor regelmatig worden gecontroleerd maar de producten ook. De kwaliteitscontroles kan de operator zelf doen maar het is ook mogelijk dat daarvoor een speciale kwaliteitscontroleur aanwezig is.

Een operator moet verstand hebben van een machine en moet daarnaast ook verstand hebben van het algehele proces. Deze kennis kan in de praktijk worden geleerd maar het is ook goed mogelijk dat de operator aanvullende cursussen en opleidingen krijgt waardoor deze nog beter op de hoogte raakt van de machine. Operators zijn er op verschillende niveaus. Hieronder worden een aantal voorbeelden genoemd van verschillende operatorfuncties:

  • Assistent operators. Er zijn operators die als assistent operator worden ingezet. Deze operators assisteren een ervaren allround operator. Assistent operators hebben over het algemeen minder ervaring dan ervaren allround operators en zijn daarnaast meestal ondersteunend aanwezig bij het bedienen van een machine.
  • Allround operators. Allround operators worden breder ingezet in productiebedrijven. Meestal stuurt een allround operator meerdere machines aan. Daarnaast kan een allround operator ook assistent operators aansturen. Verder kan een allround operator ook productiekrachten aansturen die werkzaam zijn aan de productielijn. De technische kennis van allround operators is over het algemeen goed. Daarom kunnen ze ook eerstelijnsstoringen oplossen en assisteren bij het oplossen van grote en complexe storingen.
  • Leidinggevende operators. In verschillende bedrijven zijn ook leidinggevende operators werkzaam. Deze operators sturen meestal een aantal allround operators aan. Ze moeten goed overzicht bewaren en het proces bewaken. Leidinggevende operators hebben verstand van verschillende machines en processen die plaatsvinden in productiebedrijven. Ze hebben een goed beeld van kwaliteit en veiligheid en zijn in staat om mensen aan te sturen.
  • Procesoperators. Er zijn binnen grote productiebedrijven ook procesoperators aanwezig. Deze controleren het proces. Meestal zitten procesoperators achter grote beeldschermen waarop informatie verschijnt over de voortgang van productieprocessen. Procesoperators controleren het proces en doen meestal ook kwaliteitsmetingen. Hierdoor leveren ze een belangrijke bijdrage aan procesbeheersing. Wanneer er problemen ontstaan in het proces moet een procesoperator daar op anticiperen. Dit doet hij of zij meestal in overleg met machineoperators en de technische dienst.

VAPRO opleidingen voor operators in de procesindustrie
Kennis is een belangrijk aspect voor het werken in de procesindustrie. De procesindustrie is een werkomgeving die in sterke mate afwijkt van andere werkprocessen. Daarom worden operators door veel industriële bedrijven specifiek opgeleid voor het uitvoeren van werk in de productieomgeving. VAPRO opleidingen worden hiervoor in de praktijk veel gebruikt. Er zijn verschillende VAPRO opleidingen. Het niveau van de VAPRO opleiding is verbonden aan de werkzaamheden en bevoegdheden van de operator.

  • De opleiding VAPRO basisoperator wordt in de praktijk meestal aangeboden aan assistent operators die onder een ervaren operator werken bij een machine.
  • De opleiding VAPRO A leert de operator hoe hij of zij zelfstandig machines kan bedienen in een industriële omgeving.
  • De opleiding VAPRO B is een opleiding die er voor zorgt dat operators meerdere machines kunnen en mogen bedienen. Daarom wordt VAPRO B meestal aangeboden aan allround operators. Deze allround operators hebben in de praktijk vaak ook ervaring met het ombouwen van machines en het verhelpen van eerstelijnsstoringen.
  • De opleiding VAPRO C is geschikt voor operators die als leidinggevende aan de slag gaan. Deze leidinggevende operators zullen in hun werk ook andere operators moeten aansturen en moeten daarnaast overzicht houden op het gehele proces. Medewerkers met VAPRO C kunnen ook ingezet worden als wachtchef.
  • De opleiding VAPRO D wordt over het algemeen aangeboden aan medewerkers die als managers werken op de werkvloer of op kantoor. VAPRO D wordt gebruikt voor middenkader functies en technici. De meeste operators hebben voor de uitoefening van hun functie geen VAPRO D nodig.

VAPRO opleidingen zijn verschillend in niveau. Daarnaast kunnen VAPRO opleidingen ook nog specifiek gericht zijn op een bepaalde tak van de industrie. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan VAPRO opleidingen die specifiek gericht zijn op de voedingsmiddelenindustrie of de chemische industrie. Veel bedrijven kiezen er voor om VAPRO opleidingen binnen hun eigen muren te houden. Door VAPRO opleidingen op de werkvloer te houden leren deelnemers aan de opleiding meteen de kennis toe te passen op de werkvloer.

Operators en Lean manufacturing en Six Sigma
Operators hebben een belangrijke invloed op de processen die plaatsvinden in de procesindustrie. Het bedienen van machines is een wezenlijk onderdeel van een productieproces. Als de machine goed draait en weinig fouten maakt kan een bedrijf kwalitatief hoogwaardige producten produceren. Daarnaast kan een goed werkende machine ook sneller produceren waardoor hoge productieaantallen worden bereikt. De kennis die een operator heeft van een machine kan doormiddel van trainingen worden verbetert. Er is echter ook kennis nodig van het gehele productieproces waar de operator een onderdeel van vormt. Het gehele productieproces moet goed draaien. Daarbij moet verspilling worden voorkomen.

Doormiddel van Lean manufacturing kan men de verspilling aanpakken in een bedrijf. De operator kan in een Lean training of Lean opleiding leren hoe hij of zij kan bijdragen aan het reduceren van verspilling op de werkvloer. Het reduceren van verspilling is slechts één aspect van de effectiviteit van een industrieel bedrijf. Er zullen echter ook regelmatig problemen en vraagstukken ontstaan die effectief moeten worden opgelost om de kwaliteit van de producten te waarborgen. Hiervoor worden Six Sigma trainingen geboden. Doormiddel van deze trainingen kunnen operators in projectverband problemen en vraagstukken oplossen. Six Sigma kan worden aangeboden aan verschillende niveaus in een bedrijf. Het ervaringsniveau van iemand die een Six Sigma opleiding heeft gehad wordt aangetoond in een bepaalde kleur band. Voorbeelden van Six Sigma niveaus zijn yellow belt, green belt en blach belt. Operators kunnen met Six Sigma een bijdrage leveren aan het optimaliseren van het proces.

Een ideale combinatie ontstaat wanneer operators een VAPRO opleiding hebben gehad en daarnaast een opleiding hebben genoten op het gebied van Lean manufacturing. Als men daar ook nog Six Sigma koppelt ontstaat een compleet pakket waarmee de operator professioneel kan functioneren in een organisatie. Steeds meer bedrijven in de industrie kiezen er voor om operators te voorzien dan deze opleidingen.  De kwaliteit in de procesindustrie gaat hierdoor omhoog. Dit is een belangrijke stap in de goede richting voor de maakindustrie.