Wat is een manufactuur?

Manufacturen zijn werkplaatsen in huizen waar mensen bepaalde producten maken. Het woord manufactuur is afgeleid van het Latijns waar het Latijnse ‘manus’ kan worden vertaald met het Nederlandse woord ‘hand’ en het Latijnse woord ‘facare’ met ‘bouwen’, ‘maken’ of ‘herstellen’.

Voordat manufacturen ontstonden werden bepaalde werkzaamheden onder de naam ‘huisnijverheid’ verricht. Manufacturen zijn ontstaan uit werkhuizen die verbonden waren aan gevangenissen of kloostergemeenschappen. Toen in de Franse Revolutie de abdijen werden afgeschaft kwamen er vaak manufacturen in oude abdijgebouwen die eerder door monniken werden gebruikt om werkzaamheden te verrichten.  Een manufactuur is in klein bedrijfje waar meerdere werkers werkzaamheden verrichten tegen dagloon of stukloon.

Kenmerken manufactuur
Een manufactuur heeft een aantal kenmerken. Een belangrijk kenmerk is de lage mechanisatiegraad. Hiermee wordt bedoelt dat veel werkzaamheden nog met de hand gebeuren en er nauwelijks machines aanwezig zijn. Daarnaast is er in een manufactuur over het algemeen weinig sprake van een arbeidsindeling.

Ondanks deze eigenschappen is er in een manufactuur wel sprake van een bepaalde organisatie. Er worden materialen ingekocht en verkocht. Daarnaast is er in een manufactuur ook sprake van aansturing door een leidinggevende. Indien nodig wordt er ook een administratie gevoerd en tevens een werkvoorbereiding. Door deze kenmerken is een manufactuur professioneler dan een ambachtelijke werkplaats. Manufacturen bestaan bijna niet meer in de Westerse beschaving. Veel manufacturen zijn verder gemechaniseerd en verandert in veel grootschaliger bedrijven zoals fabrieken.

Wat zijn de vier productiefactoren?

In het bedrijfsleven worden verschillende producten en diensten geleverd. De producten en diensten kunnen concreet zijn maar ook abstract. Een voorbeeld van een concreet product is een machine die doormiddel van een assemblageproces is opgebouwd. Een abstracte dienst is bijvoorbeeld een advies dat door een adviesbureau wordt gegeven aan een opdrachtgever. Een concreet product is tastbaar en een dienst heeft niet altijd een tastbaar resultaat.

Bij alle producten en diensten die worden geleverd komen tijdens de productie een aantal productiefactoren aan de orde. Tijdens het produceren van producten en het leveren van diensten worden vier verschillende productiefactoren gebruikt. Deze productiefactoren zijn:

  • Natuur: dit zijn de grondstoffen en energie. De natuurlijke productiefactor omvat alles wat niet door de mens geproduceerd. Hierbij kun je denken aan grondstoffen zoals, hout, kolen, aardolie, aardgas en natuursteen. Ook een stuk grond kan worden beschouwd als natuur en kan bijvoorbeeld worden gebruikt om gewassen te verbouwen.
  • Arbeid: is de verzamelnaam voor alle lichamelijke en geestelijke inspanningen die door mensen of dieren worden verricht ter ondersteuning van het productieproces. Geestelijke inspanning kan bijvoorbeeld het ontwerpen van een machine zijn. Lichamelijke inspanning in het productieproces is het assembleren van de machine.
  • Kapitaal: dit zijn alle goederen die worden ingezet om tijdens het productieproces consumptiegoederen en kapitaal te produceren. Hierbij kan gedacht worden aan productiemachines, transportbanden en vervoersmiddelen voor producten.
  • Ondernemerschap: is een belangrijke coördinerende factor. Deze productiefactor is gericht op het succesvol inzetten van de hiervoor genoemde productiefactoren. Hierbij moeten verschillende productiefactoren op elkaar worden afgestemd zodat een goede balans ontstaat en uiteindelijk rendement en winst wordt gerealiseerd.

De productiefactoren dienen goed op elkaar te worden afgestemd. Hierbij komt het begrip ´allocatie van productiefactoren´ aan de orde. Met dit begrip bedoelt men de manier waarop de productiefactoren worden ingedeeld en verdeeld over de productiemogelijkheden. Als men de productiefactoren goed gebruikt zal een productieproces een goed rendement opleveren. De productiefactor natuur levert dan pacht op. Arbeid levert loon op en kapitaal zorgt voor rente. Tenslotte levert ondernemerschap winst op.

Wat is allocatie van productiefactoren?

Het woord allocatie is een woord dat vertaald kan worden met toewijzing, aanwending, toedeling of ter beschikking stellen. De term ´allocatie van productiefactoren´ wordt onder andere gebruik in de economie. De allocatie van productiefactoren kan ook allocatie van middelen worden genoemd en houdt in feite de manier in waarop de productiefactoren verdeeld worden over de productiemogelijkheden.

Allocatie van productiefactoren
Er worden tijdens het productieproces vier verschillende productiefactoren ingezet. Deze productiefactoren zijn natuur, arbeid, kapitaal en ondernemerschap. De allocatie van productiefactoren heeft is het maken van de juiste keuzes en de juiste verdeling tussen de productiefactoren. Er wordt hierbij gekeken naar de soort grondstoffen en goederen die worden aangewend. Daarnaast wordt gekeken naar het kapitaal dat wordt ingezet, dit zijn onder andere de machines, werktuigen en andere middelen die worden gebruikt om de producten te maken. De allocatie van productiefactoren hoort bij het ondernemerschap. Het ondernemerschap is zelf echter ook een productiefactor.

Lean manufacturing
Tijdens de allocatie van productiefactoren kan men verschillende modellen en structuren hanteren. Allereerst zal men prioriteiten gaan stellen en zal men zich afvragen wat de kernprocessen zijn van het productieproces. Ongeveer honderd jaar gelden zette men de productiemiddelen in op basis van scientific management. Dit is een wetenschappelijke benadering van productieprocessen. Tegenwoordig hanteert men Lean manufacturing of Lean management. Deze moderne managementmodellen lijken sterk op het scientific management van Frederick Taylor ongeveer honderd haar geleden.

Hierbij probeert men zoveel mogelijk ´afval´ te reduceren tijdens het productieproces. Met afval bedoelt men in dit verband niet alleen onbruikbare bijproducten die ontstaan tijdens het productieproces. Afval kan ook tijd zijn, foutproductie, storingen en andere aspecten die er voor zorgen dat het productieproces niet optimaal draait.

Voor het optimaliseren van productieprocessen voert men de 5S methode in. Deze methode bestaat uit vijf onderdelen. De volgorde van deze vijf onderdelen staat hieronder:

  • Scheiden
  • Schikken
  • Schoonmaken
  • Standaardiseren
  • In Stand houden of Systematiseren

In feite beoordeelt men door de 5S methode van Lean management voortdurend het productieproces. In de laatste stap probeert men de veranderingen in het productieproces vast te leggen zodat het productieproces geoptimaliseerd blijft lopen.

Productieprocessen veranderen
Productieprocessen zijn dynamisch onder andere omdat de eisen aan productieprocessen veranderen. Dit heeft te maken met verschillende factoren.

  • Productieprocessen worden steeds verder geautomatiseerd.
  • Producten veranderen.
  • Veiligheidsprocedures e veiligheidseisen veranderen.
  • Machines worden sneller en beter.
  • Grondstoffen raken op.
  • Prijzen van machines en grondstoffen kunnen fluctueren.
  • Er worden nieuwe grondstoffen ontdekt en toegepast.
  • De rechten van personeelsleden veranderen zoals werktijden.

Doordat elementen van productieprocessen voortdurend wijzigen zullen ook productiefactoren regelmatig moeten worden heroverwogen en aangepast. De allocatie van productiefactoren blijft daarom een onderdeel vormen van het ondernemerschap van bedrijven.

Wat doet een onderhoudsmonteur EMRA?

Onderhoudsmonteur EMRA is een beroep in de techniek. De afkorting EMRA wordt voluit als volgt geschreven: Elektro Meet en Regel Automatiseringstechniek. Deze onderhoudsmonteurs hebben een gedegen kennis op elektrotechnisch gebied en hebben daarnaast kennis van software en automatiseringssystemen. Hierdoor hebben deze onderhoudsmonteurs een gedegen opleiding gevolgd.

Welke opleiding heeft een onderhoudsmonteur EMRA?
Een onderhoudsmonteur EMRA kan verschillende opleidingen hebben gevolgd voor de benodigde theoretische kennis bijvoorbeeld:

  • MBO-opleiding Electrotechniek.
  • MBO-opleiding Energietechniek.
  • MBO-opleiding Mechatronica.
  • MBO-opleiding Technicus industriële automatisering.
  • MBO-opleiding Meet-, Regel- en Automatiseringstechniek.
  • SOM Opleiding Onderhoudstechnicus Electro en Instrumentatie.

Naast een gedegen opleiding op elektrotechnisch gebied en op het gebied van automatisering dienen EMRA onderhoudsmonteurs ook over een geldig VCA te beschikken (Veiligheid, checklist aannemers). Ook aanvullende NEN certificaten kunnen worden geëist wanneer een EMRA monteurs op bepaalde projecten en in bepaalde bedrijven aan de slag moeten.

Wat zijn de werkzaamheden van een onderhoudsmonteur EMRA?
Een onderhoudsmonteur EMRA is een techneut met allround kennis van elektrotechniek en meet- en regeltechniek. Deze monteurs werken in de praktijk regelmatig in een industriële omgeving. In de industrie zijn verschillende machines en systemen aanwezig. Deze machines en systemen dienen onderhouden te worden en storingen dienen zorgvuldig te worden opgelost. Deze werkzaamheden doet de onderhoudsmonteur EMRA.

Storingen zoeken in systemen
Het zoeken naar storingen in automatiseringssystemen vereist veel ervaring. Storingen in automatiseringssystemen zijn meestal zeer complex. Hierbij kan gedacht worden aan storingen in PLC systemen en SCADA systemen. Het oplossen van storingen vereist een grote mate van accuratesse. De werkzaamheden moet conform de normen en veiligheidsrichtlijnen worden uitgevoerd. Daarnaast dienen ook regelmatig testen en inspecties te worden uitgevoerd. Over de resultaten van de inspecties en de controles die worden uitgevoerd moeten rapporten worden gemaakt. Dit vereist taalvaardigheden en vaardigheden met tekstverwerkende systemen op de computer. Veel softwaresystemen van machines worden doormiddel van een laptop met speciale software uitgelezen. Een EMRA onderhoudsmonteur staat bij veel industriële productiebedrijven onder druk te werken. Productieprocessen dienen continue gehandhaafd te blijven. Storingen zorgen er voor dat productieaantallen niet worden gehaald en het bedrijf minder winst maakt of zelfs verlies lijd. Daarom moet een EMRA onderhoudsmonteur zo snel mogelijk de storing vinden en oplossen.

Voorkomen van storingen
Het voorkomen van storingen is ook belangrijk. Veel bedrijven in de industrie voeren Lean manufacturing in. Hierbij wordt veel aandacht besteed aan het optimaliseren van productieprocessen. EMRA onderhoudsmonteurs hebben meestal ook een beeld van Lean manufacturing en maken deel uit van verbeterteams die via een Six sigma methodiek processen analyseren en verbeteren.

Doormiddel van Lean manufacturing worden processen in bedrijven continue geoptimaliseerd. De levensduur van installaties dient te worden gewaarborgd. Onderhoudsschema’s dienen door de EMRA onderhoudsmonteur zorgvuldig te worden nageleefd. Ook dient er regelmatig revisie te worden uitgevoerd aan het machinepark. Hierbij vervullen EMRA onderhoudsmonteurs een belangrijke rol op elektrotechnisch en software gebied.

Retrofitten en inbedrijfstellen van machines
Bedrijven retrofitten regelmatig machines zodat deze aan de nieuwe kwaliteitseisen voldoen. Tijdens dit retrofitten worden automatiseringssystemen geheel of gedeeltelijk vervangen. Hierbij kan een EMRA onderhoudsmonteur ook als een PLC programmeur werken. Ook bij het inbedrijfstellen van machines kan een EMRA onderhoudsmonteur PLC’s programmeren en softwaresystemen inregelen. Dit kan de monteur doen in overleg met de leverancier. Regelmatig zal de EMRA onderhoudsmonteur nieuwe systemen moeten leren kennen doormiddel van trainingen en opleidingen.

Wat is 5S in lean manufacturing?

Lean manufacturing is een methode die gericht is op het verbeteren van bedrijfsprocessen. Doormiddel van Lean manufacturing wordt de klant centraal gesteld bij alle processen die in het bedrijf worden uitgevoerd. Hierbij worden de bedrijfsprocessen nauwkeurig onderzocht en wordt bepaald of een bedrijfsproces een significante meerwaarde oplevert voor het product of dienst die het bedrijf aan haar klanten levert. Verspilling kost een bedrijf veel geld. Volgens Lean manufacturing zijn er verschillende soorten verspilling die aan de orde kunnen komen bij een bedrijf. Deze vormen van verspilling moeten effectief worden aangepakt. Daarvoor is het 5S bedacht. 5S bestaat uit vijf Japanse woorden waarmee het ‘schoonmaken’ of ‘opruimen’ van het bedrijf gestalte kan krijgen.

Waar staat 5S voor in lean manufacturing?
Lean manufacturing zorgt er voor dat bedrijf weer ‘lean’ worden. Dit is een Engels woord dat staat voor het Nederlandse woord ‘slank’. Een slank bedrijf heeft geen overtollige bedrijfsprocessen die de kernprocessen kunnen belemmeren. Daarom moet een bedrijf ‘schoongemaakt’ of ‘opgeruimd’ worden. Daarvoor zijn 5 verschillende termen bedacht. Deze termen zijn allemaal Japans en vormen de 5S. De reden waarom deze termen allemaal Japans zijn ligt in het feit dat Lean manufacturing zijn wortels heeft in de Toyotafabrieken van Japan.  De Japanse begrippen zijn hieronder weergegeven. Achter deze Japanse woorden zijn de Nederlandse woorden gezet waarmee de Japanse woorden vertaald kunnen worden.

  • Seiri: Scheiden
  • Seiton: Schikken
  • Seisō: Schoonmaken
  • Seiketsu: Standaardiseren
  • Shitsuke: In Stand houden of Systematiseren

Hieronder zijn de onderdelen van 5S beschreven in verschillende alinea’s. Hierdoor wordt duidelijk wat er met de termen wordt bedoelt.

S1: Scheiden
Bij het beoordelen van bedrijfsprocessen dient men na te gaan welke materialen en voorwerpen noodzakelijk zijn en welke overbodig of belemmerend zijn tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden. S1 is gericht op het scheiden van materialen en gereedschappen en zorgen voor een opgeruimde werkplek.

Alle materialen die niet gebruikt worden dienen te worden verwijdert. Ook voorwerpen die onveilig of kapot zijn moeten van de werkplek worden verwijdert. Per voorwerp dient te worden gevraagd wat men met het voorwerp doet tijdens het werkproces. Voorwerpen die regelmatig gebruikt worden moeten op de werkplek aanwezig zijn. voorwerpen die bijna nooit worden gebruikt kunnen beter van de werkplek worden verwijdert omdat ze anders in de weg liggen en daardoor het werkproces belemmeren.

S2: Schikken
Overzicht op de werkplek is van groot belang wanneer men effectief wil werken. Daarom moeten gereedschappen en materialen een vaste plek hebben in de werkomgeving. Werknemers moeten hun gereedschappen en materialen gemakkelijk en snel kunnen vinden. Gereedschap dat veel gebruikt wordt dient dicht bij de werkplek te worden geplaatst. Gereedschap dat minder vaak gebruikt wordt kan eventueel ook verder bij de werkplek vandaan geplaatst worden. Bij het indelen van de werkplek zijn hygiëne en ergonomie belangrijk. Gereedschappen moeten zo zijn geplaatst dat een werknemer deze binnen handbereik heeft en niet hoeft te bukken.

S3: Schoonmaken
Machines en gereedschappen dienen regelmatig schoongemaakt te worden zodat ze goed en veilig kunnen worden gebruikt. Ook vloeren moeten schoongemaakt worden om de veiligheid en netheid te waarborgen op de werkplek. Schoonmaken heeft ook te maken met de muren en de plafonds op de werkplek. Dit kan zowel correctief zijn als preventief. Correctief schoonmaken houdt in dat men gedeeltes van de werkplek gaat schoonmaken omdat deze vies zijn geworden. Preventief schoonmaken is het voorkomen van vervuiling en verontreiniging op de werkplek. Ook het onderhouden van machines en gereedschappen kan er toe leiden dat er minder storingen plaatsvinden. Schoonmaken moet gestructureerd gebeuren daarom zijn schoonmaakschema’s en omschreven schoonmaakmethodes een belangrijk onderdeel van S3.

S4: Standaardiseren
Veranderprocessen en verbeterprocessen moeten geborgd worden en gestandaardiseerd. Wanneer dit niet gebeurd bestaat de kans dat men weer vervalt in oude patronen. S4 is gericht op standaardisatie van de hierboven genoemde onderdelen van 5S. Standaardiseren kan op verschillende manieren gebeuren. Een belangrijk voorbeeld dat in de praktijk regelmatig wordt gebruikt is gericht op het visuele aspect op de werkplek. Op de werkplek kan met kleuren en lijnen werken om bepaalde delen van de werkplek af te bakenen. Daarnaast kan men gebruik maken van bakken en schappen waarin gereedschappen en materialen een vaste plek hebben. Deze visuele vormen van standaardisatie worden in schriftelijke of digitale procedures beschreven zodat iedereen precies weet wat er van hem of haar verwacht wordt.

S5: Systematiseren
De hiervoor genoemde onderdelen van 5S moeten een systeem worden in een bedrijf. De gestandaardiseerde procedures dienen volgens een systeem te worden uitgevoerd. Het systeem dient te worden gecontroleerd. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan door controles en audits. Daarbij kan men gebruik maken van verschillende controlelijsten. De resultaten van deze audits en controles dienen te worden gevisualiseerd zodat iedereen kan zien hoe goed het bedrijf of een bepaalde afdeling scoort. Visualisatie kan bijvoorbeeld doormiddel van schema’s en tabellen. Er kunnen op basis van deze schema’s en tabellen nieuwe doelstellingen worden geformuleerd waarmee de kwaliteit van het bedrijf en de bedrijfsprocessen kunnen worden verhoogd.

Wat zijn de voordelen en nadelen van 5S
Doormiddel van 5S worden werkplekken netter en wordt de kans op ongevallen gereduceerd. Gereedschappen en materialen hebben een vaste plek en dat zorgt voor overzicht op de werkplek. Men kan gestructureerd werken en weet waar men bepaalde onderdelen of gereedschappen kan vinden. Verder is een nette werkplek ook aantrekkelijker en zorgt het er voor dat mensen zorgvuldiger met materialen en middelen omgaan. Een rondleiding in een bedrijf met opgeruimde werkplekken is over het algemeen een goed ‘visitekaartje’ voor een bedrijf aan potentiële opdrachtgevers. Verder is een laag ongevallenpercentage een belangrijke indicator voor de zorgvuldigheid waarmee een werkgever omgaat met zijn personeel.

Een veilige werkplek heeft veel voordelen. 5S is echter meer dan dat. Er wordt van de werknemers verlangt dat ze zeer gestructureerd gaan werken. Sommige werknemers vinden dit prettig terwijl andere werknemers structuur beklemmend vinden werken. De voortdurende publicatie van aantallen kan er toe leiden dat personeel zich opgejaagd voelt en bang is om fouten te maken. Teveel discipline en orde zorgt er daarnaast voor dat mensen in zogenoemde ‘hokjes’ gaan werken. Men doet dan alleen de dingen die bij de functie horen en verder niets. Dit kan er voor zorgen dat mensen als teams gaan denken en het team als een sub-bedrijf gaan beschouwen. Teams kunnen onderling concurreren en kunnen er naar streven om de beste resultaten te behalen. Dit is op zich goed, maar de kans bestaat dat teams elkaar gaan tegen werken om het verschil in resultaat zo gunstig mogelijk te laten lijken. In dat geval worden de bedrijfsprocessen minder effectief of zelfs destructief. Een goede implementatie van 5# zorgt voor draagvlak en is nuttig voor het gehele bedrijf.

Wat is automatisering en waar wordt automatisering toegepast?

Automatisering is een woord dat regelmatig wordt gebruikt in de procesindustrie en de techniek. Doormiddel van automatisering worden menselijke handelingen vervangen door machines en computersystemen. Automatisering zorgt er voor dat mensen minder werk hoeven te verrichten. In plaats daarvan zorgen geautomatiseerde machines er voor dat er arbeid wordt verricht. Automatisering zorgt er voor dat er meer en sneller kan worden geproduceerd. Daarnaast zorgt automatisering voor een constante kwaliteit en output. Automatisering kan er toe bijdragen dat systemen in bijvoorbeeld fabrieken beter aangestuurd kunnen worden. Tegenwoordig kan men in de westerse wereld bijna niet meer zonder automatiering. Het wordt namelijk op veel verschillende manieren toegepast in bedrijven en de maatschappij.

Waar wordt automatisering toegepast?
Automatiering wordt op veel verschillende plaatsen in de samenleving toegepast om de werkzaamheden van mensen te verlichten of te vervangen. Fabrieken zijn een bekend voorbeeld van bedrijven waarin automatiseringsprocessen worden toegepast maar er zijn nog veel meer bedrijven waarin gebruik gemaakt wordt van automatisering. Ook in kantoren kan men gebruik maken van kantoorautomatisering. Daarnaast maken kassa’s en betaalsystemen ook gebruik van automatisering. Deze systemen zijn in de praktijk meestal gekoppeld aan voorraadbeheersingssystemen. Hierdoor wordt automatisch de voorraad van een bedrijf bijgehouden. Als artikelen worden verkocht kan vanuit een geautomatiseerd voorraadsysteem automatisch een bestelling worden gedaan naar een leverancier voor de levering van een nieuw product.

Automatisering vindt ook plaats in het verkeer. Verkeerslichten worden onder andere doormiddel van geautomatiseerde systemen aangestuurd. Daarnaast worden beveiligingssystemen tegenwoordig ook geautomatiseerd. Het automatiseren van verkeersystemen en beveiligingssystemen bespaard arbeidskrachten. Dit is echter niet het allerbelangrijkste pluspunt van deze automatiseringssystemen de veiligheid staat namelijk voorop. Als mensen systemen bedienen kunnen er gemakkelijk fouten ontstaan door onoplettendheid. Geautomatiseerde systemen maken gebruik van camera’s en sensors. Deze systemen vormen de ‘ogen’ van de automatisering. De gegevens die door de sensors en camera’s worden ontvangen zijn een belangrijke input die het geautomatiseerde systeem gebruikt om handelingen te verrichten. Camera’s en sensors merken over het algemeen meer op dan mensen. Daarnaast kunnen deze systemen dag en nacht worden gebruikt zonder dat ze vermoeid raken. Om deze redenen worden geautomatiseerde systemen op verschillende manieren gebruikt in het bedrijfsleven en de maatschappij. In de toekomst zal automatisering ook in andere werkprocessen worden doorgevoerd bijvoorbeeld in de gezondheidszorg.

Procesautomatisering en industriële automatisering
In de procesindustrie wordt zeer veel gebruik gemaakt van automatisering. Sinds de industriële revolutie werden de werkzaamheden van mensen in toenemende mate vervangen door machines. Er ontstond mechanisering. Mechanische systemen voerden bewerkingen uit in plaats van mensen. Meestal waren er nog wel mensen aanwezig op de werkvloer als operator of productiekracht. Deze werknemers bedienden de machines en voerden ondersteunende werkzaamheden uit aan de machines. Door de ontwikkelingen in elektronica en computertechnologie deed automatisering zijn intrede in de procesindustrie. Systemen en machines kunnen daardoor vrijwel volledig zelfstandig draaien wanneer ze door mensen zijn geprogrammeerd. Deze vorm van automatisering wordt ook wel procesautomatisering genoemd of procesbesturing en wordt zowel gebruikt voor volcontinue productieprocessen als batchprocessen.

Besturingssystemen
Procesautomatisering draait voor een groot deel om software die geïnstalleerd is op computers, deze computers worden ook wel procescomputers genoemd. Deze computers kunnen doormiddel van SCADA in contact staan met de computersystemen die verbonden zijn aan de machine. Doormiddel van automatisering ontstaat een kunstmatige intelligentie. Machines kunnen doormiddel van sensoren, voelers, camera’s en meetinstrumenten hun positie bepalen en bewerkingen uitvoeren. Uiteraard moet de machine wel geprogrammeerd zijn. Een machine moet bestuurd worden. In een geautomatiseerde omgeving bestuurt de werknemer de machine niet meer maar wordt gebruik gemaakt van een besturingssysteem. Een voorbeeld van een besturingssysteem is de PLC. De afkorting PLC staat voor programmable logic controller. Een PLC-systeem zorgt voor de besturing van de machine in plaats van de werknemer. Echter zullen er altijd operators nodig zijn die de knoppen bedienen van de machine. Doormiddel van de knoppen op het paneel worden signalen naar een geïntegreerd PLC-systeem in de machine gestuurd. Het PLC-systeem zorgt er vervolgens voor dat relais worden in- en uitgeschakeld. Hierdoor krijgen bepaalde delen van de machine juist wel of juist niet stroom. Dit zorgt er voor dat de bewerkingen worden uitgevoerd op de producten die de machine maakt. Naast PLC’s en SCADA systemen zijn er ook andere procesautomatiseringssystemen in de industrie bijvoorbeeld: Process control system (PCS) en Distributed control system (DCS).

Industriële automatisering en Lean manufacturing
In veel industriële bedrijven wordt voortdurend gezocht naar systemen en middelen waarmee het productieproces kan worden geoptimaliseerd. Hierbij kan geïnvesteerd worden in nieuwe machines en moderne softwaresystemen. De investeringen in machines en software gaan meestal gepaard met veranderingen in de bedrijfsvoering. Deze veranderingen in de bedrijfsvoeringen hebben ook invloed op de werkwijze en denkwijze van personeel. Tegenwoordig is Lean manufacturing bij veel bedrijven in trek. Deze benadering van procesbeheersing is gericht op het reduceren van verspilling. Machines moeten efficiënter werken en afval moet zoveel mogelijk worden beperkt. Daarvoor is een goed geautomatiseerd productieproces van belang. Bij de invoering van Lean manufacturing wordt daarom ook vaak gekeken naar de automatisering.

Daarnaast komt uit de automatisering (SCADA) ook naar voren of het productieproces wel de gewenste output levert. De output kan worden beoordeeld op kwaliteit en kwantiteit. Deze gegevens zijn belangrijk voor het beoordelen van de effectiviteit van het productieproces. Daarom vormen de gegevens die uit automatiseringssystemen gegenereerd worden zeer nuttige informatie voor het Lean management.

Wat is SCADA en waar wordt een SCADA-systeem voor gebruikt?

In de industrie wordt gewerkt met verschillende machines. Deze machines voeren bewerkingen uit op materialen, halffabricaten en producten. Machines werken tegenwoordig vrijwel geheel automatisch. Operators bedienen de machines door op knoppen te drukken. De machine bevat software die er voor zorgt dat de gewenste bewerking wordt uitgevoerd. Machines hebben verschillende meet en regelsystemen waarmee de processen en bewerkingen in kaart kunnen worden gebracht. Deze belangrijke informatie wordt verzameld en doorgestuurd door een SCADA-systeem. Het SCADA-systeem wordt tevens gebruikt voor het verwerken en visualiseren van deze informatie. SCADA is een afkorting die staat voor Supervisory Control And Data Acquisition.

Hoe werkt een SCADA-systeem?
Een SCADA-systeem bestaat uit software die geïnstalleerd is op een computer. Deze software zorgt er voor dat meetgegevens effectief en gemakkelijk kunnen worden uitgewisseld. Gegevens van machines moeten daarvoor worden omgezet van “computertaal” naar gegevens die voor mensen goed te begrijpen is. Hiervoor wordt SCADA gebruikt. Operators en procesoperators kunnen doormiddel van SCADA goed zien wat de productiviteit is van machines. Deze meetgegevens kunnen worden verwerkt in rapporten die vervolgens weer gebruikt kunnen worden om de effectiviteit van processen te beoordelen. SCADA kan naast het produceren van belangrijke gegevens van processen ook worden gebruikt om systemen in de fabriek aan te sturen.

SCADA is een software die gegevens kan lezen en schrijven naar besturingseenheden. Een bekend voorbeeld van besturingseenheden zijn PLC-systemen. PLC staat voor programmable logic controller, deze PLC-systemen sturen machines aan. Een SCADA-systeem kan gebruik maken van verschillende communicatiemiddelen een aantal voorbeelden hiervan zijn MPI, profibus, ethernet en RS485. Met deze communicatiemiddelen stuurt het SCADA-systeem gegevens naar de PLC-systemen van de machines in de fabriek.

SCADA en lean manufacturing
SCADA kan ook worden gebruikt worden voor rapportage over de ontwikkelingen in de procesindustrie. Hierbij kan gedacht worden aan productietotalen en het aantal alarmen dat heeft plaatsgevonden tijdens het proces. Deze gegevens kunnen naar een database of spreadsheet worden gestuurd. Informatie over de productieprocessen is van groot belang voor de aansturing en beheersing van de processen in de industrie. Gegevens over productietotalen zijn belangrijke indicatoren over de productiesnelheid. Daarnaast zijn gegevens over alarmen en fouten in het systeem belangrijk om de kwaliteit van het productiesysteem te beoordelen. SCADA kan daardoor zowel de kwaliteit als kwantiteit van productieprocessen in kaart brengen.

Door deze informatieverschaffing kan goed worden gekeken naar de verspilling in de organisatie. Machines die regelmatig storing hebben of niet goed zijn afgesteld zodat verkeerde producten worden geproduceerd zorgen voor verspilling. Lean manufacturing is er op gericht deze verspilling tegen te gaan. SCADA kan belangrijke informatie verschaffen voor Lean manufacturing. Procesoperators en leidinggevenden op de werkvloer kunnen de gegevens van SCADA gebruiken om aan de werkvloer duidelijk te maken hoe het productieproces verloopt. Daarnaast kan gekeken worden hoe bepaalde alarmen en foutmeldingen in de toekomst voorkomen kunnen worden. Dit vergroot de effectiviteit van het productieproces. Zonder een informatiesysteem als SCADA kan men het proces moeilijk controleren en beheersen. SCADA en lean manufacturing gaan daarom goed samen.

Wat leer je op de opleiding VAPRO D en wat kun je met deze opleiding?

De procesindustrie is een industrie waarin verschillende processen worden uitgevoerd. Kenmerkend voor de procesindustrie is de industriële omgeving waarin de werknemers werken. De functies in de procesindustrie zijn divers. Binnen de procesindustrie zijn productiekrachten werkzaam maar ook operators en technici. Al deze mensen voeren taken uit ter bevordering van het proces. Een hoogwaardig productieproces met een goed rendement en kwalitatief uitstekende producten staan hierbij centraal. De procesindustrie is een unieke werkomgeving. Deze werkomgeving laat zich moeilijk vergelijken met andere werkomgevingen. Daarom zijn er weinig reguliere opleidingen die geschikt zijn voor werknemers in de procesindustrie. Voor de procesindustrie zijn daarom speciale aanvullende opleidingen ontwikkelt. Een bekend voorbeeld van deze opleidingen zijn de VAPRO opleidingen. De VAPRO opleidingen zijn er in verschillende niveaus. Het laagste niveau is de VAPRO basisoperator opleiding. Deze opleiding is op mbo niveau 1. Een niveau hoger is de VAPRO A opleiding, die op mbo niveau 2 is. Nog weer hoger is VAPRO B op mbo 3 niveau. Dan volgt de VAPRO C op mbo niveau 4. Tot slot is er de VAPRO D. Deze opleiding is op HBO niveau, op Bachelor niveau zoals dat tegenwoordig internationaal wordt genoemd.

Lesstof van VAPRO D
VAPRO D wordt een duale opleiding genoemd omdat deze opleiding werken en leren combineert. Hierdoor leren de deelnemers aan de opleiding meteen de theorie in de praktijk toe te passen. Dit gebeurd onder andere doormiddel van praktijkopdrachten en praktijkstudies. De opleiding VAPRO D duurt over het algemeen twee jaar. Het is echter mogelijk om door te leren tot Bachelor of Engineering hieraan is de titel Ingenieur Chemische Technologie verbonden. De totale opleiding duurt dan ongeveer vier jaar.

De lesstof op de VAPRO D opleiding is op HBO niveau dit in tegenstelling tot de andere VAPRO opleidingen die op mbo niveau zijn. Door dit HBO niveau zijn er wel toelatingseisen van toepassing voordat men met de opleiding VAPRO D mag starten. Iemand moet in bezit zijn een VAPRO C of een afgeronde MBO opleiding Procestechnologie. Ook mensen met een opleiding MBO Algemene Operationele Techniek kunnen zich inschrijven voor VAPRO D. Mocht iemand niet in bezit zijn van deze opleidingen maar wel een gelijkwaardige opleiding en relevante werkomgeving hebben dan kan hij of zij ook in aanmerking komen voor VAPRO D. Dit wordt dan afzonderlijk bekeken.

De inhoud van de VAPRO D opleiding is gericht op een aantal onderwerpen. Het onderwerp procestechniek komt aan bod omdat de processen in een productiebedrijf grotendeels om techniek draaien. Daarnaast komt procesbeheersing aan de orde. Deelnemers leren in dit onderdeel van de opleiding hoe ze processen kunnen beheersen, controleren en aansturen. Vervolgens komen ook managementvakken aan de orde zoals bedrijfsmanagement. Een bedrijf in de procesindustrie moet worden aangestuurd hiervoor zijn verschillende management modellen nodig. Medewerkers met VAPRO D moeten over het algemeen in de praktijk mensen aansturen. Daarvoor zijn vaardigheden nodig die onder andere in deze opleiding worden aangeleerd.

Milieuaspecten vormen ook een belangrijk onderdeel van moderne bedrijfsvoering in de procesindustrie. Daarom wordt ook aan dit onderwerp aandacht besteed in de opleiding VAPRO D. Omdat binnen de procesindustrie veel chemische processen plaatsvinden is kennis van scheikunde van belang. Daarom komt ook dit vakgebied aan bod in de opleiding evenals natuurkunde en wiskunde.

Wat kun je met een VAPRO D opleiding?
Na het behalen van een VAPRO D opleiding heeft de afgestudeerde een brede kennis van procestechnologie. Hij of zij weet welke processen er kunnen plaatsvinden in de procesindustrie. Daarnaast heeft de VAPRO D-er ook geleerd hoe deze processen beheerst kunnen worden. Door het onderdeel bedrijfsmanagement van de VAPRO D opleiding heeft de afgestudeerde ook ervaring in het managen en aansturen van bedrijfsprocessen. Deze complete mix van kennis en ervaring zorgt er voor dat werknemers met VAPRO D breed ingezet kunnen worden in een bedrijf in de procesindustrie.

Over het algemeen ziet men VAPRO D medewerkers in een leidinggevende of aansturende functie. Hierbij kan gedacht worden aan wachtchefs en aan leidinggevenden die projecten coördineren. Ook in diverse staffuncties zijn mensen met een VAPRO D opleidingsachtergrond werkzaam. Dit kunnen bijvoorbeeld mensen zijn op een kwaliteitsafdeling. Ook in commerciële functies kunnen mensen met een VAPRO D opleiding worden ingezet. Dan wordt deze opleiding over het algemeen wel aangevuld met commerciële opleidingen.

VAPRO D, Lean manufacturing en Six Sigma
VAPRO D vormt een belangrijke basis voor mensen die in een leidinggevende of aansturende functie werken in de procesindustrie. Deze mensen moeten goed inspelen op de ontwikkelingen die plaatsvinden in deze dynamische omgeving. Binnen de procesindustrie vinden namelijk verschillende ontwikkelingen plaats. Dit is niet alleen de laatste jaren het geval. Al sinds de industriële revolutie aan het begin van de twintigste eeuw hebben nieuwe technologieën en ontwikkelingen er voor gezorgd dat er veranderingen hebben plaatsgevonden in de industrie. Deze veranderingen bestaan onder andere uit de invoering van de transportband. Daarnaast zijn er ook verschillende nieuwe machines ontwikkelt waardoor het werk sneller en nauwkeuriger kan worden verricht.

Productieprocessen worden moderner en sneller. Dit vereist ook een andere werkwijze en denkwijze van het personeel. Daarom worden in de procesindustrie verschillende managementmodellen ingevoerd. Deze managementmodellen zijn meestal gebaseerd op oudere managementmodellen. Een voorbeeld hiervan is Lean manufacturing. Deze moderne benadering van de bedrijfsbeheersingsprocessen is gebaseerd op scientific management. Het scientific management is bij diverse bedrijven ingevoerd aan het begin van de twintigste eeuw. Deze methode is gericht op het wetenschappelijk benaderen van werkprocessen in een bedrijf.

Lean manufacturing  gaat verder dan scientific management. De theorie van Lean manufacturing is gericht op het reduceren van verspilling tijdens het productieproces. Managers zullen de werkvloer goed moeten aansturen en zullen daarbij een belangrijk bijdrage moeten leveren aan het verbeteren en optimaliseren van het proces. Een belangrijke theoretische basis hiervoor wordt geleverd door VAPRO D. Deze kennis en ervaring kan echter worden verrijkt door het volgen van een opleiding Lean manufacturing of Lean management. Hierdoor leren managers hoe ze verspilling in een bedrijf kunnen tegen gaan en daarnaast productieprocessen kunnen optimaliseren. De wens van de klant staat hierbij centraal. Het bedrijfsproces moet er op gericht zijn die kwaliteit te leveren die de klanten verlangen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met levertijden. Het reduceren van de voorraden door just in time productiemanagement zorgt ook voor een belangrijke kostenbesparing.

Ondanks de vele inspanningen en hoogwaardige technieken die een bedrijf gebruikt kan het voorkomen dat er problemen ontstaan in de productie. Levertijden kunnen niet worden gehaald of machines kunnen regelmatig storingen hebben. De managers van bedrijven in de procesindustrie dienen daar goed op te anticiperen. Hiervoor zijn ook verschillende theorieën ontwikkelt. Een bekend programma dat gericht is op het vergroten van de kwaliteit en het optimaliseren van werkprocessen is de Six Sigma methode. Deze methode leert managers hoe ze effectief problemen kunnen oplossen door gebruik te maken van projectteams. Binnen een projectteam zijn verschillende medewerkers aanwezig die allemaal een bepaald vakgebied hebben of expertise. Six Sigma heeft verschillende niveaus. De opleidingen van Six Sigma verschillen ook. Het niveau van Six Sigma opleidingen wordt aangegeven in een bepaalde kleur band. Zo zijn er de yellow belt, de green belt en de black belt. Daarnaast zijn er ook nog andere kleuren banden.

Een manager in de procesindustrie kan zijn meerwaarde voor het bedrijf vergroten wanneer hij of zij een VAPRO D opleiding heeft gevolgd aangevuld met een Lean managementopleiding en een Six Sigma opleiding. Deze drie opleidingen vormen een ideale mix voor een moderne manager in de procesindustrie.

Wat doet een operator of machineoperator in de procesindustrie?

Operators zijn werknemers die in een fabriek een machine bedienen. Een fabriek is een industriële omgeving waarin verschillende processen en bewerkingen worden uitgevoerd op materialen, halffabricaten en producten. Deze bewerkingen werden voor de industriële revolutie vrijwel geheel door mensen gedaan. De industriële revolutie bracht verandering in productieprocessen. In plaats van handwerk en oude ambacht werden werkzaamheden overgenomen door machines. Productieprocessen werden gemechaniseerd. Hierdoor kon men in fabrieken meer produceren in een kortere tijd. Daarnaast zorgt mechanisering van productieprocessen er voor dat de kwaliteit van producten vrijwel constant wordt.

Bedrijven die gebruik maken van machines voor het uitvoeren van productieprocessen vallen onder de procesindustrie. Deze industrie is een brede bedrijfssector waaronder verschillende bedrijven vallen. De producten die in de procesindustrie worden vervaardigd zijn verschillend daarom is de procesindustrie opgedeeld in verschillende industrieën. Hierbij kan gedacht worden aan de chemische industrie, de farmaceutische industrie, de voedingsmiddelenindustrie en de zuivelindustrie. Er zijn echter ook andere industrieën die bijvoorbeeld gericht zijn op het produceren van gebruiksvoorwerpen en speelgoed. De producten die geproduceerd worden in de procesindustrie zijn divers daarom zijn de machines die de bewerkingen uitvoeren verschillend. De machines moeten echter aangestuurd worden door ervaren personeel: de operators. Deze personeelsleden vormen een belangrijke groep in de procesindustrie. Operators worden ook wel machineoperators genoemd. Daarnaast zijn er ook procesoperators in bedrijven aanwezig die complete processen aansturen.

Wat zijn de werkzaamheden van een operator of machineoperator?
Een operator bedient een machine of een aantal machines in een fabriek. Hij of zij zorgt er voor dat de machine de gewenste bewerking uitvoert op het product. Daarnaast moet de operator er voor zorgen dat de machine de juiste aantallen draait en kwaliteit levert. Operators moeten daarom goed de machine in de gaten houden. Indien nodig moeten ze bepaalde instellingen van de machine bijstellen zodat kwaliteit en aantallen worden geleverd die gewenst zijn. De machines moeten daarvoor regelmatig worden gecontroleerd maar de producten ook. De kwaliteitscontroles kan de operator zelf doen maar het is ook mogelijk dat daarvoor een speciale kwaliteitscontroleur aanwezig is.

Een operator moet verstand hebben van een machine en moet daarnaast ook verstand hebben van het algehele proces. Deze kennis kan in de praktijk worden geleerd maar het is ook goed mogelijk dat de operator aanvullende cursussen en opleidingen krijgt waardoor deze nog beter op de hoogte raakt van de machine. Operators zijn er op verschillende niveaus. Hieronder worden een aantal voorbeelden genoemd van verschillende operatorfuncties:

  • Assistent operators. Er zijn operators die als assistent operator worden ingezet. Deze operators assisteren een ervaren allround operator. Assistent operators hebben over het algemeen minder ervaring dan ervaren allround operators en zijn daarnaast meestal ondersteunend aanwezig bij het bedienen van een machine.
  • Allround operators. Allround operators worden breder ingezet in productiebedrijven. Meestal stuurt een allround operator meerdere machines aan. Daarnaast kan een allround operator ook assistent operators aansturen. Verder kan een allround operator ook productiekrachten aansturen die werkzaam zijn aan de productielijn. De technische kennis van allround operators is over het algemeen goed. Daarom kunnen ze ook eerstelijnsstoringen oplossen en assisteren bij het oplossen van grote en complexe storingen.
  • Leidinggevende operators. In verschillende bedrijven zijn ook leidinggevende operators werkzaam. Deze operators sturen meestal een aantal allround operators aan. Ze moeten goed overzicht bewaren en het proces bewaken. Leidinggevende operators hebben verstand van verschillende machines en processen die plaatsvinden in productiebedrijven. Ze hebben een goed beeld van kwaliteit en veiligheid en zijn in staat om mensen aan te sturen.
  • Procesoperators. Er zijn binnen grote productiebedrijven ook procesoperators aanwezig. Deze controleren het proces. Meestal zitten procesoperators achter grote beeldschermen waarop informatie verschijnt over de voortgang van productieprocessen. Procesoperators controleren het proces en doen meestal ook kwaliteitsmetingen. Hierdoor leveren ze een belangrijke bijdrage aan procesbeheersing. Wanneer er problemen ontstaan in het proces moet een procesoperator daar op anticiperen. Dit doet hij of zij meestal in overleg met machineoperators en de technische dienst.

VAPRO opleidingen voor operators in de procesindustrie
Kennis is een belangrijk aspect voor het werken in de procesindustrie. De procesindustrie is een werkomgeving die in sterke mate afwijkt van andere werkprocessen. Daarom worden operators door veel industriële bedrijven specifiek opgeleid voor het uitvoeren van werk in de productieomgeving. VAPRO opleidingen worden hiervoor in de praktijk veel gebruikt. Er zijn verschillende VAPRO opleidingen. Het niveau van de VAPRO opleiding is verbonden aan de werkzaamheden en bevoegdheden van de operator.

  • De opleiding VAPRO basisoperator wordt in de praktijk meestal aangeboden aan assistent operators die onder een ervaren operator werken bij een machine.
  • De opleiding VAPRO A leert de operator hoe hij of zij zelfstandig machines kan bedienen in een industriële omgeving.
  • De opleiding VAPRO B is een opleiding die er voor zorgt dat operators meerdere machines kunnen en mogen bedienen. Daarom wordt VAPRO B meestal aangeboden aan allround operators. Deze allround operators hebben in de praktijk vaak ook ervaring met het ombouwen van machines en het verhelpen van eerstelijnsstoringen.
  • De opleiding VAPRO C is geschikt voor operators die als leidinggevende aan de slag gaan. Deze leidinggevende operators zullen in hun werk ook andere operators moeten aansturen en moeten daarnaast overzicht houden op het gehele proces. Medewerkers met VAPRO C kunnen ook ingezet worden als wachtchef.
  • De opleiding VAPRO D wordt over het algemeen aangeboden aan medewerkers die als managers werken op de werkvloer of op kantoor. VAPRO D wordt gebruikt voor middenkader functies en technici. De meeste operators hebben voor de uitoefening van hun functie geen VAPRO D nodig.

VAPRO opleidingen zijn verschillend in niveau. Daarnaast kunnen VAPRO opleidingen ook nog specifiek gericht zijn op een bepaalde tak van de industrie. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan VAPRO opleidingen die specifiek gericht zijn op de voedingsmiddelenindustrie of de chemische industrie. Veel bedrijven kiezen er voor om VAPRO opleidingen binnen hun eigen muren te houden. Door VAPRO opleidingen op de werkvloer te houden leren deelnemers aan de opleiding meteen de kennis toe te passen op de werkvloer.

Operators en Lean manufacturing en Six Sigma
Operators hebben een belangrijke invloed op de processen die plaatsvinden in de procesindustrie. Het bedienen van machines is een wezenlijk onderdeel van een productieproces. Als de machine goed draait en weinig fouten maakt kan een bedrijf kwalitatief hoogwaardige producten produceren. Daarnaast kan een goed werkende machine ook sneller produceren waardoor hoge productieaantallen worden bereikt. De kennis die een operator heeft van een machine kan doormiddel van trainingen worden verbetert. Er is echter ook kennis nodig van het gehele productieproces waar de operator een onderdeel van vormt. Het gehele productieproces moet goed draaien. Daarbij moet verspilling worden voorkomen.

Doormiddel van Lean manufacturing kan men de verspilling aanpakken in een bedrijf. De operator kan in een Lean training of Lean opleiding leren hoe hij of zij kan bijdragen aan het reduceren van verspilling op de werkvloer. Het reduceren van verspilling is slechts één aspect van de effectiviteit van een industrieel bedrijf. Er zullen echter ook regelmatig problemen en vraagstukken ontstaan die effectief moeten worden opgelost om de kwaliteit van de producten te waarborgen. Hiervoor worden Six Sigma trainingen geboden. Doormiddel van deze trainingen kunnen operators in projectverband problemen en vraagstukken oplossen. Six Sigma kan worden aangeboden aan verschillende niveaus in een bedrijf. Het ervaringsniveau van iemand die een Six Sigma opleiding heeft gehad wordt aangetoond in een bepaalde kleur band. Voorbeelden van Six Sigma niveaus zijn yellow belt, green belt en blach belt. Operators kunnen met Six Sigma een bijdrage leveren aan het optimaliseren van het proces.

Een ideale combinatie ontstaat wanneer operators een VAPRO opleiding hebben gehad en daarnaast een opleiding hebben genoten op het gebied van Lean manufacturing. Als men daar ook nog Six Sigma koppelt ontstaat een compleet pakket waarmee de operator professioneel kan functioneren in een organisatie. Steeds meer bedrijven in de industrie kiezen er voor om operators te voorzien dan deze opleidingen.  De kwaliteit in de procesindustrie gaat hierdoor omhoog. Dit is een belangrijke stap in de goede richting voor de maakindustrie.

Wat leer je op de opleiding VAPRO C en wat kun je met deze opleiding?

In de procesindustrie worden verschillende werkzaamheden uitgevoerd. Deze werkzaamheden houden verband met de positie die iemand heeft met betrekking tot het aansturen, controleren en verbeteren van de processen die plaatsvinden in de industrie. Voor het uitvoeren van werkzaamheden in de procesindustrie is kennis nodig. Zonder kennis bestaat de kans op fouten in de procesindustrie en daarnaast kan door gebrek aan kennis het veiligheidsrisico worden vergroot. Doormiddel van VAPRO opleidingen kan de kennis van werknemers in de procesindustrie op niveau worden gebracht. Een opleiding die men hiervoor kan volgen is de opleiding VAPRO basisoperator. Deze opleiding is op mbo niveau 1. Een opleidingsniveau hoger is VAPRO A, deze is op opleidingsniveau 2 en leert deelnemers basisvaardigheden aan voor het werken als operator. Nog een opleidingsniveau hoger is VAPRO B, deze opleiding is voor allround operators die sturing en controle bieden in processen. Als men nog een hoger opleidingsniveau wenst komt men op VAPRO C. Dit is een opleiding die voor leidinggevende op de werkvloer is bedoelt. VAPRO C wordt onder andere aangeboden aan hoofdoperators en chefs die werken in productiebedrijven.

Lesstof voor de opleiding VAPRO C
De lesstof voor een VAPRO C opleiding is op mbo niveau 4. Daarmee is deze opleiding hoger dan een VAPRO basisoperatoropleiding, VAPRO A en VAPRO B. Medewerkers die in bezit zijn van een VAPRO C diploma hebben over het algemeen meer bevoegdheden dan medewerkers met een lager VAPRO opleiding. In een VAPRO C opleiding leert de deelnemer belangrijke vaardigheden en theorie. Dit wordt onder andere geleerd doormiddel van theoriemomenten en praktijklessen. In een VAPRO C opleiding komen onder andere procestechniek en procesbeheersing aan de orde.

Een proces kan niet zonder techniek en daarnaast moet het proces goed beheerst worden om de gewenste producten en de gewenste productie te leveren. Het proces van een bedrijf in de industrie moet echter goed onderhouden worden. Wanneer men nalatig is in het procesonderhoud zal dat gevolgen hebben voor de kwaliteit en continuïteit van de productie. Daarom wordt in een VAPRO C opleiding aandacht besteed aan procesonderhoud.

Iemand met een VAPRO C opleiding zal in de praktijk meestal verantwoordelijkheid dragen over meerdere personen en machines. Dit vereist de nodige managementvaardigheden. Daarnaast zal een leidinggevend operator of chef goed moeten kunnen aansturen en coördineren. De aansturing kan op verschillende aspecten tegelijk plaatsvinden zoals kwaliteit en logistiek. Daarnaast kan iemand met VAPRO C ook aansturing bieden op het onderhoud en de technische aspecten van machines die onder zijn of haar verantwoordelijkheid vallen.

Communicatietalent en organisatievaardigheden komen hierbij goed van pas. Daarom worden deze vaardigheden tijdens een VAPRO C opleiding getraind. Verder vinden in een bedrijf in de procesindustrie meestal verschillende processen plaats en wordt er gebruik gemaakt van diverse technieken daarom is de basiskennis die ten grondslag ligt aan chemie en techniek belangrijk. Deze basiskennis wordt onder andere geboden in de opleiding VAPRO C in de vakken wiskunde, natuurkunde en scheikunde.

Wat kun je met de opleiding VAPRO C?
VAPRO C is voor verschillende werknemers in de procesindustrie bestemd. Hierbij kan gedacht worden aan operators die leiding moeten geven aan andere operators. Ook wordt de opleiding VAPRO C aangeboden aan technische medewerkers die verschillende installaties moeten bedienen en onderhouden. Werknemers met VAPRO C worden in de praktijk meestal ingezet voor het aansturen van complexe processen in een industrieel bedrijf. Hiervoor is meestal specifieke kennis nodig. Het kennisniveau van werknemers met VAPRO C is daarom ook hoog.

Medewerkers met VAPRO C dragen over het algemeen verantwoordelijkheid. Deze verantwoordelijkheid kan zowel gericht zijn op het aansturen van medewerkers als het aansturen van machinale processen. Hierbij wordt onder andere aandacht besteed aan de economische aspecten zoals de input en output van machines. Daarnaast wordt aandacht besteed aan eventuele fouten die tijdens het productieproces ontstaan. Medewerkers met VAPRO C zijn niet alleen controleurs van processen in de procesindustrie. Ze zijn ook bewakers van processen. Ze moeten er voor zorgen dat er verantwoord geproduceerd wordt.

Verantwoord produceren heeft ook te maken met milieu. Processen moet dusdanig worden uitgevoerd dat er weinig overtollig afval ontstaat. Daarnaast mogen geen schadelijke stoffen in het milieu terecht komen. Een leidinggevend operator is zich hiervan bewust en stuurt zijn collega’s aan op een milieuverantwoorde bedrijfsvoering.

Naast milieu is ook veiligheid een belangrijk aspect van de bedrijfsvoering. Ongevallen in een organisatie moeten zoveel mogelijk worden voorkomen. Een bedrijf is verplicht om er alles aan te doen om te voorkomen dat er ongelukken met werknemers ontstaan. Hiervoor worden speciale veiligheidstrainingen gegeven en worden werknemers op de werkvloer aangesproken op houding en gedrag met betrekking tot veiligheid. Van medewerkers met VAPRO C kan worden verwacht dat de een voorbeeldfunctie uitoefenen. In de rol van leidinggevend operator of wachtchef kunnen ze een belangrijke invloed uitoefenen op het veiligheidsbeleid op de werkvloer.

Iemand met VAPRO C zal in de praktijk ook regelmatig administratieve werkzaamheden moeten verrichten. Kwaliteitscontroles en productieaantallen worden in verschillende programma’s verwerkt. Doormiddel van statistieken kan worden bijgehouden hoe de ontwikkelingen in het productieproces verlopen. Deze statistieken kunnen vervolgens weer aan het hogere management worden gepresenteerd.

Als de cijfers en berekeningen een ongunstig beeld weergeven van het productieproces zal de leidinggevende actie moeten ondernemen. Meestal is de direct leidinggevende iemand met VAPRO C. Deze persoon moet daarom in staat zijn om medewerkers aan te spreken op hun werkhouden. Indien nodig moet hij de medewerkers onder druk zetten zodat gewenst gedrag wordt getoond.  

VAPRO C, Lean manufacturing en Six Sigma
Medewerkers met VAPRO C dragen over het algemeen verantwoordelijkheid op de werkvloer. Daarnaast hebben deze leidinggevende operators of wachtchefs veel verstand van de processen waar zij verantwoordelijk voor zijn. De aansturing van werknemers en bedrijfsprocessen is door de jaren heen verandert. Ten tijden van de industriële revolutie werden verschillende productieprocessen gemechaniseerd. Machines namen de rol van werknemers over en er kon in grotere aantallen producten worden vervaardigd. De massaproductie deed zijn intrede. Dit zorgde voor een andere aansturing van personeel.  Aan het begin van de twintigste eeuw werd scientific management toegepast om bedrijfsprocessen te beheersen en te optimaliseren.

Veel theorieën over bedrijfsvoering zijn op het scientific management van Taylor gebaseerd. Zo ook de theorie met betrekking tot Lean manufacturing. Hierbij wordt getracht de verspilling in bedrijfsprocessen te reduceren of zelfs geheel te elimineren.

In de Lean aanpak wordt goed gekeken naar bedrijfsprocessen die wel belang hebben voor de klant en de bedrijfsprocessen die geen belang hebben voor de klant. Hierbij staat de vraag centraal: “voor welke processen wil de klant betalen en welke niet?” De processen die niet betaald worden en niet bijdragen aan de kwaliteit en veiligheid van het bedrijf moeten inkrimpen om het rendement van het bedrijf te vergroten. Afval moeten worden gereduceerd en de energielasten moeten omlaag. Men moet zuiniger produceren en daarbij de kwaliteit niet uit het oog verliezen. Lean manufacturing vereist veel van een bedrijf. Iemand met VAPRO C is een belangrijk kennisbaken voor het invoeren van Lean managementprincipes.

Werknemers met VAPRO C kunnen goed aangeven welke machines en processen goed draaien en welke beter zouden kunnen draaien. Daarnaast kunnen ze doormiddel van verbetervoorstellen en rapportages hun visie met betrekking tot de bedrijfsvoering motiveren. Deze informatie is van groot belang voor de invoering van Lean management.  

Daarnaast zijn werknemers met VAPRO C als leidinggevenden op de werkvloer een belangrijke schakel in het uitdragen van het Lean management op de werkvloer. Ze vervullen een voorbeeldrol en zijn daarnaast het eerste aanspreekpunt voor de productie. In de verbetervoorstellen van leidinggevende operators en wachtchefs kunnen ook tips en ideeën worden meegenomen van operators en productiekrachten. Hierdoor wordt betrokkenheid en draagvlak binnen de organisatie bewerkstelligd.

Het is echter ook mogelijk dat in het productieproces fouten ontstaan. Six Sigma opleidingen kunnen er voor zorgen dat leidinggevenden in de procesindustrie effectief problemen oplossen. Dit kan onder andere door een projectmatige aanpak. Er zijn verschillende Six Sigma opleidingen. Zo zijn er opleidingen die gericht zijn op de uitvoerende laag en de leidinggevende laag binnen een bedrijf. Six Sigma opleidingen hebben verschillende niveaus. Deze niveaus worden aangegeven in een bepaalde band. Er zijn bijvoorbeeld Six Sigma Yellow Belt, Six Sigma Green Belt en Six Sigma Black Belt opleidingen.

Leidinggevenden met VAPRO C en een Lean opleiding kunnen belangrijke toegevoegde waarde leveren aan het optimaliseren van het bedrijfsproces. Als deze werknemers ook nog een Six Sigma opleiding volgen wordt hun waarde voor het bedrijf nog groter. VAPRO C, Lean en Six Sigma vormen een optimale opleidingsmix voor een professionele leidinggevende in de procesindustrie.

Wat leer je op de opleiding VAPRO B en wat kan je met deze opleiding?

VAPRO B is hoger dan VAPRO A. De VAPRO B opleiding is op mbo niveau 3. Deze opleiding is bestemd voor allround operators die werkzaam zijn in de industrie of productiebedrijven. Daarnaast wordt de opleiding VAPRO B ook aangeboden aan technici die werkzaam zijn in de procesindustrie. Werknemers in de procesindustrie die een opleiding VAPRO B hebben gevolgd kunnen zelfstandig aan de slag. Daarnaast kunnen ze ook productieprocessen bewaken en aansturen. Met VAPRO B leren deelnemers ook onderhoud verrichten aan machines. Daarnaast besteed de opleiding VAPRO B ook aandacht aan complexer onderhoud en het ombouwen van machines. Iemand met VAPRO B kan daarnaast ingezet worden om de kwaliteit te controleren van producten en het maken van rapportages met betrekking tot het verloop van het proces. Een VAPRO B opleiding kan ook worden aangeboden aan operators die in bezit zijn van VAPRO A maar door willen leren om meer verantwoordelijkheid te krijgen. Medewerkers met VAPRO B kunnen in theorie meer verantwoordelijkheid dragen dan medewerkers met een opleiding VAPRO basisoperator en VAPRO A.

Lesstof van VAPRO B opleiding
Deelnemers aan een VAPRO B opleiding krijgen over het algemeen dezelfde opleidingsonderdelen als deelnemers aan een VAPRO A opleiding. Het verschil is echter dat deelnemers aan een VAPRO B opleiding dieper op de stof ingaan. Daarnaast wordt in de VAPRO B opleiding ook aandacht besteed aan het besturen en beheersen van processen. Men is niet langer verantwoordelijk voor de eigen machines maar levert ook een bijdrage aan het algehele proces. Daarvoor is kennis van procestechniek van belang. Ook procesbeheersing is een belangrijk aspect van de opleiding VAPRO B. Processen moeten echter ook onderhouden worden. Daarvoor is specifieke kennis nodig die in de opleiding VAPRO B wordt aangeleerd. Omdat allround operators op verschillende plaatsen in de organisatie kunnen worden ingezet is het belangrijk dat de voldoende kennis hebben van machines. Deze kennis wordt geboden in het opleidingsonderdeel werktuigbouwkunde. Hierbij leert de deelnemer eenvoudige storingen te verhelpen. Daarnaast leert de deelnemer hoe hij of zij de technische dienst kan ondersteunen bij het oplossen van complexe storingen in machines.

Een allround operator draagt meestal meer verantwoordelijkheid dan een basisoperator. Meestal stuurt een allround operator een aantal basisoperators aan. Daarnaast kan een allround operator ook productiekrachten van een productielijn aansturen. De productiviteit en de kwaliteit van deze productielijn is daarom in grote mate afhankelijk van de kennis en toegewijdheid van de allround operator. Deze moet daarom voldoende kennis en vaardigheden hebben om met mensen samen te werken. In de VAPRO B opleiding leert hij of zij communiceren en organiseren.

Het werken in de procesindustrie brengt ook risico’s met zich mee. Er wordt gewerkt met verschillende machines die bewerkingen uitvoeren. Deze machines kunnen veiligheidsrisico’s met zich meebrengen. Een allround operator moet er voor zorgen dat zijn of haar eigen veiligheid gewaarborgd is en dat van alle personeelsleden en andere personen op de werkvloer. Daarom krijgt de allround operator tijden de VAPRO B opleiding specifieke kennis van veiligheidsaspecten die een rol spelen in de industrie. Daarnaast is aandacht voor het milieu. Met name in chemische bedrijven in de procesindustrie is het milieu een belangrijk aspect van de bedrijfsvoering.

Tot slot wordt in de VAPRO B opleiding aandacht besteed aan wiskunde, scheikunde en natuurkunde. Deze vakken vormen de basis van de techniek en chemische processen die plaatsvinden in de procesindustrie. Daarom moet een allround operator of een technisch medewerker in de procesindustrie goed van deze basiskennis op de hoogte zijn.

VAPRO B diploma
Na het volgen van de theorie en de praktijkopdrachten en lessen volgt er een examen. Dit examen bestaat uit een aantal proeven. Als de deelnemer deze proeven succesvol heeft afgerond ontvangt hij of zij het diploma VAPRO B. Dit diploma biedt een belangrijke basis voor het werk in de procesindustrie. Daarnaast is de opleiding VAPRO B een belangrijke basis voor een vervolgopleiding in de industrie. Hierbij is de keuze voor de vervolgopleiding VAPRO C het meest logisch.

Wat kun je met de opleiding VAPRO B?
De opleiding VAPRO B is een belangrijke opleiding voor iedereen die als operator breed ingezet wil worden in een productiebedrijf of in de industrie. Iemand met VAPRO B op zak hoeft meestal in de praktijk niet alleen uitvoerend werk te doen. In de rol van allround operator kan hij of zij ook aansturing bieden aan andere collega’s op de werkvloer. Hierbij zorgt de allround operator er voor dat de processen goed worden uitgevoerd. Daarbij wordt gelet op de input en output van machines. Ook wordt de kwaliteit van de producten goed gecontroleerd. Iemand met VAPRO B draagt daardoor in belangrijke mate bij aan de procesbeheersing en de kwaliteitsbeheersing. Verder wordt door iemand met VAPRO B in de praktijk ook onderhoud verricht aan machines. Hierbij kan gedacht worden aan het aanbrengen van smeermiddelen in de machine, zoals bijvoorbeeld het smeren van lagers. Hierbij moet worden gelet op de viscositeit van de smeermiddelen. Als deze verkeerd is kan de machine vastlopen of kan er slijtage optreden.

Een allround operator oftewel een operator B kan ook machines ombouwen wanneer dat nodig is. Verder kan de operator B ook controle apparatuur bedienen en weet hij of zij verschillende machines en gereedschappen op de werkvloer te gebruiken ten behoeve van de optimalisering van het proces.

Veiligheid en gezondheid van de werknemers is van groot belang op de werkvloer. Volgens de wet is de werkgever verplicht om alles in het werk te stellen om ongelukken op de werkvloer te voorkomen. Ook leidinggevenden op de werkvloer moeten er alles aan doen om hun eigen veiligheid en de veiligheid van hun collega’s te waarborgen. Een allround operator of operator B kan hieraan in belangrijke mate bijdragen. Dit kan onder andere door het instrueren van personeel waar hij of zij verantwoordelijk voor is. Ook kan hij andere personeelsleden wijzen op de veiligheidsrisico’s.

Verder is een allround operator ook een begeleider. Hij of zij begeleid verschillende operators en productiepersoneel. Hierbij kan gedacht worden aan collega’s met een VAPRO basisoperatoropleiding maar ook aan collega’s met VAPRO A. Verder kan een allround operator ook BBL ers en andere medewerkers begeleiden die nog in opleiding zijn. Dit brengt belangrijke verantwoordelijkheden met zich mee.

Een allround operator werkt net als andere operators en productiekrachten in ploegendienst. De meeste productiebedrijven in de industrie werken volcontinue. Dit houdt in dat deze bedrijven bijna nooit stil staan. De machines draaien dag en nacht door. Het personeel dient daarom ook dag en nacht aanwezig te zijn. Daarom wordt in ploegen gewerkt. De allround operator moet er goed voor zorgen dat er een duidelijke overdracht plaatsvindt van de problemen en resultaten die verbonden zijn aan de ploeg waarin hij of zij heeft gewerkt. Hiermee kan een andere allround operator in de volgende ploeg dan rekening houden en hierop kan hij of zij indien nodig anticiperen.

VAPRO B, Lean manufacturing en Six Sigma
De processen in de industrie worden steeds professioneler. Dit komt onder andere doordat er nieuwe machines worden gebruikt en nieuwe technologieën worden toegepast. De techniek staat niet stil maar is dynamisch. Dit is ook het geval met de procesindustrie. De machines vormen hierbij een belangrijk kapitaal waarin veel geïnvesteerd wordt. Er zijn echter maar weinig bedrijven in de procesindustrie aanwezig waarbij machines het werk van mensen compleet hebben overgenomen. Ook vandaag de dag vormen werknemers nog steeds een belangrijk onderdeel van bedrijfsprocessen. Net als in de industriële revolutie worden ook vandaag de dag verschillende management theorieën toegepast om de bedrijfsprocessen te optimaliseren. Lean manufacturing is één van de bekende theorieën die veel wordt toegepast in de bedrijven in de procesindustrie. Lean manufacturing is gebaseerd op het scientific management van Taylor aan het begin van de twintigste eeuw.

De Lean filosofie is gericht op het tegengaan van verspilling in bedrijven. Managers kunnen  deze verspilling niet alleen tegen gaan. Ze zijn daarvoor afhankelijk van de werkvloer. Daarom moet de Lean filosofie breed gedragen worden in een bedrijf. Operators en met name leidinggevende operators hebben in de praktijk meestal een goed beeld van de effectiviteit van productieprocessen. Deze medewerkers kunnen daarom een belangrijke input geven voor Lean management. Voor het uitvoeren van Lean management zal het leidinggevend segment van een bedrijf goed moeten luisteren naar de verbetervoorstellen die leidinggevende operators aandragen. Het bieden van Lean opleidingen aan operators met VAPRO B is daarom een goede investering.

Naast het beperken van verspilling moet ook de kwaliteit van het productieproces worden gegarandeerd. De foutmarge van het productieproces moet zo klein mogelijk worden gemaakt. Daarvoor worden Six Sigma modellen gehanteerd. Six Sigma is gericht op het reduceren van fouten op projectmatige wijze. Er worden verschillende projectgroepen in een organisatie opgericht die gericht zijn op een specifiek onderdeel van het proces. De rangen en standen binnen deze projectgroepen zijn gebaseerd op kennis en ervaring. Het kennisniveau of ervaringsniveau is niet alleen afhankelijk van de Six Sigma opleiding die iemand heeft gevolgd. De kennis houdt namelijk ook verband met de werkzaamheden die iemand verricht en de verantwoordelijkheden die iemand draagt in de uitvoering van zijn of haar werkzaamheden.

Six Sigma opleidingen zijn er op verschillende niveaus. Deze niveaus worden inzichtelijk gemaakt door een belt. Iemand kan bijvoorbeeld een yellow belt hebben. Daarnaast zijn er ook medewerkers met een green belt of een black belt. Dit lijkt in sterke mate op de banden die iemand kan halen in de vechtsport. Als een werkgever aan zijn of haar operators een VAPRO B opleiding biedt is dat een belangrijke basis voor de uitvoering van de werkzaamheden op de werkvloer. Als daarnaast ook nog een Lean opleiding en een Six Sigma opleiding wordt aangeboden ontstaat een totaalpakket waarmee de allround operator op een succesvolle en professionele wijze kan bijdragen aan het optimaliseren van de processen op de werkvloer.

Wat leer je op de opleiding VAPRO A en wat kan je met deze opleiding?

Een VAPRO A opleiding is bestemd voor werknemers die werken als operator in de industrie. Daarnaast is deze opleiding ook geschikt voor mensen die als operator willen gaan werken. Een operator draagt verantwoordelijkheid voor één machine of meerdere machines. Deze werknemers vormen een belangrijk onderdeel van een productiebedrijf. Als de machine niet goed functioneert of zelfs stil staat heeft dat gevolgen voor de productie van een bedrijf. Een ervaren operator weet goed hoe de machine functioneert en kan storingen en andere problemen voorkomen. Daarnaast zorgt een ervaren operator er voor dat de machine tijdig van nieuwe grondstoffen wordt voorzien. Soms moeten machines worden omgebouwd. Hierbij komen technische vaardigheden aan de orde. Een operator moet voldoende kennis hebben van de techniek en van de procesindustrie. Deze kennis kan de operator of aankomend operator leren in de opleiding VAPRO A.

Lesstof van VAPRO A opleiding
De lesstof van VAPRO A opleidingen bestaat uit theorie en praktijk. De informatie en kennis die een deelnemer aan deze opleiding opdoet is op mbo niveau 2. Hierdoor is de VAPRO A opleiding iets hoger dan de VAPRO basisoperator opleiding. Werknemers die de opleiding VAPRO basisoperator hebben gevold hebben een prima basis om aan de VAPRO A opleiding deel te nemen. Tijdens de VAPRO A opleiding wordt dieper op de lesstof ingegaan. Deelnemers aan deze opleiding krijgen theoretische informatie over procestechniek. Verder leren ze hoe procesbeheersing in zijn werk gaat.

Als operator maak je deel uit van het proces. Je bedient een machine en bent daarvoor verantwoordelijk daarnaast zorgen operators vaak ook voor de aansturing van productiekrachten die in de productielijn werkzaam zijn. Samen met deze productiekrachten wordt voor het onderhoud van de machine gezorgd. Het onderhoud van machines is slechts een onderdeel van het procesonderhoud. Daarom wordt in de opleiding VAPRO A dieper ingegaan op procesonderhoud.

Ook wordt aandacht besteed aan veiligheid en milieu. Een veilige werkomgeving is belangrijk en daarnaast ook nog wettelijk verplicht. Ongevallen moeten voorkomen worden. Dat is niet altijd eenvoudig in de procesindustrie. In deze industrie zijn veel machines aanwezig die de nodige veiligheidsrisico’s met zich meebrengen. Een operator moet deze veiligheidsrisico’s goed in kunnen schatten en moet daarnaast voorkomen dat werknemers gewond raken of dat materialen en objecten beschadigen. Hierbij kan men niet zonder communicatie. Daarom vormt ook dit een belangrijk aspect van de VAPRO A opleiding. Deelnemers leren communiceren en organiseren.

Machines bestaan voor een groot deel uit techniek. Binnen veel productiebedrijven is een technische dienst aanwezig voor het oplossen van storingen. De technische dienst kan echter niet overal tegelijk aanwezig zijn. Daarom wordt van operators verwacht dat ze eenvoudige technische problemen en storingen zelf kunnen oplossen. Deze storingen worden ook wel eerstelijnsstoringen genoemd. Deze storingen zijn meestal mechanisch. Deelnemers aan de VAPRO A opleiding krijgen daarom ook het vak werktuigbouwkunde waarin ze meer leren over technische aspecten van de machine. Hierdoor leren ze bijvoorbeeld ook machines ombouwen zodat andere producten kunnen worden vervaardigd.

Net als in de opleiding VAPRO basisoperator wordt in de opleiding VAPRO A ook een theoretische basis geboden op het gebied van wiskunde, natuurkunde en scheikunde. Deze aspecten komen ook aan de orde in de procesindustrie.

VAPRO A diploma
Na het succesvol afronden van de VAPRO A opleiding ontvangen deelnemers het VAPRO A diploma. Dit diploma is goed bekend in de industrie. Met een VAPRO A diploma kan een operator zijn of haar kennisniveau in de procesindustrie aantonen. VAPRO A wordt regelmatig gevraagd in vacatures voor operators. De kans op werk in de procesindustrie wordt vergroot als een werkzoekende in bezit is van een VAPRO A diploma. Dit diploma vormt tevens een goede basis voor een vervolgopleiding. Hierbij is de opleiding VAPRO B de meest voor de hand liggende opleiding.

Wat kun je met de opleiding VAPRO A?
Operators die de opleiding VAPRO A hebben behaald kunnen in hun werk professioneel aan de slag. Ze hebben belangrijke theoretische kennis opgedaan op het gebied van de beheersing, de controle en het aansturen van processen in de procesindustrie. Dit is echter wel op het uitvoerende niveau gericht. Operators hebben een belangrijk rol in de industrie. Ze bedienen de machines die producten vervaardigen en bewerkingen uitvoeren. Deze machines moeten vakkundig worden behandeld. Als men niet vakkundig met machines omgaat kunnen er storingen ontstaan. Hierdoor kan een productieproces stil komen te liggen. Een operator moet er voor zorgen dat de machine zo snel mogelijk weer draait.

Door zijn basiskennis over werktuigbouwkunde kan de operator meestal de eerstelijnsstoringen oplossen. De opleiding VAPRO A biedt echter geen technische kennis die er voor zorgt dat de operator ook complexere storingen in de praktijk kan oplossen. Meestal leren operators deze kennis in de praktijk onder andere door samen met onderhoudsmonteurs storingen op te lossen. Een operator is niet alleen verantwoordelijk voor de machine die hij of zij aanstuurt en bedient. Meestal moet een operator ook productiekrachten aansturen die aan de productielijn werken. De operator moet regelmatig communiceren en verschillende processen op elkaar afstemmen. De basiskennis hiervoor heeft de operator geleerd in de opleiding VAPRO A.

Operators werken meestal in ploegen net zoals productiekrachten. Dit komt omdat de machines van de meeste productiebedrijven volcontinue doordraaien. Dit houdt in dat de machines dag en nacht 7 dagen per week draaien. Een operator is zelf echter niet dag en nacht bezig met zijn of haar machine. De machine wordt aan het einde van de ploegendienst overgedragen aan een andere operator. Deze operator zorgt er voor dat de machine tijdens zijn of haar ploeg goed blijft draaien. Een goede overdracht is hierbij belangrijk. Dit wordt ook geleerd tijden VAPRO A opleidingen daarom is deze opleiding belangrijk voor operators.

Operators kunnen in verschillende industrieën werken. Hierbij kan gedacht worden aan de chemische industrie. Daarnaast werken operators ook in de voedingsmiddelen industrie en de farmaceutische industrie. Verder zijn er nog talloze productiebedrijven waar artikelen en producten worden vervaardigd zoals plastic zakken, bakjes, speelgoed en onderdelen voor voertuigen. In al deze bedrijven werken operators die machines bedienen. Een operator kan zelfstandig werken maar kan ook in teamverband werken als bijvoorbeeld hele grote machines of productielijnen worden aangestuurd.

VAPRO A, Six Sigma en Lean manufacturing
Operators vormen een belangrijk onderdeel voor een bedrijf in de procesindustrie. De procesindustrie is voortdurend in beweging. Dit is niet alleen letterlijk het geval maar ook figuurlijk. Verschillende management theorieën moeten er voor zorgen dat de processen in de procesindustrie worden geoptimaliseerd. Sinds het begin van de industriële revolutie hebben verschillende nieuwe management theorieën hun intrede gedaan in de industrie. Het begon met scientific management. Tegenwoordig zijn er echter verschillende nieuwe ontwikkelingen gaande die op deze oude theorieën gebaseerd zijn. Lean manufacturing is hier een bekend voorbeeld van.

Bedrijven moeten tegenwoordig Lean zijn. Dit houdt in dat bedrijven ‘slank’ moeten zijn. Alle processen die niet bijdragen aan het realiseren van kwaliteit in de productie moeten nauwkeurig bekeken worden. Als deze processen niet als nuttig kunnen worden beschouwd moeten ze uit de organisatie worden verwijdert. Hierdoor wordt verspilling tegen gegaan. Lean manufacturing wordt door een heel bedrijf uitgevoerd. Omdat operators een belangrijke rol in de productie hebben zullen ook deze werknemers opgeleid moeten worden in de Lean filosofie.

Ondanks de grote inspanningen die worden geleverd aan het optimaliseren van processen in de industrie kan het voorkomen dat er problemen ontstaan. Deze problemen kunnen zowel in de productie plaatsvinden als in de logistiek. Verder kunnen problemen ontstaan in de communicatie en de aansturing. Al deze problemen vereisen een maatwerk aanpak. Daarom zijn er speciale Six Sigma trainingen ontwikkelt. Operators zouden er goed aan doen om aan deze trainingen en opleidingen deel te nemen. Hierdoor raken ze nog meer betrokken bij de processen en kunnen ze belangrijke input leveren ter verbetering van deze processen. Een opleidingspakket dat bestaat uit VAPRO A, Lean manufacturing en Six Sigma bied een totaal aan kennis dat een operator nodig heeft in de uitvoering van zijn of haar werkzaamheden in een productiebedrijf.

Wat leer je op de opleiding VAPRO basisoperator en wat kun je met deze opleiding?

VAPRO basisoperator is een opleiding op mbo niveau 1. Deze opleiding is bestemd voor operators en technisch personeel dat werkzaam is in een bedrijf in de industrie. Ook voor mensen die werk zoeken in de industrie is een opleiding VAPRO basisoperator geschikt. Jongeren die hun school net hebben afgerond kunnen doormiddel van deze opleiding specifieke kennis opdoen over de procesindustrie. Ook mensen die al een tijd geleden hun opleiding hebben afgerond kunnen de opleiding VAPRO basisoperator volgen. Met de opleiding VAPRO basisoperator leer je basiskennis over het werken in industriële bedrijven. In deze bedrijfssector worden verschillende werkzaamheden uitgevoerd die zich niet laten vergelijken met de werkzaamheden in andere sectoren. Specifieke kennis is daarom belangrijk om veilig en verantwoord te werken in een industriële omgeving.

Lesstof opleiding VAPRO basisoperator
VAPRO basisoperator is een opleiding op mbo niveau 1. Het is een basisopleiding waarin de basiskennis wordt aangeleerd voor werken in de industrie of industriële omgeving. De opleiding kan op verschillende manieren worden vormgegeven. Over het algemeen bestaat de opleiding VAPRO basisoperator uit zowel theorie als praktijk. Door deze combinatie leren deelnemers de theorie die ze hebben geleerd meteen toe te passen in de praktijk. Dit zorgt voor zowel kennis als vaardigheden. In de opleiding VAPRO basisoperator worden verschillende onderwerpen behandeld. Zo komen de technieken die in de industrie worden toegepast aan de orde in het onderdeel procestechniek. Een proces moet echter goed gestuurd en beheerst worden. Daarom is er ook een onderdeel in de opleiding dat gericht is op procesbeheersing. Procesonderhoud is eveneens van belang omdat achterstallig onderhoud er voor kan zorgen dat er storingen en andere problemen ontstaan in het proces. Daarom is een specifiek deel van de opleiding gericht op het onderhouden van processen. Ook het registeren in de procesindustrie komt aan de orde in het onderdeel procesregistratie.

Verder leren deelnemers ook vaardigheden aan met betrekking tot het bedienen van machines en apparatuur. Hierbij komen technische aspecten aan de orde maar ook veiligheidsaspecten. Veiligheid en milieu zijn een erg belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering. Daarom wordt ook hieraan aandacht besteed tijdens de opleiding VAPRO basisoperator. Net zoals technische opleidingen is ook een theoretische basis op het gebied van natuurkunde, wiskunde en scheikunde belangrijk. Aan deze vakken wordt ook aandacht besteed. In veel bedrijven in de procesindustrie komen in de praktijk namelijk scheikundige processen aan de orde. Daarnaast kan men in de techniek niet zonder natuurkunde en wiskunde.

Wat kun je met de opleiding VAPRO basisoperator?
De opleiding VAPRO basisoperator is een basisopleiding op mbo niveau 1. Deze basisopleiding is geschikt voor uitvoerend personeel in de industrie. Je leert de taken aan die je als basisoperator in de praktijk kunt uitvoeren. Dit zijn meestal de assistenten van de operator. Als basisoperator kun je werken met machines in de productieomgeving. Meestal doe je dat in het begin wel onder toezicht van ervaren operators. Als basisoperator werk je net als de meeste andere beroepen in de procesindustrie in ploegen. Je voert indien nodig controles uit aan het proces en de producten. De uitkomst van deze controles geef je door aan je leidinggevende of de kwaliteitsdienst. Basisoperators kunnen ook worden ingezet voor het ombouwen en bijstellen van machines. In overleg met de technische dienst kunnen ervaren basisoperators ook eenvoudige mechanische storingen oplossen.

Basisoperators kunnen in verschillende industriële bedrijven aan de slag. Deze bedrijven kunnen gericht zijn op de productie van levensmiddelen maar ook op andere producten. Hierbij kan gedacht worden aan de chemische industrie en de farmaceutische industrie. Ook productiebedrijven die gebruiksvoorwerpen, kleding en speelgoed produceren hebben basisoperators nodig voor de productie.

Met het diploma VAPRO basisoperator kan iemand echter ook doorleren. Dit diploma is namelijk een belangrijke basis voor VAPRO A. De opleiding VAPRO A is op mbo niveau 2. Met deze opleiding kan iemand als zelfstandig operator worden ingezet. Natuurlijk moet deze persoon dan wel ervaring hebben met de machines die in het desbetreffende bedrijf aanwezig zijn.

VAPRO basisoperator, Lean manufacturing en Six Sigma
Hoewel VAPRO basisoperator een basisopleiding is kan men met deze opleiding belangrijke vaardigheden aanleren die nodig zijn voor het werken in de procesindustrie. Deze basiskennis is ook belangrijk voor het optimaliseren van de processen die worden uitgevoerd in productiebedrijven. Als iemand in bezit is van VAPRO basisoperator kan hij of zij een bijdrage leveren aan Lean manufacturing. Een basisoperator kan doormiddel van een aanvullende Lean training of Lean opleiding leren hoe hij of zij verspilling op de werkplek zoveel mogelijk kan reduceren. Verder kan een basisoperator ook een bijdrage leveren aan het optimaliseren van processen en het streven naar de hoogste kwaliteit van de producten. Doormiddel van Six Sigma trainingen kan een basisoperator leren hoe hij of zij in teamverband in verschillende projecten zorg kan dragen voor procesverbetering. Een optimaal proces is veilig, levert kwaliteit en rendement op het juiste moment. Een basisoperator vormt daar een belangrijke schakel in.

Wat is VAPRO en waarom is VAPRO belangrijk voor de procesindustrie?

VAPRO is een term die regelmatig wordt gehoord in de procesindustrie. Niet alleen op de werkvloer wordt VAPRO regelmatig genoemd. De term kom je ook vaak tegen in vacatures voor operators en procesoperators in de procesindustrie. De procesindustrie is een unieke industrie die zich moeilijk laat vergelijken met andere technische vakgebieden. De kennis die nodig is voor het werken in de procesindustrie komt meestal maar beperkt aan bod in opleidingen op scholen. Daarom is aanvullende kennis nodig om goed te kunnen functioneren in de uitdagende werkomgeving die de procesindustrie biedt. De procesindustrie verandert voortdurend door nieuwe technologieën en bedrijfsvoering processen zoals bijvoorbeeld Lean manufacturing en Six Sigma. VAPRO opleidingen bieden actuele kennis aan deelnemers die in de procesindustrie willen werken of reeds in deze industrie werkzaam zijn maar hun kennisniveau willen vergroten.

Opleidingen bij VAPRO
Er zijn verschillende VAPRO opleidingen die aangeboden worden door diverse opleidingsinstanties. De bekendste instantie die deze opleidingen aanbied is de instantie die dezelfde naam heeft als de opleiding namelijk VAPRO. Deze instantie bied ruim 60 jaar opleidingen en informatie aan personeel in de procesindustrie. VAPRO heeft hiervoor ruim honderd personeelsleden in dienst. De medewerkers van VAPRO bestaan uit docenten, trainers, adviseurs en andere professionals. Door het kennisniveau en de omvang is VAPRO de marktleider van Nederland op het gebied van opleidingen voor de procesindustrie. VAPRO is echter niet alleen in Nederland actief, de instantie heeft ook vestigingen in België, Roemenië en zelfs China. De belangrijkste doelstelling waarop VAPRO is gericht is het verbeteren van productieprocessen van bedrijven en het vergroten van de inzetbaarheid van personeel in een zo veilig mogelijke werkomgeving.

VAPRO opleidingen zijn divers
Er zijn verschillende VAPRO opleidingen. Deze opleidingen kunnen verschillen op basis van het opleidingsniveau maar ook op basis van de functiegroepen. Zo zijn er VAPRO opleidingen die gericht zijn op de werkzaamheden van technici. Daarnaast zijn er VAPRO opleidingen die meer gericht zijn op operators die werkzaam zijn in de procesindustrie. Omdat bedrijven onderling van elkaar verschillen zijn de processen die bij bedrijven worden uitgevoerd in de praktijk ook vaak verschillend. Daarom is het mogelijk om maatwerk VAPRO opleidingen te volgen die bedrijfsgericht zijn. Het is ook mogelijk om in een VAPRO opleiding een speciale branche te kiezen om in uit te stromen. Hierbij kan gedacht worden aan de logistieke uitstroomrichting. Daarnaast is het ook mogelijk om uit te stromen in de levensmiddelen en operationele techniek. De reden voor deze specifieke uitstoomrichtingen ligt in de unieke processen die verbonden zijn aan logistiek, levensmiddelen en de operationele techniek.

VAPRO basisoperator en VAPRO A, B, C en D
Hoewel VAPRO opleidingen divers zijn kunnen er wel duidelijk niveaus worden gekoppeld aan de VAPRO opleidingen. Deze niveaus zijn belangrijk om voor werkgevers in de industrie. Hierdoor wordt namelijk duidelijk over welke kennis de medewerker beschikt. Dit kennisniveau zorgt er voor dat een medewerker in de industrie op een bepaalde positie zelfstandig aan de slag kan gaan. VAPRO opleidingen zijn erkend door bedrijven die actief zijn in de industrie. In sommige gevallen wordt meer waarde gehecht aan VAPRO opleidingen dan aan reguliere opleidingen op middelbaar beroepsniveau.  De niveaus van VAPRO opleidingen zijn voor de overzichtelijkheid wel gekoppeld aan de niveaus van reguliere opleidingen op mbo niveau. Men onderscheid bij VAPRO opleidingen: VAPRO basisoperator, VAPRO A , VAPRO B, VAPRO C en VAPRO D. Deze verschillende VAPRO niveaus zijn hieronder gekoppeld aan reguliere opleidingsniveaus:

• VAPRO basisoperator. Deze opleiding is gelijkwaardig aan mbo niveau 1. Deelnemers aan deze opleiding zijn opgeleid tot assistent operator.

•VAPRO A. Deze opleiding is gelijk aan mbo niveau 2. Deelnemers die deze opleiding hebben afgerond kunnen worden ingezet als operator.

•VAPRO B . Deze opleiding is gelijk aan mbo niveau 3. Met deze opleiding op zak kan iemand als allround operator en AOT 3 worden ingezet.

•VAPRO C. Deze opleiding is op mbo niveau 4. Deelnemers die deze opleiding hebben afgerond kunnen nog breder worden ingezet als operator C.

•VAPRO D. Dit is een opleiding die een schakel vormt tussen mbo en hbo opleidingsniveau. Het wordt ook wel een Associate degree genoemd. Personen die deze opleiding hebben gehaald kunnen worden ingezet als leidinggevende in de procesindustrie.

VAPRO en Lean manufacturing
VAPRO opleidingen leren deelnemers belangrijke vaardigheden aan die ze nodig hebben op de werkvloer in de industrie. Deze vaardigheden zijn noodzakelijk om professioneel werkzaamheden te verrichten en daarnaast een veilige werkomgeving te bewerkstelligen. Kennis van de processen die plaatvinden in de industrie is daarnaast belangrijk voor effectief werken en het beperken van verspilling. Op deze aspecten van de procesindustrie in Lean manufacturing gericht. Opleidingen en training op het gebied van Lean management en Lean manufacturing behandelen lang niet altijd de technische aspecten die verbonden zijn aan de werkzaamheden in de industrie.

Lean manufacturing is meer gericht op het afstemmen van productieprocessen en het beperken van processen die niet bijdragen aan de kwaliteit en andere wensen van potentiële afnemers.  Door VAPRO opleidingen te bieden kan het kennisniveau van medewerkers in de industrie worden vergroot. Wanneer daarna ook nog Lean opleidingen worden geboden kunnen werknemers in de procesindustrie hun technische kennis van processen gebruiken als input voor Lean management. VAPRO en Lean vormen gezamenlijk een goede combinatie voor de kwaliteit en professionaliteit van werknemers in de procesindustrie.

VAPRO en Six Sigma
Bedrijven zijn dynamisch dit is ook het geval bij bedrijven in de procesindustrie. Er worden voortdurend nieuwe processen en machines geïmplementeerd om de kwaliteit en de snelheid van de productie te vergroten. De doelstelling van Six Sigma is het leveren van hoogwaardige producten. Daarbij moet het aantal fouten worden gereduceerd tot minder dan 1 procent. Dit is een goed streven maar de praktijk is vaak anders. Daarom worden verschillende projectteams samengesteld om de kwaliteit van het productieproces te verbeteren. Deze teams worden geleid door professionals die op bepaalde gebieden een hoog kennisniveau hebben. Deelnemers aan projecten hebben een bepaalde titel.

Dit zijn bijvoorbeeld de black belt, de green belt en de yellow belt. Een titel of een bepaalde belt kan worden behaald tijdens een Six Sigma opleiding. Deze Six Sigma opleidingen zijn belangrijk voor het projectmatig oplossen van problemen in de productie van een bedrijf in de industrie. De deelnemers zullen echter voldoende kennis moeten hebben van de productieprocessen die plaatsvinden in de procesindustrie. Daarvoor moeten deelnemers over een specifiek opleidingsniveau beschikken die gericht is op de werkzaamheden die uitgevoerd worden in een productieomgeving. VAPRO opleidingen vormen hiervoor een prima basis. VAPRO en Six Sigma gaan hierdoor prima samen.

VAPRO, Lean manufacturing en Six Sigma
Het is ook mogelijk om VAPRO, Six Sigma en Lean opleidingen achter elkaar aan te bieden aan deelnemers. Door dit te doen hebben werknemers in de procesindustrie een hoogwaardig kennisniveau met betrekking tot de werkzaamheden die uitgevoerd worden in hun bedrijf. Dit kennisniveau wordt geboden door de VAPRO opleiding. Daarnaast leren werknemers doormiddel van Lean opleidingen hoe werkzaamheden effectiever ingericht kunnen worden zodat verspilling wordt tegengegaan. Tot slot leert men doormiddel van Six Sigma optimale producten te produceren en leert men projectmatig problemen in de productie op te lossen. VAPRO, Lean en Six Sigma vormen een totaalpakket voor de professionaliteit van de werknemer in de procesindustrie.

Hoe belangrijk is Just in time voorraadbeheersing voor Lean manufacturing?

Lean manufacturing is gericht op het beperken van verspilling in bedrijfsprocessen. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar het productieproces zelf, andere aspecten van de bedrijfsvoering worden ook nauwkeurig onderzocht en verbetert. Lean manufacturing is vooral gericht op de klant. Alle bedrijfsprocessen moeten er op gericht zijn om de klant datgene te leveren dat de klant verlangt. Binnen een bedrijf zijn veel verschillende processen en systemen aanwezig. Niet elk systeem is gericht op de klant. Daarom moet een goede afweging worden gemaakt. Bedrijven moeten zichzelf de vraag stellen: “waar wil mijn klant voor betalen”. Naast een hoge kwaliteit en een goed imago van het product is ook een scherpe prijs van belang voor een klant. Een belangrijke manier om de kosten van het product naar beneden te drukken is het beperken van grote voorraden.

Voorraden kosten geld
Een grote voorraad is voor een bedrijf meestal niet gewenst. Producten die als voorraad worden opgeslagen nemen ruimte in. Daarnaast moet een bedrijf controle houden op deze producten en er voor zorgen dat ze niet gestolen kunnen worden of bederven. Dit brengt voor een bedrijf extra kosten met zich mee. De klant verlangt echter niet van een bedrijf dat deze voorraden aanlegt. Een klant wil een product precies op het juiste moment ontvangen. Daar is de term Just in time (JIT) van afgeleid.

Wat is Just in time voorraadbeheersing?
Just in time is een methode die wordt gebruikt voor voorraadbeheersing. Het is een systeem dat verbonden is aan Lean manufacturing. Just in time is een logistieke methode die zijn oorsprong heeft in Japan. De doelstelling van het JIT is het “precies op tijd” leveren van producten en diensten aan de klant. De klant kan de eindgebruiker zijn of een ketenpartner wanneer bijvoorbeeld halffabricaten worden geproduceerd en geleverd. Het precies op tijd leveren van producten is niet eenvoudig. De productie en levering van het product moet perfect op elkaar worden afgestemd. Zodra het product van de transportband af komt moet het ingeladen worden in een vrachtwagen of container zodat het product meteen naar de klant kan worden verzonden. Door de Just in time methode toe te passen kunnen voorraden drastisch worden beperkt. Hierdoor worden de voorraadkosten lager en kan een product goedkoper worden verkocht.

Risico’s van Just in time voorraadbeheersing
Just in time voorraadbeheersing brengt echter wel risico’s met zich mee. De verschillende deelprocessen die binnen een bedrijf plaatsvinden tijdens de productie zijn zo nauwkeurig op elkaar afgestemd dat er niets fout mag gaan. Als er een fout of storing in de productie optreed zijn de gevolgen meteen merkbaar in de deelprocessen die volgen. Hierdoor kan de productie stagneren. Omdat het transport de laatste schakel is zullen alle gevolgen van stagnatie hier merkbaar zijn. Een kleine voorraad of het geheel ontbreken van een voorraad zorgt er voor dat de stagnatie niet kan worden gecompenseerd door producten uit de voorraad te halen en deze naar de klant te sturen. Just in time voorraadbeheersing werkt in theorie uitstekend wanneer alle deelprocessen van de productie dusdanig zijn ingericht dat deze altijd optimaal functioneren.

 

Automatisering van Just in time voorraadbeheersing
Het bijhouden en onderling afstemmen van productieprocessen is niet eenvoudig. Bedrijven maken hierbij gebruik van automatisering en computersystemen. Deze systemen bestaan meestal een host computer. Daarnaast is een lokale computer aanwezig in het bedrijf. De host computer en de lokale computer worden aan elkaar gelinkt. Dit wordt gedaan in een  real-time omgeving. Elke computer bevat een database deze database is toegankelijk door gebruik te maken van die specifieke computer. In elke computer kunnen gegevens worden bewerkt en verzonden. Deze gegevens kunnen betrekking hebben tot bepaalde producten in de Just-in-Time voorraad. Als deze gegevens vervolgens allemaal worden verzamelt kan men het voorraadniveau bepalen en wordt duidelijk hoe ver de productie is gevorderd. De snelheid van de productie wordt goed duidelijk doordat de interactie tussen de computers real-time is. Dit houdt in dat men altijd actuele informatie uit de computer kan halen over de productie. Wanneer er problemen ontstaan kan men daardoor zo snel mogelijk ingrijpen.

Lean manufacturing en Just in time voorraadbeheersing
Lean manufacturing is gericht op het beperken van de productiekosten en het leveren van hoogwaardige producten die voldoen aan de wensen van de klant. Het beperken van de voorraad is één belangrijk aspect waarin kosten kunnen worden bespaard. Ondanks de automatisering van logistieke processen blijft Just in time voorraadbeheersing wel risico’s met zich meebrengen. Er kunnen in het productieproces alsnog fouten ontstaan. Deze fouten komen door de real-time omgeving van de computers wel sneller in beeld. Dit zorgt er voor dat men adequaat kan op treden en de fouten zo snel mogelijk kan proberen te verhelpen.

Storingsmonteurs kunnen eventuele storingen lokaliseren en kunnen deze zo snel mogelijk proberen op te lossen. Dit zorgt voor een hoge druk bij de technische dienst van een bedrijf. Het oplossen van een storing is echter niet eenvoudig. Een storing kan mechanisch zijn maar ook elektrotechnisch. Daarnaast zijn er ook storingen mogelijk in de automatisering van de machines. Storingen in de PLC systemen zijn over het algemeen niet eenvoudig te verhelpen dit in tegenstelling tot de meeste mechanische storingen aan de randapparatuur.

Als het oplossen van een storing te lang duurt zal het productieproces vertraging oplopen en komen de levertijden in gevaar. Het ontbreken van een voorraad zorgt er voor dat een klant langer op een product of levering moet wachten dan van de voren is afgesproken.  Deze situatie is in strijd met de filosofie van Lean manufacturing waarbij de klant centraal staat. Het implementeren van Just in time voorraadbeheersing is niet eenvoudig. Verschillende processen moeten goed op elkaar worden afgestemd. Ondanks dat moet een veiligheidsmarge worden gehanteerd in het productieproces. Er moet ruimte en tijd zijn om fouten tijdig op te lossen zonder dat daarbij de levertijden in het geding komen.

Lean Six Sigma trainingen
Alleen het aanpassen van machines en het implementeren van computers met een real-time omgeving is niet voldoende om in een organisatie Just in time voorraadbeheersing te realiseren. De organisatie moet Lean ingericht worden. Lean manufacturing vereist ook een andere mentaliteit op de werkvloer. Hierbij zijn de werknemers een belangrijke factor voor het uitvoeren en het uitdragen van Lean manufacturing. Het Lean fabriceren is nauw verbonden aan de Just in time voorraadbeheersing. Medewerkers moeten leren hoe ze adequaat fouten in bedrijfsprocessen moeten oplossen.

Daarvoor is meestal training nodig. Lean Six Sigma trainingen zijn geschikt voor werkgevers en werknemers. Deze trainingen bestaan uit een aantal onderdelen. Een belangrijk onderdeel is het implementeren van Lean management. Volgens leren deelnemers tijdens een Lean Six Sigma training hoe een organisatie Lean kan blijven. Het snel en effectief oplossen van problemen in de productie is hierbij van cruciaal belang. Hierbij komen de handvaten van Six Sigma goed van pas. In Six Sigma worden problemen projectmatig opgelost waarbij gebruik wordt gemaakt van de kennis van de deelnemers aan het project. Doormiddel van Lean Six Sigma is een organisatie effectief ingericht en is de kans groter dat Just in time voorraadbeheersing kan worden gerealiseerd.

Wat is scientific management, Taylorisme en Lean Six Sigma?

Bedrijfsvoering kan op verschillende manieren worden benadert. Scientific management is een Engelse term voor bedrijfsvoering. Deze term kan in het Nederlands worden vertaald met wetenschappelijke bedrijfsvoering. Scientific management is een benaderingswijze die gericht is op bedrijfsvoering die gebruik maakt van de wetenschap. Het aansturen van bedrijfsprocessen op de werkvloer wordt vormgegeven op wetenschappelijke wijze. Scientific management wordt ook wel Taylorisme genoemd. Deze benaming is afgeleid van de intellectuele grondleggers van scientific management, dit was namelijk Frederick Taylor. Hij was een Amerikaanse werktuigbouwkundig ingenieur die de problemen die ontstonden door de tweede industriële revolutie op een wetenschappelijke wijze probeerde te veranderen.

De tweede industriële revolutie vond ongeveer plaats tussen 1867 en 1914. In deze periode werden steeds meer producten in massa’s geproduceerd. De massaproductie zorgde echter voor bestuurlijke problemen. Bedrijven produceerden in steeds grotere aantallen, dit zorgde onder andere voor logistieke problemen. Ook het productieproces zelf werd complexer. Frederick Taylor probeerde doormiddel van scientific management een mentale revolutie te realiseren met betrekking tot het beheersen van bedrijfsprocessen. Beslissingen moesten volgens hem niet meer gebaseerd worden op traditie of belangrijke vuistregels voor een bedrijf. In plaat daarvan moesten beslissingen volgens Taylor vooral genomen worden op basis van wetenschap en ratio.

Scientific management benadert bedrijfsprocessen rationeel en wetenschappelijk.  Hierbij maakt men gebruik van het bestuderen van functies en werkzaamheden. Door werkzaamheden goed in kaart te brengen kunnen verbetervoorstellen worden gedaan zodat het werk nog effectiever kan worden uitgevoerd. Volgens scientific management moeten productienormen worden vastgesteld die objectief zijn. Aan de hand van deze objectieve normen kunnen prestaties worden beoordeeld. Frederick Taylor was van mening dat voor werknemers met name het salaris een belangrijke motivatiefactor is. Tegenwoordig is scientific management nog steeds populair. De benaderingswijze is echter wel wat veranderd en met de tijd meegegaan.

Scientific management en Lean Six Sigma
Scientific management wordt tegenwoordig vooral gebruikt voor het standaardiseren van processen en het verhogen van de efficiency van een bedrijf. Verschillende moderne theorieën over bedrijfsvoering bevatten elementen van Scientific management. Een wetenschappelijke bedrijfsvoering is daardoor niet ouderwets maar juist modern.

Lean management of Lean manufacturing bevat veel elementen die ontleent zijn aan Scientific management. In een Lean bedrijfsvoering wordt gekeken hoe de verspilling in een bedrijf kan worden beperkt. De klant staat hierbij centraal in plaats van de productie. Natuurlijk is de productie ook belangrijk maar het gaat uiteindelijk om de klanttevredenheid. Een bedrijf kan veel produceren maar als de klant de kwaliteit of de levertijd niet geschikt vind zal de klant alsnog naar een concurrent kunnen gaan. Lean management is daarom, in tegenstelling tot puur Scientific management, sterk op de klant gericht. In bedrijfsprocessen kunnen echter fouten ontstaan. Deze problemen moeten effectief worden verholpen.

Six Sigma is een systeem dat er voor kan zorgen dat het aantal fouten in de productie zoveel mogelijk kan worden gereduceerd. Men streeft daarbij naar een optimale kwaliteit doormiddel van een projectmatige benadering van problemen. Problemen worden door experts opgelost. Deze experts hebben een bepaalde titel zoals black belt en green belt. Dit geeft hun kennisniveau aan. Six Sigma en Lean worden in een bedrijf regelmatig aan elkaar gekoppeld. Hierdoor ontstaat een optimale aanpak van het bedrijfsproces. Problemen en processen worden door Lean en Six Sigma geanalyseerd. Daarnaast worden verbetervoorstellen gedaan. Deze voorstellen kunnen doormiddel van projectgroepen worden geïmplementeerd.

Na verloop van tijd worden de resultaten geëvalueerd en kan er indien nodig bijsturing plaatsvinden. Veel bedrijven zien het belang van deze aanpak in. Daarom worden er regelmatig Lean trainingen gegeven en Six Sigma trainingen. Gecombineerde Lean Six Sigma trainingen worden ook door opleidingsinstituten aangeboden. Door deze gecombineerde opleidingen kan een bedrijf een totaalpakket aan vaardigheden aanleren waarmee het bedrijfsproces kan worden geoptimaliseerd.

Lean en Six Sigma is overigens een continue verbeterproces. Een bedrijf kan daarbij nooit een afwachtende houding aannemen en zal voortdurend sturend moeten optreden zodat de organisatie de juiste kant op wordt gestuurd. Het interessante van Lean Six Sigma is dat de managers het niet alleen hoeven te doen. Participatie van de werknemers bij het oplossen van problemen in de productie en bedrijfsvoering wordt in Lean Six Sigma als zeer wenselijk beschouwd. Daarom volgen niet alleen managers maar ook uitvoerende personeelsleden een Lean Six Sigma training.

Is een Lean training nuttig voor een bedrijf?

Lean management is een term die steeds vaker wordt gehoord binnen organisatiemanagement. De term Lean manufacturing is afgeleid van de methodes die de Japanse autofabrikant Toyota geïmplementeerd heeft in haar bedrijfsvoering. Deze bedrijfsvoering wordt ook wel “the Toyota way” genoemd. Onder een breed publiek is echter Lean manufacturing of Lean management bekend geworden. Lean management is gericht op het effectiever inrichten van een organisatie en de bedrijfsprocessen die daarin worden uitgevoerd. De Engelse term Lean kan in het Nederlands worden vertaald met slank of afgeslankt. Een Lean organisatie stelt de klant centraal en heeft het productieproces op de wensen van de klant afgestemd. Alle processen die daar niet direct aan bijdragen worden beoordeeld. Indien deze processen niet als nuttig kunnen worden beschouwd moeten deze processen afslanken of zelfs geheel uit de organisatiestructuur worden verwijdert.

Lean management is vooral gericht op het beperken en elimineren van verspilling. Verspilling kan in een organisatie op verschillende manieren plaatsvinden. Zo kunnen materialen niet effectief worden gebruikt of is de werkplek niet goed ingericht zodat werknemers onnodig lang bezig zijn met het maken van producten of het uitvoeren van andere werkzaamheden. Ook de afstemming van verschillende deelprocessen tijdens de productie zorgt bij veel bedrijven voor onduidelijkheden die er toe leiden dat de productie tijdelijk onderbroken wordt. Deze wachtmomenten of pauzes in de productie zorgen er voor dat halfabrikanten stil komen te liggen. Dat kost een bedrijf geld. Lean management is gericht op het afstemmen van alle organisatieonderdelen zodat een effectieve bedrijfsvoering tot stand komt. Voor het invoeren van Lean management in een organisatie is kennis nodig van Lean systemen. Deze kennis wordt bij veel bedrijven door externe opleidingsinstituten of trainingscentra aan de werknemers en managers aangeboden.

Wat leer je op een Lean training?
Bedrijven kunnen er voor kiezen om een Lean training te volgen. Deze training wordt aangeboden aan werknemers en managers. Er zijn verschillende opleidingsinstellingen die Lean trainingen aanbieden. De doelstellingen van deze trainingen komen overeen. Ze zijn er op gericht bedrijven handvaten te bieden om hun bedrijfsprocessen efficiënter in te richten en te optimaliseren. Daarbij staat de klant centraal. De klanttevredenheid kan door een effectief Lean beleid worden vergroot en daarnaast kunnen de kosten worden gereduceerd. Een Lean training is meestal een algemene training die informatie verstrekt die bij verschillende bedrijven en bedrijfsprocessen kan worden toegepast.

De meeste trainingen beginnen met een algemeen deel waarin het belang van een Lean bedrijfsvoering wordt benadrukt. Vervolgens krijgen de deelnemers informatie over verschillende Lean principes. Hierbij kunnen voorbeelden worden gebruikt ter verduidelijking. Men op de training aan de hand van gesimuleerde bedrijfsprocessen zien hoe Lean management voor verbetering kan zorgen. Ook leren deelnemers tijdens de training hun eigen productieprocessen en bedrijfsprocessen kritisch te evalueren. Hierbij moet men kijken naar welke processen echt nut hebben voor de klant, kortom: ‘waar wil de klant voor betalen?’.  Omdat Lean management ook gericht is op het beperken van verspillingen wordt informatie verstrekt of de plaatsen in de organisatie waar verspilling kan ontstaan. Verschillende methodes om problemen op te lossen kunnen vervolgens worden aangeboden aan de deelnemers. Hierbij kan men bijvoorbeeld gebruik maken van ‘Kaizen’. Dit is een methode die wordt gebruikt voor het oplossen van problemen op wetenschappelijke wijze. Ook andere methodes kunnen echter worden gebruikt voor het oplossen van problemen in een organisatie.

Naast deze methodes bieden veel Lean trainingen ook informatie over het veranderen van een organisatiecultuur. Dit is over het algemeen niet eenvoudig. Lean management vereist bij veel organisaties een andere denkwijze van de medewerkers. Deze medewerkers moeten een bewustwording krijgen met betrekking tot hun positie in een organisatie die Lean is. Coaching van medewerkers komt hierbij aan de orde. Het stimuleren en motiveren van medewerkers is een continue proces. Managers hebben hiervoor specifieke vaardigheden nodig. Deze vaardigheden kunnen een onderdeel vormen van een Lean trainging.

Na het volgens van de theoretische kant van een Lean management training komt de praktijk. In de praktijk kunnen de deelnemers aan de slag met het implementeren van de kennis die ze hebben opgedaan in de Lean training. Opleidingsinstituten kunnen de deelnemers ook ondersteunen bij de implementatie. Doormiddel van intervisie en feedbackmomenten kan de voortgang worden bijgehouden en bijgestuurd. Deze bijeenkomsten kunnen worden gehouden op de organisatie zelf.

Waarom heeft en Lean training nut?
Lean trainingen kunnen nut hebben wanneer deze op een goede manier worden gegeven. Lean management moet niet alleen als een theorie worden gepresenteerd. Deelnemers moeten ook daadwerkelijk de mogelijkheid krijgen om de Lean principes toe te passen. Een organisatie die Lean management overweegt moet daarom van te voren goed inschatten of Lean management geschikt is voor de bedrijfsvoering. Daarnaast moet een organisatie er voor zorgen dat er een cultuuromslag kan worden gemaakt op de werkvloer. Personeel moet voldoende draagvlak bieden voor de veranderingen die Lean management met zich meebrengt. Daarom is het verstandig om personeel ook een Lean training te laten volgen. Personeel heeft binnen het Lean proces een sleutelpositie. Betrokken personeel denkt mee over oplossingen waarmee het bedrijf nog effectiever kan produceren en kosten kan besparen. Het management moet daarom open staan voor de input van personeel. Het volgen van alleen een Lean training is niet voldoende. Een bedrijf zal een complete omslag moeten maken met Lean management. Ook in de toekomst zal het bedrijf haar productieprocessen en bedrijfsprocessen regelmatig moeten toetsen aan de principes van Lean.

Lean Six Sigma training
Als er fouten ontstaan moeten deze effectief worden verholpen. Dit kan bijvoorbeeld aan de hand van projecten gebeuren. Six Sigma is daarbij een effectieve methode omdat in deze methode duidelijk is omschreven hoe projecten moeten worden uitgevoerd. Dit gebeurd aan de hand van duidelijke stappen. Six Sigma zorgt ook voor een duidelijke hiërarchie tijdens projecten. Hierbij krijgen projectdeelnemers op basis van hun kennis een belt zoals de green belt en de black belt. Lean trainingen worden in de praktijk vaak gecombineerd gegeven  met Six Sigma. Hierdoor ontstaan Lean Six Sigma trainingen die een totaalpakket aanbieden voor het analyseren, oplossen en evalueren van problemen in de productie van een organisatie.

Wat is Six Sigma en waarvoor wordt dit gebruikt?

Six Sigma is een managementstrategie die wordt gebruikt voor het verbeteren van de kwaliteit en de resultaten van bedrijfsprocessen. Hierbij wordt aandacht besteed aan het opsporen van fouten en belemmeringen in de processen die binnen een bedrijf aanwezig zijn. Deze fouten of defecten moeten worden opgelost en verwijdert uit het bedrijfsproces zodat een optimale situatie ontstaat. Een optimale situatie is echter een utopie. Niet elke fout is te voorkomen en niet elke fout kan worden opgelost. Six sigma is een term die in het Nederland vertaald zou kunnen worden met ‘zes sigma’. Het woord sigma is ontleend uit het Grieks. Sigma is een letter die wordt gebruikt om standaarddeviatie aan te geven.  Six Sigma tolereert een zeer klein percentage fouten. Dit percentage is 0,00034%. Als een bedrijfsproces Six Sigma is zijn daardoor 99,99966% van alle producten die worden geproduceerd foutloos. Dit komt neer op 3,4 fouten per miljoen producten. Six Sigma is daardoor een ambitieus streven.

Six Sigma is oorspronkelijk in 1986 ontwikkelt in de Verenigde Staten door Motorola. Tegenwoordig wordt het door veel bedrijven toegepast. Six Sigma bestaat uit verschillende kwaliteitsmanagementmethodes. Binnen een organisatie zijn verschillende mensen aanwezig die methodes implementeren. Net als in de vechtsport zijn hier verschillende banden aan gekoppeld. Hierdoor heb je binnen een organisatie experts die een speciale titel krijgen zoals bijvoorbeeld de Master Black Belt, Black Belt en Green Belt. Deze verschillende banden zijn gekoppeld aan de ervaring van de persoon met betrekking tot een specifieke kwaliteitsmanagementmethode. Zo zijn Master Black Belts de kennisbewaarders. Daarnaast kunnen een Black Belt of Green Belt worden ingezet als projectleider.

Binnen een organisatie kunnen verschillende Six Sigma projecten worden uitgevoerd. Deze projecten zijn duidelijk omschreven. Daarnaast zijn er ook duidelijk doelen geformuleerd die gericht zijn op het verlagen van kosten of het verhogen van de winst. Een Six Sigma project wordt uitgevoerd aan de hand van een duidelijke volgorde van stappen (DMAIC).

Lean Six Sigma
Lean en Six Sigma worden ook wel samen genoemd in één term ‘Lean Six Sigma’. Deze term omvat twee populaire verbeterprocessen voor bedrijven. Lean manufacturing is vooral gericht op het optimaliseren van het bedrijfsproces door het aanpakken van verspilling. Door het aanpakken van verspilling wordt het netto resultaat hoger van een organisatie. Daarbij wordt aandacht besteed aan alle processen die er op gericht zijn om aan de wensen van de klant te voldoen. Alle processen die daar niet mee verband houden of die daarin zelfs belemmerend of vertragend werken worden nauwkeurig aangepakt. De wens van de klant staat voorop. Daarnaast wordt bij Lean manufacturing ook gestreefd naar een korte doorlooptijd. Producten moeten snel, effectief en op tijd worden geproduceerd. Hierbij moet worden voorkomen dat er veel voorraad ontstaat.

Six Sigma is gekoppeld aan Lean omdat tijdens Lean manufacturing verschillende projecten moeten worden uitgevoerd ter verbetering van het productieproces. Hiervoor is een duidelijke hiërarchie nodig. Daarnaast moet ook transparant zijn wie welke kennis heeft en hoe deze het beste kan worden ingezet om de beoogde doelen te behalen. Deze duidelijke structuur wordt geboden door  Six Sigma. Kennis en ervaring is binnen de organisatie geborgd en er zijn duidelijke afspraken gemaakt welke projecten moeten worden uitgevoerd binnen een bepaalde tijd en met een duidelijk kostenplaatje. Daarnaast maakt Six Sigma ook duidelijk uit welke deelstappen een project moet bestaan. Six Sigma streeft net als Lean manufacturing naar een optimaal productieproces.

Doelstellingen Lean Six Sigma
De producten die worden geproduceerd volgens Lean Six Sigma moeten zo goed als foutloos zijn en perfect zijn afgestemd op de wensen van de klant. Daarbij moet een zo klein mogelijke voorraad worden bijgehouden en de doorlooptijd moet optimaal zijn. Verder moet het productieproces zo zijn ingericht dat alle bedrijfsprocessen een toegevoegde waarde hebben voor het product en de klant. Alle processen die hiermee in strijd zijn moeten worden geëlimineerd. Deze processen moeten echter niet Ad Hoc plaatsvinden maar moeten een onderdeel vormen van een organisatie die gericht is op een continue proces van verbetering. Kennis moet worden geborgd en werknemers en managers moeten ingezet worden op de gebieden waar ze kennis en ervaring in hebben. Een duidelijke hiërarchie in projecten kan er voor zorgen dat eventuele problemen en verbeterprocessen effectief kunnen worden geïmplementeerd en geëvalueerd.