Buigen en buigtechniek voor buizen

Buigen is het vervormen van buizen door ze in een bepaalde hoek te vervormen. Het buigen van een buis lijkt eenvoudig maar dat is het niet. Veel buizen worden in de installatietechniek ter plekke in de juiste vorm gebogen. Hierbij kan je denken aan buizen die worden gebruikt voor een waterleidingnetwerk en een verwarmingsinstallatie. Door deze buizen wordt warm of koud water getransporteerd. De buizen worden over het algemeen aangebracht door installatiemonteurs. Het buigen van buizen op de werklocatie wordt ook wel buigen in het werk genoemd. Een andere mogelijkheid is het voor fabriceren van bochten die wordt ook wel prefab genoemd.

Prefab bochten maken
Het buigen van bochten in het werk wordt steeds minder toegepast. Het vereist namelijk veel vakkennis en inzicht om een buis in de juiste bocht te buigen. Daarnaast kost het verhoudingsgewijs veel tijd om buizen handmatig doormiddel van een buigblok of buigijzer in de juiste vorm te brengen. Daarom worden bochten steeds vaker prefab aangeleverd. Dit zijn voorgebogen buizen die door toeleveringsbedrijven worden geleverd op basis van bestelling aan installatiebedrijven. Niet alleen installateurs maken gebruik van voorgebogen buizen of prefab bochten ook andere bedrijven passen deze toe. Hierbij kan men denken aan bedrijven in de machinebouw, maar ook bedrijven in de olie-industrie en procesindustrie.

Toepassing van buiggereedschap
Als men buizen gaat buigen heeft men gereedschap nodig. Voor het buigen van kunststof installatiebuis kan men in principe een buigveer gebruiken. Dat is een eenvoudige veer die in de buis of om de buis wordt aangebracht voordat men de buis in de gewenste bocht gaat buigen. Dit buigen gebeurd met de hand. De buigveer zorgt er voor dat de buis niet gaat knikken.

Voor het buigen van metalen buizen kun je geen buigveer gebruiken. Voor metalen buizen moeten zwaardere gereedschappen worden toegepast. In ieder geval is een buigblok nodig, om een buikgblok wordt namelijk de buis heen gebogen. Daarnaast moet er ook gebruik worden gemaakt van een klemblok. Het klemblok houdt de buis op zijn plaats als de buis in het buigblok wordt gebogen. Er wordt tevens een geleider gebruikt, deze geleider volgt de buis tijdens het buigproces. Om te voorkomen dat een buis gaat knikken wordt een doorn toegepast. Deze wordt gebruikt om de buis rond te houden.

Verder wordt nog een zogenoemde plooienstrijker gebruikt. Deze wordt gebruikt om te voorkomen dat er rimpels oftewel plooien ontstaan aan de binnenkant van de buigbocht. De kans op rimpels is vooral aan de orde bij buizen met een kleine hartlijnstraal. Het is belangrijk dat de plooienstrijker goed wordt ingesteld anders ontstaan er toch rimpels op de bocht en zal ook de plooienstrijker kunnen beschadigen.

Problemen met het buigen van bochten
Het buigen van bochten is zoals eerder benoemd niet eenvoudig. Metalen en kunststoffen zijn altijd in bepaalde mate elastisch. Dit houdt in dat men na het buigen van de bocht nog een kleine vervorming zal merken. Het materiaal veert als het ware een beetje terug. Er komt veel inzicht bij kijken als men een bocht in de gewenste vorm brengt. Men moet de bocht iets verder doorbuigen dan de gewenste maat zodat de vervorming die door de vering ontstaat wordt opgevangen.

Naast het optreden van vering wordt de buitenkant van de buis dunner. Hierdoor wordt de bocht dunner en kan deze kapot scheuren. Ook kan er een knik ontstaan als men de bocht niet goed aanbrengt waardoor de bocht feitelijk onbruikbaar wordt. Aan de binnenkant kunnen rimpels of plooien ontstaan als men de plooienstrijker niet goed gebruikt. Daarom is het van belang dat men de gereedschappen die in de alinea “toepassing van buiggereedschap” zijn benoemt goed gebruikt.

Wat is het verschil tussen pijp en buis?

In de techniek maakt men gebruik van zowel pijp als buis. Over het algemeen zijn pijpen en buizen onderdelen van installaties of machines. Kortom het zijn slechts gedeeltes van een werktuigen of installaties. Zowel een pijp als een buis is een hol onderdeel met een cilindrische vorm. Buizen en pijpen worden gemaakt van verschillende metalen en metaallegeringen en kunnen op het gebied van afmetingen en wanddikte verschillen. Daarnaast bestaat en er ook nog verschillen tussen pijp en buis op algemeen gebied. Deze verschillen worden in de alinea’s hieronder duidelijk gemaakt.

Wat is pijp precies?
Een pijp is iets anders dan een buis. Veel leken weten dit niet maar monteurs in de installatietechniek en pijpfitters weten het verschil vaak wel. Allereerst is er het verschil in de maatvoering. De maat van een pijp is gebaseerd op de binnendiameter. Dit wordt ook wel de inwendige diameter genoemd en afgekort met de letters ID. Men zegt ook wel dat een pijp aan de binnenzijde is getolereerd.

De maatvoering van een pijp wordt over het algemeen nog aangegeven in Engelse inches. Deze maatvoering wordt ook wel Engelse duim genoemd en is precies 25,4 mm. Naast de maatvoering of maataanduiding is ook de buitenkant van de pijp minder nauwkeurig afgewerkt dan een buis. Vaak voelt een pijp ruw aan en als er sprake is van pijp van koolstofstaal dan is het goed mogelijk dat er wat vliegroest op aanwezig is. De buitenkant van een pijp kan een kleine afwijking vertonen op het gebied van rondheid en daarnaast kan ook de wanddikte (WD) een beetje afwijken. De binnenkant van een pijp is over het algemeen wel goed glad afgewerkt.

Er zijn verschillende soorten pijpen. Bekende soorten zijn stoompijp, vlampijp en gaspijp. Deze pijpen worden door pijpfitters en dikwandige installatiemonteurs gebruikt. Pijpen kunnen op verschillende manieren aan elkaar bevestigd worden. Men kan on-uitneembare verbindingen maken doormiddel van smeltlasverbindingen. Het TIG-lasproces en het autogeen lasproces worden nog regelmatig gebruikt voor deze verbindingen op de bouwlocatie. Men kan echter ook flenzen aanlassen zodat leidingen met flensverbindingen kunnen worden gemonteerd op locatie.

Een andere mogelijkheid is het snijden van schroefdraad op pijp. Hierdoor kunnen pijpen doormiddel van schroefdraadkoppelingen aan elkaar bevestigd of gefit worden. het snijden van schroefdraad gebeurd doorgaans op pijpen met een diameter tot drie inch.

Wat is een buis precies?
Een buis verschilt van een pijp. Allereerst is de wanddikte van een buis veel dunner dan de wanddikte van een pijp. Daardoor kun je op buis geen schroefdraad snijden. De buitenzijde van een buis is glad evenals de binnenkant. Een buis is een jonger product dan een pijp en de maatvoering is ook minder traditioneel. Men geeft de maat van een buis aan in millimeters. Daarbij meet men de buitenzijde (UD = uitwendige diameter) van de buis en hanteert deze als maatvoering, men zegt ook wel dat een buis aan de buitenzijde is getolereerd.

Verder is een buis in tegenstelling tot een pijp wel perfect rond. Pijpen worden met een andere methode aan elkaar bevestigd dan buizen. Bij buizen schuift men fittingen over de buis heen. Deze fittingen worden ook wel buisfittingen genoemd en zijn er in verschillende vormen en maten. Er kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van knelkoppelingen en knelverbindingen.

Tot slot is het belangrijk om te weten dat er in de praktijk nogal wat verwarring kan optreden met betrekking tot de afmetingen van een pijp of buis. Daarom is het belangrijk dat men bijvoorbeeld bij een aanvraag of bestelling duidelijk aangeeft wat voor afmetingen men wenst. Dan kan men het hebben over de binnendiameter, buitendiameter, wanddikte en een omschrijving geven van de zoals kwaliteit, finish etc. Ook de normen (EN en ASME) zijn van belang.

Wat is een fitting tussen pijpen?

Een fitting is een uitneembare verbinding tussen twee onderdelen door bijvoorbeeld gebruik te maken van schroefdraad. Een fitting is een ruim begrip dat onder andere in de elektrotechniek wordt gebruikt voor het bevestigen van een lamp. Het gedeelte waar de lampvoet in bevestigd wordt is de fitting. Het woord ‘fitting’ wordt echter ook gebruikt in de onderhoudstechniek, installatietechniek en leidingbouw. In dat geval gebruikt men het wordt fitting als verbinding tussen pijpen. Daarom noemt men die verbindingen ook wel pijpfittingen. Iemand die pijpfittingen aanbrengt wordt ook wel een pijpfitter genoemd. Voordat men weet wat een pijpfitting precies is moet men weten wat een pijp is. Hierover gaat de volgende alinea.

Wat is een pijp?
Men gebruikt in de praktijk regelmatig de termen buis en pijp regelmatig door elkaar. Er is echter een wezenlijk verschil tussen een pijp en buis. Dit heeft te maken met de maatvoering. De maat van een pijp wordt aangegeven op basis van de binnendiameter, met andere woorden een pijp is aan de binnenzijde getolereerd (DN).

Over het algemeen geeft men de maatvoering van pijp aan in inches. De buitenkant van pijp ruw en de wanddikte en de rondheid kunnen in geringe mate afwijkingen vertonen.

Bekende soorten pijp zijn gaspijp, stoompijp en vlampijp. Veel pijpen en fittingen worden met elkaar verbonden doormiddel van smeltlasverbindingen. Daarnaast kan men ook gebruik maken van schroefdraadverbindingen. Dit gebeurd met pijpen met diameters tot 3 inch. Naast schroefdraadverbindingen kan men ook flensverbindingen gebruiken voor pijpstukken.

Wat is een buis?
Op pijp kan men tot een bepaalde diameter schroefdraad snijden. Daarvoor is een buis echter niet geschikt. Een buis heeft een veel geringere wanddikte dan pijp. Buizen worden op een andere manier aan elkaar verbonden. Hierbij maakt men gebruik van zogenoemde buisfittingen. Deze fittingen schuift men over de buizen heen. Vervolgens kan men een knelverbinding maken met een apparaat maar er zijn ook persfittingen. De kwaliteit van de verbinding is voor een groot deel afhankelijk van de wand. De wand van een buis ziet er anders uit dan de wand van een pijp. Een buis is ook aan de buitenkant glad en precies rond. De wanddikte van de buis is, zoals eerder benoemd, ook geringer dan een pijp.

De maat van een buis wordt op basis van een buitendiameter aangegeven. Dit wordt in Nederland in mm aangeduid. Men zegt ook wel dat een buis aan de buitenzijde is getolereerd.

Wat is een pijpfitting?
Een pijpfitting is een verbinding tussen twee pijpen. Deze verbinding is uitneembaar maar men treft wel speciale voorzieningen die er voor zorgen dat de pijpfitting niet uiteen kan gaan door de vloeistoffen of het gas die er door getransporteerd worden. Een pijpfitting wordt door een pijpfitter aangebracht. Dit kan een loodgieter of cv-monteur zijn. De schroefdraad kan indien gewenst op de buizen of pijpen worden gesneden door een schroefdraadsnijder. Om er voor te zorgen dat de pijpen niet uit elkaar kunnen raken en geheel waterdicht zijn maakt men gebruik van teflon tape, hennep of fitterskit. Deze afdichtmaterialen worden over het schroefdraad heen aangebracht, vervolgens wordt het andere deel van de leiding (sok, bocht of T-stuk) over het schroefdraad met het afdichtmiddel heen gedraaid. Zo ontstaat, als het goed is, een waterdichte verbinding tussen twee leidingdelen.

Naast fittingen die gebaseerd zijn op schroefdraad zijn er ook fittingen die tot stand komen door zogenoemde persverbindingen. Hierbij worden de leidingen doormiddel van een speciaal persapparaat aan elkaar geperst. Als men persverbindingen aanbrengt vervormt men de pijp meestal permanent. Het materiaal dat men voor de pijp gebruikt moet dus vervormbaar zijn. Het ene deel wordt bijvoorbeeld in het andere deel geschoven om vervolgens de leidingen aan elkaar te persen met een speciaal daarvoor ontworpen apparaat.

Fitten of lassen
Men gebruikt vaak naast het woord fitter ook het woord lasser. Deze twee beroepen komen allebei in de installatietechniek en leidingbouw voor. Over het algemeen wordt in dit verband met een fitter iemand bedoelt die de leidingen aan elkaar koppelt met een fitting. Ook kan een fitter de leidingen met een kleine hechtlas aan elkaar verbinden. In dat geval volgt een lasser die de leiding aflast zodat er een permanente lasverbinding ontstaat. Een lasverbinding is in beginsel niet uitneembaar en moet daarom door een specialistische lasser worden aangebracht.

Lasverbindingen in de installatietechniek worden doormiddel van het autogeen of TIG lasproces aangebracht. In de procesindustrie zoals de zuivelindustrie maakt men veel gebruik van roestvaststalen leidingen. Deze leidingen worden doormiddel van het TIG lasproces aangebracht. In de zuivel worden zeer hoge eisen gesteld aan de binnenkant van de leidingen. De lassen moeten door de zuivellasser zo worden aangebracht dan de binnenkant goed uitvloeit zodat er geen bacteriën achter de lasnaad kunnen achterblijven.

Er zijn verschillende technieken zoals het wikken (ook wel walking the cup genoemd) om deze lasverbindingen te realiseren. De meeste lasverbindingen in de zuivel moeten conform een bepaalde lasmethodekwalificatie (LMK) worden aangebracht. Een lasser dient dan een lascertificaat te behalen waarin is aangegeven dat hij of zij een dergelijke las met een specifiek lasproces in een bepaalde positie (meestal G6 of HL-45) mag aanbrengen.

Koppel fitter en lasser
Lassers die over een dergelijk lascertificaat beschikken worden in de praktijk meestal alleen als lassers ingezet en niet als fitter. Over het algemeen maakt men een ‘koppel’ van een fitter en een lasser. De fitter gaat voor de lasser uit om de leidingen in te meten en de tijdelijke hechtlas aan te leggen. De lasser maakt het leidingwerk vervolgens met hoogwaardige lasverbindingen af. Op die manier werkt men samen aan een professionele leiding en wordt iedereen in zijn of haar vakdiscipline ingezet. Men kijkt bij het fitten en lassen vaak naar de wanddikte van de pijp. Om die reden geeft een leidinglasser vaak aan dat hij of zij ervaring heeft met dikwandige (stoompijp) of dunwandige leidingen.

Wat pijptang of stillson-sleutel?

Pijptang of stillson-sleutel

Een pijptang is een gereedschap dat wordt gebruikt om stalen buizen aan te draaien of los te draaien. De pijptang wordt ook wel Stillson-sleutel genoemd naar haar uitvinder Daniel C. Stillson. Een pijptang bestaat is gemaakt van metaal en bestaat uit een lange stang. Haaks op deze stang zijn twee getande bekken geplaatst. De bovenste bek zit vast en de onderste bek is verstelbaar in de lengte richting. Het verstellen van een pijptang gebeurd doormiddel van een wormwiel. De bekken van de pijptang staan niet precies parallel aan elkaar, in plaats daarvan staan de bekken onder een kleine hoek. De tanden van de bekken van de pijptang staan in tegengestelde richting. Door de positionering van de tanden van de pijptang kan een goede grip worden gerealiseerd. De tanden ‘bijten’ zich namelijk in de pijp als men de pijptang vastklemt.

Hoe ziet een Pijptang of stillson-sleutel er uit?

Pijptang of stillson-sleutel
Pijptang of stillson-sleutel

Als men een pijp wil aandraaien of losdraaien zal men de bekken van de pijp voldoende open moeten draaien om de tang over de pijp te schuiven. De harde tanden van de pijptang grijpen zich goed vast in de pijp. Het zachte staal van de buis wordt door de tanden van de pijptang beschadigd. Als men de stang haaks in de te draaien richting van de pijp gaat plaatsen kan men de bekken met grote kracht dichtklemmen. Hoe meer kracht men op de tang uitoefent hoe meer grip men krijgt op de pijp.

Waar wordt een pijptang voor gebruikt?
Pijptangen worden gebruikt voor het draaien van stalen leidingen. Deze leidingen kunnen ook voorzien zijn van een gegalvaniseerde laag. Als deze gegalvaniseerde laag beschadigd raakt bestaat er de kans dat het staal er onder gaat corroderen (roesten). Men gebruikt pijptangen onder andere in de installatietechniek voor het fitten van waterleidingen. Men kan deze tangen ook gebruiken om enorme kracht uit te oefenen om bouten los te draaien. Dit kan maar daarvoor is deze tang niet bedoelt. Zowel de bek van de tang als de bouten raken dan beschadigd. Ook kunnen de roestige bouten losbreken.

Wat is een Gyrolokker en wat doet deze werknemer?

Soms hoor je de term ‘Gyrolokker’ als men het heeft over leidingwerk.  Gyrolokker wordt dan gebruikt als iemand die een bepaald beroep uitoefent. Gyrolokker is echter geen beroep. Deze term verwijst naar een bepaald type fitting, namelijk een Twin ferrule fitting. Een aantal bekende merken van dit type fitting zijn Parker A-lok, Swagelok en Gyrolok. Het merk Gyrolok is dus verwerkt in het woord ‘Gyroloker’ of ‘Gyrolokker’. In feite is een Gyrolokker iemand die werkt als fitter en daarbij ervaring heeft met de Twin ferrule fittingen van het merk Gyrolok.

Twin ferrule fittingen worden voornamelijk gebruikt in klein leidingwerk. Daarbij worden leidingen verbonden doormiddel van knelkoppelingen. Het werken aan kleine leidingen en het bevestigen van leidingen doormiddel van knelkoppelingen wordt ook wel tubing genoemd. Het is daarbij wel belangrijk dat men weet met welke merken de fitter ervaring heeft. De onderdelen van de verschillende merken zijn namelijk meestal niet uitwisselbaar. Het woord ‘Gyrolokker’ maakt duidelijk dat de desbetreffende fitter ervaring heeft met dit merk twin ferrule fittingen. Daarom gebruiken sommige fitters dit woord om duidelijk te maken wat voor type fitter ze zijn. Deze fitters hebben speciale certificaten behaald om de fittingen veilig aan te brengen in installaties.

Wat is de omschrijving van compound in de techniek?

De term compound wordt in de techniek op verschillende manieren gebruikt. Grofweg zijn er in de techniek twee verschillende omschrijvingen of beschrijvingen van de term compound. Deze eerste omschrijft compound als een samenstelling van verschillende bestandsdelen, de tweede omschrijft compound als een omheind terrein waar technische werkzaamheden kunnen worden verricht. Hieronder zijn deze twee verschillende omschrijvingen van het woord compound toegelicht.

Compound als samenstelling
Binnen de techniek worden verschillende samenstellingen gebruikt voor de vervaardiging van producten. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan de samenstelling van een rubber band. Aan het rubber kunnen verschillende ingrediënten worden toegevoegd. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan de toevoeging van roet om rubber een zwarte kleur te geven. Daarnaast zijn er andere ingrediënten die bijvoorbeeld de duurzaamheid van rubber moeten bevorderen en de slijtvastheid. Deze eigenschappen zijn belangrijk voor de vervaardiging van rubberen banden. De samenstelling van rubber en rubberproducten kan verschillen. De samenstelling zelf wordt ook wel compound genoemd en wordt aangepast aan de eisen die aan het product worden gesteld. Een rubber band met een zachte compound biedt bijvoorbeeld meer grip maar zal ook sneller slijten. Een band met een harde compound zal minder snel slijten maar zal daarnaast ook minder grip op het wegdek bieden.

Compound als terrein of werklocatie
Het woord compound is Engels en kan worden vertaald met het Nederlandse woord ‘samenstelling’. Daarnaast kan compound ook worden vertaald met omheind terrein. In dit verband kan compound als algemene term in de techniek worden gebruikt voor een omheind terrein waar werkzaamheden worden verricht. Over het algemeen gebruikt men de term compound niet voor bouwlocaties. De term wordt echter wel gebruikt voor gaslocaties of NAM-locaties waar werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd door mensen die daarvoor speciaal zijn opgeleid. Niemand kan of mag op de compound komen zonder dat daarvoor toestemming wordt verleend. Op locaties waar gas en olie aanwezig is zijn de veiligheidseisen zeer streng.

Mensen mogen alleen op deze locaties aanwezig zijn als het strikt noodzakelijk is. Daarnaast moeten medewerkers goed op de hoogte zijn van de risico’s die verbonden zijn aan de werkzaamheden op de desbetreffende compound. Voordat men op gaslocaties en olielocaties aan het werk mag gaan zal men veiligheidsinstructies krijgen. Deze instructies worden tegenwoordig voornamelijk via instructiefilmpjes gegeven. Als iemand deze instructiefilmpjes heeft gevolgd ontvangt hij of zij een stempel in een speciale pas. Op NAM-locaties wordt daarvoor de NAM-pas gebruikt. Deze pas is persoonsgebonden.

Verder krijgen technici specifieke beschrijvingen van de werkzaamheden die ze mogen uitvoeren. Voorbeelden van technici die op de compound kunnen werken zijn pijpfitters, en instrumentatiefitters. Daarnaast worden pre-commissioning engineers en pijplassers (fleetwelders) ook regelmatig ingezet. De werkzaamheden die deze specialisten verrichten verschillen onderling sterk. Daarom zijn duidelijke beschrijvingen van de werkzaamheden erg belangrijk. Elke medewerker op de compound moet weten wat hij of zij moet doen en waar hij of zij dat moet doen.

Deze technici mogen binnen bepaalde gebieden werkzaam zijn. Buiten deze gebieden mogen ze zich niet bevinden. De werkzaamheden die worden verricht op gaslocaties en olielocaties worden meerdere keren goed gecontroleerd. Daarnaast wordt er ook administratief bijgehouden welke werkzaamheden zijn verricht. Hierdoor wordt inzichtelijk wat er op de compound gebeurd is.

Wat doet een pipeline pre-commissioning engineer?

De functie pre-commissioning engineer is een functie die vooral wordt gebruikt in de olie en gas industrie. De functie komt in die sectoren vooral aan de orde bij pijpleidingen. Daarom wordt de functie ook wel pipeline pre-commissioning engineer genoemd. In deze functiebenaming zit het Engelse woord ‘commission’ verwerkt. Met ‘in or out commission’ wordt bedoelt dat een systeem in of buiten werking is gesteld. Een pre-commissioning engineer verricht de laatste controles en werkzaamheden voordat olie, aardgas of andere vloeistoffen of gassen door de leiding heen getransporteerd worden.

Wat doet de pre-commissioning engineer?
De pijpleiding wordt door doormiddel van precommissioning voorbereid op het daadwerkelijke gebruiken van de leiding. Hierbij worden metingen verricht waarmee wordt aangetoond of de leidingen daadwerkelijk veilig zijn en goed zijn aangesloten en afgesloten. Lekkages worden opgespoord en verholpen. Vervolgens worden weer nieuwe controles verricht. Deze controles gaan net zo lang door tot de gehele installatie conform de voorschriften is aangelegd en als veilig kan worden beschouwd. Naast deze controles op het gebied van lekkage worden door een  pre-commissioning engineer de elektrotechnische installaties die verbonden zijn aan de transportleidingen gecontroleerd. Bij deze installaties kan onder andere gedacht worden aan meet en regeltechniek. Met deze techniek kan de temperatuur en de druk van de leidingen worden gemeten.

Pre-commissioning reinigen
Voordat leidingen in gebruik worden genomen worden deze gereinigd. Dit wordt ook wel pre-commission cleaning genoemd. Deze reiniging is belangrijk omdat tijdens werkzaamheden aan leidingen en technische installaties verschillende soorten vuil in de leiding terecht kunnen komen. Hierbij kan gedacht worden aan smeermiddelen en slijpsel. Ook kunnen er spetters van het lassen en delen van de slak van bepaalde lasprocessen in de leiding terecht komen. Deze vervuiling kan de kwaliteit van het vloeistof of het gas dat door de leidingen wordt getransporteerd nadelig beïnvloeden. Wanneer gas en olie onder hoge druk door de leidingen wordt getransporteerd kunnen de vuildeeltjes de leidingen bovendien aan de binnenkant beschadigen.

Daarom moet het vuil zorgvuldig worden weggehaald. De leidingen kunnen voor de ingebruikname op verschillende manieren worden gereinigd. Dit is afhankelijk van de eisen die aan de installatie worden gesteld en de materialen waaruit deze leidingen bestaan. Ook de druk waaronder vloeistoffen en gassen door de leidingen worden getransporteerd is van invloed op de keuze voor een bepaald reinigingsproces. Het reinigen van leidingen behoort ook tot pre-commissioning omdat deze werkzaamheden vlak voor de ingebruikname van de leiding worden gedaan.

Werkzaamheden van een pijpfitter als voorbewerker voor laswerkzaamheden

Leidingen kunnen op verschillende manieren aan elkaar worden verbonden. In de praktijk wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen een lasser en een fitter. Een fitter legt vaak het leidingtraject aan de hand van tekeningen en instructies. De fitter kan leidingen doormiddel van flenzen aan elkaar verbinden of gebruik maken van andere koppelingen wanneer het leidingen met een kleine doorsnee betreft. De doorsnee van leidingen wordt meestal aangegeven in het aantal duims. Één duim is net zo groot als een Engelse duim, dit komt neer op 25,4 mm. In de olie en gas wordt vaak gebruik gemaakt van leidingen met een grote diameter. Diameters van 48 duims en 56 duims komen voor. Deze leidingen zijn door hun grote omvang ook nog zwaar. Een fitter gebruikt in de olie en gasindustrie speciale klemmen en andere middelen op de leidingen goed aan elkaar te kunnen verbinden. Een fitter verricht het voorwerk voor een lasser.

Klemmen die fitters gebruiken
Leidingen met een grote diameter van bijvoorbeeld 48 duims zijn moeilijk aan elkaar te verbinden. De leidingen moeten op de juiste hoogte worden gelegd en er moet sprake zijn van een kleine vooropening in de V-naad zodat de lasser de leidingen uitstekend aan elkaar kan lassen.

Binnenklem
Om de leidingen goed aan elkaar te bevestigen kan gebruik worden gemaakt van een binnenklem. Deze binnenklem wordt in de leiding gereden die al aan het leidingtraject vast zit. De verrijdbare binnenklem is pneumatisch en wordt aan de vaste leiding verbonden doormiddel van stempels.

Sideboom
Een sideboom brengt de leiding die aan de vaste leiding gekoppeld moet worden naar zijn plaats. Een sideboom is een speciale kraan die langs het leidingtraject kan rijden en een hijssysteem heeft aan de zijkant van het voertuig. Met dit systeem worden de leidingen aan speciale hijsbanden opgetild en naar de leiding vervoerd waaraan deze gekoppeld moet worden. Hierbij wordt gekeken naar de highlow.

Highlow
De leidingen moeten perfect voor elkaar worden geplaatst. Daarbij wordt gekeken naar de hoogte (high) en de onderkant (low). Dit op elkaar aanpassen van de hoogte en laagte van een leiding wordt in de praktijk wel highlow genoemd.

Leidinglassen
Wanneer de leidingen eenmaal op het juiste niveau zijn gebracht en de openingen  precies voor elkaar liggen wordt het gedeelte van de binnenklem dat in die nieuw aangebrachte leiding is geplaatst uitgezet doormiddel van stempels. De stempels uit de binnenklem zorgen er voor dat de aangebrachte leiding goed klem wordt gezet. Daarna kan de lasser de leidingen doormiddel van elektrode lassen aan elkaar verbinden. Na het lassen zitten de leidingen aan elkaar vast en kan de binnenklem naar het eindpunt worden gereden van de leiding die net is aangebracht. Dan begint het proces weer opnieuw.

Buitenklem
Een andere methode om de leidingen aan elkaar te klemmen is het gebruik maken van een buitenklem. Deze klem is niet verrijdbaar en wordt aan de buitenkant van de leidingen aangebracht. De buitenklem wordt om de leiding gevouwen. Aan de buitenkant van de buitenklem zitten allemaal bouten. Met deze bouten kan de leiding op de juiste hoogte worden gesteld. Doormiddel van dit stellen wordt de eerder genoemde highlow er uit gehaald en komen de leidingen op de juiste hoogte voor elkaar te liggen. Daarna kan de lasser de leidingen aflassen.

Veiligheid en nauwkeurigheid staan bij pijpfitten voorop
Het aan elkaar verbinden van transportleidingen voor gas en olie is zeer nauwkeurig werk ondanks de omvang van de leidingen. De leidingen mogen niet lekken of knappen. Wanneer dit namelijk gebeurd kan een zeer gevaarlijke situatie ontstaan en wordt het milieu in de directe omgeving van de kapotte leiding ernstig vervuild. Naast nauwkeurigheid moet ook gelet worden op de veiligheidsaspecten. Er wordt gewerkt met zwaar materiaal in de buitenlucht. Hierbij is altijd de kans op (grote) ongelukken aanwezig. Pijpfitters krijgen van te voren duidelijke veiligheidsinstructies waarbinnen de werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Deze veiligheidsrichtlijnen moeten zeer nauwkeurig worden opgevolgd.

Wat doet een instrumentatiefitter en wat is instrumentatiefitten?

Een instrumentatiefitter werkt vaak in de olie- en gasindustrie (petrochemie) of in de procesindustrie. De functie is vergelijkbaar met de functie pijpfitter. Toch zijn er een aantal verschillen. Een pijpfitter fit vaak een pijpleidingtraject aan elkaar vast doormiddel van flenzen. Hierbij kiest de pijpfitter de juiste flenzen en plaatst deze het voorgeschreven pakkingmateriaal. Een instrumentatiefitter kan meer dan alleen pijpfitten, hij of zij kan de instrumentatie die aan het proces verbonden is ook fitten. Hieronder is informatie weergegeven over de werkzaamheden van een instrumentatiefitter en de verantwoordelijkheden die daar bij horen.

Instrumentatiefitten
Een instrumentatiefitter doet nauwkeuriger werk aan de meet en regelapparatuur die verbonden is aan de leidingen en apparaten die aanwezig zijn in de procesindustrie en olie en gasindustrie. Deze meet en regelapparatuur heeft onder andere te maken met de temperatuur, de flow, het niveau en de druk die in leidingen en aanverwante apparatuur aanwezig is. Deze meet en regelapparatuur wordt gebruikt om de hiervoor genoemde aspecten van het proces te meten en te regelen. Dit moet nauwkeurig gebeuren omdat de gevolgen van een verkeerde meting zeer ernstig kunnen zijn in de olie en gasindustrie. Instrumentatiefitten is niet een beroep dat zich alleen richt op mechanische werkzaamheden. Veel van de meetsystemen en regelsystemen zijn elektronisch. Daar moet bij instrumentatiefitten rekening mee gehouden worden. Een ervaren instrumentatiefitter heeft daarom ook verstand van elektronica.

Fitten van leidingen
Daarnaast moeten leidingen aan de meet en regelsystemen worden gekoppeld. Hierbij komt ook fitwerk aan de orde. Dit zijn echter vaak kleinere leidingen dan de grotere transportleidingen die een pijpfitter aan elkaar bevestigd.  De kleinere leidingen moeten zeer nauwkeurig in de juiste bocht gebogen worden. Het is belangrijk dat de instrumentatiefitter de bocht in het juiste aantal graden maakt. De bocht kan vaak achteraf niet worden rechtgetrokken omdat de leidingen daarvoor te dun zijn. Het rechttrekken kan vaak wel gebeuren bij het grovere werk van een pijpfitter als het een kleine afwijking betreft.

Een instrumentatiefitter voert nauwkeurige werkzaamheden uit. En moet zelfstandig aan de hand van tekeningen een leidingwerk aanleggen en hierin de voorgeschreven koppelingen maken. Daarnaast moet een instrumentatiefitter in staat zijn om zijn eigen werk te controleren op fouten. Wanneer er fouten of problemen ontstaan moet een instrumentatiefitter in staat zijn deze volgens de voorschriften veilig op te lossen. Een instrumentatiefitter kan zelfstandig werken maar kan ook in teamverband worden ingezet.

Veiligheid in de petrochemie en gasindustrie
Instrumentatiefitters in de petrochemie en gasindustrie krijgen te maken met zeer brandbare en explosiegevoelige stoffen. Daarnaast staan de leidingen vaak onder hoge druk. Een instrumentatiefitter moet zijn of haar werkzaamheden zeer nauwkeurig uitvoeren en er voor zorgen dat er geen veiligheidsrisico’s ontstaan. Daarom krijgen instrumentatiefitters regelmatig nieuwe veiligheidsinstructies en veiligheidstrainingen. Een instrumentatiefitter moet in zijn of haar dagelijkse werkzaamheden de veiligheidsinstructies nauwgezet opvolgen.

Wat doet een pijpfitter?

Pijpfitters onderhouden en installeren pijpleidingen en sluiten deze aan op apparaten. Een pijpfitter kan te maken krijgen met pijpen van verschillende diameters en wanddiktes. De diameter en wanddikte van een pijpleiding is van een aantal factoren afhankelijk. Deze worden bepaald door onder andere de vloeistoffen of de gassen die er doorheen worden getransporteerd. De druk die op de leiding staat en de hoeveelheid gas of vloeistof die moet worden getransporteerd in een bepaalde tijd is ook van belang bij het bepalen van de doorsnede en de wanddikte van de leiding. Daarnaast hebben vloeistoffen en gassen invloed op de leiding en moeten leidingen in de(petro)chemische sector van hoogwaardig metaal worden vervaardigd om corrosie en oxidevorming tegen te gaan. Ook aan de manier waarop pijpen aan elkaar worden gefit zijn eisen gesteld. Een pijpfitter moet goed weten hoe hij leidingen aan elkaar bevestigt en welke veiligheidsaspecten daarbij aan de orde komen.

Werkzaamheden van een pijpfitter
Een pijpfitter voert werkzaamheden uit aan pijpen en pijpsystemen. De pijpfitter last pijpen aan elkaar vast of soldeert deze. Ook kan een pijpfitter flenzen aan de pijpen lassen zodat er flensverbindingen tot stand kunnen worden gebracht. Tussen de flenzen wordt vaak pakkingmateriaal aangebracht zodat een optimale dichting ontstaat tussen de twee flenzen.

Een pijpfitter maakt daarnaast pijpen op maat door ze de snijden of te zagen. Ook het buigen van bochten kan aan de orde komen. Hierbij moet de pijpfitter de bochten in de juiste graden buigen en daar komt vakmanschap bij kijken. Het maken van bochten en T-stukken wordt meestal op een speciaal daarvoor ingerichte werkplaats gedaan. Wanneer deze speciale vormen van te voren worden gefabriceerd spreekt men van prefab. Prefabricage heeft als voordeel dat men op het traject sneller kan fitten. Wanneer prefab niet mogelijk is moeten bochten tijdens het daadwerkelijke fitproces worden gemaakt. Dit kost meer tijd maar zorgt er meestal wel voor dat dat de bochten meteen in de juiste graden zijn gemaakt.

De juiste materialen om deze werkzaamheden uit te voeren moeten door de pijpfitter worden verzameld en hij moet weten hoe hij de gereedschappen correct moet gebruiken.  Een pijpfitter werkt vaak samen met een lasser. Hierbij zet de pijpfitter het traject uit van de leidingen en last de lasser de leidingen vervolgens aan elkaar vast.

Pijpfitters worden ook wel ingezet voor het beugelen van leidingen of het aanbrengen van een andere draagconstructie die er voor moet zorgen dat de leiding op de juiste plaats blijft zitten. In die positie is een pijpfitter een constructiebankwerker die ook moet boren, schroeven, lassen, verzekeren enzovoort. Veel pijpfitters hebben daarom in de basis verstand van de algemene metaalbewerkingstechnieken.

Pijpfitters zijn niet alleen aan het werk bij het aanleggen van nieuwe leidingen. Ook bestaande leidingen kunnen door ervaren pijpfitters op deugdelijkheid worden gecontroleerd. Pijpfitters zijn in die positie meer aan het werk als onderhoudsmonteurs. Hierbij kan gedacht worden aan het vervangen van leidingen het verhelpen van lekkage of het opnieuw aanbrengen van pakkingmateriaal.

Soorten leidingen die worden gefit
Er kunnen verschillende leidingen door een fitter aan elkaar worden verbonden. Dit is afhankelijk van het toepassingsgebied van de leidingen. Zo bestaan er leidingen die worden aangelegd voor pneumatische circuits. Pneumatische leidingen werken op luchtdruk. Hydraulische leidingen kunnen ook worden aangelegd, deze werken op oliedruk. Naast deze leidingen worden ook leidingen voor verwarming, stoom, water en koeltechniek aangelegd.

Flensverbindingen
Grote leidingen voor bijvoorbeeld de petrochemische sector worden aan elkaar bevestigd doormiddel van niet uitneembare verbindingen zoals lassen. Wanneer verbindingen wel uitneembaar moeten zijn spreekt men in de gasindustrie en petrochemische sector vaak over het koppelen van flenzen. Deze flenzen worden aan leidingen gelast. Omdat bij grote leidingen vaak met flenzen wordt gewerkt noemt men degenen die deze koppelingen leggen flensmonteurs. Flensmonteurs kunnen ook kleppen monteren zoals vlinderkleppen en keerkleppen in grote leidingen.