Waterstof transporteren via het aardgasnet in de toekomst?

Waterstof is volgens verschillende organisaties op de energiemarkt een belangrijke vervanger van aardgas. In plaats van aardgas als fossiele brandstof te gebruiken kan men beter een duurzaam verkregen waterstof inzetten. Er zijn verschillende voordelen te benoemen voor waterstof. Deze gasvormige stof kan namelijk worden geproduceerd. Daardoor kan waterstof in feite niet opraken. Daarnaast kan waterstof worden opgeslagen en getransporteerd.

Aardgasvrij wonen
Voor het transporteren van aardgas kan men mogelijk ook het netwerk van aardgasleidingen gebruiken dat reeds in Nederland aanwezig is. in Nederland wordt decennia lang gebruik gemaakt van aardgas. Dat zorgt er voor dat er een goed netwerk aan aardgasleidingen aanwezig is inclusief de bijbehorende installaties. De huidige installaties en aardgasleidingen zijn over een periode van zestig jaar opgebouwd en onderhouden. Dat betekent dat in de praktijk bijna alle gebouwen aangesloten zijn op aardgasleidingen behalve de nieuwbouwwoningen die aardgasvrij zijn gebouwd en aangesloten.

Fijnmazig netwerk
Volgens de beheerders van deze aardgasleidingen is het netwerk fijnmazig en bovendien in uitstekende en veilige conditie. Dat zorgt er voor dat er een waardevol systeem in de grond zit. Men heeft zichzelf terecht de vraag gesteld of dit leidingnetwerk in de toekomst misschien voor andere doeleinden kan worden gebruikt. Het transporteren van waterstof is dan heel interessant. Omdat waterstof volgens veel bedrijven in de installatietechniek de toekomst is zou het aardgasleidingnetwerk in de toekomst kunnen worden gebruikt voor het transport van waterstof.

Waterstofketel
Er zijn volgens experts een aantal kleine aanpassingen nodig om het huidige leidingnetwerk aan te passen voor waterstof. Aardgas is namelijk een andere soort gas dan waterstof. De energiewaarde van aardgas is anders en ook de dichtheid van het gas. Naast het aanpassen van het leidingnetwerk is het belangrijk dat ook de woninginstallaties worden aangepakt. Veel woninginstallaties hebben nog een standaard aardgasgestookte cv-installatie. Dat zal in de toekomst een waterstofketel moeten worden. Een waterstofketel heeft een ander verbrandingssysteem dan een aardgasgestookte cv installatie. Het aanpassen van de huidige cv-ketels naar een waterstofketel is vaak niet of nauwelijks mogelijk.

Wat is het rendement van verwarmingsbronnen?

Als men kijkt naar de verwarming van woningen dan is het rendement belangrijk. Het rendement van verwarmingsbronnen is in feite de hoeveelheid warmte die geproduceerd kan worden door een verwarmingssysteem uit een bepaalde brandstof. Hoe hoger het rendement hoe rendabeler het verwarmingssysteem is. Een rendabel verwarmingssysteem is niet per definitie een duurzame verwarmingssysteem. Een hr-ketel verstookt bijvoorbeeld aardgas om cv-leidingwater te verwarmen. Aardgas is een fossiele brandstof en daardoor niet een duurzame energiebron. In tegenstelling tot een conventionele cv-ketel of een (verbeterd rendement) vr ketel haalt de hr-ketel wel meer warmte uit aardgas. Het rendement van de hr-ketel ligt dus hoger dan de andere ketelsoorten. Een hre-ketel heeft een nog hoger rendement en wekt zelfs elektriciteit op doormiddel van een warmtekrachtkoppeling.

De afgelopen jaren zijn er verschillende soorten verwarmingssystemen toegevoegd en is de keuze voor consumenten en bedrijven enorm geworden. De verwarmingsbronnen zijn zo divers dat men gespecialiseerde bedrijven moet gaan inschakelen als men een duidelijke indruk wil krijgen van de specifieke eigenschappen van elk verwarmingssysteem. Niet elk verwarmingssysteem is namelijk toepasbaar in elke woning. Er moet naar oppervlakte, isolatie, materialen en andere aspecten worden gekeken. Als men alleen naar het rendement van verwarmingssystemen zou kijken dan geeft de opsomming in de volgende alinea een duidelijk verschil weer tussen de verwarmingsbronnen.

Verwarmingsbronnen en hun rendement
Hieronder staan verschillende soorten verwarmingsbronnen en daarbij is het rendement genoemd. Hoe lager het rendement hoe meer warmte verloren gaat tijdens het proces. In onderstaande lijst zie je duidelijk dat het verstoken van hout in een open haard het minste rendement oplevert. De installatie van een warmtepomp levert het meeste rendement op. Dit is echter niet overal mogelijk. Ook de kosten moeten goed in de gaten worden gehouden bij een beslissing voor een bepaalde verwarmingsbron. Zo heeft een hr-ketel een aanschafprijs van ongeveer 2000 euro maar een hre-ketel kost maar liefst 12.000 euro. Het loont zeker de moeite om uit te zoeken of een dergelijk verschil in aanschafprijs zich gaat terugverdienen.

  • Open haard 20 procent
  • Elektrische kachel 40 procent
  • Gaskachel 65 procent
  • Houtkachel 75 procent
  • Speksteen/ Tegelkachel 90 procent
  • CV/ VR ketel 92 procent
  • Pelletkachel 94 procent
  • Hr-ketel 107 procent%
  • Hre ketel (Micro WKK) 130 procent
  • Warmtepomp 600 procent

Wat is een hr-ketel, vr-ketel en een hr-combiketel?

Een hr-ketel is een hoog rendement centrale verwarmingsketel en wordt geplaatst in woningen met een aardgasgestookte cv-installatie. Hoewel een hr-ketel aardgas verstookt kunnen deze ketels toch een gunstig energielabel A krijgen. Dit heeft te maken met het rendement dat de hr-ketel uit aardgas haalt. Bij de verbranding van aardgas in de cv-installatie haalt de hr-ketel een hoger rendement dan de conventionele cv-ketel.

Vr-ketels
De hr-ketel levert ook nog een hoger rendement dan de vr-ketels. De vr-ketel is minder energiezuinig dan de hr-ketel hoewel de letters ‘vr’ staan voor verbeterd rendement.

Combiketels
De benaming combiketel is vrij algemeen. In feite zegt de term combiketel weinig over de energiezuinigheid van de ketel. Een combiketel is een cv-ketel waar ook een boiler bij geplaatst is. Deze boiler zorgt er voor dat er warm water uit de kraan komt. Een combiketel is energiezuiniger dan een losse boiler of geiser. Er zijn echter verschillende soorten combiketels die onder andere verschillen op het gebied van energiezuinigheid.

Vr-combiketels en hr-combiketels

Er zijn op dit moment nog vr-combiketels en hr-combiketels op de markt. De hr-combiketels zijn hoogrendementsketels met een boiler. De allernieuwste variant is de HRe-ketel. Dit is tevens ook de duurste combiketel en geschikt voor huishoudens vanaf 4 personen.

Wat kost vervangen van loden waterleidingen?

Het vervangen van loden waterleidingen uit woningen moet worden gedaan door een erkend installateur. Gemiddeld kost het vervangen van loden leidingen ongeveer 1400 euro per woning. Deze kosten zijn voor de eigenaar van de woning. Ook wanneer de woning verhuurd wordt zal de eigenaar van de woning de kosten voor het verwijderen van de loden leidingen moeten betalen. De meeste loden leidingen zijn aanwezig in oude woningen die voor 1945 zijn gebouw en geïnstalleerd door loodgieters. Ook in woningen die tussen 1945 en 1960 zijn gebouwd komen nog wel leidingen voor die van lood zijn gemaakt en gebruikt worden als drinkwaterleiding. Het is verstandig om deze leidingen te vervangen.

Is het verwijderen van loden leidingen verplicht?
Het laten verwijderen van loden leidingen is niet verplicht. Wel is duidelijk geworden uit onderzoek van de Gezondheidsraad dat het drinken van drinkwater uit loden leidingen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Met name voor jonge kinderen en ongeboren kinderen die nog in de baarmoeder zitten van zwangere vrouwen lopen een risico als ze met lood vervuild drinkwater drinken. Als een zwangere vrouw met lood vervuild drinkwater opdrinkt zal dat ook gezondheidsschade kunnen opleveren voor het nog ongeboren kind. Het verwijderen van loden leiding wordt daarom dringend aanbevolen vanuit de Gezondheidsraad maar ook vanuit de overheid.

De overheid gaat in 2019 mogelijk subsidies invoeren die er voor moeten zorgen dat eigenaren van woningen met loden waterleidingen deze zo spoedig mogelijk gaan vervangen. Daarnaast denkt de overheid nog na over andere maatregelen. Zo zou bij de verkoop en verhuur van woningen duidelijk moeten worden aangegeven of er loden leidingen in het gebouw aanwezig zijn.

Waterstofketel op groene, grijze en blauwe waterstof

De waterstofketel zou volgens sommige spelers in de installatiebranche wel eens de oplossing kunnen vormen voor het aardgasvrij wonen en bouwen. In dat geval moeten de cv-ketels die in woningen en utiliteit aanwezig zijn worden vervangen door waterstofketels. Het ombouwen van aardgasgestookte cv-ketels naar waterstofketels is technisch gezien wel mogelijk maar is tijdrovend en kostbaar. Daarom is vervanging van conventionele cv-ketels voor waterstofketels noodzakelijk. Dat is echter 1 aspect van deze energietransitie. Als men kiest voor waterstof als oplossing voor aardgasvrij wonen dan zal men ook moeten kijken naar de herkomst van waterstof. Daarvoor wordt waterstof in verschillende kleuren ingedeeld: groene waterstof, grijze waterstof en blauwe waterstof.

Groene waterstof
Waterstof komt niet voor in de natuur en moet geproduceerd worden. Dat kan op verschillende manieren waardoor je waterstof in meer en minder duurzame processen kunt verkrijgen. Om die reden zijn de benamingen groene, grijze en blauwe waterstof ontstaan. De meest duurzame productiemethode van waterstof is het proces dat men ook wel elektrolyse noemt. Elektrolyse kan men heel duurzaam laten plaatsvinden door gebruik te maken van duurzame elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen zoals windkracht en zonlicht. Als men deze ’groene’ energiebronnen gebruikt kan men ook ‘groene’ waterstof produceren.

Grijze waterstof
Als men waterstof gaat produceren uit koolwaterstoffen, waardgas en steenkool dan heeft men grijze waterstof. Bij de productie van grijze waterstof komen broeikasgassen vrij in de atmosfeer en daarmee is waterstof die op deze manier is verkregen niet ‘groen’ en niet duurzaam. In 2004 werd nog 90 procent van alle waterstof geproduceerd uit aardgas en koolwaterstoffen. Als men meer duurzame waterstof zou willen produceren moet men de productielocaties waarin men waterstof doormiddel van elektrolyse uit duurzame energiebronnen toepast vergroten.

Blauwe waterstof
Blauwe waterstof zit tussen grijze en groene waterstof in. in feite wordt blauwe waterstof geproduceerd op een manier waarop er CO2 vrij komt. Dat komt door verbranding van aardgas bijvoorbeeld. Alleen wordt de CO2 die vrij komt afgevangen en opgeslagen in bijvoorbeeld lege gasvelden. Blauwe waterstof kan door deze werkwijze klimaatneutraal worden omdat tijdens de productie van deze waterstof geen broeikasgassen vrijkomen in de atmosfeer. Echter worden deze broeikasgassen wel geproduceerd waardoor blauwe waterstof niet echt milieuvriendelijk is.

Groene waterstof heeft de voorkeur alleen wordt er veel te weinig groene waterstof geproduceerd om de gehele Nederlandse aardgasgestookte cv-installaties van groene waterstofketels te voorzien. Daarom moet de productie van groene waterstof aanzienlijk omhoog de komende tijd als Nederland van het aardgas af wil en duurzame waterstof wil gaan gebruiken.

Waterstof en energieopslag

Waterstof heeft molecule (H2) en komt in de natuur niet voor. Dat betekent dat waterstof geproduceerd moet worden. Dat kan op verschillende manieren gebeuren. Ongeveer 95% van alle waterstof die in de wereld wordt geproduceerd wordt gemaakt doormiddel van reforming van aardgas, steenkool of andere fossiele brandstoffen. Slechts 5% procent van de waterstof wordt geproduceerd doormiddel van elektrolyse. Reforming van aardgas en steenkool is niet Co2 neutraal en minder klimaatbewust dan elektrolyse. Echter moet voor elektrolyse veel elektriciteit worden aangewend. Daardoor is ook elektrolyse niet milieuvriendelijk tenzij men voor dit proces duurzame elektrische energie gebruikt die wordt opwekt door bijvoorbeeld zonlicht of windkracht.

Energiedrager waterstof
Waterstof is geen energiebron zoals windkracht en zonlicht. In plaats daarvan is waterstof een energiedrager, een brandstof die bijvoorbeeld gebruikt kan worden om woningen doormiddel van een waterstofketel te verwarmen. Dit proces kan klimaatvriendelijk worden wanneer men waterstof op een duurzame manier gaan produceren. Om die redenen kunnen waterstof en waterstofketels een nuttige bijdrage leveren aan de energietransitie. Het bijkomende voordeel van waterstof is dat deze als energiedrager ook kan worden gebruikt als energieopslag. Als men bijvoorbeeld te veel elektrische energie opwekt met windmolens en zonnepanelen zou men deze elektrische energie kunnen gebruiken om waterstof te produceren.

Energie opslaan

Dan zou men de energiedrager waterstof in de toekomst kunnen gebruiken als brandstof. Waterstof kan daardoor een deel van de energieopslag oplossen. Duurzame elektriciteit wordt omgezet in waterstof die veel beter is op te slaan dan zuivere elektrische energie. Enorme accu’s die elektrische energie kunnen opslaan zijn er wel maar zijn in de praktijk nog niet een bewezen effectieve oplossing voor het opslaan van elektrische energie. Eventueel zouden woningen kunnen worden uitgerust met brandstofcellen. Daardoor zou men waterstof ook kunnen gebruiken voor het opwekken van lokale elektriciteit. Zo kan waterstof worden gebruikt voor zowel elektriciteit als voor verwarming doormiddel van een waterstofketel.

Energietransitie
Het aardgasleidingnetwerk zou grotendeels gebruikt kunnen worden voor het transport van waterstof. Dat bespaard kosten en zorgt er voor dat de energietransitie snel zou kunnen plaatsvinden. Er zijn echter ook problemen die eerst moeten worden opgelost. Allereerst moet men op grote schaal waterstof gaan produceren en daarnaast moet men de huidige aardgasgestookte cv-ketels ombouwen tot waterstofketels. Dat laatste gaat veel tijd en geld kosten.

Wat is een waterstofketel?

Een waterstofketel is een centraleverwarmingsketel waarin waterstof wordt verbrand in plaats van aardgas. Waterstofketels kunnen een belangrijke rol spelen in het aardgasvrij bouwen en wonen in Nederland omdat deze ketels zijn aangesloten op het aardgasnetwerk maar geen gebruik maken van aardgas als brandstof. Waterstofketels hebben namelijk andere branders dan de standaard centraleverwarmingsketels waarin laagcalorisch aardgas wordt verstookt. Bovendien is het ook technisch mogelijk om op waterstof te koken.

Waterstof transporteren naar woningen
Dat betekent dat men in de toekomst geen aardgas meer nodig heeft en waterstof zou kunnen distribueren via het leidingnetwerk dat werd gebruikt voor aardgas. De infrastructuur van deze leidingen is in Nederland al aanwezig en dat bespaart kosten en enorm veel werk. Volgens experts in de installatiebranche zijn er geen grote kostbare aanpassingen nodig voor het aardgasleidingnetwerk om deze geschikt te maken voor waterstof.
Er zullen wel aanpassingen gemaakt moeten worden aan de cv-ketels. Een waterstofketel is noodzakelijk om waterstof te kunnen verbranden. Ook zijn er ketels ontwikkeld die waterstof en aardgas kunnen verbranden. Deze ketels worden steeds vaker in woningen geplaatst zodat men klaar is voor de toekomst als waterstof daadwerkelijk zal worden getransporteerd door de huidige gasleidingen.

Wat is waterstof?
Waterstof is een brandbaar en explosief gas en heeft voordelen ten opzichte van aardgas. Waterstof is namelijk geen fossiele brandstof zoals aardgas. Dat maakt deze brandstof voor cv-installaties duurzamer. Waterstof kan bovendien geproduceerd worden en kan daardoor praktisch niet op raken. In tegenstelling tot de zon, waterkracht en de wind is waterstof geen energiebron maar een energiedrager. De energie moet dus uit het waterstof worden gehaald. Voordat dit gebeurd moet waterstof worden geproduceerd. Waterstof kan uit aardgas worden gehaald maar daarbij komt CO2 dat is dus niet wenselijk als men de CO2 emissie wil reduceren.

Er zijn ook andere middelen om waterstof te verkrijgen bijvoorbeeld doormiddel van elektrolyse. Deze techniek wordt gebruikt om waterstof te winnen uit water. Doormiddel van elektrolyse wordt het water in waterstof en zuurstof gesplitst. Daarbij komt geen schadelijke uitstoot vrij maar er is wel een aanzienlijke hoeveelheid elektriciteit nodig om dit proces uit te voeren. Deze elektrische stroom moet duurzaam worden opgewekt uit energiebronnen zoals windkracht, waterkracht en zonlicht. Als men dat weet te realiseren kan met de productie van waterstof duurzaam maken.

Waterstofketel is geen aardgasketel
De gebruikelijke cv-ketels zijn in feite aardgasketels omdat er aardgas in wordt verstookt. Waterstofketels hebben een andere brander in de ketel. Dat zorgt er voor dat de huidige ketels grotendeels vervangen zullen moeten worden door waterstofketels of door ketels die waterstof en aardgas kunnen verstoken. Als men echter een waterstofketel gebruikt hoeft men de leidingen en radiatoren van de cv-installatie niet aan te passen. Deze onderdelen transporteren warm water en geven doormiddel van confectie de warmte af aan de omgeving. Het maakt dan feitelijk niet uit of dit warme water wordt gerealiseerd door een aardgasgestookte cv-ketel of een waterstofketel die wordt gebruikt als cv-ketel. In de toekomst zullen daardoor in steeds meer woningen verwarmingsinstallaties worden geplaatst die zijn voorzien van een waterstofketel of een gecombineerde ketel die aardgas en waterstof kan verstoken. Op die manier is Nederland klaar voor de energietransitie in de cv-installatie.

Wat is een veiligheidsventiel of veiligheidsklep?

Een veiligheidsventiel of veiligheidsklep is een beveiligingssysteem dat wordt aangebracht in een toevoerleiding van een apparaat en automatisch opent of sluit wanneer er in het systeem een bepaalde maximumwaarde van temperatuur of druk wordt overschreden. Het veiligheidsventiel zorgt er voor dat het (leiding)systeem niet beschadigd wordt door de opgebouwde druk door de druk (voor een deel) te laten ontsnappen. Het veiligheidsventiel zal bij een te grote druk een deel van het gas of de vloeistof laten ontsnappen uit het systeem. Men heeft het dan over het laten ontsnappen van het ‘drukopbouwende medium’. Ook kan het veiligheidsventiel er voor zorgen dat de toevoer van het medium wordt beperkt waardoor de druk afneemt.
Er worden in systemen verschillende soorten veiligheidskleppen. Deze worden in twee hoofdgroepen ingedeeld namelijk de automatische en gestuurde veiligheidskleppen. Het verschil tussen deze veiligheidskleppen wordt kort toegelicht:

  • Gestuurde veiligheidsventielen worden doormiddel van een alarm in een elektronische besturing geschakeld.
  • Automatische ventielen kunnen zelf de grootheid van een medium meten. Wanneer er sprake is van een overschrijding van de ingestelde grenswaarde zal de klep zich automatisch gaan sluiten. Een voorbeeld van een automatisch ventiel is het overdrukventiel.

Overdrukventiel
Een overdrukventiel is een automatisch ventiel dat zich opent wanneer er een drukverschil tussen een ingang en uitgang wordt gemeten die boven de ingestelde waarde komt. Er is dan sprake van een ‘over’ druk oftewel een teveel aan druk. Een overdrukventiel wordt vaak aangebracht om een systeem te beschermen. Wanneer er teveel druk ontstaat in bijvoorbeeld leidingsystemen bestaat de kans dat gedeelten van het systeem openbarsten of losbreken wanneer de druk niet weg kan komen. Dit is ook het geval bij drukvaten die aangebracht zijn in leidingsystemen. Uiteraard is het belangrijk dat er duidelijke regels worden gehanteerd voor het plaatsen en fabriceren van drukapparatuur. Hiervoor zijn Europese regels opgesteld in de PED-richtlijn (Richtlijn 97/23/EG) en de richtlijn m.b.t. drukvaten van eenvoudige vorm in Richtlijn 87/404/EEG.

Overstortventiel
In centrale verwarmingsinstallaties wordt ook gebruik gemaakt van een veiligheidsventiel. In die installaties heeft men het echter over een overstortventiel. In het overstortventiel is een veer geplaats die de klep gesloten houdt. Deze veer is afgesteld op een druk van drie bar. Wanneer de druk in de cv-leiding boven de drie bar uitkomt zal het overstortventiel er voor zorgen dat er een bepaalde hoeveelheid water uit de cv-leiding zal worden geloosd.
Als water wordt verwarmd zal het uitzetten. Zo zet water van 10 wanneer het verwarmt wordt tot 85 °C uit met ongeveer 3%. In eerste instantie zal de toegenomen druk in de cv-installatie worden opgevangen door een expansievat dat is aangebracht in de installatie. Wanneer het expansievat echter defect raakt dan zal de druk alsnog oplopen. Daarom is een overstortventiel als extra veiligheidsmaatregel aangebracht. Een overstortventiel kan op het riool wordt aangesloten zal men gebruik moeten maken van een trechter.

Wat is een expansievat van een centrale verwarming?

Een expansievat wordt gebruikt in een met vloeistof gevulde installatie om de drukveranderingen te beperken. Zo wordt een expansievat aangebracht in een centrale verwarmingsinstallatie. In een expansievat zijn twee compartimenten aanwezig. Deze compartimenten worden van elkaar gescheiden door een membraan. Van deze twee compartimenten staat één compartiment in contact met het systeem. Dit houdt in dat dit compartiment is gevuld met dezelfde vloeistof als in het systeem wordt gebruikt. In het geval van een centrale verwarming is één compartiment van het expansievat gevuld met cv-leidingwater. Het andere compartiment van het expansievat bevat een samengeperst gas.

Hoe werkt een expansievat?
Een expansievat is een drukvat. Het woord expansie maakt duidelijk dat er ook sprake is van het uitzetten van een stof. In dit geval kan een vloeistof uitzetten en zal dit uitzetten opgevangen moeten worden met een ander soort stof namelijk een gas. Een gas kan men namelijk comprimeren en een vloeistof niet. Het ene compartiment van het expansievat bevat daarom de vloeistof van het systeem en het andere compartiment een gecomprimeerd gas.
Als de druk in het systeem oploopt zal het membraam dat de twee compartimenten van elkaar scheid richting het gas verschuiven. Hierdoor neemt het volume in het systeem toe en wordt het gas samengeperst. Omdat het volume in het systeem toeneemt zal de druk in het systeem afnemen. De zogenaamde voordruk in het expansievat bedraagt 0,5 bar of 1 bar. Er zijn expansievaten met verschillende inhoud op de markt. De inhoud van een expansievat houdt verband met de waterinhoud of vloeistofinhoud van de installatie.

Waar worden expansievaten toegepast?
De meest bekende toepassing van expansievaten is de toepassing in cv-installaties. Een expansievat is een belangrijk onderdeel van een cv-installatie omdat het water in de centrale verwarmingsinstallatie regelmatig wordt verwarmd en vervolgens afkoelt door het in- en uitschakelen van de verwarming. De cv-ketel verwarmt het water van de cv-leidingen en is meestal gekoppeld aan een thermostaat of aan domotica.

Expansievat kapot
De wisselende temperaturen van het cv-leidingwater zorgt voor volumeverschillen en drukverschillen in de cv-installatie. Warm water zet namelijk uit. Het verschil in druk en volume wordt opgevangen door het expansievat. Als het drukverschil echter te sterk varieert door de veranderingen van de watertemperatuur dan kan het expansievat het drukverschil niet meer goed opvangen. Het is mogelijk dat het expansievat dan een kapot membraam krijgt. Dit kan men zelf controleren door met een hard voorwerp te tikken tegen de zijkanten van het vat. Als het goed is hoort men een verschil tussen het tikken tegen de bovenkant van het vat en de onderkant. Als dat niet het geval is zal er geen sprake zijn van twee gescheiden compartimenten. Overigens wordt er naast een expansievat meestal een tweede beveiliging aangebracht tegen overdruk. Dit is de ontlastklep oftewel het overstortventiel. Het overstortventiel is een veiligheidsventiel.

Vormgeving van het expansievat
Wanneer men denkt aan een expansievat dan denkt men meestal aan een rood cilindervormig vat dat naast een cv-ketel hangt. Dit vat is bevestigd aan een opvangsysteem dat aan de muur is vastgemaakt. Dit rode expansievat werd vlak na de Tweede Wereldoorlog ontwikkeld door Johan Wormmeester. Na de oorlog was er weinig geld beschikbaar en moesten technici goed nadenken over een goedkope en effectieve oplossing voor technische vraagstukken. Wormmeester dacht dat het ontwikkelen van een nieuwe mal behoorlijk veel geld zou kosten. Daarom had hij een goedkopere oplossing bedacht namelijk twee pannen op elkaar. Deze twee pannen werden tegen elkaar gehouden door een ring. In het midden van deze twee helften zit een rubberen membraan vastgeklemd. De bovenste helft van het expansievat is gevuld met het cv-leidingwater en de onderste helft met stikstofgas. Het water bovenste helft van het expansievat kan uitzetten wanneer de cv-ketel in werking treed. Het stikstofgas wordt dan in elkaar gedrukt. Wanneer de cv-ketel afslaat zal het membraan langzaam weer naar boven bewegen en zal het stikstof gas gaan uitzetten.

Wat is een ontluchtingssleutel?

Een ontluchtingssleutel is een klein handgereedschap dat wordt gebruikt om een radiator van een cv-installatie te ontluchten. Ontluchtingsleutels hebben verschillende vormen. De basisvorm is bevat een klein vleugeltje aan de bovenkant met een kleine vierkante uitsparing aan de onderkant. Er zijn echter ook varianten waarbij de ontluchtingssleutel is verbonden aan andere sleutels bijvoorbeeld een radiatorsleutel.

Toepassing van een ontluchtingssleutel
Door een radiator te ontluchten kan de lucht uit de radiator ontsnappen zodat er meer verwarmd water in de radiator kan stromen en de radiator meer warmte kan afgeven aan de omgeving. Als een radiator niet volledig warm wordt kan het dus betekenen dat er lucht in de radiator zit. In dat geval is een ontluchtingssleutel een handig gereedschap waarmee de lucht uit de radiator kan worden gehaald.

Een ontluchtingssleutel plaatst men op een ontluchtingsknop en vervolgens draait men deze open. Dit moet echter pas gedaan worden wanneer de kraan van elke radiator is dichtgedraaid. Het ontluchten van een radiator moet men echter voorzichtig doen. De radiatorsleutel moet langzaam een klein stukje linksom gedraaid worden totdat je de lucht hoort ontsnappen. Dit gaat meestal gepaard met een sissend geluid. Het is overigens verstandig om alle radiatoren te ontluchten wanneer men bijvoorbeeld een borrelende radiator heeft in de cv-installatie. Deze installatie is namelijk een gesloten systeem. Dat houdt in dat wanneer er in één radiator lucht zit er een grote kans is dat ook in andere radiatoren lucht zit. Deze zou men dan ook met een radiatorsleutel moeten ontluchten.

Door deze ontluchtingsknop open te draaien verdwijnt de lucht en wordt de radiator weer warm. Het laten ontsnappen van de lucht uit meerdere radiatoren zorgt er vaak wel voor dat de cv-ketel moet worden bijgevuld. De lucht moet namelijk wel vervangen worden door water en daarvoor is er vaak extra water nodig in de cv-leidingen en de radiatoren die hier op aangesloten zijn.

Wat is een radiatorsleutel of trapesiumsleutel?

Een radiatorsleutel is een handgereedschap dat door een installatiemonteur wordt gebruikt voor het indraaien en uitdraaien van ventielnippels en kraanstukken in radiatoren. Omdat deze sleutel voor ventielnippels wordt gebruikt noemt men een radiatorsleutel ook wel een ventielsleutel. Ook de benaming trapesiumsleutel wordt in de praktijk gebruikt door installatiemonteurs. Dit stuk handgereedschap is gemaakt van staal dat meestal vernikkeld is.

Toepassing radiatorsleutel
De radiatorsleutel past aan de binnenkant van de kraankoppelingen en fittingen. Hierin zitten namelijk twee nokken waar de trap (vandaar de naam trapesiumsleutel) van de sleutel tussen geplaatst kan worden. Meestal wordt een losse adapter bij de radiatorsleutel geleverd zodat de radiatorsleutel op een standaard ½” ratelsleutel gebruikt kan worden.

Verstelbare moersleutel
Eventueel kan men op de radiatorsleutel ook een steeksleutel of een verstelbare moersleutel plaatsen. Dan kan men de radiatorsleutel aandraaien of losdraaien. De radiatorsleutel heeft een getrapte vorm. Dit is niet voor niets want de getrapte vorm zorgt er voor dat één sleutel voor meerde koppelingen en maten kan worden gebruikt.

Inbussleutel
Veel koppelingen aan de binnenkant van kranen zijn overigens van vorm veranderd en bevatten een zeskantige uitsparing. In dat geval kan men een passende inbussleutel gebruiken. Dat maakt het voor de meeste klussers makkelijker omdat niet iedereen een radiatorsleutel in zijn of haar gereedschapskist heeft liggen.

Voordelen van een pelletketel ten opzichte van een gasgestookte cv-installatie

Pelletketels worden tegenwoordig steeds vaker toegepast in een centrale verwarmingsinstallatie. Soms verward men het begrip pelletketel wel met het begrip pelletkachel. Er is echter een verschil tussen een pelletketel en een pelletkachel. Een pelletketel maakt namelijk onderdeel uit van een cv-installatie en een pelletkachel kan meer worden beschouwd als een autonoom verwarmingssysteem zoals een houtkachel of openhaard alleen is een pelletkachel veel milieuvriendelijker. In deze tekst wordt echter een pelletketel van een cv-installatie vergeleken met een gasgestookte ketel van een cv-installatie.

Waarvoor worden ketels gebruikt in een cv-installatie?
In feite worden cv-ketels gebruikt voor het verwarmen van leidingwater van een cv installatie. Dit houdt in dat ketels brandstof verbranden zodat er hitte ontstaat waarmee het water van een cv-installatie kan worden verwarmd. Een ketel is een centraal punt waar het water wordt opgewarmd en waar vandaan het water naar de radiatoren wordt getransporteerd. In de radiatoren wordt de hitte van het opgewarmde water afgestaan aan de omgeving. Daardoor wordt de omgeving warmer maar het cv-leidingwater kouder.

Het afgekoelde cv-water stroomt weer naar de cv-ketel waar het water door de verbranding van een brandstof weer wordt verhit en naar de radiatoren wordt getransporteerd. Dit is een cyclisch en gesloten systeem. Echter de brandstof moet wel voortdurend toegevoerd worden. De duurzaamheid van de cv-installatie heeft met de brandstof te maken maar ook met het zogenaamde rendement dat de cv-installatie weet te behalen uit de brandstof. Er moet namelijk zo weinig mogelijk energie verloren gaan. Dit houdt in dat er een optimale warmteoverdracht moet plaatsvinden en zoveel mogelijk van de brandstof moet worden omgezet in energie. Juist deze aspecten zijn belangrijk als je een afweging wilt maken of je een pelletketel wilt gebruiken of een gasgestookte ketel.

Voordelen van een pelletketel
Het grote voordeel van een pelletketel is dat deze milieuvriendelijker is dan een gasgestookte ketel van een cv-installatie. Pelletketels verstoken houtpellets van kaprijpe bomen die als ze zouden verrotten evenzogoed CO2 zouden uitstoten. Daarom wordt een pelletinstallatie als redelijk energieneutraal beschouwd. Verder heeft een pelletketel een hoog rendement van wel 85 procent volgens de meeste leveranciers van dit verwarmingssysteem.

Een ander belangrijk voordeel is dat men niet afhankelijk is van een gasaansluiting (tenzij men nog op aardgas kookt). Veel woningen en utiliteitscomplexen zijn afhankelijk van een dergelijke aansluiting. Hierdoor zijn deze gebouwen altijd afhankelijk van de levering van aardgas en juist dat zal steeds moeilijker worden. Vooral nu het kabinet (terecht) heeft besloten om minder (laagcalorisch) aardgas te produceren uit de Groningse gasvelden komt er minder laagcalorische aardgas beschikbaar. De overheid staat nu voor de keuze of ze kopen hoogcalorisch aardgas over de grens en passen alle gas-verbruikende installaties aan of ze gaan mensen stimuleren om meer alternatieve verwarmingssystemen en brandstoffen te gebruiken. In dat laatste geval zullen pelletketels, biomassaketels en pelletkachels alleen maar meer worden gebruikt.

Verder zorgen ook de doelstellingen met betrekking tot de CO2 reductie er voor dat pelletkachels populairder of zelfs noodzakelijker worden. Dat heeft tot gevolg dat overheden doormiddel van subsidies er alles aan zullen doen om pelletkachels en pelletketels zo goedkoop mogelijk te maken van consumenten. Het belangrijkste nadeel van pelletketels is namelijk dat ze nog relatief nieuw op de markt zijn en daardoor redelijk prijzig zijn. Ook moet men er rekening mee houden dat er voortdurend nieuwe houtpellets moeten worden aangevoerd. Dat kan logistieke problemen met zich meebrengen. Een bigbag pellets moet ook geleverd kunnen worden en dat vereist transport. Als al deze drempels worden overwonnen en pelletketels meer worden ingeburgerd in de verwarmingstechniek zullen steeds meer mensen kiezen voor een pelletketel.

Wat is een pelletketel of biomassaketel?

Pelletketels of biomassaketels zijn onderdelen van een centraal verwarmingssysteem oftewel een cv-installatie. De meeste cv-installaties werken op aardgas en zijn daarvoor voorzien van een gasgestookte cv-ketel. Er bestaan echter ook ketelsystemen die geen aardgas verbranden maar biomassa. Om die reden spreekt men van een biomassaketel. De benaming pelletketel is afgeleid van houtpellets of andere pellets die gemaakt zijn van cellulose en worden gebruikt als brandstof in verwarmingssystemen.

Pelletketels zijn milieuvriendelijk
Omdat pelletketels als milieuvriendelijker worden beschouwd dan de reguliere gasgestookte cv-ketels worden pelletketels steeds populairder. Vooral nu men tracht woningen en bedrijfspanden (utiliteit) gasvrij te maken worden pelletketels steeds vaker toegepast als verwarmingssysteem in nieuwbouwwoningen en utiliteitscomplexen.

Brandstoffen voor pelletketels
Pelletketels worden net als pelletkachels gestookt met pellets die gemaakt zijn van natuurlijke materialen. Over het algemeen worden in pelletketels houtpellets verstookt. Dit zijn pelletkorrels die gemaakt zijn van houtpoeder dat afkomstig is van kaprijpe bomen. Eventueel kunnen ook houtsnippers worden gebruikt en andere plantenresten zoals artisjokresten, olijfpitten, stro en miscanthus. Over het algemeen is de beschikbaarheid en het rendement van andere cellulose pellets minder gunstig dan het rendement van houtpellets daarom wordt in de praktijk vaak gekozen voor houtpellets als brandstof voor pelletketels.

Hoe werkt een pelletketel?
De pellets worden in het reservoir van de pelletketel gebracht. Vanuit dit pelletreservoir worden de pellets doormiddel van een wormschroef in de haard gebracht. Daar worden de pellets verbrand en word de warmte overgebracht op het cv-leidingwater.

Pelletketels geven niet direct warmte af aan de omgeving in plaats daarvan wordt de warmte die ontstaat door de verbranding van pellets afgegeven op het leidingwater van de centrale verwarmingsinstallatie. Dit warme water wordt vervolgens getransporteerd naar de radiatoren die zijn aangesloten op de cv-leidingen.

Pelletketel of pelletkachel
Naast pelletketels zijn er ook pelletkachels. In tegenstelling tot een pelletketel geven pelletkachels wel direct warmte aan de omgeving af. Pelletkachels worden niet gebruikt voor het verwarmen van cv-leidingwater. In plaats daarvan worden pelletkachels gebruikt als lokale verwarming van de ruimte waarin ze zijn geplaatst. Pelletketels worden net als gasgestookte cv-ketels vaak in een aparte ruimte geplaatst die niet beslist verwarmd hoeft te worden zoals een bijkeuken of garage. Het is wel belangrijk dat de toevoer van pellets goed kan plaatsvinden bij een cv pelletketel omdat deze voortdurend pellets moet verbanden om de cv installatie in werking te houden. De overeenkomst een pelletkachel en pellet

Zijn pellets milieuvriendelijker dan andere brandstoffen?

Pelletkachels zijn populair. Steeds meer mensen overwegen om een pelletkachel te gebruiken als verwarmingsbron. Omdat pelletkachels nog niet echt ingeburgerd zijn als verwarmingssysteem stellen veel mensen vragen over deze nieuwe vorm van verwarming. Op internet zijn veel websites te vinden die het onderwerp pelletkachel behandelen. Naast pelletkachels heeft men het ook wel over pelletketels.

Pelletkachel of pelletketel
In feite is een pelletketel een biomassaketel die wordt gebruikt voor een centrale verwarmingsinstallatie. Daarom heeft men het ook wel over een pellet cv-ketel. Hierin worden houtpellets verstookt om vervolgens Cv-water te verwarmen. Dit water stroomt naar radiatoren in principe is dit hetzelfde systeem als een gasgestookte cv-installatie alleen wordt bij een pelletketel een ander type ketel gebruikt en een andere brandstof namelijk houtpellets. Pekketketels of biomassaketels worden naast verwarming ook wel gebruikt voor warm water. In dat geval spreekt men ook wel over een combisysteem.

Pelletkachels zijn het beste te vergelijken met houtkachels of een open haard. Dat komt omdat pelletkachels rechtstreeks warmte overbrengen op de omgeving net als een open haard. Wat hierbij opvalt is dat pelletkachels vooral efficiënt zijn in gebruik omdat het rendement zo hoog is van deze vorm van verwarming. Een hoog rendement zorgt er voor dat pelletkachels milieuvriendelijker zijn dan verschillende andere verwarmingsbronnen. Een pelletkachel is in ieder geval een stuk milieuvriendelijker dan een houtkachel of openhaard. Echter is een pelletkachel wel minder sfeervol.

Waarvan worden pellets gemaakt?
Pellets worden gemaakt van hout daarom noemt men pellets ook wel houtpellets. Deze houtpellets worden gemaakt van houtstof dat geproduceerd wordt van zogenaamde kaprijpe bomen. Wanneer kaprijpe bomen niet gekapt zouden worden maar gewoon in de natuur zouden blijven staan om weg te rotten zou er ook veel Koolstofdioxide uitgestoten worden. Dit komt omdat bij rottingsprocessen in de natuur ook een bepaalde hoeveelheid CO2 vrij komt. Volgens sommige berekeningen zou de CO2 die bij het rottingsproces vrijkomt gelijkwaardig zijn aan de CO2 die vrijkomt bij het verstoken van het hout in een houtkachel of openhaard.

Rendement van houtpellets
Het gaat natuurlijk om de warmte die vrijkomt bij het verstoken van hout. De verhouding tussen de hoeveelheid brandstof en de hoeveelheid warmte wordt ook wel rendement genoemd. Pelletmassa is hierbij een veel efficiëntere brandstof dan gewoon haardhout. Een pelletkachel of pelletketel zet ongeveer 85 procent van de energie uit hout om in warmte. Een open haard zet ongeveer 10 procent van de energie uit hout om in warmte.

Wat is een pelletkachel?

Pelletkachel is een benaming voor een type kachel waarin houtpellets worden verbrand om warmte te creëren. Pelletkachels worden meestal gebruikt voor het verstoken van houtpellets. Daarbij kan de pelletkachel worden gebruikt om lucht te verwarmen maar ook om het water van een centrale verwarmingsinstallatie te verwarmen. In dat laatste geval wordt de warmte die door de verbranding van houtpellets in de pelletkachel ontstaat overgedragen op de radiatoren. Pelletkachels die worden gebruikt voor cv-installaties hebben meestal een groter pelletreservoir dan palletkachels die voor de sfeer worden gebruikt. Er is echter een onderscheid tussen een pelletkachel en een pelletketel die wordt gebruikt voor een cv installatie. Dit onderscheid is in de volgende alinea beschreven.

Pelletketel
Als men een pelletkachel gebruikt voor een cv-installatie dan spreekt men over het algemeen over een pelletketel of een pellet cv-ketel maar de benaming biomassaketel wordt ook wel gebruikt. Net als bij een cv-ketel brengt de pelletketel de warmte niet rechtsteeks over op de omgeving maar wordt eerst cv-leidingwater verwarmt. Dit verwarmde water wordt vervolgens naar radiatoren getransporteerd. De radiatoren geven dan vervolgens de warmte af aan de omgeving. Pelletkachels geven warmte rechtstreeks af aan de omgeving en zijn daardoor vergelijkbaar met een open haard al is het systeem en het rendement anders.

Brandstof voor pelletkachels
Pelletkachels verbranden over het algemeen houtpellets maar ze kunnen ook worden gebruikt om andere producten van cellulose te verbanden zoals olijfpitten, artisjokresten, stro, en miscanthus. Omdat de verbrandingseigenschappen van deze andere cellulose-producten minder gunstig zijn dan die van houtpellets worden in de praktijk voornamelijk houtpellets gebruikt in pelletkachels. Er zijn ook bepaalde varianten van pelletkachels die geschikt zijn voor het verbranden van brandstoffen in korrelvorm. Hierbij kun je denken aan mais en pitten van bijvoorbeeld kersen en olijven. De meeste palletkachels die zijn uitgerust met een raam kijken wel een beetje op houtkachels alleen zijn ze wel veel minder sfeervol.

Hoe werkt een pelletkachel?
De werking van een pelletkachel is niet complex. De pelletkachel bevat een pelletreservoir die gevuld is met pellets die over het algemeen bestaan uit korrels van samengeperst hout (cellulose). Vanuit het pelletreservoir worden de pellets op een mechanische manier getransporteerd naar de vuurkorf. Dit gebeurd bijvoorbeeld doormiddel van een wormschroef die de pellets met een draaiende beweging naar de vuurkorf maalt.

In de vuurkorf is een gloeispiraal geplaatst die zorgt er voor dat de pellets worden aangestoken. Daarvoor moet ook de luchttoevoer gedoseerd worden geregeld. Pelletkachels zijn uitgerust met regeltechniek die er voor zorgt dat de aanvoer van de pallets en de luchttoevoer op elkaar zijn afgestemd. Dit regelsysteem is elektronisch en optimaliseert het verbrandingsproces en de veiligheid. Het regelsysteem bevat temperatuursensoren en druksensoren. Ook zorgt het regelsysteem er voor dat een zo hoog mogelijk rendement behaald.

Verder worden de rookgassen doormiddel van een ventilator via een rookkanaal naar buiten geblazen. Er zijn echter ook pelletkachels die geen ventilator bevatten. Deze werken bijvoorbeeld op basis van convectiewarmte en stralingswarmte waarbij er een bepaalde trek optreed. Dit effect is ook aanwezig in de schoorstenen van openhaarden.

Werking pelletketel
Pelletketels zijn meestal geplaatst in een garage of andere ruimte waarbij de pelletketel in feite dezelfde functie heeft als een cv-ketel. Alleen moet men er bij een pelletketel wel rekening mee houden dat er een grotere toestroom van pellets nodig is om de pelletketel effectief te gebruiken om een woning of ander gebouw te verwarmen met biomassa. In plaats van aardgas wordt in een biomassaketel of pelletketel houten pellets of houtsnippers verstookt om cv-leidingwater te verwarmen. De pelletketel zelf wordt hierbij niet heel erg warm omdat dit warmteverlies zou betekenen. Doelstelling van de pelletketel is het zo effectief mogelijk verbrandingswarmte overbrengen op het leidingwater van de cv-installatie. De daadwerkelijke verwarming van de woning vindt plaats doormiddel van radiatoren die gevuld zijn met het warme leidingwater dat afkomstig is van de pelletketel.

Rendement pelletkachel
Pelletkachels hebben meer rendement dan een traditionele houtkachel of openhaard. Veel fabrikanten van pelletkachels beweren dat ze een rendement hebben van 80-97%. Dit is een zeer hoog rendement waardoor pelletkachels een efficiënte en populaire verwarmingsinstallatie zijn. Ter vergelijking wordt in een openhaard maar 10 procent van de energie uit hout omgezet in warmte. De overige energie wordt omgezet in vuur en as. Uiteraard is het rendement wel afhankelijk van de manier waarop men met de pelletkachel of een pelletketel omgaat. Als men het regelsysteem op de juiste manier hanteert kan er een hoog rendement ontstaan en is een pelletkachel of pelletketel duurzamer en veiliger dan bijvoorbeeld een openhaard.

Vacatures in de installatietechniek nemen toe begin 2017

De bouwsector heeft het druk in Nederland. Het aantal nieuwbouwprojecten neemt toe ten opzichte van de economische crisis. Daarnaast is er een tekort aan beschikbare woningen in bepaalde delen van Nederland. Verschillende instanties hebben er voor gepleit dat er meer grond beschikbaar wordt gesteld door gemeenten om nieuwbouw te realiseren. Echter de bouwvergunningen of omgevingsvergunningen lopen vertraging op. Veel gemeenten doen er toch weken over om akkoord te geven voor een omgevingsvergunning. Als deze eenmaal gegeven wordt start de bouw van het project meestal na een maand of zes. Dan is er veel vraag naar bouwpersoneel waaronder installatiemonteurs.

Vraag naar installatiemonteurs neemt toe
Er is aan het begin van 2017 een duidelijke toenemende vraag naar installatiemonteurs. Steeds meer installatiebedrijven merken dat ze de toestroom aan projecten niet met hun eigen personeelsbestand kunnen afdekken. De loonlijst van veel installatiebedrijven is tijdens de crisisjaren vaak geslonken. Na de economische crisis hebben veel installatiebedrijven uitzendbureaus ingeschakeld om hen te helpen met het vinden van tijdelijke uitzendkrachten om de pieken op de bouw op te vangen. Inmiddels kan men in 2017 bijna niet meer spreken van pieken maar veel meer van een structurele toestroom van bouwprojecten.

Technische uitzendbureaus
De uitzendbureaus in de techniek worden voor veel installatiebedrijven een belangrijker partner in de oplossing van personeelsvraagstukken. Veel installatiebedrijven willen geen opdrachten weigeren en nemen daardoor in de praktijk vaak meer opdrachten aan dan ze met hun eigen personeel kunnen oplossen en afronden. Dit zorgt er voor dat er extra personeel moet worden gevonden. Ervaren installatiemonteurs zijn echter schaars. Toch weten ervaren technische uitzendbureaus vaak wel ervaren installatiemonteurs te vinden. Dit komt door het grote netwerk dat veel technische uitzendbureaus hebben opgebouwd. Tijdens de economische crisis hebben veel installatiemonteurs van hun werkgever te horen gekregen dat er te weinig werk was. Daarom hebben zij zich ingeschreven bij uitzendbureaus in de techniek. Het bestand van veel technische uitzendbureaus is hierdoor gegroeid en dat zorgt er voor dat ze sneller in de vraag naar personeel kunnen voorzien dan de installatiebedrijven zelf.

Vacatures in de installatietechniek
Zowel installatiebedrijven als uitzendbureaus publiceren vacatures op hun eigen websites. Daarnaast worden ook vacatures gepubliceerd op de zogenaamde jobboards en vacaturebanken. Deze vacatures kunnen zowel door installatiebedrijven zelf als door technische uitzendbureaus worden geplaatst. Soms zijn er daardoor dubbele vacatures te vinden op dezelfde vacaturebank of op hetzelfde jobboard. Dit kan in de praktijk voor verwarring zorgen.

Werk voor installatiemonteurs
Er is in ieder geval keuze voor veel installatiemonteurs. Niet elke vacature is echter geschikt voor elke installatiemonteur. Er moeten keuzes worden gemaakt. Sommige installatiemonteurs houden bijvoorbeeld van snel werken en zijn geschikt voor de woningbouw om meerdere ketels op een dag aan te leggen. Andere installatiemonteurs richten zich meer op het plaatsen van complexe en omvangrijke dikwandige ketelinstallaties in de industrie en utiliteit. De ene installatiemonteur is de andere niet. Daarom moeten installatiemonteurs maar ook uitzendbureaus en installatiebedrijven een duidelijke selectie maken. De juiste installatiemonteur moet op de juiste klus worden geplaatst. Dat vereist ook inzicht van de persoon die de installatiemonteur werft en selecteert. Deze persoon moet goed op de hoogte zijn van de installatietechniek en de vele facetten die binnen dit vakgebied aanwezig zijn.

Duidelijke vacatures in de installatietechniek
De vacature is een belangrijk middel om er voor te zorgen dat de juiste installatiemonteur gaat solliciteren op de baan. Daarom moet de vacature worden voorzien van de juiste informatie. Hierbij moet men niet alleen denken aan de gewenste opleidingen en certificaten. Men moet ook rekening houden met de gewenste werkervaring. Het is belangrijk dat men in de vacature eveneens noteert welke technische aspecten tijdens de werkzaamheden naar voren komen. Zo is het belangrijk om te noteren of het om dikwandig of dunwandig installatiewerk gaat. Ook is het nuttig om in de vacature te beschrijven of het een nieuwbouwproject is of renovatie.

Servicewerk vereist weer andere kwaliteiten dan het werken op een bouwlocatie. Daarom moet men in een vacature zo specifiek mogelijk zijn. Dit kan ver gaan. Sommige installatiemonteurs hebben bijvoorbeeld geen ervaring met het buigen van koperen buizen maar wel met flexibele buis. Deze monteurs kunnen daarom niet in renovatiewerk met koperen buizen werken. Als ze dat wel doen kan het vrij lang duren voordat de klus wordt afgerond omdat het buigen van bochten in koper niet eenvoudig werk is.

Daarnaast werkt men in de installatietechniek met verschillende soorten koppelingen zoals Mapress verbindingen en andere knelkoppelingen en schroefdraadverbindingen. De meeste installatiemonteurs hebben geen ervaring met alle koppelingen maar hebben in de praktijk vooral met een aantal specifieke koppelingen gewerkt. Het is belangrijk dat in een vacature duidelijk is omschreven wat van de installatiemonteur wordt verwacht en met welke koppelingen en leidingen hij of zij moet werken. Op die manier kan de juiste monteur voor de klus worden geselecteerd.

Wat is een convector?

Een convector is een warmtewisselaar die wordt gebruikt om warmte af te geven aan de omgeving waarin deze is geplaatst. Hierbij wordt gebruik gemaakt van convectie. Convectie is een mechanisme waarbij warmtestroming door verplaatsing van materiaal tot stand wordt gebracht. Dit proces vindt plaats doordat een verschil in temperatuur voor een verschil in dichtheid van materiaal zorgt.

Warme lucht en warm water stijgt op en koude lucht en koud water dalen naar beneden. Daarnaast treed er ook een drukverschil op. Convectors worden gebruikt in centrale verwarmingsinstallaties. Daarbij worden de convectors aangesloten op cv-leidingen die in contact staan met een centrale verwarmingsbron zoals een cv-ketel.

Convector of radiator
Men gebruikt in plaats van de benaming convector ook wel de benaming radiator. Toch is de benaming convector beter hoewel deze minder wordt gebruikt in de praktijk. De benaming radiator doet vermoeden dat er gebruik wordt gemaakt van radiatie of warmtestraling maar dat is feitelijk niet het geval. Er treden door het gebruik van een convector luchtstromingen op die de warmte door de ruimte verspreiden.

Daarom is de benaming convector meer van toepassing. In de praktijk gebruikt men vaak de term radiator als er sprake is van natuurlijke convectie en de term convector wordt gebruikt als er sprake is van gedwongen convectie. Gedwongen convectie vindt plaats als men met ventilatoren koude lucht laat aanzuigen door een convector en warme lucht weer in de ruimte laat blazen door hetzelfde systeem. Over het algemeen werkt gedwongen convectie beter. Daarvoor moet echter wel een ventilator en een luchtkanaal worden aangesloten op de convector.

Wat is centrale verwarming?

Centrale verwarming is een soort verwarmingssysteem waarbij men gebruik maakt van een centraal punt waar de warmte wordt opgewekt en vandaaruit wordt getransporteerd naar de verschillende ruimtes die men wil verwarmen. Hierbij maakt men gebruik van een medium dat geschikt is om warmte over te brengen. Dit medium is bijvoorbeeld water invloeibare vorm of water in de vorm van gas, namelijk stoom. Ook kan men gebruik maken van verwarmde lucht. Centrale verwarming wordt vaak afgekort met cv of cv-installatie.

Het water, stoom of gas wordt, nadat het centraal is op gewekt in bijvoorbeeld een cv ketel, getransporteerd doormiddel van leidingen naar een verwarmingselement dat geschikt is om warmte aan de omgeving af te geven. Deze verwarmingselementen worden ook wel warmtewisselaars genoemd, ze geven warmte af aan de omgeving.

Centrale verwarming voor woningen
Cv-installaties worden tegenwoordig nog veelvuldig toegepast in woningen al zijn er wel nieuwe systemen in ontwikkeling waardoor verwarming voor een groot deel buiten de woning wordt geregeld. Een centrale verwarming is op dit moment nog een effectief verwarmingssysteem om een woning comfortabel te verwarmen. Over het algemeen past men daarbij radiatoren toe als warmtewisselaar. Deze radiatoren zijn geplaatst aan de wanden of op de vloer in de vertrekken die verwarmt dienen te worden. De radiatoren zijn doormiddel van cv-leidingen verbonden aan het centrale punt waar het water voor de cv-leidingen wordt opgewarmd. Dit gebeurd in een centraleverwarmingsketel die ook wel een cv-ketel wordt genoemd.

Zodra het cv-leidingwater in de radiator de warmte aan de omgeving heeft afgedragen neemt ook de temperatuur van dit leidingwater af. Het koude water stroomt naar de onderkant van de radiator en wordt van daar uit doormiddel van een ander cv-leiding teruggevoerd naar de cv-ketel.  Bij de meeste cv-installaties staan de radiatoren parallel. Dit houdt in dat elke radiator een heengaande leiding heeft en een teruggaande leiding. Elke radiator kan afzonderlijk worden geregeld doormiddel van een radiatorkraan. In de cv-ketel wordt het water dat uit de teruggaande leiding opnieuw opgewarmd. Dit proces verloopt continue door. De cv-ketel treed in werking op basis van meet en regeltechniek. Deze techniek behoort tot de domotica van een woning. De temperatuur kan de woninggebruiker inregelen doormiddel van een thermostaat.

De daarop aangegeven temperatuur is de gemeten temperatuur daarnaast kan men de gewenste temperatuur invullen. Als de gemeten temperatuur lager is dan de gewenste temperatuur zal de cv-ketel worden ingeschakeld. Deze ketel zal vervolgens water gaan opwarmen. Daarbij wordt gas verbrand. De hitte van de brander waarmee het gas wordt verbrand verwarmd het water van de cv-installatie. Het water blijft in principe in een gesloten systeem waardoor het water telkens weer opnieuw wordt opgewarmd en er geen water uit het systeem raakt.

Buigen en buigtechniek voor buizen

Buigen is het vervormen van buizen door ze in een bepaalde hoek te vervormen. Het buigen van een buis lijkt eenvoudig maar dat is het niet. Veel buizen worden in de installatietechniek ter plekke in de juiste vorm gebogen. Hierbij kan je denken aan buizen die worden gebruikt voor een waterleidingnetwerk en een verwarmingsinstallatie. Door deze buizen wordt warm of koud water getransporteerd. De buizen worden over het algemeen aangebracht door installatiemonteurs. Het buigen van buizen op de werklocatie wordt ook wel buigen in het werk genoemd. Een andere mogelijkheid is het voor fabriceren van bochten die wordt ook wel prefab genoemd.

Prefab bochten maken
Het buigen van bochten in het werk wordt steeds minder toegepast. Het vereist namelijk veel vakkennis en inzicht om een buis in de juiste bocht te buigen. Daarnaast kost het verhoudingsgewijs veel tijd om buizen handmatig doormiddel van een buigblok of buigijzer in de juiste vorm te brengen. Daarom worden bochten steeds vaker prefab aangeleverd. Dit zijn voorgebogen buizen die door toeleveringsbedrijven worden geleverd op basis van bestelling aan installatiebedrijven. Niet alleen installateurs maken gebruik van voorgebogen buizen of prefab bochten ook andere bedrijven passen deze toe. Hierbij kan men denken aan bedrijven in de machinebouw, maar ook bedrijven in de olie-industrie en procesindustrie.

Toepassing van buiggereedschap
Als men buizen gaat buigen heeft men gereedschap nodig. Voor het buigen van kunststof installatiebuis kan men in principe een buigveer gebruiken. Dat is een eenvoudige veer die in de buis of om de buis wordt aangebracht voordat men de buis in de gewenste bocht gaat buigen. Dit buigen gebeurd met de hand. De buigveer zorgt er voor dat de buis niet gaat knikken.

Voor het buigen van metalen buizen kun je geen buigveer gebruiken. Voor metalen buizen moeten zwaardere gereedschappen worden toegepast. In ieder geval is een buigblok nodig, om een buikgblok wordt namelijk de buis heen gebogen. Daarnaast moet er ook gebruik worden gemaakt van een klemblok. Het klemblok houdt de buis op zijn plaats als de buis in het buigblok wordt gebogen. Er wordt tevens een geleider gebruikt, deze geleider volgt de buis tijdens het buigproces. Om te voorkomen dat een buis gaat knikken wordt een doorn toegepast. Deze wordt gebruikt om de buis rond te houden.

Verder wordt nog een zogenoemde plooienstrijker gebruikt. Deze wordt gebruikt om te voorkomen dat er rimpels oftewel plooien ontstaan aan de binnenkant van de buigbocht. De kans op rimpels is vooral aan de orde bij buizen met een kleine hartlijnstraal. Het is belangrijk dat de plooienstrijker goed wordt ingesteld anders ontstaan er toch rimpels op de bocht en zal ook de plooienstrijker kunnen beschadigen.

Problemen met het buigen van bochten
Het buigen van bochten is zoals eerder benoemd niet eenvoudig. Metalen en kunststoffen zijn altijd in bepaalde mate elastisch. Dit houdt in dat men na het buigen van de bocht nog een kleine vervorming zal merken. Het materiaal veert als het ware een beetje terug. Er komt veel inzicht bij kijken als men een bocht in de gewenste vorm brengt. Men moet de bocht iets verder doorbuigen dan de gewenste maat zodat de vervorming die door de vering ontstaat wordt opgevangen.

Naast het optreden van vering wordt de buitenkant van de buis dunner. Hierdoor wordt de bocht dunner en kan deze kapot scheuren. Ook kan er een knik ontstaan als men de bocht niet goed aanbrengt waardoor de bocht feitelijk onbruikbaar wordt. Aan de binnenkant kunnen rimpels of plooien ontstaan als men de plooienstrijker niet goed gebruikt. Daarom is het van belang dat men de gereedschappen die in de alinea “toepassing van buiggereedschap” zijn benoemt goed gebruikt.

Wat is het verschil tussen pijp en buis?

In de techniek maakt men gebruik van zowel pijp als buis. Over het algemeen zijn pijpen en buizen onderdelen van installaties of machines. Kortom het zijn slechts gedeeltes van een werktuigen of installaties. Zowel een pijp als een buis is een hol onderdeel met een cilindrische vorm. Buizen en pijpen worden gemaakt van verschillende metalen en metaallegeringen en kunnen op het gebied van afmetingen en wanddikte verschillen. Daarnaast bestaat en er ook nog verschillen tussen pijp en buis op algemeen gebied. Deze verschillen worden in de alinea’s hieronder duidelijk gemaakt.

Wat is pijp precies?
Een pijp is iets anders dan een buis. Veel leken weten dit niet maar monteurs in de installatietechniek en pijpfitters weten het verschil vaak wel. Allereerst is er het verschil in de maatvoering. De maat van een pijp is gebaseerd op de binnendiameter. Dit wordt ook wel de inwendige diameter genoemd en afgekort met de letters ID. Men zegt ook wel dat een pijp aan de binnenzijde is getolereerd.

De maatvoering van een pijp wordt over het algemeen nog aangegeven in Engelse inches. Deze maatvoering wordt ook wel Engelse duim genoemd en is precies 25,4 mm. Naast de maatvoering of maataanduiding is ook de buitenkant van de pijp minder nauwkeurig afgewerkt dan een buis. Vaak voelt een pijp ruw aan en als er sprake is van pijp van koolstofstaal dan is het goed mogelijk dat er wat vliegroest op aanwezig is. De buitenkant van een pijp kan een kleine afwijking vertonen op het gebied van rondheid en daarnaast kan ook de wanddikte (WD) een beetje afwijken. De binnenkant van een pijp is over het algemeen wel goed glad afgewerkt.

Er zijn verschillende soorten pijpen. Bekende soorten zijn stoompijp, vlampijp en gaspijp. Deze pijpen worden door pijpfitters en dikwandige installatiemonteurs gebruikt. Pijpen kunnen op verschillende manieren aan elkaar bevestigd worden. Men kan on-uitneembare verbindingen maken doormiddel van smeltlasverbindingen. Het TIG-lasproces en het autogeen lasproces worden nog regelmatig gebruikt voor deze verbindingen op de bouwlocatie. Men kan echter ook flenzen aanlassen zodat leidingen met flensverbindingen kunnen worden gemonteerd op locatie.

Een andere mogelijkheid is het snijden van schroefdraad op pijp. Hierdoor kunnen pijpen doormiddel van schroefdraadkoppelingen aan elkaar bevestigd of gefit worden. het snijden van schroefdraad gebeurd doorgaans op pijpen met een diameter tot drie inch.

Wat is een buis precies?
Een buis verschilt van een pijp. Allereerst is de wanddikte van een buis veel dunner dan de wanddikte van een pijp. Daardoor kun je op buis geen schroefdraad snijden. De buitenzijde van een buis is glad evenals de binnenkant. Een buis is een jonger product dan een pijp en de maatvoering is ook minder traditioneel. Men geeft de maat van een buis aan in millimeters. Daarbij meet men de buitenzijde (UD = uitwendige diameter) van de buis en hanteert deze als maatvoering, men zegt ook wel dat een buis aan de buitenzijde is getolereerd.

Verder is een buis in tegenstelling tot een pijp wel perfect rond. Pijpen worden met een andere methode aan elkaar bevestigd dan buizen. Bij buizen schuift men fittingen over de buis heen. Deze fittingen worden ook wel buisfittingen genoemd en zijn er in verschillende vormen en maten. Er kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van knelkoppelingen en knelverbindingen.

Tot slot is het belangrijk om te weten dat er in de praktijk nogal wat verwarring kan optreden met betrekking tot de afmetingen van een pijp of buis. Daarom is het belangrijk dat men bijvoorbeeld bij een aanvraag of bestelling duidelijk aangeeft wat voor afmetingen men wenst. Dan kan men het hebben over de binnendiameter, buitendiameter, wanddikte en een omschrijving geven van de zoals kwaliteit, finish etc. Ook de normen (EN en ASME) zijn van belang.