Wat kost vervangen van loden waterleidingen?

Het vervangen van loden waterleidingen uit woningen moet worden gedaan door een erkend installateur. Gemiddeld kost het vervangen van loden leidingen ongeveer 1400 euro per woning. Deze kosten zijn voor de eigenaar van de woning. Ook wanneer de woning verhuurd wordt zal de eigenaar van de woning de kosten voor het verwijderen van de loden leidingen moeten betalen. De meeste loden leidingen zijn aanwezig in oude woningen die voor 1945 zijn gebouw en geïnstalleerd door loodgieters. Ook in woningen die tussen 1945 en 1960 zijn gebouwd komen nog wel leidingen voor die van lood zijn gemaakt en gebruikt worden als drinkwaterleiding. Het is verstandig om deze leidingen te vervangen.

Is het verwijderen van loden leidingen verplicht?
Het laten verwijderen van loden leidingen is niet verplicht. Wel is duidelijk geworden uit onderzoek van de Gezondheidsraad dat het drinken van drinkwater uit loden leidingen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Met name voor jonge kinderen en ongeboren kinderen die nog in de baarmoeder zitten van zwangere vrouwen lopen een risico als ze met lood vervuild drinkwater drinken. Als een zwangere vrouw met lood vervuild drinkwater opdrinkt zal dat ook gezondheidsschade kunnen opleveren voor het nog ongeboren kind. Het verwijderen van loden leiding wordt daarom dringend aanbevolen vanuit de Gezondheidsraad maar ook vanuit de overheid.

De overheid gaat in 2019 mogelijk subsidies invoeren die er voor moeten zorgen dat eigenaren van woningen met loden waterleidingen deze zo spoedig mogelijk gaan vervangen. Daarnaast denkt de overheid nog na over andere maatregelen. Zo zou bij de verkoop en verhuur van woningen duidelijk moeten worden aangegeven of er loden leidingen in het gebouw aanwezig zijn.

Wat zijn messing knelkoppelingen en waar worden deze toegepast?

Knelkoppelingen worden ook wel knelfittingen genoemd. Deze koppelingen of fittingen worden gebruikt om gasleidingen en waterleidingbuizen aan elkaar te verbinden. Een koppeling of fitting is een uitneembare verbinding die wordt aangebracht zonder te lassen of te solderen. Knelkoppelingen worden veel in de installatietechniek gebruikt.

Waaruit bestaat een knelkoppeling?
Een knelkoppeling bestaat uit een aantal onderdelen.  Een deel van de knelkoppeling is een moer waarin binnenschroefdraad is aangebracht. Deze moer wordt om de buisvormige koppeling geschoven. Daarnaast is er een binnenring die aan twee kanten conisch loopt. Een knelkoppeling bevat één binnenring en twee moeren. De onderdelen van een knelkoppeling zijn van messing gemaakt. Eventueel kan men teflontape gebruiken tussen het schroefdraad zodat de knelkoppeling goed stevig dicht zit en er geen water meer uit de koppeling kan lekken.

Hoe wordt een knelkoppeling gemaakt?
De moer, de koppeling en de binnenring worden alledie om de buis heen geschoven. De buis wordt dus in de knelkoppelingonderdelen zelf geschoven. De buitenzijde van de koppeling bevat buitenschroefdraad en de moeren bevatten  binnenschroefdraad. Aan twee kanten van de koppeling worden de moeren aangedraait.  Als men de moeren rondom de koppeling  aandraait gaat de binnenring knellen tegen de buis. De binnenring snijd tijdens dit knellen in de wand van de koperen buis of stalen pijp. Hierdoor ontstaat een stevige knelverbinding.

Verschillende koppelingsstukken
De meest eenvoudige koppeling is een rechte koppeling die twee buizen of pijpen horizontaal in elkaars verlengde met elkaar verbind. Er zijn echter ook andere knelkoppelingen in bijvoorbeeld een hoek of in een T-stuk. Daarnaast zijn er ook verschillende diameters voor knelkoppelingen. Gangbare diameters zijn:  10, 12, 15, 22, 28 en 35 mm. De diameters 28 en 35 mm zijn dusdanig groot dat ze meestal niet bij een gangbare bouwmarkt verkrijgbaar zijn. Verder maakt men ook wel gebruik van verloopstukken om een bredere diameter te laten verlopen naar een kleinere diameter of andersom.

Van wat voor materiaal is een waterleiding gemaakt?

Waterleidingen worden aangelegd voor het transporteren van water. Over het algemeen bedoelt men met waterleidingen de waterleidingen die specifiek voor het transporteren van drinkwater zijn aangelegd. De drinkwaterleidingen bevinden zich in de grond, onder de vloer maar ook in woningen en utiliteit. Omdat waterleidingen drinkwater transporteren is het belangrijk dat het water zuiver blijft zodat mensen het zonder gezondheidsrisico’s kunnen drinken. In Nederland is voor het waarborgen van de kwaliteit en veiligheid van drinkwatervoorzieningen een speciale wet en een besluit opgesteld. Dit zijn de Waterleidingwet en het Waterleidingbesluit. Daarnaast is er de Kaderrichtlijn Water voor de drinkwaterbronnen.

Materialen voor waterleidingen
Waterleidingen kunnen gemaakt worden van verschillende materialen. Door de jaren heen zijn steeds weer nieuwe materialen ingevoerd. Voorbeelden van materialen die werden gebruikt zijn lood en asbestcement. Deze materialen mogen nu echter niet meer worden toegepast. Gegalvaniseerd staal werd ook wel toegepast maar tegenwoordig kiest men steeds vaker voor andere materialen. Verder gebruikte men vroeger ook veel koper voor de aanleg van waterleidingen. Tegenwoordig past men vooral kunststoffen toe zoals polyetheen (PE) en polyvinylchloride (PVC). In de volgende alinea’s is meer informatie weergegeven over de materialen die werden en worden gebruikt voor de vervaardiging van waterleidingen

Waterleidingen gemaakt van lood
Lood werd vroeger wel gebruikt voor waterleidingen. Tegenwoordig wordt lood echter niet meer gebruikt voor dit doel. Soms zijn in oude huizen en gebouwen nog loden leidingen aanwezig. De term loodgieter heeft zijn oorsprong uit de tijd dat men lood nog toepaste in de installatietechniek voor waterleidingen.

Lood gebruikt men niet meer voor waterleidingen omdat het materiaal gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Lood is een metaal dat langzaam oplost in water. Als water stilstaat in deze waterleidingen zal het loodgehalte in het water toe nemen. Ook kunnen er kleine deeltjes van de loden leiding loslaten en worden meegevoerd in het drinkwater. Dit gebeurd vooral als er in de leiding sprake is van snelle drukwisselingen. Hierdoor worden de deeltjes los gestoten van de leiding. Als men het water drinkt uit deze leidingen loopt men de kans op loodvergiftiging. Daarom liet men vroeger eerst even water uit de kraan lopen alvorens men daadwerkelijk het drinkwater ging opdrinken.

Tegenwoordig is er veel aandacht voor veiligheid en gezondheid. De gezondheidsrisico’s zijn beter bekend en daarnaast zijn er ook nieuwe materialen ontwikkelt waardoor het gebruik van lood voor waterleidingen niet meer nodig is en beter vervangen kan worden door andere materialen zoals kunststoffen. Lood is overigens niet alleen minder gezond, het is ook nog eens veel kostbaarder en duurder dan kunststof. Geen wonder dat lood niet meer mag gebruikt worden.

Waterleidingen van gegalvaniseerd staal
De loden waterleidingen werden in het verleden vervangen door leidingen die gemaakt zijn van gegalvaniseerd staal. Leidingen van gegalvaniseerd staal zijn stijver en vormvaster dan loden leidingen. Gegalvaniseerde leidingen zijn gemaakt van staal met een beschermend laagje zink er overheen. Dit zinklaagje zorgt er voor dat het staal onder de zinklaag niet gaat roesten. Gegalvaniseerde leidingen worden aan elkaar bevestigd door koppelstukken die een schroefdraadverbinding bevatten. Deze leidingen zijn minder duur in aanschaf dan leidingen die gemaakt zijn van koper en lood. Daarnaast zijn gegalvaniseerde leidingen robuust en sterk. Het plaatsen van gegalvaniseerde leidingen is echter wel kostbaar omdat een installatiemonteur veel werk moet verrichten met de schroefdraadverbindingen. Daarnaast zijn de leidingen vanwege de stijfheid en robuustheid minder nauwkeurig toe te passen en kan men het leidingnetwerk minder goed uitbreiden nadat het eenmaal is aangebracht. Ook in het gebruik van gegalvaniseerd staal in waterleidingen kunnen op den duur problemen ontstaan. Zo kan er oxide vormen vanuit het zink waardoor de leiding nauwer wordt.  Indien het zinklaagje is afgebroken of afgesleten kan er ook roest ontstaan waardoor de mechanische eigenschappen van de leidingen aanzienlijk achteruit gaan.

Waterleidingen van koper
Koper is een materiaal met gunstige eigenschappen. Dit metaal is redelijk flexibel en kan men daardoor goed in verschillende bochten buigen. Doormiddel van messing knelkoppelingen kan met koperen leidingen aan elkaar bevestigingen. Daarnaast kan men koperen leidingen ook solderen. Hierbij maakt men gebruik van zogenoemde soldeerfittingen en soldeertin. Dit soldeertin mag voor drinkwaterleidingen echter geen lood bevatten. Koper is echter wel kostbaar materiaal waardoor men over het algemeen toch voor andere materialen kiest zoals hieronder is beschreven.

Kunststof waterleidingen
Kunststof is al jaren populair in de bouw. Verschillende materialen zijn door de jaren heen door kunststoffen vervangen. Hierbij kan men denken aan houten kozijnen, boeidelen maar ook aan leidingen. Kunststof leidingen worden over het algemeen gemaakt van polyvinylchloride (PVC) en polyetheen (PE). Deze leidingen zijn niet heel kostbaar in aanschaf en daarnaast kunnen ze redelijk eenvoudig aan elkaar worden bevestigd. Kunststof waterleidingen worden onder andere doormiddel van spiegellassen aan elkaar verbonden. Hierbij worden de uiteinden van de kunststof leiding tegen een gloeiende plaat aan gedrukt. Deze gloeiende plaat wordt ook wel een spiegel genoemd vandaar de naam spiegellassen. De gloeiende plaat zorgt er voor dat de uiteinden van de kunststof leidingen gaan smelten. Als men deze gesmolten uiteinden tegen elkaar aan drukt ontstaat een verbinding na het uitharden van het gesmolten kunststof. De uiteinden van kunststof leidingen worden ook wel stuiken genoemd vandaar dat de benaming stuiklassen ook wel wordt gebruikt voor dit verbindingsproces. Deze verbinding is echter niet uitneembaar. Kunststof leidingen worden ook wel met bepaalde lijmen aan elkaar bevestigd.

Wat is een installateur en met welke installaties kan een installateur werken?

Installateur is een beroep in de installatietechniek. Het is vrij algemene benaming voor verschillende vakgebieden die onder de installatietechniek vallen. Een installateur legt verschillende installaties aan in woningen, utiliteit en industrie. Het gaat hierbij met name om centrale verwarmingsinstallaties, HVAC-installaties, waterleidingen, sanitair en elektriciteit. Deze vakgebieden zijn tegenwoordig zo specialistisch dat installateurs vaak worden ingedeeld in het vakgebied waarin de desbetreffende monteur is gespecialiseerd. Hierdoor worden installateurs meestal in verschillende functies ingedeeld bij een installatiebedrijf. Hieronder zijn deze functies weergegeven en is kort benoemd welke werkzaamheden en installaties bij deze functies aan de orde komen.

  • CV monteurs voeren taken uit met betrekking tot het aanleggen en fitten van CV-leidingen, het plaatsen van radiatoren en CV-ketels.
  • Dikwandig CV monteurs plaatsen leidingen ten behoeve van grote CV-installaties voor utiliteit en industrie. Daarnaast plaatsen dikwandige CV monteurs grote CV-ketels. De dikwandige leidingen die aan deze installaties zijn verbonden worden gefit en gelast. Hierbij wordt gebruik gemaakt van autogeen lassen en daarnaast ook van TIG-lassen.
  • HVAC-monteurs plaatsen systemen met betrekking tot luchtbehandeling. Dit kunnen naast luchtverwarmingssystemen ook airconditioninginstallaties zijn ten behoeve van de verkoeling van de lucht.
  • Zinkwerkers plaatsen dakgoten, hemelwaterafvoer en ander zinkwerk rondom woningen en utiliteit.
  • Loodgieters zijn medewerkers die zich met name bezig houden met het plaatsen van gasleidingen en waterleidingen in woningen en utiliteit. De term loodgieter wordt nog wel gebruikt maar is verouderd omdat er geen lood meer gegoten word in de installatietechniek. Daarom worden loodgieters ook wel W-monteurs genoemd. De ‘W’ staat hierbij voor werktuigbouwkundige monteurs.
  • Elektromonteurs of elektriciens zijn verantwoordelijk voor de complete elektrische installatie van een woningen, utiliteit of industriële gebouwen. Elektromonteurs hebben hiervoor verschillende disciplines. Zo zijn er elektromonteurs die specifiek ervaring hebben in de woningbouw. Ook zijn er elektromonteurs die juist ervaring hebben in de industrie of utiliteit. Deze onderverdeling wordt gemaakt omdat de eisen en technische aspecten verschillen die aan deze installaties worden gesteld.
  • Meet- en regeltechnici zijn specialistische installateurs die gebouwbeheersystemen inregelen en storingen in deze systemen oplossen. Daarnaast houden meet- en regeltechnici zich bezig met het aanleggen van brandmeldinstallaties en inbraakbeveiligingsinstallaties. Hierbij komt naast bedrading ook elektrotechniek, elektronica en software aan de orde.

Installatiebedrijven kunnen zich op meerdere installatiesystemen richten. Daarom zijn binnen installatiebedrijven meestal verschillende monteurs aanwezig. Wanneer er een probleem aan een installatie ontstaan worden installatiebedrijven gebeld met het verzoek om een installateur. Het installatiebedrijf kan uit de aard van de storing of melding opmaken wat voor installateur ingezet moet worden om de installatie te repareren. De meeste installatiebedrijven zijn aangesloten bij de UNETO-VNI. Dit is de ondernemersorganisatie voor bedrijven uit de installatiebranche en de elektrotechnische detailhandel.

 

Wat is een loodgieter en waar komt de functienaam loodgieter vandaan?

Loodgieters zijn werkzaam in de bouw. Het beroep richt zich met name op het aanleggen en onderhouden van waterleidingen en riolering en het monteren en demonteren sanitair. Ook het aanleggen van verwarmingsinstallaties wordt vaak tot het takenpakket van een loodgieter gerekend. Een loodgieter is door dit brede takenpakket een allround vakman die goed op de hoogte moet zijn van verschillende installatiesystemen. Naast het aanleggen van deze systemen moet een loodgieter deze systemen ook onderhouden en storingen oplossen.

Waar komt de functienaam loodgieter vandaan?
Loodgieter is een oude functiebenaming. Deze functienaam stamt nog uit de tijd dat loodgieters nog daadwerkelijk lood moesten gieten. Dit gieten van lood werd gedaan om loden pijpen te gieten en loden stroken. Deze stroken van lood werden gebruikt om waterleidingen te repareren. Na de Tweede Wereldoorlog waren loodgieters in Nederland belangrijke vakmensen die hielpen om Nederland weer op te bouwen. Verschillende loodgieters zetten een eigen bedrijf op in dorpen en steden om aan de lokale vraag te kunnen voldoen. Er werden drie belangrijke eisen gesteld om een loodgietersbedrijf te mogen starten. De eerste eis was dat men over een middelstandsdiploma beschikte. Daarnaast moest de aankomend loodgieter over een vakdiploma beschikken en moest hij een bepaalde kredietwaardigheid hebben. Het vakdiploma voor loodgieters kon eventueel in een avondopleiding worden gehaald. Dit is het GAWALO-diploma en gemiddelde loodgieter had vier tot vijf jaar nodig om het diploma te behalen. GAWALO is een afkorting die staat voor GAsfitter, WAterfitter en Loodgieter.

Wat doen loodgieters tegenwoordig?
Tegenwoordig is de term loodgieter verouderd. Loodgieters hebben een veel breder takenpakket en gieten geen lood meer. Lood is giftig en de toepassing daarvan in waterleidingen is verboden. Zelfs de legering van het soldeertin dat wordt gebruikt voor waterleidingen moet volgens Europese richtlijnen vrij zijn van lood. Loodgieters leggen tegenwoordig nog steeds waterleidingen aan. Daarnaast plaatsen ze sanitair, verwarmingsinstallaties en alles wat daar bij hoort. Ook het aanleggen en fitten van gasleidingen wordt door loodgieters gedaan. Loodgieters zijn allround medewerkers op de bouw.

Is een loodgieter hetzelfde als een installatiemonteur?
Een loodgieter is een verouderde functienaam. In feite is een loodgieter een installatiemonteur. Wanneer in vacatures om een loodgieter wordt gevraagd bedoelen bedrijven vaak wel installatiemonteurs die ervaring hebben met het aanleggen en het fitten van leidingen. Ook het buigen van bochten en het aansluiten van bijbehorend sanitair wordt specifiek gekoppeld aan de functienaam loodgieter. De functienaam installatiemonteur is veel breder. Daaronder valt ook het aanleggen van verwarming en ketels ten behoeve van Cv-installaties. Een installatiemonteur is daardoor meer gericht op complete installaties en een loodgieter meer op leidingwerk. Deze scheidingslijn wordt in de praktijk niet overal toegepast. De termen loodgieter en installatiemonteur worden nog veel doorelkaar heen gebruikt. Daarom is het altijd verstandig om goed de functieprofielen en vacatures van bedrijven door te lezen. Per bedrijf kan het beeld van de functie ‘loodgieter’ verschillen.