Wat is basismetaal en wat zijn basismetaalproducten?

Het woord ‘basismetaal’ kan op verschillende manieren worden uitgelegd. De website technischwerken.nl kiest er voor om het woord ‘basismetaal’ als volgt te definiëren:

Een basismetaal is een metaal in een pure ongelegeerde en onvervuilde vorm.

Voorbeelden van basismetalen zijn ijzer, aluminium, koper, nikkel en zink. Deze basismetalen kunnen worden verwerkt in legeringen. Een voorbeeld van een bekende legering is staal. Staal is een legerig van koolstof en ijzer waarbij het koolstofgehalte verhoudingsgewijs laag is. Het koolstofgehalte is typisch minder dan 1,9%.

Basismetaalproducten
Als men producten vervaardigd uit basismetalen ontstaan basismetaalproducten. Men zou in deze context bepaalde halffabricaten als metaalproducten kunnen beschouwen. Men kan ook denken aan plaatwerk en profielen die men nog kan verwerken tot halffabricaten en producten. Aluminium profielen en buizen kunnen bijvoorbeeld worden verwerkt in constructies. Het aluminium profiel is dan het basismetaalproduct dat wordt verwerkt tot een fabricaat of halffabricaat.

Uitgangsmetaal of uitgangsmateriaal
In de verspanende techniek bewerkt men materialen zoals kunststoffen, hout en metalen tot producten en onderdelen van producten of machines. Het uitgangsmateriaal is dan het onbewerkte materiaal. Dit kan bijvoorbeeld gereedschapstaal zijn. Als men metalen gaat verspanen kan men ook wel spreken van uitgangsmetaal. Het uitgangsmetaal is dan in feite het uitgangsmateriaal dat wordt verspaand of op een andere manier wordt bewerkt.

Uit het uitgangsmateriaal of uitgangsmetaal ontstaat dus een product of een deel daarvan. In de verspanende techniek worden bijvoorbeeld lagers gedraaid die worden geplaatst in machines. Het materiaal dat men hiervoor gebruikt is altijd groter dan het product. Kortom het uitgangsmateriaal heeft een grotere diameter dan de as (of ander product) dat er uit gedraaid of gefreesd wordt.

Kun je brons of een bronslegering lassen?

Brons is een legering die bestaat uit koper en tin. Het grootste bestandsdeel van deze legering is koper aangevuld met een tingehalte van ongeveer 10 tot 30%. Een gietlegering van brons in combinatie met tin wordt aangeduid als: G Cu Sn 14. Hierbij staat de letter ‘G’ voor het feit dat het om een gietlegering gaat. De letters ‘Cu’ is het scheikundig symbool voor koper, in het Latijns Cuprum, atoomnummer 29. De letters ‘Sn’ vormen het scheikundige symbool van tin, in het Latijns ‘stannum’, atoomnummer 50.

De gietlegering heeft achter de letters ‘Sn’ het getal ‘14’ staan. Dit getal duidt het percentage tin aan ten opzichte van het koper. Omdat koper het eerste wordt genoemd in de legeringssamenstelling is dit het grootste bestandsdeel van de legering. Brons bestaat dus voor het grootste gedeelte uit koper aangevuld met een klein percentage tin.

Waarom wordt tin aan koper toegevoegd?
Tin wordt om verschillende redenen gelegeerd met koper. Koper is een vrij zacht materiaal door de toepassing van tin wordt het de legering met koper ongeveer twee keer zo hard. Daarnaast zorgt tin er voor dat het smeltpunt van de legering lager wordt. Hoe meer tin wordt toegevoegd hoe lager het smeltpunt. Gemiddeld ligt het smeltpunt van brons rond de 950°C (bij een legering van 85% koper en 15% tin) terwijl koper een smeltpunt heeft van 1083°C.

Tin zorgt er verder voor dat koper minder gassen opneemt zodat er tijdens het stollen minder luchtinsluitsels ontstaan. Daarnaast zorgt tin er in combinatie met koper voor dat er minder krimp optreed tijdens het afkoelen. Verder zorgt tin er voor dat de verhitte legeringsmassa een betere vloeibaarheid heeft waardoor de massa beter gegoten kan worden in verschillende vormen.

De lasbaarheid van brons
De toevoeging van tin zorgt voor belangrijke positieve eigenschappen van brons. Een nadeel van tin is echter dat dit metaal een ongunstige invloed heeft op een lasproces. Wanneer brons eenmaal is uitgehard is het materiaal taai en goed bestand tegen corrosie. Er ontstaat echter wel een oxidehuid die het materiaal beschermd tegen invloeden van buitenaf. Tin oxideert echter makkelijker dan koper en daardoor kan tinoxide tijdens het lassen in de las worden ingesloten. Dit is nadelig voor de sterkte van de las.

Verder zorgt tin er voor dat de gevoeligheid voor warmtescheuren met ongeveer 10 procent toeneemt. Omdat tijdens het lassen veel warmte wordt ingebracht om een smeltbad te creëren kunnen warmtescheuren ontstaan rondom het verwarmde metaal en het afgekoelde metaal.

Koper heeft echter ook nadelen die de lasbaarheid ongunstig beïnvloeden. Koper geleid warmte namelijk zeer goed dit warmtegeleidingsvermogen zorgt er voor dat de warmte ook snel weer wordt afgevoerd waardoor bindfouten kunnen ontstaan tijdens het lassen.

Ondanks deze nadelen kan men brons wel lassen. Men zal de eigenschappen van de legering echter wel goed in acht moeten nemen bij de keuzen van het lasproces.

Welke lasprocessen kan men gebruiken om brons te lassen?
Voor het lassen van brons kunnen verschillende lasmethodes worden gehanteerd. Over het algemeen past men MIG lassen en TIG lassen toe. Hierbij wordt gebruik gemaakt van inerte beschermgassen. Dit zijn gassen die geen reactie aangaan met zuurstof en andere stoffen in de omgeving. Door de toepassing van inerte gassen wordt de kans op de ontwikkeling van oxide tijdens het lasproces verkleind. Het beschermgas dat tijdens brons lassen over het algemeen worden gebruikt is argon of een combinatie van argon en helium. Naast MIG en TIG lassen kan ook elektrodelassen worden toegepast maar dit gebeurd bijna nooit.

Lasdraad voor brons lassen
Het lassen van brons vereist niet alleen een speciale lasmethode en beschermgas, ook aan de lasdraad van brons worden eisen gesteld. Deze lasdraad moet namelijk passen bij het materiaal dat gelast moet worden. Brons bestaat hoofdzakelijk uit koper en tin. Daarom wordt bij het lassen van brons speciaal brons lasdraad toegepast. Er zijn die varianten brons lasdraad:

  • CuSn,
  • CuSn6
  • CuSn12

De legering CuSn12 wordt over het algemeen gebruikt bij het verrichten van laswerkzaamheden aan bronzen producten die zijn gegoten. Dit komt omdat deze legeringen over het algemeen een percentage van ongeveer 12 procent tin bevatten. De overige twee lasdraden worden gebruikt bij het lassen van koper en lagerbrons. Hierbij zorgt tin als element in de samenstelling voor gunstiger mechanische waarden zoals loop eigenschappen en een beter vloei van de las tijdens het lasproces.

Wat zijn messing knelkoppelingen en waar worden deze toegepast?

Knelkoppelingen worden ook wel knelfittingen genoemd. Deze koppelingen of fittingen worden gebruikt om gasleidingen en waterleidingbuizen aan elkaar te verbinden. Een koppeling of fitting is een uitneembare verbinding die wordt aangebracht zonder te lassen of te solderen. Knelkoppelingen worden veel in de installatietechniek gebruikt.

Waaruit bestaat een knelkoppeling?
Een knelkoppeling bestaat uit een aantal onderdelen.  Een deel van de knelkoppeling is een moer waarin binnenschroefdraad is aangebracht. Deze moer wordt om de buisvormige koppeling geschoven. Daarnaast is er een binnenring die aan twee kanten conisch loopt. Een knelkoppeling bevat één binnenring en twee moeren. De onderdelen van een knelkoppeling zijn van messing gemaakt. Eventueel kan men teflontape gebruiken tussen het schroefdraad zodat de knelkoppeling goed stevig dicht zit en er geen water meer uit de koppeling kan lekken.

Hoe wordt een knelkoppeling gemaakt?
De moer, de koppeling en de binnenring worden alledie om de buis heen geschoven. De buis wordt dus in de knelkoppelingonderdelen zelf geschoven. De buitenzijde van de koppeling bevat buitenschroefdraad en de moeren bevatten  binnenschroefdraad. Aan twee kanten van de koppeling worden de moeren aangedraait.  Als men de moeren rondom de koppeling  aandraait gaat de binnenring knellen tegen de buis. De binnenring snijd tijdens dit knellen in de wand van de koperen buis of stalen pijp. Hierdoor ontstaat een stevige knelverbinding.

Verschillende koppelingsstukken
De meest eenvoudige koppeling is een rechte koppeling die twee buizen of pijpen horizontaal in elkaars verlengde met elkaar verbind. Er zijn echter ook andere knelkoppelingen in bijvoorbeeld een hoek of in een T-stuk. Daarnaast zijn er ook verschillende diameters voor knelkoppelingen. Gangbare diameters zijn:  10, 12, 15, 22, 28 en 35 mm. De diameters 28 en 35 mm zijn dusdanig groot dat ze meestal niet bij een gangbare bouwmarkt verkrijgbaar zijn. Verder maakt men ook wel gebruik van verloopstukken om een bredere diameter te laten verlopen naar een kleinere diameter of andersom.

Van wat voor materiaal is een waterleiding gemaakt?

Waterleidingen worden aangelegd voor het transporteren van water. Over het algemeen bedoelt men met waterleidingen de waterleidingen die specifiek voor het transporteren van drinkwater zijn aangelegd. De drinkwaterleidingen bevinden zich in de grond, onder de vloer maar ook in woningen en utiliteit. Omdat waterleidingen drinkwater transporteren is het belangrijk dat het water zuiver blijft zodat mensen het zonder gezondheidsrisico’s kunnen drinken. In Nederland is voor het waarborgen van de kwaliteit en veiligheid van drinkwatervoorzieningen een speciale wet en een besluit opgesteld. Dit zijn de Waterleidingwet en het Waterleidingbesluit. Daarnaast is er de Kaderrichtlijn Water voor de drinkwaterbronnen.

Materialen voor waterleidingen
Waterleidingen kunnen gemaakt worden van verschillende materialen. Door de jaren heen zijn steeds weer nieuwe materialen ingevoerd. Voorbeelden van materialen die werden gebruikt zijn lood en asbestcement. Deze materialen mogen nu echter niet meer worden toegepast. Gegalvaniseerd staal werd ook wel toegepast maar tegenwoordig kiest men steeds vaker voor andere materialen. Verder gebruikte men vroeger ook veel koper voor de aanleg van waterleidingen. Tegenwoordig past men vooral kunststoffen toe zoals polyetheen (PE) en polyvinylchloride (PVC). In de volgende alinea’s is meer informatie weergegeven over de materialen die werden en worden gebruikt voor de vervaardiging van waterleidingen

Waterleidingen gemaakt van lood
Lood werd vroeger wel gebruikt voor waterleidingen. Tegenwoordig wordt lood echter niet meer gebruikt voor dit doel. Soms zijn in oude huizen en gebouwen nog loden leidingen aanwezig. De term loodgieter heeft zijn oorsprong uit de tijd dat men lood nog toepaste in de installatietechniek voor waterleidingen.

Lood gebruikt men niet meer voor waterleidingen omdat het materiaal gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Lood is een metaal dat langzaam oplost in water. Als water stilstaat in deze waterleidingen zal het loodgehalte in het water toe nemen. Ook kunnen er kleine deeltjes van de loden leiding loslaten en worden meegevoerd in het drinkwater. Dit gebeurd vooral als er in de leiding sprake is van snelle drukwisselingen. Hierdoor worden de deeltjes los gestoten van de leiding. Als men het water drinkt uit deze leidingen loopt men de kans op loodvergiftiging. Daarom liet men vroeger eerst even water uit de kraan lopen alvorens men daadwerkelijk het drinkwater ging opdrinken.

Tegenwoordig is er veel aandacht voor veiligheid en gezondheid. De gezondheidsrisico’s zijn beter bekend en daarnaast zijn er ook nieuwe materialen ontwikkelt waardoor het gebruik van lood voor waterleidingen niet meer nodig is en beter vervangen kan worden door andere materialen zoals kunststoffen. Lood is overigens niet alleen minder gezond, het is ook nog eens veel kostbaarder en duurder dan kunststof. Geen wonder dat lood niet meer mag gebruikt worden.

Waterleidingen van gegalvaniseerd staal
De loden waterleidingen werden in het verleden vervangen door leidingen die gemaakt zijn van gegalvaniseerd staal. Leidingen van gegalvaniseerd staal zijn stijver en vormvaster dan loden leidingen. Gegalvaniseerde leidingen zijn gemaakt van staal met een beschermend laagje zink er overheen. Dit zinklaagje zorgt er voor dat het staal onder de zinklaag niet gaat roesten. Gegalvaniseerde leidingen worden aan elkaar bevestigd door koppelstukken die een schroefdraadverbinding bevatten. Deze leidingen zijn minder duur in aanschaf dan leidingen die gemaakt zijn van koper en lood. Daarnaast zijn gegalvaniseerde leidingen robuust en sterk. Het plaatsen van gegalvaniseerde leidingen is echter wel kostbaar omdat een installatiemonteur veel werk moet verrichten met de schroefdraadverbindingen. Daarnaast zijn de leidingen vanwege de stijfheid en robuustheid minder nauwkeurig toe te passen en kan men het leidingnetwerk minder goed uitbreiden nadat het eenmaal is aangebracht. Ook in het gebruik van gegalvaniseerd staal in waterleidingen kunnen op den duur problemen ontstaan. Zo kan er oxide vormen vanuit het zink waardoor de leiding nauwer wordt.  Indien het zinklaagje is afgebroken of afgesleten kan er ook roest ontstaan waardoor de mechanische eigenschappen van de leidingen aanzienlijk achteruit gaan.

Waterleidingen van koper
Koper is een materiaal met gunstige eigenschappen. Dit metaal is redelijk flexibel en kan men daardoor goed in verschillende bochten buigen. Doormiddel van messing knelkoppelingen kan met koperen leidingen aan elkaar bevestigingen. Daarnaast kan men koperen leidingen ook solderen. Hierbij maakt men gebruik van zogenoemde soldeerfittingen en soldeertin. Dit soldeertin mag voor drinkwaterleidingen echter geen lood bevatten. Koper is echter wel kostbaar materiaal waardoor men over het algemeen toch voor andere materialen kiest zoals hieronder is beschreven.

Kunststof waterleidingen
Kunststof is al jaren populair in de bouw. Verschillende materialen zijn door de jaren heen door kunststoffen vervangen. Hierbij kan men denken aan houten kozijnen, boeidelen maar ook aan leidingen. Kunststof leidingen worden over het algemeen gemaakt van polyvinylchloride (PVC) en polyetheen (PE). Deze leidingen zijn niet heel kostbaar in aanschaf en daarnaast kunnen ze redelijk eenvoudig aan elkaar worden bevestigd. Kunststof waterleidingen worden onder andere doormiddel van spiegellassen aan elkaar verbonden. Hierbij worden de uiteinden van de kunststof leiding tegen een gloeiende plaat aan gedrukt. Deze gloeiende plaat wordt ook wel een spiegel genoemd vandaar de naam spiegellassen. De gloeiende plaat zorgt er voor dat de uiteinden van de kunststof leidingen gaan smelten. Als men deze gesmolten uiteinden tegen elkaar aan drukt ontstaat een verbinding na het uitharden van het gesmolten kunststof. De uiteinden van kunststof leidingen worden ook wel stuiken genoemd vandaar dat de benaming stuiklassen ook wel wordt gebruikt voor dit verbindingsproces. Deze verbinding is echter niet uitneembaar. Kunststof leidingen worden ook wel met bepaalde lijmen aan elkaar bevestigd.

Wat zijn overgangsmetalen en welke overgangsmetalen zijn er?

Overgangsmetalen worden ook wel transitiemetalen óf nevengroepelementen genoemd. Deze groep elementen is ingedeeld in het D-blok van het zogenoemde periodiek systeem der elementen. Overgangsmetalen zijn beperkt aanwezig op aarde. Alleen het overgangsmetaal ijzer, aangeduid met symbool Fe, komt zeer veel voor op aarde. Dit komt omdat ijzer een stabiel element is. Veel overgangsmetalen zijn geschikt voor vormen het van coördinatieverbindingen. Dit komt omdat overgangsmetalen beschikken over vrije atoomorbitalen. Overgangsmetalen worden ook toegepast als katalysator in organische syntheses. Het aantal overgangsmetalen is zeer divers. In de techniek worden overgangsmetalen op verschillende manieren toegepast.

Welke overgangsmetalen zijn er?
Er zijn verschillende overgangsmetalen. Deze metalen worden onderverdeeld in vier groepen, deze groepen zijn als volgt:

  • 3D-overgangsmetalen van scandium tot zink
  • 4D-overgangsmetalen van yttrium tot cadmium
  • 5D-overgangsmetalen van hafnium tot kwik
  • 6D-overgangsmetalen van rutherfordium tot copernicium

Hieronder zijn de verschillende overgangsmetalen per groep benoemd. Hierbij wordt het symbool genoemd en het atoomnummer. Deze atoomnummers komen uit het D-blok van het periodiek systeem der elementen.

3D-overgangsmetalen

  • Scandium, symbool Sc en atoomnummer 21.
  • Titanium of titaan, symbool Ti en atoomnummer 22.
  • Vanadium, symbool V en atoomnummer 23.
  • Chroom of chromium, symbool Cr en atoomnummer 24.
  • Mangaan, symbool Mn en atoomnummer 25.
  • IJzer, symbool Fe (de afkorting is afkomstig van het Latijnse woord voor ijzer: ferrum) en atoomnummer 26.
  • Kobalt, symbool Co en atoomnummer 27.
  • Nikkel, symbool Ni en atoomnummer 28.
  • Koper, symbool Cu en atoomnummer 29.
  • Zink, symbool Zn en atoomnummer 30.

4D-overgangsmetalen

  • Yttrium, symbool Y en atoomnummer 39.
  • Zirkonium of zirkoon, symbool Zr en atoomnummer 40.
  • Niobium, symbool Nb en atoomnummer 41.
  • Molybdeen, symbool Mo en atoomnummer 42.
  • Technetium, symbool Tc en atoomnummer 43.
  • Ruthenium, symbool Ru en atoomnummer 44.
  • Rhodium, symbool Rh en atoomnummer 45.
  • Palladium, symbool Pd en atoomnummer 46.
  • Zilver, symbool Ag en atoomnummer 47.
  • Cadmium, symbool Cd en atoomnummer 48.

5D-overgangsmetalen

  • Hafnium, symbool Hf en atoomnummer 72.
  • Tantaal of tantalium, symbool Ta en atoomnummer 73.
  • Wolfraam, symbool W en atoomnummer 74.
  • Renium voorheen ook wel rhenium,  symbool Re en atoomnummer 75.
  • Osmium, symbool Os en atoomnummer 76.
  • Iridium, symbool Ir en atoomnummer 77.
  • Platina, symbool Pt en atoomnummer 78.
  • Goud, symbool Au en atoomnummer 79.
  • Kwik ook wel kwikzilver, symbool Hg (deze afkorting is afgeleid van van het Griekse hydrargyrum) atoomnummer 80.

6D-overgangsmetalen

  • Rutherfordium, symbool Rf en atoomnummer 104.
  • Dubnium, symbool Db en atoomnummer 105.
  • Seaborgium, symbool Sg en atoomnummer 106.
  • Bohrium,  symbool Bh en atoomnummer 107.
  • Hassium, symbool Hs en atoomnummer 108.
  • Meitnerium, symbool Mt en atoomnummer 109.
  • Darmstadtium, Ds en atoomnummer 110.
  • Copernicium (symbool Cn), werd in het verleden ook wel ununbium (symbool Uub) genoemd. Atoomnummer 112.

Wat is cunifer en waar wordt deze legering voor gebruikt?

Cunifer is een metaallegering die bestaat uit drie hoofdbestanddelen. De samenstelling van cunifer bestaat uit Cu (Koper) Ni (Nikkel) en Fe (IJzer). Deze samenstelling wordt ook wel aangeduid met CuNiFer. De naam cunifer is in feite een opsomming van de Latijnse naam van de verschillende bestandsdelen van de metaallegering:

  • Cuprum is het Latijnse woord voor koper. Het scheikundige symbool van dit element is Cu. Koper heeft een goede corrosiebestendigheid en is makkelijk verwerkbaar. Daarnaast heeft dit metaal een goede elektrische geleidbaarheid.
  • Nickel is het Latijnse woord voor nikkel. Dit elementen heeft als scheikundig symbool de letters Ni. Dit metaal is goed bestand tegen corrosie en heeft goede eigenschappen bij hoge temperaturen. Daarnaast zet nikkel bij hoge temperaturen nauwelijks uit en is het materiaal goed lasbaar.
  • Ferrum is het Latijnse woord voor ijzer. Dit materiaal is minder goed tegen corrosie bestand dan de hiervoor genoemde metalen. Door de toevoeging van een klein percentage koolstof ontstaat staal. Staal is zeer sterk en daarnaast goedkoop. Dit maakt het materiaal zeer geschikt voor constructies en werktuigen.

De onderlinge verhouding tussen de metalen waar cunifer uit bestaat verschilt.  De meest gebruikelijke verhouding tussen koper en nikkel in deze legering zijn Cu/Ni 90/10 of Cu/Ni 70/30. De onderlinge verhouding van de elementen waaruit de legering bestaat zorgt er voor dat cunifer over een unieke combinatie van zowel sterkte als corrosievastheid beschikt. Tot zover de beschrijving van de bestandsdelen van cunifer. Hieronder is in een alinea vermeld waar cunifer voor wordt gebruikt.

Waar wordt cunifer voor gebruikt?
Cunifer is door de samenstelling van de metaallegering goed bestand tegen corrosie. Zelfs na het lassen van cunifer is het materiaal goed bestand tegen corrosie. Deze corrosievastheid zorgt er voor dat cunifer wordt toegepast in een omgeving waar gemakkelijk corrosie kan ontstaan. Een voorbeeld van een corrosiegevoelige omgeving is een omgeving die blootgesteld is aan zeewater. Daarom wordt cunifer vaak toegepast in de maritieme sector bijvoorbeeld voor leidingsystemen en flenzen aan boord van schepen en jachten. Cunifer wordt ook gebruikt voor appendages, koelwatersystemen en brandblusinstallaties. Daarnaast wordt cunifer ook gebruikt voor warmtewisselaars en condensors.

Wat is koperslager en wat doen koperslagers?

Koperslagers zijn vakmensen die koper en andere zachte metalen bewerken die koud vervormbaar zijn. Zachte metalen zoals koper kunnen op verschillende manieren worden bewerkt. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan het knippen, zetten, buigen en felsen van dunne plaat. Koperslager is een oude ambacht die tegenwoordig niet veel meer wordt gebruikt. Net als een zinkwerker kunnen koperslagers ook worden ingezet voor het aanbrengen van dakbedekking. Koperslagers worden daarnaast ingezet voor het maken van sierlijke producten van koper zoals keukengerei. Hierbij werd gebruik gemaakt van een mal. De koper slager sloeg het koper om de mal heen in de gewenste vorm. Daar komt de naam koperslager vandaan.

Koperslager als oude ambacht
In het verleden was het beroep koperslager als ambacht bekender dan tegenwoordig. De meeste mensen weten niet wat een koperslager precies doet. Vroeger maakten koperslager veel verschillende producten. Hierbij gedacht worden aan de maken van melkbussen en melkemmers. Ook voor de maken van ketels werden in het verleden koperslagers ingezet. Koperslagers die ketels repareerden werden ook wel ketellappers genoemd. Een ketellapper maakte vroeger koperen ketels schoon en verrichtte hier reparaties aan. Door de industriële revolutie werd het beroep koperslager minder belangrijk. Verschillende machines werden gebruikt om koper in de gewenste vorm te persen of te walsen. Hierdoor kan koper tegenwoordig veel sneller in de juiste vorm gebracht worden.

Koper is een metaalsoort die goed koud vervormd kan worden. Daarnaast is koper in vergelijking tot materialen als zink of ijzer behoorlijk edel. Deze eigenschappen zorgden er voor dat vroeger koper veel werd gebruikt in uiteenlopende producten en installaties. Tegenwoordig wordt koper regelmatig vervangen door kunststoffen. Koper heeft echter wel een mooie warme uitstraling. Deze uitstraling maken het materiaal esthetisch aantrekkelijk. In luxe woningen, restaurants of utiliteit wordt daarom nog wel gebruik gemaakt van koper. Dit is dan met name voor delen van installaties die in het zicht zijn geplaatst. Het spreekt voor zich dat deze installaties vakkundig moeten worden aangebracht. De koperslagers van tegenwoordig zijn daarom nog steeds vakmensen.

Wat is messing of geelkoper en waaruit bestaat deze legering?

Messing is een legering van koper en zink. Deze legering wordt ook wel aangeduid met CuZn. Als messing in de vorm van folie wordt gebracht spreekt men ook wel over latoen of latoenkoper. Messing wordt ook wel aangeduid met de naam geelkoper. Deze naam heeft te maken met de kleur van messing, dit is een gele kleur die een beetje lijkt op de kleur van goud. De kleur van messing is geler dan koper. Ook brons heeft een andere kleur dan messing. Brons is een legering van koper en tin en is donkerder van kleur. De kleur van messing kan veranderen in de buitenlucht. Voordat het metaal zink was ontdekt gebruikte de mens al messing. Koper wordt door de mens gesmolten met calamiet, dit is een zinkerts. Tijdens het smelten van koper en calamiet in een smeltkroes mengt de zink zich direct met het aanwezige koper. Het gebruik van zinkerts is in dit legeringsproces noodzakelijk omdat zuiver zink te reactief is om doormiddel van de oude technieken te verwerken.

Verschillende soorten messing
Messing bestaat uit koper en zink. De eigenschappen van deze bestandsdelen van de legering versterken elkaar. Eventueel kan men ook andere elementen toevoegen zoals lood. Messing is waardevol materiaal omdat het beschikt over een goede hardheid. Daarnaast heeft messing ook uitstekende zelfsmerende eigenschappen. Vooral door de toevoeging van het element lood kan messing zeer goed worden verspaand. Om die reden wordt messing vaak in een draaibank of freesbank bewerkt tot een onderdeel van een machine ontstaat.

Er zijn verschillende messinglegering. Deze worden onderverdeeld in onderstaande drie soorten:

  • Alfamessing. Deze messinglegering bevat minder dan 40% zink Alfamessing is flexibel en het materiaal kan koud gesmeed of vervormd worden.
  • Bètamessing. Deze legering bevat meer zink in verhouding. Bètamessing kan alleen worden gesmeed als het heet is. Een voordeel van Bètamessing is dat het een harder en sterker materiaal is dan alfamessing.
  • Wit messing. Deze legering bevat verhoudingsgewijs veel zink. Het zinkpercentage van messing is meer dan 45 procent. Hierdoor is het materiaal erg bros om goed gebruikt te kunnen worden in producten.

Naast bovenstaande soorten messing zijn er verschillende messinglegeringen. De samenstelling van de ze legeringen is belangrijk voor de eigenschappen van het materiaal. Een metallurg heeft veel verstand van de eigenschappen van materialen en kan deze goed op elkaar afstemmen. Dit vakgebied heet metallurgie en behoort tot de metaaltechniek. De eigenschappen van de messinglegering zijn vervolgens weer belangrijk voor de mogelijkheden om de messing toe te passen in bepaalde producten.

Waar wordt messing voor gebruikt?
Messing wordt gebruikt voor de vervaardiging van verschillende producten. Zo wordt messing bijvoorbeeld gebruikt voor het maken van koppelingstukken voor de installatietechniek. Hierbij kan gedacht worden aan koppelingen voor waterleidingen. Ook T-stukken, hoekstukken, bochten en afsluiters kunnen van messing worden gemaakt. Bevestigingsmiddelen zoals bouten en moeren kunnen ook van messing worden gemaakt. Messing wordt daarnaast ook gebruikt in de woninginrichting en zelfs voor kogelhulzen. Het is goedkoper materiaal dan brons. Desondanks heeft messing wel een mooie uitstraling en is het materiaal dat niet roest.

Messing kan goed worden verwerkt. Het materiaal is goed verspaanbaar. Ook wanneer hoge toleranties vereist zijn kunnen uit messing zeer nauwkeurige producten worden vervaardigd. Voor seriematige productie op CNC draaibanken of freesbanken kan messing ook goed worden gebruikt. Messing kan goed worden gerecycled. Ongeveer negentig procent van alle messingproducten worden hergebruikt. Messingschroot wordt ingezameld en in een gieterij omgesmolten. Messing is namelijk een uitstekend materiaal om in een bepaalde vorm te gieten.