Wat is zicht installatie?

Zichtinstallatie of ‘installatie in het zicht’ is dat deel van een installatie dat visueel waarneembaar is na de afmontage en de ingebruikname van het gebouw. Deze definitie geeft Pieter Geertsma, de schrijver van Technischwerken, over zicht installatie. De term zicht installatie wordt onder andere gebuikt in de elektrotechniek en installatietechniek. Kenmerkend voor installatie die in het zicht hangt is dat deze installatie met een grotere nauwkeurigheid wordt aangebracht. Omdat de installatie zichtbaar is spreekt men ook wel van zichtwerk.

Zichtwerk is vakwerk
Niet elke elektromonteur of installatiemonteur kan zichtwerkkwaliteit leveren dat is in de meeste gevallen vakwerk vooral wanneer leidingen in bochten gebogen moeten worden en meerdere leidingen naast elkaar, boven elkaar en onder elkaar moeten worden geplaatst. In dat geval is de afstand tussen de leidingen van groot belang ook dienen de leidingen allemaal waterpas en dus recht gemonteerd te worden. Afwijkingen in de installatie vallen namelijk voor ervaren installatiemonteurs en elektromonteurs meteen op omdat ze deze kunnen zien.

Ook een leek ziet al snel of een installatie slordig en onnauwkeurig is gemonteerd of niet. Het is echter goed om te weten dat een installatie er slordig uit kan zien maar wel kan functioneren. Andersom is helaas echter ook mogelijk, sommige installaties lijken heel netjes op het gebied van maatvoering maar zijn niet goed aangesloten en werken ondeugdelijk. Als een zichtinstallatie er goed en nauwkeurig uitziet gaan de meeste mensen er echter al snel van uit dat de installatie ook wel goed en deugdelijk zal werken.

Zichtwerk in de installatietechniek en elektrotechniek kan daardoor vertrouwen scheppen in de kwaliteit van de monteur en het desbetreffende installatiebedrijf. Wanneer een installatiebedrijf aan een opdrachtgever wil aantonen hoever het bedrijf gevorderd is met het installatiewerk wordt er over het algemeen wat zichtwerk geplaatst.

Zichtwerk in elektrotechniek
Zowel in de elektrotechniek als in de installatietechniek wordt zichtwerk geplaatst. Zichtwerk in de installatietechniek ziet er echter wel heel anders uit dan zicht installatie in de elektrotechniek. Dit heeft te maken met het verschil in leidingen, appendages en in geval van elektrotechniek met contactpunten. In elektrotechniek werkt men over het algemeen met kunststof installatiebuis. Dit zijn de bekende gele buizen deze worden onder andere voor zichtinstallaties gebruikt.

De geribbelde flexibele buis wordt niet voor zichtinstallaties gebruikt omdat deze buizen gaan hangen en met veel zadels moeten worden vastgezet om een strak en netjes geheel te krijgen. Zichtinstallaties met installatiebuizen worden vaak op halfsteensmuren aangebracht in bijvoorbeeld garages en schuren. Ook plaatst men dergelijke zichtinstallaties in utiliteitscomplexen met een industriële uitstraling of een industrieel interieur. In de grotere utiliteit gebruikt men echter grote kabelbanen en kabelgoten waarop gebundelde elektriciteitskabels liggen.

De lasdozen en de centraaldozen en contactpunten zijn naast de installatiebuizen ook zichtbaar. Net als elke installatie moet ook zichtinstallatie conform de geldende normen worden geplaatst, geïsoleerd en beschermd. Zichtinstallatie is over het algemeen bereikbaar voor mensen maar deze mogen niet in contact komen met spaninning voerende delen. Als dat gebeurd kunnen mensen onder spanning komen te staan. Uiteraard dient de installatie geaard te worden indien dit is vereist.

Zichtwerk  in installatietechniek
In de installatietechniek worden vloeistoffen zoals warm water en gassen zoals aardgas en stoom getransporteerd binnen woningen, industrie en utiliteitscomplexen. Dit transport gebeurd ook door buizen en leidingen maar die zijn van een andere diameter en een ander materiaal gemaakt dan de installatiebuizen die worden gebruikt in de elektrotechniek. De buizen die voor gas worden gebruikt worden ook wel installatiepijp genoemd de buizen voor stoom worden stoompijp genoemd. Deze pijpen worden doormiddel van flensen en lasverbindingen aan elkaar bevestigd.

Een flens of fitting is een uitneembare verbinding en een lasverbinding is een niet-uitneembare verbinding. Ook deze verbindingen zijn zichtbaar in de zichtinstallatie. Deze leidingen, pijpen en buizen zijn meestal doormiddel van beugels direct onder het plafond geplaatst. Daarbij moet men ook rekening houden met isolatie van leidingen en de veiligheid daarvan. Een installatiesysteem moet in de eerste plaats functioneel zijn en in de tweede plaats aantrekkelijk en netjes om te zien. Als bepaalde leidingen geïsoleerd moeten worden kan dat een lelijk gezicht zijn maar de functionaliteit, veiligheid en energiezuinigheid staan voorop.

Wat is een P&ID of piping and instrumentation diagram?

Een piping and instrumentation diagram wordt ook wel een process and instrumentation diagram genoemd dit wordt ook wel aangeduid met P&ID. Een piping and instrumentation diagram is een schematische tekening waarop is aangegeven hoe een procesinstallatie er uit zit. Op deze tekening kan men aflezen uit welke pijpen en instrumentatie een installatie is opgebouwd. Op een P&ID zijn deze onderdelen echter doormiddel van symbolen aangeduid. Het vereist de nodige ervaring om een P&ID goed te kunnen lezen.

P&ID
In een P&ID worden ook regelkringen schematisch weergegeven. De pijpen of leidingen waaruit de installatie is opgebouwd worden in een P&ID diagram weergegeven met een doorgetrokken lijn. De regelkringen worden met een stippellijn gevisualiseerd. Door deze lijnen wordt duidelijk hoe de leidingen en andere onderdelen van een procesinstallatie met elkaar zijn verbonden. De stippellijn maakt de verbinding inzichtelijk tussen de verschillende instrumenten die gegevens leveren aan de regeltechniek.

Normen
Bij het opstellen van een P&ID maakt men gebruik van normen. Hierbij kan men gebruik maken van de ISO of de Instrumentation, Systems, and Automation Society (ISA) Standaard S 5.1. Hierin is beschreven hoe men een P&ID moet maken. Hoewel de normen universeel zijn komt men in de praktijk vaak verschillen tegen in de vormgeving van de P&ID’s. Vaak wordt een P&ID aangepast en geschreven binnen het kader van een specifieke bedrijfstak.

Componenten op P&ID
Op een P&ID kunnen verschillende componenten  worden weergegeven:

  • Keerkleppen
  • Veiligheidskleppen
  • Warmtewisselaars
  • Connectoren
  • Ketels
  • Pompen
  • Meters of sensoren
  • Compressoren

Deze componenten worden niet getekend maar aan de hand van symbolen op de tekening gezet.

Uitleg symbolen P&ID
Tussen de P&ID’s van bedrijfstakken kunnen verschillen ontstaan in de manier waarop de componenten zijn weergegeven in het schema. Daarom wordt bij een P&ID over het algemeen een lijst of overzicht geleverd waarop de getekende elementen zijn omschreven.  Daarnaast wordt meestal een legenda weergegeven en een lijst met verklaringen voor de afkortingen die gebruikt worden om de functies van instrumenten en regelkringen aan te geven op de P&ID.

Wat is capillariteit of een capillaire werking?

Capillariteit of een capillaire werking is een natuurkundig verschijnsel. De capillaire werking ontstaat bijvoorbeeld wanneer men een dun waterbuisje bovenop een wateroppervlak plaatst en het water in het kleine buisje hoger stijgt dan het vloeistofniveau er omheen. Er bestaand een verband tussen de doorsnede van de buisjes en de snelheid waarmee het water omhoog stijgt. Naar mate de buisjes fijner worden zal het water ook hoger stijgen. De kleine buisjes die gebruikt worden om de capillaire werking aan te tonen worden ook wel capillairen genoemd.

Capillaire kracht
De capillaire werking gebeurd met een bepaalde kracht. Dit is de kracht waardoor het water of andere vloeistof door de buisjes omhoog wordt gezogen. Deze kracht wordt ook wel capillaire kracht genoemd. Deze kracht houdt eveneens verband met de omvang van de buisjes of capillairen. Hoe kleiner de diameters van buisjes zijn hoe geringer de capillaire kracht is. Ondanks dat stijgt het water in buisjes met een kleinere diameter wel hoger dan buisjes met een grotere diameter. Dit heeft te maken met de massa of het volume van het water dat omhoog getrokken wordt door de capillaire kracht. Deze massa neemt namelijk kwadratisch af op basis van de grote van de diameter.

Toepassing van capillaire werking
Veel natuurkundige verschijnselen worden in de techniek toegepast. Ook de capillaire werking of capillaire kracht is daar een voorbeeld van. Een voorbeeld hiervan is de toepassing van soldeerfittingen zoals een sok of een T-stuk van messing. Op deze soldeerfittingen staan vaak de letters cap aangeven. Dit staat voor sok capillair of capillaire werking.

Soldeerfitting Capillair
Een voorbeeld van een capillaire werking treft men aan in de installatietechniek bij het solderen van soldeerfittingen. Dit wordt ook wel hardsolderen genoemd. Als men de soldeerfitting met een brander verhit wordt het vloeibaar gemaakte soldeertin als het ware opgezogen tussen de nauwe spleet tussen de sok en de koperen buis. De ruimte tussen de soldeerfitting en de buis wordt daardoor compleet opgevuld met soldeertin mits er natuurlijk voldoende soldeertin wordt toegevoegd. Uiteindelijk moet er een klein druppel blijven hangen onderaan de soldeerfitting. Dan is de soldeerfitting volledig opgevuld met soldeertin.

Wat is wikken of walking the cup met TIG lassen?

Wikken is een lastechniek die wordt gebruikt voor het TIG lasproces. Het wikken wordt ook wel in het Engels walking the cup genoemd. Dit kan in het Nederlands worden omschreven als het lopen met de lastoorts. Dit beschrijft de beweging die men maakt met de lastoorts tijdens het wikken. Het wikken wordt vooral toegepast in het lassen van pijpen en buizen die gemaakt zijn van roestvast staal (RVS). Men kan echter ook pijpen en buizen lassen die gemaakt zijn van eenvoudige staallegeringen zoals  koolstofstaal en speciale staallegeringen zoals duplex.

Wikken als lasmethode
Men loopt met de mond/ cup van de lastoorts over de lasnaad. Daarbij maakt men 8 vormige bewegingen. Deze achtjes zijn een continue proces dat men met het lopen zou kunnen vergelijken. Van links naar rechts beweegt men met de lastoorts over het smeltbad om dan vervolgens weer iets terug te zakken om het smeltbad vlak onder de opening van de lasnaad nog vloeibaar te houden. Met de extra slag die men tijdens het wikken maakt wordt het lasproces wel arbeidsintensiever. Deze extra inspanning is wel nuttig omdat de kwaliteit van de lasverbinding door het wikken beter wordt.

Smeltbad tijdens wikken
Het smeltbad blijft tijdens het wikken langer heet en vloeibaar waardoor de doorlas beter wordt. Het smeltbad zakt iets naar beneden tot deze de binnenkant van de leiding bereikt. Daar vloeit het smeltbad beter uit en blijft het warmtebeeld strak. Hierdoor kan men meer kwaliteit realiseren. De las oogt netter zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de leiding (buis of pijp).

Wikken moet je leren
Wikken is een lasproces dat door ervaren TIG lassers moet worden uitgevoerd. Tijdens het wikken of walking the cup kan een lasser,  als deze onervaren is, de lasverbinding beschadigen doordat de lasser met de lastoorts het smeltbad raakt. Dan ontstaan er kleine puntjes in de lasnaad en dat zorgt voor een minder strak resultaat.

Hoe snel kun je wikken?
Wikken kan men met verschillende snelheden uitvoeren. Over het algemeen kiest men voor een strak resultaat voor een instelling van het lastoestel met een laag aantal Ampères. Hoe lager het aantal ampères hoe langzamer men moet lassen. Hoe hoger het aantal ampères hoe sneller men kan lassen. Niet elk materiaal en niet alle materiaaldiktes zijn even geschikt voor het lassen onder hoge ampères. Een lasser moet van te voren zelf inschatten wat verstandig is of moet het wps of de lasmethodekwalificatie er op naslaan.

Beschermingsgas/ backinggas
Uiteraard moet er bij het wikken wel gebruik worden gemaakt van beschermingsgas oftewel het backinggas. Dit is bij TIG lassen een inert gas dat er voor zorgt dat de lasnaad wordt beschermd tegen schadelijke invloeden in de lucht rondom het lasproces. Het backinggas wordt rondom de toorts aangebracht zodat de lasnaad aan de bovenkant tegen corrosievorming is beschermd. Daarnaast wordt het backinggas ook in de pijp of buis aangebracht om voor een goede binnenlas te zorgen. Deze binnenlas of doorlas moet perfect glad zijn als men de leiding in de voedingsmiddelenindustrie zoals de zuivelindustrie wil aanbrengen in een installatie waar voedingsmiddelen doorheen stromen.

Toevoegmateriaal of niet bij wikken?
Wikken kan men met en zonder lastoevoegmateriaal. Bij pijpen met een wanddikte tot 2 millimeter hoeft een lasser niet beslist draad toe te voegen aan het lasproces. Toch kan het wel vereist zijn voor de stevigheid van de lasverbinding. Boven de 2 millimeter voegt een lasser meestal wel draad toe tijdens het wikken of walking the cup. Ook bij pijpen met een diameter van 2 inch (2 duims) of meer voegt men in de regel wel lasdraad toe aan het lasproces.

Wikker
Een lasser die goed kan wikken noemt zichzelf ook wel een wikker. Een ervaren wikker bewijst zichzelf in de praktijk. Een wikker moet zonder problemen in de praktijk een leiding in een hoek van 45 graden (Hoeklas 45 oftewel HL45)  rondom kunnen lassen doormiddel van het TIG lasproces. Deze positie wordt ook wel G6 genoemd. Als je kunt wikken in deze positie dan ben je met recht een vakkracht.

Wat pijptang of stillson-sleutel?

Pijptang of stillson-sleutel

Een pijptang is een gereedschap dat wordt gebruikt om stalen buizen aan te draaien of los te draaien. De pijptang wordt ook wel Stillson-sleutel genoemd naar haar uitvinder Daniel C. Stillson. Een pijptang bestaat is gemaakt van metaal en bestaat uit een lange stang. Haaks op deze stang zijn twee getande bekken geplaatst. De bovenste bek zit vast en de onderste bek is verstelbaar in de lengte richting. Het verstellen van een pijptang gebeurd doormiddel van een wormwiel. De bekken van de pijptang staan niet precies parallel aan elkaar, in plaats daarvan staan de bekken onder een kleine hoek. De tanden van de bekken van de pijptang staan in tegengestelde richting. Door de positionering van de tanden van de pijptang kan een goede grip worden gerealiseerd. De tanden ‘bijten’ zich namelijk in de pijp als men de pijptang vastklemt.

Hoe ziet een Pijptang of stillson-sleutel er uit?

Pijptang of stillson-sleutel
Pijptang of stillson-sleutel

Als men een pijp wil aandraaien of losdraaien zal men de bekken van de pijp voldoende open moeten draaien om de tang over de pijp te schuiven. De harde tanden van de pijptang grijpen zich goed vast in de pijp. Het zachte staal van de buis wordt door de tanden van de pijptang beschadigd. Als men de stang haaks in de te draaien richting van de pijp gaat plaatsen kan men de bekken met grote kracht dichtklemmen. Hoe meer kracht men op de tang uitoefent hoe meer grip men krijgt op de pijp.

Waar wordt een pijptang voor gebruikt?
Pijptangen worden gebruikt voor het draaien van stalen leidingen. Deze leidingen kunnen ook voorzien zijn van een gegalvaniseerde laag. Als deze gegalvaniseerde laag beschadigd raakt bestaat er de kans dat het staal er onder gaat corroderen (roesten). Men gebruikt pijptangen onder andere in de installatietechniek voor het fitten van waterleidingen. Men kan deze tangen ook gebruiken om enorme kracht uit te oefenen om bouten los te draaien. Dit kan maar daarvoor is deze tang niet bedoelt. Zowel de bek van de tang als de bouten raken dan beschadigd. Ook kunnen de roestige bouten losbreken.

Wat is een Gyrolokker en wat doet deze werknemer?

Soms hoor je de term ‘Gyrolokker’ als men het heeft over leidingwerk.  Gyrolokker wordt dan gebruikt als iemand die een bepaald beroep uitoefent. Gyrolokker is echter geen beroep. Deze term verwijst naar een bepaald type fitting, namelijk een Twin ferrule fitting. Een aantal bekende merken van dit type fitting zijn Parker A-lok, Swagelok en Gyrolok. Het merk Gyrolok is dus verwerkt in het woord ‘Gyroloker’ of ‘Gyrolokker’. In feite is een Gyrolokker iemand die werkt als fitter en daarbij ervaring heeft met de Twin ferrule fittingen van het merk Gyrolok.

Twin ferrule fittingen worden voornamelijk gebruikt in klein leidingwerk. Daarbij worden leidingen verbonden doormiddel van knelkoppelingen. Het werken aan kleine leidingen en het bevestigen van leidingen doormiddel van knelkoppelingen wordt ook wel tubing genoemd. Het is daarbij wel belangrijk dat men weet met welke merken de fitter ervaring heeft. De onderdelen van de verschillende merken zijn namelijk meestal niet uitwisselbaar. Het woord ‘Gyrolokker’ maakt duidelijk dat de desbetreffende fitter ervaring heeft met dit merk twin ferrule fittingen. Daarom gebruiken sommige fitters dit woord om duidelijk te maken wat voor type fitter ze zijn. Deze fitters hebben speciale certificaten behaald om de fittingen veilig aan te brengen in installaties.

Wat doet een pipeline pre-commissioning engineer?

De functie pre-commissioning engineer is een functie die vooral wordt gebruikt in de olie en gas industrie. De functie komt in die sectoren vooral aan de orde bij pijpleidingen. Daarom wordt de functie ook wel pipeline pre-commissioning engineer genoemd. In deze functiebenaming zit het Engelse woord ‘commission’ verwerkt. Met ‘in or out commission’ wordt bedoelt dat een systeem in of buiten werking is gesteld. Een pre-commissioning engineer verricht de laatste controles en werkzaamheden voordat olie, aardgas of andere vloeistoffen of gassen door de leiding heen getransporteerd worden.

Wat doet de pre-commissioning engineer?
De pijpleiding wordt door doormiddel van precommissioning voorbereid op het daadwerkelijke gebruiken van de leiding. Hierbij worden metingen verricht waarmee wordt aangetoond of de leidingen daadwerkelijk veilig zijn en goed zijn aangesloten en afgesloten. Lekkages worden opgespoord en verholpen. Vervolgens worden weer nieuwe controles verricht. Deze controles gaan net zo lang door tot de gehele installatie conform de voorschriften is aangelegd en als veilig kan worden beschouwd. Naast deze controles op het gebied van lekkage worden door een  pre-commissioning engineer de elektrotechnische installaties die verbonden zijn aan de transportleidingen gecontroleerd. Bij deze installaties kan onder andere gedacht worden aan meet en regeltechniek. Met deze techniek kan de temperatuur en de druk van de leidingen worden gemeten.

Pre-commissioning reinigen
Voordat leidingen in gebruik worden genomen worden deze gereinigd. Dit wordt ook wel pre-commission cleaning genoemd. Deze reiniging is belangrijk omdat tijdens werkzaamheden aan leidingen en technische installaties verschillende soorten vuil in de leiding terecht kunnen komen. Hierbij kan gedacht worden aan smeermiddelen en slijpsel. Ook kunnen er spetters van het lassen en delen van de slak van bepaalde lasprocessen in de leiding terecht komen. Deze vervuiling kan de kwaliteit van het vloeistof of het gas dat door de leidingen wordt getransporteerd nadelig beïnvloeden. Wanneer gas en olie onder hoge druk door de leidingen wordt getransporteerd kunnen de vuildeeltjes de leidingen bovendien aan de binnenkant beschadigen.

Daarom moet het vuil zorgvuldig worden weggehaald. De leidingen kunnen voor de ingebruikname op verschillende manieren worden gereinigd. Dit is afhankelijk van de eisen die aan de installatie worden gesteld en de materialen waaruit deze leidingen bestaan. Ook de druk waaronder vloeistoffen en gassen door de leidingen worden getransporteerd is van invloed op de keuze voor een bepaald reinigingsproces. Het reinigen van leidingen behoort ook tot pre-commissioning omdat deze werkzaamheden vlak voor de ingebruikname van de leiding worden gedaan.

Hoe wordt een Flamco T stuk toegepast in de installatietechniek?

Flamco T stukken worden gebruikt in de installatietechniek. Het zijn speciale T stukken die geplaatst kunnen worden in een installatie zonder de installatie buiten werking te stellen. Ook hoeft bij de montage van Flamco T stukken de installatie niet drukloos te worden gemaakt en hoeft men de installatie niet af te tappen. Omdat de installatie niet afgetapt hoeft te worden is bijvullen en ontluchten ook niet nodig. Een Flamco T stuk zorgt daardoor voor een tijdsbesparing en zorgt er daarnaast voor dat de gebruikers van de installatie nauwelijks hinder ondervinden tijdens het montageproces. Omdat sneller kan worden gewerkt met Flamco T stukken kan een opdrachtgever tijd en montagekosten besparen.

Hoe wordt een Flamco T stuk aangebracht?
Installateurs werken in de praktijk aan verschillende installatiesystemen. Tijdens de uitvoering van werkzaamheden aan bestaande installatiesystemen kan het voorkomen dat er een aftakking moet worden gemaakt op een bestaande leiding. Wanneer men daarvoor een gewoon T stuk gebruikt zal men er voor moeten zorgen dat de leiding waarop de aftakking wordt gemaakt tijdelijk niet in gebruik is. Wanneer men dit niet doet stroomt het water uit de leiding zodra men de leiding opent. De waterdruk moet daarom van de leiding af worden gehaald. Daarnaast moet de leiding worden afgetapt. Dit neemt tijd in beslag.

Een Flamco T stuk kan men echter op een leiding aanbrengen die nog in gebruik is. Dit doet men door het T stuk over de leiding heen aan te brengen. Vervolgens moeten vier bouten kruislings worden vastgedraaid. Hierbij moet worden gelet op het aanhaalmoment dat op de gebruiksaanwijzing is vermeld. Na het vastdraaien van de bouten kan de aftakking worden aangesloten. Deze kan worden vastgedraaid in de opening. Daarvoor moet er wel draad worden gesneden op de buis van de aftakking. Het is belangrijk dat tijdens het activeren van de Flamco T-plus geen vloeistof in de aftakking zit. Nadat de aftakking goed is vastgezet in het T stuk kan men doormiddel van een hamerslag de slagpen inslaan. De slagpen zorgt er voor dat een lading wordt ontstoken. Hierdoor wordt de plunjer voortgedreven. Deze plunjer snijd door deze druk een klein stukje van de buis af waarop de aftakking wordt aangesloten. Vanwege de lading die ontstoken wordt is het belangrijk dat er niet in een omgeving wordt gewerkt met ontvlambare stoffen.

Waar worden Flamco T stukken gebruikt?
Flamco T stukken worden gebruikt in verschillende installaties. Voorbeelden van installaties waar dit T stuk wordt toegepast zijn centrale verwarmingsinstallaties, brandblusinstallaties, persluchtinstallaties, aardgasleidingen en sanitaire installaties.

Wat is een GAWALO opleiding en hoe heet deze opleiding tegenwoordig?

GAWALO is een afkorting die in de installatietechniek werd gebruikt voor een opleiding voor installatiemonteurs en de erkenning van installatiebedrijven. GAWALO wordt voluit als volgt geschreven: Gas, Water en Loodgieter. UNETO-VNI deed in het verleden de certificering van bedrijven op waterechnisch gebied en gastechnisch gebied.  Een bedrijf dat gecertificeerd was als  Watertechnisch installateur en gastechnisch installateur werd ook wel een GAWALO-installateur genoemd.

Tegenwoordig hoor je de term GAWALO niet veel meer. Wanneer men het over opleidingen heeft in de installatietechniek spreekt men over de opleiding W installatietechniek, W installatiemonteur of de opleiding monteur werktuigkundige installaties.

Opleiding GAWALO in vergelijking tot huidig opleidingsaanbod
De opleiding GAWALO wordt tegenwoordig niet meer aangeboden. In het verleden was GAWALO een toonaangevende opleiding op installatiegebied. Tijdens deze opleiding leerde men Gas Water en Loodgieters vaardigheden. Hierbij kan gedacht worden aan het plaatsen van waterleidingen en gasleidingen in woningen en utiliteit. Daarnaast werd aandacht besteed aan het plaatsen van sanitair en alle veiligheidsaspecten die bij deze genoemde werkzaamheden aan de orde komen. De opleiding GAWALO is een MBO opleiding. Tegenwoordig zijn er andere opleidingen die gericht zijn op installatietechniek. De niveaus van de huidige opleidingen sluiten echter wel aan bij de niveaus die vroeger werden gebruikt voor de GAWALO opleiding.

GAWALO maakte gebruik van drie opleidingsniveaus. Deze niveaus zijn van laag naar hoog als volgt:

  • montage assistent
  • assistent monteur
  • monteur

In de huidige opleidingen worden ook niveauverschillen toegepast. Deze zijn als volgt:

  • Arbeidsgekwalificeerd medewerker (AKA) MBO niveau 1
  • Monteur MBO niveau 2
  • Eerste monteur MBO niveau 3
  • Leidinggevend monteur MBO niveau 4

Wat leer je op een opleiding monteur werktuigbouwkundige installaties?
De opleidingen die tegenwoordig op installatiegebied worden aangeboden dragen verschillende namen. Installatiemonteur W (waarbij de W staat voor ‘werktuigbouwkundige installaties) wordt veel gebruikt. Tussen scholen en andere opleidingsinstituten kan de inhoud van de opleidingen op installatiegebied wel verschillen. In grote lijnen wordt echter tijdens opleidingen die gericht zijn op werktuigbouwkundige installaties aandacht besteed aan:

  • Aanleggen en fitten van waterleidingen
  • Fitten en aanleggen van gasleidingen
  • Plaatsen van CV ketels en bijbehorende leidingen
  • Sanitair
  • Appendages plaatsen
  • Normen en veiligheidsvoorschriften
  • Beproeven van de installaties
  • Onderhoud van de installaties
  • Lezen van tekeningen t.b.v. installaties

Installatieopleidingen kunnen zowel voltijd BOL (beroepsopleidende leerweg) als in combinatie met werk worden gedaan. In het laatste geval wordt gekozen voor een BBL (beroepsbegeleidende Leerweg). Omdat technieken voortdurend veranderen wordt ook de inhoud van opleidingen regelmatig aangepast.

Wat is een loodgieter en waar komt de functienaam loodgieter vandaan?

Loodgieters zijn werkzaam in de bouw. Het beroep richt zich met name op het aanleggen en onderhouden van waterleidingen en riolering en het monteren en demonteren sanitair. Ook het aanleggen van verwarmingsinstallaties wordt vaak tot het takenpakket van een loodgieter gerekend. Een loodgieter is door dit brede takenpakket een allround vakman die goed op de hoogte moet zijn van verschillende installatiesystemen. Naast het aanleggen van deze systemen moet een loodgieter deze systemen ook onderhouden en storingen oplossen.

Waar komt de functienaam loodgieter vandaan?
Loodgieter is een oude functiebenaming. Deze functienaam stamt nog uit de tijd dat loodgieters nog daadwerkelijk lood moesten gieten. Dit gieten van lood werd gedaan om loden pijpen te gieten en loden stroken. Deze stroken van lood werden gebruikt om waterleidingen te repareren. Na de Tweede Wereldoorlog waren loodgieters in Nederland belangrijke vakmensen die hielpen om Nederland weer op te bouwen. Verschillende loodgieters zetten een eigen bedrijf op in dorpen en steden om aan de lokale vraag te kunnen voldoen. Er werden drie belangrijke eisen gesteld om een loodgietersbedrijf te mogen starten. De eerste eis was dat men over een middelstandsdiploma beschikte. Daarnaast moest de aankomend loodgieter over een vakdiploma beschikken en moest hij een bepaalde kredietwaardigheid hebben. Het vakdiploma voor loodgieters kon eventueel in een avondopleiding worden gehaald. Dit is het GAWALO-diploma en gemiddelde loodgieter had vier tot vijf jaar nodig om het diploma te behalen. GAWALO is een afkorting die staat voor GAsfitter, WAterfitter en Loodgieter.

Wat doen loodgieters tegenwoordig?
Tegenwoordig is de term loodgieter verouderd. Loodgieters hebben een veel breder takenpakket en gieten geen lood meer. Lood is giftig en de toepassing daarvan in waterleidingen is verboden. Zelfs de legering van het soldeertin dat wordt gebruikt voor waterleidingen moet volgens Europese richtlijnen vrij zijn van lood. Loodgieters leggen tegenwoordig nog steeds waterleidingen aan. Daarnaast plaatsen ze sanitair, verwarmingsinstallaties en alles wat daar bij hoort. Ook het aanleggen en fitten van gasleidingen wordt door loodgieters gedaan. Loodgieters zijn allround medewerkers op de bouw.

Is een loodgieter hetzelfde als een installatiemonteur?
Een loodgieter is een verouderde functienaam. In feite is een loodgieter een installatiemonteur. Wanneer in vacatures om een loodgieter wordt gevraagd bedoelen bedrijven vaak wel installatiemonteurs die ervaring hebben met het aanleggen en het fitten van leidingen. Ook het buigen van bochten en het aansluiten van bijbehorend sanitair wordt specifiek gekoppeld aan de functienaam loodgieter. De functienaam installatiemonteur is veel breder. Daaronder valt ook het aanleggen van verwarming en ketels ten behoeve van Cv-installaties. Een installatiemonteur is daardoor meer gericht op complete installaties en een loodgieter meer op leidingwerk. Deze scheidingslijn wordt in de praktijk niet overal toegepast. De termen loodgieter en installatiemonteur worden nog veel doorelkaar heen gebruikt. Daarom is het altijd verstandig om goed de functieprofielen en vacatures van bedrijven door te lezen. Per bedrijf kan het beeld van de functie ‘loodgieter’ verschillen.

Werkzaamheden van een pijpfitter als voorbewerker voor laswerkzaamheden

Leidingen kunnen op verschillende manieren aan elkaar worden verbonden. In de praktijk wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen een lasser en een fitter. Een fitter legt vaak het leidingtraject aan de hand van tekeningen en instructies. De fitter kan leidingen doormiddel van flenzen aan elkaar verbinden of gebruik maken van andere koppelingen wanneer het leidingen met een kleine doorsnee betreft. De doorsnee van leidingen wordt meestal aangegeven in het aantal duims. Één duim is net zo groot als een Engelse duim, dit komt neer op 25,4 mm. In de olie en gas wordt vaak gebruik gemaakt van leidingen met een grote diameter. Diameters van 48 duims en 56 duims komen voor. Deze leidingen zijn door hun grote omvang ook nog zwaar. Een fitter gebruikt in de olie en gasindustrie speciale klemmen en andere middelen op de leidingen goed aan elkaar te kunnen verbinden. Een fitter verricht het voorwerk voor een lasser.

Klemmen die fitters gebruiken
Leidingen met een grote diameter van bijvoorbeeld 48 duims zijn moeilijk aan elkaar te verbinden. De leidingen moeten op de juiste hoogte worden gelegd en er moet sprake zijn van een kleine vooropening in de V-naad zodat de lasser de leidingen uitstekend aan elkaar kan lassen.

Binnenklem
Om de leidingen goed aan elkaar te bevestigen kan gebruik worden gemaakt van een binnenklem. Deze binnenklem wordt in de leiding gereden die al aan het leidingtraject vast zit. De verrijdbare binnenklem is pneumatisch en wordt aan de vaste leiding verbonden doormiddel van stempels.

Sideboom
Een sideboom brengt de leiding die aan de vaste leiding gekoppeld moet worden naar zijn plaats. Een sideboom is een speciale kraan die langs het leidingtraject kan rijden en een hijssysteem heeft aan de zijkant van het voertuig. Met dit systeem worden de leidingen aan speciale hijsbanden opgetild en naar de leiding vervoerd waaraan deze gekoppeld moet worden. Hierbij wordt gekeken naar de highlow.

Highlow
De leidingen moeten perfect voor elkaar worden geplaatst. Daarbij wordt gekeken naar de hoogte (high) en de onderkant (low). Dit op elkaar aanpassen van de hoogte en laagte van een leiding wordt in de praktijk wel highlow genoemd.

Leidinglassen
Wanneer de leidingen eenmaal op het juiste niveau zijn gebracht en de openingen  precies voor elkaar liggen wordt het gedeelte van de binnenklem dat in die nieuw aangebrachte leiding is geplaatst uitgezet doormiddel van stempels. De stempels uit de binnenklem zorgen er voor dat de aangebrachte leiding goed klem wordt gezet. Daarna kan de lasser de leidingen doormiddel van elektrode lassen aan elkaar verbinden. Na het lassen zitten de leidingen aan elkaar vast en kan de binnenklem naar het eindpunt worden gereden van de leiding die net is aangebracht. Dan begint het proces weer opnieuw.

Buitenklem
Een andere methode om de leidingen aan elkaar te klemmen is het gebruik maken van een buitenklem. Deze klem is niet verrijdbaar en wordt aan de buitenkant van de leidingen aangebracht. De buitenklem wordt om de leiding gevouwen. Aan de buitenkant van de buitenklem zitten allemaal bouten. Met deze bouten kan de leiding op de juiste hoogte worden gesteld. Doormiddel van dit stellen wordt de eerder genoemde highlow er uit gehaald en komen de leidingen op de juiste hoogte voor elkaar te liggen. Daarna kan de lasser de leidingen aflassen.

Veiligheid en nauwkeurigheid staan bij pijpfitten voorop
Het aan elkaar verbinden van transportleidingen voor gas en olie is zeer nauwkeurig werk ondanks de omvang van de leidingen. De leidingen mogen niet lekken of knappen. Wanneer dit namelijk gebeurd kan een zeer gevaarlijke situatie ontstaan en wordt het milieu in de directe omgeving van de kapotte leiding ernstig vervuild. Naast nauwkeurigheid moet ook gelet worden op de veiligheidsaspecten. Er wordt gewerkt met zwaar materiaal in de buitenlucht. Hierbij is altijd de kans op (grote) ongelukken aanwezig. Pijpfitters krijgen van te voren duidelijke veiligheidsinstructies waarbinnen de werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Deze veiligheidsrichtlijnen moeten zeer nauwkeurig worden opgevolgd.

Wat doet een instrumentatiefitter en wat is instrumentatiefitten?

Een instrumentatiefitter werkt vaak in de olie- en gasindustrie (petrochemie) of in de procesindustrie. De functie is vergelijkbaar met de functie pijpfitter. Toch zijn er een aantal verschillen. Een pijpfitter fit vaak een pijpleidingtraject aan elkaar vast doormiddel van flenzen. Hierbij kiest de pijpfitter de juiste flenzen en plaatst deze het voorgeschreven pakkingmateriaal. Een instrumentatiefitter kan meer dan alleen pijpfitten, hij of zij kan de instrumentatie die aan het proces verbonden is ook fitten. Hieronder is informatie weergegeven over de werkzaamheden van een instrumentatiefitter en de verantwoordelijkheden die daar bij horen.

Instrumentatiefitten
Een instrumentatiefitter doet nauwkeuriger werk aan de meet en regelapparatuur die verbonden is aan de leidingen en apparaten die aanwezig zijn in de procesindustrie en olie en gasindustrie. Deze meet en regelapparatuur heeft onder andere te maken met de temperatuur, de flow, het niveau en de druk die in leidingen en aanverwante apparatuur aanwezig is. Deze meet en regelapparatuur wordt gebruikt om de hiervoor genoemde aspecten van het proces te meten en te regelen. Dit moet nauwkeurig gebeuren omdat de gevolgen van een verkeerde meting zeer ernstig kunnen zijn in de olie en gasindustrie. Instrumentatiefitten is niet een beroep dat zich alleen richt op mechanische werkzaamheden. Veel van de meetsystemen en regelsystemen zijn elektronisch. Daar moet bij instrumentatiefitten rekening mee gehouden worden. Een ervaren instrumentatiefitter heeft daarom ook verstand van elektronica.

Fitten van leidingen
Daarnaast moeten leidingen aan de meet en regelsystemen worden gekoppeld. Hierbij komt ook fitwerk aan de orde. Dit zijn echter vaak kleinere leidingen dan de grotere transportleidingen die een pijpfitter aan elkaar bevestigd.  De kleinere leidingen moeten zeer nauwkeurig in de juiste bocht gebogen worden. Het is belangrijk dat de instrumentatiefitter de bocht in het juiste aantal graden maakt. De bocht kan vaak achteraf niet worden rechtgetrokken omdat de leidingen daarvoor te dun zijn. Het rechttrekken kan vaak wel gebeuren bij het grovere werk van een pijpfitter als het een kleine afwijking betreft.

Een instrumentatiefitter voert nauwkeurige werkzaamheden uit. En moet zelfstandig aan de hand van tekeningen een leidingwerk aanleggen en hierin de voorgeschreven koppelingen maken. Daarnaast moet een instrumentatiefitter in staat zijn om zijn eigen werk te controleren op fouten. Wanneer er fouten of problemen ontstaan moet een instrumentatiefitter in staat zijn deze volgens de voorschriften veilig op te lossen. Een instrumentatiefitter kan zelfstandig werken maar kan ook in teamverband worden ingezet.

Veiligheid in de petrochemie en gasindustrie
Instrumentatiefitters in de petrochemie en gasindustrie krijgen te maken met zeer brandbare en explosiegevoelige stoffen. Daarnaast staan de leidingen vaak onder hoge druk. Een instrumentatiefitter moet zijn of haar werkzaamheden zeer nauwkeurig uitvoeren en er voor zorgen dat er geen veiligheidsrisico’s ontstaan. Daarom krijgen instrumentatiefitters regelmatig nieuwe veiligheidsinstructies en veiligheidstrainingen. Een instrumentatiefitter moet in zijn of haar dagelijkse werkzaamheden de veiligheidsinstructies nauwgezet opvolgen.

Wat doet een pijpfitter?

Pijpfitters onderhouden en installeren pijpleidingen en sluiten deze aan op apparaten. Een pijpfitter kan te maken krijgen met pijpen van verschillende diameters en wanddiktes. De diameter en wanddikte van een pijpleiding is van een aantal factoren afhankelijk. Deze worden bepaald door onder andere de vloeistoffen of de gassen die er doorheen worden getransporteerd. De druk die op de leiding staat en de hoeveelheid gas of vloeistof die moet worden getransporteerd in een bepaalde tijd is ook van belang bij het bepalen van de doorsnede en de wanddikte van de leiding. Daarnaast hebben vloeistoffen en gassen invloed op de leiding en moeten leidingen in de(petro)chemische sector van hoogwaardig metaal worden vervaardigd om corrosie en oxidevorming tegen te gaan. Ook aan de manier waarop pijpen aan elkaar worden gefit zijn eisen gesteld. Een pijpfitter moet goed weten hoe hij leidingen aan elkaar bevestigt en welke veiligheidsaspecten daarbij aan de orde komen.

Werkzaamheden van een pijpfitter
Een pijpfitter voert werkzaamheden uit aan pijpen en pijpsystemen. De pijpfitter last pijpen aan elkaar vast of soldeert deze. Ook kan een pijpfitter flenzen aan de pijpen lassen zodat er flensverbindingen tot stand kunnen worden gebracht. Tussen de flenzen wordt vaak pakkingmateriaal aangebracht zodat een optimale dichting ontstaat tussen de twee flenzen.

Een pijpfitter maakt daarnaast pijpen op maat door ze de snijden of te zagen. Ook het buigen van bochten kan aan de orde komen. Hierbij moet de pijpfitter de bochten in de juiste graden buigen en daar komt vakmanschap bij kijken. Het maken van bochten en T-stukken wordt meestal op een speciaal daarvoor ingerichte werkplaats gedaan. Wanneer deze speciale vormen van te voren worden gefabriceerd spreekt men van prefab. Prefabricage heeft als voordeel dat men op het traject sneller kan fitten. Wanneer prefab niet mogelijk is moeten bochten tijdens het daadwerkelijke fitproces worden gemaakt. Dit kost meer tijd maar zorgt er meestal wel voor dat dat de bochten meteen in de juiste graden zijn gemaakt.

De juiste materialen om deze werkzaamheden uit te voeren moeten door de pijpfitter worden verzameld en hij moet weten hoe hij de gereedschappen correct moet gebruiken.  Een pijpfitter werkt vaak samen met een lasser. Hierbij zet de pijpfitter het traject uit van de leidingen en last de lasser de leidingen vervolgens aan elkaar vast.

Pijpfitters worden ook wel ingezet voor het beugelen van leidingen of het aanbrengen van een andere draagconstructie die er voor moet zorgen dat de leiding op de juiste plaats blijft zitten. In die positie is een pijpfitter een constructiebankwerker die ook moet boren, schroeven, lassen, verzekeren enzovoort. Veel pijpfitters hebben daarom in de basis verstand van de algemene metaalbewerkingstechnieken.

Pijpfitters zijn niet alleen aan het werk bij het aanleggen van nieuwe leidingen. Ook bestaande leidingen kunnen door ervaren pijpfitters op deugdelijkheid worden gecontroleerd. Pijpfitters zijn in die positie meer aan het werk als onderhoudsmonteurs. Hierbij kan gedacht worden aan het vervangen van leidingen het verhelpen van lekkage of het opnieuw aanbrengen van pakkingmateriaal.

Soorten leidingen die worden gefit
Er kunnen verschillende leidingen door een fitter aan elkaar worden verbonden. Dit is afhankelijk van het toepassingsgebied van de leidingen. Zo bestaan er leidingen die worden aangelegd voor pneumatische circuits. Pneumatische leidingen werken op luchtdruk. Hydraulische leidingen kunnen ook worden aangelegd, deze werken op oliedruk. Naast deze leidingen worden ook leidingen voor verwarming, stoom, water en koeltechniek aangelegd.

Flensverbindingen
Grote leidingen voor bijvoorbeeld de petrochemische sector worden aan elkaar bevestigd doormiddel van niet uitneembare verbindingen zoals lassen. Wanneer verbindingen wel uitneembaar moeten zijn spreekt men in de gasindustrie en petrochemische sector vaak over het koppelen van flenzen. Deze flenzen worden aan leidingen gelast. Omdat bij grote leidingen vaak met flenzen wordt gewerkt noemt men degenen die deze koppelingen leggen flensmonteurs. Flensmonteurs kunnen ook kleppen monteren zoals vlinderkleppen en keerkleppen in grote leidingen.

Wat is leiding fitten, pijpfitten en flensmontage?

Binnen de techniek worden de term fitten, fitting, pijpfitten en piping regelmatig gebruikt. Fitten houdt in dat pijpen, buizen of leidingen op elkaar worden aangesloten. De manier waarop gefit wordt is van een aantal factoren afhankelijk. Het materiaal waarmee de fitting tot stand wordt gebracht moet in bepaalde mate vervormd kunnen worden. Daarom zijn fittingen vaak gemaakt van messing, koper of temperijzer. Daarnaast kan gebruik worden gemaakt van pakkingmateriaal om de fitting waterdicht of luchtdicht te maken.

De diameter van de leiding en het gas of vloeistof die er doorheen wordt getransporteerd zijn tevens van invloed op de eisen die aan de fitting worden gesteld. Met name bij gasleidingen kan een grote druk in de leiding aanwezig zijn. Deze druk zorgt er voor dat de leidingen van voldoende wanddikte moeten worden vervaardigd. Ook aan de fittingen en het pakkingmateriaal van leidingen die onder druk staan zijn hoge eisen gesteld.

Voor leidingen die worden aangelegd in woningen zijn weer andere richtlijnen dan voor grote transportleidingen die onder de grond of op de zeebodem worden aangebracht. Dit heeft te maken met de uitwerking van externe factoren op de leidingen. Daarom worden leidingen die onder invloed staan van water, warmte, kou, erosie vaak van een beschermde mantel voorzien. In verschillende beroepen binnen de techniek kan fitten aan de orde komen. Hieronder staan een aantal voorbeelden van technische sectoren en industrieën waarbij fitten en piping aan de orde kunnen komen.

Fitten in de installatietechniek
In de installatietechniek kan fitten aan de orde komen bij het aanleggen van leidingen voor de centrale verwarming, of bij gasleidingen en waterleidingen in een woning of bedrijfspand. Hierbij wordt verschil gemaakt tussen dikwandige leidingen en dunwandige leidingen. Dikwandige leidingen treft men met name aan in de utiliteit en industrie. Deze leidingen hebben een grotere wanddikte die 3,5 mm of meer bedraagt. Vandaar dat men spreekt over dikwandige leidingen.

Dunwandige leidingen hebben een wanddikte tot maximaal 3,5 mm en worden ook wel precisiebuizen genoemd. Deze buizen zijn gemaakt van zink of RVS en worden doormiddel van knelkoppelingen aan elkaar vast gefit. Daarnaast wordt nog gebruik gemaakt van draadpijp. Op draadpijp wordt schroefdraad gesneden. Doormiddel van een schroefdraadverbinding en pakkingmateriaal in de vorm van teflon tape, hennep of fitterskit worden draadpijpen aan elkaar gefit. Het is belangrijk dat de fittingen goed zijn aangebracht en gasdicht en waterdicht zijn omdat anders lekkage kan ontstaan met alle gevolgen van dien.

Naast draadpijpen zijn er nog de vlampijpen. Hierop wordt geen draad gesneden. Een vlampijp wordt aan elkaar gelast. De lassen zorgen er voor dat deze verbinding niet uitneembaar is en daardoor bestand is tegen hoge druk. Het lassen van vlampijpen gebeurd onder andere doormiddel van het autogeen lasproces. Dit lasproces wordt tegenwoordig steeds meer vervangen door het TIG lasproces.

Fitten in de procesindustrie
De procesindustrie is een omvangrijke technische branche die ook wel de maakindustrie wordt genoemd. Binnen de procesindustrie worden verschillende grondstoffen verwerkt tot een eindproduct. Dit kunnen zowel voedsel, brandstof als uiteenlopende consumentenproducten zijn zoals medicijnen, verzorgingsproducten en parfums. De veelzijdigheid in processen die plaatsvinden in de procesindustrie zorgen er voor dat er verschillende soorten leidingen en vormen van leidingfitten aan de orde komen. Van klein tot groot leidingwerk is te vinden in de procesindustrie. Een aantal werkzaamheden komen overeen met de fitwerkzaamheden die een installatiemonteur uitvoert.

Fitten in de zuivelindustrie
De procesindustrie, die zich richt op het produceren van zuivel en andere food, stelt specifieke eisen aan de verbindingen die tussen leidingen tot stand worden gebracht. In deze verbindingen mogen geen voedselresten achter blijven omdat daarin bacteriën kunnen ontstaan die de rest van het voedsel kunnen besmetten en daarmee de houdbaarheid van het product ernstig kunnen verstoren. Daarom wordt bij het fitten van zuivelleidingen gebruik gemaakt van speciale zuivelkoppelingen. Deze koppelingen zorgen voor een vrijwel naadloze verbinding en worden aan de leidingen vastgelast die met elkaar verbonden moeten worden. De aangelaste zuivelkoppelingen kunnen vervolgens aan elkaar gefit worden. Zo ontstaat naast een hygiënisch verantwoorde verbinding die ook nog sterk is.

De leidingen die in de zuivelindustrie worden aangelegd zijn meestal gemaakt van roestvaststaal omdat dit vrijwel niet zichtbaar oxideert,  oxide heeft een slechte invloed op de hygiëne. De oxide die wel bij roestvaststaal aanwezig is ontstaat uit het in RVS aanwezige chroom. Dit zorgt voor een beschermende oxidehuid die niet schadelijk is voor mensen. Daarom worden naast leidingen in de foodsector ook verschillende gereedschappen, silo’s, apparaten en machines van roestvaststaal legeringen gemaakt.

De lassen die zijn aangebracht in zuivelleidingen moeten voorzien zijn van een perfecte doorlas zodat geen randje ontstaat aan de binnenkant van de leiding waarachter bacteriën zich kunnen nestelen. Dit wordt doormiddel van het zogenoemde ‘wikken’ gedaan waarbij een TIG lastoestel wordt gehanteerd en geen gebruik wordt gemaakt van toevoegmateriaal om de las zo dun mogelijk te krijgen.

Overigens wordt bij de zuivelindustrie vooral over een fitter gesproken wanneer deze kan inmeten. Dit houdt in dat de fitter het parcours van een leiding moet kunnen bepalen en rekening moet houden met verschillende ruimtelijke aspecten die daarbij aan de orde komen. Er wordt in de zuivel meer gelast dan gefit doormiddel van zuivelkoppelingen. Een fitter heeft daarom vaak een lasser bij zich die achter hem of haar aan de leidingen aan elkaar vast last wanneer het traject is ingemeten.

De petrochemische en gas sector
De petrochemische sector houdt zich bezig met het op verschillende temperaturen kraken en verwerken van aardolie tot verschillende chemische producten zoals brandstoffen en smeermiddelen. Binnen deze sector zijn verschillende diameters leidingen aanwezig met verschillende wanddiktes. Dit geld ook voor de gasindustrie. Bij gasleidingen van bijvoorbeeld transportlocaties wordt gebruik gemaakt van pijpleidingen die vervaardigd zijn van speciaal staal omdat in deze leidingen gas vaak onder grote druk wordt getransporteerd. De leidingen worden meestal aan elkaar gelast. Een goede las is een stevige verbinding die niet uitneembaar is. Wanneer uitneembare verbindingen moeten worden aangebracht, wordt gebruik gemaakt van grote flensen die aan de leidingen vastgelast worden. Daarnaast wordt speciaal pakkingmateriaal tussen de flenzen aangebracht zodat de verbinding na het hydraulisch aandraaien van de bouten geheel afgesloten wordt.

Het aandraaien van de bouten in de flenzen gebeurd meestal doormiddel van een hydraulische momentsleutel. Hierdoor kunnen bouten niet te ver of te weinig worden aangedraaid. Flenzen kunnen ook met een gewone sleutel worden aangedraaid. De manier waarop de flenzen moeten worden aangedraaid ligt in de petrochemische sector vaak vast in speciale beschrijvingen. Flensmonteurs krijgen naast training in de uitvoering van werkzaamheden vaak ook speciale veiligheidstrainingen en instructiefilmpjes te zien. Hiermee wordt getracht zo veilig mogelijk te werken en het aantal ongelukken op de werkplek te reduceren tot nul. Ongelukken met gasleidingen die onder druk staan kunnen namelijk fataal zijn.

De diameters van gasleidingen en olieleidingen verschillen. De diameter van een leiding is afhankelijk van de plek waar de leiding gebruikt wordt en de hoeveelheid gas en olie die getransporteerd moet worden binnen een bepaalde tijd. Er zijn in de gasindustrie leidingen met een doorsnee van 20 centimeter tot meer dan een meter. De buizen worden vaak voorzien van een beschermende mantel om ze te beschermen tegen invloeden van buitenaf.

Tot slot
In deze tekst zijn een aantal voorbeelden weergegeven van technische sectoren waarin fitten aan de orde kan komen. Er zijn uiteraard nog verschillende andere sectoren in de techniek te bedenken waarbij het koppelen van leidingen wordt toegepast. Fitten en piping  is specialistisch werk waarbij iedere sector specifieke eisen stelt aan de manier waarop moet worden gefit of pijpen doormiddel van flensen aan elkaar moeten worden verbonden. Een fitter blijft daarom meestal werkzaam in de sector waar hij ervaring in heeft. Zo blijven installatiemonteurs meestal fitten in woningen en utiliteit en komen ze niet in aanmerking voor de petrochemische sector tenzij ze daarvoor aanvullende opleidingen en trainingen hebben gevolgd.