Wat is cunifer en waar wordt deze legering voor gebruikt?

Cunifer is een metaallegering die bestaat uit drie hoofdbestanddelen. De samenstelling van cunifer bestaat uit Cu (Koper) Ni (Nikkel) en Fe (IJzer). Deze samenstelling wordt ook wel aangeduid met CuNiFer. De naam cunifer is in feite een opsomming van de Latijnse naam van de verschillende bestandsdelen van de metaallegering:

  • Cuprum is het Latijnse woord voor koper. Het scheikundige symbool van dit element is Cu. Koper heeft een goede corrosiebestendigheid en is makkelijk verwerkbaar. Daarnaast heeft dit metaal een goede elektrische geleidbaarheid.
  • Nickel is het Latijnse woord voor nikkel. Dit elementen heeft als scheikundig symbool de letters Ni. Dit metaal is goed bestand tegen corrosie en heeft goede eigenschappen bij hoge temperaturen. Daarnaast zet nikkel bij hoge temperaturen nauwelijks uit en is het materiaal goed lasbaar.
  • Ferrum is het Latijnse woord voor ijzer. Dit materiaal is minder goed tegen corrosie bestand dan de hiervoor genoemde metalen. Door de toevoeging van een klein percentage koolstof ontstaat staal. Staal is zeer sterk en daarnaast goedkoop. Dit maakt het materiaal zeer geschikt voor constructies en werktuigen.

De onderlinge verhouding tussen de metalen waar cunifer uit bestaat verschilt.  De meest gebruikelijke verhouding tussen koper en nikkel in deze legering zijn Cu/Ni 90/10 of Cu/Ni 70/30. De onderlinge verhouding van de elementen waaruit de legering bestaat zorgt er voor dat cunifer over een unieke combinatie van zowel sterkte als corrosievastheid beschikt. Tot zover de beschrijving van de bestandsdelen van cunifer. Hieronder is in een alinea vermeld waar cunifer voor wordt gebruikt.

Waar wordt cunifer voor gebruikt?
Cunifer is door de samenstelling van de metaallegering goed bestand tegen corrosie. Zelfs na het lassen van cunifer is het materiaal goed bestand tegen corrosie. Deze corrosievastheid zorgt er voor dat cunifer wordt toegepast in een omgeving waar gemakkelijk corrosie kan ontstaan. Een voorbeeld van een corrosiegevoelige omgeving is een omgeving die blootgesteld is aan zeewater. Daarom wordt cunifer vaak toegepast in de maritieme sector bijvoorbeeld voor leidingsystemen en flenzen aan boord van schepen en jachten. Cunifer wordt ook gebruikt voor appendages, koelwatersystemen en brandblusinstallaties. Daarnaast wordt cunifer ook gebruikt voor warmtewisselaars en condensors.

Wat is prefab of prefabricage in de techniek?

Prefabricage of prefab zijn woorden die regelmatig in de techniek worden gebruikt. Prefabricage houdt in dat producten in een werkplaats worden gemaakt in plaats van de locatie waar de producten moeten worden gebruikt. Het woord ‘pre’ fabricage maat dat duidelijk. Letterlijk vertaald zou dit woord voorfabricage betekenen. Doormiddel van prefabricage komen prefabproducten tot stand. Prefab wordt onder andere toegepast op de bouw en in de werktuigbouwkunde. Hieronder is daarover meer te lezen.

Prefab op de bouw
Het bouwen van huizen, fabrieken en utiliteit is niet eenvoudig. Men werkt in de  buitenlucht en deze buitenlucht is niet altijd voorzien van de optimale weersomstandigheden. Dit zorgt er voor dat de bouw stil zou komen te liggen of langzamer zou verlopen wanneer de weersomstandigheden erg slecht zouden zijn. Prefabricage in de bouw is daarvoor een goede oplossing. Hierbij worden elementen voor de bouw in een fabriek, loods of werkplaats gemaakt. Dit gebeurd meestal onder optimale omstandigheden. De bouwvakkers zoals metselaars of timmermannen kunnen de elementen onder optimale omstandigheden fabriceren zodat er ook een constante kwaliteit kan worden geleverd. Na het fabriceren van de elementen worden de elementen naar de bouwplaats getransporteerd. Op de bouwplaats worden de prefabelementen aan elkaar bevestigd.

Deze werkwijze zorgt er voor dat een groot deel van de bouw van een huis of utiliteitspand onder optimale omstandigheden kan worden gedaan. Dit bespaard tijd en geld. Prefabelementen kunnen van hout of beton zijn gemaakt. Ook kan gebruik worden gemaakt van gemetselde elementen. De voorbereidingsfase van prefab bouwen vereist over het algemeen wel meer tijd. Dit komt omdat men de elementen van te voren vervaardigd en niet op de bouw zelf. Het is belangrijk dat de elementen goed passen. De tekeningen die worden gemaakt voor prefab bouw moeten goed gecontroleerd worden. De bouwvakkers die de elementen vervaardigen moeten zich goed aan de tekeningen houden. Wanneer dit namelijk niet gebeurd bestaat de kans dat men tijdens het samenvoegen van de elementen fouten moet gaan herstellen. Dit herstellen van fouten tijdens de afbouw kan zeer veel tijd in beslag nemen waardoor het voordeel van prefab bouwen verdwijnt.

Prefab in de werktuigbouwkunde
Naast de bouw wordt ook in de werktuigbouwkunde veel aan prefab gedaan. Hierbij worden geen woningen gebouwd maar wel andere grote objecten zoals installaties in de procesindustrie, schepen en grote machines. Met name lassers doen veel prefab werkzaamheden. Dit komt omdat men in grote schepen en installaties niet altijd de ruimte heeft om een las goed te maken. Doormiddel van prefab kan men bochten aan leidingen lassen of andere moeilijke constructies maken. Zodra deze onderdelen van te voren gelast zijn kan men deze in een machine of installatie plaatsen doormiddel van lassen. Het is ook mogelijk om bijvoorbeeld tijdens prefab flenzen te lassen aan leidingen. Dit zorgt er voor dat de leidingen niet meer in positie aan elkaar gelast te hoeven worden. In plaats daarvan kan men de flenzen aan elkaar verbinden doormiddel van het aandraaien van bouten en het plaatsen van pakkingmateriaal. Hierdoor kunnen de prefab producten doormiddel van uitneembare verbindingen in positie worden gebracht.

Prefab lassen en prefab montage levert in de werktuigbouwkunde ook een tijdsbesparing op. Daarnaast zijn sommige objecten en constructies niet zonder prefabmontage of prefablaswerk aan elkaar te bevestigen. Het is net als bij prefabricage in bouw van belang dat men goed meet. Als de maatvoering verkeerd is kan men tijdens het monteren van de prefabonderdelen in moeilijkheden komen. Dit kan veel tijd kosten. In sommige gevallen is door een fout het geprefabte product geheel voor niets gemaakt. Een belangrijk voordeel van prefab is echter wel dat een lasser of monteur onder ideale omstandigheden een product kan maken. Hierbij kan meestal de ideale laspositie worden gekozen en kan men bijvoorbeeld gebruik maken van een mal. Dit komt de kwaliteit ten goede.

Wat is torque tensioning en bolt tensioning bij het bevestigingen van flenzen?

Voor de petrochemie en gas worden door Nederland en vele andere Europese landen grote transportleidingen gelegd. Deze leidingen kunnen op verschillende manieren worden bevestigd. Naast het bevestigingen van leidingen doormiddel van lassen worden leidingen ook wel bevestigd doormiddel van flenzen. Flensverbindingen hebben als voordeel ten opzichte van lasverbinding dat flensverbindingen uitneembaar zijn.

Een flensverbinding moet goed worden afgedicht. Hiervoor wordt pakking materiaal aangebracht en worden de bouten op spanning gebracht. Spanning is in het Engels ‘tension’. De spanning in de bout kan op twee manieren tot stand komen. Door aan de bout te trekken en door de moer aan te draaien. Deze twee manieren worden hieronder uitgelegd.

Bolt tensioning
Bij bolt tensioning wordt spanning in de bout gebracht. Dit wordt gedaan door aan de bout te trekken. Dit gebeurd doormiddel van een hydraulisch systeem. Hierbij wordt de draadkant van de bout aangetrokken waardoor er ruimte ontstaat tussen de moer en de flens. Door deze ruimte kan de moer handmatig door de flensmonteur worden aangedraaid. Het bolt tensioningsysteem overwint de wrijvingskrachten waardoor de moer zonder veel krachtsverlies kan worden aangedraaid.

Torque tensioning
Bij torque tensioning wordt ook spanning in de bout gebracht maar in dit geval komt de spanning tot stand door een moer aan te draaien. Dit gebeurd met een hydraulische torquesleutel. Torque tensioning gaat gepaard met veel wrijving. Bij het aandraaien van de moeren moeten wrijvingskrachten worden overwonnen. Dit vergt veel energie. Bij torque tensioning gaat ongeveer negentig procent van de geleverde kracht verloren in het overwinnen van de wrijvingskrachten. Slechts tien procent wordt gebruikt om daadwerkelijk de moer aan te draaien.

Wat doet een instrumentatiefitter en wat is instrumentatiefitten?

Een instrumentatiefitter werkt vaak in de olie- en gasindustrie (petrochemie) of in de procesindustrie. De functie is vergelijkbaar met de functie pijpfitter. Toch zijn er een aantal verschillen. Een pijpfitter fit vaak een pijpleidingtraject aan elkaar vast doormiddel van flenzen. Hierbij kiest de pijpfitter de juiste flenzen en plaatst deze het voorgeschreven pakkingmateriaal. Een instrumentatiefitter kan meer dan alleen pijpfitten, hij of zij kan de instrumentatie die aan het proces verbonden is ook fitten. Hieronder is informatie weergegeven over de werkzaamheden van een instrumentatiefitter en de verantwoordelijkheden die daar bij horen.

Instrumentatiefitten
Een instrumentatiefitter doet nauwkeuriger werk aan de meet en regelapparatuur die verbonden is aan de leidingen en apparaten die aanwezig zijn in de procesindustrie en olie en gasindustrie. Deze meet en regelapparatuur heeft onder andere te maken met de temperatuur, de flow, het niveau en de druk die in leidingen en aanverwante apparatuur aanwezig is. Deze meet en regelapparatuur wordt gebruikt om de hiervoor genoemde aspecten van het proces te meten en te regelen. Dit moet nauwkeurig gebeuren omdat de gevolgen van een verkeerde meting zeer ernstig kunnen zijn in de olie en gasindustrie. Instrumentatiefitten is niet een beroep dat zich alleen richt op mechanische werkzaamheden. Veel van de meetsystemen en regelsystemen zijn elektronisch. Daar moet bij instrumentatiefitten rekening mee gehouden worden. Een ervaren instrumentatiefitter heeft daarom ook verstand van elektronica.

Fitten van leidingen
Daarnaast moeten leidingen aan de meet en regelsystemen worden gekoppeld. Hierbij komt ook fitwerk aan de orde. Dit zijn echter vaak kleinere leidingen dan de grotere transportleidingen die een pijpfitter aan elkaar bevestigd.  De kleinere leidingen moeten zeer nauwkeurig in de juiste bocht gebogen worden. Het is belangrijk dat de instrumentatiefitter de bocht in het juiste aantal graden maakt. De bocht kan vaak achteraf niet worden rechtgetrokken omdat de leidingen daarvoor te dun zijn. Het rechttrekken kan vaak wel gebeuren bij het grovere werk van een pijpfitter als het een kleine afwijking betreft.

Een instrumentatiefitter voert nauwkeurige werkzaamheden uit. En moet zelfstandig aan de hand van tekeningen een leidingwerk aanleggen en hierin de voorgeschreven koppelingen maken. Daarnaast moet een instrumentatiefitter in staat zijn om zijn eigen werk te controleren op fouten. Wanneer er fouten of problemen ontstaan moet een instrumentatiefitter in staat zijn deze volgens de voorschriften veilig op te lossen. Een instrumentatiefitter kan zelfstandig werken maar kan ook in teamverband worden ingezet.

Veiligheid in de petrochemie en gasindustrie
Instrumentatiefitters in de petrochemie en gasindustrie krijgen te maken met zeer brandbare en explosiegevoelige stoffen. Daarnaast staan de leidingen vaak onder hoge druk. Een instrumentatiefitter moet zijn of haar werkzaamheden zeer nauwkeurig uitvoeren en er voor zorgen dat er geen veiligheidsrisico’s ontstaan. Daarom krijgen instrumentatiefitters regelmatig nieuwe veiligheidsinstructies en veiligheidstrainingen. Een instrumentatiefitter moet in zijn of haar dagelijkse werkzaamheden de veiligheidsinstructies nauwgezet opvolgen.

Wat doet een pijpfitter?

Pijpfitters onderhouden en installeren pijpleidingen en sluiten deze aan op apparaten. Een pijpfitter kan te maken krijgen met pijpen van verschillende diameters en wanddiktes. De diameter en wanddikte van een pijpleiding is van een aantal factoren afhankelijk. Deze worden bepaald door onder andere de vloeistoffen of de gassen die er doorheen worden getransporteerd. De druk die op de leiding staat en de hoeveelheid gas of vloeistof die moet worden getransporteerd in een bepaalde tijd is ook van belang bij het bepalen van de doorsnede en de wanddikte van de leiding. Daarnaast hebben vloeistoffen en gassen invloed op de leiding en moeten leidingen in de(petro)chemische sector van hoogwaardig metaal worden vervaardigd om corrosie en oxidevorming tegen te gaan. Ook aan de manier waarop pijpen aan elkaar worden gefit zijn eisen gesteld. Een pijpfitter moet goed weten hoe hij leidingen aan elkaar bevestigt en welke veiligheidsaspecten daarbij aan de orde komen.

Werkzaamheden van een pijpfitter
Een pijpfitter voert werkzaamheden uit aan pijpen en pijpsystemen. De pijpfitter last pijpen aan elkaar vast of soldeert deze. Ook kan een pijpfitter flenzen aan de pijpen lassen zodat er flensverbindingen tot stand kunnen worden gebracht. Tussen de flenzen wordt vaak pakkingmateriaal aangebracht zodat een optimale dichting ontstaat tussen de twee flenzen.

Een pijpfitter maakt daarnaast pijpen op maat door ze de snijden of te zagen. Ook het buigen van bochten kan aan de orde komen. Hierbij moet de pijpfitter de bochten in de juiste graden buigen en daar komt vakmanschap bij kijken. Het maken van bochten en T-stukken wordt meestal op een speciaal daarvoor ingerichte werkplaats gedaan. Wanneer deze speciale vormen van te voren worden gefabriceerd spreekt men van prefab. Prefabricage heeft als voordeel dat men op het traject sneller kan fitten. Wanneer prefab niet mogelijk is moeten bochten tijdens het daadwerkelijke fitproces worden gemaakt. Dit kost meer tijd maar zorgt er meestal wel voor dat dat de bochten meteen in de juiste graden zijn gemaakt.

De juiste materialen om deze werkzaamheden uit te voeren moeten door de pijpfitter worden verzameld en hij moet weten hoe hij de gereedschappen correct moet gebruiken.  Een pijpfitter werkt vaak samen met een lasser. Hierbij zet de pijpfitter het traject uit van de leidingen en last de lasser de leidingen vervolgens aan elkaar vast.

Pijpfitters worden ook wel ingezet voor het beugelen van leidingen of het aanbrengen van een andere draagconstructie die er voor moet zorgen dat de leiding op de juiste plaats blijft zitten. In die positie is een pijpfitter een constructiebankwerker die ook moet boren, schroeven, lassen, verzekeren enzovoort. Veel pijpfitters hebben daarom in de basis verstand van de algemene metaalbewerkingstechnieken.

Pijpfitters zijn niet alleen aan het werk bij het aanleggen van nieuwe leidingen. Ook bestaande leidingen kunnen door ervaren pijpfitters op deugdelijkheid worden gecontroleerd. Pijpfitters zijn in die positie meer aan het werk als onderhoudsmonteurs. Hierbij kan gedacht worden aan het vervangen van leidingen het verhelpen van lekkage of het opnieuw aanbrengen van pakkingmateriaal.

Soorten leidingen die worden gefit
Er kunnen verschillende leidingen door een fitter aan elkaar worden verbonden. Dit is afhankelijk van het toepassingsgebied van de leidingen. Zo bestaan er leidingen die worden aangelegd voor pneumatische circuits. Pneumatische leidingen werken op luchtdruk. Hydraulische leidingen kunnen ook worden aangelegd, deze werken op oliedruk. Naast deze leidingen worden ook leidingen voor verwarming, stoom, water en koeltechniek aangelegd.

Flensverbindingen
Grote leidingen voor bijvoorbeeld de petrochemische sector worden aan elkaar bevestigd doormiddel van niet uitneembare verbindingen zoals lassen. Wanneer verbindingen wel uitneembaar moeten zijn spreekt men in de gasindustrie en petrochemische sector vaak over het koppelen van flenzen. Deze flenzen worden aan leidingen gelast. Omdat bij grote leidingen vaak met flenzen wordt gewerkt noemt men degenen die deze koppelingen leggen flensmonteurs. Flensmonteurs kunnen ook kleppen monteren zoals vlinderkleppen en keerkleppen in grote leidingen.

Wat is leiding fitten, pijpfitten en flensmontage?

Binnen de techniek worden de term fitten, fitting, pijpfitten en piping regelmatig gebruikt. Fitten houdt in dat pijpen, buizen of leidingen op elkaar worden aangesloten. De manier waarop gefit wordt is van een aantal factoren afhankelijk. Het materiaal waarmee de fitting tot stand wordt gebracht moet in bepaalde mate vervormd kunnen worden. Daarom zijn fittingen vaak gemaakt van messing, koper of temperijzer. Daarnaast kan gebruik worden gemaakt van pakkingmateriaal om de fitting waterdicht of luchtdicht te maken.

De diameter van de leiding en het gas of vloeistof die er doorheen wordt getransporteerd zijn tevens van invloed op de eisen die aan de fitting worden gesteld. Met name bij gasleidingen kan een grote druk in de leiding aanwezig zijn. Deze druk zorgt er voor dat de leidingen van voldoende wanddikte moeten worden vervaardigd. Ook aan de fittingen en het pakkingmateriaal van leidingen die onder druk staan zijn hoge eisen gesteld.

Voor leidingen die worden aangelegd in woningen zijn weer andere richtlijnen dan voor grote transportleidingen die onder de grond of op de zeebodem worden aangebracht. Dit heeft te maken met de uitwerking van externe factoren op de leidingen. Daarom worden leidingen die onder invloed staan van water, warmte, kou, erosie vaak van een beschermde mantel voorzien. In verschillende beroepen binnen de techniek kan fitten aan de orde komen. Hieronder staan een aantal voorbeelden van technische sectoren en industrieën waarbij fitten en piping aan de orde kunnen komen.

Fitten in de installatietechniek
In de installatietechniek kan fitten aan de orde komen bij het aanleggen van leidingen voor de centrale verwarming, of bij gasleidingen en waterleidingen in een woning of bedrijfspand. Hierbij wordt verschil gemaakt tussen dikwandige leidingen en dunwandige leidingen. Dikwandige leidingen treft men met name aan in de utiliteit en industrie. Deze leidingen hebben een grotere wanddikte die 3,5 mm of meer bedraagt. Vandaar dat men spreekt over dikwandige leidingen.

Dunwandige leidingen hebben een wanddikte tot maximaal 3,5 mm en worden ook wel precisiebuizen genoemd. Deze buizen zijn gemaakt van zink of RVS en worden doormiddel van knelkoppelingen aan elkaar vast gefit. Daarnaast wordt nog gebruik gemaakt van draadpijp. Op draadpijp wordt schroefdraad gesneden. Doormiddel van een schroefdraadverbinding en pakkingmateriaal in de vorm van teflon tape, hennep of fitterskit worden draadpijpen aan elkaar gefit. Het is belangrijk dat de fittingen goed zijn aangebracht en gasdicht en waterdicht zijn omdat anders lekkage kan ontstaan met alle gevolgen van dien.

Naast draadpijpen zijn er nog de vlampijpen. Hierop wordt geen draad gesneden. Een vlampijp wordt aan elkaar gelast. De lassen zorgen er voor dat deze verbinding niet uitneembaar is en daardoor bestand is tegen hoge druk. Het lassen van vlampijpen gebeurd onder andere doormiddel van het autogeen lasproces. Dit lasproces wordt tegenwoordig steeds meer vervangen door het TIG lasproces.

Fitten in de procesindustrie
De procesindustrie is een omvangrijke technische branche die ook wel de maakindustrie wordt genoemd. Binnen de procesindustrie worden verschillende grondstoffen verwerkt tot een eindproduct. Dit kunnen zowel voedsel, brandstof als uiteenlopende consumentenproducten zijn zoals medicijnen, verzorgingsproducten en parfums. De veelzijdigheid in processen die plaatsvinden in de procesindustrie zorgen er voor dat er verschillende soorten leidingen en vormen van leidingfitten aan de orde komen. Van klein tot groot leidingwerk is te vinden in de procesindustrie. Een aantal werkzaamheden komen overeen met de fitwerkzaamheden die een installatiemonteur uitvoert.

Fitten in de zuivelindustrie
De procesindustrie, die zich richt op het produceren van zuivel en andere food, stelt specifieke eisen aan de verbindingen die tussen leidingen tot stand worden gebracht. In deze verbindingen mogen geen voedselresten achter blijven omdat daarin bacteriën kunnen ontstaan die de rest van het voedsel kunnen besmetten en daarmee de houdbaarheid van het product ernstig kunnen verstoren. Daarom wordt bij het fitten van zuivelleidingen gebruik gemaakt van speciale zuivelkoppelingen. Deze koppelingen zorgen voor een vrijwel naadloze verbinding en worden aan de leidingen vastgelast die met elkaar verbonden moeten worden. De aangelaste zuivelkoppelingen kunnen vervolgens aan elkaar gefit worden. Zo ontstaat naast een hygiënisch verantwoorde verbinding die ook nog sterk is.

De leidingen die in de zuivelindustrie worden aangelegd zijn meestal gemaakt van roestvaststaal omdat dit vrijwel niet zichtbaar oxideert,  oxide heeft een slechte invloed op de hygiëne. De oxide die wel bij roestvaststaal aanwezig is ontstaat uit het in RVS aanwezige chroom. Dit zorgt voor een beschermende oxidehuid die niet schadelijk is voor mensen. Daarom worden naast leidingen in de foodsector ook verschillende gereedschappen, silo’s, apparaten en machines van roestvaststaal legeringen gemaakt.

De lassen die zijn aangebracht in zuivelleidingen moeten voorzien zijn van een perfecte doorlas zodat geen randje ontstaat aan de binnenkant van de leiding waarachter bacteriën zich kunnen nestelen. Dit wordt doormiddel van het zogenoemde ‘wikken’ gedaan waarbij een TIG lastoestel wordt gehanteerd en geen gebruik wordt gemaakt van toevoegmateriaal om de las zo dun mogelijk te krijgen.

Overigens wordt bij de zuivelindustrie vooral over een fitter gesproken wanneer deze kan inmeten. Dit houdt in dat de fitter het parcours van een leiding moet kunnen bepalen en rekening moet houden met verschillende ruimtelijke aspecten die daarbij aan de orde komen. Er wordt in de zuivel meer gelast dan gefit doormiddel van zuivelkoppelingen. Een fitter heeft daarom vaak een lasser bij zich die achter hem of haar aan de leidingen aan elkaar vast last wanneer het traject is ingemeten.

De petrochemische en gas sector
De petrochemische sector houdt zich bezig met het op verschillende temperaturen kraken en verwerken van aardolie tot verschillende chemische producten zoals brandstoffen en smeermiddelen. Binnen deze sector zijn verschillende diameters leidingen aanwezig met verschillende wanddiktes. Dit geld ook voor de gasindustrie. Bij gasleidingen van bijvoorbeeld transportlocaties wordt gebruik gemaakt van pijpleidingen die vervaardigd zijn van speciaal staal omdat in deze leidingen gas vaak onder grote druk wordt getransporteerd. De leidingen worden meestal aan elkaar gelast. Een goede las is een stevige verbinding die niet uitneembaar is. Wanneer uitneembare verbindingen moeten worden aangebracht, wordt gebruik gemaakt van grote flensen die aan de leidingen vastgelast worden. Daarnaast wordt speciaal pakkingmateriaal tussen de flenzen aangebracht zodat de verbinding na het hydraulisch aandraaien van de bouten geheel afgesloten wordt.

Het aandraaien van de bouten in de flenzen gebeurd meestal doormiddel van een hydraulische momentsleutel. Hierdoor kunnen bouten niet te ver of te weinig worden aangedraaid. Flenzen kunnen ook met een gewone sleutel worden aangedraaid. De manier waarop de flenzen moeten worden aangedraaid ligt in de petrochemische sector vaak vast in speciale beschrijvingen. Flensmonteurs krijgen naast training in de uitvoering van werkzaamheden vaak ook speciale veiligheidstrainingen en instructiefilmpjes te zien. Hiermee wordt getracht zo veilig mogelijk te werken en het aantal ongelukken op de werkplek te reduceren tot nul. Ongelukken met gasleidingen die onder druk staan kunnen namelijk fataal zijn.

De diameters van gasleidingen en olieleidingen verschillen. De diameter van een leiding is afhankelijk van de plek waar de leiding gebruikt wordt en de hoeveelheid gas en olie die getransporteerd moet worden binnen een bepaalde tijd. Er zijn in de gasindustrie leidingen met een doorsnee van 20 centimeter tot meer dan een meter. De buizen worden vaak voorzien van een beschermende mantel om ze te beschermen tegen invloeden van buitenaf.

Tot slot
In deze tekst zijn een aantal voorbeelden weergegeven van technische sectoren waarin fitten aan de orde kan komen. Er zijn uiteraard nog verschillende andere sectoren in de techniek te bedenken waarbij het koppelen van leidingen wordt toegepast. Fitten en piping  is specialistisch werk waarbij iedere sector specifieke eisen stelt aan de manier waarop moet worden gefit of pijpen doormiddel van flensen aan elkaar moeten worden verbonden. Een fitter blijft daarom meestal werkzaam in de sector waar hij ervaring in heeft. Zo blijven installatiemonteurs meestal fitten in woningen en utiliteit en komen ze niet in aanmerking voor de petrochemische sector tenzij ze daarvoor aanvullende opleidingen en trainingen hebben gevolgd.