Buigen en buigtechniek voor buizen

Buigen is het vervormen van buizen door ze in een bepaalde hoek te vervormen. Het buigen van een buis lijkt eenvoudig maar dat is het niet. Veel buizen worden in de installatietechniek ter plekke in de juiste vorm gebogen. Hierbij kan je denken aan buizen die worden gebruikt voor een waterleidingnetwerk en een verwarmingsinstallatie. Door deze buizen wordt warm of koud water getransporteerd. De buizen worden over het algemeen aangebracht door installatiemonteurs. Het buigen van buizen op de werklocatie wordt ook wel buigen in het werk genoemd. Een andere mogelijkheid is het voor fabriceren van bochten die wordt ook wel prefab genoemd.

Prefab bochten maken
Het buigen van bochten in het werk wordt steeds minder toegepast. Het vereist namelijk veel vakkennis en inzicht om een buis in de juiste bocht te buigen. Daarnaast kost het verhoudingsgewijs veel tijd om buizen handmatig doormiddel van een buigblok of buigijzer in de juiste vorm te brengen. Daarom worden bochten steeds vaker prefab aangeleverd. Dit zijn voorgebogen buizen die door toeleveringsbedrijven worden geleverd op basis van bestelling aan installatiebedrijven. Niet alleen installateurs maken gebruik van voorgebogen buizen of prefab bochten ook andere bedrijven passen deze toe. Hierbij kan men denken aan bedrijven in de machinebouw, maar ook bedrijven in de olie-industrie en procesindustrie.

Toepassing van buiggereedschap
Als men buizen gaat buigen heeft men gereedschap nodig. Voor het buigen van kunststof installatiebuis kan men in principe een buigveer gebruiken. Dat is een eenvoudige veer die in de buis of om de buis wordt aangebracht voordat men de buis in de gewenste bocht gaat buigen. Dit buigen gebeurd met de hand. De buigveer zorgt er voor dat de buis niet gaat knikken.

Voor het buigen van metalen buizen kun je geen buigveer gebruiken. Voor metalen buizen moeten zwaardere gereedschappen worden toegepast. In ieder geval is een buigblok nodig, om een buikgblok wordt namelijk de buis heen gebogen. Daarnaast moet er ook gebruik worden gemaakt van een klemblok. Het klemblok houdt de buis op zijn plaats als de buis in het buigblok wordt gebogen. Er wordt tevens een geleider gebruikt, deze geleider volgt de buis tijdens het buigproces. Om te voorkomen dat een buis gaat knikken wordt een doorn toegepast. Deze wordt gebruikt om de buis rond te houden.

Verder wordt nog een zogenoemde plooienstrijker gebruikt. Deze wordt gebruikt om te voorkomen dat er rimpels oftewel plooien ontstaan aan de binnenkant van de buigbocht. De kans op rimpels is vooral aan de orde bij buizen met een kleine hartlijnstraal. Het is belangrijk dat de plooienstrijker goed wordt ingesteld anders ontstaan er toch rimpels op de bocht en zal ook de plooienstrijker kunnen beschadigen.

Problemen met het buigen van bochten
Het buigen van bochten is zoals eerder benoemd niet eenvoudig. Metalen en kunststoffen zijn altijd in bepaalde mate elastisch. Dit houdt in dat men na het buigen van de bocht nog een kleine vervorming zal merken. Het materiaal veert als het ware een beetje terug. Er komt veel inzicht bij kijken als men een bocht in de gewenste vorm brengt. Men moet de bocht iets verder doorbuigen dan de gewenste maat zodat de vervorming die door de vering ontstaat wordt opgevangen.

Naast het optreden van vering wordt de buitenkant van de buis dunner. Hierdoor wordt de bocht dunner en kan deze kapot scheuren. Ook kan er een knik ontstaan als men de bocht niet goed aanbrengt waardoor de bocht feitelijk onbruikbaar wordt. Aan de binnenkant kunnen rimpels of plooien ontstaan als men de plooienstrijker niet goed gebruikt. Daarom is het van belang dat men de gereedschappen die in de alinea “toepassing van buiggereedschap” zijn benoemt goed gebruikt.

Wat is het verschil tussen pijp en buis?

In de techniek maakt men gebruik van zowel pijp als buis. Over het algemeen zijn pijpen en buizen onderdelen van installaties of machines. Kortom het zijn slechts gedeeltes van een werktuigen of installaties. Zowel een pijp als een buis is een hol onderdeel met een cilindrische vorm. Buizen en pijpen worden gemaakt van verschillende metalen en metaallegeringen en kunnen op het gebied van afmetingen en wanddikte verschillen. Daarnaast bestaat en er ook nog verschillen tussen pijp en buis op algemeen gebied. Deze verschillen worden in de alinea’s hieronder duidelijk gemaakt.

Wat is pijp precies?
Een pijp is iets anders dan een buis. Veel leken weten dit niet maar monteurs in de installatietechniek en pijpfitters weten het verschil vaak wel. Allereerst is er het verschil in de maatvoering. De maat van een pijp is gebaseerd op de binnendiameter. Dit wordt ook wel de inwendige diameter genoemd en afgekort met de letters ID. Men zegt ook wel dat een pijp aan de binnenzijde is getolereerd.

De maatvoering van een pijp wordt over het algemeen nog aangegeven in Engelse inches. Deze maatvoering wordt ook wel Engelse duim genoemd en is precies 25,4 mm. Naast de maatvoering of maataanduiding is ook de buitenkant van de pijp minder nauwkeurig afgewerkt dan een buis. Vaak voelt een pijp ruw aan en als er sprake is van pijp van koolstofstaal dan is het goed mogelijk dat er wat vliegroest op aanwezig is. De buitenkant van een pijp kan een kleine afwijking vertonen op het gebied van rondheid en daarnaast kan ook de wanddikte (WD) een beetje afwijken. De binnenkant van een pijp is over het algemeen wel goed glad afgewerkt.

Er zijn verschillende soorten pijpen. Bekende soorten zijn stoompijp, vlampijp en gaspijp. Deze pijpen worden door pijpfitters en dikwandige installatiemonteurs gebruikt. Pijpen kunnen op verschillende manieren aan elkaar bevestigd worden. Men kan on-uitneembare verbindingen maken doormiddel van smeltlasverbindingen. Het TIG-lasproces en het autogeen lasproces worden nog regelmatig gebruikt voor deze verbindingen op de bouwlocatie. Men kan echter ook flenzen aanlassen zodat leidingen met flensverbindingen kunnen worden gemonteerd op locatie.

Een andere mogelijkheid is het snijden van schroefdraad op pijp. Hierdoor kunnen pijpen doormiddel van schroefdraadkoppelingen aan elkaar bevestigd of gefit worden. het snijden van schroefdraad gebeurd doorgaans op pijpen met een diameter tot drie inch.

Wat is een buis precies?
Een buis verschilt van een pijp. Allereerst is de wanddikte van een buis veel dunner dan de wanddikte van een pijp. Daardoor kun je op buis geen schroefdraad snijden. De buitenzijde van een buis is glad evenals de binnenkant. Een buis is een jonger product dan een pijp en de maatvoering is ook minder traditioneel. Men geeft de maat van een buis aan in millimeters. Daarbij meet men de buitenzijde (UD = uitwendige diameter) van de buis en hanteert deze als maatvoering, men zegt ook wel dat een buis aan de buitenzijde is getolereerd.

Verder is een buis in tegenstelling tot een pijp wel perfect rond. Pijpen worden met een andere methode aan elkaar bevestigd dan buizen. Bij buizen schuift men fittingen over de buis heen. Deze fittingen worden ook wel buisfittingen genoemd en zijn er in verschillende vormen en maten. Er kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van knelkoppelingen en knelverbindingen.

Tot slot is het belangrijk om te weten dat er in de praktijk nogal wat verwarring kan optreden met betrekking tot de afmetingen van een pijp of buis. Daarom is het belangrijk dat men bijvoorbeeld bij een aanvraag of bestelling duidelijk aangeeft wat voor afmetingen men wenst. Dan kan men het hebben over de binnendiameter, buitendiameter, wanddikte en een omschrijving geven van de zoals kwaliteit, finish etc. Ook de normen (EN en ASME) zijn van belang.

Wat is een fitting tussen pijpen?

Een fitting is een uitneembare verbinding tussen twee onderdelen door bijvoorbeeld gebruik te maken van schroefdraad. Een fitting is een ruim begrip dat onder andere in de elektrotechniek wordt gebruikt voor het bevestigen van een lamp. Het gedeelte waar de lampvoet in bevestigd wordt is de fitting. Het woord ‘fitting’ wordt echter ook gebruikt in de onderhoudstechniek, installatietechniek en leidingbouw. In dat geval gebruikt men het wordt fitting als verbinding tussen pijpen. Daarom noemt men die verbindingen ook wel pijpfittingen. Iemand die pijpfittingen aanbrengt wordt ook wel een pijpfitter genoemd. Voordat men weet wat een pijpfitting precies is moet men weten wat een pijp is. Hierover gaat de volgende alinea.

Wat is een pijp?
Men gebruikt in de praktijk regelmatig de termen buis en pijp regelmatig door elkaar. Er is echter een wezenlijk verschil tussen een pijp en buis. Dit heeft te maken met de maatvoering. De maat van een pijp wordt aangegeven op basis van de binnendiameter, met andere woorden een pijp is aan de binnenzijde getolereerd (DN).

Over het algemeen geeft men de maatvoering van pijp aan in inches. De buitenkant van pijp ruw en de wanddikte en de rondheid kunnen in geringe mate afwijkingen vertonen.

Bekende soorten pijp zijn gaspijp, stoompijp en vlampijp. Veel pijpen en fittingen worden met elkaar verbonden doormiddel van smeltlasverbindingen. Daarnaast kan men ook gebruik maken van schroefdraadverbindingen. Dit gebeurd met pijpen met diameters tot 3 inch. Naast schroefdraadverbindingen kan men ook flensverbindingen gebruiken voor pijpstukken.

Wat is een buis?
Op pijp kan men tot een bepaalde diameter schroefdraad snijden. Daarvoor is een buis echter niet geschikt. Een buis heeft een veel geringere wanddikte dan pijp. Buizen worden op een andere manier aan elkaar verbonden. Hierbij maakt men gebruik van zogenoemde buisfittingen. Deze fittingen schuift men over de buizen heen. Vervolgens kan men een knelverbinding maken met een apparaat maar er zijn ook persfittingen. De kwaliteit van de verbinding is voor een groot deel afhankelijk van de wand. De wand van een buis ziet er anders uit dan de wand van een pijp. Een buis is ook aan de buitenkant glad en precies rond. De wanddikte van de buis is, zoals eerder benoemd, ook geringer dan een pijp.

De maat van een buis wordt op basis van een buitendiameter aangegeven. Dit wordt in Nederland in mm aangeduid. Men zegt ook wel dat een buis aan de buitenzijde is getolereerd.

Wat is een pijpfitting?
Een pijpfitting is een verbinding tussen twee pijpen. Deze verbinding is uitneembaar maar men treft wel speciale voorzieningen die er voor zorgen dat de pijpfitting niet uiteen kan gaan door de vloeistoffen of het gas die er door getransporteerd worden. Een pijpfitting wordt door een pijpfitter aangebracht. Dit kan een loodgieter of cv-monteur zijn. De schroefdraad kan indien gewenst op de buizen of pijpen worden gesneden door een schroefdraadsnijder. Om er voor te zorgen dat de pijpen niet uit elkaar kunnen raken en geheel waterdicht zijn maakt men gebruik van teflon tape, hennep of fitterskit. Deze afdichtmaterialen worden over het schroefdraad heen aangebracht, vervolgens wordt het andere deel van de leiding (sok, bocht of T-stuk) over het schroefdraad met het afdichtmiddel heen gedraaid. Zo ontstaat, als het goed is, een waterdichte verbinding tussen twee leidingdelen.

Naast fittingen die gebaseerd zijn op schroefdraad zijn er ook fittingen die tot stand komen door zogenoemde persverbindingen. Hierbij worden de leidingen doormiddel van een speciaal persapparaat aan elkaar geperst. Als men persverbindingen aanbrengt vervormt men de pijp meestal permanent. Het materiaal dat men voor de pijp gebruikt moet dus vervormbaar zijn. Het ene deel wordt bijvoorbeeld in het andere deel geschoven om vervolgens de leidingen aan elkaar te persen met een speciaal daarvoor ontworpen apparaat.

Fitten of lassen
Men gebruikt vaak naast het woord fitter ook het woord lasser. Deze twee beroepen komen allebei in de installatietechniek en leidingbouw voor. Over het algemeen wordt in dit verband met een fitter iemand bedoelt die de leidingen aan elkaar koppelt met een fitting. Ook kan een fitter de leidingen met een kleine hechtlas aan elkaar verbinden. In dat geval volgt een lasser die de leiding aflast zodat er een permanente lasverbinding ontstaat. Een lasverbinding is in beginsel niet uitneembaar en moet daarom door een specialistische lasser worden aangebracht.

Lasverbindingen in de installatietechniek worden doormiddel van het autogeen of TIG lasproces aangebracht. In de procesindustrie zoals de zuivelindustrie maakt men veel gebruik van roestvaststalen leidingen. Deze leidingen worden doormiddel van het TIG lasproces aangebracht. In de zuivel worden zeer hoge eisen gesteld aan de binnenkant van de leidingen. De lassen moeten door de zuivellasser zo worden aangebracht dan de binnenkant goed uitvloeit zodat er geen bacteriën achter de lasnaad kunnen achterblijven.

Er zijn verschillende technieken zoals het wikken (ook wel walking the cup genoemd) om deze lasverbindingen te realiseren. De meeste lasverbindingen in de zuivel moeten conform een bepaalde lasmethodekwalificatie (LMK) worden aangebracht. Een lasser dient dan een lascertificaat te behalen waarin is aangegeven dat hij of zij een dergelijke las met een specifiek lasproces in een bepaalde positie (meestal G6 of HL-45) mag aanbrengen.

Koppel fitter en lasser
Lassers die over een dergelijk lascertificaat beschikken worden in de praktijk meestal alleen als lassers ingezet en niet als fitter. Over het algemeen maakt men een ‘koppel’ van een fitter en een lasser. De fitter gaat voor de lasser uit om de leidingen in te meten en de tijdelijke hechtlas aan te leggen. De lasser maakt het leidingwerk vervolgens met hoogwaardige lasverbindingen af. Op die manier werkt men samen aan een professionele leiding en wordt iedereen in zijn of haar vakdiscipline ingezet. Men kijkt bij het fitten en lassen vaak naar de wanddikte van de pijp. Om die reden geeft een leidinglasser vaak aan dat hij of zij ervaring heeft met dikwandige (stoompijp) of dunwandige leidingen.

Wat is wikken of walking the cup met TIG lassen?

Wikken is een lastechniek die wordt gebruikt voor het TIG lasproces. Het wikken wordt ook wel in het Engels walking the cup genoemd. Dit kan in het Nederlands worden omschreven als het lopen met de lastoorts. Dit beschrijft de beweging die men maakt met de lastoorts tijdens het wikken. Het wikken wordt vooral toegepast in het lassen van pijpen en buizen die gemaakt zijn van roestvast staal (RVS). Men kan echter ook pijpen en buizen lassen die gemaakt zijn van eenvoudige staallegeringen zoals  koolstofstaal en speciale staallegeringen zoals duplex.

Wikken als lasmethode
Men loopt met de mond/ cup van de lastoorts over de lasnaad. Daarbij maakt men 8 vormige bewegingen. Deze achtjes zijn een continue proces dat men met het lopen zou kunnen vergelijken. Van links naar rechts beweegt men met de lastoorts over het smeltbad om dan vervolgens weer iets terug te zakken om het smeltbad vlak onder de opening van de lasnaad nog vloeibaar te houden. Met de extra slag die men tijdens het wikken maakt wordt het lasproces wel arbeidsintensiever. Deze extra inspanning is wel nuttig omdat de kwaliteit van de lasverbinding door het wikken beter wordt.

Smeltbad tijdens wikken
Het smeltbad blijft tijdens het wikken langer heet en vloeibaar waardoor de doorlas beter wordt. Het smeltbad zakt iets naar beneden tot deze de binnenkant van de leiding bereikt. Daar vloeit het smeltbad beter uit en blijft het warmtebeeld strak. Hierdoor kan men meer kwaliteit realiseren. De las oogt netter zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de leiding (buis of pijp).

Wikken moet je leren
Wikken is een lasproces dat door ervaren TIG lassers moet worden uitgevoerd. Tijdens het wikken of walking the cup kan een lasser,  als deze onervaren is, de lasverbinding beschadigen doordat de lasser met de lastoorts het smeltbad raakt. Dan ontstaan er kleine puntjes in de lasnaad en dat zorgt voor een minder strak resultaat.

Hoe snel kun je wikken?
Wikken kan men met verschillende snelheden uitvoeren. Over het algemeen kiest men voor een strak resultaat voor een instelling van het lastoestel met een laag aantal Ampères. Hoe lager het aantal ampères hoe langzamer men moet lassen. Hoe hoger het aantal ampères hoe sneller men kan lassen. Niet elk materiaal en niet alle materiaaldiktes zijn even geschikt voor het lassen onder hoge ampères. Een lasser moet van te voren zelf inschatten wat verstandig is of moet het wps of de lasmethodekwalificatie er op naslaan.

Beschermingsgas/ backinggas
Uiteraard moet er bij het wikken wel gebruik worden gemaakt van beschermingsgas oftewel het backinggas. Dit is bij TIG lassen een inert gas dat er voor zorgt dat de lasnaad wordt beschermd tegen schadelijke invloeden in de lucht rondom het lasproces. Het backinggas wordt rondom de toorts aangebracht zodat de lasnaad aan de bovenkant tegen corrosievorming is beschermd. Daarnaast wordt het backinggas ook in de pijp of buis aangebracht om voor een goede binnenlas te zorgen. Deze binnenlas of doorlas moet perfect glad zijn als men de leiding in de voedingsmiddelenindustrie zoals de zuivelindustrie wil aanbrengen in een installatie waar voedingsmiddelen doorheen stromen.

Toevoegmateriaal of niet bij wikken?
Wikken kan men met en zonder lastoevoegmateriaal. Bij pijpen met een wanddikte tot 2 millimeter hoeft een lasser niet beslist draad toe te voegen aan het lasproces. Toch kan het wel vereist zijn voor de stevigheid van de lasverbinding. Boven de 2 millimeter voegt een lasser meestal wel draad toe tijdens het wikken of walking the cup. Ook bij pijpen met een diameter van 2 inch (2 duims) of meer voegt men in de regel wel lasdraad toe aan het lasproces.

Wikker
Een lasser die goed kan wikken noemt zichzelf ook wel een wikker. Een ervaren wikker bewijst zichzelf in de praktijk. Een wikker moet zonder problemen in de praktijk een leiding in een hoek van 45 graden (Hoeklas 45 oftewel HL45)  rondom kunnen lassen doormiddel van het TIG lasproces. Deze positie wordt ook wel G6 genoemd. Als je kunt wikken in deze positie dan ben je met recht een vakkracht.

Wat zijn gasleidingen en van welke materialen worden deze gemaakt?

Voor het transporteren van verschillende stoffen in gasvorm kan gebruik worden gemaakt van zogenoemde gasleidingen. Deze leidingen zijn buizen die gemaakt zijn van een metaallegering of van een kunststof. Gasleidingen worden in Nederland door verschillende specialistische bedrijven gelegd. Deze bedrijven kunnen onder andere onder de nutsbedrijven vallen zoals de Gasunie. Daarnaast zijn er veel reguliere bedrijven die in opdracht van nutsbedrijven gasleidingen aanbrengen. Het gaat hierbij meestal om aardgasleidingen. Er zijn echter ook andere gasleidingen die worden gelegd. Hieronder is meer informatie weergegeven over materialen die voor gasleidingen worden gebruikt en verschillende gassen die door gasleidingen heen kunnen stromen.

Welke materiaal kiest men voor een gasleiding?
Gasleidingen kunnen van verschillende materialen worden gemaakt. De keuze van het materiaal voor een gasleiding is afhankelijk van een aantal factoren:

  • Het soort gas dat getransporteerd wordt. Hierbij wordt extra aandacht besteed aan de risico’s op ontploffing, brand en ander schadelijke gevolgen zoals vergiftiging en verstikking die kunnen ontstaan wanneer gas uit de gasleiding ontsnapt.
  • De capaciteitseisen die worden gesteld aan het transport door de gasleiding. Kortom hoeveel gas moet worden getransporteerd op een bepaald moment. Dit bepaald mede de diameter van de leiding.
  • De druk waarmee gassen worden getransporteerd. De druk van gas heeft te maken met de capaciteitseisen. Als gassen snel getransporteerd moeten worden zal er veel druk op de gasleiding staan en moet de gasleiding van extra stevig materiaal worden gemaakt. Daarnaast worden ook extra hoge eisen gesteld aan de verbindingen waaruit het gasleidingtraject bestaat.
  • De invloeden van buitenaf die druk uitoefenen op de gasleiding. Hierbij kan gedacht worden aan bewegingen en trillingen die afkomstig zijn van gebouwen en machines waarin de gasleidingen zijn geplaatst.
  • Weersinvloeden zoals wind, sneeuw, hagel en regen kunnen ook invloed hebben op gasleidingen die buiten zijn geplaatst.
  • Temperatuur heeft eveneens een invloed op de gasleiding. Hierbij kan gedacht worden aan de omgevingstemperatuur waar de gasleiding is geplaatst en aan de temperatuur van de gassen die worden getransporteerd.
  • Corrosievastheid is belangrijk wanneer een leiding geplaatst is in de buitenlucht en met name in een omgeving met zouten zoals een zeeklimaat.
  • De prijs is ook van invloed bij het bepalen van het materiaal van een gasleiding.

Welke gassen worden vervoerd door een gasleiding?
Er worden verschillende gassen door gasleidingen getransporteerd. Door gasleidingen of pijpleidingen wordt onder ander aardgas getransporteerd. Daarnaast zijn er gasleidingen waar perslucht doorheen stroomt. Ook zijn er gasleidingen voor zuurstofgas, koolwaterstoffen, stikstofgas en waterstofgas. Dit zijn slechts een aantal voorbeelden. In onder andere de procesindustrie worden zeer veel verschillende gassen doormiddel van pijpleidingen getransporteerd.

Bevestigingsmethodes voor gasleidingen
Gasleidingen kunnen op verschillende manieren aan elkaar worden bevestigd. De bevestigingsmethodes kunnen worden onderverdeeld in uitneembare verbindingen en niet-uitneembare verbindingen. Voorbeelden van uitneembare verbindingen zijn:

  • Verbindingen van flenzen die doormiddel van bouten aan elkaar worden verbonden. Deze verbindingen worden gemaakt door flensmonteurs die hiervoor een speciale opleiding of cursus hebben gehad.
  • Koppelingen die gebaseerd zijn op schroefdraadverbindingen kunnen uit elkaar worden gehaald en zijn dus uitneembaar. Deze koppeldingen kunnen doormiddel van fittingen worden gemaakt en worden gemaakt door pijpfitters en installatiemonteurs.

Niet-uitneembare verbindingen

  • Verbindingen die doormiddel van lassen tot stand worden gebracht. Hierbij kan men denken aan gasleidingen die aan elkaar worden verbonden doormiddel van autogeen lassen, TIG-lassen, Mig/Mag lassen en elektrode lassen. Een bijzonder lasproces dat in de buitenlucht voor gasleidingen kan worden toegepast is fleetwelding hierbij worden zogenoemde pipeline-laselektroden gebruikt.
  • Sommige verbindingen worden doormiddel van vervorming tot stand gebracht. Buizen worden in elkaar geplaatst en vervolgens wordt er met een machine een vervorming zoals een rand aangebracht in de buis. Door deze vervorming kan de leiding niet eenvoudig weer uitelkaar worden gehaald en weer in elkaar worden gezet. Men zal telkens opnieuw een onvervormde leiding of buis moeten gebruiken om een goede verbinding te maken.
  • Spiegelassen wordt ook wel stuiklassen genoemd en wordt onder andere toegepast bij kunststof gasleidingen. Hierbij worden de uiteinden van twee leidingen gesmolten tegen een hete plaat (deze plaat wordt ook wel spiegel genoemd). Na het verwijderen van de spiegel worden de gesmolten uiteindes van de buizen tegen elkaar gedrukt. Na het uitharden van het gesmolten kunststof ontstaat een stevige verbinding. Spiegellassen wordt toegepast bij verschillende kunststoffen zoals polyetheen (HDPE), polypropeen (PP) en Polyvinyldieenfluoride (PVDF). Spiegellassen of stuiklassen kan worden gedaan door een spiegellasser of stuiklasser. Meestal vormt spiegelassen een onderdeel van installatiewerk.

Naast het aansluiten, fitten en lassen van gasleidingen worden ook appendages aangebracht. Dit zijn onderdelen die met de installatie verbonden zijn zoals kleppen en afsluiters. Verder wordt er aan installaties ook meetapparatuur en regelapparatuur gemonteerd. Met meetapparatuur men bijvoorbeeld de temperatuur of de druk meten van de gassen die door de leidingen stromen. Daarnaast is er ook regelapparatuur waarmee onder andere de druk kan worden ingesteld. De meet- en regeltechniek is zeer nauwkeurige techniek waarbij elektrotechnische componenten, elektronica, software en mechanische componenten nauw met elkaar verbonden zijn. Deze apparatuur wordt aangebracht door specialisten. Meestal is dit een instrumentatiefitter, een onderhoudstechnicus Instrumentatie OTI of een servicetechnicus Electro STE.