Wat is zuivel?

Zuivel is een verzamelnaam voor alle voedingsmiddelen die worden bereid uit rauwe melk. In plaats van zuivel gebruikt men ook wel de benaming melkproducten waarmee benadrukt wordt dat de producten van melk zijn gemaakt. De melk die in de zuivelindustrie wordt verwerkt tot zuivelproducten kan van verschillende zoogdieren afkomstig zijn. Over het algemeen gebruikt men voor de meeste zuivelproducten in Nederland koemelk als belangrijkste grondstof. Geitenmelk wordt in Nederland echter ook wel tot zuivelproducten verwerkt voor bijvoorbeeld geitenkaas. Datzelfde is het geval bij schapenmelk.

Wereldwijd wordt echter zuivel gemaakt en er zijn ook gebieden waar men geen oer-Hollandse bonte koeien heeft. Daarom maakt men in die gebieden  gebruik van andere zoogdieren zoals waterbuffels, kamelen, jaks en paarden.

Zuivelindustrie
In het verleden werden zuivelproducten vooral door kleine boeren gemaakt van de melk van hun koeien. Deze kleinschalige zuivelproductie was meestal net voldoende voor een kleine familie. Naarmate de boerenbedrijfjes groter werden kon ook meer zuivel worden geproduceerd. Boeren gingen zich echter steeds meer toeleggen op het houden van dieren en het winnen van melk. Het produceren van zuivelproducten werd op een gegeven moment zo complex en omvangrijk dat er zuivelfabrieken werden opgericht. Er ontstond een zuivelindustrie waarin steeds meer zuivelproducten werden gemaakt. Ook nam de diversiteit van zuivelproducten toe.

Zuivelproducten
Door de jaren heen zijn steeds meer zuivelproducten ontwikkeld. De diversiteit is enorm geworden door de toevoeging van verschillende soorten smaakstoffen en productiemethoden. Hieronder volgen een aantal voorbeelden van producten die behoren tot de zuivelproducten:

Melk

  • Melk
  • Chocolademelk
  • Karnemelk
  • Jakmelk

Kaas

  • Kaas
  • Schapenkaas
  • Geitenkaas

Dessert

  • Vla
  • Yoghurt
  • Consumptie-ijs
  •  Kwark
  • Pudding
  • Slagroom

Dit zijn slechts een paar voorbeelden. Er zijn veel meer soorten zuivelproducten op de markt. Men kan melk ook in poedervorm brengen waardoor de diversiteit nog verder is toegenomen. Door verschillende technieken zoals pasteuriseren waarbij schadelijke bacteriën worden vernietigt in zuivelproducten zijn deze producten bovendien langer houdbaar.

Zuivelindustrie en techniek
De zuivelindustrie is een industrie waarbij gebruik wordt gemaakt van verschillende machines en processen. Omdat de zuivelindustrie valt onder de voedingsmiddelen industrie worden aan de machines hoge eisen gesteld met betrekking tot de voedselveiligheid. Zuivel moet veilig geproduceerd worden en hygiënisch. Dit houdt in feite in dat de machines en leidingen die worden gebruikt in de zuivelindustrie zo schoon mogelijk moeten zijn en geen mogelijkheid moeten bieden voor het ontstaan van schadelijke bacteriën. Net als in andere industrieën is ook de zuivelindustrie een sector waarin veel wordt geautomatiseerd.

Door automatisering van productieprocessen worden productieprocessen sneller, goedkoper en wordt bovendien de kans op fouten in het productieproces verder gereduceerd. Er zijn echter wel allemaal technici voor nodig om de zuivelproductieprocessen zo goed mogelijk in te regelen en storingen op te lossen. Een zuivelfabriek die een effectief productieproces heeft wordt ook wel lean genoemd. Lean manufacturing is het produceren tegen zo laag mogelijke kosten met zo weinig mogelijk afval waarbij de klant zo goed mogelijk wordt bediend. Lean manufacturing kan echter niet goed plaatsvinden zonder specialisten.

Technische functies in de zuivelindustrie
Het aantal productiefuncties zal in de zuivelindustrie waarschijnlijk de komende jaren afnemen. De werkzaamheden van productiepersoneel zullen in de toekomst steeds vaker door machines worden overgenomen. Machines worden daardoor steeds belangrijker. Machines dienen echter geprogrammeerd worden zodat ze logische schakelingen uitvoeren. Deze logische schakelingen worden in een PLC systeem ingeregeld door er een ervaren softwarespecialist. Deze specialisten kunnen ook storingen uit de PLC-systemen halen. Daarnaast is er bovenop de PLC systemen van de verschillende machine ook een SCADA systeem wat er voor zorgt dat machines onderling met elkaar kunnen communiceren. De machines kunnen dan een duidelijke geautomatiseerde productieketen vormen waardoor procestechnologen en procesoperators beter kunnen monitoren wat de input en output is van machines.

Uiteraard dienen onderhoudsmonteurs er voor te zorgen dat storingen aan machines vakkundig worden opgelost. Het plaatsen van leidingen gebeurd door fitters en lassers die ook wel zuivellassers worden genoemd in het vakjargon. Zuivellassers kunnen een zogenaamde zuivellas leggen. Dit is in feite een las in rvs leidingen die van een dusdanig hoog niveau zijn dat een perfecte doorlas is gerealiseerd aan de binnenzijde van de leiding. Dit wordt ook wel gedaan doormiddel van formeren met backinggas aan de binnenkant van de leiding. Het aanbrengen van backinggas wordt formeren genoemd. Dit is een specifieke vaardigheid die niet alle TIG lassers beheersen. Zuivellassers, of lassers die gewend zijn om zogenaamde zuivellassen te leggen, moeten over het algemeen wel kunnen formeren.

Zuivelindustrie als werkgever
De zuivelindustrie is een belangrijke sector voor Nederland. Ook als het gaat om de werkgelegenheid is de zuivel een belangrijke sector. Niet alleen boeren hebben de zuivelindustrie nodig. Deze sector is ook interessant voor de vele technici die in deze sector een uitdagende baan kunnen vinden. In de vorige alinea zijn slechts een paar functies genoemd die in de zuivelindustrie aanwezig zijn. Het aantal functies is echter veel groter. De cao voor de zuivelindustrie wordt overigens gezien als een hele gunstige cao voor werknemers. Veel mensen in de zuivelindustrie werken echter wel in ploegen omdat de productie van zuivel dag en nacht doorgaat. Ook technici zoals onderhoudsmonteurs en storingsmonteurs (PLC , SCADA) werken vaak in ploegendiensten. Deze ploegen worden over het algemeen goed betaald. Daardoor kunnen veel mensen een goede boterham (of een goed glas melk) verdienen in de zuivel. De zuivelindustrie is daardoor een belangrijke werkgever voor Nederland.

Wat is een wikker en wat doet een wikker (TIG-lasser)?

Het woord ‘wikker’ is een aanduiding voor bepaalde lassers die meestal werkzaam zijn in de zuivelindustrie en voedingsmiddelen industrie. Wikker is afgeleid van wikken. Het wikken is een lastechniek die kan worden toegepast met het TIG lasproces. In het Engels wordt wikken ook wel walking the cup genoemd. Met deze aanduiding wordt duidelijk dat men op een bepaalde manier met de lastoorts beweegt om een las tot stand te brengen.

Wat doet een wikker?
Tijdens het wikken maakt de lasser met de lastoorts 8 vormige bewegingen over de lasnaad heen. Daarbij draait de lastoorts in een continue proces over het smeltbad heen. Er wordt tijdens het wikken een extra slag gemaakt over het smeltbad omdat de toorts iets teruggedraaid wordt. Daardoor blijft het smeltbad langer vloeibaar. Dit heeft tot gevolg dat de las beter uitvloeit aan de bovenkant maar ook aan de onderkant. Als men zowel aan de bovenkant als aan de onderkant voldoende backinggas aanbrengt op het lasproces dan vloeit de las mooi uit en wordt een hoogwaardige lasverbinding tot stand gebracht.

Is een wikker een zuivellasser?
De hoogwaardige lasverbinding die in de vorige alinea is benoemt is van belang voor de zuivelindustrie. In deze industrie moet men onder strenge hygiënische normen werken. De leidingen die worden gebruikt voor het transporteren van zuivel mogen geen oneffenheden of gaten bevatten omdat daar voedingsresten achter kunnen blijven die vervolgens kunnen gaan rotten. De ontwikkeling van bacteriën moet worden voorkomen in leidingen.

Daarom moeten de lasverbindingen goed vloeien aan de binnenkant. Wikkers gebruiken daarvoor een speciale techniek. Deze techniek hoeft echter niet beslist te worden toegepast om tot een goede zuivellas te komen. Een wikker zou aan de slag kunnen in de zuivelindustrie maar dat hoeft niet. Daarom is niet elke zuivellasser een wikker en wordt niet elke las in de zuivel doormiddel van wikken aangebracht.

Wat is wikken of walking the cup met TIG lassen?

Wikken is een lastechniek die wordt gebruikt voor het TIG lasproces. Het wikken wordt ook wel in het Engels walking the cup genoemd. Dit kan in het Nederlands worden omschreven als het lopen met de lastoorts. Dit beschrijft de beweging die men maakt met de lastoorts tijdens het wikken. Het wikken wordt vooral toegepast in het lassen van pijpen en buizen die gemaakt zijn van roestvast staal (RVS). Men kan echter ook pijpen en buizen lassen die gemaakt zijn van eenvoudige staallegeringen zoals  koolstofstaal en speciale staallegeringen zoals duplex.

Wikken als lasmethode
Men loopt met de mond/ cup van de lastoorts over de lasnaad. Daarbij maakt men 8 vormige bewegingen. Deze achtjes zijn een continue proces dat men met het lopen zou kunnen vergelijken. Van links naar rechts beweegt men met de lastoorts over het smeltbad om dan vervolgens weer iets terug te zakken om het smeltbad vlak onder de opening van de lasnaad nog vloeibaar te houden. Met de extra slag die men tijdens het wikken maakt wordt het lasproces wel arbeidsintensiever. Deze extra inspanning is wel nuttig omdat de kwaliteit van de lasverbinding door het wikken beter wordt.

Smeltbad tijdens wikken
Het smeltbad blijft tijdens het wikken langer heet en vloeibaar waardoor de doorlas beter wordt. Het smeltbad zakt iets naar beneden tot deze de binnenkant van de leiding bereikt. Daar vloeit het smeltbad beter uit en blijft het warmtebeeld strak. Hierdoor kan men meer kwaliteit realiseren. De las oogt netter zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de leiding (buis of pijp).

Wikken moet je leren
Wikken is een lasproces dat door ervaren TIG lassers moet worden uitgevoerd. Tijdens het wikken of walking the cup kan een lasser,  als deze onervaren is, de lasverbinding beschadigen doordat de lasser met de lastoorts het smeltbad raakt. Dan ontstaan er kleine puntjes in de lasnaad en dat zorgt voor een minder strak resultaat.

Hoe snel kun je wikken?
Wikken kan men met verschillende snelheden uitvoeren. Over het algemeen kiest men voor een strak resultaat voor een instelling van het lastoestel met een laag aantal Ampères. Hoe lager het aantal ampères hoe langzamer men moet lassen. Hoe hoger het aantal ampères hoe sneller men kan lassen. Niet elk materiaal en niet alle materiaaldiktes zijn even geschikt voor het lassen onder hoge ampères. Een lasser moet van te voren zelf inschatten wat verstandig is of moet het wps of de lasmethodekwalificatie er op naslaan.

Beschermingsgas/ backinggas
Uiteraard moet er bij het wikken wel gebruik worden gemaakt van beschermingsgas oftewel het backinggas. Dit is bij TIG lassen een inert gas dat er voor zorgt dat de lasnaad wordt beschermd tegen schadelijke invloeden in de lucht rondom het lasproces. Het backinggas wordt rondom de toorts aangebracht zodat de lasnaad aan de bovenkant tegen corrosievorming is beschermd. Daarnaast wordt het backinggas ook in de pijp of buis aangebracht om voor een goede binnenlas te zorgen. Deze binnenlas of doorlas moet perfect glad zijn als men de leiding in de voedingsmiddelenindustrie zoals de zuivelindustrie wil aanbrengen in een installatie waar voedingsmiddelen doorheen stromen.

Toevoegmateriaal of niet bij wikken?
Wikken kan men met en zonder lastoevoegmateriaal. Bij pijpen met een wanddikte tot 2 millimeter hoeft een lasser niet beslist draad toe te voegen aan het lasproces. Toch kan het wel vereist zijn voor de stevigheid van de lasverbinding. Boven de 2 millimeter voegt een lasser meestal wel draad toe tijdens het wikken of walking the cup. Ook bij pijpen met een diameter van 2 inch (2 duims) of meer voegt men in de regel wel lasdraad toe aan het lasproces.

Wikker
Een lasser die goed kan wikken noemt zichzelf ook wel een wikker. Een ervaren wikker bewijst zichzelf in de praktijk. Een wikker moet zonder problemen in de praktijk een leiding in een hoek van 45 graden (Hoeklas 45 oftewel HL45)  rondom kunnen lassen doormiddel van het TIG lasproces. Deze positie wordt ook wel G6 genoemd. Als je kunt wikken in deze positie dan ben je met recht een vakkracht.