Wat is een ET monteur of een monteur ET?

ET monteur of monteur ET zijn functiebenamingen die door sommige bedrijven worden gebruikt om een elektrotechnisch monteur of monteur elektrotechniek mee aan te duiden. De afkorting ET staat dan voor elektrotechniek. Er worden in de praktijk verschillende varianten benoemd van de functie ET monteur. Zo is er bijvoorbeeld ook een functiebenaming servicemonteur ET of eerste monteur ET in gebruik bij sommige bedrijven. Het is duidelijk dat ook bij deze functies de letters ‘ET’ voor elektrotechniek staan. De werkzaamheden van een monteur ET komen in de praktijk overeen met de werkzaamheden van een elektromonteur waardoor je monteur ET als synoniem zou kunnen gebruiken voor ‘elektromonteur’.

Wat doet een ET monteur?
Een elektromonteur heeft tegenwoordig een hele brede functie. Het aanleggen van elektrische bekabeling, contactdozen, centraaldozen en het installeren van meterkasten behoort tot de standaard werkzaamheden van een monteur ET. Tegenwoordig kunnen er ook specifieke taken bij komen in het kader van de energietechniek. Hierbij kan je denken aan het aanleggen van zonnepanelen en het installeren van slimme meters in de meterkast.

ET monteur ontwikkeling
Door de digitalisering en automatisering in woningen en utiliteit is er een specifieke technisch segment ontstaan genaamd domotica. Ook met domotica kan een ervaren elektromonteur of monteur ET in aanraking komen op de werkvloer. Hierbij kun je denken aan internet of things toepassingen maar ook aan slimme verlichting, DALI toepassingen en BUS-systemen. De ontwikkelingen in de elektrotechniek staan niet stil. Een monteur ET zal tijdens zijn of haar loopbaan regelmatig een nieuwe training, opleiding of cursus krijgen in een specifieke vaktechnische richting.

Wat zijn de eigenschappen DALI in verlichtingstechniek

DALI is een afkorting die steeds vaker wordt gehoord in de elektrotechniek. Met name bij de installatie van verlichting wordt DALI als term regelmatig gebruikt. DALI is een afkorting van Digital Adressable Lighting Interface. Het is een internationale standaard voor het effectief en intelligent installeren en beheren van verlichting. Voor de gebruikers of bewoners van een gebouw met een DALI installatie zijn er een aantal grote voordelen. Het belangrijkste voordeel van DALI is het gebruiksgemak.

Voordelen van DALI
Men kan de verlichting van een gebouw of woning meer aanpassen aan de wensen van de gebruikers. Dat zorgt er voor dat de gebruikers van DALI bijvoorbeeld hun energiekosten kunnen verlagen door structureel alleen de ruimtes te verlichten die benut worden. Daarnaast kan men vanuit DALI meer aandacht besteden aan comfort. Verlichting wordt namelijk vaak buiten beschouwing gelaten als men het heeft over comfort maar toch maakt het er een wezenlijk onderdeel van uit. Door DALI te gebruiken kan men namelijk ook verlichting dimmen en de lichtsterkte per verlichtingspunt bepalen. Ook kan men als men de juiste verlichtingscomponenten gebruikt zelfs de lichtkleur bepalen.

Eigenschappen van DALI
DALI systemen hebben een aantal eigenschappen. Omdat het een internationale standaard is kunnen bijvoorbeeld de verschillende componenten in dit systeem prima worden uitgewisseld. Voor de sturing maakt men gebruik van een interface, deze wordt ook wel de DALI-interface genoemd en zorgt er in feite voor dat een mens kan communiceren met het systeem waarmee de verlichting wordt aangestuurd. Het systeem is schakelbaar via een zogenaamde DALI-lijn. De verschillende verlichtingscomponenten krijgen unieke adressen en het systeem is vrij adresseerbaar. Het DALI-systeem kan naar deze adressen verschillende boodschappen sturen zodat de boodschap aan het juiste adres komt.

Deze boodschappen kunnen verschillend zijn zoals, licht aan, licht uit of verlichting dimmen. Het communicatiesysteem is overigens van 2 kanten want vanuit het adres van het verlichtingscomponent wordt ook naar het centrale systeem informatie gestuurd over de DALI-lijn. Deze informatie is bijvoorbeeld de stand van de verlichting (aan, uit of gedimd). Daarnaast kan vanuit het verlichtingscomponent ook worden aangegeven wat het elektrische verbruik is van dat punt. DALI-verlichting is dimbaar van nul tot honderd procent. De installatie van DALI is voor een ervaren elektromonteur vrij eenvoudig en bovendien is DALI een zeer betrouwbare installatie als het goed geïnstalleerd is.

Cursus Elektrisch Schakelen

De cursus Elektrisch Schakelen wordt door verschillende opleidingsinstituten op het middelbaar beroepsonderwijs gegeven en is specifiek ontwikkeld voor werknemers die meer vakkennis willen of moeten krijgen op het gebied van industriële elektrotechniek.

Wat leer je tijdens de cursus Elektrisch Schakelen?
Tijdens de cursus Elektrisch Schakelen leert de deelnemer elektrische componenten, te installeren, te vervangen en te repareren. Daarnaast leert een deelnemer storingen zoeken en verhelpen. Het lezen van elektrische schema’s behoort ook tot het opleidingsprogramma. In een tekening kunnen de elektrische bedrading, de elektrische schakelingen overige componenten schematisch worden weergegeven. Het is belangrijk dat een monteur deze tekeningen en schema’s goed kan lezen.

Verder wordt er in de cursus elektrisch schakelen ook aandacht besteed aan meetapparatuur en de manieren waarop men metingen moet verrichten aan elektrische systemen. Ook relais, schakelkasten, draaistroommotoren, draaistroommotorschakelingen, frequentieregelaars, softstarters en alle beveiligingssystemen die bij deze voorgenoemde systemen behoren komen aan de orde in de cursus Elektrisch Schakelen. Toch verschilt de cursusinhoud voor Elektrisch Schakelen per opleidingsinstituut. Daarom is het belangrijk om van te voren goed na te vragen wat de precieze cursusinhoud is als je Elektrisch Schakelen wil gaan volgen bij een bepaald opleidingsinstituut.

Voorkennis en vooropleiding
Voor de cursus Elektrisch Schakelen is een mbo-3 werk- of denkniveau gewenst. Ook is het belangrijk dat iemand die deelneemt aan deze cursus affiniteit heeft met de techniek of in de techniek werkzaam (is gewenst). Vooropleidingen in de elektrotechniek en/ of werktuigbouwkunde zorgen er voor dat de cursus elektrisch schakelen effectiever kan worden opgepakt. Iemand met deze opleidingsachtergrond zal namelijk bepaalde informatie uit de opleiding Elektrisch Schakelen herkennen.

Doelgroep voor Elektrisch Schakelen
De cursus elektrisch schakelen is ontwikkeld voor mensen die werkzaam zijn in de machinebouw of machineonderhoud. Onderhoudsmonteurs, installatiemonteurs, servicemonteurs en andere werknemers die werken in het assembleren of repareren en onderhouden van machines kunnen voordeel hebben met de opleiding Elektrisch Schakelen. De cursus vormt een goede aanvulling voor technici die alleen maar kennis hebben van de mechanische componenten van machines en installaties.

Geen volledige elektrotechnische opleiding
Elektrisch Schakelen is echter geen volledige opleiding in de elektrotechniek. Als iemand een elektrotechnisch onderhoudsmonteur wil worden dan zijn aanvullende opleidingen op het gebied van mechatronica, elektronica en elektrotechniek gewenst en noodzakelijk. Ook veiligheidstrainingen in de vorm van VCA of NEN 3140 vormen een belangrijke aanvulling voor mensen die een opleiding Elektrisch Schakelen hebben gevolgd.

Vacature installatiemonteur in energietransitie

Nederland wordt milieubewuster en daardoor is er volop werk voor installatiemonteurs. De installatietechniek is meer dan ook verbonden aan de toekomst van Nederland en de energietransitie die daar bij hoort. De energietransitie is de omschakeling van vervuilende brandstoffen en installaties naar schonere installaties. Er zijn echter installatiemonteurs nodig die deze energietransitie kunnen realiseren. Daarom zoeken we in heel Nederland voor verschillende installatiemonteurs die zich willen inzetten in de verduurzaming van installaties.

Wat vragen wij?
We zijn op zoek naar mensen die zich willen inzetten om verwarmingsinstallaties aan te leggen die toekomstbestendig zijn zodat de CO2 uitstoot omlaag gaat en de opwarming van de aarde wordt tegengegaan. Daarvoor zoeken wij mensen die:

  • In bezit zijn van VCA
  • In bezit zijn van een rijbewijs en bij voorkeur over een auto beschikken
  • Ervaring hebben met installatietechniek vanuit werk of hobby

Wij bieden werk en ontwikkeling
De installatietechniek is een uitdagende sector waarin voortdurend nieuwe duurzame technieken worden ingevoerd waarmee gebouwen kunnen worden verwarmd. Ook het gebied van watervoorziening zijn installatiemonteurs werkzaam. De technologie ontwikkeld zich verder en daardoor wordt het vakgebied van de installatiemonteur steeds uitdagender. Gelukkig bieden wij als organisatie onze monteurs volop de mogelijk om zichzelf te ontwikkelen. Daarvoor bieden we opleidingen aan over specifieke duurzame technieken zoals warmtepompen en geothermie tot complete BBL-opleidingen. Omdat wij ook BBL opleidingen aanbieden kunnen ook mensen met minder ervaring in de installatietechniek in aanmerking komen voor deze vacature.

Alle voordelen op een rij
We hebben niet alleen aandacht voor je loopbaanontwikkeling maar we bieden je ook:

  • Een goed salaris
  • Handgereedschap, elektrisch gereedschap en werkkleding
  • Uitdagende projecten
  • Werk bij jou in de buurt

Reageer meteen
Wil je zo snel mogelijk aan de slag reageer dan op de ‘Technicum vacatures’ knop in de menubalk of stuur een sollicitatie via het contactformulier.

Vacature elektromonteur energietechniek

Wil je aan de slag in de verduurzaming van de energievoorziening van woningen en utiliteit? Dan is deze vacature voor elektromonteur een ideale baan voor jou. Door heel Nederland zijn wij op zoek naar elektromonteurs die aan de slag willen in het plaatsen van zonnepanelen, ledverlichting en andere duurzame energieoplossingen.

Wat vragen wij?
Nederland moet duurzamer worden en jij kunt daar een bijdrage aan leveren als je aan (een deel) van de volgende functie-eisen kunt voldoen:

  • Je bent in bezit van een geldig VCA certificaat
  • Je bent in het bezit van een rijbewijs en een auto
  • Je hebt ervaring in de elektrotechniek (hobbymatig en/of werkervaring)

Wij bieden werk en opleiding
Een uitdagende functie in de energietransitie van elektrische installaties op verschillende locaties in heel Nederland. De elektrotechniek is een brede technische sector met veel afwisselende taken en installaties. Ook in de energietransitie is veel afwisseling en technologische vernieuwing. Vanwege die voortdurende vernieuwing zijn er volop opleidingsmogelijkheden waaronder NEN3140 maar ook complete BBL opleidingen te volgen in de elektrotechniek. Zo kun je ook als je wat minder ervaring hebt in elektrotechniek toch in aanmerking komen voor deze vacature.

Alle voordelen op een rij
Naast aandacht voor loopbaanontwikkeling bieden wij een uitdagende functie waarmee de energiedoelen van Nederland kunnen worden behaald. Verder krijg je:

  • Een goed salaris
  • Werkkleding en gereedschap
  • Uitdagende opdrachten
  • Werk bij jou in de buurt

Reageer meteen
Wil je zo snel mogelijk aan de slag reageer dan op de ‘Technicum vacatures’ knop in de menubalk of stuur een sollicitatie via het contactformulier.

Aanmelden voor BBL installatietechniek/ elektrotechniek en na de bouwvak 2018 beginnen!

Installatietechniek en elektrotechniek worden steeds belangrijker branches binnen de techniek in Nederland. Dat heeft onder andere te maken met de grote rol die installatiemonteurs en elektromonteurs spelen in de energietransitie. De energietransitie is een veelbesproken begrip in Nederland en houdt in feite in dat men de omschakeling van vervuilende energiebronnen naar schone hernieuwbare energiebronnen gaat maken. Installateurs plaatsen en onderhouden nog steeds veel gasgestookte cv-ketels maar dat gaat veranderen. Er worden hybride warmtepompen en geothermie installaties aangebracht. Er worden steeds meer duurzame installaties ontwikkelt, geproduceerd en geïnstalleerd door ervaren monteurs. Er is echter een tekort aan ervaren vakkrachten in de installatietechniek. Juist daarom is er veel aandacht voor BBL opleidingen waaronder een BBL opleiding in de installatietechniek.

Waarom een BBL opleiding installatietechniek?
Van alle technische sectoren waarin een bijdrage wordt geleverd aan de verduurzaming van Nederland staan de installatietechniek en elektrotechniek toch wel in de top. Omdat er steeds meer aandacht is voor verduurzaming, milieubewust bouwen en CO2 neutraal wonen is het installatievakgebied aanzienlijk uitdagender geworden. Het plaatsen van zonnepanelen en warmtepompen is iets dat veel mensen overwegen maar er is een gebrek aan kennis. De mensen die deze kennis wel hebben aangeleerd op een opleiding (BBL of BOL) zijn daarom zeer populair op de arbeidsmarkt. De werkgelegenheid in de installatietechniek is explosief gegroeid. Daarom is het verstandig om een loopbaan te overwegen in deze uitdagende branche. Bovendien staan bedrijven nu open voor het inwerken van leerlingen en BBL-ers. Installatiebedrijven weten namelijk dat het tekort aan personeel in deze sector alleen kan worden opgelost door nieuwe instroom.

Aanmelden voor BBL in de installatietechniek of elektrotechniek?
Aanmelden voor een BBL-opleiding is eenvoudig. Als je hier klikt voor het aanmeldformulier dan kun je deze ingevuld sturen naar de webbeheerder van technischwerken.nl. Hij zal er dan voor zorgen dat er contact met je opgenomen wordt door een opleidingsadviseur. Aanmelden voor BBL is kosteloos en iedereen mag zich aanmelden. Leeftijd en achtergrond maakt niet uit. Het is wel belangrijk dat je wat technische ervaring of affiniteit hebt. Door basiskennis in de techniek en een goed technisch inzicht kun je namelijk op een BBL opleiding sneller dit uitdagende vakgebied en alle facetten die er bij horen aanleren.

Wat is een energieverbruiksmanager?

Een energieverbruiksmanager is een apparaat of een applicatie (app) waarmee men op een display of digitaal op een smartphone, tablet of pc inzicht kan krijgen in het energieverbruik van een gebouw en de daarin aanwezige energieverbruikende apparaten en installaties. Met een energieverbruiksmanager kan men informatie inwinnen over het energieverbruik. Dit systeem is meestal gekoppeld aan een slimme meter of staat hiermee in contact. De meetgegevens van de slimme meter worden in de energieverbruiksmanager gevisualiseerd aan de gebruiker. De meterstanden die door de slimme meter worden geregistreerd worden vertaald in grafieken en tabellen. Dat maakt het voor mensen mogelijk om inzicht te krijgen in de momenten waarop veel of juist weinig energie wordt verbruikt in een bepaald gebouw.

Energieverbruik managen
Energieverbruiksmanagers zijn er in verschillende soorten. Zo zijn er fysieke kastjes maar er zijn ook digitale energieverbruiksmanagers zoals de eerder genoemde app of de programma’s die men kan bekijken op een tablet of op een pc. De programma’s kunnen heel uitgebreid zijn. Zo kan men in tabellen en grafieken een duidelijk beeld krijgen van het energieverbruik. Dit energieverbruik kan men dikwijls ook vergelijken met verschillende periodes die zijn geweest. Men kan het energieverbruik per dag inzichtelijk krijgen. Sommige dagen maakt men meer gebruik van bepaalde energieverslindende apparaten en dat heeft een effect op de meetresultaten die worden gemeten door de slimme meter. Deze meetgegevens worden vervolgens weer doorgestuurd naar de energieverbruiksmanager.

Op die manier kan men meer inzicht krijgen in het energieverbruik en kan met het energieverbruik ook gaan managen. Men kan dan namelijk bepalen welke apparaten veel of weinig energie verbruiken. Indien mogelijk kan men de installaties en apparaten die veel energie verbruiken gaan vervangen voor energiezuinige varianten. Op die manier kan men een woning meer klimaatneutraal of CO2 neutraal maken en bovendien besparen op de energielasten.

Slimme meter of energieverbruiksmanager?
Uit de alinea’s hiervoor komt al een beetje naar voren dat een slimme meter en een energieverbruiksmanager twee verschillende apparaten of systemen zijn. Dat is in de praktijk ook zo. Een slimme meter is altijd een fysiek meetinstrument dat dikwijls in de meterkast is geplaatst. Een slimme meter meet het gasverbruik en het elektriciteitsverbruik. Deze meetgegevens zijn in principe voldoende om aan een energieleverancier door te geven. Een slimme meter wordt ook gebruikt om te meten hoeveel energie wordt teruggeleverd op het elektriciteitsnet.

Alleen meetgegevens maken geen tendens inzichtelijk met betrekking tot het energieverbruik. Men kan dus met een slimme meter niet goed inzichtelijk krijgen in welke periode pieken en dalen in het energieverbruik zijn gemeten en welke ontwikkelingen hierin zijn geweest. Dergelijke ontwikkelingen kan men wel inzichtelijk krijgen met een energieverbruiksmanager. Een energieverbruiksmanager staat wel in contact met de slimme meter. Dat is noodzakelijk want de energieverbruiksmanager meet zelf het energieverbruik niet. Het apparaat of de app wordt alleen gebruikt voor het inzichtelijk maken van gegevens.

Wat is een slimme meter?

Een slimme meter is een digitale energiemeter waarmee kan worden bijgehouden hoeveel elektrische stroom of gas is verbruikt. De slimme meter is daardoor een nieuwe soort gasmeter en elektriciteitsmeter in één. Slimme meters zijn geschikt voor het registreren van een zogenaamd dubbeltarief. Daarnaast is een slimme meter ook uitgerust met speciale technologie waardoor deze meterstanden op een afstand kan doorsturen. Deze meters worden ook gebruikt om bij te houden hoeveel elektrische energie wordt terug geleverd op het energienet. Deze terug levering van elektrische energie vindt plaats bij woningen met zonnepanelen of andere systemen waarmee elektrische energie kan worden opgewekt.

Slimme meter is niet slim
Een slimme meter is niet slim in de letterlijke zin. Dit houdt in dat deze meters niet voorzien zijn van hoogwaardige kunstmatige intelligentie. In plaats daarvan is een slimme meter meer een meetinstrument voor de energiesector. Slimme meters zijn echter wel uitgerust met een geheugen waarmee ze het energieverbruik van een gebouw digitaal kunnen opslaan. Dit geheugen is geplaatst in de elektriciteitsmeter. In deze meter worden de elektriciteitsmeterstanden én gasmetersstanden opgeslagen. Dit betekent dat de gasmeter is verbonden met de elektriciteitsmeter.

Naast deze mogelijkheid om gegevens op te slaan is deze energiemeter ook een communicatiesysteem omdat hiermee de meterstanden automatisch naar een energieleverancier kunnen worden gestuurd. Woningeigenaren kunnen echter ook zelf hun energieverbruik doormiddel van een slimme meter in kaart brengen. Daarvoor moet men echter wel een zogenaamde slimme thermostaat met display hebben, een energieverbruiksmanager of een speciale energieverbruik-app.

Dubbeltarief
Zoals hiervoor genoemd kunnen slimme meters worden gebruikt voor de registratie van een enkeltarief en een dubbeltarief. Bij een dubbeltarief is er sprake van een piek en een dal in de tariefopname. Dit is meestal gekoppeld aan een lager tarief gedurende de nacht en een hoger tarief gedurende de dag. Het wordt ook wel een hoog-laag tarief genoemd. De energieleverancier brengt dan twee verschillende tarieven in rekening bij de energieafnemer. Een slimme meter maakt deze gegevens inzichtelijk voor de energiegebruiker en is daardoor een interessant meetinstrument.

Energie terugleveren
Het terugleveren van energie op het energienet wordt een steeds belangrijker onderwerp in de energiesector. Er worden in Nederland steeds meer energiezuinig en CO2 neutrale woningen gebouwd. Hierbij kun je denken aan het type nulwoning of een passiefhuis. Deze woningen gebruiken een groot deel van het jaar niet of nauwelijks energie en kunnen daarom in bijvoorbeeld hele zonnige periodes meer zonne-energie opwekken dan nodig is voor het energieverbruik van de woning. Dit overschot aan energie kan worden teruggeleverd aan het energienet. Niet alleen een passiefhuis of nulwoning kan een energieoverschot hebben.

Ook andere woningen en utiliteit kunnen terugleveren op het energienet. Een slimme meter is daarbij een handig instrument waarmee de teruglevering van energie inzichtelijk wordt gemaakt. Het is belangrijk dat de slimme meter goed werkt omdat energie geld kost en geld oplevert. Door gebruik te maken van een slimme meter kan de energieleverancier zien hoeveel energie daadwerkelijk is afgenomen. Daarvoor kan de energieleverancier de hoeveelheid afgenomen energie in mindering brengen op de hoeveelheid geleverde energie. In de meeste gevallen zal men meer energie afnemen dan terugleveren maar bij een nulwoning of passiefhuis is dat niet altijd het geval.

Energieverbruiksmanager
Het meten van de energieafname is slechts één aspect van energiemanagement. Iemand die echt goed inzicht wil krijgen in het energieverbruik van een gebouw of woning zal een energieverbruiksmanager moeten aanschaffen. Een energieverbruiksmanager geeft inzage in het energieverbruik. Een energieverbruiksmanager bestaat meestal uit een los kastje dat wordt aangesloten op de elektriciteitsmeter en zorgt voor meer informatie over het daadwerkelijke gebruik van gas en elektriciteit. De aansluiting van de energieverbruiksmanager kan rechtstreeks worden gedaan. Dan blijven de gegevens binnen de woning. Voor een dergelijke aansluiting kan men gebruik maken van de zogenaamde P1-poort die inde slimme meter aanwezig is.

Veel energieverbruiksmanagers werken met een softwaresysteem zoals een app. Een energieverbruiksmanager zou je daardoor kunnen rekenen tot domotica of in een bepaalde mate tot internet of things. Toch is de communicatie vanuit een energieverbruiksmanager wel eenzijdig. Men kan een energieverbruiksmanager dus niet programmeren om alle energieverbruikende installaties aan te sturen zodat meer of minder energie wordt verbruikt.

Gegevens van een slimme meter raadplegen

Slimme meters zijn een informatiebron met betrekking tot het energieverbruik van een woning of ander gebouw bijvoorbeeld utiliteit. Het is natuurlijk belangrijk dat men de meetgegevens kan uitlezen. Natuurlijk worden meetgegevens door computersystemen geregistreerd en verwerkt. De taal van computers is echter anders dan de taal van mensen. Daarom wordt gebruik gemaakt van een interface. Deze interface is meestal een display die voorzien is van een paneel met knoppen.

Door de knoppen op de interface kan een mens gegevens opvragen en als het ware communiceren met in dit geval de slimme meter. Men kan doormiddel van een stekker een display in contact brengen met de slimme meter. De display en het bijbehorende kastje is in dit geval de energieverbruiksmanager die ook in de vorige alinea werd benoemd. De energieverbruiksmanager geeft een beter inzicht in het daadwerkelijke energieverbruik van de woning. Een slimme meter kan ook draadloos gegevens doorsturen naar bijvoorbeeld een app op een smartphone of richting een energieleverancier. Uiteraard zal men wel toestemming moeten geven aan een energieleverancier voordat een dergelijke draadloze verbinding tot stand wordt gebracht.

Wat is een teleruptor?

Teleruptor is een benaming voor een bistabiel relais die op afstand bediend kan worden. Een teleruptor wordt ook wel impulsrelais of afstandschakelaar genoemd waarbij één of meer schakelcontacten van stand veranderen bij elke stroompuls. De stand waarin het schakelcontact is veranderd blijft in stand totdat er een volgende puls heeft plaats gevonden. Teleruptors worden veel in de telektrotechniek gebruikt en onder andere toegepast in verlichtingsinstallaties in woningen en domotica.

Werking van een teleruptor
Net als andere elektromagnetische relais werkt ook de teleruptor volgens een elektromagnetisch principe. Het mechanisme is zo gemaakt dat het schakelcontact van stand veranderd door elke korte stroompuls die door de schakelaar plaatsvind door de ingebouwde spoel. De stand van het relais blijft gehandhaafd totdat er een nieuwe puls plaatsvind. Dit vasthouden kan bijvoorbeeld op mechanische weg geregeld zijn. Men kan hierbij denken aan de schakelaar van verlichting. Men drukt de schakelaar is waardoor een lamp aan gaat. Wanneer ben de knop nogmaals indrukt kan de verlichting uit gaan.  Eén of meer drukknoppen kunnen parallel de teleruptor in de praktijk bedienen. Een teleruptor wordt in de praktijk veelvuldig toegepast en kan onder andere onderdeel vormen van een domotica installatie.

Domotica en energiebesparing

Domotica is een bekend begrip in de installatietechniek en automatisering. Doormiddel van domotica kunnen installaties en systemen in woningen geautomatiseerd worden en aangepast worden op de wensen van de gebruikers en bewoners van een woning. Daarom worden in veel nieuwbouwwoningen en utiliteitscomplexen domoticasystemen aangelegd. Naast domotica is ook internet of things een interessante innovatieve vorm van automatisering van systemen in een woning. Bij internet of things gaat het echter vaak om apparaten zoals ovens, kooktoestellen, koffiezetapparaten, drogers, wasmachines enzovoort. Domotica richt zich meer op de verwarming, beveiliging, verlichting en telecommunicatie in een woning of gebouw. In deze tekst wordt eerst wat algemene informatie gegeven over domotica en daarna komt het woord domotica in relatie tot energiebesparing aan de orde.

Domotica in ontwikkeling
De techniek wordt steeds beter en daardoor ontwikkelt domotica zich ook steeds verder waardoor de afnemers oftewel de gebruikers van deze technologie nog hoogwaardiger producten kunnen aanschaffen. Mensen kunnen daardoor nog beter hun wensen met betrekking tot veilig en prettig wonen realiseren. Het belangrijkste daarvoor is een goed werkend domoticasysteem met een duidelijk domoticapaneel waarop mensen zelf hun eigen programma kunnen invoeren aan de hand van een aantal knoppen. Gebruiksvriendelijkheid is erg belangrijk want niet iedereen is een techneut.

Tegenwoordig is de interface die er voor zorgt dat mensen met computers en computersystemen kunnen communiceren echter veel gebruiksvriendelijker geworden. Dat zorgt er voor dat veel mensen met een duidelijke instructie zelf hun domotica kunnen inregelen. Uiteraard moet de domotica wel door een erkend installateur worden aangebracht. Dit is belangrijk omdat er nogal wat meet en regeltechniek bij komt kijken. Installateurs en meet- en regeltechnici krijgen daarom regelmatig aanvullende trainingen en cursussen om hun werk als servicemonteur en storingsmonteur zo goed mogelijk uit te kunnen voeren.

Klimaatbeheersing
Veel domotica bijvoorbeeld gericht op de temperatuur in een gebouw, het beheersen van het woonklimaat oftewel klimaatbeheersing. Het dis daarbij van belang dat de juiste temperatuur wordt gemeten met temperatuurgevoelige sensoren. Doormiddel van sensoren en meters krijgt de woningautomatisering of het gebouwbeheersysteem informatie binnen. Deze informatie zijn de gemeten waarden en worden in het systeem vergeleken met de gewenste waarden die door de mensen zijn ingevoerd. Indien hier verschillen tussen zitten schakelt het systeem automatisch de verwarming aan of uit om op de gewenste temperatuur te komen. Ook ramen, deuren en ventilatiesystemen kunnen worden ingeschakeld of uitgeschakeld doormiddel van de automatisering die onderdeel is van de domotica.

Lean energiemanagement
Naast een behaaglijk en prettig woonklimaat is domotica ook efficiënt als het gaat om het besparen van energiekosten. Je zou kunnen zeggen dat domotica er voor kan zorgen dat mensen zelf hun woning lean kunnen maken. Het woord ‘lean’ of ‘lean management’ is ontleend aan het bedrijfsleven en is in feite een reïncarnatie van het scientific management van Taylor. Lean management is eenvoudigweg het besparen van kosten en onnodig verbruik van energie en materiaal. Door de verwarming van de woning zou efficiënt mogelijk in te regelen wordt er niet of nauwelijks warmte verspild. Het tegengaan van verspilling is ook een belangrijk kenmerk van lean management. Men kan gebruik maken van benaderingssensoren die er voor kunnen zorgen dat verwarming of verlichting aangaat wanneer je de ruimte binnentreed. Ook kan de verwarming of verlichting uitgaan wanneer iemand de woonruimte of het vertrek verlaat. De verwarming kan ook ingeregeld worden zodat deze op vaste tijden in werking treed of uitschakelt. Dit laatste kan echter ook met een thermostaat van een centraal verwarmingssysteem of cv-installatie. Met domotica kun je verwarming echter wel zo inregelen dat deze automatisch uitschakelt wanneer men de ramen open zet. Op die manier gaat weinig warmte verloren en wordt energie bespaard.

Energiebesparing en domotica
Een groot deel van de wereld draait om energie dat is ook het geval in woningen. De term CO2 neutraal wordt ook vaak gebruikt als men het heeft over milieubewust wonen. Het besparen van energie is niet alleen milieubewust het is ook kostenbesparend. Daarom is energiezuinig leven en energiezuinig wonen al lang niet meer alleen voor milieuliefhebbers, ook minder milieubewuste personen houden zich bezit met het besparen van energie. Voor al deze mensen biedt domotica oplossingen. Zo kunnen bepaalde apparaten worden ingesteld met een tijdsinstelling zodat ze alleen tijdens daluren draaien. Dit is natuurlijk kostenbesparend maar niet milieubewust.

Verwarming kan ook automatische uitschakelen wanneer men een ruimte niet gebruikt. In dat geval is men kostenbewust en milieubewust bezig. Daarnaast kan de verwarming ook automatisch uitschakelen als de rammen bijvoorbeeld open worden gezet. Daarvoor zijn echter sensoren nodig die registeren dat de ramen open worden gezet. Domotica biedt ook oplossingen met betrekking tot de verlichting. Doormiddel van benaderingsschakelaars en bewegingssensoren kan verlichting aan en uit worden geschakeld. Bovendien kan men met bepaalde domoticasystemen ook inzage krijgen in het energieverbruik van een woning en de daarin aanwezige energieverbruikers. Sommige systemen kunnen zelfs grafieken tonen waarmee duidelijk wordt in welke perioden of op welke tijdstippen meer energie wordt verbruikt dan normaal. Op die manier kunnen energieverslinders worden aangepakt en kan men geld besparen.

Domotica en veiligheid

Domotica is een verzamelnaam voor automatiseringssystemen die worden toegepast om een woning en de daarin aanwezige voorzieningen aan te passen op de wensen van de gebruikers of bewoners van dit gebouw. Veiligheid is een belangrijk onderwerp als men het heeft over comfortabel wonen. Wanneer men weet dat een woning is uitgerust met een goede beveiliging dan geeft dit een veilig gevoel. Veiligheid is echter een breed begrip. Men kan het bijvoorbeeld hebben over inbraakveiligheid maar ook over brandveiligheid. Voor beide veiligheidsaspecten zijn er domoticasystemen ontwikkeld. In de alinea’s hieronder wordt nader ingegaan op domotica en veiligheid. Daarbij wordt gestart met brandveiligheid en is vervolgens inbraakveiligheid behandeld.

Brandveiligheid en domotica
Domotica zorgt er voor dat bepaalde processen in een woning of utiliteitscomplex geautomatiseerd worden. Dit wil zeggen dat de mens zich niet of in mindere mate met deze processen bezig hoeft te houden. Brandveiligheid is een belangrijk voorbeeld waar de meeste mensen niet elke dag mee bezig zijn als ze gebruik maken van hun woning. Vooral ‘s nachts als de bewoners liggen te slapen zijn de zintuigen en is het waarnemingsvermogen van de mensen aanzienlijk afgenomen. Het geeft dan een veilig gevoel als er een brandmeldinstallatie aanwezig is dat er voor zorgt dat opmerkelijke temperatuurstijgingen worden gesignaleerd.

Daarbij wordt meestal een duidelijk geluidsignaal afgegeven combineert met meestal een lichtsignaal. Dat zorgt er voor dat de bewoners wakker worden en de brand kunnen blussen of de woning veilig en tijdig kunnen verlaten. In bedrijfspanden kan men ook gebruik maken van sprinklerinstallaties die meteen ook de brand bestrijden. In woningen kan men dit ook doen maar dat komt in de praktijk minder vaak voor. In ieder geval zorgt een goed domoticasysteem er voor dat de brandveiligheid van een gebouw wordt bevorderd.

Inbraakveiligheid en domotica
Over inbraakveiligheid en domotica is meer discussie. Er zijn verschillende automatiseringssystemen ontwikkeld die de inbraakveiligheid van een woning of gebouw kunnen bevorderen. Zo zijn er benaderingsschakelaars die er voor zorgen dat de verlichting aan gaat wanneer iemand in de buurt komt. Verder is het mogelijk dat iemand doormiddel van een interface of domoticapaneel aangeeft dat de deuren en ramen op een bepaald tijdstip automatisch op slot gaan. Dit kan zelfs automatisch gebeuren wanneer men het pand verlaat.

Bovendien bestaan er zelfs domoticasystemen waarmee een deur op slot kan worden gezet. Denk hierbij aan een beveiligingscode of vingerafdrukherkenning. Doormiddel van signalen kunnen bewoners worden gewaarschuwd voor inbrekers. Dit signaal kan naar de gsm van de bewoner worden gestuurd of rechtstreeks naar de politie. Hoewel al deze aspecten inderdaad de inbraakveiligheid kunnen bevorderen zijn er ook zorgen. In de volgende alinea kun je lezen waarom inbraakveiligheid en domotica voor lastige keuzes zorgt.

Zorgt domotica voor inbraakveiligheid?
De vraag van deze alinea kan niet direct met een duidelijk ‘ja’ worden beantwoord. Het antwoord is ja maar dan moet het domoticasysteem wel een optimale bescherming hebben tegen beïnvloeding van buitenaf. Als kwaadwillende personen van buitenaf kunnen ‘inbreken’ op het elektronische domoticasysteem kan het voor deze personen vaak vrij eenvoudig zijn om de beveiliging uit te schakelen of zelf om ramen en deuren open te zetten. Dit is de grote zorg voor veel mensen die overwegen een domoticasysteem te gebruiken als belangrijk onderdeel van hun inbraakbeveiliging. Domotica kan toegepast worden maar moet van goede kwaliteit zijn. Men moet hierbij goed rekening houden met het feit dat techniek veroudert. Als een bepaalde inbraakbeveiliging die gebaseerd is op domotica in bijvoorbeeld 2017 wordt aangebracht dan kan deze beveiligingsinstallatie in 2018 al verouderd zijn. Dit houdt in dat criminelen in 2018 de inbraakbeveiliging al zou kunnen omzeilen of uitschakelen om de woning binnen te treden. Dat maakt het zo lastig om voor de inbraakveiligheid van een woning of utiliteitscomplex volledig afhankelijk te zijn van domotica.

Inbraakveiligheid
We kennen allemaal de films wel waarin acteurs een ‘zwaar beveiligd’ overheidsgebouw of financiële instelling binnen treden doormiddel van het manipuleren van de automatisering. Dit lijkt vaak eenvoudig, men steelt een pasje of vraagt onder dwang de toegangscode. Ook het aansluiten van laptops met hacksoftware waarbij een pincode of veiligheidscode doormiddel van een computerprogramma wordt gezocht is een hele bekende  filmscène. Al deze aspecten zouden echter ook mogelijk kunnen zijn wanneer men niet goed beveiligde domotica heeft geïnstalleerd voor een woning of utiliteitscomplex. Inbraakveiligheid kan alleen optimaal zijn wanneer ook de daarvoor gebruikte domotica voldoende veilig is.

Domotica en klimaatbeheersing woning

Domotica is een term die wordt gebruikt voor het toepassen van ‘slimme techniek’ in woningen om er voor te zorgen dat het gebruik van de woning zo optimaal mogelijk wordt aangepast op de gebruiker of bewoner. Daarbij wordt gebruik gemaakt van automatisering, elektronica en elektra. Domotica houdt ook nauw verband met internet of things. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van communicatienetwerken die er voor zorgen dat apparaten onderling met elkaar kunnen ‘communiceren’ oftewel gegevens kunnen uitwisselen. Bij internet of things wordt daarvoor een soort internet gebruikt.

Interface
Doormiddel van een interface kunnen mensen de apparatuur die behoort tot de domotica programmeren. Een interface is meestal een beeldscherm dat voorzien is van een aantal knoppen. Daarnaast kan men gebruik maken van een afstandsbediening of zelfs een app op de smartphone. Deze voorzieningen moeten er voor zorgen dat de gebruiker de woning en de daarin aanwezige installatie zo goed mogelijk op zijn of haar wensen kan afstemmen. Een domoticasysteem is daarnaast uitgerust met sensoren en meet- en regeltechniek.

Met behulp van deze voelers krijgt het systeem een indruk van de omgeving. Met bijvoorbeeld temperatuurmeters kan de temperatuur van een ruimte worden vastgesteld. Indien deze temperatuur lager is dat de temperatuur die is voorgeprogrammeerd via de interface dan zal het domoticasysteem er voor zorgen dat de temperatuur wordt verhoogd door de verwarmingstechniek in te schakelen. Naast klimaatbeheersing kunnen ook beveiligingssystemen, sanitair, telecomtechniek en verlichting doormiddel van domotica worden geautomatiseerd. Hieronder wordt echter ingegaan op klimaatbeheersing.

Domotica en klimaattechniek
Een prettig en behaaglijk klimaat in een woning is een belangrijk aspect van het wooncomfort. Geen wonder dat de klimaatbeheersing een belangrijk onderdeel vormt voor de meeste woningen en utiliteitscomplexen die automatisering in de vorm van een gebouwbeheerssysteem of domotica bevatten. Hieronder staan een aantal voorbeelden van toepassing van domotica voor de klimaatbeheersing van een woning.

  • Doormiddel van domotica kan de temperatuur per ruimte van een gebouw worden ingeregeld in een systeem. Daarbij kan men rekening houden met de tijden waarop de ruimte verwarmt dient te zijn en de momenten waarop dit niet nodig is. Zo bespaard men energie.
  • Het is mogelijk om naderingsschakelaars te plaatsen die er voor zorgen dat de verwarming pas ingeschakeld wordt wanneer iemand bijvoorbeeld de ruimte binnentreed.
  • Temperatuurschakelaars worden in werking gezet wanneer de ruimte bijvoorbeeld door zonlicht van nature wordt verwarmt. In dat geval zal de kunstmatige verwarming worden uitgeschakeld of minder intensief meedraaien.
  • Het is ook mogelijk dat de zonwering en de klimaatbeheersing met elkaar communiceren. Als ruimten bijvoorbeeld verkoeld moeten worden dan kan de zonwering automatisch inschakelen als bepaalde sensoren het zonlicht waarnemen.
  • Ook verkoeling is mogelijk doormiddel van airconditioning.
  • Het is verder mogelijk om ramen en deuren en luchtventilatie automatisch te regelen gebaseerd op de temperatuur.
  • Men kan de temperatuur centraal inregelen op een domoticapaneel. Daarnaast kan men ook met een afstandsbediening of gsm ter plekke de temperatuur verhogen of verlagen.

Domotica en milieu
Het interessante van de hiervoor genoemde toepassingen is dat niet alleen het woongenot wordt bevordert maar ook het milieu wordt bespaard. Ruimten die niet of nauwelijks gebruikt worden zullen niet of nauwelijks worden verwarmd of gekoeld als het domoticasysteem goed is ingeregeld. Dat zorgt er voor dat de energielasten omlaag kunnen. Het systeem zorgt er daarnaast voor dat mensen worden ondersteund. Als men het pand verlaat om naar het werk te gaan zorgt het systeem er automatisch voor dat de verwarming uitgeschakeld wordt. Dit zijn belangrijke kostenbesparende en dus milieubesparende aspecten die een domoticasysteem niet alleen erg nuttig maken maar ook nog kosten efficiënt. Geen wonder dat domotica maar ook internet of things steeds populairder wordt bij nieuwbouwwoningen en utiliteit. 

Wat is niet-ioniserende straling?

Niet-ioniserende straling is een verzamelnaam voor straling die bestaat uit elektromagnetische golven. Deze EM golven bevatten een energie die te laag is om te ioniseren. In tegenstelling tot ioniserende staling heeft niet-ioniserende straling onvoldoende energie om een elektron uit een atoom te verwijderen. In deze tekst worden kort een aantal verschillende soorten niet-ioniserende straling benoemd en wordt daarnaast een korte beschrijving gegeven van de schadelijke effecten van deze straling.

Soorten niet-ioniserende straling
Er zijn verschillende soorten straling die niet ioniserend zijn. Een voorbeeld hiervan is ultraviolette (Uv) straling. Uv-licht is elektromagnetische straling die onder andere vrijkomt tijdens het elektrisch booglassen en uit verschillende kunstmatige verlichtingsbronnen zoals halogeenlampen, gasontladingslampen maar ook de natuurlijke verlichtingsbron: de zon.

Daarnaast vallen ook EM-velden onder de niet-ioniserende straling. Deze EM-velden worden veroorzaakt door mobiele telefoons, elektrische apparaten, hoogspanningslijnen, WiFi en straling vanuit zendmasten van radio en televisie. EM-velden worden onderverdeeld in extreem-laagfrequente (ELF) velden en radiofrequente (RF) velden.

Schadelijkheid van niet-ioniserende straling
Er is schadelijke niet-ioniserende staling en er zijn niet-schadelijke varianten. Zelfs bij een hoge intensiteit van niet-ioniserende straling kan niet-ioniserende straling geen ionisatie in biologische systemen (lichaamscellen) veroorzaken. Er kan echter wel andere schade aan het menselijke lichaam ontstaan indien het lichaam wordt blootgesteld aan niet-ioniserende straling.

Uv-straling is bijvoorbeeld schadelijk en kan huidkanker en staar veroorzaken bij mensen. Er zijn echter verschillende soorten Uv straling. Uv A-straling is de schadelijkste variant van Uv straling veroorzaakt bijvoorbeeld melanoom. Dit is de dodelijkste vorm van huidkanker. Uv B veroorzaakt verschillende andere soorten huidkanker die gevaarlijk zijn maar minder schadelijk dan melanoom. Uv C is een vorm van Uv-straling die door de atmosfeer wordt tegengehouden. Naast Uv-staling is er ook niet-ioniserende straling vanuit EM-velden. Deze straling is van een heel ander soort dan Uv-straling.

Niet-ioniserende straling vanuit EM-velden is in een lage dosering niet schadelijk voor de gezondheid zolang men niet langdurig aan deze straling wordt blootgesteld. Over de exacte schade die deze niet-ioniserende staling uit EM-velden veroorzaakt bij de gezondheid van mensen is echter veel onduidelijk. Met name de effecten op lange termijn van EM-velden met een lage veldsterkte zijn wetenschappelijk nog nauwelijks in kaart gebracht. Bij EM-velden vinden wel elektrische stromen plaats die ook door het weefsel en de cellen van mensen bewegen. Daardoor bestaat de kans dat er wel een bepaalde mate van schade of veranderingen plaatsvinden. De schade aan het lichaam zal groter worden naarmate de concentraties van de straling ook hoger worden. Hoe hoger de intensiteit van de niet-ioniserende straling hoe schadelijker het is voor de mens.

Niet-ioniserende straling is een verzamelnaam voor straling die bestaat uit elektromagnetische golven. Deze EM golven bevatten een energie die te laag is om te ioniseren. In tegenstelling tot ioniserende staling heeft niet-ioniserende straling onvoldoende energie om een elektron uit een atoom te verwijderen. In deze tekst worden kort een aantal verschillende soorten niet-ioniserende straling benoemd en wordt daarnaast een korte beschrijving gegeven van de schadelijke effecten van deze straling.

Wat is statische elektriciteit?

Statische elektriciteit is een benaming die wordt gebruikt voor de opbouw van elektrische spanning in slecht- of niet-geleidende stoffen en niet voorkomt uit gewone elektriciteitssystemen. Statische elektriciteit komt dus niet uit het stopcontact maar ontstaat in stoffen die elektriciteit niet of nauwelijks geleiden. Deze stoffen worden ook wel isolatoren genoemd. In isolatoren kan elektrische lading worden geïnduceerd. Deze elektrische lading blijft in rust bestaan omdat door de isolatoren geen elektrische stroom kan lopen. Er loopt geen elektrische stroom zoals het geval is bij dynamische elektriciteit. Bij dynamische elektriciteit beschrijft de inductie het verband tussen elektrische stroom en magnetisme. Statische elektriciteit ontstaat echter bij een ander proces.

Statische elektriciteit
Bij statische elektriciteit is er geen sprake van magnetisme omdat er feitelijk geen stroom loopt. Er is echter wel sprake van een uitoefening van krachten. Dit komt omdat materialen die gelijk geladen zijn elkaar afstoten. Materialen en voorwerpen die ongelijk geladen zijn trekken elkaar juist aan. Door wrijving tussen voorwerpen die uit verschillende materialen bestaan kan inductie van statische elektriciteit worden veroorzaakt. Deze wrijving kan plaatsvinden door verschillende soorten stoffen en toestanden waarin stoffen zich bevinden. We noemen een aantal voorbeelden van stoffen waarbij statische elektriciteit kan ontstaan:

  • Wrijven over kunststof
  • Opstijgende gasbellen of dampbellen, die turbulentie veroorzaken
  • Pneumatisch transport van korrels en poeders en in mengers,
  • Door pneumatisch transport door doseersluizen van weegbunkers en tankauto’s
  • Verfspuiten of gelijksoortige activiteiten
  • Wrijving van synthetische kleding over de huid
  • Stromen van sommige vloeistoffen door een kunststof leiding of bij het roeren
  • Lopen over een kunststof vloerbedekking

Er zijn zoals je kunt lezen verschillende materialen waarbij statische elektriciteit kan ontstaan. Het is afhankelijk van het soort materiaal of een voorwerp bij wrijving positief of negatief wordt geladen. Daarnaast hangt ook de sterkte waarmee de inductie in de lading optreed af van het materiaal.

Ontlading van statische elektriciteit
Statische elektriciteit lijkt ongevaarlijk en is dat meestal ook toch zijn er ook gevaren waarmee men rekening moet houden. Statische elektriciteit kan ook zorgen voor ontlading. In dat geval kan er een vonkoverslag plaatsvinden wat men soms in het donker bijvoorbeeld kan zien als men synthetische kleding snel tegen elkaar aan wrijft. Deze vonkoverslag kan gevoelige elektronische apparatuur en gevoelige mechatronica beschadigen. Daarnaast moet men met deze vonkoverslag goed rekening houden in een explosiegevoelige en brandgevoelige werkomgeving. Daar mag men beslist geen kleding dragen die statische elektriciteit kan veroorzaken. In deze ruimte is antistatische werkkleding verplicht!

Beperken van statische elektriciteit
Statische elektriciteit kan voor gevaar zorgen zoals je hebt kunnen lezen in de vorige alinea. Het gevaar van statische elektriciteit kan worden beperkt door maatregelen te nemen. We noemen een aantal voorbeelden:

  • De stroomsnelheid van stoffen en gassen beperken zodat er minder wrijving optreed,
  • Het aarden van pijpleidingen, buizen, tanks en andere installaties waar stoffen doorheen stromen.
  • Het dragen van antistatische kleding en antistatische schoenen/ laarzen.
  • De aarding kan men zoveel mogelijk proberen aan te sluiten op het aardleidingnet dat reeds aanwezig is.

Wat is veiligheidsaarding?

Veiligheidsaarding is een extra aarding in de vorm van een geleidende verbinding die wordt aangebracht tussen uitwendige metalen delen van elektrische toestellen en de aarde. Veiligheidsaarding wordt echter niet alleen op elektrische toestellen aangebracht. Ook voor steigers is het aanbrengen van veiligheidsaarding verplicht. Dit is om te voorkomen dat steigers langdurig onder elektrische spanning komen te staan wanneer ze in contact komen met ongeïsoleerde elektrische installaties of getroffen worden door de bliksem.

Veiligheidsaarding en dubbele isolatie
Apparaten hebben een veiligheidsaarding om te voorkomen dat bij een elektrotechnisch defect de behuizing van de apparaten onder spanning komen te staan. Daarmee wordt dus mede voorkomen dat de gebruiker van het apparaat een elektrische schok kan krijgen. Een dubbele isolatie van het apparaat is echter nog beter en veiliger. Daarom is het wettelijk verplicht dat elektrische gereedschappen die werken op 220 Volt of meer dubbel geïsoleerd zijn.

Veiligheidsaarding bij zeecontainers
Ook bij grote metalen zeecontainers is aarding verplicht. Dit komt omdat er in zeecontainers meestal verlichting is aangebracht. Soms werkt men ook wel met elektrische apparaten in zeecontainers. Mocht de zeecontainer in contact komen met een ongeïsoleerd deel van een elektrische installatie dan zal de elektrische stroom door de veiligheidsaarding wegvloeien naar de aarde.

Wat is een installatieautomaat?

Een installatieautomaat is een beveiligingssysteem voor elektrische bedrading tegen beschadiging die kan ontstaan door te hoge elektrische stromen ten gevolge van overbelasting of kortsluiting. Een installatieautomaat wordt ook wel een zekeringsautomaat genoemd of maximumschakelaar. Als te hoge elektrische stromen worden gemeten zal het elektrische circuit door de installatieautomaat worden onderbroken. Op die manier wordt niet alleen de installatie beschermd maar worden ook de bewoners en gebruikers van het gebouw beschermd tegen calamiteiten die ontstaan door kortsluiting zoals brand.

Hoe werkt een installatieautomaat?
Wanneer er sprake is van overbelasting of kortsluiting zal de installatieautomaat het elektrische circuit onderbreken. De manier waarop de installatieautomaat in werking treed verschilt echter. Als er sprake is van een hoge stroomstoot die bijvoorbeeld ontstaat bij kortsluiting dan zal de installatieautomaat via een elektromagneet in werking treden en de elektrische spanning op het elektriciteitsnet uitschakelen. Als er sprake is van een overbelasting van een bepaalde groep dan vindt uitschakeling via de installatieautomaat plaats doormiddel van een bimetaal. Het grote voordeel van een installatieautomaat ten opzichte van de klassieke porseleinen smeltpatronen is dat schakelaar van de installatieautomaat weer eenvoudig omgezet kan worden als de oorzaak van het probleem is opgelost.

Waar is de installatieautomaat te vinden?
Een installatieautomaat is geplaatst in een groepenkast of meterkast van woningen. Samen met de aardlekschakelaar vormt de installatieautomaat de kern van de beveiliging van de elektrotechnische installatie. De meeste installatieautomaten die tegenwoordig worden aangebracht zijn voor vaste montage. De elektromonteur bevestigd de installatieautomaat aan de achterwand van de installatiekast. Dit gebeurd in de praktijk vaak door middel van een DIN rail. Deze vaste installatieautomaten worden ook wel sockelautomaten genoemd.

Verschillende soorten installatieautomaten
Installatieautomaten zijn er in verschillende varianten. Hieronder volgt een opsomming van de meest gebruikte en de meest bekende installatieautomaten:

  • 1P+N-automaat is eenpolig met afschakelbare nulleider die alleen in de fasepool een set overstroombeveiligingen bevat. De 1P+N-automaat is één van de meest toegepaste installatieautomaten in woningen
  •  2P-automaat. De aanduiding 2P maakt duidelijk dat het om een tweepolige automaat gaat. Elke pool bevat een set overstroombeveiligingen.
  • 3P-automaat. Deze installatieautomaat bevat drie polen met drie sets overstroombeveiligingen.
  • 3P+N-automaat. Deze bevat net als de 3P-automaat drie sets overstroombeveiligingen. Daarnaast bevat de 3P+N-automaat een afschakelbare nulleider.

Deze installatieautomaten hebben verschillende uitschakelkarakteristieken. Deze worden in de volgende alinea nader toegelicht.

Uitschakelkarakteristieken van installatieautomaten
De uitschakelkarakteristieken zijn aangepast aan de specifieke kenmerken van een bepaalde elektrische installatie. Zo moeten sommige installatieautomaten juist wel of juist niet in werking treden bij een piekstroom van een bepaalde hoogte. De uitschakelkarakteristieken hebben allemaal een letter. Hieronder zijn de uitschakelkarakteristieken puntsgewijs genoteerd:

  • B-karakteristiek. Dit is de meest toegepaste automaat bij huisinstallaties.
  • C-karakteristiek. Deze installatieautomaten worden gebruikt bij wat grotere (in)schakelstromen zoals motoren.
  • D-karakteristiek. Installatieautomaten met een D-karakteristiek worden voor bijvoorbeeld transformatoren gebruikt.
  • Overige uitschakelkarakteristieken. Met name voor industriële toepassingen zijn er nog andere uitschakelkarakteristieken dan de hiervoor genoemde. Deze uitschakelkarakteristieken worden speciaal voor de beveiliging van bijvoorbeeld installaties met halfgeleiders aangebracht.

Wat is een aardlekautomaat?

Een aardlekautomaat is een elektrotechnisch beveiligingssysteem waarmee een elektrische installatie wordt beveiligd tegen een hoge lekstroom, kortsluiting en overbelasting van het elektriciteitsnet. Een aardlekautomaat wordt ook wel afgekort met alamat. Net als een aardlekschakelaar behoort ook de aardlekautomaat tot de beveiliging van een elektriciteitsnet. Er bestaan overeenkomsten tussen aardlekautomaten en aardlekschakelaars maar ook verschillen.

Aardlekautomaat of aardlekschakelaar
De aardlekautomaat is niet exact hetzelfde als een aardlekschakelaar omdat de aardlekautomaat naast een aardlekschakelaar ook een zekeringsautomaat of installatieautomaat bevat. Daardoor is de aardlekautomaat een beveiliging die niet alleen reageert op lekstroom maar ook op overstroom die ontstaat door overbelasting. Daarnaast reageert de aardlekautomaat op kortsluiting. Als men een aardlekschakelaar heeft geplaatst zal men ook een zekeringautomaat of installatieautomaat moeten aanbrengen in de meterkast of groepenkast. De aardlekautomaat bevat deze beveiligingen in één compacte behuizing.

Voordeel van een aardlekautomaat
Een aardlekautomaat heeft voordelen en nadelen ten opzichte van een systeem met een aardlekschakelaar en een zekeringautomaat. Het belangrijkste voordeel van een aardlekautomaat is dat deze beveiliging bij een te hoge lekstroom alleen de groep uitschakelt waar de elektrische storing zich bevind. De overige groepen blijven operationeel. Een aardlekschakelaar schakelt bij een elektrische storing alle groepen uit waarop de aardlekschakelaar is aangesloten. Vanwege het feit dat de aardlekautomaat alleen de groep uitschakelt waarin de storing of lekstroom is waargenomen, kan men de storing ook makkelijker lokaliseren. Het is namelijk direct zichtbaar in welke groep de storing zit.

Nadeeldeel van een aardlekautomaat
Een belangrijk nadeel van de aardlekautomaat is dat deze om verschillende redenen de groep spanningsvrij maakt. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van lekstroom maar ook van kortsluiting of een overbelasting van het elektriciteitsnet. De oorzaak van de verstoring in het elektriciteitsnet is daardoor vaak onduidelijk waardoor nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Wel is duidelijk in welke groep het defect is opgetreden. In sommige gevallen kan een storing in een installatie met een aardlekautomaat langer onopgemerkt blijven.

Wat is een aardlekschakelaar?

Een aardlekschakelaar is een schakelaar die automatisch in werking treed en een elektrische installatie spanningsloos maakt, wanneer er een lekstroom gemeten wordt van een bepaalde grootte. Normaal gesproken is er sprake van een stroomkring in een elektrische installatie. Er is een fasedraad en een nuldraad. De fasedraad voert de elektrische spanning aan richting bijvoorbeeld de verlichting en via de nul gaat de niet verbruikte elektrische stroom weer retour.

Wanneer deze stroomkring wordt onderbroken door bijvoorbeeld een slechte isolatie van de elektrische bedrading ontstaat er lekstroom. Als de lekstroom een bepaalde grootte heeft zal de aardlekschakelaar in werking treden en er voor zorgen dat er geen elektrische spanning meer staat op het elektriciteitsnet. Veel woningen en utiliteitscomplexen hebben een aardlekschakelaar in de meterkast of groepenkast. Sommige van deze gebouwen bevatten zelfs meerdere aardlekschakelaars.

Synoniemen voor aardlekschakelaar
De aardlekschakelaar wordt ook wel afgekort met ALS. Er zijn verschillende benamingen die worden gebruikt voor dit beveiligingssysteem. Zo gebruikt men ook wel de term verliesstroomschakelaar omdat de schakelaar in werking treed als een bepaalde hoeveelheid stroom verloren gaat in een elektriciteitsnet. Andere woorden voor de aardlekschakelaar zijn aardwachter of differentieelschakelaar.

Uitvinder van de aardlekschakelaar
In 1903 werd door het bedrijf Siemens-Schuckert een patent aangevraagd op een aardlekschakelaar. Dit Duitse elektrotechnische bedrijf gaf deze uitvinding de naam Summenstromschaltung zur Erdschlußerfassung. De uitvinding werd gepatenteerd onder DRP-Nr. 160.069. De heer K. Kuhlmann die werkzaam was bij die Allgemeine Elektricitäts-Gesellschaft (AEG) had een methode beschreven om aardlekstroom in het Berlijnse netwerk te meten. Voor de huidige techniek die gebruikt wordt voor de aardlekschakelaar werd in 1908 door de Amerikaan Lloyd Nicholsen een octrooi aangevraagd. Dit octrooi werd in 1910 toegekend.

Doel van de aardlekschakelaar
Een aardlekschakelaar is een belangrijk onderdeel van een veilige elektrische installatie. Daarom komen aardlekschakelaars veel in huisinstallaties voor. Het belangrijkste doel van een aardlekschakelaar is de veiligheid van het elektriciteitsnetwerk in een woning, utiliteitscomplex of ander gebouw te bevorderen. Een goed werkende aardlekschakelaar kan bij lekstroom grote problemen voorkomen door het elektriciteitsnet spanningsvrij te maken. Op die manier kan de aardlekschakelaar mensen bescherming bieden tegen elektrocutie. Daarnaast kan de aardlekschakelaar voor voorkomen dat er brand ontstaat bij optredende lekstromen naar aarde.

Zoals in de inleiding kort werd benoemd meet een enkelfasige aardlekschakelaar de elektrische stroom die een installatie via de fase opneemt en de hoeveelheid stroom die via de nul terugkomt. Als er sprake is van een verschilstroom zou deze stroom in theorie door de veiligheidsaarde terug moeten lopen. Dit is echter niet het geval bij onder andere de volgende situaties:

  • Niet-geaarde apparaten en toestellen.
  • Toestellen en apparaten die aangesloten zijn op een niet-geaarde wandcontactdoos.

In bovengenoemde gevallen zou bijvoorbeeld door een isolatiedefect of een beschadiging van de elektriciteitsdraad een levensgevaarlijke situatie ontstaan wanneer een mens of dier in contact komt met het gedeelte van de elektrische installatie die onder spanning staat maar onvoldoende is geïsoleerd. In dat geval gaat de stroomdoorgang door het lichaam van het mens of het dier. Een aardlekschakelaar zorgt er echter voor dat een lekstroom wordt gemeten en dat de elektrische installatie spanningsvrij wordt gemaakt zodat gevaarlijke situaties zoals elektrocutie en brand (door een slecht werkende elektrische isolatie) kunnen worden voorkomen.

Een aardlekschakelaar zal echter alleen in werking treden wanneer de stroom naar de aarde weglekt. Als een mens of dier niet geaard contact maakt met zowel de nul- als de fasedraad in een elektrische installatie zal de aardlekschakelaar niet in werking treden. Alleen wanneer de elektrische stroom naar aarde weglekt, zal de aardlekschakelaar de stroomkring onderbreken.

Werking van de aardlekschakelaar
Hiervoor is al aardig wat beschreven over de werking van de aardlekschakelaar. In deze alinea gaan we iets dieper in op de werking van deze schakelaar. Men heeft het hierbij over lekstroom. Dit kun je beschouwen als een soort lekkage in de stroomkring. Als er een bepaalde hoeveelheid stroom in een stroomkring wordt aangevoerd zal er ook een bepaalde hoeveelheid stroom weer terug komen. De hoeveelheid stroom die de elektrische installatie in gaat kan echter groter zijn dan de hoeveelheid stroom die een elektrische installatie weer uitgaat. In dat geval is er sprake van een lekstroom.

Deze lekstroom wordt ook wel een foutstroom of verliesstroom genoemd vandaar de benaming verliesstroomschakelaar. De foutstroom kan ontstaan wanneer de behuizing van bijvoorbeeld een elektrisch toestel onder spanning is komen te staan doordat de isolatie van de elektrische bedrading in het toestel is beschadigd of door een ander defect.

Als het toestel echter geaard is dan is er een aardedraad bevestigd aan de metalen behuizing van het toestel. In dat geval loopt de lekstroom via de aardedraad door de geaarde stekker via het geaarde stopcontact richting de aardlekschakelaar. De aardlekschakelaar zal bij een overschrijding van de aanspreekstroom in werking treden. In dat geval worden de aangesloten groepen spanningsloos gemaakt. Dit is echter het geval bij een compleet geaard systeem, dit bestaat uit:

  • Een geaarde machine of apparaat dat voorzien is van een aardestekker.
  • Een wandcontactdoos die geaard is met een aardedraad richting de aardlekschakelaar.

Indien bovenstaande onderdelen van de installatie niet aanwezig zijn en er sprake is van bijvoorbeeld een ongeaard toestel dat onder spanning staat zal elektrische stroom wanneer deze in contact komt met het lichaam wegvloeien naar de aarde. Wanneer dat gebeurd zal de aardlekschakelaar ook in werking treden en het elektriciteitsnet spanningsvrij maken voordat de situatie levensbedreigend wordt.

Aardlekschakelaar testen
Bovenstaande informatie is natuurlijk alleen van toepassing wanneer de aardlekschakelaar ook daadwerkelijk werkt. Het zou dramatisch zijn wanneer men de werking van een aardlekschakelaar alleen zou kunnen testen door een daadwerkelijk isolatiedefect in een elektriciteitsnet daarom heeft men een testknop ontwikkeld. Deze testknop is in de groepenkast aanwezig die en creëert kunstmatig een kleine lekstroom. Daardoor kan de aardlekschakelaar een verschil in de aangevoerde stroom en de retourstroom meten en het elektriciteitsnet spanningsvrij maken. Het is goed om de aardlekschakelaar periodiek te testen zeker wanneer men meerdere ongeaarde wandcontractdozen in huis heeft.

Meggeren solatieweerstand meten
Lekstroom ontstaat dikwijls doordat de weerstand van de isolatie in een elektrotechnisch systeem te laag is. Deze weerstand kan worden gemeten door een ervaren elektromonteur met een isolatieweerstandsmeter. Deze isolatieweerstandsmeters zijn door verschillende merken ontwikkeld en op de markt gebracht. Het bekendste merk op dit gebied is in Nederland het merk Megger. Dit bedrijf maakt echter meerdere meetinstrumenten voor de elektrotechniek. Ondanks dat wordt het meten van de isolatieweerstand in de elektrotechniek vaak in het vakjargon meggeren genoemd. Als uit dit meggeren blijkt dat de isolatieweerstand in een bepaald elektrotechnisch systeem voldoende is dan is de weerstand van de isolatie in ieder geval voldoende hoog voor de hoeveelheid elektrische stroom die in een systeem wordt getransporteerd. Tijdens het meggeren kan echter ook worden geconstateerd dat dit niet het geval is. Dan kan een elektromonteur tijdig de delen die onvoldoende geïsoleerd zijn vervangen. De aardlekschakelaar zal dan niet in werking treden.

Wat is zicht installatie?

Zichtinstallatie of ‘installatie in het zicht’ is dat deel van een installatie dat visueel waarneembaar is na de afmontage en de ingebruikname van het gebouw. Deze definitie geeft Pieter Geertsma, de schrijver van Technischwerken, over zicht installatie. De term zicht installatie wordt onder andere gebuikt in de elektrotechniek en installatietechniek. Kenmerkend voor installatie die in het zicht hangt is dat deze installatie met een grotere nauwkeurigheid wordt aangebracht. Omdat de installatie zichtbaar is spreekt men ook wel van zichtwerk.

Zichtwerk is vakwerk
Niet elke elektromonteur of installatiemonteur kan zichtwerkkwaliteit leveren dat is in de meeste gevallen vakwerk vooral wanneer leidingen in bochten gebogen moeten worden en meerdere leidingen naast elkaar, boven elkaar en onder elkaar moeten worden geplaatst. In dat geval is de afstand tussen de leidingen van groot belang ook dienen de leidingen allemaal waterpas en dus recht gemonteerd te worden. Afwijkingen in de installatie vallen namelijk voor ervaren installatiemonteurs en elektromonteurs meteen op omdat ze deze kunnen zien.

Ook een leek ziet al snel of een installatie slordig en onnauwkeurig is gemonteerd of niet. Het is echter goed om te weten dat een installatie er slordig uit kan zien maar wel kan functioneren. Andersom is helaas echter ook mogelijk, sommige installaties lijken heel netjes op het gebied van maatvoering maar zijn niet goed aangesloten en werken ondeugdelijk. Als een zichtinstallatie er goed en nauwkeurig uitziet gaan de meeste mensen er echter al snel van uit dat de installatie ook wel goed en deugdelijk zal werken.

Zichtwerk in de installatietechniek en elektrotechniek kan daardoor vertrouwen scheppen in de kwaliteit van de monteur en het desbetreffende installatiebedrijf. Wanneer een installatiebedrijf aan een opdrachtgever wil aantonen hoever het bedrijf gevorderd is met het installatiewerk wordt er over het algemeen wat zichtwerk geplaatst.

Zichtwerk in elektrotechniek
Zowel in de elektrotechniek als in de installatietechniek wordt zichtwerk geplaatst. Zichtwerk in de installatietechniek ziet er echter wel heel anders uit dan zicht installatie in de elektrotechniek. Dit heeft te maken met het verschil in leidingen, appendages en in geval van elektrotechniek met contactpunten. In elektrotechniek werkt men over het algemeen met kunststof installatiebuis. Dit zijn de bekende gele buizen deze worden onder andere voor zichtinstallaties gebruikt.

De geribbelde flexibele buis wordt niet voor zichtinstallaties gebruikt omdat deze buizen gaan hangen en met veel zadels moeten worden vastgezet om een strak en netjes geheel te krijgen. Zichtinstallaties met installatiebuizen worden vaak op halfsteensmuren aangebracht in bijvoorbeeld garages en schuren. Ook plaatst men dergelijke zichtinstallaties in utiliteitscomplexen met een industriële uitstraling of een industrieel interieur. In de grotere utiliteit gebruikt men echter grote kabelbanen en kabelgoten waarop gebundelde elektriciteitskabels liggen.

De lasdozen en de centraaldozen en contactpunten zijn naast de installatiebuizen ook zichtbaar. Net als elke installatie moet ook zichtinstallatie conform de geldende normen worden geplaatst, geïsoleerd en beschermd. Zichtinstallatie is over het algemeen bereikbaar voor mensen maar deze mogen niet in contact komen met spaninning voerende delen. Als dat gebeurd kunnen mensen onder spanning komen te staan. Uiteraard dient de installatie geaard te worden indien dit is vereist.

Zichtwerk  in installatietechniek
In de installatietechniek worden vloeistoffen zoals warm water en gassen zoals aardgas en stoom getransporteerd binnen woningen, industrie en utiliteitscomplexen. Dit transport gebeurd ook door buizen en leidingen maar die zijn van een andere diameter en een ander materiaal gemaakt dan de installatiebuizen die worden gebruikt in de elektrotechniek. De buizen die voor gas worden gebruikt worden ook wel installatiepijp genoemd de buizen voor stoom worden stoompijp genoemd. Deze pijpen worden doormiddel van flensen en lasverbindingen aan elkaar bevestigd.

Een flens of fitting is een uitneembare verbinding en een lasverbinding is een niet-uitneembare verbinding. Ook deze verbindingen zijn zichtbaar in de zichtinstallatie. Deze leidingen, pijpen en buizen zijn meestal doormiddel van beugels direct onder het plafond geplaatst. Daarbij moet men ook rekening houden met isolatie van leidingen en de veiligheid daarvan. Een installatiesysteem moet in de eerste plaats functioneel zijn en in de tweede plaats aantrekkelijk en netjes om te zien. Als bepaalde leidingen geïsoleerd moeten worden kan dat een lelijk gezicht zijn maar de functionaliteit, veiligheid en energiezuinigheid staan voorop.

Wat is KEMA-KEUR of het KEMA-keurmerk?

KEMA-KEUR is een keurmerk dat wordt gehanteerd als aanduiding voor de veiligheid van elektrische apparaten en werktuigen. KEMA-KEUR was als keurmerk eigendom van voormalig KEMA die het keurmerk sinds 1924 hanteerde. Deze organisatie gaf het exclusieve recht van dit keurmerk aan het einde van 2009 aan Duitse bedrijf DEKRA (Deutscher Kraftfahrzeug-Überwachungs-Verein). In 2010 had DEKRA AG haar naam gewijzigd in DEKRA SE (Societas Europaea) hierdoor werd het een officieel Europees bedrijf. DEKRA SE heeft nu het exclusieve recht om het KEMA keurmerk uit te geven.

Wat maakt het KEMA-keurmerk duidelijk?
KEMA-KEUR maakt aan consumenten duidelijk dat een product op elektrotechnisch gebied veilig is. Daarvoor worden zowel de componenten als de eindproducten onderworpen aan veiligheidstesten die zijn gebaseerd op internationale standaards. Het keuren van apparaten met betrekking tot het KEMA-KEUR gebeurd op vrijwillige basis. Voor bedrijven die elektrische apparaten produceren is het echter wel een belangrijk voordeel om producten te voorzien van KEMA-KEUR omdat dit voor consumenten een extra indicatie is dat het om een veilig product gaat.

DEKRA SE
Het bedrijf DEKRA SE speelt een belangrijke rol in het keuren van elektrische apparaten. Het keuren en certificeren van elektrische apparaten behoort ondanks het brede takenpakket van DEKRA SE nog steeds tot de kernactiviteiten van het bedrijf. Het bedrijf test en certificeert ook medische hulpmiddelen. Ook  apparaten en machines doe worden gebruikt in omgevingen met verhoogd explosierisico worden door het bedrijf getest en gecertificeerd. Tot slot is het bedrijf DEKRA ook actief in het toetsen en certificeren van kwaliteitsprocedures, arbo-systemen en milieuzorgsystemen.

De Europese integratie heeft er voor gezorgd dat de verschillen tussen nationale kwaliteitscontroleorganisaties zijn verdwenen. Ondanks dat blijft het KEMA-KEUR een belangrijk selectiecriterium voor consumenten. Daarnaast is het KEMA-KEUR ook voor producenten een belangrijk promotiemiddel voor producten.