Moet een erkende feestdag in 2019 worden uitbetaald aan uitzendkrachten?

Het is Kerst 2019 en zoals elk jaar vallen Eerste Kerstdag en Tweede Kerstdag onder de erkende feestdagen van Nederland. Dat betekent dat werknemers vrij hebben tijdens deze twee Kerstdagen tenzij er sprake is van een bepaald dienstrooster waarbij de inzet van de werknemer ook gedurende de Kerstperiode vereist is. Denk hierbij aan bepaalde functies in de zorg, ziekenhuizen en in de hulpverlening. De wettelijk erkende feestdagen dienen door de werkgever te worden uitbetaald aan de werknemers.

Ook uitzendkrachten hebben recht op doorbetaling van de feestdagen. Deze doorbetaling is echter niet in elke situatie verplicht. Zo kan het zijn dat een flexkracht normaal gesproken ook niet op de dag wordt ingezet waarop de feestdagen vallen. Als men kijkt naar de Kerstdagen van 2019 dan vallen deze dagen op woensdag 25 december 2019 en donderdag 26 december 2019. Als de werknemer normaal gesproken alleen is ingeroosterd op bijvoorbeeld de maandag en de vrijdag dan zou deze niet automatisch recht hebben op doorbetaling van de Kerstdagen. Als de werknemer wel normaalgesproken werkt op woensdagen en donderdagen dan zou hij of zij wel recht hebben op doorbetaling.

De Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU) geeft op haar website extra duidelijkheid hierover. Uitzendkrachten hebben recht op doorbetaling van het feitelijke loon wat de uitzendkracht zou ontvangen als er geen sprake was geweest van een feestdag. Het moet dan echter wel een erkende feestdag zijn die niet valt op zaterdag en/of zondag (als de werknemer normaalgesproken niet in het weekend werkt). Het doorbetalen van de feestdag van uitzendkrachten valt onder verantwoordelijkheid van het uitzendbureau of detacheringsbureau. Deze intermediairs betalen het loon van de uitzendkracht door als de feestdag(en) binnen het normale rooster van de uitzendkracht valt.

De SNCU merkt hierbij op dat in de uitzendovereenkomst duidelijk genoteerd moet zijn wat de arbeidsomvang/ rooster is van de uitzendkracht. Als hieruit niet duidelijk naar voren komt dat de dag waarop de feestdag valt als vaste werkdag is aan te merken, zal worden gekeken of er sprake is van een zogenaamd bestendig arbeidspatroon. Een bestendig arbeidspatroon is in 2019 een periode van 13 aaneengesloten weken waarin de uitzendkracht direct voorafgaand aan de feestdag op de desbetreffende dag in de week ingeroosterd is geweest of heeft gewerkt. Als er sprake is van een bestendig arbeidspatroon zal de uitzendkracht recht hebben op doorbetaling van de erkende feestdag.

Wat is de SNCU: Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten

SNCU is de Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten. Deze stichting houdt zich bezig met het toezicht op het naleven van de uitzend-cao. De SNCU is opgericht door de ABU en de NBBU, de werkgeversorganisaties van uitzendbranche, in samenwerking met de werknemersorganisaties oftewel de vakbonden. De vakbonden die medeoprichter zijn geweest van de SNCU worden op de website van deze organisatie genoemd: FNV, CNV, LBV en De Unie. De SNCU is een organisatie die veelvuldig samenwerkt met de vakbonden, brancheorganisaties en andere spelers op de arbeidsmarkt.

Taken van de SNCU
De SNCU heeft een aantal kerntaken. Deze bestaan uit het geven van voorlichting over de CAO voor Uitzendkrachten. Daarnaast zet de SNCU zich in met betrekking tot het bevorderen van naleving van de uitzend- CAO. De SNCU geeft op haar website informatie en toelichting op de CAO voor uitzendkrachten. Daarnaast heeft deze organisatie een telefonische helpdesk en verspreid ze belangrijke informatie via online media. Doormiddel van folders verstrekt de SNCU ook informatie aan zowel uitzendbureaus als uitzendkrachten. De informatie van de SNCU is ook beschikbaar voor opdrachtgevers van uitzendorganisaties. Daarnaast is de informatie ook voor vakbonden en eventueel advocatenkantoren bestemd.

Handhaving door SNCU
De SNCU heeft niet alleen een informerende rol op de flexibele arbeidsmarkt maar ook een rol als toezichthouder. De SNCU houdt namelijk toezicht op naleving van de CAO voor Uitzendkrachten. De uitzendorganisaties in Nederland moeten de bepalingen in deze CAO naleven. Het is belangrijk dat dit toezicht plaatsvind want in de praktijk is het helaas te vaak voorgekomen dat malafide uitzendorganisaties de regels niet hebben nageleefd ten nadele van de flexkracht. De rechten van flexkrachten worden door de handhaving van de SNCU beschermd. Uitzendbureaus krijgen vanuit de SNCU informatie over de manier waarop ze de CAO voor Uitzendkrachten moeten naleven.

Meewerken verplicht

Daarnaast moeten uitzendbureaus kunnen aantonen dat ze de CAO voor Uitzendkrachten naleven. Uitzendbureaus moeten meewerken aan een onderzoek van de SNCU. Wanneer er fouten worden geconstateerd in de naleving van de CAO voor Uitzendkrachten zal de SNCU handhaven. Er kan een juridische procedure worden gestart om uitzendorganisaties te dwingen om overtredingen te herstellen. Dat kan doormiddel van de rechter worden afgedwongen.

Organisaties die actief zijn in de uitzendbranche

De uitzendbranche is een grote sector op de Nederlandse arbeidsmarkt. In Nederland zijn honderden uitzendorganisaties actief die gezamenlijk duizenden uitzendkrachten en deta-krachten aan het werk hebben. Vanwege de omvang van de uitzendsector zijn er in de loop der jaren verschillende organisaties in het leven geroepen die de bedrijven die in deze sector actief zijn van informatie voorzien of op andere gebieden ondersteunen. Hieronder is een opsomming van bedrijven en organisaties genoteerd met daarbij de rol van deze spelers op de uitzendmarkt. Deze opsomming is opgesteld door Irma Riemersma in aanloop naar haar SEU-examen. Dit is een examen dat is opgesteld door de Stichting Examens Uitzendbranche (SEU). Daarom wordt hieronder eerst de SEU besproken en daarna de andere organisaties die actief zijn in deze sector.

Stichting Examens Uitzendbranche (SEU)
De SEU is een organisatie die verantwoordelijk is voor het ontwikkelen, uitwerken en afnemen van examens die bestemd zijn voor de uitzendbranche. Deze examens zijn bestemd voor intercedenten, consultants, managers en backoffice medewerkers die op uitzendbureaus, detacheringsbureaus, werving & selectiebureaus, headhunters en payrollingbedrijven werkzaam zijn. Het SEU ontwikkelt en neemt het zogenaamde SEU examen af. Voordat een deelnemer het SEU examen gaat afleggen zal hij of zij eerst digitaal of schriftelijk de nodige informatie moeten doornemen. Deze informatie wordt ook verstrekt door het SEU. In het SEU examen wordt getoetst of de deelnemer het geleerde kan toepassen in de praktijk.

ABU en NBBU: de twee brancheorganisaties
Vanaf 1961 werd door een twaalftal uitzendorganisaties de ABU (Algemene Bond Uitzendbureaus / Uitzendondernemingen) opgericht. In 1994 stapte een aantal uitzendbureaus uit de ABU. Zij richtten een eigen bond voor werkgevers op: NBBU: Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen. Vanaf dat moment zijn er twee brancheorganisaties actief in de uitzendbranche. Deze organisaties komen op voor de belangen van uitzendbureaus, headhunters, detacheringsbureaus, payrollbedrijven en andere intermediairs op de arbeidsmarkt.

SFU
Stichting Fonds Uitzendbranche (2007). Opgericht in verband met de financiering van bepaalde activiteiten. Het gaat daarbij om de kosten gemaakt in het kader van STOOF, SNCU en STAF. Er is een CAO afgesloten voor de SFU waardoor elke uitzendonderneming een bijdrage aan de SFU verschuldigd is.

STAF
Stichting Arbo Flexbranche. Doel: arbeidsomstandigheden, het vergroten van re-integratiemogelijkheden en het ziekteverzuim van vast personeel & uitzendkrachten te verlagen.

SNCU
Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten. Doel: toezien op de naleving van de CAO voor uitzendkrachten (ook NBBU-leden).

STIPP
Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten. Uitvoering van de pensioenregeling in de CAO voor uitzendkrachten. Alle uitzendondernemingen zijn verplicht aangesloten.

STOOF
Stichting Opleiding & Ontwikkeling Flexbranche. Doel: stimuleert opleidingsbeleid van flexorganisaties voor zowel flexkrachten als vaste medewerkers.

Wanneer moet een uitzendbureau de inlenersbeloning toepassen?

De inlenersbeloning is een veelbesproken onderwerp bij uitzendbureaus. Tot januari hadden uitzendbureaus de mogelijkheid om uitzendkrachten de eerste 26 gewerkte weken conform de ABU-cao te belonen. Uitzendkrachten moesten na 26 werkweken bij dezelfde klant beloond worden conform de cao van de klant. Wanneer een uitzendkracht echter kan worden aangemerkt als vakkracht zal hij of zij vanaf zijn eerste werkdag conform de beloningsmethodiek van de inlener moeten worden beloond.

Vakkrachten en vakkrachtenregeling?
Een uitzendkracht kan als vakkracht worden aangemerkt wanneer hij of zij onder de vakkrachtenregeling valt. Deze regeling is opgenomen in artikel 20 van de CAO-ABU en artikel 37/ bijlage 10 van de NBBU cao. In dit artikel is omschreven aan welke voorwaarden een uitzendkracht moet voldoen als hij of zij als vakkracht moet worden aangemerkt. Daarbij is ook aangegeven wat dit betekent voor de beloning van de uitzendkracht.

Hieronder volgt een citaat van de: ‘cao voor uitzendkrachten 2012-2017, november 2012’.

Artikel 20 Vakkrachten

1. De CAO van de opdrachtgever kan specifieke bepalingen bevatten met betrekking tot de belo­ning van vakkrachten.

2. Partijen betrokken bij de CAO van de opdrachtgever kunnen aan de Beloningscommissie bij deze CAO verzoeken die bepalingen omtrent vakkrachten vanaf de aanvang van de verblijfsduur van de uitzendkracht bij de inlenende onderneming van toepassing te verklaren op uitzend­overeenkomsten. Deze bepalingen treden pas in werking na goedkeuring en publicatie door de Beloningscommissie.

3. De Beloningscommissie toetst of:

a. vakkrachten zijn gedefinieerd in termen van het behalen van een diploma en/of voor de functie relevante vakkennis en/of vakervaring in een sector;

b. de beloning voor vakkrachten is samengesteld uit niet meer dan de zes beloningselementen van de inlenersbeloning zoals bedoeld in artikel 19 lid 5 onder b. van de CAO;

c. de elementen van de aangemelde bepalingen omtrent vakkrachten tezamen dusdanig hoger in waarde zijn dan de elementen van de beloningsregeling van onderhavige CAO dat zij in redelijkheid moeten worden toegepast.

4. Indien de Beloningscommissie overweegt om de aangemelde bepalingen omtrent vakkrachten niet te accepteren zal zij in overleg treden met de partijen die de bepalingen hebben aangemeld.

5. De commissie neemt binnen zes weken een schriftelijk gemotiveerd besluit over het ingediende verzoek, behoudens de situatie zoals genoemd in lid 4. In dit artikel wordt onder schriftelijk verstaan: ‘per brief of per e-mail verzonden’.

6. Nadat de Beloningscommissie de vakkrachtenmelding heeft goedgekeurd, zal de vakkrachten­melding worden gepubliceerd op www.sncu.nl.

7. Na publicatie is de vakkrachtenmelding direct van toepassing op nieuwe en lopende terbeschik­kingstellingen. Het besluit van de Beloningscommissie heeft geen terugwerkende kracht.

8. De Beloningscommissie is paritair samengesteld en bestaat uit drie vertegenwoordigers van werknemerszijde en drie vertegenwoordigers van werkgeverszijde en stelt haar eigen reglement vast. De Beloningscommissie heeft als opdracht te oordelen over zaken aangaande de leden 1 en 2 van dit artikel.

Welke uitzendkrachten zijn vakkrachten?
Elk cao-partij kan in de praktijk een vakkrachtenmelding doen. Deze vakkrachtenmeldingen kunnen worden gedaan bij de Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU). Deze stichting publiceert de vakkrachtenmelding op hun website zodat alle werkgevers de vakkrachtenmelding kunnen lezen. Bedrijven en uitzendbureaus doen er verstandig aan om regelmatig de website van de SNCU te bekijken of er nieuwe relevante vakkrachtenmeldingen zijn gedaan. In deze vakkrachtenmelding staat aan welke eisen de werknemer moet voldoen indien hij als vakkracht aangemerkt moet worden. Deze eisen zijn gericht op relevante werkervaring, opleidingsrichting en opleidingsniveau.

De vakkrachtenmelding is opgenomen in een cao. De cao’s zijn gekoppeld aan bedrijven of bedrijfstakken. De medewerkers die in de ene cao als vakkrachten worden aangemerkt kunnen mogelijk in een andere cao niet als vakkracht worden aangemerkt. Een vakkracht heeft namelijk relevante werkervaring en een relevante opleiding nodig die gericht is op het desbetreffende bedrijf of bedrijfstak.

Wat moet een uitzendbureau met de vakkrachtenmelding doen?
Uitzendbureaus moeten bij de inlener navragen onder welke cao het bedrijf valt. Vervolgens moet het uitzendbureau in de desbetreffende cao nagaan of er een vakkrachtenmelding is opgenomen. Dit kan ook worden bekeken op de website van de SNCU. Als een uitzendbureau uitzendkrachten bemiddelt bij een inlener die onder een cao valt met een vakkrachtenmelding, dient het uitzendbureau goed na te gaan of de uitzendkrachten die het uitzendbureau bemiddelt als vakkrachten kunnen worden aangemerkt. Als dat wel het geval is zullen de uitzendkrachten conform de beloningsmethodiek van de inlener beloond moeten worden. De inlenersbeloning dient te worden toegepast ten gunste van de uitzendkracht. Als de uitzendkracht bijvoorbeeld een contract voor bepaalde tijd heeft via het uitzendbureau kan hij of zij niet meer in salaris worden teruggezet.

Let op vanaf 1 januari 2015 moeten alle uitzendkrachten vanaf de eerste werkdag op basis van inlenersbeloning worden beloond.

Wat is een vakdiploma en wat kun je er mee?

Een vakdiploma heeft meerwaarde op de arbeidsmarkt. Doormiddel van een vakdiploma kan een werknemer of sollicitant aantonen dat hij of zij over een bepaald opleidingsniveau beschikt in een specifieke opleidingsrichting. Een vakdiploma is gekoppeld aan een bepaald beroep of beroepsgroep. Met een vakdiploma kan een werkzoekende of uitzendkracht aanspraak maken op een vakkrachtenregeling in een cao. Daarover hieronder meer.

Vakkrachtenregeling
De overheid van Nederland wil dat werknemers die hetzelfde werk doen ook hetzelfde worden beloond. De vakkrachtenregeling is een middel om deze gelijkheid te bewerkstelligen. In verschillende cao’s is een artikel opgenomen met betrekking tot vakkrachten. In de ABU-cao is dit bijvoorbeeld artikel 20. Ook in de NBBU cao artikel 37/ bijlage 10 is het onderwerp vakkrachten beschreven.

Verder is in sommige cao’s beschreven welke werknemers onder de vakkrachtenregeling vallen. De aanmerking van een bepaalde groep werknemers als vakkracht heeft gevolgen voor de bedrijven die de vakkrachten tewerk stellen. Daarnaast zullen ook uitzendbureaus zich moeten houden aan de richtlijnen met betrekking tot vakkrachten wanneer ze deze bij bedrijven voorstellen die in hun cao speciale richtlijnen omtrent deze groep arbeidskrachten hebben opgenomen. Uitzendbureaus dienen bijvoorbeeld uitzendkrachten die behoren tot de vakkrachten vanaf de eerste dag conform de inlenersbeloning te belonen. De vakkrachten krijgen daardoor dezelfde beloning als personeel dat rechtstreeks bij de organisatie werkzaam is.

De Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU) ziet toe op het naleven van onder andere de vakkrachtenregeling. Daarnaast kunnen cao-partijen bij de SNCU een vakkrachtenmelding indienen. Dit is een schriftelijke omschrijving van wat een bepaalde beroepsgroep onder vakkrachten verstaat. Deze vakkrachtenmeldingen worden op de website van de SNCU gepubliceerd. Het is verstandig dat uitzendbureaus regelmatig de website van de SNCU bekijken zodat ze weten welke werknemers onder vakkrachten vallen en welke werknemers de eerste 26 weken conform de ABU-cao kunnen worden beloond. Na 1 januari 2015 dient elke uitzendkracht op de eerste werkdag en daarna conform de inlenersbeloning te worden beloond.

Vakdiploma en vakkrachtenregeling
De vakkrachtenregeling is een regeling ten gunste van de arbeidskracht die als vakkracht kan worden aangemerkt. Hij of zij kan door de vakkrachtenregeling een gelijkwaardige beloning krijgen als andere werknemers die conform de cao van de inlener worden beloond. Bij een nadere bestudering van de vakkrachtenmeldingen blijkt in veel gevallen een bepaald diploma vereist te zijn. Dit is meestal een diploma in een specifieke beroepsrichting zoals: schilderen, timmeren en installatietechniek.

Beoordeling vakkracht
Het behalen van een vakdiploma is daarom van groot belang voor de ‘waarde’ van een arbeidskracht op de arbeidsmarkt. Een vakdiploma is echter niet het enige aspect waarop wordt beoordeeld of een arbeidskracht een vakkracht is of niet. In sommige cao’s zoals de cao voor Bouwnijverheid wordt een arbeidskracht ook beoordeeld op relevante werkervaring in een bepaalde sector in dit geval de bouw. Ook het volgen van een vakopleiding kan in sommige gevallen al voldoende zijn om iemand aan te merken als vakkracht.

Wat zijn vakkrachten en wat is de vakkrachtenregeling?

Voor het vaststellen van de beloning van werknemers is het onder andere van belang om te weten of de desbetreffende werknemer een vakkracht is of niet. Dit is onder andere van belang voor uitzendbureaus die werknemers conform de inlenersbeloning moeten inschalen. Uitzendbureaus dienen vanaf de eerste werkdag uitzendkrachten die onder de categorie vakkrachten vallen te belonen conform de cao van het bedrijf waar de uitzendkracht tewerk wordt gesteld. Uitzendbureaus dienen na 1 januari 2015 alle uitzendkrachten op de eerste werkdag en daarna conform de beloningsmethodieken  van de inlener te belonen. Voor vakkrachten is dient dit dus al te gebeuren voor 1 januari 2015.

Doel vakkrachtenregeling
De doelstelling van deze vakkrachtenregeling is dat uitzendkrachten die onder de categorie vakkrachten vallen op dezelfde wijze worden beloond als de werknemers die rechtstreeks in dienst zijn bij de inlener. Over deze vakkrachtenregeling is een artikel opgenomen in de ABU-cao dit is artikel 20. Ook in  artikel 37/ bijlage 10 NBBU cao wordt naar de vakkrachtenregel gerefereerd.

Vakkrachtenregeling voor verschillende sectoren
In de vakkrachtenregeling zijn duidelijke voorwaarden beschreven waaraan een uitzendkracht moet voldoen om als een vakkracht te kunnen worden aangemerkt. Daarnaast is ook aangegeven wat de aanmerking vakkracht betekend voor de beloning van de uitzendkracht. De aanmerking vakkracht is niet alleen van toepassing in de bouw. Ook in andere sectoren wordt de aanduiding vakkracht gebruikt voor personeel. Het is voor een cao-partij mogelijk om een vakkrachtenmelding te doen. Deze melding wordt gedaan bij SNCU.

SNCU
De SNCU is een afkorting die voluit als volgt wordt geschreven: Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten. Deze stichting is gericht op het geven van voorlichting over de inhoud van collectieve arbeidsovereenkomsten. Daarnaast bevordert de SNCU het naleven van de arbeidsovereenkomsten. Hierbij is de SNCU met name gericht op de uitzendbranche. De SNCU is een stichting waar ook duidelijk informatie kan worden ingewonnen over vakkrachtenmeldingen.

Vakkrachtenmelding
De SNCU meld op haar website in welke cao’s vakkrachtenmeldingen zijn opgenomen. Deze meldingen geven duidelijk aan wanneer een uitzendkracht onder een vakkracht kan worden aangemerkt en aan welke voorwaarden de uitzendkracht dan moet voldoen. Deze voorwaarden houden over het algemeen verband met het opleidingsniveau en de opleidingsrichting. Op de website staan verschillende vakkrachtenmeldingen die van toepassing zijn op verschillende sectoren. Het uitzendbureau waarvoor de vakkracht als uitzendkracht aan het werk is dient de beloningsmethodiek van de opdrachtgever/inlener  toe te passen.