Wat is minimumloon?

Minimumloon is een wettelijk vastgesteld salaris dat een werkgever minimaal aan een werknemer moet uitkeren als beloning voor werkzaamheden. Het minimumloon wordt in Nederland op twee momenten per jaar vastgesteld namelijk op 1 januari en 1 juli. De hoogte van minimumloon kan op verschillende manieren worden weergegeven namelijk per uur, per week of per maand. Welke weergave men ook kiest het minimumloon is altijd een brutoloon zonder inhouding van belastingen en sociale zekerheidsbijdragen. De bedragen waarin het minimumloon zijn uitgedrukt zijn exclusief minimaal 8% vakantiebijslag. Hieronder is nog meer informatie weergegeven over het minimumloon.

Minimumloon in Europa
Nederland is in Europa één van de vele landen die daadwerkelijk een wettelijk vastgesteld minimumloon hebben. In totaal hebben 21 staten van de 27 Europese lidstaten een vastgesteld minimumloon. De zes EU-landen die geen wettelijk vastgesteld minimumloon hebben zijn Finland, Zweden, Denemarken, Oostenrijk, Italië en Cyprus. Deze landen laten net zoals Noorwegen en Zwitserland het bepalen van de hoogte van het minimumloon over aan het overleg tussen werknemersorganisaties en werkgeversorganisaties.

Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag WML
De Nederlandse Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag is ingevoerd op 27 november 1968. Op dat moment was het wettelijke minimumloon 100 gulden per week. Er is echter sprake van inflatie en andere factoren die de waarde van het geld en de koopkracht van consumenten, dus ook werknemers, binvloeden. Daarom wordt de hoogte van het minimumloon tweemaal per jaar aangepast. Daarbij wordt de gemiddelde stijging van de cao-lonen als uitgangspunt genomen. De cao-lonen komen tot stand door overleg tussen werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties.

Afkorting WML
De afkorting WML wordt gebruikt voor de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Daarnaast wordt de afkorting ook gebruikt om daadwerkelijk het minimumloon aan te duiden. In dat geval bedoelt men met deze afkorting Wettelijk Minimum Loon.

Leeftijd minimumloon
Het Wettelijk Minimum Loon is van toepassing op alle arbeidscontracten die tussen werkgevers en werknemers worden gesloten waarbij de werknemer ouder is dan 22 jaar op het moment dat de overeenkomst ingaat. Tot 1 juli 2017 vielen werknemers met een leeftijd van 22 jaar nog onder het minimumjeugdloon. Vanaf 1 juli 2017 hebben echter ook werknemers van 22 jaar recht op het volledige minimumloon.

Flexwerkers en het minimumloon
Het Wettelijk Minimumloon is niet alleen van toepassing bij reguliere vaste arbeidscontracten. Ook werknemers die op flexibele basis werken zullen minimaal het wettelijke minimumloon moeten krijgen. Deze wettelijke richtlijn is ook dus van toepassing op uitzendkrachten, gedetacheerden, oproepkrachten en thuiswerkers. Het is echter wel zo dat de meeste uitzendkrachten en andere flexwerkers bij opdrachtgevers worden ingeleend die onder een bepaalde cao vallen. Als dat het geval is zullen deze krachten conform de inlenersbeloning gesalarieerd moeten worden.

Inlenersbeloning en minimumloon
De inlenersbeloning is een wettelijke bepaling waarin is vastgelegd dat uitzendkrachten en ander inleenpersoneel minimaal hetzelfde salaris moeten ontvangen als vergelijkbare arbeidskrachten die rechtstreeks in dienst zijn van het bedrijf. De beloningsmethodieken van de inlener moeten gehanteerd worden door uitzendbureaus en andere arbeidsbemiddelingsbureaus als ze de hoogte van het salaris van hun flexkrachten moeten bepalen. Vrijwel altijd is deze inschaling hoger dan het minimumloon. Het is daardoor wettelijk niet toegestaan om uitzendkrachten en andere inleenkrachten het minimumloon uit te betalen terwijl deze krachten bij een correcte inschaling op basis van de cao van de inlener een hoger salaris moeten ontvangen. De inlenersbeloning moet dus gehanteerd worden door uitzendbureaus en detacheringsbureaus.

Arbeidsovereenkomsten volgens regulier arbeidsrecht

In Nederland kunnen werknemers en werkgevers op verschillende manieren tot overeenstemming komen in een arbeidsrelatie. We kennen 3 veel voorkomende vormen van overeenkomsten tot het verrichten van werk. Deze verschillende overeenkomsten zijn hieronder in een aantal alinea’s in de vorm van een samenvatting uitgewerkt.

Overeenkomst van aanneming werk
De definitie van overeenkomst van ‘aanneming van werk’ is als volgt. Aanneming van werk is een overeenkomst waarbij de ene partij (aannemer) zich jegens een andere partij (de opdrachtgever) verbindt om een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen. Dit houdt in dat iemand die deze opdracht aanneemt (aannemer) daadwerkelijk een tastbaar resultaat produceert. Hieronder staan een aantal eigenschappen van een overeenkomst van aanneming van werk:

  • Buiten arbeidsovereenkomst
  • Geen persoonlijke arbeidsverplichting
  • Een werk van stoffelijke aard
  • Een prijs in geld

Voorbeelden van aanneming van werk:

  • Een loodgieter die sanitair aanbrengt in een badkamer aanbrengt
  • Een elektromonteur die meterkast installeert in een woning
  • Een stratemaker die een oprit legt
  • Een schilder die de kozijnen van een woning van nieuwe verf voorziet

Overeenkomst van opdracht
Bij de hiervoor genoemde arbeidsovereenkomst is er sprake van een daadwerkelijk tastbaar resultaat. Er kan echter ook arbeid worden verricht die niet direct een tastbaar resultaat tot gevolg heeft. In dat geval heeft men het vaak over werkzaamheden in de diensten sector. Maar een overeenkomst van opdracht kan ook in andere sectoren voorkomen.

Een overeenkomst van opdracht kan als volgt worden gedefinieerd: een overeenkomst van opdracht wordt gesloten tussen een opdrachtgever die zich jegens de andere partij, de opdrachtnemer, verbindt om werkzaamheden te laten uitvoeren die anders zijn dan van stoffelijke aard.

Er zijn een aantal eigenschappen van een overeenkomst van opdracht, dit zijn de volgende:

  • Buiten arbeidsovereenkomst
  • Geen stoffelijk werk
  • Beloning niet noodzakelijk
  • Persoonlijke arbeidsverplichting niet noodzakelijk
  • Geen gezagsverhouding

Voorbeeld van een overeenkomst van opdracht:

  • Een opdrachtovereenkomst die ZZP-er heeft gesloten met een opdrachtgever over de afspraken rond de opdracht, werkzaamheden en tarief.

Arbeidsovereenkomst (is ook een uitzendovereenkomst)
Een arbeidsovereenkomst komt veel voor op de arbeidsmarkt. De meeste overeenkomsten de tussen werknemers en werkgevers worden gesloten vallen onder deze vorm van dienstverband. Een arbeidsovereenkomst kan worden gedefinieerd als een overeenkomst wanneer de ene partij (de werknemer) zich verbindt om in dienst van de andere partij (werkgever) tegen loon gedurende een zekere tijd (dienstperiode) arbeid te verrichten. Een arbeidsovereenkomst heeft de volgende kenmerken:

  • Er wordt een duidelijk koon afgesproken
  • Er is sprake van persoonlijke arbeidsverplichting. De werknemer dient zelf werk verrichten.
  • De arbeid wordt gedaan gedurende een zekere tijd. Dit houdt in dat de werknemer van de werkgever de uren of het rooster door krijgt waarop hij of zij de werkzaamheden moet verrichten. De werknemer kan niet zelf bepalen wanneer er gewerkt moet worden.
  • Er is spraken van een gezagsverhouding. In dit geval is de werknemer ondergeschikt aan gezag werkgever.

Voorbeelden van een arbeidsovereenkomst:

  • Een overeenkomst tussen een bouwbedrijf en een timmerman die een jaarcontract (contract voor bepaalde tijd) heeft gekregen om als timmerman aan de slag te gaan op fulltime basis (40 uur per week).
  • Een lasser gaat als uitzendkracht via een uitzendbureau aan de slag bij een metaalbedrijf. De uitzendkracht sluit een uitzendovereenkomst met het uitzendbureau. Dit is ook een arbeidsovereenkomst. De duur van de tewerkstelling van de uitzendkracht kan verschillen. Sommige uitzendkrachten worden gedetacheerd en ontvangen een detacheringscontract waardoor ze verzekerd zijn van loon en werkzaamheden gedurende de contractperiode.

Wat is cashflow?

Cashflow is een Engels woord dat in het Nederlands kan worden vertaald met kasstroom. De term cashflow wordt onder andere in de bedrijfseconomie gebruikt om de instroom en uitstroom van liquide middelen aan te duiden. Als men een beeld wil krijgen van de netto kasstroom dan gaat men het verschil berekenen tussen het geld dat het bedrijf heeft ontvangen en het geld dat een bedrijf heeft uitgegeven in een bepaalde periode.

Er kan sprake zijn van een positief en een negatief bedrag, daarom heeft men het over een positieve kasstroom en een negatieve kasstroom. Er is sprake van een positieve kasstroom als de inkomsten van een onderneming hoger zijn dan de uitgaven. Een negatieve kasstroom ontstaan wanneer de uitgaven van een onderneming hoger zijn dan de inkomsten.

De kasstroom of cashflow doet vermoeden dat het alleen gaat om geld in de kas oftewel chartaal geld. De kasstroom is echter veel breder en omvat ook giraal geld waarover een onderneming kan beschikken. De cashflow van een onderneming is belangrijke informatie voor aandeelhouders. Voor vermogensverstrekkers is vooral de EBITDA van belang.

Wat is vakantiegeld en waarom wordt dit betaald aan werknemers?

Vakantiegeld wordt aan Nederlandse werknemers uitbetaald door werkgevers. Het vakantiegeld is in Nederland minimaal acht procent van het bruto loon. In sommige cao’s is echter vastgelegd dat werknemers recht hebben op meer vakantiegeld. Het vakantiegeld wordt eenmaal per jaar uitgekeerd aan de werknemers en dient apart vermeld te worden op de loonstrook. Het vakantiegeld is een toelage die door de werknemer gebruikt kan worden om de extra kosten van een vakantie te dekken. De werknemer is niet verplicht om het vakantiegeld daarvoor te gebruiken. Vakantiegeld is een toelage die los staat van het opnemen van betaald verlof.

Vakantiegeld wordt in Nederland meestal uitgekeerd in de maand mei. Het vakantiegeld wordt door de werknemer opgebouwd in de periode 1 juni tot en met 31 mei. Het vakantiegeld wordt opgebouwd over het brutoloon van de werknemer. Als het brutoloon van de werknemer in een bepaalde periode lager was, bijvoorbeeld 70 procent, dan wordt dit meegenomen in de berekening van het vakantiegeld. Als het dienstverband van de werknemer beëindigd wordt dan houdt de werknemer het recht op vakantiegeld over de periode dat de werknemer nog bij de werkgever in dienst was. Dit opgebouwde vakantiegeld dient door de werkgever bij de laatste salarisbetaling direct uitbetaald te worden.

Uitzendkrachten en vakantiegeld
Uitzendkrachten kunnen hun opgespaarde vakantiegeld door een uitzendbureau laten uitbetalen. Dit kan in overleg met het uitzendbureau op elk gewenst moment. Daarnaast kunnen uitzendkrachten er voor kiezen om een verhoging van 8% op hun loon te ontvangen in elke maand dat ze voor een uitzendbureau werkzaam zijn. Dit laatste komt echter niet vaak voor en het is onduidelijk of de Europese wetgeving dit toelaat. Binnen het kader van de Wet Werk en Zekerheid zijn geen aanvullende afspraken vastgelegd over vakantiegeld.

Equal pay is echter van kracht sinds 30 maart 2015. Uitzendkrachten hebben vanaf dat moment recht op een gelijkwaardig salaris in vergelijking tot werknemers die rechtstreeks in dienst zijn bij het bedrijf. Uitzendbureaus zijn verplicht om zich aan de equal pay regeling te houden. Omdat equal pay een gelijkwaardige beloning inhoudt is het vakantiegeld dat door een uitzendkracht wordt ontvangen ook gelijkwaardig aan personeel dat rechtstreeks bij het bedrijf werkt.

Nederlandse banken zijn betrouwbaar

De betrouwbaarheid van banken over de wereld wordt door diverse instanties nauwlettend in de gaten gehouden. Dit wordt onder andere door kredietbeoordelaars. Standard & Poor’s is een kredietbeoordelaar die dinsdag 12 november 2013 een rapport uitbracht over de bankensector in Nederland. Volgens S&P zijn de banken in Nederland ten opzichte van andere landen in de wereld zeer betrouwbaar. De banken van Nederland worden topspelers genoemd op de wereldmarkt.

De banken van Nederland zijn volgens  Standard & Poor’s divers en rijk. Daarnaast hebben de banken een ‘open economie’. Banken worden ingedeeld in verschillende risicogroepen, die ook wel risicoschalen worden genoemd. Hiermee wordt inzichtelijk welke bank betrouwbaar is en welke minder aan zijn verplichtingen (kan) voldoen. De risicoschalen lopen van 1 tot en met 10. Hierbij is risicoschaal 1 het hoogst haalbare. Banken met een inschaling op risico 1 zijn uitermate betrouwbaar. Risicoschaal 10 is de aller slechtste score die een bank kan hebben. Wanneer een bank in deze schaal is ingedeeld is de bank niet kredietwaardig en zijn er risico’s verbonden aan het zaken doen met deze banken.

Bij het indelen van banken in risicoschalen wordt door Standard & Poor’s gekeken naar een aantal factoren. In totaal wordt op zes verschillende factoren gelet. Deze factoren zijn als volgt:

  • Economische risico’s
  • Het activiteitenprofiel van de banken
  • De rentabiliteit en het kapitaal van de banken
  • Risicoprofiel van de banken
  • Liquiditeit en financiering
  • De bankindustrie waarin de banken activiteiten onplooien

 

De Nederlandse banken worden door Standard & Poor’s ingeschaald in schaal 3. Hieruit kan de conclusie getrokken worden dat deze banken zeer betrouwbaar zijn. De banken van Nederland staan in dezelfde categorie als de banken van Denemarken, Groot-Brittannië, Nieuw-Zeeland en de VS. Er zijn ook zwakke kanten verbonden aan de Nederlandse banken en de manier waarop de overheid deze banken heeft gecontroleerd (en gered) de afgelopen jaren. De manier waarop gereageerd werd door de toezichthouders gedurende de uitbreiding van banken vanaf de crisisperiode wordt gezien als een zwaktepunt door Standard & Poor’s.

Reactie Technisch Werken
Ondanks de verschillende negatieve nieuwsberichten over Nederlandse banken staan de banken van Nederland wereldwijd nog zeer hoog aangeschreven. Ze staan in dezelfde categorie als toonaangevende landen in de wereldeconomie zoals de VS en Groot-Brittannië. Nederlandse banken zijn daardoor zeer kredietwaardig. Desondanks zijn deze banken zeer terughoudend bij het verstrekken van kredieten aan bedrijven en particulieren. Hierdoor kunnen veel bedrijven en consumenten geen grote investeringen doen. Dit heeft tot gevolg dat de economie in Nederland maar moeizaam op gang komt. Lenen is niet aantrekkelijk door de hoge rentes en de terughoudendheid van banken. De houding van banken is opmerkelijk want banken kunnen zelf vanuit Europa zeer goedkoop lenen. De lage rente waartegen banken kunnen lenen zorgt er echter wel voor dat de spaarrentes onder druk komen te staan. Hierdoor gaat de koopkracht van consumenten nog niet verder omhoog. De banken vormen een belangrijke sleutel om de economie weer in beweging te krijgen.

Uitzendbureaus in 2013

In de maanden juni en juli van 2013 was de werkgelegenheid voor uitzendkrachten gedaald. Dat kwam naar voren uit cijfers die de ABU heeft gepubliceerd. De ABU is de brancheorganisatie voor uitzendondernemingen. Ook voor de maanden juli en augustus in 2013 is de werkgelegenheid voor uitzendkrachten verder gedaald. dinsdag 3 september 2013 werden de nieuwe cijfers door de ABU gepubliceerd. Hieruit blijkt dat het aantal uren dat uitzendkrachten hebben gewerkt 5 procent gedaald is in de periode van 15 juli tot 11 augustus ten opzichte van dezelfde periode in 2012.

Uitzendbureaus hebben minder uitzenduren
Door de krimp in uitzenduren hebben de uitzendbureaus minder omzet gedraaid. In de periode medio juli tot medio augustus 2013 is de omzet van uitzendbureaus met 2 procent gedaald. De krimp in het aantal uitzenduren is in alle sectoren van de markt zichtbaar.

Uitzenduren in verschillende branches
De ABU heeft de daling in het aantal uitzenduren bij verschillende branches in kaart gebracht. Administratieve bedrijven hadden een daling van vijf procent arbeidsuren voor flexkrachten. In de zorg was de daling flink merkbaar. Daar daalde het aantal uitzenduren met een derde ten opzichte van een jaar geleden. De technische sectoren en industrie hadden een afname van drie en zeven procent in het aantal uitzenduren.

Uitzendkrachten juist nu van belang
De daling die sinds het begin van 2012 is ingetreden lijkt nog niet gekeerd. Dat is vreemd want juist in een turbulente markt zijn uitzendkrachten een ideaal middel om pieken in de productie en werkdruk op te vangen. Daarnaast zorgen uitzendkrachten voor een beperking van de financiële risico’s voor bedrijven. Uitzendbureaus nemen vaak risico’s met betrekking tot ziekte op zich daarnaast kan het dienstverband van uitzendkrachten eenvoudig worden stopgezet bij disfunctioneren of teruglopende werkzaamheden.

Banken verlagen spaarrente

De afgelopen maanden is de spaarrente bij verschillende banken verlaagd. De renteverlagingen op spaarproducten daalt niet meteen met enorme sprongen. Het zijn vaak maar kleine aanpassingen van minder dan een have procent waarmee banken hun rentes op spaargeld verlagen. Desondanks geven banken aan dat ze graag het spaargeld van hun klanten willen beheren. De Rabobank noemt op haar website dat er nog steeds concurrentie tussen de banken aanwezig is. Dit zou echter op een lager renteniveau plaatsvinden.

De Europese Centrale Bank leent ook geld uit aan Nederlandse banken. Zij verlaagde haar rente bijvoorbeeld op 2 mei 2013 naar een half procent. Daarvoor was de rente die de Europese Centrale Bank vroeg nog 0,75 procent. De verlaging van de rente bij de ECB zorgt er voor dat Nederlandse klanten bij banken minder rente op hun spaargeld krijgen. Wanneer op Marco-niveau de rente hoger wordt zal vermoedelijk ook de rente op spaarproducten omhoog gaan.

Besparen in crisistijd

John Williams en Annemarie van Gaal van het programma Een dubbeltje op zijn kant Hebben een boek geschreven. Dit boek draagt dezelfde naam als het programma. In het boekje staan verschillende ideeën om geld te besparen. Hierdoor kunnen mensen effectiever met geld omgaan en schulden worden voorkomen of worden afgelost. Er worden in het boekje ‘Een dubbeltje op zijn kant’ verschillende soorten mensen beschreven. Voor mensen die hun financiële situatie willen aanpakken worden praktische tips genoemd die er voor kunnen zorgen dat er meer geld wordt bespaard.

John Williams en Annemarie van Gaal noemen onder andere de volgende punten waarop bespaard kan worden.

Huisdieren. Het is belangrijk om voor de aanschaf van een huisdier of van huisdieren na te gaan wat een dier voor kosten met zich meebrengt.

Roken. Stoppen met roken en andere verslavingen zoals drank, eten en gokken kan per maand veel geld besparen. Daarnaast scheelt stoppen met een verslaving ook in de kosten voor het herstel van de gezondheid.

Abonnementen. Een abonnement kost geld maar levert niet altijd wat op. Ook zijn mensen soms ergens lid van zonder er echt gebruik van te maken zoals een seizoenkaart voor een voetbalclub of lidmaatschap van een sportschool.

Energiekosten en water. Ze apparaten uit als ze niet worden gebruikt. Ook stand-by neemt energie. Laat apparatuur daarom niet lang in stand-by staan. Douche niet langer dan nodig is en zet een vatwasmachine en wasmachine pas aan wanneer er voldoende vaat en was is verzameld.

Auto en vervoer. Koop niet onnodig een dure en zware auto. Niet alleen de wegenbelasting is hoger bij een grote auto ook de brandstofkosten en onderhoudskosten nemen toe naarmate de auto groter is. Rij niet onnodig kleine afstanden die ook met de fiets gedaan kunnen worden.

Verzekeringen. Verzekeren kan veel geld kosten. Sluit daarom geen verzekering af voor onnodige zaken en risico’s die je niet zelf zou kunnen dragen.

Leningen. Het lenen van geld draagt kosten met zich mee. Leningen bij postorderbedrijven en bedrijven die creditcards verstrekken kunnen al snel oplopen. Daarnaast is de verschuldigde rente op deze leningen vaak hoog. Daarom is het aflossen van leningen belangrijk.

Met deze tips kun je de crisis te lijf gaan. Daarnaast zijn er op internet op diverse sites tips te vinden om nog meer te besparen.

Topmannen Imtech betalen bonus terug

Imtech maakte dinsdag 27 augustus 2013 haar cijfers over het eerste halfjaar bekend. Daarnaast maakte Imtech bekend dat twee voormalig bestuurders hun bonussen terug gaan betalen. Het betreft de bonussen over 2010 en 2011. De bestuurders die de bonussen terugbetalen zijn René van der Bruggen en financieel topman Boudewijn Gerner. Op de beide topmannen werd druk uitgeoefend om de bonus terug te betalen. Deze druk ontstond nadat begin 2013 duidelijk werd dat er sprake was van grootschalige fraude bij Imtech in Duitsland en Polen. Het geld van de bonussen en aandelen komt weer terug in de financiële middelen van Imtech.

Coalitie bijna akkoord over 6 miljard bezuinigen

De nieuwsberichten vandaag laten zien dat de De regeringspartijen VVD en PvdA het eens zijn over de extra bezuinigingen. Deze extra bezuinigingen van 6 miljard euro staan gepland voor 2014. Het is nog niet duidelijk wat de regeringspartijen precies hebben vastgelegd. Volgens bronnen zouden de afspraken van juli 2013 voor een belangrijk deel blijven bestaan. Nadat de plannen formeel zijn vastgesteld worden ze op Prinsjesdag naar buiten gebracht. De volgende punten worden in het nieuws al genoemd’.

  • De lonen in de overheidssector worden bevroren. Ministers  worden gekort in hun budgetten.
  • De verspilling in de zorg wordt aangepakt.
  • Stamrechtbv’s worden aangepakt om belastingontduiking te voorkomen.
  • De woningmarkt wordt aangepakt. Mensen die hun levensverzekering gebruiken om de hypotheek af te lossen moeten geen extra belasting betalen over hun kapitaal.

De hierboven genoemde bezuinigingen komen bovenop de reeds aanwezige bezuinigingen. Ze zijn nodig om het begrotingstekort verder terug te dringen en daarmee aan de eisen van Europa te voldoen. Het begrotingstekort zou door de bezuinigingen op 3,3 procent komen in plaats van 3,9 procent zoals het Centraal Planbureau de begroting op dit moment zonder de extra bezuinigingen in 2014 voorziet. De EU heeft echter een maximaal begrotingstekort voor Nederland vastgesteld op 3 procent. Toch zullen ze volgens bronnen akkoord gaan met de bezuinigingen van 6 miljard die nu gepland zijn.

Huizenmarkt aanpakken door minder lenen!

Het kabinet kijkt in toenemende mate naar de huizenmarkt. Deze markt is de afgelopen jaren redelijk met rust gelaten. De laatste maanden komen er vanuit het nieuws verschillende berichten naar voren over de huizenmarkt. Het laatste bericht is dat huizenkopers niet meer het volledige bedrag zouden mogen lenen voor een woning. Dit houdt in dat huizenkopers nu ook zelf een deel van de koopsom uit eigen middelen moeten vergoeden. Vanaf 2018 is het al niet meer mogelijk dat kopers meer dan 100 procent van de aankoopsom en waarde van het beoogde huis kunnen lenen.

Jeroen Dijsselbloem van Financiën heeft vrijdag het volgende aangegeven in de toekomstvisie voor banken: “Eenverdere daling is, vanuit het oogpunt van consumentenbescherming, maar ook voor een meer gezonde bankbalans, op termijn wenselijk. Deze uitspraak ondersteund het streven van de Commissie Structuur Nederlandse banken. Deze commissie wil het maximale bedrag dat geleend kan worden voor een koophuis verlagen. De commissie wordt geleid door Hermann Wijffels. Op dit moment is de commissie van mening dat 80 procent van de totale koopsom mag worden geleend. Deze uitspraak is gebaseerd op de gemiddelde norm voor de aanschaf van koopwoningen in de Eurolanden.

Naast deze richtlijnen wil het kabinet dat de systeembanken ook structureel hun bedrijfsvoering gaan aanpassen. Zo moeten deze banken grotere reserves achter de hand houden. In de huidige economische turbulentie is dat geen overbodige luxe.