Wat is een meetflens?

Een meetflens is kan een onderdeel zijn van een leidingnetwerk. Een flens wordt over het algemeen gebruikt om twee leidingdelen aan elkaar te bevestigen. Een flensverbinding kan men aanbrengen door middel van bouten en moeren. Vaak wordt in een flensverbinding gebruik gemaakt van een pakkingmateriaal om de flensverbinding goed af te dichten. Er bestaan verschillende soorten flensen. Een meetflens is een specifieke variant van een flens. Deze flens bevat een meetsysteem waarmee men debiet kan meten. Debiet is een natuurkundige grootheid waarmee men de hoeveelheid van een vloeistof of gas per tijdseenheid kan uitdrukken. Met een meetflens kan men dus inzicht krijgen in de hoeveelheid vloeistof of gas dat per tijdseenheid door de leiding stroomt (of verplaatst wordt).

Hoe werkt een meetflens?
Men hanteert bij een meetflens het principe van Bernouilli. Dit principe is gebaseerd op een verband tussen de snelheid en de druk van een vloeistof. Een meetflens lijkt grotendeels op een gewone flens maar bevat twee kleine buisjes die zijn afgesloten met een meetinstrument. Meestal zijn de uiteinden van deze buisjes gemarkeerd met een rode en blauwe kleur. De vloeistof in de leiding zal door een gat in de afsluitplaat gaan stromen. Daarbij zal er sprake zijn van een verschil in de stroomsnelheid. Als de snelheid waarmee de vloeistof door de leiding wordt getransporteerd gaat stijgen zal de druk van de vloeistof afnemen. Dan wordt er ook minder druk gemeten. Andersom is natuurlijk ook het geval. Als men het verschil in druk voor en achter de afsluitplaat gaat bepalen krijgt men een beeld van het debiet. Op die manier meet men dus de hoeveelheid vloeistof die door een leiding kan stromen. Een meetflens hoort daarom bij de meettechniek in een procesinstallatie. 

Wat is een duspol of tweepolige spanningzoeker?

Duspol is een merk voor een tweepolige spanningzoeker. Het merk duspol is een geregistreerde handelsmerk voor een meetinstrument dat in de elektrotechniek gebruikt wordt. Een duspol bevat twee meetpennen die over het algemeen een rode kleur hebben. Deze pennen zijn aan elkaar verbonden doormiddel van een soepel, dun snoer dat een donkergrijze of zwarte kleur heeft.

Meetpennen van een duspol
Een duspol heeft twee meetpennen maar de omvang van deze pennen verschilt. De handgreep van één van de pennen is groter dan het handvat van de andere pen. De dikkere meetpen heeft een ingebouwde spanningsindicatie. Over het algemeen bestaat deze spanningsindicatie leds. Bij de leds is een duidelijke omschrijving aangegeven van hetgeen gemeten wordt. Het is echter ook mogelijk dat men in het dikkere handvat een digitaal afleesscherm heeft aangebracht waar men de waardes van kan aflezen.

Hoe werkt een duspal
Een duspal wordt gebruikt als meetinstrument voor de elektrotechniek. Het is een spanningszoeker wat in feite inhoudt dan men met een duspal kan meten of op een bepaald elektrotechnisch component spanning staat of niet. Men kan een duspal bijvoorbeeld gebruiken om de spanning te meten in een wandcontactdoos. Als een wandcontactdoor is voorzien van een aardcontact dan kan men het beste eerst de beide spanningvoerende contactpolen controleren met de duspal. Als men vervolgens de contactpolen om de beurt op de aarde gaat meten kan men bepalen welke contactpool de stroom aanvoert en welke de nul is.

Lekstroom
Een aardlekschakelaar wordt ingeschakeld wanneer er sprake is van zogenoemde lekstroom. Een spanningzoeker zoals een duspal trekt stroom. Als men de duspal gaat gebruiken om de spanning te meten tussen de fase en de aarde dan zal er een lekstroom gaan lopen. Als de elektrische installatie goed functioneert zal de aardlekschakelaar vanwege de lekstroom worden ingeschakeld. Als dat gebeurd wordt de levering van elektrische spanning stopgezet. Om dit te voorkomen hebben sommige tweepolige spanningzoekers een speciale testfunctie met een hoge impedantie. Deze testfunctie wordt gebruikt om de lekstromen te onderdrukken.

Meetbereik van duspal spanningzoeker
Het meetbereik van spanningszoekers kan verschillen. Een tweepolige spanningzoeker heeft over het algemeen een bereik van ongeveer 6 Volt tot 400 Volt. Het aantal Volt wordt in verschillende waarden aangegeven. Deze waardes lopen op en zijn vermeld op de spanningsindicatie van het dikke handvat van de duspal. Een duspal of tweepolige spanningzoeker is geschikt voor het meten van zowel gelijkspanning als wisselspanning.

Wat is een eenpolige spanningzoeker?

Een spanningzoeker is gereedschap waarmee men kan meten of ergens elektrische spanning op staat. Elektromonteurs en installateurs gebruiken vaak een spanningszoeker om te meten of er bijvoorbeeld spanning staat op contactpolen voordat ze daadwerkelijk hun werkzaamheden gaan verrichten. Men moet namelijk spanningsvrij werken om te voorkomen dat men onder elektrische spanning komt te staan tijdens werkzaamheden.

Het onder spanning komen te staan van een persoon wordt ook wel een elektrische schok genoemd en is zeer gevaarlijk voor de gezondheid. Men kan zelfs overlijden ten gevolge van een elektrische schok. Daarom moet men van te voren goed meten of ergens elektrische spanning op staat. Men kan hiervoor een eenpolige spanningszoeker of een tweepolige spanningzoeker (ook wel duspal genoemd) gebruiken. In onderstaande tekst is de werking van een eenpolige spanningzoeker beschreven.

Eenpolige spanningszoeker
Een eenpolige spanningszoeker is de meest eenvoudige en goedkope spanningzoeker die een elektromonteur kan gebruiken. Deze spanningzoeker bestaat uit één pen die in een contactpool kan worden gestoken om te meten of deze onder elektrische spanning staat of niet. Een bekend voorbeeld van de eenpolige spanningszoeker is de fittingschroevendraaier met neonlampje. Dit zijn kleine doorzichtige schroevendraaiertjes die aan het uiteinde een platte schroefkop hebben.

Vanaf deze platte schroefkop is de schroevendraaier geheel geïsoleerd. Deze isolatie voorkomt dat de gebruiker van de spanningszoeker onder elektrische spanning komt te staan tijdens het verrichten van metingen met de spanningszoeker. Het is belangrijk dat deze isolatie niet beschadigd wordt. In de spanningzoeker zit een klein neonlampje dat oplicht als de spanningszoeker een spanning voerend deel van de elektrische installatie raakt met het metalen uiteinde (platte schroevendraaierkop).

Hoe wordt een eenpolige spanningszoeker gebruikt?
Een eenpolige spanningszoeker wordt gebruikt voor het meten van de aanwezigheid van een wisselspanning tussen de 110 V en 240 V. Over het algemeen wordt de eenpolige spanningszoeker gebruikt als fasetester als men werkzaamheden gaat verrichten aan lichtnetinstallaties in bijvoorbeeld woningen of utiliteit.

De eenpolige spanningszoeker wordt met de punt in contact gebracht met een deel van een elektrische installatie. Men moet daarbij de vinger op het uiteinde van het kunststof heft houden. Als het gedeelte dat geraakt wordt met de spanningszoeker ook daadwerkelijk spanning voert dan zal het neonlampje in de spanningszoeker gaan branden. Het  neonlampje gaat branden door de elektrische spanning. Er is echter ook een hoogohmige weerstand aanwezig in de spanningszoeker die zorgt er voor dat het lampje door de elektrische spanning niet kapot brand.

Belangrijke informatie over spanningszoeker
Het branden van het lampje van de spanningzoeker geeft aan dat er spanning staat op het onderdeel van de elektrische installatie. De exacte hoogte van de spanning wordt door de eenpolige spanningsmeter niet aangegeven. Het lampje gaat over het algemeen branden als er een spanning wordt gemeten van 110 Volt tot 240 Volt.

Als het neonlampje niet brand is dat niet een garantie dat een geleider spanningsloos is. Er zijn namelijk een aantal factoren die van invloed zijn op de werking en het aflezen van de spanningszoeker. Allereerst kan de elektromonteur de spanningzoeker niet goed hanteren waardoor het lampje niet gaat branden. Hij of zij kan de spanningzoeker niet stevig genoeg tegen de geleider aanhouden waardoor de spanningzoeker de spanning niet goed kan meten.

Ook kan de geleider of de spanningszoeker bevuild zijn wat het meten en aflezen bemoeilijkt. Het lampje kan bovendien kapot zijn of er is een te grote overgangsweerstand tussen de vinger en contactplaatje waardoor het licht van het lampje te zwak is. Om er zo zeker mogelijk van te zijn dat de spanningzoeker werkt kan men de spanningszoeker het beste van te voren testen door de spanningzoeker in een contactpool te steken van een wandcontactdoos waar spanning op staat.

Professioneel gebruik eenpolige spanningzoeker is niet toegestaan
Een eenpolige spanningszoeker kan wel door elektromonteurs worden gebruikt maar ze zijn niet toegestaan voor professioneel gebruik. Om de hierboven genoemde redenen wordt een eenpolige spanningszoeker onvoldoende betrouwbaar geacht. De Nederlandse norm voor veilige bedrijfsvoering van werkzaamheden aan elektrische installaties is de NEN 3140. Hierin staan richtlijnen voor het veilig werken aan elektrische installaties. In de NEN 3140 is vastgelegd dat men voor het aantonen van spanningafwezigheid een tweepolige meting dient te doen. Hiervoor maakt men gebruik van een tweepolige spanningzoeker zoals een duspal. Een duspal is een merk van een tweepolige spanningzoeker.

Wat is een contactloze spanningszoeker?

Voor het meten van elektrische spanning gebruikt men over het algemeen een enkelpolige of tweepolige spanningszoeker zoals een duspal. Een enkelpolige spanningszoeker mag niet professioneel worden gebruikt omdat deze minder betrouwbaar is dan een tweepolige spanningzoeker. Dit is vastgelegd in de NEN 3140. Zowel een enkelpolige spanningszoeker als een tweepolige spanningszoeker worden gebruikt om metingen te verrichten aan onderdelen van elektrische installaties. Daarbij moet echter wel contact worden gemaakt met de geleiders van de installatie. Er zijn echter ook spanningszoekers waarbij geen direct contact gemaakt hoeft te worden met de installatie of onderdelen daarvan. Deze spanningszoekers worden ook wel contactloze spanningzoekers genoemd.

Hoe werkt een contactloze spanningzoeker?
Een contactloze spanningzoeker bevat een sensor waarmee een  elektrische veldsterkte om een spanningvoerende geleider wordt gedetecteerd. Contactloze spanningszoekers zijn alleen geschikt voor het opsporen van een wisselspanning. Er zijn verschillende soorten contacloze spanningzoekers en het meetbereik van deze meetinstrumenten kan verschillen. Over het algemeen kan men deze spanningzoekers gebruiken om een spanning te meten van 100 tot 1000 volt.

Een contactloze spanningzoeker hoeft geen daadwerkelijk contact te maken met een blanke geleider. In plaats daarvan kan men met de contactloze spanningzoeker elektrische spanning meten door de spanningszoeker in de buurt van een contactdoos, stroomdraad of contactstrip te houden. Het is zelfs mogelijk om met een contactloze spanningszoeker elektrische spanning te meten die stroomt door een geïsoleerde draad. Men kan hierdoor vaak eenvoudig onderbrekingen van elektrische spanning opsporen in kabels.

Hoe kan men een contactloze spanningzoeker aflezen?
Een contactloze spanningzoeker bevat een led. Deze led gaat branden als de sensor elektrische spanning meet. Daarnaast is er ook vaak een akoestische signalering met een pieptoon. In tegenstelling tot een eenpolige spanningszoeker bevat een contactloze spanningszoeker elektronica. Daarvoor is voedingsspanning nodig die wordt geleverd door twee potloodbatterijen (AAA).

Wat is een meetkamer?

Een meetkamer is een speciale ruimte binnen een technisch bedrijf waarin producten worden gecontroleerd op afmetingen. Een meetbare eigenschap van een materiaal wordt ook wel een grootheid genoemd. In een meetkamer kan men bijvoorbeeld producten of materialen controleren op de natuurkundige grootheden lengte en massa. Het meten van producten en materialen dient bij sommige bedrijven zo nauwkeurig te gebeuren dat er een speciale ruimte voor wordt ingericht.

Inrichting van een meetkamer
Een meetkamer behoort een netjes en opgeruimde kamer te zijn. De kamer moet goed geïsoleerd zijn en goed afgesloten kunnen worden. Een meetkamer bevat meestal een vlakplaat of vlaktafel van bijvoorbeeld graniet met daarop een 3D meetinstrument waarmee men de dimensies van een object kan opmeten. Een vlaktafel is perfect waterpas en daardoor kan men deze tafel als goede basis gebruiken om te kijken of een product wel perfect vlak is.  Een digitale meetopstelling kan producten op honderdsten tot zelfs duizendsten van millimeters nauwkeurig opmeten.

Temperatuur en vochtigheidsgraad
Een meetkamer is een ruimte die niet mag worden gebruikt als opslagruimte voor materialen. De kamer is bedoelt om producten te meten. Naarmate de maatvoering of de passingen nauwkeuriger worden zal men ook rekening moeten houden met de temperatuur. De temperatuur heeft namelijk invloed op de omvang van de meeste materialen. Als de temperatuur hoger is worden de meeste materialen iets groter en als de temperatuur lager is wat kleiner. Dit verschil is afhankelijk van het materiaal en de verhoging of verlaging van de temperatuur.

Als men op honderdsten of duizendsten van een millimeter nauwkeurig gaat controleren moet men gebruik maken van een geklimatiseerde meetkamer. Deze meetkamers worden meestal op een constante temperatuur van 20°C gehouden. Ook de luchtvochtigheid kan men op een specifiek niveau houden. Geklimatiseerde meetkamers hebben meestal een soort sluis of extra ruimte waar je door moet voordat je deze meetkamers kunt binnentreden. Deze sluizen zorgen er voor dat de temperatuur constant blijft in de meetkamer.

Wat doet men in een meetkamer?
In een meetkamer werkt een kwaliteitscontroleur of meettechnicus. Deze meet met verschillende meetinstrumenten de maten op van een product aan de hand van vastgestelde procedures en referentiepunten. Deze gegevens kan men vermelden in een meetrapport. Dit meetrapport kan worden voorzien van foto’s ter verduidelijking. Ook kan een meettechnicus duidelijk met een stiftstreep of andere markering aangeven waar de fout of afwijking zich op een product bevind.

Wat is een rolmaat of rolmeter?

Een rolmaat is een meetgereedschap dat kan worden gebruikt om objecten en producten tot op een millimeter nauwkeurig op te meten. Een rolmaat is geschikt voor zowel buitenwerkse maten als binnenwerkse maten. Er zijn verschillende soorten rolmaten. Het verschil zit vooral in de lengte. Zo zijn er rolmaten die geschikt zijn voor het opmeten van maten tot en met 1 meter, 2 meter en 3 meter. Daarnaast zijn er ook extra lange rolmaten van 5 meter, 8 meter en 10 meter. Als men objecten wil meten die groter zijn dan tien meter maakt men meestal gebruik van een meetlint of een meetband. Een lang meetlint is een platte band die op een haspel wordt opgerold met behulp van een handslinger.

Hoe ziet een rolmaat er uit?
Een rolmaat is een compacte cirkelvormige doos (ook wel huis genoemd) waarvan één kant van de cirkel plat is gemaakt. Uit die platte kant kan men vanaf de hoek een lipje aantrekken. Als men dit doet wordt een lint uitgetrokken met daarop een maataanduiding in centimeters en millimeters. Dit lint is meestal gemaakt van een zeer dun buigzaam en veerkrachtig staal. De band heeft een holle doorsnede. Deze holle doorsnede zorgt er voor dat de band een veerkrachtige weerstand heeft tegen omknikken. Daardoor blijft de band recht als deze wordt uitgetrokken.

Een rolmaat wordt vaak op de bouw gebruikt en kan daardoor in aanraking komen met vocht. Om die reden is het metalen lint van een rolmaat tegen roest beschermd en roestvast gemaakt. Een kwalitatief goede rolmaat heeft dikwijls een speciale coating die slijtvast is. Deze slijtvastheid zorgt er voor dat de maataanduiding goed leesbaar blijft ook bij herhaaldelijk gebruik.

Een rolmaat is zelfoprollend. Dit houdt in dat de rolmaat, indien deze niet wordt tegengehouden, automatisch opgerold wordt als men het lipje aan het einde van het meetlint loslaat. Het automatisch oprollen komt door een stalen platte veer die verbonden is aan het lint.

Een rolmaat heeft ook een blokkeerknop. De blokkeerknop zorgt er voor dat men het meetlint kan vastzetten zodat het lint niet verder gaat oprollen. Daardoor kan men een maat makkelijker vasthouden als men meerdere malen dezelfde maat moet aftekenen.

Hoe meet je met een rolmaat?
Het meten met een rolmaat is niet complex. Men rolt het meetlint uit en haakt met het lipje achter een hoek van een muur of iets dergelijks. Vervolgens leest men de maat af. Op die manier meet men de buitenwerkse maat.

De binnenwerkse maat kan men eveneens afmeten met een rolmaat. Hierbij duwt men het lipje van de rolmaat tegen een object of muur en duwt men vervolgens met de andere kant van de rolmaat tot zover als men wenst.  De maat van de behuizing van de rolmaat telt men bij de maataanduiding van het meetlint op om tot de totale maat te komen.

Wat is een schroefmaat of micrometer?

Een schroefmaat of een micrometer is een meetgereedschap waarmee men een klein object met grote nauwkeurigheid kan opmeten. Het meetinstrument kan worden gebruikt om maten en afwijkingen in maten weer te geven tot op 0,01 mm, 0,005 mm of tot op 1 µm nauwkeurig. De micrometer is door Jean Laurent Palmer in 1848 uitgevonden in Paris. Daardoor wordt dit meetinstrument soms ook wel een palmer genoemd.

Micrometer
De naam ‘micrometer’ is niet afgeleid van de schaalverdeling zoals men soms denkt. In plaats daarvan heeft de naam ‘micrometer’ betrekking op het micrometrische schroefdraad van de spindel die wordt gebruikt voor bepalen van de maat.

Toepassing micrometer
Micrometers worden bij bedrijven waarbij de maatvoering erg belangrijk is. In de praktijk worden micrometers gebruikt in de metaalbewerking als men onder zeer nauwkeurige toleranties moet werken. Een tolerantie is een aanduiding van twee maten waarbinnen de maat van een bepaald werkstuk of onderdeel moet vallen om goedgekeurd te worden. In machinefabrieken kunnen onderdelen met behulp van conventionele en CNC aangestuurde machines zeer nauwkeurig worden gedraaid en gefreesd. Met een micrometer kan men vervolgens controleren of het object/ werkstuk daadwerkelijk de gewenste diameter/ afmeting heeft.

Verschillende soorten micrometers
Er zijn verschillende soorten micrometers die in de praktijk kunnen worden gebruikt:

  • Driepuntsbinnenmicrometers worden gebruikt voor het meten van boringen
  • Buitenmicrometers worden gebruikt voor het meten van buitenmaten
  • Schroefdraadmicrometers worden gebruikt voor het opmeten van schroefdraad.
  • De speermicrometer en modulemicrometer worden gebruikt voor het opmeten van tandwielen
  • De dieptemicrometer wordt gebruikt voor het bepalen van de diepte van een object.

Verder zijn er micrometers met een analoge maataanduiding. Deze bevatten een nonius. Ook bestaan er micrometers met een digitale aflezing.  Deze laatste variant kan nauwkeuriger worden afgelezen waardoor fouten in het meetproces kunnen worden geminimaliseerd.

Vormgeving van een micrometer
Een micrometer bestaat uit een beugel met een vast meetvlak. Daarnaast is er een verstelbare meetstift aanwezig met het andere meetvlak. De verstelbare meetstift kan men in beweging brengen door aan de verstelbare afleestrommel te draaien. Hierdoor worden de meetvlakken naar elkaar toe of van elkaar af bewogen. Dit gaat over een zeer fijn schroefmechanisme.

Men brengt de meetstiften zo dicht mogelijk naar het object dat gemeten moet worden. Als de meetbekken het object bijna raken moet men zeer voorzichtig te werk gaan. Men draait dan aan de gevoelsknop. Dit is het onderste draaiknopje aan het handvat van de micrometer.

Zodra de gevoelsknop begint te slippen of te ratelen heeft men met voldoende druk de maat gemeten. Vervolgens kan de maat afgelezen worden. Het gevoelsknopje zorgt er voor dat iedereen met de juiste druk of kracht meet.

Wat is een schuifmaat en waar wordt een schuifmaat voor gebruikt?

Een schuifmaat is een meetinstrument. Dit meetinstrument wordt gebruikt voor het meten van verschillende maten. Men kan een schuifmaat gebruiken voor het meten van:

  • Buitenmaten
  • Binnenmaten
  • Dieptematen

Een schuifmaat wordt ook wel een schuifpasser genoemd. Met dit meetgereedschap kan men nauwkeuriger meten dan wanneer men een duimstok, rolmaat of liniaal gebruikt. er zijn verschillende schuifmaten maar de gebruikelijke schuifmaten kan men gebruiken tot een meetnauwkeurigheid van 1/10 of 1/20 mm.

Hoe ziet een schuifmaat er uit?
Schuifmaten bestaan uit een vast meetdeel, dit is een meetlat die verdeeld is in centimeters en millimeters. Vaak is een schuifmaat ook verdeeld in inch. Aan het uiteinde van de schuifmaat zijn twee meetbekken geplaatst.

Het beweegbare deel bestaat uit een schuif met daarop een nonius (secundaire meetschaal) met twee meetbekken. Het schuifbare kan men langs het vaste meetdeel schuiven. Deze schuif bevat een meetpen. Daarnaast heeft de schuif een klemlip waarmee men de schuif na het indrukken kan verplaatsen langs het vaste meetdeel. Door de klemlip los te laten slaat de schuif vast aan het meetdeel waardoor men de maataanduiding vast kan zetten. Het is ook mogelijk om de schuif vast te zetten met een kartelschroefje.

Nulstand van de schuifmaat
Als men de schuifmaat in gesloten toestand neer legt dan zijn de meetbekken van de liniaal en de schuif tegen elkaar. De meetkanten zijn over het algemeen schuingeslepen. De bovenkant van de bek is meestal recht uitgevoerd. In een gesloten toestand behoren de nonius en de nullijn van de liniaal precies in elkaars verlengde te liggen. Als dat het geval is heeft men de schuifmaat in een nulstand. Als men de schuif beweegt gaat de schuifmaat uit de nulstand. De meetbekken van de binnen en buitenmaten gaan dan open. Op het uiteinde komt dan een meetpen tevoorschijn. Deze meetpen wordt gebruikt om dieptematen te meten.

Hoe kan men een schuitmaat aflezen?
Een schuifmaat is nauwkeuriger dan een meetlat. Het aflezen van een schuifmaat is niet moeilijk als men weet waar men de juiste maat kan vinden. Het lange onbeweegbare deel geeft de maat van een object aan in millimeters. Op het schuifbare deel staat de nonius. Als de nullijn van nonius samenvalt met een millimeterstreepje op het vaste deel kan men de maat in hele millimeters aangeven.

Het is echter ook mogelijk dat de nullijn op de nonius niet samenvalt met een streepje op de op het vaste deel. In dat geval leest men eerst op het vaste deel (de liniaal) de maat af op een hele millimeter. Vervolgens leest men het direct links boven de nullijn van de nonius het streepje af. Daarna dient men te kijken welk deelstreepje van de liniaal precies samenvalt met het deelstreepje op de nonius. Tot slot telt men op de nonius het aantal deeltjes op tussen de nullijn en het gelijkstaande streepje. Dit aantal wordt vermenigvuldigd met 0,1 mm als men gebruik maakt van een schuifmaat met een nauwkeurigheid van 1/20 mm met 0,05 mm. De uitkomst hiervan telt men op bovenop het aantal hele millimeters dat men heeft afgelezen op de liniaal van het vaste deel.

Verschillende schuifmaten
De hiervoor genoemde werkwijze hanteert men bij een gewone schuifmaat. Deze schuifmaat wordt met behulp van een nonius uitgelezen. Er zijn echter ook schuifmaten die worden uitgelezen vanaf een meetklok. Digitale uitlezing is ook mogelijk met een schuifmaat met een elektronisch meetsysteem. Door deze speciale schuifmaten te hanteren wordt de afleesnauwkeurigheid vergroot. Daarnaast wordt bijvoorbeeld de maat duidelijk aangegeven met een digitale schuifmaat waardoor er minder afleesfouten ontstaan. Als men nog nauwkeuriger moet meten gebruikt men een micrometer.

Wat is SI-stelsel en welke basiseenheden staan hierin?

Het SI-stelsel is voluit het Internationale Stelsel van Eenheden. In het Frans wordt het SI-stelsel voluit geschreven als: Système international d’unités. Dit is het metrieke stelsel van uniforme internationale standaardeenheden voor het meten van diverse grootheden. Op 11 oktober 1960 werd het SI-stelsel ingevoerd. Het stelsel wordt beheerd door het Bureau international des poids et mesures in de Franse plaats Sèvres. Doormiddel van het SI-stelsel kunnen internationaal makkelijker gegevens worden uitgewisseld. Voor 1960 hadden de meeste landen verschillende maatstelsels. Door de invoering van het SI-stelsel ontstond een wettelijke standaard in de Europese Unie.

Toepassing van het SI-stelsel
Het SI-stelsel wordt vooral gebruikt in de handel van grondstoffen en producten. De eigenschappen van grondstoffen en producten moeten worden uitgedrukt in de eenheden die beschreven zijn in het SI-stelsel. In 1978 werd in Nederland het gebruik van het SI-stelsel verplicht gesteld door de invoering van de IJkwet. Hierdoor werd het gebruik van het SI-stelsel verplicht in de handel, onderwijs en in de uitoefening van beroepen. In 2006 is het SI-stelsel vervangen door de Metrologiewet.

Het SI-stelsel is opgebouwd rond een aantal basiseenheden. Deze basiseenheden vormen in combinatie met elkaar afgeleide SI-eenheden. Het SI vormt hierdoor een samenhangend geheel.

De zeven onafhankelijke basiseenheden
In het SI-stelsel staan een aantal basiseenheden. Dit zijn zeven basiseenheden die wereldwijd worden gebruikt voor een eenduidige maatvoering. De zeven basiseenheden zijn onderling onafhankelijk. Hieronder staan de zeven basiseenheden.  Het vetgedrukte woord is de grootheid, de onderstreepte is de naam en het cursiefgedrukte is het symbool.

  • Lengte- meterm
  • Massakilogramkg
  • Tijdsecondes
  • Elektrische stroomampèreA
  • absolute temperatuurkelvin-K
  • hoeveelheid stofmol-mol
  • lichtsterktecandelacd

Lengte, massa, tijd, elektrische stroom, absolute temperatuur, stofhoeveelheid en lichtsterkte worden ook wel de basisdimensies genoemd.

Afgeleide SI-eenheden
Naast de bovengenoemde SI-basiseenheden zijn er andere SI-eenheden dit zijn afgeleide SI-eenheden. Deze afgeleide SI-eenheden worden uitgedrukt in termen die van de basiseenheden zijn afgeleid. Een voorbeeld hiervan is de vierkante meter m² als oppervlakteaanduiding. Een ander voorbeeld is m/s (meter per seconde) als aanduiding voor snelheid.

Wat is een parameter of wat zijn parameters?

Een parameter is een in te stellen grootheid in een bepaald model. Dit is een variabele die gebruikt kan worden voor een bepaald doel of een bepaalde werking. Aan een parameter wordt een constante waarde toegekend. Parameters worden in de exacte wetenschappen gebruikt als een belangrijke factor waarmee de uiteindelijk toestand of waarde van een systeem kan worden bepaald. Een parameter moet daarvoor wel een bepaalde waarde toegekend krijgen.

Als men de term parameter hanteert in de installatietechniek en elektrotechniek dan kan een bepaalde stand van een lichtknop een parameter zijn. Ook de stand van de van een thermostaat is een parameter van een verwarmingssysteem. Een parameter kan worden gemeten of worden uitgedrukt in een bepaalde waarde. Zo kan de lichtknop in bijvoorbeeld de dim-stand staan of kan een thermostaat op een bepaalde temperatuur worden ingesteld. Daarnaast kan een temperatuur ook worden gemeten en worden uitgedrukt in graden Celsius. De lichtintensiteit kan worden uitgedrukt lumen.

In bepaalde processen kan men ook geluid en geluidsniveaus meten en instellen. In de techniek wordt de term parameter niet alleen in de installatietechniek en elektrotechniek. Parameters worden ook gebruikt in de procestechniek en industrie. Hierbij worden parameters onder andere gebruikt in de meet- en regeltechniek en aanverwante instrumentatie.

Wat is theodoliet en waar wordt dit instrument voor gebruikt?

Een theodoliet wordt in de landmeetkunde gebruikt voor het meten van hoeken. Dit hoekmeetinstrument wordt gebruikt voor het meten van verticale en horizontale hoeken. Een theodoliet kan worden gebruikt voor het meten met hoge nauwkeurigheid. De nauwkeurigheid van het meetinstrument is daarvoor van groot belang. Een theodoliet is zorgvuldig geassembleerd maar ondanks dat heeft elk toestel een aantal fouten. Deze fouten verschillen per meettoestel. Daarom moet degene die de theodoliet gebruikt goed weten welke afwijkingen en fouten in het apparaat aanwezig zijn. Daar moet rekening mee gehouden worden als men de theodoliet hanteert.

De vormgeving van de theodoliet is eenvoudig. In feite is het toestel een kijker die kan draaien om twee verschillende assen. De eerste as is verticaal en de tweede as is horizontaal.  Aan deze beide assen zit een systeem, hiermee wordt de hoek gemeten. In de theodoliet is een buisniveau gebouwd, de lijkt op een waterpas. Hierdoor kan de theodoliet waterpas worden gezet. Als de theodoliet waterpas staat is de eerste as in een verticale positie en de tweede as in een horizontale positie. Theodolieten zijn er in twee varianten.

  • De oude variant is optisch-mechanisch. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een ringvormige glasplaat. Op deze glasplaat is een verdeling aangebracht. Met behulp van een index en afleesinrichting kan de juiste waarde op deze verdeling worden gelezen.
  • Tegenwoordig wordt veel gebruik gemaakt van een elektronisch theodoliet wanneer hoeken gemeten moeten worden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een roterende glazen cirkelrand. Op deze cirkelrand is een vast aantal verdelingen aangebracht. De hoekwaarde wordt geleverd door een stel indexen.

Wat is ijken en waar wordt ijking voor gebruikt?

IJken wordt toegepast om meetmethodes te relateren aan standaarden die wettelijk erkend zijn. Tijdens ijking wordt de meting van een meetinstrument op de juiste wettelijk erkende schaal gebracht. Meetapparatuur die wordt gebruikt voor commerciële doeleinden moet verplicht worden geijkt.  Dit moet een zekere regelmaat gebeuren. Door het verplicht stellen van ijken van meetapparatuur wil de overheid voorkomen dat consumenten worden benadeeld. De taken die tijdens ijking worden toegepast bestaan uit twee delen. Allereerst wordt vastgesteld hoe groot het verschil is tussen de aangegeven maat van de meetinstrument en de wettelijke standaard. Dit wordt kalibratie genoemd. Kalibratie is in feite de afwijking bepalen tussen de maten waarbij de wettelijke standaard als richtlijn wordt aangehouden. Nadat het kalibreren gaat men de afwijking aanpassen zodat het meetinstrument weer voldoet aan de wettelijke standaarden. Dit wordt ook wel justering genoemd.

Waarom is ijken belangrijk?
Nadat een meetinstrument door een officieel erkende instantie is geijkt mag het meetinstrument voor commerciële doeleinden worden gebruikt. Commerciële meetinstrumenten worden bijvoorbeeld gebruikt voor het bepalen van een kostprijs. Hierbij kan worden gedacht aan een weegschaal bij een kaasboer. Het gewicht bepaald de prijs van het product. Wanneer een verkeerd gewicht wordt gemeten zal dat de prijs beïnvloeden. De consument kan hierdoor bevoordeeld of benadeeld worden. in het ergste geval kan een bedrijf het meetinstrument veranderen zodat er altijd een zwaarder gewicht wordt gemeten dan het product daadwerkelijk weegt. Dit soort mistanden moet worden voorkomen. Daarom heeft de overheid wettelijke standaarden bepaald die moeten worden gehanteerd door bedrijven die meetinstrumenten gebruiken om de kostprijs van hun producten te bepalen.

Nederlands Meetinstituut en Verispect
In Nederland is een instituut verantwoordelijk voor metrologische diensten. Dit is het Nederlands Meetinstituut en wordt ook wel afgekort met NMi. Dit instituut is levert verschillende diensten op metrologisch gebied. Deze diensten bestaan uit het testen van meetinstrumenten, het kalibreren daarvan en de justering van meetinstrumenten zodat deze aan de wettelijke standaarden voldoen. Daarnaast houdt het Nederlands Meetinstituut zich bezig met certificeren en biedt deze instantie trainingen. Verispect is de toezichthouder op de Metrologiewet. De Metrologiewet heeft de voormalige IJkwet sinds 2 februari 2006 vervangen. Meetinstrumenten moeten voorzien zijn van goedkeuringsstickers van Verispect. Deze stickers tonen aan wanneer het meetinstrument geijkt is.

Waar wordt tijdens ijken op gelet?
Meetinstrumenten moeten aan bepaalde eisen voldoen. De eisen die aan een meetinstrument worden gesteld zijn gericht op de nauwkeurigheid van het instrument. Een meetinstrument dat het gewicht meet van een bepaald product moet zo nauwkeurig zijn dat als een kilo wordt aangegeven het product ook daadwerkelijk een kilo weegt. Daarnaast moet dit niet een toevalligheid zijn. Elke keer dat een product van een kilo wordt gewogen moet het meetinstrument een kilo aangeven. Dit noemt men ook wel de reproduceerbaarheid. Men moet daarnaast ook kunnen controleren op een bon dat daadwerkelijk een kilo is gewogen. Daarom moet op de bon het gewicht staan. Het meetinstrument moet daarnaast fraudebestendig zijn zodat men het niet kan beïnvloeden. Wanneer een meetinstrument aan deze eisen voldoet kan deze worden voorzien van een goedkeuringssticker van Verispect.