Wat is KNX in het kader van domatica en gebouwautomatisering?

KNX is een term die regelmatig wordt gebruikt in de gebouwautomatisering en domotica. KNX is een standaard of voorschrift gebaseerd op  ISO/IEC14543, CENELEC EN50090 en CEN13321. In deze standaard is beschreven hoe een sensor met een actuator dient te communiceren. In de volgende alinea’s zijnde begrippen sensor en actuator nader beschreven.

Sensor
Een sensor wordt ook wel een ‘voeler’ genoemd. Een sensor vormt als het ware een zintuig van een machine. Doormiddel van een sensor of meerdere sensoren kan een machine informatie over de omgeving inwinnen. Sensoren kunnen mechanisch of elektrisch zijn. Daarnaast zijn er ook softwarematige en ‘virtuele’ sensoren die toegepast kunnen worden. Doordat sensoren natuurkundige grootheden meten binnen gebieden zoals straling, temperatuur, magnetisme en druk, krijgt een machine input binnen waarmee de machine kan reageren op haar omgeving.

Acuator
Een acuator is een toestel waarmee invloed kan worden uitgeoefend op de omgeving. Er zijn verschillende acuators, bijvoorbeeld hydraulische, pneumatische acuators en elektromagnetische acuators. De toepassing van deze acuators is verschillend en afhankelijk van de invloed die de acuator moet uitoefenen op de omgeving.

Regelaar
Een sensor en een acuator communiceren meestal niet rechtstreeks met elkaar. Over het algemeen wordt er een regelaar tussen de sensor en de acuator geplaatst. De regelaar kan bijvoorbeeld een  microprocessoren of digitale signaal processor zijn. Met deze regelaars kunnen digitale waarden worden verwerkt. De sensor meet bepaalde waarden die worden omgezet in digitale waarden. De regelaar vergelijkt de digitale waarden met de gewenste waarden en stuurt daarbij een signaal naar de acuator indien deze ingeschakeld moet worden of juist uitgeschakeld moet worden.

KNX standaardisering
KNX wordt gebruikt als communicatieprotocol. De KNX Association zorgt voor de certificering van de producten die geproduceerd worden volgens de norm die van toepassing is. Door de standaardisering die ontstaat door het toepassen van de norm kunnen de producten van verschillende fabrikanten naast elkaar en door elkaar worden toegepast in één systeem.

KNX configuratie modes
Het samenstellen van een KNX kan op verschillende manieren gebeuren. Dit samenstellen wordt ook wel configureren genoemd. Hierbij worden verschillende ‘bouwstenen’ of componenten samengevoegd tot een werkend geheel. De configuratie is afhankelijk van het KNX systeem dat wordt toegepast. De configuratie kan op drie manieren worden gedaan:

A mode: De letter ‘A’ staat hierbij voor het Engelse woord ‘Automatic’. Hierdoor ontstaat Automatic mode oftewel de automatische mode.

E mode: Dit is de Easy mode en wordt toegepast voor kleine installaties en middelgrote installaties. De configuratie van deze systemen gebeurd aan de hand van een interface zoals druktoetsen die op de machine of apparaat zijn aangebracht. Hierbij is het belangrijk dat de persoon die de configuratie uitvoert wel verstand heeft van het systeem.

S mode: Dit is de System mode. Hierbij wordt gebruik gemaakt van volledige configuratie met behulp van een PC en ETS software. Voordat men deze configuratie uitvoert moet men specifieke kennis hebben van de desbetreffende configuratie.

Wat is een ETS?
De afkorting ETS staat voor de Engelse woorden Engineering Tool Software. Deze beschrijving geeft aan waarvoor ETS wordt gebruikt, namelijk voor de engineering oftewel het ontwerpen van een KNX installatie. Daarnaast wordt ETS ook gebruik voor de configuratie van de KNX installatie. In de ETS staat een database met alle gecertificeerde KNX apparaten.

Toepassingsgebieden van het KNX-communicatieprotocol
Er zijn een aantal toepassingsgebieden voor het KNX-communicatieprotocol. Deze gebieden zijn de volgende:

  • Audio/Video
  • Beveiliging
  • Ketelaansturing
  • Ruimtetemperatuurregeling
  • Verlichting
  • Weergave/rapportage van sensor- en actuatorinformatie
  • Zonwering

Deze gebieden komen onder andere voor in de domotica en gebouwbeheersystemen.

Wat is een manometer en waar wordt dit meetinstrument voor gebruikt?

Manometers zijn meetinstrumenten waarmee druk gemeten kan worden. Er zijn verschillende soorten manometers zoals standaard buisveermanometers, doosveernanometers, hydraulische manometers en membraanmanometers. De metaalmanometer is de manometer die het meest wordt gebruikt. De metaalmanometer wordt onder andere gebruikt in cv-ketels. Voor het meten van luchtdruk wordt een barometer gebruikt. Manometers kunnen druk weergeven doormiddel van een wijzer, deze manometers worden ook wel analoog genoemd. Er wordt tegenwoordig echter steeds meer gebruik gemaakt van digitale manometers.

Hoe werkt een eenvoudige manometer?
Een manometer meet druk en de meest eenvoudige manier om dat te doen is het gebruiken van een buis in een U-vorm. Hierbij staan de uiteinden van de buis naar boven. De ene kant van de buis staat in contant met de atmosfeer en heeft dus atmosfeerdruk. De andere kant van de buis dient verbonden te zijn met de druk die gemeten moet worden. In de buis wordt een vloeistof aangebracht. Dit is meestal kwik, water of ethanol. Als de te meten druk gelijk is aan de atmosfeerdruk zal de vloeistof in de buis aan beide kanten op hetzelfde niveau zijn. Als de druk aan de te meten kant stijgt zal de vloeistof in de manometer aan die kant naar beneden dalen. Als men kleine drukverschillen moet meten gebruikt men over het algemeen ethanol. Voor het meten van grote drukverschillen wordt kwik gebruikt.