Wat is brandcompartimentering?

Brandcompartimentering is het beperken van een brand tot een ruimte of een gedeelte van een gebouw zodat de brand in ieder geval gedurende een bepaalde periode niet verder uitslaat binnen het betreffende pand. De brandveiligheid van gebouwen is van groot belang voor de gebruikers en bewoners van het pand daarom zijn hiervoor specifieke regels en wetten bedacht en ingevoerd. Deze staan onder andere in het brandbeveiligingsconcept van het Nederlandse Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en het Bouwbesluit. Uit deze documenten blijkt dat het brandcompartiment een belangrijk middel is waarmee een uitbreiding van een brand kan worden voorkomen.

Brandcompartiment
Een brandcompartiment is een woord dat bestaat uit twee delen namelijk het woord ‘brand’  en het woord ‘compartiment’. Wat het woord brand betekend is duidelijk. Het compartiment moet misschien nader verklaard worden. Een compartiment is een afsluitbaar gedeelte of ruimte ten opzichte van een groter geheel. Een kamer zou men als een compartiment kunnen beschouwen indien deze volledig afgesloten kan worden ten opzichte van de rest van het gebouw. Dat is ook van toepassing bij een brandcompartiment. Dit is namelijk een compartiment van een gebouw dat kan afgesloten worden wanneer er brand ontstaat.

Richtlijnen voor een brandcompartiment
Zoals eerder benoemd staan er richtlijnen met betrekking tot een brandcompartiment in het brandbeveiligingsconcept van het Nederlandse Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Ook in het Bouwbesluit staan regels en richtlijnen die van toepassing zijn op een brandcompartiment. Een voorbeeld van de richtlijnen is dat een brandcompartiment minimaal 20 minuten de brand moet kunnen afschermen van de rest van het complex. Dit is echter de minimale richtlijn. Afhankelijk van het type gebouw kan men aan het brandcompartiment ook strengere eisen stellen. Mensen die zich bevinden in het compartiment waar de brand ontstaat moeten binnen een halve minuut deze ruimte kunnen verlaten en een veilige ruimte kunnen bereiken. Na ongeveer dertig seconden neemt namelijk de kans op verstikking door rook snel toe.

Brandcompartimentering vormt een belangrijk onderdeel in het bouwbesluit. Dit document bevat bouwregelgeving in de brede zin van het woord. Het compartimenteren van brand is van groot belang voor de veiligheid. Voor de meeste nieuwe gebouwen wordt de maximale oppervlakte van een brandcompartiment gesteld op 1000 m². In sommige gevallen kan men een grotere ruimte tot een brandcompartiment maken als men bijvoorbeeld een of meerdere gelijkwaardige oplossingen toepast.

Brandcompartimenten worden opgebouwd uit constructies die een weerstand hebben tegen brand. Dit wordt ook wel aangeduid met WBDBO, weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag. Deze constructie moet er voor zorgen dat een brand gedurende een bepaalde periode binnen een compartiment blijft. De deuren die bij dit compartiment horen moeten zelfsluitend zijn en daarnaast moeten de deuren ook gemaakt zijn van brandwerend materiaal.

Wanneer is het energielabel ingevoerd?

Energielabels zijn bijna niet meer weg te denken uit de schappen van de elektronicawinkels en de showrooms van autodealers. Op elektrische apparaten en auto’s wordt doormiddel van energielabels informatie verstrekt over de zuinigheid van het desbetreffende apparaat of auto. Bij de verkoop van woningen worden tegenwoordig ook energielabels verstrekt. Met een energielabel wordt duidelijk hoe energiezuinig, milieuvriendelijk en/of energiebesparend het product, voertuig of gebouw is. Daarnaast staat er op het energielabel vaak informatie over de prestaties van het product. Een energielabel kan bovendien gegevens verstrekken over de materialen die zijn gebruikt bij de productie van de machine of het apparaat.

Invoering van het energielabel
In Nederland is in 2012 de richtlijn voor Energielabels geïmplementeerd als het:

Besluit van 25 februari 2012, houdende regels betreffende de etikettering van het energieverbruik van energiegerelateerde producten (Besluit etikettering energieverbruik energiegerelateerde producten).

Uit bovenstaand besluit komt duidelijk naar voren dat men het heeft over energiegerelateerde producten. Hierbij kan men denken aan elektrische machines en apparaten. Veel machines en apparaten worden gevoed met elektrische stroom. Deze elektrische stroom biedt een bepaald vermogen om arbeid te verrichten. Sommige machines hebben meer elektrisch vermogen nodig om dezelfde arbeid of prestaties te verrichten dan energiezuinige machines. Het energielabel zorgt er voor dat bedrijven geprikkeld worden om voortdurend hun machines en apparaten te verbeteren op het gebied van energiezuinigheid.

Invoering definitief energielabel voor woningen
Voor woningen is ook een specifiek energielabel ingevoerd. In 2013 werd het toemalige systeem voor energielabels van woningen door de Tweede Kamer te ingewikkeld en te duur bevonden. Daarnaast bleek ook de handhaving van de wettelijke energielabelplicht bij woningen te moeilijk uitvoerbaar in de praktijk. Daarom moest de Nederlandse overheid op zoek naar een beter systeem waarmee ze wel konden voldoen aan de Europese richtlijn (EPBD). Het systeem moest eenvoudiger en goedkoper. Dit zorgde er voor dat er een definitief energielabel werd ontwikkeld. Dit definitief energielabel is op 1 januari 2015 ingevoerd in Nederland. Het definitief energielabel is verplicht bij de verkoop en het verhuren van woningen in Nederland.

NEN-EN 1090-1 en NEN-EN 1090-2: CE- markering van staalconstructies

Een tijd geleden zijn de NEN-EN 1090-1 en de NEN-EN 1090-2 aangepast en opnieuw vastgelegd. Staalbedrijven kregen tot 1 juli 2014 de tijd om hun bedrijfsvoering aan te passen aan de eisen van de NEN-EN 1090-1 en de NEN-EN 1090-2. De periode tot 1 juli 2014 wordt ook wel de consistentieperiode of overgangsperiode genoemd. Sinds 1 juli 2014 moeten alle onderdelen van een dragende staalconstructie voorzien zijn van een zogenaamde CE-markering.

Wat is een CE-markering voor staalconstructies?
Een CE-markering kan niet worden beschouwd als een keurmerk of certificaat. Deze markering kan echter worden beschouwd als een verklaring van de fabrikant die de dragende delen produceert. De CE-markering geeft namelijk aan dat alle producten die door de fabrikant worden gemaakt voldoen aan alle  constructieve eisen die in de voor het bedrijfsproces relevante normen zijn vastgelegd. De relevante normen voor de staalconstructie en de aluminium constructie zijn vastgelegd in de NEN-EN 1090.

Waarop is een CE-markering van toepassing?
Een CE-markering is van toepassing op alle onderdelen waaruit de dragende staalconstructie is samengesteld en is daarnaast ook van toepassing voor de staalconstructie als geheel. Dit houdt in dat zowel de leverancier van het eindproduct als alle toeleveranciers voor het eindproduct onder CE-markering moeten leveren.

Waarom een CE-markering voor bouwproducten?
Een CE-markering voor bouwproducten is geen keuze maar een verplichting. Vanaf 1 juli 2014 moeten alle onderdelen van een dragende staalconstructie zijn voorzien CE-markering conform NEN-EN 1090. Bouwproducten die hier niet aan voldoen mogen niet meer worden verkocht en gebruikt. Het verplicht stellen van de CE-markering heeft voor veel betrokkenen op de bouw gevolgen.

Zo zullen ontwerpers en ingenieursbureaus rekening met de CE-markering moeten houden. Ook fabrikanten, constructiebedrijven, montagebedrijven en lasbedrijven krijgen te maken met de CE-markering. Lassers zullen zich moeten houden aan de lastmethodekwalificaties van het bedrijf waarvoor ze werken. Daarom zullen lassers gecertificeerd moeten worden voor specifieke lasprocessen.

Toepassing materialen NEN-EN 1090-1 en NEN-EN 1090-2
De NEN-EN 1090-1 en NEN-EN 1090-2 zijn normen die bedoelt zijn voor bedrijven die bewerkingen uitvoeren op basisproducten voor het produceren staalconstructieonderdelen en aluminiumconstructieonderdelen. Hierbij kan men denken aan H-balken en verschillende andere profielen. Ook pilaren en bevestigingsmaterialen vallen onder de NEN-EN 1090-1 en NEN-EN 1090-2 richtlijnen.

De verschillende partijen die in de vorige alinea zijn genoemd kunnen ook te maken hebben met deze materialen en zullen daarom zich moeten houden aan de NEN-EN 1090-1 en NEN-EN 1090-2 anders voldoen ze niet aan de CE-markering.

FPC-gecertificeerd
Er zijn verschillende richtlijnen waar een bedrijf aan moet voldoen om hun producten in aanmerking te laten komen voor een CE-markering. Een belangrijke eis is dat de fabrikant FPC-gecertificeerd. De afkorting FPC staat voor Factory Production Control. Deze certificering wordt gedaan door een aangewezen instelling, in het Engels een Notified Body, gedaan.

Wat is het Bouwbesluit en wat is hierin vastgelegd?

In de bouw wordt de term Bouwbesluit regelmatig genoemd. Vooral wanneer het gaat om wet- en regelgeving in de bouw verwijst men vaak naar dit document. Dat is niet verwonderlijk want in het Bouwbesluit staan bouwtechnische voorschriften. Deze bouwvoorschriften zijn van toepassing op alle bouwwerken die in Nederland worden gebouwd. Het betreft hierbij niet alleen woningen maar ook utiliteit. Voorbeelden van gebouwen die onder utiliteit vallen zijn:

  • Ziekenhuizen
  • Kantoorpanden
  • Overheidsgebouwen
  • Grote horecagebouwen
  • Winkels

Bouwbesluit versies
Het Bouwbesluit is voor het eerst in werking getreden in 1992. Door de invoering van dit Bouwbesluit werden technische bouwvoorschriften voor heel Nederland gelijk. Ruim tien jaar later op 1 januari 2003 ging de vernieuwde versie van kracht. Dit was het Bouwbesluit 2003. Op 1 april 2012 werd vervolgens een nieuw Bouwbesluit ingevoerd. In dit Bouwbesluit zijn ook het gebruiksbesluit en het sloopbesluit verwerkt.

Wat staat er in het Bouwbesluit?
Het Nederlandse Bouwbesluit staan voorschriften die gebruikt moeten worden door bouwbedrijven in Nederland. De voorschriften die in dit document zijn opgenomen hebben betrekking tot de veiligheid van een gebouw of bouwwerk. Daarnaast hebben de regels ook betrekking tot de gezondheid van de gebruikers van het gebouw. De bruikbaarheid van het gebouw komt eveneens aan de orde. Tot slot wordt ook aandacht besteed aan milieuaspecten en energiezuinigheid van het gebouw. Alle bouwwerken die worden gebouwd moeten aan de richtlijnen van het bouwbesluit voldoen. De Europese voorschriften met betrekking tot bouwen en bouwwerken zijn opgenomen in het Bouwbesluit.

De technische voorschriften van het bouwbesluit zijn gericht op het bouwen, verbouwen, gebruiken en slopen van gebouwen en andere bouwwerken. Naast gebouwen zijn de voorschriften en regels ook gericht op tunnels en bruggen.

Wat zijn de doelen van het Bouwbesluit?
In het Bouwbesluit wordt een overzicht geboden van alle voorschriften die gehanteerd dienen te worden bij de bouw van woningen en utiliteit. In het bouwbesluit van 2012 komen allemaal verschillende voorschriften en regels samen. Door het bouwbesluit wordt getracht een duidelijke samenhang tussen deze voorschriften en regels te creëren. De bouwregelgeving wordt hierdoor verduidelijkt. De regeldruk wordt door het Bouwbesluit verminderd. Daarnaast wordt doormiddel van het Bouwbesluit de toegankelijkheid  van de regels en voorschriften verbeterd.

Wat is een gevel van een gebouw?

Gevels vormen onderdelen van een gebouw die aan de buitenkant van het gebouw zichtbaar zijn. De gevels van een gebouw worden ingedeeld in de:

  • Voorgevel aan de voorkant of staatzijde van een gebouw.
  • Zijgevels aan de zijkanten van het gebouw.
  • De achtergevel aan de achterzijde van het gebouw. Deze gevel is meestal niet aan de staatzijde zichtbaar.

Een gevel bevat verschillende onderdelen. Ook aan de vormgeving van de gevel kunnen verschillende eisen worden gesteld.

Pui
Indien het gebouw een commerciële functie heeft wordt aan de onderzijde van de voorgevel extra veel aandacht besteed. Dit gedeelte noemt men ook wel de pui. Een pui van een winkel bevat meestal een puikozijn met een raampartij en daar achter een etalage. Ook bij woningen en utiliteit kan men het woord pui gebruiken als men de onderkant van de voorzijde van de gevel bedoelt.

Façade
Sommige gebouwen zijn voorzien van een belangrijke gevel die beeldbepalend zijn voor de omgeving. Deze gevels bepalen het straatbeeld en mogen daardoor meestal niet verandert worden. Beeldbepalende gevels worden ook wel façade genoemd. Deze gevels zijn meestal monumentaal. Als een monumentaal pand gerenoveerd moet worden gebeurd dat onder strenge eisen. Soms is alleen de buitenkant van het gebouw beschermd en mag deze niet worden verandert terwijl de binnenkant van het gebouw wel naar wens mag worden aangepast. Als men een gebouw aan de binnenkant geheel moderniseert en de buitenzijde in tact laat spreekt men ook wel over façadisme.

Front
Als het een zeer rijkelijk uitgewerkte gevel betreft noemt men dit ook wel een ‘front’. Dit woord is afgeleid van het Franse woord dat wordt gebruikt om aan te geven dat het een “voorzijde” of “aangezicht” betreft. Een front is eveneens beeldbepalend voor een bepaalde straat of centrum. Daarom wordt ook hier extra aandacht besteed aan de bouw en het behoud van het frontgedeelte van het gebouw.

Materialen voor een gevel
Er worden verschillende eisen gesteld aan het ontwerp en de bouw van gevels. De gevel moet over een bepaalde constructieve stevigheid beschikken. Daarnaast moet een gevel ook aantrekkelijk en functioneel zijn. Gevels worden van verschillende materialen gemaakt. De meeste materialen die worden toegepast zijn (bak)stenen, hout, glas en metalen. Een gebouw bestaat uit verschillende gevels. De gevels van één gebouw kunnen van verschillende materialen zijn gemaakt en verschillend zijn vormgegeven. Met name de voorgevel wordt over het algemeen aantrekkelijk vormgegeven.

Waar wordt rekening mee gehouden bij de bouw van gevels?

Een gevel is de buitenkant van een gebouw. Een gebouw bevat een voorgevel, een achtergevel en twee zijgevels. Door architecten en tekenaars kunnen gevels aantrekkelijk worden ontworpen. Gevels hebben naast een esthetische functie ook een belangrijke beschermende functie voor het gebouw. In Nederland zijn er regels omtrent het bouwen van woningen, utiliteit en andere bouwwerken. Deze zijn vastgelegd in het Bouwbesluit. In het Bouwbesluit staan bouwtechnische voorschriften waaraan alle bouwwerken die in Nederland moeten voldoen. Ook verbouwingen vallen onder het Bouwbesluit.

Algemene aspecten
Gevels beschermen de binnenzijde van het gebouw tegen wind, vocht en tocht. Daarnaast zijn doormiddel van muurankers de vloeren van het gebouw soms verankert in de gevel. De gevel moet ook belastingen opnemen en afvoeren. Deze belastingen kunnen bijvoorbeeld ontstaan door de wind die tegen de gevels aandrukt.

Daglicht
De gevels die gebouwd worden moeten daarnaast ook voldoende daglicht voor de gebruikers van de woning of utiliteitspand doorlaten. Dit kan bijvoorbeeld worden gerealiseerd door het plaatsen van ramen in de gevels. Aan de ramen in de gevels worden ook eisen gesteld met betrekking tot vormgeving en constructieve stevigheid. Daarnaast dienen ramen tegenwoordig ook voldoende geïsoleerd te zijn.

Spouwmuur
De isolatie van gevels is tegenwoordig ook een belangrijk aspect waar aandacht aan moet worden besteed tijdens de bouw. Hierbij wordt niet alleen aandacht besteed aan de isolerende beglazing ook de muren moeten worden geïsoleerd. De meeste moderne gevels die worden gebouwd zijn voorzien van een spouwmuur. De spouwmuur zorgt er voor dat de doorslag van vocht van buiten naar binnen wordt voorkomen.

Door de toepassing van een spouwmuur bestaat de gevel uit twee aparte muren die van baksteen of steenachtig materiaal (zoals beton) zijn gemaakt. Tussen deze twee muren bevindt zich de luchtspouw. Deze luchtspouw wordt gedeeltelijk of geheel gevuld met isolatiemateriaal. Dit isolatiemateriaal zorgt er voor dat de woning ondanks lage buitentemperaturen langer de stookwarmte vasthoudt. Dit levert de gebruikers een besparing op in de energielasten. Daarnaast zorgt een reductie van de stookkosten er ook voor dat er minder CO2 uitstoot plaatsvind en het milieu dus minder schade wordt toegebracht.

De bouw van een gevel
Een gevel kan van verschillende materialen worden gebouwd. De meest gebruikte materialen zijn, hout, metalen, kunststoffen en bakstenen. In Nederland wordt de meeste gevallen gebruik gemaakt van bakstenen. Deze bakstenen worden tijdens het metselen aan elkaar verbonden doormiddel van mortel. Daarna worden de voegen tussen de bakstenen opgevuld met voegspecie. De voegspecie is ook een soort mortel maar bevat verhoudingsgewijs weinig water. Nadat de voegen gedicht zijn is de gevel klaar.

Gevels kunnen ook van hout worden gemaakt, kunststoffen, natuursteen en diverse metalen zoals aluminium en staal. Aan al deze materialen zijn voor en nadelen verbonden. Ook de mechanische eigenschappen van deze materialen verschillen. De eisen die gesteld worden aan het gebruik van deze materialen in de gevelconstructies zijn streng. De gevel moet constructief stevig zijn en mag niet kunnen inzakken en de gevelbeplating mag niet los raken door breuk of corrosie.

Wat is de omschrijving van een pui in de bouwkunde?

De benaming pui wordt in de bouwkunde op verschillende manieren gebruikt. Over het algemeen gebruikt men het woord pui voor het onderste gedeelte van de gevel van een gebouw. Het woord kan echter meerdere betekenissen hebben. Zo wordt het woord pui ook veel gebruikt voor de voorkant van een winkel. Deze benaming maakt duidelijk dat de pui een aantrekkelijke of uitnodigende vormgeving moet hebben. Een pui heeft bij de meeste winkels een etalage.

De term pui wordt echter niet alleen bij winkels gebruikt. Ook gebouwen die onder grotere utiliteit vallen kunnen worden voorzien van een pui. Een pui of een puiconstructie ziet er meestal anders uit dan de rest van het gebouw. Het verschil tussen de pui en de overige vormgeving van het gebouw zit bijvoorbeeld in het materiaal. In de praktijk bestaan veel puien uit een houten of metalen constructie die met glas of hout is gevuld. Een pui heeft meestal een afwijkende vorm of kleur dan de rest van het gebouw.

Pui of puikozijn
Een puikozijn wordt ook wel pui genoemd. Dit is een kozijn dat over het algemeen een grote afmeting heeft en daardoor een groot deel van de gevel vormt. Een puikozijn bestaat in dit geval uit een raam of een samenstelling van meerdere ramen. Hierin bevinden zich glasopeningen, dichte panelen en deuren.

Binnenpui
Ook de term binnenpui wordt in de bouwkunde gebruikt. De binnenpui is vergelijkbaar met de pui of het puikozijn aan de buitenzijde van het pand. De binnenpui is over het algemeen ook samengesteld uit meerdere kozijnen en ramen. Het doel van de binnenpui is het creëren van een afscheiding tussen een gang en een andere ruimte. Ook kan een binnenpui worden geplaatst als een afsluiting van een trappenhuis of tochtportaal.

Wat is een ontwerpspecificatie en waar wordt deze voor gebruikt?

Voordat men een product of dienst levert is het belangrijk dat er een duidelijk ontwerp wordt gemaakt. Dit ontwerp moet als basis dienen voor de vormgeving en specificaties van het product of de dienst. Meestal wordt hiervoor een document gebruikt, dit document is de ontwerpspecificatie.

Binnen de techniek en de bouw worden uiteenlopende producten, werktuigen, apparaten en gebouwen ontworpen en gebouwd. De ontwerpen, eisen, normen, functies en wet en regelgeving omtrent deze objecten zijn divers. Dit zorgt er voor dat elke vakrichting een eigen raamwerk of manier heeft om van een ontwerp een duidelijke specificatie te maken. In de werktuigbouwkunde en dan met name de machinebouw en apparatenbouw worden over het algemeen tekeningen gebruikt met daarbij een omschrijving.

In de bouw is de ontwerpspecificatie een bestek. Ook het Programma van Eisen (PvE) kan als een variant van een ontwerpspecificatie worden beschouwd.

Hoe is een ontwerpspecificatie opgebouwd?
Het is belangrijk dat een ontwerpspecificatie een logische opbouw heeft. De lezers van deze specificatie moeten goed kunnen nagaan hoe een ontwerp tot stand is gekomen. Over het algemeen heeft een ontwerpspecificatie de volgende opbouw.

  • Het document begint met een opsomming van de randvoorwaarden waaraan het product of de dienst moet voldoen. Hierbij kan onder andere aandacht worden besteed aan de ontwikkeltijd, het productieproces, de duur van de productie en de kosten van de productie. Ook de doelgroep van het product of de dienst kan aan de orde komen.
  • Daarna volgt een opsomming van de functies. Met het opsommen van de functies wordt duidelijk gemaakt waarvoor het product of de dienst precies gebruikt kan worden. Zo is de functie van een spaarlamp het verlichten van een omgeving.
  • Het derde deel van de ontwerpspecificatie beschrijft de eisen die aan het product of dienst worden gesteld. Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om de sterkte of het vermogen. Ook de slijtvastheid, corrosiebestendigheid kunnen aan de orde komen. Dit zijn mechanische eisen die aan de producten en werktuigen worden gesteld. Deze eisen zijn in de meeste gevallen fysische meetbare grootheden. Verder kan men ook de kostprijs aangeven in de gewenste valuta.
  • Het laatste onderdeel van de ontwerpspecificatie bestaat uit een opsomming van wensen. Deze wensen hebben onder andere te maken met esthetische aspecten. Deze aspecten zijn nauwelijks meetbaar.

Wat is afbouw of de afbouwfase in de bouwsector?

De afbouw of afbouwfase is de bouwfase die volgt op de ruwbouwfase. In de ruwbouwfase wordt het casco van een gebouw geplaatst en aan het einde van deze fase wordt het gebouw wind- en waterdicht gemaakt. Nadat dit gebeurd is treed over het algemeen de afbouwfase in. In de afbouwfase wordt een gebouw klaar gemaakt voor gebruik of bewoning. Een gebouw kan worden gebruikt als woning maar kan ook worden gebruikt voor een bedrijf of kantoorcomplex. Als men een gebouw gebruikt als woning spreekt men over het algemeen van woningbouw. Ook appartementen worden door de meeste bouwbedrijven onder de naam woningbouw geplaatst. Grote fabriekspanden, ziekenhuizen en kantoorcomplexen worden onder de naam utiliteit geplaatst.

De eisen met betrekking tot de afbouw van woningen zijn over het algemeen anders dan de eisen die aan kantoorruimtes en andere bedrijfspanden worden gesteld. In de utiliteit worden in de afbouwfase bijvoorbeeld systeemplafonds geplaatst en worden de ruimtes zo ingedeeld dat de werknemers er in de toekomst veilig en effectief kunnen werken. Tevens wordt er inbouwverlichting geplaatst conform de voorschriften en richtlijnen die daarvoor gelden. In de woningbouw worden huizen en appartementen meer voor ontspanning gebruikt en wordt veel aandacht besteed aan gebruiksgemak van de toekomstig bewoners.

Turnkey en afbouw
Turnkey is een term die tegenwoordig steeds vaker in de bouwsector wordt genoemd. Als men het woord ‘turnkey’ letterlijk uit het Engels naar het Nederlands vertaald betekent dit zoiets als ‘sleutel omdraaien’. Bij een turnkeyproject is een gebouw zover afgebouwd dat de toekomstig eigenaar alleen de sleutel maar hoeft om te draaien en vervolgens het gebouw in gebruik kan nemen. Bij een turnkeyproject is de afbouw van een woning of utiliteitspand tot in de finesses uitgevoerd. Het stucwerk en schilderwerk is aangebracht. Ook de vloerbedekking, keuken, badkamer en toiletten zijn geplaatst evenals de bijbehorende betegeling en verlichting.

Een opdrachtgever kan er voor kiezen om een ‘kaal’ gebouw als turnkeyproject aan te bieden aan een afbouwbedrijf. Een afbouwbedrijf maakt dan met de opdrachtgever afspraken over de afbouwfase en de manier waarop het gebouw ingericht en opgeleverd moet worden.  

Aandachtspunten voor de afbouwfase
De afbouwfase is de bouwfase na de ruwbouwfase en is de laatste fase voor de oplevering en de ingebruikname. Tijdens de afbouw kunnen verschillende technische mankementen aan het licht komen die in de ruwbouwfase zijn misgegaan. In de afbouwfase werkt men een pand nauwkeurig af en zorgt men er voor dat de toekomstige gebruikers van het pand zorgeloos kunnen wonen of werken. Het is belangrijk dat technische problemen voor de daadwerkelijke afwerking worden opgelost. Als men namelijk al tegels heeft aangebracht en muren heeft bekleed met verf of behang is het heel vervelend om dit te verwijderen om leidingwerk te repareren die in de muur, plafond of vloer is geplaatst. Fouten die aan het begin van de bouw werden gemaakt komen meestal in een latere fase terug. Toch moeten de fouten wel opgelost worden. Woningen en utiliteitsgebouwen vallen onder garanties zodat de eigenaren zeker zijn van een bepaalde kwaliteit. Als daar door het bouwbedrijf niet aan wordt voldaan zal men na de afbouwfase alsnog fouten moeten herstellen. Na dit herstel zal men dan vervolgens alles weer netjes moeten afwerken.

KOMO-Afbouw keurmerk
Voor de afbouwfase in Nederland is ook een speciaal kwaliteitskeurmerk. Dit is het KOMO-Afbouw keurmerk en wordt beheert en geoptimaliseerd door de Stichting KOMO. Certificerende instellingen brengen in Nederland KOMO-kwaliteitsverklaringen uit aan bedrijven die producten en diensten leveren die aan strenge eisen voldoen. Het KOMO-Afbouw keurmerk maakt duidelijk dat een afbouwbedrijf haar producten en diensten aanbied volgens vastgelegde  beoordelingsrichtlijnen.