Energielabel huishoudelijke apparaten regelmatig onjuist in 2019

Het energielabel maakt inzichtelijk hoe energiezuinig of energieverspillend een huishoudelijk apparaat of woning is. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft onderzoek gedaan naar de energielabels die op huishoudelijke apparaten staan. Daarbij werd gekeken naar de energiezuinigheid die op het energielabel stond en het daadwerkelijke energieverbruik va het apparaat. Daaruit kwam naar voren dat bij gemiddeld 21 procent van de gevallen het energielabel van het huishoudelijke apparaat onjuist was. Gemiddeld waren de energielabels 1 of 2 niveaus minder zuinig in werkelijkheid. In totaal werden voor het onderzoek 123 huishoudelijke apparaten gecontroleerd door de NVWA op hun daadwerkelijke energie-efficiëntieklasse.

De conclusie uit het onderzoek was dat ruim een op de vijf apparaten minder zuinig in de praktijk blijkt te zijn dan het energielabel aanduidt. Ook heeft de NVWA in de periodes 2015, 2016 en 2017 in totaal 2.707 winkels gecontroleerd om uit te zoeken of deze winkels de wettelijk verplichte informatie over producten goed hadden vermeld. Hieruit kwam naar voren dat 76 procent van de winkels de huishoudelijke apparaten voorziet van een label met alle nodige informatie. Alleen webwinkels scoren slecht op dit gebied volgens de NVWA. Van de webwinkels voldoet slechts 27 procent aan de eisen. De bedrijven die zich niet of onvoldoende aan de regels hebben gehouden hebben een waarschuwing gekregen van de NVWA. Winkels zijn verplicht om voor huishoudelijke apparaten een energielabel te plaatsen op het product. De verplichting tot het duidelijk vermelden van een kloppend energielabel valt onder de Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie (WEE). De NVWA is toezichthouder op deze wet.

Wat is het woningwaarderingsstelsel (WWS)?

Het woningwaarderingsstelsel (WWS) is een landelijk systeem waarmee de kwaliteit van een huurwoning aan de hand van punten wordt bepaald zodat men een redelijke huurprijs voor een huurwoning kan vaststellen. Het woningwaarderingsstelsel wordt ook wel een puntensysteem genoemd en dat is niet verwonderlijk want het stelsel is grotendeels gebaseerd op het toekennen van punten aan huurwoningen.

Het gaat hierbij over zelfstandige woonruimten die een eigen toegang hebben, een eigen keuken en een toilet en badkamer. Hoe meer voorzieningen hoe groter het woongenot voor de huurder. Een hoog puntenaantal betekent dat de verhuurder meer huur voor de woning mag vragen. Het woningwaarderingsstelsel kan door de Huurcommissie worden gebruikt als er een geschil met betrekking tot de huurprijs ontstaat tussen de huurder en de verhuurder.

Woningwaarderingsstelsel en de vrije sector
Volgens de website van de Rijksoverheid is het puntensysteem van het woningwaarderingsstelsel niet van toepassing voor huurwoningen in de vrije sector. Bij huurwoningen in de vrije sector kunnen de huurder en verhuurder samen bepalen wat een redelijke huurprijs is. In de vrije sector is geen sprake van een maximale huurprijs die de verhuurder mag vragen voor de huurwoning.

Woningwaarderingsstelsel en verhuurders
Het woningwaarderingsstel kan door verhuurders worden toegepast. Zo kunnen verhuurders aan de hand van dit puntensysteem bepalen wat een redelijke huurprijs is voor de huurwoning. Daarnaast kunnen ze ook bij bestaande contracten met huurders aan de hand van het puntenstelsel bepalen wat een redelijke huurverhoging is.

Woningwaarderingsstelsel en huurders
Ook voor huurders is het woningwaarderingsstelsel een nuttig puntensysteem. Dit systeem maakt namelijk ook voor hen inzichtelijk wat een redelijke huurprijs is. Als de huurprijs die gevraagd wordt voor de huurwoning aanzienlijk hoger ligt dan de huurprijs die uit het woningwaarderingsstel naar voren komt dan zou de huurder bezwaar kunnen maken. Het puntensysteem kan dan een belangrijke grond zijn om het bezwaar bij de rechter neer te leggen als de verhuurder niet wil luisteren naar de huurder. Zo kan het woningwaarderingsstelsel worden gebruikt om huurverlaging te vragen.

Hoe werkt het woningwaarderingsstelsel?
Het woningwaarderingsstelsel werkt op basis van een puntenstelsel. De basis van dit stelsel is vrij eenvoudig namelijk hoe meer voor voorzieningen de huurwoning heeft en hoe groter de oppervlakte van de woning hoe hoger de huurprijs van een de woning zou mogen zijn. Deze zogenaamde WWS-punten worden in puntensystemen verwerkt. Er zijn aparte puntensystemen voor zelfstandige en onzelfstandige woningen. Zo wordt er in het puntensysteem voor de zelfstandige woning ook punten verstrekt voor de omgeving van de woning en de voorzieningen die hierin aanwezig zijn. Onzelfstandige woningen zoals studentenkamers krijgen voor deze omgevingsfactoren geen extra punten. De puntentelling voor zelfstandige en onzelfstandige huurwoningen is vastgelegd in het Besluit huurprijzen woningen in Bijlage I.

Energielabels en het woningwaarderingsstelsel
Het energiezuinig maken van de Nederlandse woningvoorraad vind niet alleen plaats bij koopwoningen, ook huurwoningen worden energiezuiniger gemaakt in Nederland. Dit wordt vanuit de overheid gestimuleerd. Een energiezuinige huurwoning zorgt er voor dat de huurder een lagere energierekening heeft dan een huurder die een minder energiezuinige woning heeft. Het investeren in de isolatie van een woning, zonnepanelen en andere voorzieningen waarmee de woning minder energie verliest en gedeeltelijk zelfstandig energie kan opwekken leveren echter ook voordelen op voor de verhuurder. De verhuurder krijgt namelijk voor een energiezuinige woning meer punten in het woningwaarderingsstelsel (WWS). Sinds 2011 wordt het energielabel van een huurwoning namelijk meegenomen in de puntentelling waarmee de maximale toegestane huurprijs wordt bepaalt.

Energielabel A zorgt voor snelle verkoop woning

De woningverkoop in Nederland zit in de lift. Toch worden niet alle woningtypen even snel verkocht. Een ander belangrijk aspect is het energielabel. Woningen met energielabel A of B staan gemiddeld genomen korter te koop dan woningen met een minder zuinig energielabel. Gemiddeld zouden woningen met een energielabel A of B een maand minder te koop dan woningen met een energielabel C of hoger. Ook leveren energiezuinige woningen gemiddeld 6000 euro meer op wanneer ze worden verkocht. Dit komt naar voren uit een onderzoek dat is gedaan door de Tilburg University.

Onderzoek naar verband tussen energielabel en woningverkoop
De Tilburg University heeft haar resultaten gebaseerd op de transactiecijfers van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM). Ook werd er gebruik gemaakt van informatie over energielabels van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). In totaal werden door de onderzoekers 62.000 woningen bestudeerd. Deze woningen werden in de eerste zes maanden van 2017 verkocht. Ongeveer 32 procent van deze woningen was voorzien van een energielabel A of energielabel B. Daarnaast had ongeveer 15 procent van de woningen die verkocht werden in die periode een energielabel F of zelfs een G-label.

Ombouwen woning naar gunstig energielabel
De meeste nieuwbouwwoningen worden met een goed energielabel gebouwd. De bestaande woningvoorraad in Nederland wordt echter nog nauwelijks verduurzaamd. Dat beweert Dirk Brounen. Hij is Professor of Real Estate en hoofd van het onderzoek. Volgens hem zijn het vooral de kosten die er voor zorgen dat er weinig wordt verduurzaamd in Nederlandse woningen. Mensen kijken naar de kosten en de baten van het verduurzamen. Het is voor veel woningbezitters moeilijk om een inschatting te maken van de besparingen op de lange termijn als ze nu investeren in de verduurzaming van de woning. Daarnaast vertrouwen veel mensen er niet op dat de investeringen in de verduurzaming zich zullen terugverdienen. Dit zorgt er voor dat veel mensen aarzelen om een woning met een energielabel D of E om te bouwen tot een energielabel A of B woning.

Woonlasten verlagen
Het energiezuinig wonen is tegenwoordig een belangrijk item. Dit heeft echter niet alleen te maken met de wereldwijde bewustwording die mensen hebben op het gebied van milieu. Energielabels worden een belangrijke informatiebron voor potentiële kopers. Ze hopen namelijk op hun woonlasten te kunnen besparen. Marlon Mintjes van MilieuCentraal geeft ook aan dat een energielabel een belangrijke indicatie geeft van de energiezuinigheid van een woning. Een gunstig energielabel zorgt er voor dat mensen kunnen besparen op hun vaste lasten. De huizenprijzen gaan omhoog door de stijgende vraag naar woningen. dat zorgt er voor dat mensen meer moeten betalen voor de aanschaf van hun woning. Dit heeft tot gevolg dat de hypotheek ook hoger wordt en dat de woonlasten omhoog gaan hoewel de hypotheekrente nog laag is. Mensen proberen echter te bezuinigen op hun vaste lasten door energiezuinige woningen aan te schaffen. Dat stuwt de vraag naar woningen met een energielabel A of een energielabel B.

Duurzaam ondernemen een must of een keuze?

Duurzaamheid is een begrip geworden. Met zou het wel een containerbegrip kunnen noemen. Onder duurzaamheid kan men veel aspecten plaatsen. Men kan bij duurzaamheid denken aan de levensduur van producten maar ook aan energieverbruik en het gebruik van grondstoffen zoals fossiele brandstoffen die op kunnen raken. Duurzaam ondernemen lijkt een keuze, een keuze voor ondernemers en voor particulieren,  maar langzamerhand komen we er achter dat het streven naar duurzaamheid al lang geen keuze meer is. Duurzaam ondernemen is een must.

Duurzaam ondernemen een kwestie van moeten

Ondernemers moeten tegenwoordig wel duurzaam ondernemen. Men noemt dit ook wel maatschappelijk verantwoord ondernemen, oftewel MVO. Klanten willen tegenwoordig met een goed gevoel de winkel uitlopen als het gast om de milieuvriendelijkheid van een product. Bovendien zijn veel potentiële kopers bereid om meer te betalen voor producten met een gunstige uitslag op het energielabel. Dat geldt niet alleen voor elektrische producten en auto’s.  Ook woningen zijn al geruime tijd voorzien van een verplicht definitief energielabel.

Mensen die een woning verkopen of verhuren moeten verplicht een definitief energielabel aanvragen bij de Rijksoverheid. Ook bouwbedrijven moeten voldoen aan strenge richtlijnen op het gebied van de energiezuinigheid van woningen. Ingenieurs, constructeurs en andere hoogopgeleide technici bedenken voortdurend verbeteringen op het gebied van het winnen van duurzame energie uit zonlicht, windkracht en aardwarmte. Zelfs uit mestvergisting haalt men energie en er zullen vast nog meer creatieve ideeën komen. Men moet wel, de Europese richtlijnen op het gebied van CO2 reductie zijn streng. Het broeikaseffect moet worden aangepakt om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Men kiest niet meer voor verduurzamen men doet het uit plichtsbesef voor zichzelf en de komende generaties.

 

Verschil tussen voorlopig en definitief energielabel voor woningen?

Aan het begin van het jaar 2015 kregen ongeveer 5 miljoen woningeigenaren in Nederland een voorlopig energielabel. Dit voorlopige energielabel was gebaseerd op het type woning en het bouwjaar van de woning. Ook de woonoppervlakte werd bij het verstrekken van dit voorlopige energielabel in de beoordeling meegenomen. Daarnaast werd gebruik gemaakt van gegevens uit het WoonOnderzoek uit 2006. Het voorlopige energielabel is niet gebaseerd op de specifieke eigenschappen van de woning die later zijn aangebracht. Met dit voorlopige energielabel kreeg de woningeigenaar een globale indruk van de verwachte energieprestaties van de woning. Het voorlopige energielabel werd vrijblijvend en kosteloos versterkt aan de woningeigenaren in Nederland.

Het definitieve energielabel
Het voorlopige energielabel is inmiddels verleden tijd. Woningen die tegenwoordig worden verkocht en verhuurd moeten worden voorzien van een definitief energielabel. Dit is een wettelijke verplichting. Dit houdt in dat men een boete kan riskeren al men zich niet aan deze verlichting houdt.

Het definitieve energielabel van een woning geeft een veel beter beeld van het energieverbruik van de woning. De energieprestaties van de woning worden door een erkend expert beoordeeld. Via een speciale website van de Rijksoverheid kunnen mensen een aanvraag indienen voor het definitieve energielabel. Deze aanvraag gebeurd dus digitaal. In een stappenplan kan men bewijzen aanleveren van de energiebesparende maatregelen die zijn gedaan om de woning energiezuiniger te maken. De indiener van de aanvraag voor een energielabel kan in de aanvraag zelf aangeven welke deskundige of expert de bewijzen voor de energiebesparing van de woning mag beoordelen.

Wie deelt de woning in een bepaalde energieklasse?
Een expert, die BRL9500-gecertificeerd is, beoordeeld in welke energieklasse de woning valt als men alle energiebesparende maatregelen afzet tegen het verwachte energieverbruik van de desbetreffende woning. Hierbij wordt onder andere gekeken of er voorzieningen zoals zonnepanelen, een warmtepomp of een zonneboiler aanwezig is. Ook wordt gekeken naar de kierdichtheid, circulatieleiding en de
Rc-waarde, U-waarde en de ZTA-waarde. Ook HR-beglazing zoals HR+-glas of HR++-glas worden meegenomen in de beoordeling van de expert. De expert beoordeeld de woning op al deze aspecten en deelt de woning vervolgens in een bepaalde energieklasse. Deze energieklasse staat op het definitieve energielabel. Het definitieve energielabel geeft dus een veel beter beeld van de energieklasse dan het voorlopige energielabel.

Wie mag een energielabel voor een woning afgeven?

Een energielabel aanvragen is verplicht als men een woning in Nederland wil verkopen of verhuren. Een verkoper of een verhuurder van een woning vraagt een energielabel aan via de website die ontwikkelt is in opdracht van de Rijksoverheid. In een digitaal stappenplan kan men stap voor stap een energielabel aanvragen voor de desbetreffende woning.

Men moet onder andere aangeven welke energiebesparende voorzieningen zijn getroffen in de woning. Daarvoor dient men bovendien ‘bewijzen’ te verstrekken. Deze bewijzen worden gekeurd door deskundigen of experts. De deskundige of expert die de energiebesparende voorzieningen moeten controleren kan men echter zelf aanklikken. Echter niet iedereen mag zichzelf een deskundige of expert noemen op het gebied van energiebesparing.

Wie mogen de keuring voor het definitief energielabel doen?
De inspecteurs en installateurs die de energiebesparende maatregelen en verbouwingen controleren bij de aanvraag voor een energielabel dienen BRL9500-gecertificeerd te zijn. Als ze op deze wijze gecertificeerd zijn ontvangen ze een EPA certificaat. Met dit certificaat voldoet men aan de Richtlijn Energy Performance Buildings Directive (EPBD).

Het certifiaat heeft een geldigheid van minimaal drie jaar. Na het eerste half jaar van het behalen van het certificaat wordt er een controle uitgevoerd of de installateur nog aan de eisen van het certificaat voldoet. Na dit half jaar vinden jaarlijks controles plaats. Op die manier tracht de overheid te waarborgen dat alle installateurs die BRL9500-gecertificeerd aan de eisen blijven voldoen.

Waarop let een deskundige bij het uitgeven van een energielabel voor woningen?

Bovenstaande vraag is belangrijk wanneer men een woning gaat verkopen of verhuren. In Nederland is men namelijk verplicht om een energielabel aan te vragen bij de Rijksoverheid als een woning wordt verkocht of verhuurd. De koper of huurder krijgt doormiddel van een energielabel duidelijkheid over de energiezuinigheid van de desbetreffende woning. Deze informatie is belangrijk als men een goede keuze wil maken voor een woning waarvan de energielasten (gas en elektra) laag zijn.

Energiezuinigheid belangrijk
Bijna dagelijks zijn er berichten in het nieuws over energiezuinigheid, duurzaamheid en alle wetten en regels die daaraan verbonden zijn. Mensen en bedrijven zijn zich steeds meer bewust van de verantwoordelijkheid die ze dragen voor hun omgeving en het milieu. Daarnaast zijn mensen zich ook bewust van de financiële kosten die energieverspilling met zich meebrengt. Daarom willen veel mensen energiezuiniger leven. Kortom, ze willen efficiënter met energie omgaan. Het meeste energie verbruikt een mens echter in een woning door het verstoken van gas en het verbruik van elektriciteit. Het is daarom geen wonder dat men in woningen voortdurend nieuwe technieken toepast en verbouwingen uitvoert om de energiezuinigheid te bevorderen. Niet alle investeringen zijn echter even effectief daarom moet men voor de verbouwing veel informatie inwinnen over het effect van de verbouwing op de energielasten van de woning.

Waarop wordt gelet bij een energielabel voor woningen?
Een woningeigenaar kan via de Rijksoverheid digitaal een aanvraag doen voor een energielabel. Bij deze aanvraag dient men ook aan te geven welke deskundigen de controle mogen uitvoeren op de energiebesparende maatregelen en verbouwingen die in de woning zijn gedaan. De experts of deskundigen dienen zogenoemde ‘bewijzen’ te ontvangen van de energiebesparende maatregelen die in de woning zijn getroffen. Er kunnen maximaal 10 belangrijke maatregelen worden aangegeven door de indiener van de aanvraag voor een energielabel.

Op de volgende aspecten let de deskundige:

  • Leidingen en de isolatie van (verwarming) leidingen.
  • Luchtspouw tussen de muren.
  • CV-ketel (CR, VR, HR).
  • Isolatie van de vloer.
  • Isolatie van het dak.
  • Isolatie van de muren, gevel.
  • HR-beglazing (bijv. HR+-glas of HR++-glas).
  • WTW (warmtapwaterbereiding)
  • Warmtepomp.
  • Zonnepanelen.
  • Zonneboiler.
  • Kierdichtheid.
  • Type kozijnen.
  • Circulatieleiding
  • Rc-waarde, U-waarde, ZTA-waarde

Van al deze verschillende aspecten wordt een totaaloordeel gegeven. Dit totaaloordeel bepaald de aanduiding op het definitieve energielabel van de desbetreffende woning. De aanduiding van dit energielabel loopt op van A (het meest energiezuinig) tot G (het meest energieverslindend).

Wat kost een energielabel voor een woning?

Woningen die in Nederland worden verkocht moeten voorzien zijn van een energielabel. Een energielabel geeft aan mogelijke huurders en kopers duidelijkheid over de energiezuinigheid van een woning. Het voorlopige energielabel dat in 2015 aan Nederlandse  woningeigenaren is verstrekt kostte geen geld. Het definitieve energielabel voor woningen kost echter wel geld.

Prijs energielabel ligt niet vast
Een definitief energielabel voor een woning kost geld. De hoogte van de prijs voor een definitief energielabel is niet wettelijk vastgesteld. Dit houdt in dat de prijs van een energielabel in de praktijk kan verschillen. Gemiddeld kostte een energielabel tussen de 150 en 250 euro exclusief btw. Dit bedrag was van toepassing op energielabels voor standaard woningen.

Wat kost een definitief energielabel voor een woning?
Er zijn bedrijven die energielabels verstrekken voor minder dan 150 euro. Daarnaast kan het aanvragen van een energielabel ook duurder zijn dan 250 exclusief btw. Tegenwoordig kan men al een energielabel ontvangen voor enkele tientjes tot bedragen zelfs onder de tien euro. In dat laatste geval moet men voorzichtig zijn omdat er vaak verborgen administratiekosten zijn waardoor de prijs van het energielabel alsnog hoger uitvalt. Het ministerie heeft aangegeven dat energiedeskundigen die mensen misleiden worden verwijder uit het Energielabel-systeem.

Waarom kost een energielabel aanvragen geld?
Het aanvragen van een energielabel kost geld. De kosten zijn voornamelijk administratiekosten. Bij het aanvragen van een energielabel dient de aanvrager een expert aan te klikken die de woning toetst op het gebied van energiezuinigheid. Deze expert rekent natuurlijk voor zijn expertise een bepaalde vergoeding.

Hoe vraag je een energielabel aan voor een woning?

Het aanvragen van ern energielabel is verplicht als men een woning verkoopt of verhuurt.  Het energielabel maakt voor de potentiële koper of potentiële huurder inzichtelijk hoe energiezuinig of miliebelastend een woning is. De verkoper of verhuurder moet dit inzicht bieden aan geïnteresseerden. Daarom moet hij of zij een energielabel aanvragen.

Het aanvragen van een energielabel kan men doen bij de Rijksoverheid. Als men het energielabel niet verstrekt bij de verkoop of verhuur van een woning dan kan men een boete krijgen. De boete kan oplopen tot 405 euro. Bovendien is het natuurlijk als verkoper of verhuurder niet bepaald klantvriendelijk om potentiële kopers en potentiële huurders informatie over de energiezuinigheid van een woningen te onthouden. Daarnaast kost het aanvragen van een energielabel slechts een paar tientjes.

Hoe kun je een energielabel aanvragen?

Een energielabel moet men aanvragen bij de Rijksoverheid. Dit kan op de website energielabelvoorwoningen.nl. Het aanvragen van een energielabel gaat in zes stappen.

  1. De eerste stap is het bezoeken van de website en inloggen met je DigiD.
  2. Vervolgens kan men de gegevens van de woning controleren en aanpassen. Er mogen maximaal tien gegevens worden ingevoerd.
  3. Daarna gaat men bewijzen toevoegen aan het woningdossier.
  4. Dan dient men deskundigen te selecteren die het bewijs over de energiebesparende voorzieningen van de woning gaan controleren.
  5. Tot slot kan men de gegevens versturen.
  6. Dan krijgt men het energielabel ontvangen. Dit gebeurd automatisch via de Rijksoverheid.

 

Aanvragen energielabel voor woning verplicht?

Energielabels zijn verplicht voor woningen die te koop of te huur worden aangeboden.  Aan het begin van 2015 hebben veel woningeigenaren van de Rijksoverheid een voorlopig energielabel ontvangen. Dit is een vrij algemeen energielabel dat onder andere gebaseerd is op het bouwjaar van de woning en het type woning. Het voorlopige energielabel was bedoeld om woningeigenaren te laten nadenken over de energiezuinigheid van de woning. De overheid hoopte met dit energielabel de woningeigenaren te stimuleren om meer investeringen te doen in de energiebesparing van hun woning. Hierbij kan men denken aan dubbele beglazing,  muurisolatie, dakisolatie,  zonnepanelen en andere voorzieningen die een woning energiezuiniger maken. Na het voorlopige energielabel werd het definitieve energielabel ingevoerd. Dit energielabel moet verplicht worden vertoond als men een woning te huur of te koop aanbiedt.

Definitief energielabel voor woningen

Een voorlopig energielabel zegt weinig over de specifieke energiezuinige of energieverslindende eigenschappen van een woning. Daarom moet iemand als hij van plan is om een woning te verkopen of te verhuren een definitief energielabel aanvragen. Het definitieve energielabel is verplicht voor woningen die verkocht of verhuurd worden. In het definieve energielabel zijn wel alle technische en bouwkundige voorzieningen opgenomen en daarom biedt het energielabel waardevolle informatie aan de potentiële kopers of potentiële huurders. Bovendien zorgt het verplichten van energielabels er voor dat woningeigenaren beter gaan nadenken over het bevorderen van de energiezuinigheid van de woning. Omdat mensen meer op het milieu en kostenbesparing letten is het vaak verstandig om te investeren in isolatie en zonnepanelen. Deze aanpassingen zorgen er namelijk voor dat woningen in gebruik minder kosten en minder miliebelastend zijn. Dat voelt voor potentiële kopers en huurders goed. Daarom is men vaak bereid om meer te betalen voor een woning in een zuinige energieklasse.

Hoe ziet een energielabel er uit?

Een energielabel is de uitkomst van de som van verschillende energiebesparende en energieverslindende aspecten van een woning. Deze uitkomst wordt in een letter en een kleur aangegeven. De meest energiezuinige woningen krijgen een letter ‘A’ en een donkergroene kleuraanduiding. De letter ‘A’ loopt op tot de letter ‘G’. De letter ‘G’ is donkerrood en staat voor de meest energieverslindende woning. Een verkoper dient een energielabel aan te vragen bij de Rijksoverheid die daarvoor een speciale website heeft gemaajt. Het aanvragen van een energielabel is verplicht maar kost maar een paar tientjes.

Wanneer is het energielabel ingevoerd?

Energielabels zijn bijna niet meer weg te denken uit de schappen van de elektronicawinkels en de showrooms van autodealers. Op elektrische apparaten en auto’s wordt doormiddel van energielabels informatie verstrekt over de zuinigheid van het desbetreffende apparaat of auto. Bij de verkoop van woningen worden tegenwoordig ook energielabels verstrekt. Met een energielabel wordt duidelijk hoe energiezuinig, milieuvriendelijk en/of energiebesparend het product, voertuig of gebouw is. Daarnaast staat er op het energielabel vaak informatie over de prestaties van het product. Een energielabel kan bovendien gegevens verstrekken over de materialen die zijn gebruikt bij de productie van de machine of het apparaat.

Invoering van het energielabel
In Nederland is in 2012 de richtlijn voor Energielabels geïmplementeerd als het:

Besluit van 25 februari 2012, houdende regels betreffende de etikettering van het energieverbruik van energiegerelateerde producten (Besluit etikettering energieverbruik energiegerelateerde producten).

Uit bovenstaand besluit komt duidelijk naar voren dat men het heeft over energiegerelateerde producten. Hierbij kan men denken aan elektrische machines en apparaten. Veel machines en apparaten worden gevoed met elektrische stroom. Deze elektrische stroom biedt een bepaald vermogen om arbeid te verrichten. Sommige machines hebben meer elektrisch vermogen nodig om dezelfde arbeid of prestaties te verrichten dan energiezuinige machines. Het energielabel zorgt er voor dat bedrijven geprikkeld worden om voortdurend hun machines en apparaten te verbeteren op het gebied van energiezuinigheid.

Invoering definitief energielabel voor woningen
Voor woningen is ook een specifiek energielabel ingevoerd. In 2013 werd het toemalige systeem voor energielabels van woningen door de Tweede Kamer te ingewikkeld en te duur bevonden. Daarnaast bleek ook de handhaving van de wettelijke energielabelplicht bij woningen te moeilijk uitvoerbaar in de praktijk. Daarom moest de Nederlandse overheid op zoek naar een beter systeem waarmee ze wel konden voldoen aan de Europese richtlijn (EPBD). Het systeem moest eenvoudiger en goedkoper. Dit zorgde er voor dat er een definitief energielabel werd ontwikkeld. Dit definitief energielabel is op 1 januari 2015 ingevoerd in Nederland. Het definitief energielabel is verplicht bij de verkoop en het verhuren van woningen in Nederland.

Wat is een energielabel?

Een energielabel is een label dat wordt gebruikt om de energiezuinigheid van een bepaald product, apparaat of onroerend goed aan te duiden. Het energielabel moet voldoen aan verschillende Europese richtlijnen:

  • 92/75/CEE,
  • 94/2/CE,
  • 95/12/CE,
  • 96/89/CE,
  • 2003/66/CE

Het energielabel moet verplicht worden meegeleverd bij de verkoop van gebouwen, auto’s, elektrische apparaten en lampen. De potentiële koper krijgt door het energielabel extra informatie over het product waar hij of zij interesse in heeft.

Hoe ziet een energielabel er uit?
Het energielabel is een etiket die aan een product wordt bevestigd of op een product wordt geplakt. Op het energielabel zijn een aantal balkjes geplaatst in verschillende kleuren. De balkjes lopen op van donkergroen tot donkerrood. Op de balkjes staan letters die oplopen van de letter ‘A’ tot de letter ‘G’. De letter ‘A’ is in het donkergroen aangegeven en dat maakt duidelijk dat een product die deze aanduiding verdient het meest milieuvriendelijk is. Vanaf deze letter geven de aanduidingen een steeds minder gunstige energiebeoordeling. Producten, apparaten, voertuigen en gebouwen die in de energieklasse ‘G’ vallen kunnen worden beschouwd als het meest milieuonvriendelijke.

Waarom een energielabel?
Allereerst is een energielabel voor een aantal producten en apparaten verplicht. Een energielabel stelt consumenten voor een duidelijke keuze tussen producten. In plaats van het design, de vormgeving en de functionaliteiten van een product wordt ook de energiezuinigheid een aspect waarop consumenten bewust voor een bepaald product, apparaat of woning kunnen kiezen. Men is zich in de wereld steeds meer bewust van het milieu en maatschappelijke aspecten. Een ‘groen’ product heeft aantrekkingskracht voor particulieren en bedrijven.

Veel ondernemers worden door de verplichte energielabels gedwongen na te denken over het ontwikkelen van energiezuiniger producten, machines en apparaten. De energielabels werken twee kanten op: ondernemers maken zuiniger producten en de consumenten waarderen dat door energiezuiniger producten te kopen. Zo ontstaat een cirkel van productontwikkeling die gericht is op milieuvriendelijkheid.