Zonnepanelen slecht voor de gezondheid?

Zijn zonnepanelen slecht voor de gezondheid? Dat is een vraag die regelmatig voorbij komt op internet. Toch is het antwoord op de vraag niet makkelijk vindbaar. Zonnepanelen geven een bepaalde straling in de vorm van een elektromagnetisch veld. Dit is een veld met straling dat de zonnepanelen zelf opwekken. Toch is de straling hiervan erg zwak. Zonnepanelen geven laagspanning daarom is een omvormer nodig die de laagspanning geschikt maakt voor het lichtnet. Deze omvormer heeft ook een elektromagnetisch veld.

Elektromagnetisch veld omvormer
Op internet gaat het als men het heeft over de gezondheidsrisico’s van zonnepanelen vooral over het elektromagnetisch veld rondom de omvormer. Toch blijft ook deze elektromagnetische straling ruim onder de zogenaamde blootstellinglimiet. Deze blootstellinglimiet is de maximale dosis aan elektromagnetische straling waaraan een mens blootgesteld kan worden voordat er daadwerkelijk gezondheidsklachten optreden. Bij het bepalen van de blootstellingslimieten is bovendien met een veiligheidsmarge rekening gehouden omdat er nog veel moet worden uitgezocht met betrekking tot de schadelijke effecten van elektromagnetische straling.

Afstand tot elektromagnetisch veld
Het is in ieder geval bekend dat de kracht van een elektromagnetisch veld afneemt naar mate de afstand groter wordt. Hierbij wordt de vuistregel gehanteerd dat de sterkte van een elektromagnetisch veld vier keer zo klein wordt als de daadwerkelijke afstand tussen een object en een elektromagnetisch veld twee keer zo groot wordt. Hoe verder iemand zich dus bij een elektromagnetisch veld uit de buurt bevind hoe minder groot de kans is op eventuele gezondheidsklachten. Men zou daarom een omvormer zo ver mogelijk bij de slaapplekken en huiskamer uit de buurt kunnen plaatsen.

Wetenschappelijk bewijs
Veel wetenschappelijk bewijs is er niet betrekking tot stralingsgevaar vanuit zonnepanelen. Toch zijn er veel mensen met stralingszorgen. De bezorgdheid met betrekking tot de effecten van straling kan voor sommige mensen al stress opleveren. Gelukkig kan men technisch het nodige doen om straling zoveel mogelijk uit de buurt te houden van mensen. Hou er rekening mee dat elektrische apparatuur altijd een bepaalde mate van straling met zich meebrengt. Daar kun je nooit geheel aan ontkomen.

Mocht u over aanvullende informatie over dit onderwerp beschikken, die van belang is om te delen op internet, dan kunt u dit mailen via de contactpagina.

Werking van een warmtepomp ten opzichte van een cv-ketel

Een warmtepomp heeft een andere werking dan een aardgasgestookte cv-ketel. In een cv-ketel wordt aardgas verbrand waarbij veel hitte vrij komt. Deze hitte wordt gebruikt om het leidingwater van de centrale verwarming op een hogere temperatuur te brengen. Het verwarmde water wordt door cv-leidingen getransporteerd naar de radiatoren waar de warmte wordt afgeven aan de omgeving. Wanneer men de cv-ketel zou vervangen door een waterstofketel is de werking van de installatie grotendeels hetzelfde ondanks het feit dat er een ander brandbaar gas wordt gebruikt. Als men echter een warmtepomp installeert is de werking wel geheel anders.

Drukveranderingen in plaats van hittebron

Een warmtepomp maakt namelijk niet gebruik van een hittebron maar van drukveranderingen. Een warmtepomp bevat dus geen verbrandingsketel waarin aardgas of waterstof wordt verbrand. In plaats daarvan wordt een leidingensysteem geïnstalleerd binnen de woning maar ook daar buiten. Aan de buitenkant van de woning is de druk laag, waardoor vloeistof verdampt en de buizen afkoelen. Aan de binnenkant is de druk hoog waardoor vloeistof condenseert en warmte vrijkomt. Deze warmte kan vervolgens worden afgegeven door radiatoren maar ook via vloerverwarming. Omdat er niet veel warmte vrijkomt spreekt men wel van lagetemperatuurverwarming (LTV).

Lagetemperatuurverwarming
Lagetemperatuurverwarming is milieuvriendelijker dan verwarming doormiddel van een cv-installatie die op aardgas of waterstof is gestookt. Er komt namelijk niet direct CO2 vrij in de atmosfeer. Op een indirecte manier kan er wel CO2 worden uitgestoten. Er wordt namelijk gebruik gemaakt van een elektrische pomp om het water rond te pompen. Voor het maken van de drukveranderingen is namelijk elektrische stroom nodig. Deze elektrische stroom kan ook doormiddel van zonnepanelen worden opgewekt waardoor het systeem nog duurzamer wordt. De warmtepompen werken doormiddel van drukverschillen. Het realiseren van de drukverschillen gebeurd in de compressor. De compressor zorgt voor overdruk. Naast een compressor en een pomp heeft de warmtepomp ook een condensor en warmwatertank.

Omscholing naar monteur zonnepanelen in 2019 mogelijk via Technicum

Er staan in Nederland veel vacatures open waarin monteurs voor zonnepanelen worden gevraagd. Zonnepanelen zijn populair omdat daarmee elektrische stroom uit zonlicht kan worden gewonnen waardoor woningen en bedrijven hun eigen elektrische energie voor een deel zelf kunnen opwekken. Dat is natuurlijk een hele gunstige ontwikkeling alleen is er een groot tekort aan technisch personeel om alle opdrachten in de zonnepanelen uit te voeren in 2019 en daarna. Daarom worden mensen ook bijgeschoold en omgeschoold tot monteur zonnepanelen.

Omscholen tot monteur zonnepanelen
Het omscholen van een werkzoekende tot een monteur in de zonnepanelen is een ideale oplossing om iemand aan een goede baan te helpen en tevens het personeelstekort van installatiebedrijven op te lossen. Er is namelijk een groot tekort aan mensen die dit werk op een veilige en vakkundige manier uit te voeren. Daarom zijn er maatwerkoplossingen ontwikkeld. Technicum uitzendbureau is een technisch uitzendbureau dat VCU gecertificeerd is. Dat betekent dat Technicum veiligheid, gezondheid en milieu extra aandacht geeft in haar bemiddeling.

In de maatwerkopleidingen voor aankomende monteurs zonnepanelen wordt hier dan ook extra aandacht aan besteed. Monteurs leren veilig te werken op hoogte en daarvoor ook de juiste beschermingsmiddelen te gebruiken. Ook leren ze hoe de panelen op daken kunnen worden geplaatst op beugels en andere bevestigingsmethodes. Het aansluiten van zonnepanelen komt ook aan de orde. Het aanschaffen van zonnepanelen is namelijk slechts één aspect een goede installatie van zonnepanelen is misschien wel veel belangrijker.

Aanmelden
Doormiddel van een korte BBL opleiding of zelfs een dagcursus kunnen werkzoekenden de basisprincipes leren van het plaatsen van zonnepanelen op een veilige en vakkundige manier. Wil je meer weten of jezelf aanmelden? Klik dan op de knop Technicum BBL of Vacatures Technicum in de menubalk. Dan kom je op een aanmeld pagina waar je jezelf ook kunt aanmelden voor een BBL opleiding in de zonnepanelen of een vraag hierover kunt stellen.

Wat zijn PV panelen?

PV panelen zijn zonnepanelen en worden gebruikt om elektrische stroom op te wekken door het omzetten van zonlicht in elektriciteit met zonnecellen. De afkorting PV staat voor ‘Photo Voltaic’. Deze term bestaat uit twee woorden die als volgt vertaald kunnen worden ‘Photo’ staat voor licht dus ook voor zonlicht en ‘Voltaic’ staat voor elektrische stroom. Een PV paneel bevat zogenaamde fotovoltaïsche cellen dit zijn zonnecellen in het Engels photovoltaic cell. Het opwekken van elektrische energie uitzonlicht wordt ook wel zon-PV genoemd.

Hernieuwbare energiebron
PV betekent dus in feite licht en stroom. Dat maakt duidelijk dat PV panelen worden gebruikt om elektrische stroom op te wekken uit licht, in dit geval zonlicht. Zonlicht is een duurzame hernieuwbare energiebron. Zonlicht kan in feite niet opraken tenzij de zon verdwijnt. Daarom zijn zonnepanelen een effectief middel om duurzame elektriciteit op te wekken. Geen worden dat veel particulieren kiezen voor zonnepanelen op de daken van woningen en utiliteit.

Soorten PV systemen
Systemen voor zonnepanelen kunnen in twee grote groepen worden ingedeeld, namelijk de Netgekoppelde PV systemen en de Off grid PV systemen. De meest bekende van deze twee zijn de Netgekoppelde PV systemen. Deze worden aangesloten op het elektriciteitsnet dat ook wel het lichtnet wordt genoemd. daarbij wordt gebruik gemaakt van een installatie die een omvormer bevat. PV panelen maken namelijk gebruik van gelijkstroom en de elektrische stroom netwerken van bedrijven en woningen bevatten wisselstroom. Zonnepanelen wekken niet voortdurend dezelfde hoeveelheid elektrische energie op.

Daarom is er ook regelmatig extra elektrische stroom nodig vanuit het lichtnet. Soms leveren zonnepanelen echter ook meer elektrische energie op dan wordt verbruikt. In dat geval wordt er elektriciteit terug geleverd op het net. Daarom wordt ook gesproken van netgekoppelde PV systemen. Doormiddel van een zogenaamde slimme meter kan worden bekeken hoeveel elektrische energie is opgewekt uit de zonnepanelen en is tevens inzichtelijk hoeveel elektrische energie is teruggeleverd aan het lichtnet.

‘Off grid’ PV systemen zijn niet aangesloten op het elektriciteitsnet. Dat betekent dat deze systemen los van een netwerk functioneren. Ook bij Off grid systemen wordt er elektrische stroom opgewekt uit zonnepanelen alleen wordt deze elektrische stroom opgeslagen in een accu en dus niet via een netwerk getransporteerd. Off grid installaties voor zonnepanelen worden gebruikt in bijvoorbeeld een tiny home, een stacaravan, een auto, een drone, een tuinhuisje of een boot. De elektrische stroom die wordt opgewekt kan vanuit de accu weer worden gebruikt. Off grid PV systemen worden niet gebruikt voor enorme afnemers maar vaak voor kleine stroomafnemers.

Soorten PV panelen
Naast verschillende PV systemen zijn er ook verschillende soorten PV panelen. PV panelen zijn er in drie varianten: de monokristallijne PV panelen, de poly kristallijne PV panelen en de dunne film PV panelen die ook wel amorf worden genoemd omdat ze geen kristallen bevatten maar poeder. Hieronder worden deze verschillende soorten PV panelen verder toegelicht in een aantal alinea’s.

Monokristallijne PV panelen
De zonnecellen in een monokristallijn zonnepaneel bestaan uit één kristal. Deze zonnepanelen hebben het hoogste rendement. De monokristallijne zonnecellen hebben geordende elektroden en zijn egaal zwart. Monokristallijne zonnepanelen zijn duurder in aanschaf dan polykristallijne zonnepanelen en hebben enkele procenten meer opbrengst per oppervlakte. Vooral als er weinig ruimte is om PV panelen te plaatsen is een serie van monokristallijne zonnepanelen een goede oplossing om toch behoorlijk wat elektrische energie uit zonlicht op te wekken.

Polykristallijn PV panelen
Een polykristallijn zonnepaneel bevat zonnecellen die uit meerdere grove kristallen bestaan. Het patroon van een polykristallijne zonnecel lijkt op het patroon van gebroken scherven. Deze zonnepanelen hebben minder opbrengst per oppervlakte dan monokristallijne zonnepanelen. De polykristallijne zonnepanelen zijn echter wel gunstig geprijsd en bieden desondanks een redelijk hoog rendement ten opzichte van de dunne filmzonnepanelen. Wanneer er een grote oppervlakte beschikbaar is wordt er over het algemeen voor polykristallijn zonnepanelen gekozen.

Dunne filmzonnepanelen amorfe PV panelen
De dunnefilmzonnepanlen bevatten een soort poeder, dat maakt de dunne-filmzonnepanelen heel vervormbaar. In deze zonnepanelen wordt gebruik gemaakt van amorf silicium. Hoewel de amorfe zonnepanelen zeer vervormbaar zijn kiezen de meeste mensen niet voor deze zonnepanelen. Dat heeft te maken met het lage rendement. Ten opzichte van de hiervoor genoemde PV panelen zijn de amorfe dunne-filmzonnepanelen het minst effectief. De prijs van deze zonnepanelen is echter ook lager.

Wat zijn foto-elektrochemische cellen?

Foto-elektrochemische cellen worden gebruikt om doormiddel foto-elektrochemie elektrische energie op te wekken uit zonlicht. Foto-elektrochemische cellen worden ook wel PEC’s genoemd en zijn een variant van zonnecellen. Naast foto-elektrochemische cellen worden voor het opwekken van elektrische energie uit zonlicht ook fotovoltaïsche cellen gebruikt. Bij foto-elektrochemische wordt echter gebruik gemaakt van het principe foto-elektrochemie. Daarvoor bevatten deze cellen een halfgeleidende fotoanode en een metaalkathode die in een elektrolyt is ondergedompeld. Er zijn foto-elektrochemische die elektrische energie produceren maar er zijn ook varianten van deze cellen die worden gebruikt om waterstof produceren in een proces dat lijkt op de elektrolyse van water.

Een foto-elektrochemische cel heeft eigenschappen van een zonnecel in combinatie met een batterij. Dat betekend dat deze cel energie op een chemische manier kan opslaan. Zonlicht wordt in een foto-elektrochemische cel niet direct omgezet in elektrische energie maar eerst in chemische energie. Dat zorgt er voor dat de energie makkelijker kan worden opgeslagen. Chemische energie kan namelijk makkelijker worden opgeslagen dan elektrische energie. Dat maakt foto-elektrochemische een effectief middel om energie op te wekken uit zonlicht. Toch worden foto-elektrochemische veel minder gebruikt voor het opwekken van energie dan fotovoltaïsche cellen.

Wat zijn fotovoltaïsche cellen?

Fotovoltaïsche cellen zijn gemaakt van halfgeleidend materiaal en worden gebruikt om zonlicht om te zetten in elektrische energie. Over het algemeen gebruikt men niet één fotovoltaïsche cel maar meerdere fotovoltaïsche cellen gezamenlijk om energie op te wekken uit zonlicht. Deze cellen worden onder andere geplaatst in zonnepanelen die gebruikt worden om zonne-energie om te zetten in elektriciteit. Een fotovoltaïsche cel bestaat onder andere uit silicium. Dit is een halfgeleidend materiaal. Door de inwerking van zonlicht worden de elektronen in beweging gebracht en springen ze over van het ene atoom naar het andere atoom. Voor het opwekken van een elektrische stroom moeten de elektronen tijdens dit proces in één enkele richting bewegen.

Om dit te realiseren wordt een elektrische spanning tot stand gebracht tussen een negatieve pool, die een overschot aan elektronen bevat, en een positieve pool die een tekort aan elektronen heeft. Als dit is gerealiseerd zullen de elektronen zich verplaatsen op een manier die vergelijkbaar is met een batterij. Fotovoltaïsche cellen werken op basis van zonlicht en niet op basis van warmte. Daarom is de inwerking van zonlicht noodzakelijk om met deze cellen duurzame elektrische energie op te wekken. In zonnepanelen worden zoveel mogelijk fotovoltaïsche cellen geplaatst om zoveel mogelijk zonlicht om te zetten in elektriciteit. Zo wordt het rendement van zonnepanelen zo groot mogelijk.

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig?

Zonnepanelen worden steeds vaker aangebracht op woningen, utiliteit en andere bouwwerken. In 2017 zijn bijvoorbeeld ongeveer drie miljoen zonnepanelen geplaatst in Nederland. De meeste zonnepanelen die op woningen worden aangebracht worden grotendeels betaald door de particulieren zelf. Omdat de aanschaf van zonnepanelen een behoorlijke investering is zullen veel mensen zich afvragen hoeveel zonnepanelen ze nodig hebben om flink wat elektrische energie te kunnen opwekken. Nederland is niet een heel zonnig land maar desondanks kan er wel veel elektrische energie worden opgewekt met zonnepanelen.

Een groot voordeel zijn de vrij zachte winters die Nederland heeft ten gevolge van het zeeklimaat. Er is in Nederland voldoende zon aanwezig om zonnepanelen rendabel te kunnen maken. Toch verschild het aantal zonnepanelen op daken in Nederland behoorlijk. Het lijkt er op dat niet iedereen voor dezelfde hoeveelheid zonnepanelen kiest. Er zijn een aantal aspecten die meegenomen moeten worden als men wil bepalen hoeveel zonnepanelen ze op de daken willen aanbrengen. In de volgende alinea kun je lezen welke aspecten van belang zijn voor het bepalen van de juiste hoeveelheid zonnepanelen.

Belangrijk bij de aanschaf van zonnepanelen
Een aantal punten zijn belangrijk bij het bepalen van de hoeveelheid zonnepanelen die je nodig hebt. Allereerst moet je voor jezelf goed nagaan wat je met de elektrische energie wilt doen van zonnepanelen. Als dit alleen voor eigen gebruik is kun je ook het energieverbruik in de woning verlagen door LED-verlichting en energiezuinige apparaten aan te schaffen. Als je dat succesvol doet heb je ook minder elektrische energie nodig en dus ook minder zonnepanelen. Toch is het lastig om je woning volledig energieneutraal of CO2 neutraal te maken door alleen zonnepanelen te gebruiken. Dan zul je in de meeste gevallen veel meer investeringen moeten doen. Veel mensen leveren op bepaalde momenten, waarbij er veel zonlicht is en weinig energie worden afgenomen, ook elektrische energie terug aan het lichtnet. In dat geval spelen veel meer aspecten een rol bij het bepalen van het rendement en het nut van zonnepanelen. Hierbij kun je denken aan:

  • De aanschafprijs van zonnepanelen.
  • Het formaat van de zonnepanelen. Zonnepanelen hebben een standaardformaat van 165×100 cm. Dat zorgt er voor dat er een bepaalde hoeveelheid op een dakvlak kunnen worden aangebracht.
  • De kwaliteit en duurzaamheid van de zonnepanelen.
  • Het elektrische vermogen dat met het zonnepaneel wordt opgewekt.
  • De plek waar de zonnepanelen worden aangebracht. Zuid-Noord-West-Oost enz.
  • De regio waar de zonnepanelen worden aangebracht. In Zeeland en Texel worden bijvoorbeeld verhoudingsgewijs veel zonuren geregistreerd. Dat betekent dat zonnepanelen in die regio’s meer geld opbrengen.
  • Is het dak veel in de zon of juist in de schaduw.
  • De hellingshoek van het dak waar de zonnepanelen worden aangebracht. Een hellingshoek van 35 graden is het meest effectief voor zonnepanelen.

Al deze aspecten kun je meenemen in een berekening. Als je wilt weten wanneer je jouw zonnepanelen echt hebt terugverdient zal je ook moeten kijken naar het aantal zonuren.

Aantal zonuren
Het aantal zonuren met betrekking tot zonnepanelen is in feite het aantal uren dat de zon of zonlicht daadwerkelijk op de zonnepanelen schijnt. Het aantal zonuren dat een zonnepaneel ontvangt heeft niet alleen te maken met de schaduw die wel of niet op het zonnepaneel valt. Zonuren hebben ook veel te maken met het weer. In 2018 was er bijvoorbeeld sprake van een zonnig voorjaar en een zonnige zomer. Dat zorgde er voor dat het rendement van veel zonnepalen hoger lag. Eerder werd al genoemd dat bepaalde regio’s zoals Zeeland en Texel meer zonuren hebben dan andere regio’s daarom is het aanbrengen van zonnepanelen in die regio’s extra effectief. Het rendement van zonnepanelen ligt in Texel en Zeeland ongeveer tien procent hoger dan in andere regio’s van Nederland.

Hoeveel zonnepanelen moet je plaatsen?
Tja en dan nu de vraag hoeveel zonnepanelen je daadwerkelijk nodig hebt. Dat kun je in feite zelf uitrekenen wanneer je weet wat het gemiddeld aantal zonuren van je regio is. Daarbij moet je eerst berekenen wat de aanschafwaarde is van alle zonnepanelen die je wilt plaatsen en wat het rendement daarvan is. Hoe meer zonnepanelen je koopt hoe hoger de investering maar ook hoe hoger het rendement. Als je hulp nodig hebt met de berekening kan een leverancier van zonnepanelen je daarbij helpen. Let wel op dat deze leverancier een commercieel belang heeft en daardoor vaak een iets gunstiger beeld schetst dan de werkelijkheid.

Zonnepanelen hadden hoge opbrengst in juli 2018

De maand juli in 2018 is bijzonder zonnig geweest. Daardoor hebben eigenaren van zonnepanelen enkele tientallen euro’s extra verdient met de opbrengst van deze panelen. In de afgelopen vijf jaar is er geen enkele maand geweest waarin de opbrengst van zonnepanelen zo hoog is geweest als de julimaand van 2018. Er wordt al gesproken over een record. Dit bericht werd bekend gemaakt door energiebedrijf Essent. Volgens deze energie-organisatie hebben zonnepanelen in de maand juli ongeveer 91 euro opgeleverd. Dat is 21 euro meer opbrengst dan er in een gemiddelde julimaand werd gerealiseerd in de periode tussen 1981 en 2010. Natuurlijk zijn zonnepanelen de afgelopen jaren ook beter en efficiënter geworden. Daardoor wordt het rendement van zonnepanelen hoger.

Berekening opbrengst zonnepanelen
Voor de berekeningen heeft Essent gebruik gemaakt van een systeem van 2.600 wattpiek. Dat is ongeveer acht tot tien zonnepanelen, met een efficiëntie van 88 procent. Deze zonnepanelen dienen dan wel in een ideale opstelling te hebben en naar het zuiden te zijn gericht. In 2018 leveren zonnepanelen verhoudingsgewijs veel geld op. Niet alleen de julimaand is namelijk erg zonnig geweest ook de maanden februari, mei en juni hebben veel zonuren gehad. Eigenaren van zonnepanelen die gebaseerd zijn op het hiervoor genoemde systeem hebben in 2018 tot nu toe al 372 euro extra verdient aan hun zonnepanelen en het jaar is nog lang niet om. Tot nu toe ligt de opbrengst al 54 euro hoger dan de gemiddelde opbrengst in de afgelopen jaren. Gemiddeld leverden zonnepanelen gebaseerd op het eerder genoemde systeem tussen de 450 euro tot 500 euro per jaar op.

Slimme meters
Doormiddel van een zogenaamde slimme meter wordt berekend en weergegeven hoeveel zonnepaneeleigenaren terugleveren aan het energienet. Op zonnige dagen geven slimme meters beduidend meer opbrengst aan dan de energieafname van de woningeigenaar. Op die manier wordt de woning energieneutraal en CO2 neutraal. De opbrengst van zonnepanelen is afhankelijk van de kwaliteit en het rendement van zonnepanelen. Daarnaast is dit een hernieuwbare energievoorziening die sterk afhankelijk is van het weer. Het aantal zonuren en de instraling van de zon bepalen de hoeveelheid zonne-energie die wordt opgewekt. Als men kijkt naar de eerste zeven maanden van 2018 dan ziet men dat het aantal zonuren ongeveer 25 procent hoger lag dan het langjarige gemiddelde op dit gebied.

Zonnepanelen zijn populair
De instraling van de zon ligt in die zelfde periode ongeveer 16 procent hoger vergeleken met het gemiddelde van de afgelopen jaren. Mensen die een slimme meter in de meterkast hebben hangen kunnen duidelijk zien dat ze meer rendement hebben gehaald uit zonlicht via hun zonnepanelen dan de afgelopen jaren. Dat zorgt er voor dat de populariteit van zonnepanelen alleen maar toeneemt. Geen wonder dat er steeds meer zonnepanelen worden aangebracht op woningen en utiliteit. Zonnepanelen vormen een belangrijk onderdeel van de energietransitie in Nederland.

Wat is een Smartflower?

Een Smartflower is een trademark of handelsmerk voor een bloemvormig, mobiel zonnepaneel dat uitvouwbaar is en de zon volgt waardoor de opbrengst optimaal is. De Smartflower is uitgerust met verschillende technologische systemen die er voor zorgen dat de ‘bloem’ met de zon meedraait. Ook zijn er meet en regelsystemen aanwezig die voorkomen dat de bloem omwaait wanneer er te veel wind staat. Een Smartflower is een bijzonder concept waarmee men zonne-energie of zonlicht kan omzetten in elektrische energie. Dit systeem zou voldoende elektrische energie moeten kunnen opwekken voor het elektriciteitsverbruik van een gemiddeld huishouden. Het grote voordeel van de Smartflower is dat dit systeem niet statisch is zoals zonnepanelen die vast zitten op daken. In plaats daarvan draait dit innovatieve zonnepaneel met de zon mee waardoor er meer opbrengst wordt gerealiseerd.

Hoe ziet een Smartflower er uit?
Een Smartflower is een innovatief systeem dat afkomstig is uit Oostenrijk. Daar zijn Smartflowers a; sinds december 2013 te koop. In Nederland is de Smartflower nog niet heel bekend in het straatbeeld. Dit systeem bestaat uit een aantal zonnepanelen die in waaiervorm of bloemvorm zijn aangebracht rondom een as die het hart van de bloem vormt. Uitgeklapt is de Smartflower ongeveer 6 meter hoog. De zonnepanelen die de bloem vormen hebben een totale oppervlakte van ongeveer 18 m². Aan dit hart in het midden van de bloem is een standaard bevestigd die geplaatst is op mobiel statief dat verankerd kan zijn aan de grond. De Smartflower kan compact worden opgevouwen in deze mobiele standaard.

Hoe werkt een Smartflower?
De zonnepanelen zijn verstelbaar rond twee assen en zijn altijd gericht op de zon omdat deze met de zon en het zonlicht meedraaien. Deze bijstelling gebeurd doormiddel van een gps-gestuurde bijstelling. Dat zorgt er voor dat de Smartflower ook bij bewolking zo goed mogelijk gericht is op de zon. De gps instelling zorgt er voor dat de positie van de zon door het systeem opgevraagd kan worden. Daardoor maakt het niet uit waar de Smartflower geplaatst is zolang er maar geen gebouwen of andere objecten een schaduw werpen op de zonnepanelen van deze ‘zonnebloem. De opbrengst van de Smartflower is vanwege de zongerichtheid ongeveer 40 procent hoger dan de opbrengst uit zonnepanelen die op daken zijn geplaatst en niet verplaatsbaar zijn. Deze vaste zonnepanelen vangen namelijk een bepaald gedeelte van de dag geen zonlicht of nauwelijks zonlicht. Het zonlicht wordt door de zonnepanelen omgezet in elektriciteit.

Een Smartflower kan op verschillende manieren ingeregeld worden. De Smartflower kan automatisch uitgeklapt worden. Als de zon achter de horizon verdwenen is kan de “zonnebloem” ook automatisch weer inklappen en verdwijnen in een box onder het statief. Deze kist of box kan zelfs volledig in de grond worden geplaatst waardoor de Smartflower feitelijk onder het maaiveld verdwijnt. Het in- en uitklappen van deze zonne-energiebloem kan ingeregeld worden op basis van tijd. Het is echter wel zo dat het inklappen en uitklappen van de Smartflower wel energie kost. Dat betekend dat het misschien beter is om de Smartflower uitgeklapt te houden.

Verschillende soorten Smartflowers
Het systeem van de Smartflower zoals dat hierboven is beschreven kent verschillende uitvoeringen. De volgende varianten zijn bekend:

  • Smartflower™ 32 dit is een basismodel dat wel in verschillende uitvoeringen beschikbaar is. Men zou deze naast het opwekken van elektrische energie ook kunnen gebruiken voor marketingdoeleinden. Zo kunnen bedrijven hun logo er op laten zetten om te laten zien hoe duurzaam, klimaatneutraal of CO2 neutraal ze zijn.
  • Smartflower™ POPe is een gewone Smartflower maar heeft wel een ingebouwd laadstation waarmee een elektrische auto of elektrische fiets direct van elektrische stroom kan worden voorzien.
  • Smartflower™ POP+. Deze elektrische Smartflower wekt elektrische energie op uit zonlicht maar heeft ook de mogelijkheid om de opgewekte energie op te slaan in litium accu’s. Deze Smartflower™ POP+ is ontwikkeld in samenwerking met het Nederlandse bedrijf Victron Energy. Doordat de elektrische energie kan worden opgeslagen in litium accu’s kan men de opgewekte elektriciteit ook s’avonds gebruiken wanneer de zon achter de horizon verdwenen is. Er zijn twee verschillende soorten Smartflower™ POP+. Zo is er de variant die 2,3 kwh kan opslaan. Als deze opslagruimte wordt overschreden wordt het overschot aan het net teruggegeven. Daarnaast is er de off-grid variant, die 4.6 kwh kan opslaan waardoor men eigenlijk niet meer gebruik hoeft te maken van een gewone standaard elektriciteitsvoorziening.

De ontwikkeling van zonnepanelen gaat steeds verder. Ook voor de Smartflower zullen in de toekomst vast nieuwe varianten worden bedacht en ontwikkelt. Dat zorgt er voor dat ook dit product steeds beter en een steeds groter rendement zal opleveren.

Wat is een energieverbruiksmanager?

Een energieverbruiksmanager is een apparaat of een applicatie (app) waarmee men op een display of digitaal op een smartphone, tablet of pc inzicht kan krijgen in het energieverbruik van een gebouw en de daarin aanwezige energieverbruikende apparaten en installaties. Met een energieverbruiksmanager kan men informatie inwinnen over het energieverbruik. Dit systeem is meestal gekoppeld aan een slimme meter of staat hiermee in contact. De meetgegevens van de slimme meter worden in de energieverbruiksmanager gevisualiseerd aan de gebruiker. De meterstanden die door de slimme meter worden geregistreerd worden vertaald in grafieken en tabellen. Dat maakt het voor mensen mogelijk om inzicht te krijgen in de momenten waarop veel of juist weinig energie wordt verbruikt in een bepaald gebouw.

Energieverbruik managen
Energieverbruiksmanagers zijn er in verschillende soorten. Zo zijn er fysieke kastjes maar er zijn ook digitale energieverbruiksmanagers zoals de eerder genoemde app of de programma’s die men kan bekijken op een tablet of op een pc. De programma’s kunnen heel uitgebreid zijn. Zo kan men in tabellen en grafieken een duidelijk beeld krijgen van het energieverbruik. Dit energieverbruik kan men dikwijls ook vergelijken met verschillende periodes die zijn geweest. Men kan het energieverbruik per dag inzichtelijk krijgen. Sommige dagen maakt men meer gebruik van bepaalde energieverslindende apparaten en dat heeft een effect op de meetresultaten die worden gemeten door de slimme meter. Deze meetgegevens worden vervolgens weer doorgestuurd naar de energieverbruiksmanager.

Op die manier kan men meer inzicht krijgen in het energieverbruik en kan met het energieverbruik ook gaan managen. Men kan dan namelijk bepalen welke apparaten veel of weinig energie verbruiken. Indien mogelijk kan men de installaties en apparaten die veel energie verbruiken gaan vervangen voor energiezuinige varianten. Op die manier kan men een woning meer klimaatneutraal of CO2 neutraal maken en bovendien besparen op de energielasten.

Slimme meter of energieverbruiksmanager?
Uit de alinea’s hiervoor komt al een beetje naar voren dat een slimme meter en een energieverbruiksmanager twee verschillende apparaten of systemen zijn. Dat is in de praktijk ook zo. Een slimme meter is altijd een fysiek meetinstrument dat dikwijls in de meterkast is geplaatst. Een slimme meter meet het gasverbruik en het elektriciteitsverbruik. Deze meetgegevens zijn in principe voldoende om aan een energieleverancier door te geven. Een slimme meter wordt ook gebruikt om te meten hoeveel energie wordt teruggeleverd op het elektriciteitsnet.

Alleen meetgegevens maken geen tendens inzichtelijk met betrekking tot het energieverbruik. Men kan dus met een slimme meter niet goed inzichtelijk krijgen in welke periode pieken en dalen in het energieverbruik zijn gemeten en welke ontwikkelingen hierin zijn geweest. Dergelijke ontwikkelingen kan men wel inzichtelijk krijgen met een energieverbruiksmanager. Een energieverbruiksmanager staat wel in contact met de slimme meter. Dat is noodzakelijk want de energieverbruiksmanager meet zelf het energieverbruik niet. Het apparaat of de app wordt alleen gebruikt voor het inzichtelijk maken van gegevens.

Wat is een slimme meter?

Een slimme meter is een digitale energiemeter waarmee kan worden bijgehouden hoeveel elektrische stroom of gas is verbruikt. De slimme meter is daardoor een nieuwe soort gasmeter en elektriciteitsmeter in één. Slimme meters zijn geschikt voor het registreren van een zogenaamd dubbeltarief. Daarnaast is een slimme meter ook uitgerust met speciale technologie waardoor deze meterstanden op een afstand kan doorsturen. Deze meters worden ook gebruikt om bij te houden hoeveel elektrische energie wordt terug geleverd op het energienet. Deze terug levering van elektrische energie vindt plaats bij woningen met zonnepanelen of andere systemen waarmee elektrische energie kan worden opgewekt.

Slimme meter is niet slim
Een slimme meter is niet slim in de letterlijke zin. Dit houdt in dat deze meters niet voorzien zijn van hoogwaardige kunstmatige intelligentie. In plaats daarvan is een slimme meter meer een meetinstrument voor de energiesector. Slimme meters zijn echter wel uitgerust met een geheugen waarmee ze het energieverbruik van een gebouw digitaal kunnen opslaan. Dit geheugen is geplaatst in de elektriciteitsmeter. In deze meter worden de elektriciteitsmeterstanden én gasmetersstanden opgeslagen. Dit betekent dat de gasmeter is verbonden met de elektriciteitsmeter.

Naast deze mogelijkheid om gegevens op te slaan is deze energiemeter ook een communicatiesysteem omdat hiermee de meterstanden automatisch naar een energieleverancier kunnen worden gestuurd. Woningeigenaren kunnen echter ook zelf hun energieverbruik doormiddel van een slimme meter in kaart brengen. Daarvoor moet men echter wel een zogenaamde slimme thermostaat met display hebben, een energieverbruiksmanager of een speciale energieverbruik-app.

Dubbeltarief
Zoals hiervoor genoemd kunnen slimme meters worden gebruikt voor de registratie van een enkeltarief en een dubbeltarief. Bij een dubbeltarief is er sprake van een piek en een dal in de tariefopname. Dit is meestal gekoppeld aan een lager tarief gedurende de nacht en een hoger tarief gedurende de dag. Het wordt ook wel een hoog-laag tarief genoemd. De energieleverancier brengt dan twee verschillende tarieven in rekening bij de energieafnemer. Een slimme meter maakt deze gegevens inzichtelijk voor de energiegebruiker en is daardoor een interessant meetinstrument.

Energie terugleveren
Het terugleveren van energie op het energienet wordt een steeds belangrijker onderwerp in de energiesector. Er worden in Nederland steeds meer energiezuinig en CO2 neutrale woningen gebouwd. Hierbij kun je denken aan het type nulwoning of een passiefhuis. Deze woningen gebruiken een groot deel van het jaar niet of nauwelijks energie en kunnen daarom in bijvoorbeeld hele zonnige periodes meer zonne-energie opwekken dan nodig is voor het energieverbruik van de woning. Dit overschot aan energie kan worden teruggeleverd aan het energienet. Niet alleen een passiefhuis of nulwoning kan een energieoverschot hebben.

Ook andere woningen en utiliteit kunnen terugleveren op het energienet. Een slimme meter is daarbij een handig instrument waarmee de teruglevering van energie inzichtelijk wordt gemaakt. Het is belangrijk dat de slimme meter goed werkt omdat energie geld kost en geld oplevert. Door gebruik te maken van een slimme meter kan de energieleverancier zien hoeveel energie daadwerkelijk is afgenomen. Daarvoor kan de energieleverancier de hoeveelheid afgenomen energie in mindering brengen op de hoeveelheid geleverde energie. In de meeste gevallen zal men meer energie afnemen dan terugleveren maar bij een nulwoning of passiefhuis is dat niet altijd het geval.

Energieverbruiksmanager
Het meten van de energieafname is slechts één aspect van energiemanagement. Iemand die echt goed inzicht wil krijgen in het energieverbruik van een gebouw of woning zal een energieverbruiksmanager moeten aanschaffen. Een energieverbruiksmanager geeft inzage in het energieverbruik. Een energieverbruiksmanager bestaat meestal uit een los kastje dat wordt aangesloten op de elektriciteitsmeter en zorgt voor meer informatie over het daadwerkelijke gebruik van gas en elektriciteit. De aansluiting van de energieverbruiksmanager kan rechtstreeks worden gedaan. Dan blijven de gegevens binnen de woning. Voor een dergelijke aansluiting kan men gebruik maken van de zogenaamde P1-poort die inde slimme meter aanwezig is.

Veel energieverbruiksmanagers werken met een softwaresysteem zoals een app. Een energieverbruiksmanager zou je daardoor kunnen rekenen tot domotica of in een bepaalde mate tot internet of things. Toch is de communicatie vanuit een energieverbruiksmanager wel eenzijdig. Men kan een energieverbruiksmanager dus niet programmeren om alle energieverbruikende installaties aan te sturen zodat meer of minder energie wordt verbruikt.

Gegevens van een slimme meter raadplegen

Slimme meters zijn een informatiebron met betrekking tot het energieverbruik van een woning of ander gebouw bijvoorbeeld utiliteit. Het is natuurlijk belangrijk dat men de meetgegevens kan uitlezen. Natuurlijk worden meetgegevens door computersystemen geregistreerd en verwerkt. De taal van computers is echter anders dan de taal van mensen. Daarom wordt gebruik gemaakt van een interface. Deze interface is meestal een display die voorzien is van een paneel met knoppen.

Door de knoppen op de interface kan een mens gegevens opvragen en als het ware communiceren met in dit geval de slimme meter. Men kan doormiddel van een stekker een display in contact brengen met de slimme meter. De display en het bijbehorende kastje is in dit geval de energieverbruiksmanager die ook in de vorige alinea werd benoemd. De energieverbruiksmanager geeft een beter inzicht in het daadwerkelijke energieverbruik van de woning. Een slimme meter kan ook draadloos gegevens doorsturen naar bijvoorbeeld een app op een smartphone of richting een energieleverancier. Uiteraard zal men wel toestemming moeten geven aan een energieleverancier voordat een dergelijke draadloze verbinding tot stand wordt gebracht.

Energietransitie kost ongeveer 5 miljard vanaf 2017 tot 2030

Nederland is nog voor een groot deel afhankelijk van (Gronings) aardgas als belangrijkste warmtebron. Het Groningse aardgas is echter laagcalorisch aardgas en de installatie die daarop aangesloten zijn kunnen niet zomaar worden omgezet naar het gebruik en verbruik van buitenlands hoogcalorisch aardgas. In Groningen gaat de gaskraan echter steeds verder dicht en dat zorgt er voor dat men langzaam maar zeker de conclusie trekt dat er een energietransitie moet plaatsvinden van aardgas naar een andere verwarmingsbron zoals stadsverwarming, blokverwarming of het gebruik van aardwarmte.

Elektriciteit en energietransitie
Ook op het gebied van elektriciteit moet een energietransitie plaatvinden en zal men afscheid moeten nemen van kolencentrales en gascentrales die verhoudingsgewijs veen CO2 uitstoten. In plaats daarvan moeten windmolenparken en zonnepanelen elektriciteit opwekken uit windkracht en zonlicht. Op dit moment zijn deze voorzieningen onvoldoende aanwezig om in de energiebehoefte van Nederlandse huishoudens en bedrijven te voorzien. De regering heeft daarom een regeringsbeleid geformuleerd met een duidelijke focus op energietransitie en energiebesparing. Dit brengt echter wel kosten met zich mee.

Kosten Nederlandse klimaatbeleid
Het zogenaamde klimaatbeleid van Nederland is gericht op het verduurzamen van de energievoorziening en het reduceren van de CO2 emissie. Zo wil het kabinet dat in 2030 de helft minder CO2 wordt uitgestoten in Nederland. Er vloeien echter kosten voort uit dit regeringsbeleid. Het spreekt voor zich dat he afbouwen van de fossiele energieopwekking en het tevens opbouwen van een duurzame energievoorziening veel investeringen vereist. Er zullen windmolenparken aangelegd moeten worden op zee. Daarnaast zullen ook apparaten zuiniger moeten worden gemaakt en zullen ook woningen en gebouwen energiezuiniger moeten worden.

Dat gaat vaak ook gepaard met woningautomatisering, domotica en gebouwbeheersystemen. Ook productieprocessen in de chemie zullen meer lean moeten worden zodat er bespaard wordt op afval en emissie. Lean management en maatschappelijk verantwoord ondernemen staan al bij veel bedrijven centraal in de bedrijfsvoering echter zullen ook veel gezinnen en huishoudens maatschappelijk verantwoord moeten omgaan met energie en afval. Nederland zal volgens het Planbureau voor de Leefomgeving in 2030 ongeveer tussen de 5 en 6 miljard euro extra uitgeven aan klimaatmaatregelen.

VEH: btw terugvragen over zonnepanelen die voor 2013 zijn gekocht

Belangenorganisatie Vereniging Eigen Huis (VEH) heeft aangegeven dat huiseigenaren btw kunnen terugvragen wanneer ze zonnepanelen hebben aangekocht voor 20 juni 2013. De VEH deed de oproep naar aanleiding van een uitspraak van de Hoge Raad. Deze uitspraak werd afgelopen vrijdag gedaan. De uitspraak van de Hoge Raad zorgde er voor dat de Vereniging Eigen Huis denkt dat mensen die voor 20 juni 2013 zonnepanelen hebben aangeschaft mogelijk nog in aanmerking voor een teruggaaf van btw. Volgens de vereniging zullen de mensen die de zonnepanelen echt in de periode hebben aangeschaft voor 1 januari 2018 bij de Belastingdienst een verzoek moeten indienen. Gemiddeld zouden mensen die zonnepanelen in die periode hebben laten installeren door de btw-teruggave een paar honderd euro aan btw terug kunnen vorderen volgens VEH.

Btw teruggave over zonnepanelen
De Vereniging Eigen Huis geeft aan: “De Belastingdienst heeft Vereniging Eigen Huis toegezegd in elk geval de verzoeken tot teruggave van mensen die vanaf 1 januari 2012 zonnepanelen hebben gekocht in behandeling te nemen”. De vereniging geeft aan dat het nog onduidelijk is hoe de fiscus zal omgaan met de btw over zonnepanelen die voor deze datum zijn aangeschaft. Het Hof van Justitie van de Europese Unie had in de zomer van 2013 een uitspraak gedaan die van groot belang is voor de btw-teruggave. Uit deze uitspreek kwam namelijk naar voren dat particulieren die zonnepanelen zouden aanschaffen onder een aantal voorwaarden als btw-ondernemer kunnen worden beschouwd. Als dat het geval is kunnen deze particulieren de btw op de aanschaf en installatie van zonnepanelen terugvragen bij de Belastingdienst.

Uitspraak van de rechter over btw-teruggave zonnepanelen
In Nederland had de toenmalige staatssecretaris van Financiën Frans Weekers mensen die na 20 juni 2013 zonnepanelen hebben gekocht een uiterste termijn gesteld voor de teruggave van de btw. Veel mensen hebben de btw dus toen al teruggevraagd. Daarvoor moesten deze mensen binnen vijf jaar na het kalenderjaar van de aanschaf van de zonnepanelen hun aanvraag voor de btw-teruggave bij de belastingdienst indienen. Vrijdag heeft de Hoge Raad echter aangegeven dat er geen wettelijke termijn is opgenomen. Consumenten die eerder zonnepanelen hebben aangeschaft zouden door deze uitspraak mogelijk ook in aanmerking komen voor een teruggaaf van de btw.

 

Veilig werken met een ladder

Een ladder in gereedschap om mee te klimmen en bestaat uit twee stijlen met daartussen een aantal dwarsregels die ook wel sporten worden genoemd. Er zijn verschillende soorten ladders de werknemers op de bouw en in de techniek gebruiken. We noemen een aantal voorbeelden:

  • De enkele ladder deze bestaat uit één deel en kan niet verlengd worden.
  • De opsteekladder is een ladder waarbij men 2 ladderdelen of 3 ladderdelen uit elkaar kan schuiven. Dit kan men tot de gewenste werkhoogte is bereikt. De opsteekladder bevat haken aan de ladderdelen waarmee deze vastgeklemd kunnen worden aan de rest van de ladder zodat een stevig geheel ontstaat. Opsteekladders worden alleen tegen een gevel gebruikt.
  • Reformladders lijken op opsteeklassers alleen hebben reformladders een stabiliteitsbalk en een soort scharnierpunt. Daardoor kan deze ladder worden opengeklapt. Een ketting of veiligheidsband zorgt er voor dat de ladder niet verder openklapt kan worden dan een bepaald punt. Een reformladder hoeft in tegenstelling tot een opsteekladder niet beslist tegen een object aan te worden geplaatst en kan uit zichzelf staan.

Het gebruik van ladders
Hoewel er verschillende soorten ladders bestaan is de Arbowetgeving toch duidelijk over het gebruik er van. De Arbowet wil het gebruik van ladders namelijk zoveel mogelijk beperken. Het gebruik van ladders brengt namelijk meer risico’s met zich mee dan het gebruik van een steiger of hoogwerker. Daarom is het gebruik van een ladder niet toegestaan als er op een werkplek een ander arbeidsmiddel aanwezig is waarmee men op hoogte kan werken. Het is echter niet altijd mogelijk om een steiger te plaatsen bijvoorbeeld omdat er te weinig ruimte is. In dat geval kan de werkgever na beoordeling van de werksituatie besluiten om een ladder in te zetten als klimgereedschap.

Ladders zijn in tegenstelling tot een hoogwerker of een steiger geen stabiele constructies. Ook als men de ladder stevig neerzet is het niet te vergelijken met een steiger. Dit komt onder andere omdat de sporten vrij smal zijn en omdat een werknemer zichzelf altijd met minimaal één hand moet vasthouden aan de ladder en dus nauwelijks bewegingsvrijheid heeft. Daarnaast moet een werknemer ook zijn of haar balans houden op de ladder en kunnen er niet of nauwelijks gereedschappen worden meegenomen op een ladder. Als men dat wel doet wordt het werken op een ladder alleen maar onveiliger. Om deze redenen is een ladder geen werkplek maar een klimgereedschap om bij een werkplek te komen.

Keuren van ladders
Het gebruik van ladders brengt risico’s met zich mee. Deze risico’s zijn verbonden aan het gebruik van de ladders men moet er echter zeker van zijn dat de ladder veilig is en geen (technische) mankementen bevat. Als een ladder mankementen bevat is het gebruik van een ladder nog gevaarlijker en daarom is het verboden om een kapotte ladder te gebruiken. Ladders dienen voordat men deze klimgereedschappen gebruikt gecontroleerd te worden. Het is wettelijk verplicht om ladders ieder jaar te laten keuren. Dit houdt in dat een ladder jaarlijks geïnspecteerd worden. Dit gebeurd aan de hand van een inspectielijst.

Veilig gebruiken van een ladder
Gebruik allereerst alleen ladders die gekeurd zijn en die geen beschadigingen bevatten die de constructieve stevigheid van de ladder in gevaar brengen. bovendien is het van belang dat de ladder schoon is. Hiermee wordt niet bedoelt dat de ladder er altijd als nieuw moet uitzien maar dat de ladder geen vet of klodders cement moet bevatten omdat men daarover kan uitglijden. Naast deze tips die men zelf eenvoudig kan uitvoeren doormiddel van een controle zijn er nog een aantal belangrijke tips voor het veilig werken met een ladder. Deze tips staan in de alinea’s hieronder.

Tips voor he plaatsen van een ladder
Het neerzetten van een ladder wordt helaas nog vaak te vlug gedaan. Men heeft de focus op het werk dat gedaan moet worden en zet de ladder zo snel mogelijk op de grond om vervolgens snel op de ladder te klimmen. Dat is niet alleen onverstandig het is ook nog gevaarlijk. Ze een ladder daarom zorgvuldig neer en let daarbij op de volgende punten:

  • Ze de ladder neer op een harde ondergrond dus geen zachte drassige ondergrond waarin de ladder kan wegzakken.
  • Plaats de ladder tegen een stevige constructie dus niet tegen een buigzame, flexibele dakgoot.
  • Brog de ladder tegen omvallen door een ladderstopper te gebruiken.
  • In een fabriek mag de maximale lengte van een lader 7 meter zijn.
  • Zorg er voor dat de ramen en deuren waar de ladder voor geplaatst is niet open kunnen.
  • Tegen een buitengevel mag een ladder maximaal tien meter lang zijn.
  • Plaats de ladder onder een hoek van 75 graden.
  • Een ladder moet geplaatst worden met een minimale overlengte van 1 meter. Dit houdt in dat de ladder minimaal 1 meter moet uitsteken over de dakrand.
  • Zorg dat de ladder minimaal 2,5 meter maar liever 3 meter uit de buurt staat van geïsoleerde delen die onder spanning staan.
  • Zorg er voor dat er voldoende ruimte is om op de ladder te komen en om er af te komen.

Tips voor het gebruik van de ladder
Het contoleren van de ladder en het plaatsen daarvan zijn belangrijke aspecten waarmee je het veilig werken met een ladder kunt bevorderen. Uiteraard moet je ook veilig werken met een ladder daarvoor volgen hieronder een aantal tips:

  • Gebruik alleen een ladder als er geen andere veiliger klimgereedschappen zijn.
  • Gebruik nooit een ladder boven windkracht 6!
  • Ga nooit met meer dan 1 persoon op een ladder staan.
  • Verplaats de ladder als je ergens niet bij kunt, ga nooit reiken omdat je dan uit balans kunt raken.
  • Als je toch moet reiken zorg er dan voor dat je niet verder reikt dan 1 armlengte en dat je daarbij de voeten op de ladder houd en met je andere hand de ladder stevig beethoudt.
  • Draag geen gladde schoenen maar schoen met een goed en schoon profiel zodat je niet kunt uitglijden op de sporten.
  • Je mag niet langer dan twee uur op een ladder werken.
  • Onderhoud de ladder goed en houdt deze schoon.
  • Klim altijd met je gezicht naar de lader toe.
  • Ook bij het naar beneden klimmen houd je het gezicht of de buik in de richting van de ladder.
  • Zorg er voor dat je altijd drie contactpunten hebt met een ladder bijvoorbeeld 2 voeten en 1 hand.

Wat is werken op hoogte?

Werken op hoogte is het uitvoeren van werkzaamheden op een hoogte van 2,50 meter of meer. In de Arbowet is vastgelegd dat werkzaamheden die vanaf een hoogte van 2,50 op meer worden uitgevoerd werkzaamheden op hoogte zijn. Werkzaamheden die worden uitgevoerd op daken vallen over het algemeen onder werk op hoogte. Men kan hierbij denken aan het plaatsen van zonnepanelen op daken. Daarnaast zijn er ook andere werkzaamheden die op daken uitgevoerd worden zoals het aanbrengen van dakbedekking. Ook aan de zijkant van een constructie of gebouw kunnen werkzaamheden op hoogte worden verricht. In de techniek en bouw voeren werknemers dagelijks werkzaamheden op hoogte uit. Daarom is het belangrijk om bij de gevaren van werken op hoogte stil te staan en daarbij te kijken wat men kan doen om de risico’s van werken op hoogte te beperken en te beheersen.

Valgevaar
Bij het werken op deze hoogte kan sprake zijn van een valgevaar. Als dat het geval is zal een bedrijf er alles aan moeten doen om de werkplek veilig te maken en de kans op vallen weg te nemen. Dit houdt in dat een bedrijf verschillende maatregelen zal moeten treffen. Een bedrijf heeft daarbij de keuze uit een aantal opties zoals een veilige: stijger, bordes of werkvloer. Daarnaast zijn het aanbrengen van stevige leuningen en het gebruik van valbeveiliging in de vorm van een harnas en valgordels belangrijke op het risico op vallen te beperken.

Risico Inventarisatie en Evaluatie
Bedrijven dienen in hun Risico Inventarisatie en Evaluatie ook de risico’s met betrekking tot het werken op hoogte te beschrijven. Het belangrijkste risico is het valgevaar oftewel het vallen van hoogte. Een ander risico is het vallen door een opening in de werkvloer of dak. Men kan daarnaast ook getroffen worden door vallend voorwerp. Verder zorgt het werken op hoogte mogelijk voor een langere en moeilijker vluchtweg in geval van calamiteiten. Al deze aspecten dienen te worden genoteerd in een Risico Inventarisatie en Evaluatie.

Veilig werken op hoogte: daken
In de inleiding werd aangegeven dat er verschillende situaties zijn waarop werknemers kunnen werken op hoogte. Het gaat te ver om alle arbeidsomstandigheden en werksituaties te benoemen van werken op hoogte. Daarom beperken we ons hier tot het benoemen van veiligheidsmaatregelen die bedrijven zullen moeten treffen als werknemers op hoogte werken op zowel hellende als platte daken. De volgende veiligheidsrichtlijnen vormen belangrijke basisrichtlijnen:

  • Loop niet op daken die niet stevig genoeg zijn om het gewicht van een menselijk lichaam te dragen. Indien wel over deze daken gelopen moet worden zal men deze daken eerst moeten verstevigen doormiddel van bijvoorbeeld loopplanken. Deze loopplanken zullen bij de dragers van het dak moeten worden geplaatst. De planken zullen op maximaal veertig centimeter afstand van elkaar aangebracht moeten worden. Vanaf de ladder of trap dient in ieder geval één van deze loopplanken rechtstreeks kunnen worden bereikt.
  • Er dient een deugdelijke, stevige valbeveiliging te worden aangebracht rondom de werkplek als deze op 2,50 meter hoogte of hoger is. Deze beveilig kan er op verschillende manieren worden gerealiseerd. Een veilige constructie is het plaatsen van dakrandbeveiliging. Dit zijn stevig bevestigde hekwerken met een hoogte van minimaal 1 meter en zijn geplaatst rondom de randen van het dak. Een andere optie is het plaatsen van speciale steigers die hekwerken bevatten of relingen. Daarnaast kan men ook veilige hoogwerkers gebruiken.
  • Weersomstandigheden vormen een factor waar zeker rekening mee moet worden gehouden. Denk hierbij aan regen, wind, sneeuw en vorst. Door een hoge windkracht kan men van het dak worden afgeblazen of uit balans worden gebracht. Vorst en sneeuw kan ook zorgen voor gladheid met alle mogelijke gevaren van dien.
  • Openingen in het dak dienen zo snel mogelijk professioneel te worden gerepareerd of te worden afgezet op een goede manier zodat niemand in de gaten en openingen kan vallen.
  • Het werken met een railsysteem met vanggordel of een veiligheidsharnas wordt ook vaak gedaan. Hierbij draagt de werknemer een speciaal harnas met een kabel er aan vast zodat de werknemer als hij of zij ten val komt niet verder kan vallen dan de lengte van de kabel. Een veiligheidsharnas wordt in de praktijk meestal in combinatie met andere veiligheidsmaatregelen genomen.
  • Zorg er voor dat het dak zo netjes mogelijk en schoon mogelijk wordt gehouden. Met andere woorden laat geen materialen en gereedschappen op het dak liggen zodat struikelen, uitglijden en verstappen wordt voorkomen.

Wat is energietransitie?

Energietransitie is het geheel van inspanningen dat wordt verricht om van het gebruik van een bepaalde energiebron over te gaan op het gebruik van een andere energiebron. Deze definitie heeft schrijver Pieter Geertsma, van technischwerken.nl, geformuleerd om de betekenis het woord energietransitie te verduidelijken. Als men het heeft over energietransitie dan heeft men het meestal over de omschakeling van een milieubelastende energiebron naar een minder milieubelastende energiebron. Het vervangen van fossiele brandstoffen door brandstoffen waarbij minder CO2 uitgestoten wordt rekent men over het algemeen ook tot energietransitie.

Doel van energietransitie
Het doel van de energietransitie is het omschakelen van een milieubelastende energiebron naar een energievoorziening waarbij minder CO2 wordt uitgestoten zonder dat daarbij de energievoorziening in gevaar komt. Energietransitie houdt dus niet per definitie in dat er minder energie wordt verbruikt. Het gaat puur om het gebruiken van een andere, milieuvriendelijker energiebron. Duurzame energiebronnen worden ook wel groene energiebronnen genoemd of hernieuwbare energiebronnen. Dit zijn bijvoorbeeld technische voorzieningen waarmee elektrische energie uit zonlicht of windkracht kan worden gehaald. Ook zijn er warmtepompen, aardwarmte en voorzieningen voor koude en warmteopslag die er voor zorgen dat woningen en utiliteitscomplexen op de juiste temperatuur kunnen worden gebracht zonder dat er brandstoffen worden gebruikt. De energietransitie bevorderd het gebruik van moderne technologie waarmee energie kan worden gewonnen uit onuitputbare bronnen die in de natuur aanwezig zijn.

Noodzaak van energietransitie
Duurzame energievoorzieningen worden steeds belangrijker voor bedrijven, overheden en particulieren omdat de klimaatakkoorden een steeds verplichtender karakter krijgen. De opwarming van de aarde is een feit dat doormiddel van verschillende onderzoeken is aangetoond en onderbouwd. Het verbranden van fossiele brandstoffen zoals steenkool, bruinkool, aardolie en in mindere mate aardgas zorgt voor veel CO2 uitstoot. Dit is een broeikasgas dat de opwarming van de aarde in de hand werkt. Dit broeikasgas zorgt er voor dat grote delen van de wereld verdrogen en de poolkappen smelten. Daardoor ontstaan grote problemen in de wereld. De CO2 uitstoot moet omlaag en daarom is energietransitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energiebronnen noodzakelijk.

Wat is een zonnetoren?

Een zonnetoren is een constructie in de vorm van een toren die wordt gebruikt om energie op te wekken. Men maakt hierbij gebruik van zonne-energie. Het idee van de zonnetoren is afkomstig door de Duitse ingenieur Jörg Schlaich. Een zonnetoren behoort bij de technische installaties die worden gebruikt voor het opwekken van duurzame energie of hernieuwbare energie.

Men heeft het hierbij ook over zonne-energie. In plaats van een zonnepaneel wordt in een zonnetoren de energie uit het zonlicht echter niet in panelen omgezet in elektriciteit. De door het zonlicht verwarmde lucht wordt namelijk niet door zonnecellen in elektriciteit omgezet maar wordt gebruikt om turbines aan te drijven.

Hoe ziet een zonnetoren er uit?
Een zonnetoren bestaat uit een torenvormige constructie. Dit is een grote pijp die aan de voet is bevestigd op een groot cirkelvormige dak. Het dak is doorzichtig en gemaakt van een materiaal dat zoveel mogelijk zonlicht doorlaat. Het doorlaten van het zonlicht is van groot belang. Tussen dit dak en de grond is een opslagruimte voor lucht. De zon schijnt door het dak heen en verwarmd de lucht onder dit dak waardoor de warme lucht gaat opstijgen. De rand van het dak is open waardoor nieuwe lucht onder het dak kan terechtkomen.

In het midden van het cirkelvormige dak staat een verticale pijp of toren. Aan de onderkant van deze toren is de doorsnee breed maar de doorsnede wordt na deze brede basis nauwer. De door de zon verwarmde lucht stijgt op door de zogenaamde trek die ook wel het schoorsteeneffect wordt genoemd. De trek zorgt er voor dat er weer meer lucht wordt aangezogen onder de randen van de cirkelvormige dak. Op die manier ontstaat een continue proces waarbij doormiddel van trek warme lucht wordt aangetrokken en door de zonnetoren naar buiten wordt getransporteerd. Dit proces komt echter tot stilstand zodra het buiten donker wordt en het zonlicht de cirkelvormige zonnecollector niet meer raakt.

Men kan dit echter oplossen door onder het zonnedak ruimtes, buizen of zakken te plaatsen die men vult met water. Als men zwarte waterzakken gebruikt zal het volume van het water in de zakken gelijk zijn aan een laag van 5 tot 10 cm water over de bodem van de gehele opslagruimte. De hoeveelheid water die men wil opwarmen is afhankelijk van de hoeveelheid vermogen die de zonnetoren moet leveren gedurende de nacht. Overdag wordt het water in de zakken of buizen door de zon verwarmd. Het verwarmde water kan dan als het donker wordt warmte afgeven. Door dit te doen kan men ook als het donker wordt gebruik maken van zonnewarmte.

Hoe werkt een zonnetoren?
De door zonnewarmte verwarmde lucht verplaatst zich richting de toren doordat warme lucht opstijgt. De druk van deze warme lucht stroomt door turbines. Deze turbines zetten de druk van de verwarmde lucht om in elektrische energie. Zo wordt mechanische energie omgezet in elektrische energie. Er is een tijd terug een prototype van een zonnetoren in Spanje gebouwd. Dit leverde positieve resultaten op. 

Duurzaam ondernemen een must of een keuze?

Duurzaamheid is een begrip geworden. Met zou het wel een containerbegrip kunnen noemen. Onder duurzaamheid kan men veel aspecten plaatsen. Men kan bij duurzaamheid denken aan de levensduur van producten maar ook aan energieverbruik en het gebruik van grondstoffen zoals fossiele brandstoffen die op kunnen raken. Duurzaam ondernemen lijkt een keuze, een keuze voor ondernemers en voor particulieren,  maar langzamerhand komen we er achter dat het streven naar duurzaamheid al lang geen keuze meer is. Duurzaam ondernemen is een must.

Duurzaam ondernemen een kwestie van moeten

Ondernemers moeten tegenwoordig wel duurzaam ondernemen. Men noemt dit ook wel maatschappelijk verantwoord ondernemen, oftewel MVO. Klanten willen tegenwoordig met een goed gevoel de winkel uitlopen als het gast om de milieuvriendelijkheid van een product. Bovendien zijn veel potentiële kopers bereid om meer te betalen voor producten met een gunstige uitslag op het energielabel. Dat geldt niet alleen voor elektrische producten en auto’s.  Ook woningen zijn al geruime tijd voorzien van een verplicht definitief energielabel.

Mensen die een woning verkopen of verhuren moeten verplicht een definitief energielabel aanvragen bij de Rijksoverheid. Ook bouwbedrijven moeten voldoen aan strenge richtlijnen op het gebied van de energiezuinigheid van woningen. Ingenieurs, constructeurs en andere hoogopgeleide technici bedenken voortdurend verbeteringen op het gebied van het winnen van duurzame energie uit zonlicht, windkracht en aardwarmte. Zelfs uit mestvergisting haalt men energie en er zullen vast nog meer creatieve ideeën komen. Men moet wel, de Europese richtlijnen op het gebied van CO2 reductie zijn streng. Het broeikaseffect moet worden aangepakt om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Men kiest niet meer voor verduurzamen men doet het uit plichtsbesef voor zichzelf en de komende generaties.

 

Waarop let een deskundige bij het uitgeven van een energielabel voor woningen?

Bovenstaande vraag is belangrijk wanneer men een woning gaat verkopen of verhuren. In Nederland is men namelijk verplicht om een energielabel aan te vragen bij de Rijksoverheid als een woning wordt verkocht of verhuurd. De koper of huurder krijgt doormiddel van een energielabel duidelijkheid over de energiezuinigheid van de desbetreffende woning. Deze informatie is belangrijk als men een goede keuze wil maken voor een woning waarvan de energielasten (gas en elektra) laag zijn.

Energiezuinigheid belangrijk
Bijna dagelijks zijn er berichten in het nieuws over energiezuinigheid, duurzaamheid en alle wetten en regels die daaraan verbonden zijn. Mensen en bedrijven zijn zich steeds meer bewust van de verantwoordelijkheid die ze dragen voor hun omgeving en het milieu. Daarnaast zijn mensen zich ook bewust van de financiële kosten die energieverspilling met zich meebrengt. Daarom willen veel mensen energiezuiniger leven. Kortom, ze willen efficiënter met energie omgaan. Het meeste energie verbruikt een mens echter in een woning door het verstoken van gas en het verbruik van elektriciteit. Het is daarom geen wonder dat men in woningen voortdurend nieuwe technieken toepast en verbouwingen uitvoert om de energiezuinigheid te bevorderen. Niet alle investeringen zijn echter even effectief daarom moet men voor de verbouwing veel informatie inwinnen over het effect van de verbouwing op de energielasten van de woning.

Waarop wordt gelet bij een energielabel voor woningen?
Een woningeigenaar kan via de Rijksoverheid digitaal een aanvraag doen voor een energielabel. Bij deze aanvraag dient men ook aan te geven welke deskundigen de controle mogen uitvoeren op de energiebesparende maatregelen en verbouwingen die in de woning zijn gedaan. De experts of deskundigen dienen zogenoemde ‘bewijzen’ te ontvangen van de energiebesparende maatregelen die in de woning zijn getroffen. Er kunnen maximaal 10 belangrijke maatregelen worden aangegeven door de indiener van de aanvraag voor een energielabel.

Op de volgende aspecten let de deskundige:

  • Leidingen en de isolatie van (verwarming) leidingen.
  • Luchtspouw tussen de muren.
  • CV-ketel (CR, VR, HR).
  • Isolatie van de vloer.
  • Isolatie van het dak.
  • Isolatie van de muren, gevel.
  • HR-beglazing (bijv. HR+-glas of HR++-glas).
  • WTW (warmtapwaterbereiding)
  • Warmtepomp.
  • Zonnepanelen.
  • Zonneboiler.
  • Kierdichtheid.
  • Type kozijnen.
  • Circulatieleiding
  • Rc-waarde, U-waarde, ZTA-waarde

Van al deze verschillende aspecten wordt een totaaloordeel gegeven. Dit totaaloordeel bepaald de aanduiding op het definitieve energielabel van de desbetreffende woning. De aanduiding van dit energielabel loopt op van A (het meest energiezuinig) tot G (het meest energieverslindend).

Wat is grijze energie of grijze stroom?

Elektrische stroom is kleurloos, men kan niet zeggen dat de stroom van elektronen een bepaalde kleur heeft. Daarnaast kan men al helemaal niet zeggen dat er sprake is van verschillende kleuren van elektronenstromen. Ondanks dit feit heeft men het in de praktijk vaak over groene stroom en grijze stroom. Over groene stroom is vrij veel informatie te vinden over grijze stroom is minder te vinden op internet. Dit komt omdat groene stroom populair is. Grijze stroom is minder populair en dat heeft voor een deel ook te maken met de benaming. Grijs klinkt nu eenmaal minder populair als groen. Groen wordt gezien als kleur van de verjonging en jeugdigheid. Grijs is de kleur van verouderd of gedateerd. Eigenlijk is dit ook het geval bij de kleuraanduiding voor groene en grijze stroom.

Groene stroom
Groene stroom is de laatste jaren veel in het nieuws. Bij groene stroom hebben veel mensen een duidelijk beeld. Men denkt aan duurzame energie die wordt gewonnen doormiddel van windturbines of de zonnecellen in zonnepanelen. Bij deze energie wordt er gebruik gemaakt van elementen die reeds in de natuur aanwezig zijn zoals zonlicht en windkracht. Ook waterkracht is een bron waaruit men elektrische energie kan winnen. Daarvoor zijn echter wel bepaalde technische voorzieningen nodig die in gebruik misschien niet heel milieubelastend zijn maar wel in de bouw en productie daarvan. Groene energie is vaak duurder dan grijze energie omdat er meer voorzieningen voor nodig zijn. Voordeel van groene energie is dat deze energie duurzaam is en nooit opraakt. Immers zo lang de wind waait, het water stroomt en de zon schijnt kan men energie winnen uit deze elementen en weersinvloeden.

Grijze energie
In tegenstelling tot groene energie worden bij grijze energie wel brandstoffen verbrand. Men heeft het daarbij over het algemeen over fossiele brandstoffen. Tegenwoordig worden echter ook wel houtpallets mee gestookt. Dit stoken gebeurd in kolencentrales. In een kolencentrale wordt voornamelijk steenkool verbrand. Hierdoor ontstaat een enorme hitte waarmee water wordt omgezet in stoom. De stoomdruk brengt turbines in beweging die zeer snel gaan draaien. Zo wordt elektrische energie opgewekt. Het winnen van deze energie is goed te controleren omdat men niet afhankelijk is van het weer. Een nadeel is echter dat de fossiele brandstoffen op den duur op raken. Daarnaast is de CO2 uitstoot van kolencentrales enorm. Daarom wordt grijze energie ook wel niet-duurzame energie of milieubelastende energie genoemd.

Toekomst van grijze energie
Grijze energie is altijd belangrijk geweest voor de energievoorziening van bedrijven en huishoudens. De laatste jaren investeert men echter steeds meer in duurzame energie en worden de grijze energiebronnen zelfs openlijk ter discussie gesteld. Men vraagt zich af of men nog wel fossiele brandstoffen moet gaan verstoken of dat men beter geheel over kan gaan op groene energie. Verschillende overheden zijn al in gesprek met de eigenaren van kolencentrales om te kijken of de kolencentrales geheel gesloten kunnen worden. Vanuit de hele wereld is dit nu bespreekbaar geworden. Toch kan men nog geen duidelijk antwoord geven op de vraag hoe men elektrische energie voor veel afnemers kan opslaan voor het geval de windmolens tijdelijk onvoldoende elektrische energie produceren.