Pelletketel of een aardgasgestookte cv-ketel?

Pelletketels, biomassaketels en pelletkachels zijn relatief nieuw op de markt. De meeste mensen stoken anno 2017 nog met een gasgestookte cv-ketel hun huizen en gebouwen warm. Dit zal langzamerhand veranderen omdat een gasgestookte cv-ketel nogal wat CO2 uitstoot. Bovendien zorgen gasgestookte cv-installaties er voor dat huishoudens en bedrijven afhankelijk zijn en blijven van aardgas. Aardgas is een fossiele brandstof en die raakt op den duur op. Denk daarbij aan de Groningse gasvelden die langzamerhand leeg raken en waaruit de gasproductie is afgenomen vanwege het aardbevingsrisico in de regio waar de gaswinning wordt uitgevoerd. Dat zorgt er voor dat er minder laagcalorisch gas op de markt komt. Er moet naar andere verwarmingstechnieken worden gezocht en pelletketels en biomassaketels behoren tot de mogelijke oplossingen.

Aardgas of biomassa?
Nederland komt voor de keuze te staan, of ze kopen aardgas over de grenzen in of Nederland schakelt over op andere brandstoffen en verwarmingssystemen. Omdat aardgas uit het buitenland dikwijls hoogcalorisch aardgas is zullen verreweg de meeste gasverbruikende installaties moeten worden aangepast aan hoogcalorisch aardgas. Dat zorgt er voor dat de keuze voor een ander soort verwarmingsinstallatie langzaam maar zeker meer voor de hand komt te liggen. Als men kijkt naar een cv-installatie dan zou men deze installatie grotendeels in tact kunnen houden wanneer men in plaats van de aardgasgestookte cv-ketel een cv-ketel op biomassa gaat installeren. De meeste cv-ketels die biomassa verstoken zijn zogenaamde pelletketels.

Beschikbaarheid van houtpellets
Men moet echter rekening houden met het feit dat pelletketels en pelletkachels niet aangesloten zijn op een aardgasleidingnetwerk. Dit houdt in dat pelletketels voortdurend moeten worden voorzien van nieuwe houtpellets. Vooral pelletketels verstoken nogal wat houtpellets omdat deze ketels net zo als aardgasgestookte cv-ketels het leidingwater van een cv installatie moeten verwarmen. Men zal daarom voortdurend nieuwe pellets in het pelletreservoir moeten plaatsen. Van daaruit worden de houtpellets door een wormwiel gemalen richting het stookgedeelte van de pelletketel.

Omdat het logistiek nogal wat vereist om voortdurend nieuwe houtpellets aan te voeren aarzelen veel mensen om over te schakelen van een gasgestookte cv-ketel naar een pelletketel. Hier moeten structurele oplossingen voor worden bedacht en geboden. Uiteindelijk heeft een pelletketel een hoog rendement van rond de 85 procent. Dit houdt dat 85 procent van de energie uit houtpellets kan worden omgezet in warmte dit is zeer efficiënt en maakt het de moeite waard om goed na te denken over de logistieke problematiek rondom de beschikbaarheid van houtpellets of andere pellets van biomassa.

Werkloosheid eurozone op laagste niveau sinds januari 2009

Het gaat goed met de werkgelegenheid in de eurozone. Dit blijkt onder andere uit de daling in de werkloosheid. In de maand september 2017 is de werkloosheid in gebieden waar met de euro wordt betaald gedaald naar 8,9 procent. In de maand augustus was de werkloosheid nog 9 procent. De werkloosheid is nu dus weer iets gedaald. Volgens het Europees statistiekbureau Eurostat is de werkloosheid in de eurozone sinds januari 2009 niet zo laag geweest. In de eurozone kwam de werkloosheid onder jongeren uit op 2,6 miljoen.

Verschillende economen hadden verwacht dat de werkloosheid op 9 procent zou blijven staan. Deze economen zijn door deze kleine daling positief verast. Eurostat heeft berekend dat er in de maand september in totaal 14,5 miljoen mensen werkloos waren in de eurolanden. Als men de werkloosheidcijfers van allen landen van de hele Europese Unie meeneemt in het bepalen van de werkloosheidscijfers dan komt men op een gemiddelde van 7,5 procent. In de gehele Europese Unie zijn meer dan 18,4 miljoen werklozen aanwezig.

In de landen Spanje en Griekenland is de werkloosheid nog altijd het hoogste. In Nederland is de werkloosheid volgens Eurostat nog ongeveer 4,7 procent. Dat percentage is precies hetzelfde als het percentage van de augustus.

Wagenpark Nederland vergrijst in 2017

Cijfers van het ING tonen aan dat Nederlandse automarkt langzaam maar zeker vergrijst. Gemiddeld is de leeftijd van alle auto’s in Nederland rondrijden gestegen in de periode tussen 2007 en 2016. In 2007 was de gemiddelde leeftijd van auto’s op Nederlandse wegen nog 8,5 jaar maar dit kwam in 2016 uit op 10,2 jaar. De cijfers over de leeftijd van het wagenpark van Nederland werden dinsdag 31 oktober 2017 gepubliceerd door ING.

Occasions en nieuwe auto’s
Het rapport van ING maakt duidelijk dat er ieder jaar in Nederland vijf keer zoveel occasions worden verkocht ten opzichte van het aantal nieuwe auto’s dat verkocht word. In 2007 werden in Nederland ongeveer 505.000 nieuwe personenauto’s verkocht. In datzelfde jaar werden echter 1.899.000 occasions verkocht in Nederland. ING heeft voor haar rapportage gebruik gemaakt van cijfers van VWE Automotive. Dat is een bedrijf dat onder andere statistische gegevens aanlevert. In 2016 werden ongeveer 382.000 nieuwe auto’s verkocht en ongeveer 1.945.000 occasions. In heel 2017 zullen volgens het ING Economisch Bureau ongeveer 410.000 nieuwe personenauto’s worden verkocht. In 2018 zal de verkoop van nieuwe auto’s zelfs dalen naar zo’n 400.000 stuks. Het Centraal Bureau voor de Statistiek schat de omvang van het Nederlandse wagenpark op ruim 9,9 miljoen voertuigen.

Zuinige auto’s
Doordat er meer occasions worden verkocht ten opzichte van het aantal nieuwe auto’s neemt ook de gemiddelde leeftijd toe van de auto’s op Nederlandse wegen. Uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) komt ook naar voren dat de gemiddelde leeftijd van het wagenpark de laatste jaren behoorlijk gestegen in Nederland. Het ING Economisch Bureau geeft aan dat een veroudert wagenpark er voor zorgt dat veel Nederlanders nog in auto’s rijden met verouderde techniek en niet profiteren van de nieuwe en zuinige technologie waarmee de meeste nieuwe auto’s zijn uitgerust.

CO2-uitstoot door auto’s
Omdat veel auto’s nog zijn uitgerust met verouderde techniek zijn veel auto’s op de Nederlandse wegen nog vervuilend. Veel auto’s stoten nog veel CO2 uit aldus het rapport van het ING Economisch Bureau. De gemiddelde CO2-uitstoot per kilometer daalde in de periode tussen 2007 en 2016 met slechts 8 procent. De CO2 emissie van nieuw verkochte auto’s viel gemiddeld 35 procent lager uit vanwege zuiniger motoren en andere nieuwe technieken.

Nissan gaat autoproductie Japan in november 2017 hervatten

Autoproducent Nissan zal naar verwachting binnen een aantal dagen haar autoproductie in Japan weer hervatten. Momenteel zijn de voorbereidingen in de fabriek op Kyushu afgerond. De andere fabrieken van Nissan moeten aan het einde van deze week klaar zijn voor productiehervatting.

Eerder heeft Nissan de productie van auto’s gestaakt. Dit gebeurde noodgedwongen ongeveer twee weken geleden. Nissen bleek namelijk niet te voldoen aan de verplichte controles. De controleurs die de controles van het productieproces uitvoerden waren niet in bezit van de vereiste vergunning van de Japanse overheid.

Om die reden heeft Nissan ook 1,2 miljoen auto’s teruggeroepen maar de fabriek. Het gaat op auto’s van Nissan die sinds januari 2014 waren gemaakt en tevens in Japan waren verkocht. Ingewijden hadden echter bekend gemaakt dat Nissan sinds 1979 de regels had overtreden op het gebied van controles in de fabrieken. Het terugroepen van auto’s naar de fabriek zal nissen waarschijnlijk zo’n 26 miljard yen gaan kosten. Dit is omgerekend bijna 200 miljoen euro.

Het is opvallend dat de auto’s van Nissan die buiten Japan zijn verkocht niet opnieuw worden gecontroleerd. Dit komt omdat de eis dat een inspecteur een vergunning moet hebben alleen van toepassing is voor de Japanse markt. Autoproducent Nissan geeft aan dat de kwaliteit van de auto’s nog steeds in orde is. Het gaat volgens het Aziatische bedrijf alleen om procedurele fouten. Subaru blijkt nu echter ook in opspraak te komen met een vergelijkbaar inspectieschandaal.

Olieconcern BP verdubbelt winst in derde kwartaal 2017

BP is een Brits olie- en gasconcern dat wereldwijd actief is in de olie- en gasindustrie. Het bedrijf heeft in het derde kwartaal van 2017 haar winst verdubbeld verdubbelt ten opzichte van hetzelfde kwartaal van 2016. Vorig jaar had BP echter te maken met een grote afschrijving die de winst behoorlijk naar beneden had gedrukt. Het bedrijf BP is nu van plan om eigen aandelen te gaan inkopen. Hier wil het bedrijf in het vierde kwartaal van 2017 mee beginnen. Door de aanschaf van eigen aandelen wil het bedrijf het dividend op niveau houden. BP noemt het kopen van eigen aandelen een belangrijk teken van vertrouwen in de toekomst van BP.

In het derde kwartaal van 2016 kwam de winst van BP uit op 933 miljoen dollar, deze onderliggende winst steeg in kwartaal drie van 2017 naar bijna 1,9 miljard dollar. Deze winst is hoger dan annalisten op de markt hadden ingeschat. Er zijn door BP verschillende nieuwe projecten gestart. Daardoor nam ook de productie van olie en gas toe. Deze toename kwam uit op 14 procent. Deze toename houdt verband met een gemiddelde productie van 3,6 miljoen vaten per dag.

Wat is een pelletketel of biomassaketel?

Pelletketels of biomassaketels zijn onderdelen van een centraal verwarmingssysteem oftewel een cv-installatie. De meeste cv-installaties werken op aardgas en zijn daarvoor voorzien van een gasgestookte cv-ketel. Er bestaan echter ook ketelsystemen die geen aardgas verbranden maar biomassa. Om die reden spreekt men van een biomassaketel. De benaming pelletketel is afgeleid van houtpellets of andere pellets die gemaakt zijn van cellulose en worden gebruikt als brandstof in verwarmingssystemen.

Pelletketels zijn milieuvriendelijk
Omdat pelletketels als milieuvriendelijker worden beschouwd dan de reguliere gasgestookte cv-ketels worden pelletketels steeds populairder. Vooral nu men tracht woningen en bedrijfspanden (utiliteit) gasvrij te maken worden pelletketels steeds vaker toegepast als verwarmingssysteem in nieuwbouwwoningen en utiliteitscomplexen.

Brandstoffen voor pelletketels
Pelletketels worden net als pelletkachels gestookt met pellets die gemaakt zijn van natuurlijke materialen. Over het algemeen worden in pelletketels houtpellets verstookt. Dit zijn pelletkorrels die gemaakt zijn van houtpoeder dat afkomstig is van kaprijpe bomen. Eventueel kunnen ook houtsnippers worden gebruikt en andere plantenresten zoals artisjokresten, olijfpitten, stro en miscanthus. Over het algemeen is de beschikbaarheid en het rendement van andere cellulose pellets minder gunstig dan het rendement van houtpellets daarom wordt in de praktijk vaak gekozen voor houtpellets als brandstof voor pelletketels.

Hoe werkt een pelletketel?
De pellets worden in het reservoir van de pelletketel gebracht. Vanuit dit pelletreservoir worden de pellets doormiddel van een wormschroef in de haard gebracht. Daar worden de pellets verbrand en word de warmte overgebracht op het cv-leidingwater.

Pelletketels geven niet direct warmte af aan de omgeving in plaats daarvan wordt de warmte die ontstaat door de verbranding van pellets afgegeven op het leidingwater van de centrale verwarmingsinstallatie. Dit warme water wordt vervolgens getransporteerd naar de radiatoren die zijn aangesloten op de cv-leidingen.

Pelletketel of pelletkachel
Naast pelletketels zijn er ook pelletkachels. In tegenstelling tot een pelletketel geven pelletkachels wel direct warmte aan de omgeving af. Pelletkachels worden niet gebruikt voor het verwarmen van cv-leidingwater. In plaats daarvan worden pelletkachels gebruikt als lokale verwarming van de ruimte waarin ze zijn geplaatst. Pelletketels worden net als gasgestookte cv-ketels vaak in een aparte ruimte geplaatst die niet beslist verwarmd hoeft te worden zoals een bijkeuken of garage. Het is wel belangrijk dat de toevoer van pellets goed kan plaatsvinden bij een cv pelletketel omdat deze voortdurend pellets moet verbanden om de cv installatie in werking te houden. De overeenkomst een pelletkachel en pellet

Zijn pellets milieuvriendelijker dan andere brandstoffen?

Pelletkachels zijn populair. Steeds meer mensen overwegen om een pelletkachel te gebruiken als verwarmingsbron. Omdat pelletkachels nog niet echt ingeburgerd zijn als verwarmingssysteem stellen veel mensen vragen over deze nieuwe vorm van verwarming. Op internet zijn veel websites te vinden die het onderwerp pelletkachel behandelen. Naast pelletkachels heeft men het ook wel over pelletketels.

Pelletkachel of pelletketel
In feite is een pelletketel een biomassaketel die wordt gebruikt voor een centrale verwarmingsinstallatie. Daarom heeft men het ook wel over een pellet cv-ketel. Hierin worden houtpellets verstookt om vervolgens Cv-water te verwarmen. Dit water stroomt naar radiatoren in principe is dit hetzelfde systeem als een gasgestookte cv-installatie alleen wordt bij een pelletketel een ander type ketel gebruikt en een andere brandstof namelijk houtpellets. Pekketketels of biomassaketels worden naast verwarming ook wel gebruikt voor warm water. In dat geval spreekt men ook wel over een combisysteem.

Pelletkachels zijn het beste te vergelijken met houtkachels of een open haard. Dat komt omdat pelletkachels rechtstreeks warmte overbrengen op de omgeving net als een open haard. Wat hierbij opvalt is dat pelletkachels vooral efficiënt zijn in gebruik omdat het rendement zo hoog is van deze vorm van verwarming. Een hoog rendement zorgt er voor dat pelletkachels milieuvriendelijker zijn dan verschillende andere verwarmingsbronnen. Een pelletkachel is in ieder geval een stuk milieuvriendelijker dan een houtkachel of openhaard. Echter is een pelletkachel wel minder sfeervol.

Waarvan worden pellets gemaakt?
Pellets worden gemaakt van hout daarom noemt men pellets ook wel houtpellets. Deze houtpellets worden gemaakt van houtstof dat geproduceerd wordt van zogenaamde kaprijpe bomen. Wanneer kaprijpe bomen niet gekapt zouden worden maar gewoon in de natuur zouden blijven staan om weg te rotten zou er ook veel Koolstofdioxide uitgestoten worden. Dit komt omdat bij rottingsprocessen in de natuur ook een bepaalde hoeveelheid CO2 vrij komt. Volgens sommige berekeningen zou de CO2 die bij het rottingsproces vrijkomt gelijkwaardig zijn aan de CO2 die vrijkomt bij het verstoken van het hout in een houtkachel of openhaard.

Rendement van houtpellets
Het gaat natuurlijk om de warmte die vrijkomt bij het verstoken van hout. De verhouding tussen de hoeveelheid brandstof en de hoeveelheid warmte wordt ook wel rendement genoemd. Pelletmassa is hierbij een veel efficiëntere brandstof dan gewoon haardhout. Een pelletkachel of pelletketel zet ongeveer 85 procent van de energie uit hout om in warmte. Een open haard zet ongeveer 10 procent van de energie uit hout om in warmte.

Nog geen loskoppeling CO2-uitstoot van economische groei in Nederland in 2017

Momenteel blijft Nederland ten opzichte van andere landen achter lopen met betrekking tot de loskoppeling van CO2-uitstoot en economische groei. Dit wordt geconstateerd door adviesbureau PwC. Deze heeft de informatie over het verband tussen CO2 emissie en economische groei in haar Low Carbon Economy Index 2017 weergegeven.

Verband economische groei en CO2 uitstoot
De economie en het milieu zijn vaak in de negatieve zin met elkaar verbonden. Dit houdt in dat naarmate de economie van een land floreert juist het milieu en de natuur het zwaar te verduren krijgen. Als de economie namelijk aan het herstellen is neemt de vraag naar producten en diensten toe en draaien bedrijven een hogere productie. Deze hogere productie heeft meestal tot gevolg dat ook de CO2 emissie toeneemt. Landen die duurzaam willen produceren zullen er voor moeten zorgen dat deze koppeling tussen economische groei en CO2 uitstoot wordt beperkt.

Low Carbon Economy Index 2017
Onderzoekers van adviesbureau PwC hebben tijdens hun onderzoek gekeken naar hoeveel ton CO2 een land uitstoot om een miljoen dollar te verdienen. Hieruit komt de CO2-intensiteit naar voren. Volgens het adviesbureau PwC is de CO2-intensiteit in Nederland met 0,1 procent zijn toegenomen. Gemiddeld nam de CO2-intensiteit binnen de G20 landen juist af aldus adviesbureau PwC. Binnen de G20 zijn de belangrijkste economieën ter wereld vertegenwoordigd. Gemiddeld nam de CO2-intensiteit met 2,6 procent af binnen de G20.

Nederland is te vervuilend
Door de toename van 0,1 procent CO2-intensiteit kan Nederland worden beschouwd als relatief vervuilend. Dit heeft vooral te maken met het feit dat de Nederlandse industrie ten opzichte van de industrieën van andere landen nog vervuilend is. Verder is Nederland nog niet ver met betrekking tot duurzame energiebronnen. Zo loopt de ontwikkeling van windparken voor het opwekken van windenergie achter. Volgens PwC zal Nederland zich nog goed moeten inzetten om de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs te halen. Ook zijn de ambities die benoemd zijn in het nieuwe regeerakkoord uitdagend.

Minder steenkool
Wereldwijd wordt er minder steenkool aangewend als brandstof. Dat zorgt direct voor een daling in de CO2 uitstoot. Bij het verbranden van steenkool komt namelijk verhoudingsgewijs veel CO2 vrij. Grote economieën zoals China die veel CO2 uitstoten hebben een groot effect op de wereldwijde CO2 emissie. China liet echter een CO2-intensiteit van min 6,5 procent zien. Dat is goed nieuws voor het milieu. Ook de Verenigde Staten lieten een krimp zien van min 3,4 procent. In tegenstelling tot Nederland laten deze landen een forse afname van de CO2- intensiteit zien. Ondanks dat behoren Amerika en China nog steeds tot de grootste vervuilers in de wereld.

Flexcontracten mogen niet beëindigd worden wegens zwangerschap

In Nederland werken veel mensen op basis van een flexibel contract. Denk hierbij aan werknemers die werken op basis van uitzendbeding. Deze uitzendkrachten kunnen op basis van een fasenstelsel in aanmerking komen voor een tijdelijk contract of zelfs een vast contract. Daarbij wordt natuurlijk gekeken naar de uitzendkrachten die zich goed inzetten en goed presteren. Dat zijn criteria waarop werknemers beoordeeld mogen worden. Criteria waarop echter niet beoordeeld worden hebben te maken met geslacht, geloof en zwangerschap. Op dat laatste aspect wordt helaas nog te vaak een beslissing genomen. Ook in Nederland lopen vrouwen met een flexcontract een grote kans om vanwege hun zwangerschap gediscrimineerd te worden of omdat ze net moeder zijn geworden.

College voor de Rechten van de Mens
De titel van deze tekst: ‘flexcontracten mogen niet beëindigd worden wegens zwangerschap’ is daarom niet overbodig. Veel bedrijven maken onderscheid op basis van zwangerschap dit meldt
het College voor de Rechten van de Mens. In het voorjaar van 2017 werd hierover een meldpunt geopend. En daar zijn in de eerste zes weken dat het meldpunt in gebruik was in totaal 855 meldingen binnen gekomen. Het College voor de Rechten van de Mens heeft de meldingen geanalyseerd. Volgens het college werd in bijna alle gevallen de arbeidsrelatie beëindigd door zwangerschap of een hieruit veroorzaakte ziekte of aandoening.

Meldingen
In ongeveer de helft van de gevallen ging het om werkneemsters met tijdelijke contacten. Deze vallen ook onder de groep met flexibele contracten. Daarnaast was er in 150 meldingen sprake van een arbeidsrelatie op basis van uitzendbeding en/of detachering. Volgens het College voor de Rechten van de Mens moet de uitzendbranche meer informatie krijgen over de verantwoordelijkheden van uitzendbureaus met betrekking tot de zwangerschap van uitzendkrachten. In ongeveer de helft van de meldingen werd het flexcontract niet verlengd omdat er sprake van zwangerschap.

Reden voor ontslag
Bij ongeveer een kwart van de meldingen was er sprake van ontslag nadat ​een vrouw​ had gezegd zwanger te zijn. Niet altijd werd zwangerschap als reden opgevoerd voor de beëindiging van het dienstverband. Werkgevers gaven soms aan dat er onvoldoende werk was of ze gaven aan dat de werkneemster niet goed functioneerde. Het is dan moeilijk precies te achterhalen of zwangerschap de (hoofd)reden is geweest voor het ontslag. Het vermoeden dat dit geval was zorgde er in ieder geval voor dat de persoon in kwestie hiervan een melding heeft gemaakt.

Wat is een pelletkachel?

Pelletkachel is een benaming voor een type kachel waarin houtpellets worden verbrand om warmte te creëren. Pelletkachels worden meestal gebruikt voor het verstoken van houtpellets. Daarbij kan de pelletkachel worden gebruikt om lucht te verwarmen maar ook om het water van een centrale verwarmingsinstallatie te verwarmen. In dat laatste geval wordt de warmte die door de verbranding van houtpellets in de pelletkachel ontstaat overgedragen op de radiatoren. Pelletkachels die worden gebruikt voor cv-installaties hebben meestal een groter pelletreservoir dan palletkachels die voor de sfeer worden gebruikt. Er is echter een onderscheid tussen een pelletkachel en een pelletketel die wordt gebruikt voor een cv installatie. Dit onderscheid is in de volgende alinea beschreven.

Pelletketel
Als men een pelletkachel gebruikt voor een cv-installatie dan spreekt men over het algemeen over een pelletketel of een pellet cv-ketel maar de benaming biomassaketel wordt ook wel gebruikt. Net als bij een cv-ketel brengt de pelletketel de warmte niet rechtsteeks over op de omgeving maar wordt eerst cv-leidingwater verwarmt. Dit verwarmde water wordt vervolgens naar radiatoren getransporteerd. De radiatoren geven dan vervolgens de warmte af aan de omgeving. Pelletkachels geven warmte rechtstreeks af aan de omgeving en zijn daardoor vergelijkbaar met een open haard al is het systeem en het rendement anders.

Brandstof voor pelletkachels
Pelletkachels verbranden over het algemeen houtpellets maar ze kunnen ook worden gebruikt om andere producten van cellulose te verbanden zoals olijfpitten, artisjokresten, stro, en miscanthus. Omdat de verbrandingseigenschappen van deze andere cellulose-producten minder gunstig zijn dan die van houtpellets worden in de praktijk voornamelijk houtpellets gebruikt in pelletkachels. Er zijn ook bepaalde varianten van pelletkachels die geschikt zijn voor het verbranden van brandstoffen in korrelvorm. Hierbij kun je denken aan mais en pitten van bijvoorbeeld kersen en olijven. De meeste palletkachels die zijn uitgerust met een raam kijken wel een beetje op houtkachels alleen zijn ze wel veel minder sfeervol.

Hoe werkt een pelletkachel?
De werking van een pelletkachel is niet complex. De pelletkachel bevat een pelletreservoir die gevuld is met pellets die over het algemeen bestaan uit korrels van samengeperst hout (cellulose). Vanuit het pelletreservoir worden de pellets op een mechanische manier getransporteerd naar de vuurkorf. Dit gebeurd bijvoorbeeld doormiddel van een wormschroef die de pellets met een draaiende beweging naar de vuurkorf maalt.

In de vuurkorf is een gloeispiraal geplaatst die zorgt er voor dat de pellets worden aangestoken. Daarvoor moet ook de luchttoevoer gedoseerd worden geregeld. Pelletkachels zijn uitgerust met regeltechniek die er voor zorgt dat de aanvoer van de pallets en de luchttoevoer op elkaar zijn afgestemd. Dit regelsysteem is elektronisch en optimaliseert het verbrandingsproces en de veiligheid. Het regelsysteem bevat temperatuursensoren en druksensoren. Ook zorgt het regelsysteem er voor dat een zo hoog mogelijk rendement behaald.

Verder worden de rookgassen doormiddel van een ventilator via een rookkanaal naar buiten geblazen. Er zijn echter ook pelletkachels die geen ventilator bevatten. Deze werken bijvoorbeeld op basis van convectiewarmte en stralingswarmte waarbij er een bepaalde trek optreed. Dit effect is ook aanwezig in de schoorstenen van openhaarden.

Werking pelletketel
Pelletketels zijn meestal geplaatst in een garage of andere ruimte waarbij de pelletketel in feite dezelfde functie heeft als een cv-ketel. Alleen moet men er bij een pelletketel wel rekening mee houden dat er een grotere toestroom van pellets nodig is om de pelletketel effectief te gebruiken om een woning of ander gebouw te verwarmen met biomassa. In plaats van aardgas wordt in een biomassaketel of pelletketel houten pellets of houtsnippers verstookt om cv-leidingwater te verwarmen. De pelletketel zelf wordt hierbij niet heel erg warm omdat dit warmteverlies zou betekenen. Doelstelling van de pelletketel is het zo effectief mogelijk verbrandingswarmte overbrengen op het leidingwater van de cv-installatie. De daadwerkelijke verwarming van de woning vindt plaats doormiddel van radiatoren die gevuld zijn met het warme leidingwater dat afkomstig is van de pelletketel.

Rendement pelletkachel
Pelletkachels hebben meer rendement dan een traditionele houtkachel of openhaard. Veel fabrikanten van pelletkachels beweren dat ze een rendement hebben van 80-97%. Dit is een zeer hoog rendement waardoor pelletkachels een efficiënte en populaire verwarmingsinstallatie zijn. Ter vergelijking wordt in een openhaard maar 10 procent van de energie uit hout omgezet in warmte. De overige energie wordt omgezet in vuur en as. Uiteraard is het rendement wel afhankelijk van de manier waarop men met de pelletkachel of een pelletketel omgaat. Als men het regelsysteem op de juiste manier hanteert kan er een hoog rendement ontstaan en is een pelletkachel of pelletketel duurzamer en veiliger dan bijvoorbeeld een openhaard.

Huurders in 2017 vaak minder tevreden over woning dan kopers

Woningeigenaren zijn vaak meer tevreden over het woongenot dan huurders van een woning. Dit komt naar voren uit een analyse van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Over het algemeen zijn de meeste huishoudens in Nederland wel tevreden over de woning die ze bewonen. In totaal is 77 procent van de huurders tevreden over hun huurhuis. Van mensen die een eigen woning bewonen is 94 procent tevreden.

Het valt op dat  in grote steden zoals Amsterdam, Den Haag, Utrecht en Rotterdam huishoudens minder blij zijn met hun woning en woonomgeving dan bewoners in overige gemeenten. Dat heeft volgens het CBS mogelijk te maken met het feit dat in grote steden meer mensen in een appartement, portiekwoning of flat wonen dan in andere delen van Nederland. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek zijn bewoners van een meergezinswoning minder tevreden met hun woning dan bewoners van een eengezinswoning.

Woningeigenaren vinden het vooral belangrijk om lage woonlasten te hebben. Hoe lager de woonlasten zijn hoe groter hun tevredenheid over de woning. In totaal geeft 95 van de eigenaren van een woning met lage woonlasten aan tevreden te zijn tegenover 92 procent van huiseigenaren met hoge woonlasten. Volgens het CBS is dit bij huurders van woningen andersom.

Japanse staalproducent Kobe Steel schrapt dividend over 2017 na fraude

Kobe Steel is in 2017 in opspraak gekomen vanwege fraude. Het bedrijf zou gefraudeerd hebben met de uitkomsten van kwaliteitsinspecties van producten. Deze fraude heeft het bedrijf miljoenen gekost. Deze kosten moeten ergens door gedekt worden. Daarom heeft Kobe Steel besloten om geen dividend uit te keren aan aandeelhouders in 2017.

Fraude bij Kobe Steel
Een tijdje geleden maakte Kobe Steel bekend dat het bedrijf gegevens met betrekking tot de stevigheid en levensduur van onder meer staal-, aluminium- en koperproducten had vervalst. Dit zou het bedrijf al meer dan tien jaar hebben gedaan. Momenteel zijn de afnemers van Kobe Steel druk bezig om hun producten te controleren. Als er materialen in hun producten zijn verwerkt van Kobe Steel kan dat gevolgen voor de constructieve stevigheid van het product.

Effect van de fraude
Een aantal klanten van Kobe Steel eisen hun geld terug. Er zijn echter ook klanten die vragen naar vervangende producten of een compensatieregeling. Op dit moment tast Kobe Steel nog in het duister met betrekking tot de hoogte van de totale kosten die voortvloeien uit de fraude die de staalproducent zelf heeft veroorzaakt. Wel is duidelijk dat dit zeker effect zal hebben op het resultaat van het bedrijf. Eerder had Kobe Steel trok haar eerder afgegeven winstverwachting ingetrokken. Die winsterverwachting kwam uit op een winst dit boekjaar van omgerekend 265 miljoen euro. Momenteel is Kobe Steel nog in afwachting van het effect van de afhandeling van de fraude.

Irak wil olie-export verder uitbouwen in 2018

Irak is een olieproducerend land dat na oorlogen en gewapende conflicten langzamerhand weer stabiel lijkt te worden. Dat zorgt er voor dat Irak weer meer olie kan produceren en exporteren. Dat is op zich gunstig maar de olieproductie is wereldwijd veel hoger dan de vraag naar olieproducten. Inmiddels heeft Irak de capaciteit voor olie-export in de zuidelijke gebieden van het land verhoogd met 900.000 vaten per dag. Dit zorgt er voor dat de totale exportcapaciteit van het land komt op ongeveer 4,6 miljoen vaten per dag.

De olieminister heeft in een verklaring aangegeven dat de exportcapaciteit van de olie “een ongekend niveau bereikt”. Dit zou onder andere komen doordat het land een extra drijvend platform heeft toegevoegd. Op dit moment heeft Irak vier van dergelijke platforms in de Perzische Golf liggen. Deze platformen kunnen olietankers bevoorraden op zee bevoorraden.

Een week geleden maakte Irak al bekend dat de export van olie uit de zuidelijke provincie Basra wordt verhoogt met 200.000 vaten per dag. Er is sprake van een productieterugloop van de olievelden bij Kirkuk. Deze productieterugloop wil het ministerie van Olie herstellen. Door spanningen rond het Koerdische onafhankelijkheidsreferendum is de olieproductie rondom de olievelden bij Kirkuk teruggelopen.

Momenteel is Irak bezig om haar productiemogelijkheden verder uit te bouwen. De export van olie moet ook verder toenemen. De overige leden van oliekartel OPEC willen de olieproductie echter verlagen vanwege het wereldwijde overaanbod van olie. Irak is echter van mening dat ze de olieproductie mag opschroeven evenals de expert omdat het land langere tijd last heeft gehad van oorlogen en terrorisme en daardoor marktaandeel heeft verloren. De productiebeperkingen die door de OPEC werden overeengekomen in 2016 werden daarom door Irak met frustratie ontvangen. In 2016 ging Irak met deze beperkingen vanuit de OPEC akkoord. Een groot deel van de OPEC wil echter wel de huidige productiebeperking in stand houden maar de kans is groot dat Irak hier niet mee akkoord gaat.

Marktplaats introduceert ‘Gelijk Oversteken’ in najaar 2017

Dagelijks wordt marktplaats door honderdduizenden mensen bezocht en worden tienduizenden verkopen afgerond. Marktplaats heeft de slogan ‘marktplaats voor iedereen een voordeel’. Naast producten worden er ook diensten aangeboden op marktplaats.nl. Dat zorgt er voor dat mensen ook klusbedrijven en technische bedrijven kunnen inschakelen om bijvoorbeeld schilderwerk of installatiewerk te verrichten. Marktplaats is door de jaren heen een begrip geworden. Dat is voor marktplaats een zeer gunstig voordeel op internet maar het zorgt er ook voor dat marktplaats verantwoordelijkheid moet nemen en voorop moet lopen op het gebied van handel op internet.

Technische oplossingen tegen internetfraude
Een van de grootste frustraties van mensen die producten kopen en verkopen is dat de wederpartij zijn of haar afspraken niet nakomt. Helaas komt het nog vaak voor dat er fraude wordt gepleegd op internet en dat mensen worden opgelicht. Verschillende innovatieve bedrijven proberen hiervoor probate oplossingen te vinden maar dat is niet eenvoudig.

Fintechbedrijven proberen het betaalverkeer op internet te beveiligen doormiddel van veilige digitale omgevingen. Maar ‘veiligheid’ is op internet een relatief begrip. Vaak moeten mensen eerst betalen om vervolgens het product of de dienst te kunnen ontvangen. Dat is logisch maar het zorgt er ook voor dat de koper een vertrouwen moet hebben in de verkoper. Dit vertrouwen wordt soms beschaamd en dat zorgt er voor dat de gedupeerde koper de volgende keer wel drie keer nadenkt voordat hij of zij iets gaat kopen internet.

Dat zorgt er vervolgens weer voor dat websites zoals marktplaats ook klachten ontvangen en dat potentiële kopers de website niet meer bezoeken om te voorkomen dat ze opnieuw een negatieve ervaring zullen krijgen in het sluiten van een koop op internet. Daarom staan websites voor de uitdaging om passende oplossingen te bedenken voor een probleem dat ze niet hebben veroorzaakt. Marktplaats denkt een oplossing te hebben gevonden met de ‘Gelijk Oversteken’

Gelijk Oversteken marktplaats
in de volksmond wordt het gezegde ‘Gelijk Oversteken’ vaak gebruikt in de handel. Dit houdt in dat het geleverde product en het geld tegelijk worden overhandigd door verkoper en koper. Dit is op internet lastig omdat verkoper en koper vaak ver van elkaar verwijderd zijn tenzij men het product kan ophalen tegen betaling. Daarom heeft marktplaats een digitale omgeving laten ontwikkelen waarmee ‘Gelijk Oversteken’ ook op internet mogelijk zou moeten zijn. Het geld wordt door de koper pas betaald als deze het pakket ontvangen heeft. Dat heeft Olivier van Duin de directeur van Marktplaats in het AD bekend gemaakt.

Hoe werkt Gelijk Oversteken van marktplaats?
Het systeem van ‘Gelijk Oversteken’ werkt als volgt. Zodra er een overeenkomst is gesloten tussen een koper en verkoper gaat de koper het afgesproken bedrag storten op een derdenrekening. Als de koper het afgesproken product heeft ontvangen zal het bedrag van de derdenrekening overgeboekt aan de verkoper. Als de koper binnen zeven dagen na verzending bekend heeft gemaakt dat het pakket niet is ontvangen dan zal er geen geld worden overgemaakt. Als de koper niets van zich laat horen dan zal de verkoper alsnog zijn of haar geld ontvangen. Marktplaats werkt met de Gelijk Oversteken-dienst samen met Online BetaalPlatform. De dienst is vooral ter bescherming van de koper. De koper zal 2 procent van het aankoopbedrag moeten betalen om gebruik te maken van ‘Gelijk Oversteken’.

Functiegedreven organisaties in de techniek

Functiegedreven organisaties zijn organisaties die vooral gericht zijn op hun eigen segment en hebben daardoor specialistische kennis in huis. Dat is ook merkbaar aan het personeelsbestand dat vaak bestaat uit specialisten met een bijzondere vakopleiding. Een belangrijk aspect van functiegedreven organisaties is dat ze sterk afhankelijk zijn van de kwaliteit en inzet van het personeel. Zonder vakkrachten is een functiegedreven organisatie eigenlijk nergens.

Functiegedreven technische bedrijven
Functiegedreven organisaties tref je in verschillende sectoren aan. Vooral in de techniek zijn veel functiegedreven organisaties te vinden. Hierbij kun je denken aan specialistische lasbedrijven. Zonder gespecialiseerde en gecertificeerde lassers kan een lasbedrijf niet bestaan. Daarom hechten veel lasbedrijven dus veel waarde aan goed gekwalificeerde lassers. Het lastoestel en de persoonlijke beschermingsmiddelen zijn uiteraard ook belangrijk maar daar is veel eenvoudiger aan te komen. Dit materiaal is vaak gemakkelijk aan te schaffen maar het vinden van een ervaren gecertificeerde lasser is vaak moeilijk. Het voorbeeld van een lasbedrijf is illustratief voor verschillende andere sectoren in de techniek. Denk bijvoorbeeld aan de installatiebranche waarbij installatiebedrijven en elektrobedrijven sterk afhankelijk zijn van hun installatiemonteurs en elektromonteurs.

Personeel en functiegedreven bedrijven
Het personeel van functiegedreven organisaties vormt een sleutelpositie voor het bedrijf op de markt. Omdat personeelsleden geen machines zijn maakt dit functiegedreven bedrijven wel kwetsbaar. Als een concurrent het personeelsbestand gaat bestoken met allemaal aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden waaronder meer loon dan bestaat de kans dat het personeelsbestand gaat krimpen. De techneuten kunnen dan vertrekken naar werkgevers die meer betalen. Dat zorgt er voor dat functiegedreven organisaties altijd een nauw contact en overleg met hun werknemers moeten hebben. Technisch personeel is meestal loyaal aan bedrijven waarbij hun kennis en inzet wordt gewaardeerd.

Succesvolle functiegedreven bedrijven
Bij veel succesvolle functiegedreven technische bedrijven is daarom ook wederzijds vertrouwen. Het personeel heeft vertrouwen in de werkgever omdat de werkgever de techneuten waardeert en ze een bepaalde mate van vrijheid geeft om naar eigen technisch inzicht en professionaliteit beslissingen te nemen. Technisch personeel vindt het bovendien belangrijk dat ze ook hun kennis van de werkvloer kunnen delen met de top zodat de leiding van het technische bedrijf rekening kan houden met de werknemers en tijdig kan inspelen op nieuwe technologische ontwikkelingen.

Overspannen arbeidsmarkt in de bouwsector in 2017

In de bouwsector dreigt een overspannen arbeidsmarkt te ontstaan. Dit komt omdat in de bouwsector een chronisch tekort aan personeel is ontstaan. Dit tekort ontstond al in 2016 toen veel bouwbedrijven maar met moeite bouwpersoneel konden vinden voor het afronden van bouwprojecten. De bouwbedrijven hebben echter te maken met een groeiende vraag naar nieuwbouwwoningen en ook de utiliteitssector maakt een groei door. Verschillende bouwbedrijven hebben wel de aanvragen binnen voor projecten maar hebben niet de mankracht om de projecten uit te kunnen voeren. Daardoor raakt de orderportefeuille van veel bouwbedrijven vol. Dat is natuurlijk goed nieuws en zorgt er voor dat veel bouwbedrijven een sterk ondernemersvertrouwen hebben maar dit ondernemersvertrouwen wordt wel enigszins gedrukt door het chronische tekort aan personeel in de bouwsector.

UNETO-VNI
In de bouw zijn verschillende organisaties actief waaronder de ondernemersorganisatie voor de installatiebranche en de technische detailhandel UNETO-VNI. De voorzitter van deze organisatie is Doekle Terpstra die ook bekend is vanwege zijn vakbondachtergrond. Hij heeft al vaker geroepen dat er een steeds groter tekort gaat komen aan elektromonteurs en installatiemonteurs. Dit tekort zal oplopen in de duizenden personeelsleden in de installatiebranche. Hij is daarom voor onorthodoxe maatregelen. Er zijn namelijk creatieve oplossingen nodig om de overspannen arbeidsmarkt in de branche tegen te gaan. Volgens Doekle Terpstra zijn oplossingen van vroeger niet meer toereikend.

Wegkopen van vakkrachten
Verschillende technische bedrijven proberen vakkrachten van andere bedrijven te kopen door ze meer loon te bieden of andere betere arbeidsvoorwaarden. Ook technische VCU gecertificeerde uitzendbureaus gaan met deze trend mee. Deze trend ontstaat altijd wanneer de technische arbeidsmarkt weer uit een economische crisis opkrabbelt. Toch is het wegkopen van vakkrachten een kortstondige oplossing. Het zorgt er voor dat de arbeidsmarkt hevig in beweging wordt gebracht. Er kan een ware exodus optreden wanneer een bedrijf/werkgever niet populair is onder personeel of onderbetaald.

Dit is niet per definitie verkeerd omdat bedrijven weer naar hun personeel moeten gaan luisteren als er een tekort aan personeel dreigt te ontstaan. Niet alleen het binnenhalen van vakkrachten is belangrijk het binnenhouden van vakkrachten is net zo goed belangrijk. Als bedrijven niet zorgvuldig met hun personeel omgaan en niet luisteren naar hun wensen zal het effect op een gegeven moment zijn dat het personeelsbestand gaat krimpen en de problemen alleen maar groter worden om opdrachten af te ronden.

Samenwerken is belangrijk
In de bouw werken veel bedrijven met elkaar samen om een bouwproject tot een succes te maken. Er wordt gesproken over hoofdaannemers en onderaannemers. Gezamenlijk moeten ze er voor zorgen dat het project zo wordt gerond dat alles conform het bouwbesluit is en conform de wensen van de opdrachtgevers en gebruikers. In turnkey projecten moet alles tot in de puntjes worden afgerond. Dat vereist een nauwkeurige samenwerking. Ook bij het vraagstuk op de arbeidsmarkt moeten bedrijven met elkaar gaan samenwerken. Arbeidsmarktvragen kun je als bedrijf niet geïsoleerd oplossen volgens Doekle Terpstra dat moet je volgens hem ook samen doen. Er moet ook vernieuwend overleg met de vakbeweging volgens de voorzitter.

Europa gaat 30 miljard in innovatie investeren vanaf 2017

Innovatie is belangrijk voor de economie. Niet alleen landelijke economie kan profiteren van innovatie ook internationale samenwerkingsverbanden hebben voordeel bij investeringen in innovatie. Europa wil graag wereldwijd als kenniseconomie blijven meespelen op de markt. Dit is echter niet eenvoudig omdat er veel (opkomende) economieën zijn de met Europa concurreren voor een positie in de wereldeconomie. Om die reden gaat de Europese Commissie 30 miljard euro investeren in wetenschappelijk onderzoek en innovatie. Hierbij kan men denken aan investeringen in onderzoek en ontwikkeling en Research and Development (R&D).

Subsidie van de Europese Commissie
De Europese Commissie wil met name initiatieven subsidiëren die zorgen voor doorbraken met betrekking tot technologische doorbraken in nieuwe markten. Volgens EU-commissaris Carlos Moedas is wetenschap de sleutel voor belangrijke innovaties. Hierbij noemt de EU-commissaris voorbeelden zoals kunstmatige intelligentie, genetica en blockchain-technologie.

Technologie en wetenschap
Volgens de EU-commissaris loopt Europa nog voorop in technologie en wetenschap. Dit moet zo blijven en daarom zal de Europese Commissie geld investeren aan innovatieve bedrijven en startups die zich bezig houden met het vinden van oplossingen voor (technische) problemen en vraagstukken. Startups en andere kleine innovatieve ondernemingen zouden met de investeringen kunnen uitgroeien tot mondiaal opererende toonaangevende bedrijven.

Programma Horizon 2020
De subsidies zullen beschikbaar komen via het programma Horizon 2020. Deze subsidies zijn vooral bedoeld voor ondernemers die zich richten op ”belangrijke, urgente thema’s”. Hierbij worden een aantal thema’s als voorbeeld genoemd zoals klimaat en schone energie. Deze onderwerpen spelen een grote rol voor de toekomst en zijn nauw aan elkaar verbonden. Duurzame en schone energiebronnen zorgen er voor dat de CO2 uitstoot zal worden beperkt en het klimaat minder verslechterd. Naast deze thema’s omarmt de Europese Commissie ook initiatieven met betrekking tot de digitale economie, veiligheid en migratie.

Verkoop nieuwe auto’s omhoog in 2018

Nederlandse autodealers zullen volgend jaar naar verwachting iets meer nieuwe personenwagens verkopen dan dit jaar. De brancheorganisaties BOVAG en RAI Vereniging denken dat er in 2018 iets meer nieuwe auto’s zullen worden verkocht. In 2017 zal het aantal verkochte auto’s op ongeveer 415.000 terecht komen. In 2018 zal de verkoop waarschijnlijk toenemen tot 430.000 stuks.

In deze berekening is rekening gehouden met de grote populariteit van relatief jonge tweedehandsjes. Inmiddels heeft de import van deze auto’s een behoorlijke stijging doorgemaakt. Dit drukt het aantal verkopen van nieuwe auto’s. In 2017 zullen er vermoedelijk ruim 200.000 personenauto’s geïmporteerd.

Emissietestmethode voor auto’s
De nieuwe emissietestmethode in Europa speelt ook een rol. De auto’s die in Europa worden gebouwd moeten voldoen aan deze nieuwe emissietestmethode. Daarom worden alle nieuwe automodellen onderworpen aan een nieuwe emissietestmethode. Deze nieuwe testmethode benaderd de praktijk beter dan de oude test die in het verleden werd gebruikt. Toen konden auto’s die uitgerust waren met sjoemelsoftware de test nog manipuleren. In de praktijk bleek echter de CO2 uitstoot van de gemanipuleerde auto’s veel hoger te zijn. Door de nieuwe emissietestmethode valt de gemeten CO2-uitstoot vaak hoger uit. Dat zorgt er voor dat de aanschafbelasting hoger uit kan vallen. De rekenmeesters van BOVAG en RAI vinden het moeilijk om exact te  in te schatten welk effect de nieuwe emissietest heeft op de verkoop van nieuwe auto’s in 2018.

Haven Rotterdam ontwikkelt plan CO2-opslag onder Noordzee vanaf 2017

Het Havenbedrijf Rotterdam is bezig met de ontwikkeling van  een revolutionair plan voor CO2-opslag. Het Havenbedrijf heeft hiervoor een complex buizenstelsel ontwikkeld. Door dit buizenstelsel moet de CO2 die door de industrie op de Maasvlakte wordt uitgestoten worden getransporteerd naar opslagpunt onder de Noordzee.

Carbon capture and storage (CCS)
Het systeem dat door het Havenbedrijf Rotterdam wordt gemaakt is een variant op het reeds bestaande principe van carbon capture and storage (CCS). Het zou gaan om een vernieuwde versie van CCS. Het carbon capture and storage (CCS) is een systeem dat wordt beschouwd als behoorlijk kostbaar. Daardoor zou het systeem niet interessant zijn voor een structurele oplossing van de problemen met betrekking tot de CO2 uitstoot van bedrijven. Volgens het Havenbedrijf zijn er echter oplossingen die er voor zorgen dat het CCS toch betaalbaar kan worden gemaakt. Dit maakte het dagblad Trouw bekend.

Beperking CO2 emissie in Nederland
Het is belangrijk dat Nederland wat doet met de CO2 emissie. In Nederland wordt nog te veel CO2 uitgestoten. Daardoor is de kans klein dat de doelstellingen vanuit het klimaatakkoord wordt behaald. Het afvangen van CO2 zou een oplossing kunnen zijn maar het is geen bronoplossing. Dit houdt in dat het afvangen van CO2 geen structurele oplossing is omdat er nog steeds CO2 wordt uitgestoten alleen komt het niet rechtstreeks in de atmosfeer. In plaat daarvan wordt het opgeslagen maar de vervuiling vindt nog wel degelijk plaats. Milieuorganisaties zijn daarom niet onder de indruk van CCS. Deze organisaties noemen capture and storage een schijnoplossing.

CO2 uitstoot Maasvlakte
De Maasvlakte vormt een belangrijk industrieel gebied voor Nederland. In dit gebied wordt daardoor ook veel CO2 uitgestoten. In totaal zou de Maasvlakte ongeveer 20 procent van de CO2 uitstoten die in Nederland in de atmosfeer vrij komt. Het Havenbedrijf Rotterdam wil in 2020 in totaal 2 miljoen ton CO2 onder in de zeebodem op gaan slaan. In 2030 moet de CO2 opslag zijn uitgegroeid tot 5 miljoen ton. Als dit project van capture and storage CO2 gaat slagen dan is dit een heel groot succes voor het net geïnstalleerde kabinet-Rutte III. Dit kabinet heeft in haar regeringsakkoord ambitieuze doelen vastgesteld voor het terugdringen van de CO2-uitstoot. Echter blijft de CO2 uitstoot dus bestaan alleen wordt deze afgevangen. Het succes kan daardoor met gemengde gevoelens worden bekeken.

R&D-intensiteit in 2016 Nederland

Veel landen investeren geld in onderzoek en ontwikkeling. Dit wordt in het Engels ook wel research & development genoemd. Dit wordt ook wel afgekort met R&D. Er zijn verschillende benamingen met de afkorting ‘R&D’ er in. Zo heeft men het over R&D afdelingen en E&D investeringen. Een ander wordt is de R&D-intensiteit. Dit begrip omvat de intensiteit van een land met betrekking tot de investeringen in R&D.

R&D-intensiteit in Nederland
Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek bedroeg de
R&D-intensiteit in 2016 in totaal 2,03 procent. De R&D-intensiteit wordt berekend door zogeheten de R&D-uitgaven af te zetten tegen het bruto binnenlands product. In 2016 kwam de R&D-intensiteit uit op 2,03 procent. Dit percentage is iets gestegen ten opzichte van de R&D-intensiteit in 2015. In dat jaar kwam de R&D-intensiteit nog uit op 2,02 procent. In 2014 was het percentage echter twee procent. Dit maakt duidelijk dat de R&D-intensiteit in een kleine stijgende lijn naar boven gaat.

R&D-intensiteit ten opzichte van Europa
Het percentage van de Nederlandse R&D-intensiteit wordt door het Centraal Bureau voor de Statistiek ook vergeleken met andere Europese landen. Hieruit concludeert het CBS dat de Nederlandse R&D-intensiteit boven het Europees gemiddelde ligt. Dit is echter niet voldoende. De Nederlandse overheid wil meer werk maken van innovatie en de positie van Nederland in de kenniseconomie verbeteren. Daarom wil het huidige kabinet Rutte de R&D-intensiteit laten stijgen naar 2,5 procent.