Wat is een flex, haakse slijper of slijptol en wat kun je er mee?

Een flex, haakse slijper of slijptol is een gereedschap dat gebruikt kan worden voor het bewerken van diverse materialen. Met de termen slijptol, haakse slijper of flex wordt hetzelfde bedoelt. De term haakse slijper is afgeleid van de positie van de slijpschijf ten opzichte van het motorgedeelte. De slijpschijf staat hier haaks op vandaar de naam haakse slijper.

De haakse slijper wordt gebruikt voor het slijpen van metalen, steensoorten en hout. Het is een machine die doormiddel van elektriciteit of benzine kan worden aangedreven. Deze aandrijving zorgt er voor dat de slijpschijf met een enorme snelheid ronddraait. De slijpschijf wordt vervolgens door de gebruiker van het gereedschap tegen het werkstuk aangehouden waardoor het werkstuk in de juiste vorm wordt geslepen.

Er zijn verschillende slijpschijven die in de haakse slijper kunnen worden geplaatst. De keuze van de slijpschijf is afhankelijk van de bewerking en het materiaal dat geslepen moet worden. Er zijn slijpschijven die speciaal ontwikkeld zijn voor steensoorten. Ook zijn er slijpschrijven om metaal door te slijpen of af te bramen. De korrels op de slijpschijven kunnen ook verschillen. Zo zijn er grove en minder grove slijpschijven. Daarnaast bevat een slijpschijf in het middel een gat. Door dit gat komt de aandrijfas van de haakse slijper. Op deze as wordt de slijpschijf vastgeschroefd.

De diameter van de aandrijfas en het montage gat van de slijpschijf moeten goed op elkaar aansluiten anders kan de slijpschijf niet goed worden bevestigd in deze machine. Er is hierbij een verschil tussen Europese slijpers en Amerikaanse slijpers. De maat die standaard wordt gehanteerd in Amerika is voor schijven tot 125mm 5/8″ inch. In Europa is de maat 7/8″ inch.

Haakse slijper gebruiken, let op veiligheid
Het gebruik van een haakse slijper is niet zonder risico’s. Het is belangrijk dat de juiste slijpschijf wordt gemonteerd aan de aandrijfas. Zo mag nooit een doorslijpschijf worden gebruikt voor het afbramen van metaal. Wanneer slijpschijven worden verwisseld moet de machine uitgeschakeld zijn en de steker uit het stopcontact worden gehaald. Voordat de stekker in het stopcontact wordt gedaan moet gecontroleerd worden of de slijpschijf uit staat.

Bescherm je ogen tegen de rondspattende deeltjes die van het werkstuk en de slijpschijf af komen tijdens het slijpen. Kies hiervoor een deugdelijke beschermkap die in de juiste hoek is geplaatst. Zorg er voor dat de vonken en metaaldeeltjes in de juiste richting vliegen en daarbij jezelf en andere personeelsleden niet raken.

De werkplek moet goed verlicht worden zodat de men goed zicht heeft op de slijpwerkzaamheden. Het werkstuk dat bewerkt moet worden met een haakse slijper moet goed worden vastgezet. Door de kracht van de ronddraaiende slijpschijf kan het werkstuk in beweging komen met alle gevolgen van dien. Ook de vloer rondom de werkplek moet goed opgeruimd zijn zodat degene die de haakse slijper gebruikt niet kan struikelen terwijl hij of zij aan het slijpen is. Ook moeten brandbare materialen in de omgeving worden afgedekt tegen de gloeiendhete vonken die vrijkomen tijdens het slijpen.

Wanneer men klaar is met slijpen moet men de slijper niet neerleggen terwijl de slijpschijf nog ronddraait. Hierdoor kan de slijpschijf namelijk hard wegschieten.

Cursus Veilig Hijsen, voor wie is het bedoelt?

Wanneer personeelsleden gebruik maken van hijs- en hefwerktuigen is het belangrijk dat ze goed weten hoe deze machines bedient moeten worden en welke veiligheidsaspecten hierbij aan de orde komen. Het verplaatsen van (zware) lasten brengt risico’s met zich mee. Wanneer de last niet goed is aangeslagen kan deze naar beneden vallen en materiele en immateriële schade veroorzaken. Dit moet worden voorkomen. Werkgevers zijn volgens de Arbowet verplicht alles in het werk te stellen om een veilige werkplek aan hun medewerkers te garanderen. Een duidelijke instructie over het veilig gebruiken van hijs- en hefwerktuigen is daarom verplicht wanneer medewerkers gebruik maken van deze werktuigen. Een werkgever is verantwoordelijk voor het verstrekken van deze instructies. Hij kan er voor kiezen om de instructies door een opleidingsinstituut te laten uitvoeren. Een opleidingsinstituut heeft hiervoor de benodigde ervaring en theoretische kennis en is daarnaast een externe partij waardoor de waarde van de opleiding en het te behalen certificaat wordt vergroot.

Wat leer je op een cursus Veilig Hijsen?
De opleiding Veilig Hijsen kan zowel bij het bedrijf zelf als bij het opleidingsinstituut worden gehouden. Het opleidingsinstituut en het bedrijf moeten daarvoor wel een geschikte theorieruimte hebben en daarnaast ook over de mogelijkheid beschikken om in de praktijk met diverse hijs- en hefwerktuigen te oefenen. Het theoretische gedeelte van de opleiding Veilig Hijsen gaat onder andere over de Arbowet en de regels die daaruit van toepassing zijn op veiligheid op de werkplek. Daarnaast wordt informatie verstrekt over hijswerktuigen en het Behandelen van lasten. Ook de maximale werkbelasting van hijs- en hefwerktuigen komt aan de orde zodat medewerkers weten welk gewicht maximaal met deze  werktuigen kan worden verplaatst.  Daarnaast wordt aandacht besteed aan aanslagmateriaal,  kabels en hijsbanden en de manier waarop lasten daaraan of daarin kunnen worden bevestigd. In het praktijkgedeelte wordt daadwerkelijk met diverse hijs- en hefwerktuigen geoefend. Hierbij worden de veiligheidsaspecten ook weer benoemd en wordt aangegeven hoe werknemers zich daar het beste aan kunnen houden. De cursus Veilig Hijsen kan een hele dag duren of enkele dagen. Dit is afhankelijk van de faciliteiten die door het bedrijf en het opleidingsinstituut worden geboden.

Geldigheid Veilig Hijsen
Deelnemers moeten na het volgen van het theoriegedeelte en het praktijkgedeelte van de opleiding Veilig Hijsen een examen doen. Dit examen is zowel schriftelijk als in de praktijk. Na het afronden van beide examenonderdelen ontvangt de deelnemer een certificaat: Veilig Hijsen. Dit certificaat is vijf jaar geldig. Natuurlijk is het certificaat geen garantie dat de medewerker niet betrokken kan raken bij ongevallen. Daarom moet in de praktijk gewerkt worden conform de richtlijnen uit de opleiding. Daarnaast moet de medewerker altijd om zijn of haar eigen veiligheid en de veiligheid van de collega’s denken wanneer er lasten worden verplaatst doormiddel van  hijs- en hefwerktuigen. Wanneer het certificaat Veilig Hijsen verlopen is zal de medewerker, wanneer deze in de toekomst hijs- en hefwerktuigen blijft gebruiken, opnieuw het certificaat moeten behalen.

Veilig werken met de Hoogwerker wat kan ik er mee?

Een werkgever heeft de plicht om zorg te dragen voor de veiligheid op de werkplek. Daarnaast is een werkgever verplicht om de werknemers te instrueren over het bedienen van machines op een veilige en verantwoorde manier. Een voorbeeld van een instructie die veel voorkomt in de techniek is een heftruckcursus die behaald kan worden met een certificaat. Door de medewerker een certificaat te laten behalen kan een bedrijf aantonen aan de Arbeidsinspectie dat ze aan haar plicht om de medewerkers zorgvuldig te instrueren gehoor heeft gegeven. Ook voor het veilig gebruik van hoogwerkers kunnen medewerkers een certificaat behalen.

Wat is een hoogwerker
Een hoogwerker is een algemene naam voor toestellen die gebruikt worden om monteurs veilig te laten werken aan hoger gelegen constructies en installaties. Een hoogwerker brengt personeel in een bak naar boven doormiddel van een hydraulische arm. Deze arm kan op verschillende plaatsen scharnieren waardoor de machine compact ‘in elkaar gevouwen’ kan worden. Hoogwerkers worden in de techniek veel toegepast in de staalconstructie, de bouw en de industrie. Hoogwerkers zijn meestal op wielen (soms op rupsbanden) gezet en voorzien van een motor zodat ze goed verplaatst kunnen worden. De aandrijving vindt plaats doormiddel van dieselmotor of een elektromotor. Daarnaast zijn der hoogwerkers die gebruik maken van gas of elektrische stroom. Ook een combinatie van een accu en diesel komt ook voor bij heftrucks.

Waarom Veilig werken met een Hoogwerker?
Met een hoogwerker kunnen ongelukken gebeuren. Deze ongelukken zijn in ongeveer tachtig procent van de gevallen te wijten aan het verkeerd en onveilig, gebruik maken van de hoogwerker door de gebruiker. Mechanisch en elektrisch zijn de meeste hoogwerkers in Nederland wel in orde want ze worden daarvoor periodiek gecontroleerd, als het goed is. De gebruikers vormen de belangrijkste factor om het aantal ongevallen naar beneden te brengen. Daarom moeten medewerkers die gebruik maken van een hoogwerker daarvoor een goede training krijgen waarbij naast het bedienen van de hoogwerker ook aandacht wordt besteed aan de veiligheid. Werkgevers zijn verplicht om medewerkers een deugdelijke hoogwerkeropleiding te bieden.

Wat leer je op een hoogwerkeropleiding?
Er zijn verschillende opleidingsinstituten in Nederland die hoogwerkeropleidingen aanbieden. Tijdens een hoogwerkeropleiding leren deelnemers een hoogwerker veilig te gebruiken. Hierbij leren ze daadwerkelijk een hoogwerker te bedienen in een grote loods of ander overdekt gebouw. Daarbij is aandacht voor verschillende modellen en krachtbronnen. Ook wettelijke bepalingen, keuring en veiligheidseisen  komen aan de orde. Daarnaast wordt uitgelegd hoe gehandeld dient te worden bij windbelasting en noodsituaties. Een hoogwerker certificaat is afhankelijk van het opleidingsinstituut en de kennis en ervaring van de deelnemer in één dag te halen. Het is ook mogelijk om de cursus in meerdere dagen te behalen.

Geldigheid Veilig werken met de Hoogwerker
Een hoogwerkercertificaat is gebonden aan één persoon, dit is de deelnemer die de opleiding heeft behaald. Het is belangrijk dat de deelnemer ook na het behalen van de opleiding regelmatig oefent met het werken met een hoogwerker. Wanneer de bediener van heftruck zichzelf niet fit genoeg voelt om een hoogwerker veilig te bedienen moet hij of zij dat in de praktijk ook niet doen. Het behalen van een hoogwerkercertificaat is geen garantie dat ongelukken uitgesloten zijn. Voor de veiligheid zijn een bedrijf en een medewerker beide verantwoordelijk. Een hoogwerkercertificaat, Veilig werken met de hoogwerker is 5 jaar geldig. Daarna moet een medewerker het certificaat opnieuw behalen wanneer hij of zij in de praktijk nog met hoogwerkers blijft werken.

Veilig werken langs het spoor en Toegang tot het spoor

Werken op of aan het spoor brengen risico’s met zich mee. Dit heeft niet alleen te maken met de mogelijkheid dat werknemers door treinverkeer in gevaarlijke situaties kunnen komen, ook het spoor zelf en de bovenleiding kunnen voor onveilige situaties zorgen wanneer er verkeerd mee wordt omgegaan. Daarom krijgen medewerkers die ingezet worden om aan en om het spoor te werken verschillende veiligheidscursussen. Deze cursussen zijn verplicht omdat een bedrijf hiermee de medewerkers op de hoogte brengt van de gevaren die verbonden zijn aan de werkzaamheden.

Veiligheid langs het spoor
Medewerkers die ingezet worden om langs het spoor werkzaamheden te verrichten moesten hiervoor een cursus Veiligheid langs het spoor volgen. Na het behalen van een cursus Veiligheid langs het spoort ontving de deelnemer een certificaat. Met dit certificaat kon de medewerker aantonen dat hij of zij op de hoogte is van de veiligheidsaspecten die aan de orde komen bij werkzaamheden langs het spoor. Ook werd tijdens de cursus Veiligheid langs het spoor aandacht besteed aan gevaarherkenning en het dragen van de juiste veiligheidskleding. “Veiligheid langs het spoor” is inmiddels vervangen door “Toegang tot het spoor”.

Toegang tot het spoor
Per januari 2013 is “Veiligheid langs het spoor” vervangen door een andere cursus. De nieuwe cursus is “Toegang tot het spoor”. Bij het programma van deze cursus zijn de huisregels van ProRail het uitgangspunt. Hierbij wordt aandacht besteed aan verschillende aspecten die bij werken op en rond het spoor aan de orde komen. Een aantal voorbeelden hiervan zijn de toegang tot het spoor, beschermingsmiddelen, veiligheid en de controle daarop.

Veilig werken langs het spoor
Omdat bij Toegang tot het spoor een aantal veiligheidsaspecten niet aan de orde kwam is er een e-learningprogramma ‘Veilig werken op het spoor’ opgesteld. Deze cursus vervangt de cursus Toegang tot het spoor niet maar vormt er een aanvulling op. Bij Veilig werken langs het spoor wordt ook aandacht besteed aan gevaarherkenning, persoonlijke beschermingsmiddelen, veiligheidstaken, risico op elektrocutie en andere zaken die van belang zijn wanneer iemand langs het spoor werkt.

Hoe wordt je VOP, Voldoende Onderricht Persoon NEN EN 50110 / NEN 3140?

Binnen de techniek zijn verschillende functies aanwezig waarbij kennis over elektrotechnische installaties vereist is. Hierbij kan gedacht worden aan onderhoudsmonteurs in de (petro)chemische sector, in de industrie of de procestechniek. Naast onderhoudsmonteurs zijn in deze sectoren ook elektromonteurs werkzaam bij het assembleren, inregelen en onderhouden van machines op elektrotechnisch gebied. Het spreekt voor zich dat elektrotechnische werkzaamheden zorgvuldig uitgevoerd moeten worden. Wanneer bepaalde onderdelen van bijvoorbeeld een machine per ongeluk onder spanning komen te staan kunnen de gevolgen daarvan zeer ernstig zijn. Bedrijven willen daarom dat hun medewerkers voldoende onderricht zijn om de werkzaamheden kundig uit te kunnen voeren. Daarom kunnen bedrijven medewerkers verplichten om een cursus VOP te volgen.

Voor wie is een cursus Voldoende Onderricht Persoon bedoelt?
Wanneer van een monteur wordt verlangd dat hij of zij werkt aan elektrische onderdelen van machines, apparaten, installaties of gereedschappen is het belangrijk dat de monteur goed op de hoogte is van de wet en regelgeving en de veiligheidsaspecten die daarbij aan de orde komen. Een monteur die elektrotechnisch werk uitvoert moet dit op een verantwoorde manier doen zodat de monteur en de omgeving niet bloot staan aan gevaar.  Hiervoor heeft een monteur kennis nodig van elektrotechniek en daarnaast moet hij of zij weten hoe de werkzaamheden zo veilig mogelijk uitgevoerd kunnen worden.

Een cursus VOP (Voldoende Onderricht Persoon) wordt meestal verstrekt aan monteurs die zelf geen of weinig kennis hebben van elektrotechniek maar er wel mee te maken kunnen krijgen tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden. Dit kunnen bijvoorbeeld mechanisch onderhoudsmonteurs, machinebouwers, werktuigbouwkundige installatiemonteurs en revisiemonteurs zijn. Wanneer deze monteurs geen gedegen elektrotechnische opleidingen hebben gevolgd is een cursus Voldoende Onderricht Persoon NEN-EN-50110/NEN-3140  gewenst of zelfs noodzakelijk.

Ook aan ervaren elektromonteurs met een gedegen opleiding kan vereist worden dat ze een VOP cursus NEN-EN-50110/NEN-3140 gaan volgen. In dat geval wil het bedrijf of de opdrachtgever er zeker van zijn dat de elektromonteur de basiskennis nog beheerst en dat deze niet veroudert is. Het volgen van een VOP cursus NEN-EN-50110/NEN-3140 kan net zoals het VCA verplicht worden door een opdrachtgever of bedrijf. Uiteindelijk is het doel een veilige werkplek. Volgens de wet is een bedrijf verplicht om een veilige werkplek te garanderen aan haar medewerkers. Een bedrijf moet daarom kunnen aantonen dat de medewerkers kundig genoeg zijn om bepaalde werkzaamheden uit te voeren. Wanneer een bedrijf aan de Arbeidsinspectie kan laten zien dat de medewerkers, die elektrotechnische werkzaamheden uitvoeren, daarvoor voldoende onderricht zijn voldoet het bedrijf aan de regelgeving van de Arbowet.

Verschillende VOP cursussen
Er zijn verschillende soorten VOP cursussen omdat de elektrotechnische werkzaamheden die uitgevoerd worden in de praktijk onderling kunnen verschillen. Zo zijn er bijvoorbeeld VOP cursussen op het gebied van NEN-EN-50110/NEN-3140,  VOP Laagspanning NEN 1010 en de NEN 1014 / NEN-EN-IEC-62305 Bliksembeveiliging.

Het verschil tussen NEN-EN-50110 en NEN-3140 is niet heel groot. NEN-EN-50110 is de Europese norm voor de inspectie van elektrische installaties en de instructie en aanwijzen van personen. De NEN-3140 is een Nederlandse aanvulling op de Europese norm. Daarom moeten monteurs die in Nederland werken aan elektrische installaties over NEN-3140 beschikken.

NEN 1010 gaat over laagspanning. Deze norm gaat over de veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties. Deze installaties kunnen onder andere voorkomen in woningen en utiliteit maar ook in bedrijfswagens, jachten en andere vervoersmiddelen waarbij wordt gewerkt met laagspanning.

Wat leer je op een VOP cursus?
Er zijn verschillende opleidingsinstituten die VOP cursussen aanbieden. De cursusinhoud kan een beetje verschillen, maar komt in de kern op hetzelfde neer namelijk: het leren om op een veilige en verantwoorde manier om te gaan met de assemblage, in bedrijf stellen, reparatie en controle op elektrotechnische installaties. Op een VOP cursus leert een deelnemer de richtlijnen en wetgeving vanuit de Arbowet over het aanleggen van elektrische installaties en het toezicht houden daarop. Ook de toepassing van persoonlijke beschermingsmiddelen komt aan de orde. Gevaarherkenning en aansturen van medewerkers komt bij VOP cursussen ook aan bod. Een voldoende onderricht persoon moet ook in staat zijn om bij collega’s te kunnen signaleren dat veiligheidsaspecten worden genegeerd of over het hoofd gezien.  Een VOP cursus is op MBO niveau. Wanneer deze cursus door de cursist succesvol is afgerond met een examen is hij of zij een voldoende onderricht persoon VOP. Daarmee is iemand nog niet voor zijn leven lang VOP. Een NEN 3140 certificaat is bijvoorbeeld drie jaar geldig. Daarom moet een VOP om de drie jaar de cursus herhalen om VOP te blijven.

Waarvoor heb je een VCA certificaat nodig?

VCA is een norm die in Nederland beheerd wordt door de SSVV. In België wordt deze beheerd door BeSaCC. VCA is ontstaan uit een behoefte om ongelukken te beperken en de veiligheid te vergroten. In eerste instantie ontstond deze behoefte in de Offshore industrie. Later ontstond de wens voor VCA ook in de (petro)chemische industrie. Tegenwoordig wordt VCA bij verschillende bedrijven toegepast. Het aantal branches waarbinnen VCA gebruikelijk is neemt toe. Bij installatiebedrijven, civiele bouw, staalconstructiebedrijven, machinefabrieken en bij hoveniers wordt in toenemende mate gebruik gemaakt van VCA. Hoewel VCA niet door de wet verplicht is wordt VCA vaak wel verplicht gesteld door opdrachtgevers en bedrijven in de eerder genoemde branches. Doormiddel van deze verplichting hopen bedrijven het veiligheidsbesef van medewerkers te vergroten.

Stichting Samenwerken Voor Veiligheid
De VCA norm wordt, zoals eerder genoemd, beheerd door de SSVV. De Stichting Samenwerken Voor Veiligheid (SSVV) is een stichting die onafhankelijk is. Deze stichting heeft tot doel de arbeidsomstandigheden, veiligheid, het milieu en de vaardigheden van de brancheorganisaties die bij haar aangesloten zijn te bevorderen. Hiervoor ontwikkelt, normeert en standaardiseert ze VGM beheersystemen. Daarnaast zorgt ze voor onderlinge afstemming tussen deze beheersystemen en beheert ze het certificatiesystemen.

Afkorting VCA
Het VCA is een afkorting. Voluit geschreven is VCA: Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers. Een aannemer kan als hij VCA gecertificeerd is aantonen dat hij de vastgestelde aspecten omtrent veiligheid, gezondheid en milieu beheerst op de werkvloer bij de uitvoer van werkzaamheden. De nadruk bij VCA ligt op veiligheid en het voorkomen van ongelukken. Bedrijven die aangesloten zijn bij de SSVV en zich verbonden hebben aan de richtlijnen voor VCA moeten aan een aantal verplichtingen voldoen.

VCA behalen
Één van de verplichtingen vanuit SSVV is dat uitvoerende medewerkers doormiddel van het behalen van een VCA-examen op de hoogte moeten zijn van de veiligheidsaspecten op de werkvloer. Voordat een medewerker een VCA-examen doet heeft deze een cursus gedaan. Deze cursus kan hij of zij in eigen tijd doen of in sommige gevallen ook klassikaal. Het is belangrijk dat een VCA examen succesvol wordt afgerond omdat daarmee aangetoond kan worden dat de medewerker op de hoogte is van veiligheidsaspecten die bij het uitvoeren van het werk aan de orde komen. Na het behalen van het VCA wordt in een online database geregistreerd dat een medewerker in bezit is van VCA. Daarnaast krijgt de medewerker binnen afzienbare tijd een certificaat toegestuurd en indien gewenst een VCA-pas die hij mee kan nemen naar de werkplek. Met een VCA-pas kan hij op de werkvloer aantonen dat hij het VCA examen heeft gehaald. Een VCA is tien jaar geldig daarna zal een medewerker het certificaat opnieuw moeten behalen als hij of zij in de zelfde of vergelijkbare arbeidsomstandigheden blijft functioneren.

Basis VCA en  VOL VCA
Er wordt bij VCA onderscheid gemaakt tussen Basisveiligheid (ook wel Basis VCA of VCA 1 genoemd) en Veiligheid voor operationeel Leidinggevenden (ook wel VOL-VCA) genoemd. Het Basis VCA is bedoelt voor uitvoerende medewerkers en VOL-VCA is bestemd voor medewerkers die leidinggeven of toezicht houden op de werkzaamheden van uitvoerende medewerkers. Leidinggevenden met VOL-VCA kunnen tevens zogenaamde toolboxmeetings houden waarin ze uitvoerende medewerkers op de hoogte brengen van specifieke veiligheidsrisico’s die aanwezig zijn op de werkplek. Daarnaast kunnen tijdens deze meetings medewerkers ook situaties evalueren zodat de kans op schade en ongelukken verder kan worden beperkt. Of een medewerker nu Basis VCA heeft of VOL VCA hij of zij  is verantwoordelijk voor de eigen veiligheid en de veiligheid van alle personen die bij hem of haar in de buurt werken.

VCA bedrijfscertificaat
Voor bedrijven heeft een VCA bedrijfscertificaat toegevoegde waarde. Wanneer een bedrijf over een VCA bedrijfscertificaat beschikt heeft hij aandacht voor de aspecten veiligheid, gezondheid en milieu op de werkplek. Opdrachtgevers willen graag dat hun onderaannemers het werk op verantwoorde wijze uitvoeren. Met het VCA bedrijfscertificaat kan dit naast verschillende andere certificeringen worden aangetoond. De certificering van een bedrijf wordt door een onafhankelijke partij gedaan. Dit is belangrijk omdat daardoor een objectieve beoordeling tot stand komt en het certificaat waarde heeft. Hoewel een VCA certificaat voor een medewerker tien jaar geldig is worden bedrijven ieder jaar gecontroleerd of het bedrijf nog aan alle VCA eisen voldoet. Er zijn verschillende bedrijfscertificaten VCA * (één ster), VCA ** (twee sterren) en het VCA Petrochemie. Het type bedrijfscertificaat heeft onder andere te maken met de omvang van het bedrijf en in het geval van de VCA Petrochemie met de sector waarin het bedrijf actief is.

Kosten van een VCA certificaat
De kosten voor een VCA certificaat lopen sterk uiteen. Dit heeft onder andere te maken met het soort VCA wat behaald moet worden. Gaat het om een Basis VCA of een VOL VCA? Wanneer bedrijven meerdere medewerkers tegelijk een VCA examen laten doen kunnen de kosten voor een bedrijf ook worden beperkt. Daarnaast is de wijze waarop de VCA cursus wordt afgenomen nog van belang. Wordt gebruik gemaakt van een lesruimte met een instructeur of wordt het VCA examen gehaald na zelfstudie? Deze zaken spelen allemaal een rol bij het behalen van een VCA examen en de hoogte van de daaraan verbonden kosten. Gemiddeld kost een VCA cursus in combinatie met 1 examen tussen de 90 en 150 euro.

Veiligheid chemiebedrijven en tankbedrijven moet beter

Volgens de Tweede Kamer doen chemiebedrijven en tankbedrijven onvoldoende aan veiligheid. Op donderdag 5 september 2013 wordt in de Kamer gesproken over een tussenrapport over de veiligheid bij tankopslagbedrijven. Dit rapport is opgesteld door de inspectie SZW die de veiligheid van de tankopslagbedrijven onderzoekt en daarover publiceert. Een belangrijke aanleiding voor het onderzoeken van de veiligheid bij deze opslagbedrijven zijn de misstanden bij het Odfjell olieopslagbedrijf.

Tussenrapport van SZW
Volgens het tussenrapport van SZW hebben veel olieopslagbedrijven de veiligheid niet de hoogste prioriteit gegeven in hun bedrijfsvoering. Bij Odfjell is de veiligheid het slechtst gewaarborgd. Geen ander bedrijf heeft het met de veiligheid zo slecht voor elkaar als Odfjell. Bij dat bedrijf ging het 64 keer fout in 10 jaar tijd. Bij deze ‘fouten’ kan gedacht worden aan het niet houden aan wet en regelgeving. Hierdoor lopen medewerkers en omwonenden gevaar.

Veiligheid verplicht
Naast Odfjell is ook bij andere bedrijven in de olieopslag de veiligheid niet op orde. Er werden door de SZW verschillende problemen geconstateerd bij bedrijven. Deze problemen hadden onder andere te maken met koelinstallaties en blussystemen. Ook de explosieveiligheid liet bij een aantal bedrijven te wensen over. De Tweede Kamer maakt zich zorgen over deze tussenrapportage en wil meer druk uitoefenen op de olieopslagbedrijven. Er wordt onder andere gesproken over het verplicht aanstellen van een veiligheidskundige en het opleggen van hoge boetes wanneer bedrijven zich niet houden aan de regels.