Wat is niet-ioniserende straling?

Niet-ioniserende straling is een verzamelnaam voor straling die bestaat uit elektromagnetische golven. Deze EM golven bevatten een energie die te laag is om te ioniseren. In tegenstelling tot ioniserende staling heeft niet-ioniserende straling onvoldoende energie om een elektron uit een atoom te verwijderen. In deze tekst worden kort een aantal verschillende soorten niet-ioniserende straling benoemd en wordt daarnaast een korte beschrijving gegeven van de schadelijke effecten van deze straling.

Soorten niet-ioniserende straling
Er zijn verschillende soorten straling die niet ioniserend zijn. Een voorbeeld hiervan is ultraviolette (Uv) straling. Uv-licht is elektromagnetische straling die onder andere vrijkomt tijdens het elektrisch booglassen en uit verschillende kunstmatige verlichtingsbronnen zoals halogeenlampen, gasontladingslampen maar ook de natuurlijke verlichtingsbron: de zon.

Daarnaast vallen ook EM-velden onder de niet-ioniserende straling. Deze EM-velden worden veroorzaakt door mobiele telefoons, elektrische apparaten, hoogspanningslijnen, WiFi en straling vanuit zendmasten van radio en televisie. EM-velden worden onderverdeeld in extreem-laagfrequente (ELF) velden en radiofrequente (RF) velden.

Schadelijkheid van niet-ioniserende straling
Er is schadelijke niet-ioniserende staling en er zijn niet-schadelijke varianten. Zelfs bij een hoge intensiteit van niet-ioniserende straling kan niet-ioniserende straling geen ionisatie in biologische systemen (lichaamscellen) veroorzaken. Er kan echter wel andere schade aan het menselijke lichaam ontstaan indien het lichaam wordt blootgesteld aan niet-ioniserende straling.

Uv-straling is bijvoorbeeld schadelijk en kan huidkanker en staar veroorzaken bij mensen. Er zijn echter verschillende soorten Uv straling. Uv A-straling is de schadelijkste variant van Uv straling veroorzaakt bijvoorbeeld melanoom. Dit is de dodelijkste vorm van huidkanker. Uv B veroorzaakt verschillende andere soorten huidkanker die gevaarlijk zijn maar minder schadelijk dan melanoom. Uv C is een vorm van Uv-straling die door de atmosfeer wordt tegengehouden. Naast Uv-staling is er ook niet-ioniserende straling vanuit EM-velden. Deze straling is van een heel ander soort dan Uv-straling.

Niet-ioniserende straling vanuit EM-velden is in een lage dosering niet schadelijk voor de gezondheid zolang men niet langdurig aan deze straling wordt blootgesteld. Over de exacte schade die deze niet-ioniserende staling uit EM-velden veroorzaakt bij de gezondheid van mensen is echter veel onduidelijk. Met name de effecten op lange termijn van EM-velden met een lage veldsterkte zijn wetenschappelijk nog nauwelijks in kaart gebracht. Bij EM-velden vinden wel elektrische stromen plaats die ook door het weefsel en de cellen van mensen bewegen. Daardoor bestaat de kans dat er wel een bepaalde mate van schade of veranderingen plaatsvinden. De schade aan het lichaam zal groter worden naarmate de concentraties van de straling ook hoger worden. Hoe hoger de intensiteit van de niet-ioniserende straling hoe schadelijker het is voor de mens.

Niet-ioniserende straling is een verzamelnaam voor straling die bestaat uit elektromagnetische golven. Deze EM golven bevatten een energie die te laag is om te ioniseren. In tegenstelling tot ioniserende staling heeft niet-ioniserende straling onvoldoende energie om een elektron uit een atoom te verwijderen. In deze tekst worden kort een aantal verschillende soorten niet-ioniserende straling benoemd en wordt daarnaast een korte beschrijving gegeven van de schadelijke effecten van deze straling.

Wat is emaille of glazuur en waarvoor worden deze materialen gebruikt?

Emaille of email is een laag glas dat op voorwerpen kan worden aangebracht. Meestal wordt emaille aangebracht op metalen voorwerpen en op voorwerpen die van aardewerk zijn gemaakt. De reden waarom emaille wordt aangebracht is verschillend. Zo kan emaille bijvoorbeeld worden aangebracht om het onderliggende materiaal te beschermen. Daarnaast kan emaille ook worden gebruikt al isolatielaag. Omdat emaille een laag glas is die in verschillende kleuren kan worden gebracht wordt emaille ook wel gebruikt om objecten te versieren. Emaille kan ook worden gebruikt om bijvoorbeeld reclameborden en reclamespeldjes van kleuren te voorzien. Meestal is de ondergrond van deze borden van metaal gemaakt.  Een object waarop emaille is aangebracht noemt men geëmailleerd.

Emaille of glazuur
Emaille kan, zoals hiervoor beschreven, ook worden aangebracht op voorwerpen die van aardewerk zijn gemaakt. Als men een dunne glasachtige laag aanbrengt op producten van aardewerk noemt men dat over het algemeen glazuur. Er kunnen verschillende voorwerpen en producten worden voorzien van een glazuurlaag. Bekende voorbeelden van aardewerk producten zijn tegels, plavuizen en dakpannen. Deze voorwerpen zijn van klei gemaakt en worden in ovens gebakken. Hierdoor wordt de klei hard. In de oven wordt het glazuur dat op de voorwerpen en producten in poedervorm wordt aangebracht vloeibaar en smelt over het voorwerp of product heen. Dit zorgt er voor dat er een glazuurlaag ontstaat. Glazuur kan dienen ter bescherming van het product of het voorwerp. Daarnaast is glazuur ook in verschillende kleuren aan te brengen op producten en voorwerpen. Dit zorgt er voor dat glazuur ook een sierwaarde kan hebben.

Welke eigenschappen heeft emaille?
Emaille kan om verschillende redenen worden aangebracht op een product of voorwerp. Het is belangrijk dat men voordat men emaille toepast goed weet welke eigenschappen dit materiaal heeft. Als men bijvoorbeeld metalen producten of voorwerpen heeft die men wil beschermen is een positieve eigenschap van emaille dat de emaillelaag het metaal goed afsluit. Hierdoor kan er geen water en zuurstof bij het metaal komen en is het metaal goed beschermd tegen corrosie. Daarnaast kan emaille niet branden en is het erg hard. De hardheid van emaille zorgt er voor dat het materiaal er onder goed beschermd is. Emaille zelf is behoorlijk krasbestendig en glad daardoor is het materiaal ook hygiënisch en kunnen geëmailleerde voorwerpen worden gebruikt in bijvoorbeeld badkamers en keukens. Het materiaal is zeer goed bestand tegen de inwerking van chemische stoffen. Ook is emaille kleurvast en goed bestand tegen verkleuring die kan ontstaan door bijvoorbeeld UV-straling.

Als men emaille aanbrengt op aardewerk wordt de oppervlakte van het product of voorwerp dichter. Hierdoor wordt het aardewerk product minder waterdoorlatend. Dit zorgt er voor dat emaille of glazuur aardewerk producten geschikt maakt voor contact met water en andere vloeistoffen. Daarnaast wordt het aardewerk product ook krasbestendiger door het glazuur.

Zowel metalen producten als producten die van aardewerk zijn gemaakt kunnen door het aanbrengen van emaille worden verfraait. Dit gebeurd door het toevoegen van gekleurde oxiden voordat men gaat emailleren.

Een nadeel van emaille is dat een emaillelaag zeer hard en nauwelijks buigzaam is. Als emaille bijvoorbeeld wordt aangebracht op metalen voorwerpen is de kans groot dat het metaal buigzamer is dan het emaille. Hierdoor kunnen er barsten ontstaan in het emaille. In het eerste geval kunnen er scheuren ontstaan en kunnen er stukjes emaille van het basismateriaal afspringen. Hierdoor kan het onderliggende metaal bloot komen te staan aan zuurstof, water en chemische stoffen. Dit zorgt er voor dat er corrosie kan ontstaan. Om beschadiging van emaille tegen te gaan past men tegenwoordig emaille toe dat een gelijkwaardig uitzettingscoëfficiënt heeft als het onderliggende materiaal.

Waar worden emaille en glazuur toegepast?
Emaille kan op verschillende metalen worden aangebracht. Een aantal voorbeelden hiervan zijn koper en aluminium. Deze materialen bevatten geen ijzer en behoren tot de nonferro metalen. Emaille wordt in de praktijk ook regelmatig aangebracht op metalen die wel ijzer bevatten. Hierbij kan gedacht worden aan producten en voorwerpen die gemaakt zijn van staal of gietijzer. Deze materialen zijn zeer gevoelig voor corrosievorming. Emaille zorgt voor een goede beschermlaag tegen corrosie/ roest.

Emaille wordt op verschillende producten toegepast. Hieronder staan een aantal voorbeelden:

  • De buitenkant van witgoed producten wordt over het algemeen voorzien van emaille. Hierbij kan gedacht worden aan wasmachines, wasdrogers en afwasmachines. Ook kooktoestellen en gastoestellen kunnen worden voorzien van een emaille beschermlaag. Omdat deze producten goed schoon gehouden moeten worden en hygiënisch moeten zijn wordt over het algemeen een witte emaillelaag aangebracht.
  • Ook pannen, theepotten, vergieten en kannen werden in het verleden voorzien van een emaillelaag. Deze voorwerpen kregen uiteenlopende kleuren van rood tot mintgroen. Daarnaast waren we ook emaille voorwerpen die grijsgewolkt en oranje gevlamd werden geëmailleerd.
  • Reclameborden, verkeersborden en bewegwijzeringsborden moeten opvallende kleuren hebben zodat mensen goed kunnen zien wat er op staat en gewaarschuwd of geattendeerd kunnen worden. Het is belangrijk dat deze borden goed kleurvast zijn. Daarom werden en worden veel metalen borden nog voorzien van emaillelaag. Deze laag zorgt er voor dat het bord goed bestand is tegen krassen en roest en daarnaast is het bord tot ongeveer 50 jaar kleurvast.
  • Emaille wordt in de elektronica veel gebruikt als isolerende laag rondom koperdraad.

Glazuur wordt eveneens op verschillende producten en voorwerpen toegepast. Hier volgen een aantal voorbeelden.

  • Dakpannen worden tegenwoordig nog regelmatig voorzien van een glazuurlaag. Hierdoor is de dakpan glad en is het onderliggende materiaal goed beschermd tegen de regen.
  • Borden, mokken en bekers worden tegenwoordig ook van glazuur voorzien. Dit ziet er fraai uit en is daarnaast hygiënisch omdat emaille nauwelijks poreus is en er bijna geen vuil aan kan hechten.
  • Wastafels en wc’s worden over het algemeen ook geglazuurd voor verfraaiing en het hygiënische aspect.
  • Tegels en plavuizen zien er fraai uit met een emaillelaag. Deze laag kan echter wel beschadigen als er een hard voorwerp op valt.

Wat zijn lasogen en hoe kunnen lasogen worden voorkomen?

Lasogen ontstaan wanneer ogen teveel blootgesteld worden aan ultraviolette stralen. Dit kan onder andere gebeuren door te lang in de zon te kijken, of te lang onder de hoogtezon te zitten zonder de ogen voldoende te beschermen tegen UV stralen. Ook in poolgebieden kunnen ogen worden aangetast door UV straling wanneer men te lang in de zon over de sneeuw kijkt. Dit wordt ook wel sneeuwblindheid genoemd.

Lasogen in de techniek
In de techniek kan hetzelfde effect ontstaan wanneer iemand last zonder voldoende bescherming voor de ogen te gebruiken. Men spreekt dan van lasogen. Het hoornvlies van het oog is ontstoken door de inwerking van UV straling. Het hoornvlies wordt ook wel cornea genoemd en is het doorzichtige deel van het oog aan de buitenkant. Hierdoor valt het licht naar binnen. Wanneer het hoornvlies is ontstoken door UV straling spreekt men over lasogen.

Hoe zien lasogen er uit?
Lasogen zien er aan de buitenkant niet bijzonder afwijkend uit. Het oogwit van lasogen kan rood gekleurd zijn. Dit komt door de vaatverwijding. Voor degene die lasogen heeft is het echter pijnlijk. Mensen met lasogen kunnen nauwelijks licht verdragen en hebben het gevoel dat de ogen minder vocht bevatten. Hierdoor voelt het of de oogleden over de ogen heen schuren als iemand met lasogen knippert. Het draaien en bewegen van de ogen kan gepaard gaan met stekende pijn.

Hoe kunnen lasogen herstellen?
Lasogen herstellen over het algemeen binnen één tot twee dagen. Het is mogelijk om doormiddel van oogdruppels de pijn tijdelijk te stillen. Hierdoor vertraagt de genezing echter. Daarom worden oogdruppels meestal niet toegepast. Verder kan iemand met lasogen zelf wel pijnstillers gebruiken. Daarnaast is het raadzaam om een doek over de ogen te leggen. Mensen met lasogen doen er goed aan om fel licht te vermijden.

Hoe kunnen lasogen voorkomen worden?
Voorkomen is beter dan genezen, daarom is het belangrijk om de ogen zo goed mogelijk te beschermen tegen UV straling. In een omgeving met veel zon dient een zonnebril te worden gedragen met voldoende UV bescherming. Wanneer men last moet men er voor zorgen dat men een lashelm of laskap gebruikt met de juiste beschermingsglaasjes. Verder is het belangrijk dat je niet in de vlamboog kijkt van andere lassers. Daarom kan op de werkplek gebruik worden gemaakt van lasschermen of andere objecten waardoor de omstanders geen last hebben van de UV straling die van het lasproces afkomt. Hierbij moet ook rekening worden gehouden met spiegels en andere objecten die het licht van het lasproces kunnen reflecteren. Draag altijd de voorgeschreven oogbescherming op de werkplek.

Tips voor oogbescherming in de techniek

Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) zijn in de techniek van groot belang voor het voorkomen van letsel. Jaarlijks gebeuren er nog te veel ongelukken door het niet of onjuist gebruiken van PBM. De ogen zijn zeer kwetsbare onderdelen van het lichaam en moeten daardoor extra beschermd worden. In de techniek kunnen tijdens het uitvoeren van werkzaamheden, gruis, splinters, stof of andere onderdelen in het oog komen. Daarnaast kunnen ook zuren en andere bijtende vloeistoffen het gezichtsvermogen ernstig beschadigen. Ook lasvonken en stralingshitte kunnen zeer ernstig letsel veroorzaken aan de ogen. Een te grote dosis aan ultraviolette straling (UV straling) die niet voldoende wordt geblokkeerd door een lashelm kan er voor zorgen dat de lasser zogenoemde lasogen krijgt. In de techniek kan door onvoorzichtigheid de kans op oogletsel worden vergroot. Daarom is het van belang om een aantal tips voor het beschermen van je ogen goed in acht te nemen.

Hoe bescherm ik mijn ogen in de techniek?
In Nederland wordt veel waarde gehecht aan veiligheid op de werkplek. Voor de meeste werkzaamheden is bekend welke oogbescherming moet worden gedragen. Meestal wijst een leidinggevende de medewerker op het gebruik van de juiste oogbescherming. Daarnaast zijn op de meeste werkplekken borden geplaatst met daarop de aanduiding welke oogbescherming gedragen moet worden. Sommige werkgevers tonen instructiefilmpjes over de wijze waarop de oogbescherming gedragen moet worden. Deze instructies zijn er niet voor niets. Werkgevers zijn gebaat bij gezonde werknemers die letten op hun eigen veiligheid en de veiligheid van hun collega’s. Neem de instructies van de werkgever daarom altijd serieus. Hieronder staan een aantal algemene tips en aandachtspunten met betrekking tot oogbescherming:

  • Draag de juiste oogbescherming. Veiligheidsbrillen bieden niet altijd de gewenste bescherming omdat sommige veiligheidsbrillen niet geheel sluiten rondom de ogen. Hierdoor kunnen splinters en gruis alsnog achter de bril komen en de ogen beschadigen.
  • Ruimzichtbrillen worden gebruikt voor slijpen, boren en hakken. Ook voor het werken in een omgeving met veel stof worden ruimzichtbrillen aanbevolen. Een ruimzichtbril is een bril die geheel rondom de ogen op het gezicht aansluit. Er kunnen door het gebruik van een ruimzichtbril geen spaantjes, gruis of andere deeltjes achter de bril langs de ogen beschadigen.
  • Let op dat bij het verwijderen van de gelaatsbescherming geen deeltjes uit je haar of van de gelaatsbescherming zelf alsnog in de ogen terecht komen. Tijdens slijpen, boren en andere werkzaamheden is het goed mogelijk dat er wel deeltjes in het haar of vlak boven de gelaatsbescherming op het gezicht terecht komen. Nadat de gelaatsbescherming is verwijdert kunnen deze deeltjes alsnog in de ogen terecht komen.
  • Zorg er voor dat je alleen met een schone stofvrije hand in je ogen wrijft wanneer dat nodig is. Wrijf niet met je arm over je gezicht wanneer je niet zeker bent dat de arm vrij is van splinters, stof gruis en dergelijke.
  • Contactlenzen vervangen geen veiligheidsbrillen en andere gelaatsbescherming. In een omgeving met veel stof kunnen contactlenzen een extra risico vormen voor de ogen.
  • Wanneer gewerkt wordt met hogedrukreinigers en bijtende stoffen zoals zuren is het verplicht om de juiste gelaatsbescherming te dragen.
  • Wanneer gewerkt wordt boven het hoofd is het ook verstandig om een veiligheidsbril of andere gelaatsbescherming te dragen. Er kunnen tijdens technische werkzaamheden boven het hoofd namelijk onderdelen en gereedschappen in de ogen terecht komen zoals schroeven en schroevendraaiers.
  • Lassen moet altijd gebeuren met de juiste gelaatsbescherming en oogbescherming. Autogeen lassen en snijden moet gebeuren met een lasbril om de ogen te beschermen tegen infraroodstraling. Andere lasprocessen produceren schadelijke UV straling. Daarom is een goede lashelm of laskap verplicht. Deze laskappen en lashelmen moeten voorzien zijn van de juiste lasglazen.
  • Ook wanneer je niet zelf last moet je niet zonder de juiste oogbescherming in de vlamboog kijken van andere lassers. Daarom wordt de werkplek van lassers meestal afgeschermd doormiddel van lasschermen.
  • Wanneer je brildragend bent moet je kiezen voor de juiste veiligheidsbril op sterkte.

Een groot deel van bovenstaande tips spreken voor zich. Daarnaast is het van belang dat medewerkers niet alleen betrokken zijn bij hun eigen veiligheid maar ook bij de veiligheid van hun collega’s. Op de werkvloer moet men elkaar op de hoogte houden van de werkzaamheden die verricht worden en de veiligheidsaspecten die daarbij aan de orde komen. Daarnaast moet men letsel bij collega’s ook voorkomen. Wanneer iemand bijvoorbeeld gaat lassen moet hij of zij er voor zorgen dat de collega’s die in de buurt werken niet gehinderd kunnen worden door de UV straling. Daarom kan de lasser lasschermen rondom zijn of haar werkplek zetten. Verder moeten collega’s elkaar ook aanspreken op het naleven van de veiligheidsregels en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Veiligheid, communicatie en samenwerken zijn nauw met elkaar verbonden.