Wat is een tuimelaar in de verbrandingsmotortechniek?

Als men het in de verbrandingsmotortechniek heeft over een tuimelaar dan doelt men op een hefboom die geplaatst is tussen de nokkenas en de kleppen. Een tuimelaar is ontwikkeld toen men de kleppen aan de bovenkant van de verbrandingsmotor ging plaatsen en de nokkenas aan de onderkant van de motor. Onderliggende nokkenassen kunnen de kleppen aan de bovenkant niet rechtstreeks bedienen. Daarom werden tuimelaars ontwikkeld. De tuimelaars worden bediend door stoterstangen.

Hoe werkt een tuimelaar?
Een tuimelaar zet de draaiende beweging van de nok van de nokkenas om in een open en dichtgaande beweging van de klep. Hierbij maakt men gebruik van een hefboomeffect. Door dit hefboomeffect kan een grote kracht worden uitgeoefend op de klep. Zoals aangegeven bestaat de tuimelaar uit een bewegend deel dat werkt op basis van een hefboomeffect. De ene kant van de tuimelaar wordt in beweging gebracht door de stoterstang. De stoterstang komt in beweging door het draaien van de nokkenas.

Tussen de nokkenas en de stoterstang is bus geplaatst die meebeweegt als de nokkenas er tegenaan komt. De stoterstang duwt de ene kant van de tuimelaar omhoog waardoor de ander zijde van de tuimelaar naar beneden gaat. Aan die kant drukt de tuimelaar de klepsteel aan zodat de klep dicht gaat. Aan de onderzijde van de klepsteel bevindt zich de klep voor het in- en uitlaten van de brandstof van motor. Rondom de klepsteel bevind zich de klepveer die er voor zorgt dat de klep gesloten wordt wanneer de stoterstang naar beneden gaat en de tuimelaar wordt ontspannen. De klep wordt dus door de veer automatisch gesloten.

Waar treft men tuimelaars aan?
Tuimelaars worden voornamelijk geplaatst in motoren met een onderliggende nokkenas. Men plaatst echter ook wel tuimelaars in motoren met bovenliggende nokkenassen. Door de toepassing van tuimelaars kan men het aantal nokkenassen in een motor beperken. Ook kunnen de kosten worden beperkt door het gebruik van tuimelaars. Het gebruik van tuimelaars zorgt er voor dat men de kleppen zelf kan stellen. Dit is bij een directe aandrijving van de kleppen door de nokkenas minder goed mogelijk. Hierbij maakt men dan namelijk gebruik van een hydraulische klepstoter die zichzelf stelt.

Zwevende kleppen
Er kan ook sprake zijn van zogenaamde zwevende kleppen. In dit geval is het motortoerental hoger dan de trilfrequentie van de klepveer van de motor. Daardoor het mechanisme niet meer in staat is om het tempo bij te houden. Men kan dan beter sterkere klepveren gebruiken of dubbele klepveren zodat de klep met meer kracht dochtgedrukt wordt. Hierdoor kan de kans op zwevende kleppen worden verkleind.

Voordelen van de toepassing van tuimelaars
De toepassing van tuimelaars in de verbrandingsmotortechniek zorgt er voor dat men zelf de kleppen afstellen als men daarvoor de kennis in huis heeft. Men kan de klepspeling beïnvloeden door een met moeren geborgde stelbout aan te draaien.

Een lijnmotor wordt door de toepassing van een tuimelaar compacter. Daarnaast zorgt de toepassing van tuimelaars er voor dat er motorconstructies mogelijk zijn waarbij men de cilinders van de motor niet in één lijn heeft aangebracht. Hierbij kan men denken aan V-motoren zoals de V-8 en de V-12.

Wat is een carburateur of carburator?

Een carburateur wordt ook wel carburator genoemd en is een onderdeel van een verbrandingsmotor. De carburateur wordt gebruikt om de brandstof te vernevelen voordat de brandstof in de cilinders van de motor wordt gebracht. Door de verneveling ontstaat een mengsel van brandstof en lucht. Omdat men dit mengsel in de verbrandingsmotor aanbrengt heeft men het ook wel over mengselmotoren of een ottomotor. Moderne automotoren bevatten lang niet altijd meer een carburateur. In plaats daarvan is de carburator bijna altijd vervangen door een systeem met benzine inspuiting

Hoe ziet een carburateur er uit
Een carburateur bestaat uit een cilindrische vorm (buis) met aan een zijkant een cilindrische vorm (buis) met een kleinere diameter. Hierdoor ontstaat een T-vorm waarbij bij het deel met de kleinste diameter haaks staat op de rest. De T ligt echter op zijn kant. De carburateur bevat een luchtfilter aan de bovenkant van de grote buis, dit is tevens de bovenkant van de carburateu. Hier stroomt de lucht door langs de choke. Onder de choke is een vernauwing in de buis aanwezig.  Op dit punt is de kleine buis bevestigd.

Via de kleine buis, die haaks staat op de grote buis, wordt benzine binnen gebracht.  De benzine loopt langs een kogelkraan in een vlotterkamer met een vlotter waaraan een vlotterarm is bevestigd. Via een straalbuis stroomt de benzine door de druk van de vlotter in de grote buis op de plek waar de vernauwing in de buis aanwezig is.

Hoe werkt een carburator?
Als de zuiger van de motor omlaag gaat om nieuwe lucht aan te zuigen gedurende de aanzuigslag wordt de nieuwe lucht via de carburator aangetrokken. De carburator bevat echter een vernauwing wat er voor zorgt dat de lucht sneller gaat stromen als deze aangezogen worden. Door het zogenaamde venturi-effect wordt de druk lager. Dit zorgt er vervolgens weer voor dat er vanuit de kleine straalbuis benzine meegezogen kan worden. Deze benzine wordt vervolgens verneveld in de lucht. Door de sproeier en de kalibratie in het benzinekanaal kan men de verhouding van het mengsel van benzine en lucht veranderen. Een grotere sproeier vereist een groter gaatje voor het inbrengen van de benzine. Dit zorgt er voor dat er meer benzine wordt toegevoegd aan het mengsel. Doormiddel van de gasschuif en een gasnaald kan de hoeveelheid mengsel worden geregeld die aan de motor wordt toegevoerd.

Zoals aangegeven wordt in de carburateur een mengsel worden gemaakt van brandstof (benzine) en lucht. Daarom moet er dus ook lucht worden aangetrokken in de carburateur. Deze lucht komt binnen via een luchtinlaat. De invoer van lucht verloopt meestal via een luchtfilter. Door de zwaartekracht wordt er benzine aan de lucht toegevoegd als de brandstoftank boven de carburateur is gemonteerd. Men kan echter ook een elektrische brandstofpomp gebruiken of via de nokkenas een mechanisch aangedreven brandstofpomp. In tweetaktmotoren kan de benzine door een carter worden aangezogen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van onderdruk. Hierbij maakt men gebruik van een membraanpomp. Het benzine-luchtmengsel van een carburateur van viertaktmotor wordt via het inlaatspruitstuk langs inlaatkleppen in de cilinders van de motor gebracht, om doormiddel van bougies in de cilinders te worden verbrand.

Wat is het verschil tussen een distributieriem en distributieketting?

Een distributieriem en distributieketting worden beide toegepast in de autotechniek.  Ze worden echter niet gezamenlijk toegepast in een auto. Een auto heeft een distributieriem of een distributieketting. Deze riem of ketting is geplaatst in de motor van de auto. Een distributieriem of distributieketting wordt gebruikt om de nokkenas of nokkenassen aan te drijven. Dit gebeurd via de krukas. De nokkenassen bedienen de inlaatkleppen en uitlaatkleppen van de motor van de auto. De distributieriem en de distributieketting vormen een aandrijfmechanisme dat is ingebouwd aan de binnenkant van de motor. De riem en ketting zijn aan de buitenkant van de motor niet te zien. De distributieriem en distributieketting hebben dezelfde functie maar ze verschillen toch van elkaar. Hieronder zijn een aantal verschillen benoemd.

Verschillen tussen distributieriemen en distributiekettingen

Een distributieriem of distributieketting moet zeer sterk zijn want er komt een grote trekkracht op te staan. Deze trekkracht moet worden opgevangen zonder dat de riem of ketting breekt.  Zowel de riem als ketting zijn daarom van een sterk materiaal gemaakt dat een grote trekkracht kan verdragen. Dat moet ook want als een distributieriem of distributieketting breekt veroorzaakt veel schade aan de motor. De materialen verschillen wel.

Een distributieriem is een riem die gemaakt is van een sterke soort kunststof.  Deze bevat een extra versterking van trekdraden die in het kunststof zijn verwerkt. De riem is daardoor soepel en sterk. Aan de distributieriem zijn aan een kant zogenaamde tanden aangebracht.  Deze tanden zijn in de riem aangebracht zodat de riem voldoende grip heeft op de draaiende delen van de motor. Door de tanden kan de distributieriem effectief krachten overbrengen.

Op deze twee punten verschilt de distributieriem van de distributieketting, namelijk de vorm en het materiaal.  Een distributieketting bevat namelijk geen vertanding maar bestaat uit allemaal schakels. Tussen de schakels zitten gaatjes waar de tandwielen van de draaiende motordelen in vallen. Op die manier heeft de distributieketting grip. Deze ketting is bovendien gemaakt van gehard staal met een grote treksterkte. Om deze redenen is een distributieketting sterker en duurzamer dan een distributieriem.

Men ging er vaak van uit dat een distributieketting niet stuk gaat. Een distributieriem wordt meestal na een bepaald aantal kilometers of een bepaalde tijdsduur preventief vervangen om te voorkomen dat deze breekt of scheurt. Bij distributiekettingen doet men dit eigenlijk niet waardoor er wel een kans bestaat dat de ketting breekt maar die kans is niet heel groot. Tegenwoordig gebruikt men wel steeds vaker distributieriemen toe. Motoren zijn namelijk steeds compacter en lichter uitgevoerd. De vermogens van motoren worden groter en de motoren worden efficiënter. Daarvoor is de toepassing van distributieriemen effectiever.  Deze riemen worden ook in de meeste gevallen tijdig vervangen waardoor de kans op problemen zeer klein is.

Wat is zelfontbranding in de motortechniek?

Zelfontbranding is een verschijnsel dat onder andere voorkomt in de motortechniek. In de motortechniek heeft men het over zelfontbranding als een brandstof spontaan tot ontbranding komt. Daarbij is de zelfontbrandingstemperatuur van groot belang.  Deze temperatuur is de temperatuur waarop een stof tot ontbranding komt. De manier en het moment waarop zelfontbranding ontstaat is dus afhankelijk van de toestand waarin de brandstof zich bevindt. De optimale toestand waarop een brandstof tot zelfontbranding kan komen kan doormiddel van een verbrandingsmotor tot stand worden gebracht.

Dieselmotor en zelfontbranding

Een dieselmotor is een veelgebruikte verbrandingsmotor in onder andere auto’s en schepen. Het principe waarop een dieselmotor werkt is in 1892 door de Duitse werktuigbouwkundige Rudolf Diesel bedacht. Een dieselmotor maakt gebruik van de zelfontbranding van dieselbrandstof. De diesel wordt in de dieselmotor onder hoge druk samengeperst.  Daarbij loopt de temperatuur van de diesel zo hoog op dat de diesel tot zelfontbranding komt. Een dieselmotor is een zuigermotor.

Tijdens de compressieslag van de zuiger wordt de lucht gecomprimeerd.  Daarna wordt de diesel in de motor gespoten. De samengeperste diesel en lucht komen spontaan tot zelfontbranding.  Daardoor maakt de zuiger de arbeidsslag. De zuiger brengt de zuigerstang in beweging. De zuigerstang drijft de krukas aan zodat het voertuig in beweging wordt gebracht. Een dieselmotor bestaat uit een zware constructie omdat een dieselmotor de brandstof onder een veel grotere druk samenperst dan bijvoorbeeld de benzine wordt samengeperst in een mengselmotor of Ottomotor.

Cetaangetal

De zelfontbrandbaarheid is voor diesel van groot belang. Daarom wordt de kwaliteit van diesel ook wel aangeduid met een getal waarmee de zelfontbrandbaarheid van het dieselmengsel duidelijk wordt. Dit getal is het cetaangetal. Het dieselmengsel wordt bij het bepalen van het cetaangetal vergeleken met de koolwaterstof hexadecaan. Hoe hoger het cetaangetal hoe sneller de diesel tot zelfontbranding komt. Een hoog cetaangetal maakt duidelijk dat het om een goede dieselkwaliteit gaat.

Mengselmotor of Ottomotor

Voor een dieselmotor is zelfontbranding van brandstof gewenst. Daarvoor is veel druk nodig die wordt veroorzaakt in een dieselmotor. In mengselmotoren kan men een dergelijke druk niet realiseren. Een mengselmotor of Ottomotor is minder stevig geconstrueerd dan een dieselmotor. Bij mengselmotoren maakt men gebruik van een andere brandstof. In een mengselmotor maakt men gebruik van brandstoffen zoals benzine of lpg.

Het benzinemengsel of de lpg in mengselmotoren wordt niet zo sterk gecomprimeerd als bij dieselmotoren. Daarnaast mag benzine of lpg niet spontaan tot ontbranding komen. Men zegt ook wel dat benzine klopvast moet zijn. De klopvastheid van benzine wordt ook wel verduidelijkt met een octaangetal. Diesel heeft dus een cetaangetal en benzine heeft een octaangetal. Diesel moet tot zelfontbranding komen en benzine juist niet.

Benzine moet uiteraard ook tot ontbranding komen anders ontstaat er te weinig druk in de mengselmotor. Benzine komt niet spontaan tot ontbranding maar wordt tot ontbranding gebracht doormiddel van vonken van bougies. Mengselmotoren hebben dus bougies. Een dieselmotor heeft geen bougies omdat het dieselmengsel tot zelfontbranding komt.

Wat wordt bedoelt met carrosserie?

Carrosserie is een benaming die wordt gebruikt voor de constructie van een motorvoertuig zoals een auto, bus of vrachtwagen. Met carrosserie wordt alleen de statische constructie bedoelt zonder de delen die doormiddel van uitneembare verbindingen (zoals schroefdraadverbindingen) aan de carrosserie zijn bevestigd. De carrosserie vormt als het ware het geraamte van het motorvoertuig. Dit wordt ook wel het koetswerk genoemd. Het woord carrosserie is afkomstig uit het Frans. Het Franse woord ‘carrosse’ kan in het Nederlands worden vertaald met ‘koets’. Vandaar dat men in het Nederlands ook het woord koetswerk gebruikt als men de carrosserie bedoelt.

Materiaalgebruik voor carrosserie
Vroeger werden voor de carrosserie voornamelijk natuurlijke materialen gebruikt zoals metalen en hout. Tegenwoordig gebruikt men steeds meer kunststoffen. De kunststoffen hebben een lichter gewicht dan de meeste metalen. Daarnaast zijn kunststoffen goed te vervormen en gemakkelijk op de gewenste kleur te brengen.

Productieproces van carrosserie
Tijdens het productieproces van motorvoertuigen worden allerlei losse delen aan of in de carrosserie gemonteerd. Soms wordt de carrosserie op een chassis geplaatst. Het chassis is een compleet rijdbaar onderdeel en vormt het dragende deel van het voertuig. Aan het chassis zijn de aandrijflijn en de wielophanging gemonteerd.

Het chassis is het dragende deel van het voertuig en samen met de carrosserie bieden deze twee delen de stevigheid en in belangrijke mate ook de torsiestijfheid van het voertuig. Er dient echter ook een motor in het motorvoertuig te worden geplaatst. Daarnaast zijn er nog zeer veel onderdelen die aan of in de carrosserie worden gemonteerd. Hierbij kan men denken aan de uitlaat, de deuren, de ramen en motorkap. Ook het complete interieur waaronder de stoelen en het dashboard worden aan de carrosserie bevestigd.

Zelfdragende carrosserie
De carrosserie vormt, zoals eerder beschreven, het geraamte van het motorvoertuig. Daarom worden ook eisen aan de carrosserie gesteld op het gebied van stevigheid. Een zelfdragende carrosserie is ook mogelijk. Hierbij heeft het voertuig geen chassis maar zijn alle onderdelen aan de carrosserie bevestigd. De zelfdragende carrosserie is nog steviger uitgevoerd dan voertuigen waarbij de carrosserie op een chassis wordt gemonteerd. Deze constructiemethode wordt tegenwoordig het meeste gebruikt bij het vervaardigen van personenauto’s. Ook bij de constructie van sportwagens wordt vaak gekozen voor een zelfdragende carrosserie. Deze constructie is steviger en daardoor veiliger dan de constructiemethode waarbij een carrosserie wordt bevestig op een chassis.

Wat is actieve veiligheid bij machines en voertuigen?

Actieve veiligheid is een term die wordt gebruikt voor alle technische systemen en constructies die aanwezig zijn in en rond een voertuig of machine met het doel: het voorkomen van letsel en ongevallen. Passieve veiligheid verschilt met actieve veiligheid omdat passieve veiligheid gericht is op het beperken van de schadelijke gevolgen tijdens een ongeval. Met name in de voertuigindustrie is actieve veiligheid een zeer bekende term. Actieve veiligheid wordt echter ook toegepast bij machines.

Voorbeelden van actieve veiligheid
Als men het heeft over actieve veiligheid bij auto’s en bedrijfswagens heeft men het meestal over een enorme diversiteit aan technieken en systemen die geïntegreerd kunnen zijn in auto’s.  Zo zijn bijvoorbeeld de banden, wielophanging en vering belangrijk voor de wegligging van het voertuig. Dit heeft invloed op de veiligheid omdat het contact met de weg van groot belang is. Ook het remsysteem is belangrijk, systemen zoals rembekrachtiging, gescheiden remsysteem en antiblokkeersysteem (ABS) zorgen er voor dat de veiligheid wordt vergroot.

Ook een electronic stability program (ESP) vergroot de veiligheid evenals de stuurbekrachtiging. Verlichting zorgt er ook voor dat de veiligheid wordt verbetert en ongelukken worden voorkomen. Door een goede verlichting heeft de bestuurder een beter zicht op het omringende verkeer. Daarnaast is het voertuig ook voor de overige verkeersdeelnemers beter zichtbaar. Een derde remlicht zorgt er voor dat achteropkomende voertuigen goed kunnen zien dat de bestuurder op de rem trapt. Hierdoor kunnen andere weggebruikers tijdig anticiperen.

Ook bij motorfietsen wordt aandacht besteed aan actieve veiligheid.  Ook hierbij is het integraal remsysteem belangrijk evenals het antiblokkeersysteem. Verder zijn spiegels belangrijk voor het zicht van de motorrijder. Verlichting is voor motorfietsen ook van groot belang, omdat het verhoudingsgewijs kleine voertuigen zijn op de weg. Daarom moeten ze goed zichtbaar zijn voor de overige weggebruikers. Verder kunnen motorfietsen ook worden uitgerust met een tyre-pressure monitoring system, een startbeveiliging, tractiecontrole en een slipkoppeling ter verbetering van de veiligheid.

Bij machines kunnen speciale veiligheidssystemen worden aangebracht met behulp van camera’s en sensors die kunnen zien of mensen in de buurt van scherpe of roterende machinedelen komen. De machine kan dan automatisch uitschakelen. Verder kunnen roterende of snijdende machinedelen worden afgeschermd met beschermkappen. Ook is het mogelijk om machines zo te ontwerpen dat ze met twee handen bediend moeten worden zodat mensen niet met één hand in de snijdende delen terecht kunnen komen.

Actieve veiligheid is geen garantie
Actieve veiligheid biedt geen garantie tegen ongelukken. Uiteindelijk zal de bestuurder of de machinebediener zelf een doorslaggevende rol spelen bij het reduceren van de kans op ongelukken. Veiligheid begint bij de mensen zelf. Zij dienen de machines en voertuigen veilig te gebruiken en regelmatig te onderhouden. Goed onderhoud zorgt er namelijk voor dat de kans op ongelukken klein blijft. Daarom is voor auto’s de Algemene Periodieke Keuring APK ingevoerd. Ook machines moeten regelmatig door een erkende instantie worden gekeurd. In Nederland dient men in bezit te zijn van een geldig rijbewijs en dienen machinebedieners van te voren goed geïnstrueerd te zijn over de werking van machines en de risico’s die daaraan verbonden zijn.

Waaruit bestaat een APK oftewel een Algemene Periodieke Keuring?

APK staat voor Algemene Periodieke Keuring. Deze keuring is in Europa verplicht voor auto’s. De APK is bedoelt om de verkeersveiligheid te bevorderen en het milieu te beschermen. Er wordt onderheid gemaakt tussen een APK voor lichte voertuigen en een APK voor zware voertuigen. Een APK is een keuring die moet worden uitgevoerd door een erkend APK-bedrijf. Deze erkenning wordt gedaan door de RDW.

RDW
De afkorting RDW staat voor RijksDienst voor het Wegverkeer. Deze instantie is een zelfstandig bestuursorgaan welke onder andere verantwoordelijk is voor het toezicht en het controleren van de technische deugdelijkheid van gemotoriseerde voertuigen. Deze controle wordt onder andere gedaan doormiddel van de APK.

RDW erkend
Autobedrijven die in Nederland een APK mogen uitvoeren hebben een erkenningsschild met daarop ‘RDW erkend’. Daarnaast staat er een sticker op het bord met de tekst ‘APK lichte voertuigen’ of ‘APK zware voertuigen’.  Hierdoor weet een automobilist dat een bedrijf door de RDW erkend is om een APK uit te voeren.

Wat is het doel van een APK?
Het belangrijkste doel van de APK is het controleren of de auto technisch in orde is en dat de bestuurder met de auto veilig kan rijden zonder zichzelf en andere weggebruikers in gevaar te brengen. Daarnaast wordt ook aandacht besteed aan milieuaspecten. Een auto moet niet onnodig vervuilend zijn en het lekken van olie en andere schadelijke stoffen zoals koelvloeistoffen moet zoveel mogelijk worden voorkomen.

Ondanks de doelstelling en de frequentie van een APK blijft deze keuring slechts een momentopname. Een APK is daardoor geen garantie dat het voertuig ook daadwerkelijk een jaar lang technisch in orde blijft. Daar zijn namelijk verschillende factoren van afhankelijk. Verder is een APK voor de auto eigenaar geen reden om de auto niet te onderhouden. Ook na het verstrekken van een nieuw positief APK keuringsrapport zal de auto goed onderhouden moeten worden en zal onder andere de bandenspanning, de koelvloeistof en het oliepeil regelmatig door de bestuurder moeten worden gecontroleerd.

Waar wordt op gelet tijdens een APK?
De APK wordt gedaan door een APK keurmeester. Dit is een automonteur of een autotechnicus die een opleiding heeft gevolgd voor het uitvoeren van algemene periodieke keuringen aan voertuigen. Een APK keurmeester is bevoegd om deze keuringen uit te voeren. Deze keurmeesters werken bij een RDW erkend bedrijf. Tijdens de APK wordt op een aantal aspecten gelet.

Verkeersveiligheid
Allereerst let men op de verkeersveiligheid. Tijdens dit onderdeel van de APK wordt gelet op de volgende technische aspecten van het voertuig:

  • Remmen
  • Wielophanging
  • Schokdempers
  • Banden
  • Stuurinrichting
  • Verlichting
  • Carrosserie

Milieu
Naast verkeersveiligheid is ook het milieu een belangrijk aspect. Tijdens dit onderdeel van de keuring wordt gekeken of de auto niet onnodig milieubelastend is. Hierbij komen de volgende keuringsonderdelen aan de orde:

  • Uitlaatgassen
  • Roetmeting  bij dieselmotoren.
  • Viergasmeting bij benzinemotoren

Voertuig
Tijdens de APK wordt naast de verkeersveiligheid en de milieutechnische staat van de auto ook gekeken naar de algemene aspecten met betrekking tot het voertuig. Hierbij wordt onder andere gekeken naar het voertuigidentificatienummer en het kentekenbewijs deel I. Ook de gebruikte brandstof wordt beoordeeld. Een voertuig moet over de juiste kentekenplaten beschikken.

Wat wordt bedoelt met reviseren in de techniek?

Het woord revisie hoor je regelmatig in de techniek. Revisie houdt verband met het onderhouden van machines, voertuigen, productiemachines en grote werktuigen. Reviseren is afgeleid van de Franse uitdrukking die voor herzien of herziening wordt gebruikt. Naast de techniek wordt het woord revisie onder andere ook gebruikt in de rechtspraak. Wanneer men het echter over revisie en reviseren heeft denken de meeste mensen aan de techniek. Motorrevisie is een term die veel wordt gebruikt in motorvoertuigentechniek. Daarnaast komen de woorden deelrevisie en machinerevisie ook voor. Hieronder is kort omschreven wat met revisie in de techniek wordt bedoelt.

Waarom wordt revisie gedaan?
Revisie van een machine wordt gedaan om een machine te optimaliseren. Hierbij kan het lokaliseren van een storing doormiddel van een softwaresysteem zoals PLC’s aan de orde komen. Een machine wordt hiervoor gecontroleerd op de technische deugdelijkheid. Het is belangrijk dat de onderdelen goed geïnspecteerd kunnen worden. Daarom moeten de onderdelen schoon worden gemaakt. Hierbij worden onder andere de smeermiddelen zoals oliën en vetten verwijdert.  Tijdens een revisie kunnen verschillende onderdelen van een machine onderzocht worden. Zo kan gekeken worden naar elektrische, mechanische en elektronische componenten.

Revisie moet vakkundig gebeuren
Monteurs die revisie uitvoeren moeten goed weten waar ze op moeten letten. Daarvoor is een gedegen technische kennis vereist. Daarnaast moet een monteur goed kunnen beoordelen wat wel en niet goed gekeurd mag worden tijdens het beoordelen van machines en machineonderdelen. Wanneer er onderdelen van een machine niet goed functioneren wordt gekeken of deze onderdelen vervangen of hersteld kunnen worden. Daarbij wordt ook gekeken naar de oorzaken van de beschadigingen en slijtage. Het doel hiervan is het voorkomen of beperken van dezelfde beschadigingen en slijtage in de toekomst. De bevindingen van deze inspectie kunnen in een rapport worden weergegeven.

Aandachtspunten bij revisie
Het is mogelijk om een hele machine te reviseren of een deelrevisie uit te voeren. Wanneer een deelrevisie wordt uitgevoerd is het belangrijk dat men wel complete systemen en onderdelen van machines inspecteert en vervangt. Wanneer bijvoorbeeld twee tandwielen in elkaar draaien en beide tandwielen zijn in meer of mindere mate versleten is het niet verstandig om slechts één tandwiel te vervangen. Het nieuwe tandwiel zal door het versleten tandwiel extra worden aangetast en daardoor sneller slijten. Daarom moeten tandwielen die in elkaar draaien meestal als compleet geheel worden vervangen.

Nadat de revisie is uitgevoerd aan een machine, werktuig of voertuig worden er meestal verschillende testen gedaan. Tijdens deze testen moet blijken dat het gereviseerde object weer goed functioneert. Wanneer dit niet het geval is moet men verder gaan met reviseren.