Vergisting van biomassa

Biomassa kan op verschillende manieren worden gebruikt als energiebron. De gebruikelijke methoden zijn verbranding, vergassing en vergisting. Het laatste proces, vergisting, is een vorm van een rottingsproces. Het vergisten van bijvoorbeeld groente- fruit- en tuinafval gebeurd zonder zuurstof en met andere bacteriën dan de bacteriën die voor compostering worden gebruikt. Tijdens de vergisting van afval ontstaat er een brandbaar gas, het methaangas.

In een warmtekrachtcentrale kan men dit methaangas verbranden. Hierdoor ontstaat zogenaamde duurzame warmte. Het gas dat namelijk verbrand wordt is niet afkomstig uit de aardbodem en geen fossiele brandstof. Methaangas dat uit vergisting wordt verkregen is duurzaam omdat het tijdens vergisting voortdurend opnieuw verkregen kan worden en dus in theorie niet op kan raken. Zolang er afval aanwezig is dat vergist kan worden kan methaangas verkregen worden.

Biogas
Biogas is een gas dat veel methaan bevat. Dit gas wordt onder andere geproduceerd door afvalverwerkers en agrarische bedrijven. Ook rioolzuiveringsinstallaties produceren doormiddel van vergisting biogas. Daarvoor gebruiken rioolzuiveringsbedrijven het rioolslib. Dit rioolslib kan goed vergist worden omdat het allemaal afvalstoffen en bacteriën bevat. Het vergisten van rioolslib wordt daarom bij veel rioolwaterzuiveringsinstallaties gedaan.

Op agrarische bedrijven wordt met name de mest van dieren vergist in vergistingsinstallaties. Daarnaast wordt er ook overige agrarische afvalproducten aan dit vergistingsproces toegevoegd. Dit bijmengen van vergistingsafval wordt ook wel co-vergisting genoemd.

Stortgas
Op vuilstorthopen treed ook een vergistingsproces op. Deze vergisting komt automatisch tot stand als men organisch afval laat rotten. Daarbij ontstaat dus ook methaan. Het methaangas dat ontstaat op stortplaatsen noemt men ook wel stortgas. Dit stortgas kan men verbranden. Daarvoor moet men het stortgas echter wel opvangen. Daarvoor kunnen leidingen worden aangelegd in de afvalberg.

Met de leiding vangt men het stortgas op en wordt dit gas getransporteerd naar een centraal punt. Het stortgas is ook een duurzaam gas omdat het geen fossiel gas is. Het opvangen van stortgas is milieuvriendelijk. Methaan is namelijk een schadelijk broeikasgas en zelfs schadelijker dan CO2. Daarom is het goed om methaan op te vangen en te verbranden. Bij het verbranden van methaan wordt dit gas namelijk omgezet in CO2. Daardoor wordt afval dat in feite niet meer bruikbaar is toch nog nuttig gebruikt. Het is niet de ideale situatie voor de circulaire economie maar het is beter dan restafval geheel onbenut te laten.

Wat zijn organische brandstoffen?

Organische brandstoffen zijn energiedragers van organische aard die energie leveren doormiddel van een chemische reactie zoals verbranding of oxidatie. Organische brandstoffen zijn organisch, dat wil onder andere zeggen dat deze brandstoffen koolstofverbindingen bevatten. De energie die door de verbranding of oxidatie van organische brandstoffen ontstaat kan worden gebruikt voor licht, warmte en kinetische energie.

Voorbeelden van organische brandstoffen
Organische brandstoffen worden in de praktijk veel gebruikt. Er zijn door de jaren heen verschillende organische brandstoffen ontwikkeld met specifieke eigenschappen. We noemen een aantal voorbeelden van organische brandstoffen:

  • Aardolie is een fossiele brandstof waaruit verschillende motorbrandstoffen zijn ontwikkeld zoals benzine, diesel en kerosine.
  • Lpg oftewel liquefied petroleum gas. Wordt gemaakt door een behandeling van zowel aardolie als aardgas. Lpg is een fossiele brandstof waarvan ongeveer 60% wordt gewonnen uit en 40% uit raffinage van olie.
  • Aardgas is fossiele brandstof en wordt onder andere als compressed natural gas CNG op de markt gebracht en als: Liquefied/liquid natural gas (lng). Lng is vloeigbaar gemaakt aardgas en is een cryogene brandstof.
  • Steenkool is een fossiele brandstof die onder andere nog veel wordt gebruikt in kolencentrales.
  • Bruinkool is ook een fossiele brandstof die in het verleden veel werd gebruikt.
  • Biobrandstof is een verzamelnaam die wordt gebruikt voor verschillende brandstoffen die een organische oorsprong hebben maar niet bestaan uit fossiele brandstoffen. Biobrandstoffen kunnen vast, vloeibaar of gasvormig zijn en worden vaak geproduceerd uit afval.
  • Biomassa is ook geen fossiele brandstof en bestaat uit zowel plantaardig als dierlijk materiaal.
  • Hout wordt tegenwoordig nog steeds als brandstof gebruikt in bijvoorbeeld een open haard.
  • Houtpellets zijn korreltjes die zijn gemaakt van houtpoeder en worden met name gebruikt voor pelletkachels en pelletketels.
  • Turf is opgedroogd veen en werd in het verleden gebruikt als brandstof.

Wat is zelfontbranding in de motortechniek?

Zelfontbranding is een verschijnsel dat onder andere voorkomt in de motortechniek. In de motortechniek heeft men het over zelfontbranding als een brandstof spontaan tot ontbranding komt. Daarbij is de zelfontbrandingstemperatuur van groot belang.  Deze temperatuur is de temperatuur waarop een stof tot ontbranding komt. De manier en het moment waarop zelfontbranding ontstaat is dus afhankelijk van de toestand waarin de brandstof zich bevindt. De optimale toestand waarop een brandstof tot zelfontbranding kan komen kan doormiddel van een verbrandingsmotor tot stand worden gebracht.

Dieselmotor en zelfontbranding

Een dieselmotor is een veelgebruikte verbrandingsmotor in onder andere auto’s en schepen. Het principe waarop een dieselmotor werkt is in 1892 door de Duitse werktuigbouwkundige Rudolf Diesel bedacht. Een dieselmotor maakt gebruik van de zelfontbranding van dieselbrandstof. De diesel wordt in de dieselmotor onder hoge druk samengeperst.  Daarbij loopt de temperatuur van de diesel zo hoog op dat de diesel tot zelfontbranding komt. Een dieselmotor is een zuigermotor.

Tijdens de compressieslag van de zuiger wordt de lucht gecomprimeerd.  Daarna wordt de diesel in de motor gespoten. De samengeperste diesel en lucht komen spontaan tot zelfontbranding.  Daardoor maakt de zuiger de arbeidsslag. De zuiger brengt de zuigerstang in beweging. De zuigerstang drijft de krukas aan zodat het voertuig in beweging wordt gebracht. Een dieselmotor bestaat uit een zware constructie omdat een dieselmotor de brandstof onder een veel grotere druk samenperst dan bijvoorbeeld de benzine wordt samengeperst in een mengselmotor of Ottomotor.

Cetaangetal

De zelfontbrandbaarheid is voor diesel van groot belang. Daarom wordt de kwaliteit van diesel ook wel aangeduid met een getal waarmee de zelfontbrandbaarheid van het dieselmengsel duidelijk wordt. Dit getal is het cetaangetal. Het dieselmengsel wordt bij het bepalen van het cetaangetal vergeleken met de koolwaterstof hexadecaan. Hoe hoger het cetaangetal hoe sneller de diesel tot zelfontbranding komt. Een hoog cetaangetal maakt duidelijk dat het om een goede dieselkwaliteit gaat.

Mengselmotor of Ottomotor

Voor een dieselmotor is zelfontbranding van brandstof gewenst. Daarvoor is veel druk nodig die wordt veroorzaakt in een dieselmotor. In mengselmotoren kan men een dergelijke druk niet realiseren. Een mengselmotor of Ottomotor is minder stevig geconstrueerd dan een dieselmotor. Bij mengselmotoren maakt men gebruik van een andere brandstof. In een mengselmotor maakt men gebruik van brandstoffen zoals benzine of lpg.

Het benzinemengsel of de lpg in mengselmotoren wordt niet zo sterk gecomprimeerd als bij dieselmotoren. Daarnaast mag benzine of lpg niet spontaan tot ontbranding komen. Men zegt ook wel dat benzine klopvast moet zijn. De klopvastheid van benzine wordt ook wel verduidelijkt met een octaangetal. Diesel heeft dus een cetaangetal en benzine heeft een octaangetal. Diesel moet tot zelfontbranding komen en benzine juist niet.

Benzine moet uiteraard ook tot ontbranding komen anders ontstaat er te weinig druk in de mengselmotor. Benzine komt niet spontaan tot ontbranding maar wordt tot ontbranding gebracht doormiddel van vonken van bougies. Mengselmotoren hebben dus bougies. Een dieselmotor heeft geen bougies omdat het dieselmengsel tot zelfontbranding komt.

Wat is stookolie brandstof?

Stookolie wordt gemaakt van aardolie. Aardolie wordt uit de aardkorst gehaald. Het is een fossiele delfstof die doormiddel van raffinage in raffinaderijen in verschillende eindproducten kan worden omgezet. Tijdens de raffinage van aardolie wordt aardolie in een atmosferische destillatiekolom gescheiden in verschillende soorten brandstoffen. Aardolie kan worden opgedeeld in lpg, nafta, benzine,  petroleum,  kerosine en stookolie. Ook stookolie wordt dus van aardolie gemaakt. Er zijn echter verschillende soorten stookolie. Men deelt stookolie ook wel in drie categorieën:

  • Lichte stookolie,
  • Halfzware stookolie,
  • Zware stookolie.

Hieronder is meer informatie weergegeven over deze drie verschillende stookoliegroepen. Over het algemeen wordt stookolie als brandstof gebruikt voor motoren. In het verleden werd stookolie in Nederland ook wel gebruikt als brandstof voor verwarmingsinstallaties maar tegenwoordig gebruikt men daarvoor aardgas of aardwarmte. Stookolie wordt tegenwoordig echter nog steeds gebruikt voor motoren hoewel het geen duurzame schone brandstof is.

Lichte stookolie

Lichte stookolie is er in verschillende vormen. Dieselolie of gasolie is ook een lichte stookolie. Deze stookolie wordt ook wel gebruikt voor dieselmotoren van vrachtwagens, auto’s en tractoren. Ook voor schepen wordt dieselolie als brandstof gebruikt. Vroeger werd aan dieselolie, die als brandstof diende voor dieselmotoren voor buitenverkeer, een rode kleurstof toegevoegd.  De toevoeging van deze rode kleurstof zorgde er voor dat de dieselolie de naam rode diesel kreeg. Aan rode diesel werd tevens de stof furfural als marker toegevoegd. Deze rode diesel mocht echter alleen voor buitenverkeer zoals landbouwvoertuigen worden gebruikt en niet voor wegverkeer.

Sinds 1 januari 2013 wordt rode diesel echter ook niet meer gebruikt in Nederland als brandstof voor voertuigen voor wegverkeer, landbouwverkeer en overig verkeer op land. Rode diesel wordt nog wel gebruikt als brandstof voor schepen die niet worden gebruikt voor de pleziervaart. Volgens de website van de Rijksoverheid is rode diesel voor de commerciële scheepvaart anno 2016 nog vrijgesteld van accijns. Rode diesel mag elders niet meer gebruikt worden omdat de overheid daardoor inkomsten uit accijns misloopt.

Halfzware stookolie

Halfzware stookolie is een zwaardere stookolie dan lichte stookolie. Deze stookolie wordt onder andere gebruikt als brandstof voor scheepsdieselmotoren. Ook voor grote industriële verwarmingssystemen wordt halfzware stookolie gebruikt. Deze stookolie moet voor gebruik worden voorverwarmd. Halfzware stookolie heeft een hogere viscositeit dan lichte stookolie.

Zware stookolie

Zware stookolie heeft een nog hogere viscositeit dan halfzware stookolie. Dit houdt in dat zware stookolie nog stropiger is. Daardoor is deze stookolie voor veel dieselmotoren niet bruikbaar. Zware stookolie wordt wel als brandstof gebruikt voor grote dieselmotoren van zeeschepen. Zware stookolie is in gekoelde toestand veel te stroperig daarom het verwarmd worden en verwarmd worden opgeslagen.  Het gebruik van zware stookolie is erg milieubelastend omdat er veel schadelijke stoffen vrijkomen bij de verbranding van zware stookolie. Daarom willen verschillende organisaties een vervangende brandstof voor zware stookolie introduceren.

LNG brandstof

Liquid natural gas (LNG) is volgens Shell een zeer goede vervangende brandstof. Er worden in de toekomst steeds meer schepen voorzien van LNG-brandstof om daarmee het milieu te besparen door een lagere CO2 uitstoot. De meeste schepen varen anno 2016 nog op zware stookolie. Havens zoals Rotterdam mainport geven echter echter korting als zeeschepen varen op LNG. Daardoor zal LNG in de toekomst meer worden gebruikt.  Ook de wet en regelgeving kunnen in de toekomst het gebruik van zware stookolie aan banden leggen zodat men genoodzaakt is om minder milieubelastende bandstoffen zoal LNG te gebruiken als brandstof.

Wat zijn de voordelen en nadelen LPG

Lpg wordt over het algemeen autogas genoemd. De afkorting lpg staat voor ‘Liquefied Petroleum Gas’. Dit betekend vloeibaar petroleum gas. Lpg kan als brandstof worden gebruikt in mengselmotoren (Ottomotor). Daarvoor moet echter wel een lpg installatie worden aangebracht. Deze installatie zet de vloeibare lpg weer om in gas. Dit gasmengsel bestaat uit propaan (C3H8) en butaan (C4H10). Er zijn een aantal voordelen voor het gebruikt van lpg als brandstof ten opzichte van bijvoorbeeld benzine en diesel.

Voordelen van lpg
De brandstof lpg heeft een aantal voordelen ten opzichte van diesel en benzine deze staan hieronder vermeld:

  • Het belangrijkste voordeel van lpg is de prijs van deze brandstof. De prijs van lpg ligt lager dan de prijs van benzine en diesel. Iemand die veel rijd per jaar kan daardoor veel geld besparen op brandstof.
  • Lpg is beter voor het milieu dan diesel en benzine. Dat komt omdat bij de verbranding van lpg veel minder CO2 wordt uitgestoten dan bij de verbranding van bijvoorbeeld benzine.

Deze twee voordelen zijn eigenlijk de enige twee voordelen die lpg heeft ten opzichte van diesel en benzine. Daarom wordt lpg in Nederland niet heel veel als brandstof gebruikt.

Nadelen van lpg
Hoewel er twee voordelen voor lpg genoemd kunnen worden zijn er ook nadelen. Het aantal nadelen van lpg ten opzichte van andere fossiele brandstoffen is best groot. Hieronder zijn een aantal belangrijke nadelen genoemd:

  • Lpg is niet overal verkrijgbaar. Niet elk tankstation verkoopt lpg.
  • Lpg is meer belastend voor de motor dan diesel en benzine. Dat komt omdat lpg in gasvorm de motor wordt ingebracht. Diesel en benzine worden in vloeibare vorm in de motor gebracht waardoor deze brandstoffen de motor smeren en koelen. De brandstof lpg doet dit niet waardoor de motor die op lpg rijd heter zal worden.
  • Het aanbrengen van een lpg-installatie vergt een investering van een paar duizend euro.
  • Daarnaast neemt de gastank waar de lpg in wordt opgeslagen ruimte in. Meestal wordt deze lpg-tank in de kofferbak van de auto geplaatst. Daardoor is er minder ruimte over voor bagage. Soms plaatst men een lpg-installatie ook op de plek van een reservewiel. Daardoor zal men het reservewiel op een andere plaats moeten vervoeren of geheel uit de auto moeten verwijderen.
  • De kosten voor het onderhoud van een auto die op lpg rijd zullen over het algemeen hoger zijn dan de onderhoudskosten voor een benzineauto of een dieselauto. Dit komt onder andere door de zwaardere belasting van de motor en het aanbrengen en onderhouden van een lpg-installatie (G1, G2 of G3 lpg-installatie)
  • Als men in het buitenland lpg gaat tanken zal men dikwijls gebruik moeten maken van zogenoemde vulplugjes.
  • Lpg auto’s zitten in een hogere gewichtsklasse waardoor de wegenbelasting hoger is dan een auto die op benzine rijd.

Vanwege deze nadelen is lpg in Nederland nog geen populaire brandstof. Voor veel mensen wegen de nadelen niet op tegen de voordelen van lpg. Toch kan in de toekomst een verandering ontstaan. Men wordt milieubewuster en lpg is een brandstof met een lage CO2 emissie. Misschien gaat de overheid rijden op lpg aantrekkelijker maken om daarmee indirect het milieu te besparen.

Hoe werkt een LPG installatie?

LPG is een brandstof die gebruikt kan worden voor mengselmotoren. Dit zijn motoren die over het algemeen worden gebruikt voor benzine. Met wat aanpassingen kan men een benzinemotor echter ook gebruiken voor LPG. Daarvoor moet men een LPG installatie aanbrengen. Er zijn in de loop der tijd verschillende LPG installaties ontwikkeld. Hieronder zijn de G1, G2 en de G3 installatie beschreven.

Werking van G1 installatie
De eerste generatie-lpg-installaties bestonden uit een gastank die ergens achter in het voertuig werd aangebracht. Soms was het mogelijk om de gastank in de plaats van de benzinetank aan te brengen. Vanaf deze gastank werd een leiding aangebracht naar het motorcompartiment. Op de leiding was een verdamper aangesloten met een mengstuk op of onder de carburateur. De verdamper zorgde er voor dat de LPG vloeistof werd omgezet tot een gasmengsel.

Om een vloeistof te verdampen tot gas heeft men warmte nodig. deze warmte wordt uit de omgeving onttrokken. Daarom is de verdamper aangesloten op een koelsysteem van de motor. De warmte van de motor zorgt er voor dat de LPG in de verdamper wordt opgewarmd. De verdamper regelt ook de druk van het gas. Dit gebeurd aan de hand van de druk in het inlaatspruitstuk. Er is hierbij sprake van een zogenoemd deelvacuüm dat er voor zorgd dat de het verdampte LPG samen met lucht de motor wordt ingezogen.

Het dashboard van de auto is voorzien van een ingebouwde keuzeschakelaar waarmee de bestuurde van de auto kan kiezen of hij op LPG of benzine wil rijden. Deze keuzeschakelaar bedient twee elektromagnetische ventielen in de LPG-leiding en benzineleidingen naar de motor. Dit is de werking van een eerste generatie LPG installatie. Dit wordt ook wel de G1 installatie genoemd.

Werking van G2 LPG installatie
Na de eerste generatie-lpg-installaties werden de tweedegeneratie-lpg-systemen ontwikkeld. Deze tweedegeneratie-lpg-systemen worden ook wel aangeduid met G2 installaties. Deze installatie kan een gas-venturi-systeem of een dampgas-injectiesysteem zijn. De gastoevoer van deze installaties wordt geregeld door een computer. Deze computer zorgt er voor dat G2 installaties schoner zijn dan de G1 installatie. De overige componenten van de installatie kunnen gelijk zijn aan de hieronder genoemde G3 installaties. Desondanks voldoet het voertuig met een G2 installatie niet aan de ECE94-12-emissie-eisen of is deze installatie niet getest bij een erkende keuringsinstantie voor LPG installaties. Daardoor geniet de eigenaar van een auto met een G2 installatie niet de fiscale voordelen die een eigenaar van een G3 installatie wel heeft.

Werking van G3 LPG installatie
Na de tweedegerneratie-lpg-installaties volgde de derdegeneratie-autogasinstallaties. Deze derde generaties worden G3-installaties genoemd. Er zijn verschillende soorten G3 LPG installaties die worden ingebouwd in auto’s. Bij deze installaties wordt gebruik gemaakt van een electronic control unit. Deze electronic control unit is een boordcomputer die de aansturingstijden berekend voor de benzine-injectoren. Deze tijden worden door de boordcomputer omgerekend naar de stuurtijden voor de gasinjectoren. Dit systeem zorgt er voor dat er heel weinig vermogen verloren gaat. Dat zorgt er voor dat er een optimaal rendement wordt gerealiseerd. Via de wegenbelasting ontvangen eigenaren van een auto met een G3 installatie fiscale voordelen.

Wat is LPG brandstof?

LPG is een brandstof die voor auto’s kan worden gebruikt. De afkorting LPG staat voor Liquefied Petroleum Gas. Als men de Engelse omschrijving ‘Liquefied Petroleum Gas’ in het Nederland vertaald dan is LPG vloeibaar petroleum gas. Over het algemeen vertaald men LPG in Nederland en België met autogas. In feite is LPG een mengsel van propaan (C3H8) en butaan (C4H10). Deze twee gassen worden afhankelijk van de buitentemperatuur in een bepaalde verhouding gemengd. De brandstof LPG heeft een aantal gunstige eigenschappen ten opzichte van benzine en diesel. Men kan LPG echter niet in elke auto als brandstof gebruiken. In de volgende alinea is hier meer informatie over weergegeven

LPG niet voor elke motor
LPG is een brandstof die wordt gebruikt in een mengselmotor oftewel een Ottomotor. Dit zijn verbrandingsmotoren waarbij de menging van de brandstof en de lucht plaatsvindt vóór de compressie in tegenstelling tot de dieselmotor. In feite kan men een benzinemotor gebruiken voor LPG. Echter kan men LPG niet zonder aanpassing in de benzinemotor brengen. Daarvoor moet men een LPG installatie aanbrengen.

LPG installaties
Er zijn verschillende LPG installaties. De eerste variant worden ook wel de generatie-lpg-installaties genoemd oftewel G1 installaties. Deze bevatten een gastank met een brandstofleiding naar de motor. Daarop zijn een verdamper met een mengstuk aangesloten. Na verloop van tijd voerde men de tweede generatie LPG installaties in. Deze tweede generatie oftewel G2 installatie kan gas-venturi-systeem of een dampgas-injectiesysteem zijn en bevat een computer die de gastoevoer regelt.

Derde generatie LPG-installaties worden 3 installaties genoemd en zijn nog moderner. Deze G3 installaties bevatten een boordcomputer die de aansturingstijden berekend voor de benzine-injectoren voor de motor. Deze aansturingstijden worden door de boordcomputer omgerekend naar stuurtijden voor de gasinjectoren. De G3 installaties werken daardoor nog efficiënter dan de G1 en G2 installatie.

Wat is een benzinemotor of mengselmotor?

Een benzinemotor is een verbrandingsmotor. Deze motor verricht mechanische arbeid door het verbranden van de brandstof benzine. De meeste benzinemotoren bevatten cilinders met zuigers. Motoren die zuigers bevatten worden ook wel zuigermotoren genoemd. Het aantal zuigers verschilt per type zuigermotor. Er zijn zuigermotoren die volgens het tweetaktprincipe werken en er zijn zuigermotoren die bijvoorbeeld werken op een viertaktprincipe. De laatste wordt ook wel de ottomotor genoemd naar de ontwerper Nikolaus Otto die deze motor in 1876 uitvond. Naast de hiervoorgenoemde motoren zijn er ook wankelmotoren. Deze motoren werken over het algemeen ook op benzine.

Mengselmotoren
Vrijwel alle benzinemotoren zijn mengselmotoren. Op een aantal oude motoren na zijn tegenwoordig alle mengselmotoren die worden geproduceerd bedoelt voor het verbranden van benzine. Om deze reden worden benzinemotoren ook wel mengselmotoren genoemd en andersom. De meeste benzinemotoren kunnen naast benzine ook op andere brandstoffen werken. Hierbij kan gedacht worden aan lpg, waterstof en ethanol. Hiervoor moeten echter wel een aantal aanpassingen worden aangebracht.

Het brandstofmengsel dat deze verbrandingsmotor bevat wordt in de cilinder gebracht. De bobine levert de bougie een hoogspanning waardoor deze gaat vonken. De vonk brengt het brandstofmengsel tot ontsteking waardoor een soort explosie ontstaat. Deze explosie zorgt voor druk. Deze druk brengt de zuiger in de cilinder naar beneden. De zuiger brengt de krukas in beweging.

Apk-keuring is afhankelijk van de brandstof en het bouwjaar van de auto

De Algemene Periodieke Keuring is in Nederland ook wel bekend onder de afkorting APK. Deze keuring is gebaseerd op de Europese wetgeving. In deze Europese wetgeving is bepaald dat de verkeersveiligheid moet worden bevorderd en het milieu moet worden beschermd door auto’s verplicht te laten keuren. Deze verplichte autokeuring is afhankelijk van het bouwjaar van de auto en het type brandstof dat wordt gebruikt.

Benzine
Nieuwe auto’s die benzine als brandstof gebruiken moeten vier jaar na de ingebruikname van de auto hun eerste Apk-keuring hebben. Vervolgens zal de auto twee keer gekeurd moeten worden om de twee jaar. Nadat die periode van vier jaar is verstreken zal de auto ieder jaar opnieuw een Apk-keuring moeten krijgen.

Diesel of Lpg
Een nieuwe auto die diesel of lpg gebruikt als brandstof heeft een andere keuringscyclus dan een auto die op benzine rijd. Een auto die diesel of lpg gebruikt moet drie jaar na de ingebruikname worden gekeurd. Daarna moeten deze auto’s ieder jaar op nieuw worden gekeurd.

Oudere auto’s
Auto’s die ouder zijn dan 30 jaar hoeven veel minder vaak te worden gekeurd. Deze auto’s moeten om de twee jaar Apk te worden gekeurd. Auto’s die voor 1960 zijn gefabriceerd hoeven zelfs helemaal niet Apk gekeurd te worden.

Auto ter keuring aanbieden
Twee maanden vóór de einddatum van de laatste Apk-keuring mag de auto ter keuring worden aangeboden bij een erkend Apk-keuringsbedrijf. Als de auto goedgekeurd wordt, zal de oude Apk-datum worden verlengd. De einddatum of afloopdatum van de Apk mag niet worden overschreden. Deze datum is vermeld in het rapport over de Apk-keuring. Dit is het Apk-keuringsrapport. Zonder geldige APK mag men een auto niet besturen. Men mag dan hooguit met de auto via de kortste weg rijden naar het APK-station rijden dat het dichtste bij de woning in de buurt is.