Arbobesluit onduidelijk of maximale temperatuur om arbeid of werk te verrichten

Het Arbobesluit is de uitwerking van de Arbowet. In het Arbobesluit staan regels voor werkgevers om zogenaamde arbeidsrisico’s tegen te gaan. Het werken onder extreme temperaturen kan voor arbeidsrisico’s zorgen. Toch is in het Arbobesluit geen wettelijke grenswaarde aangegeven voor temperaturen waaronder men mag werken. Wel staat in het Arbobesluit dat de temperatuur op de werkvloer geen schade mag veroorzaken aan de gezondheid van werknemers. Voor het werken op kantoor of in een werklokaal bestaan wel een aantal algemene richtlijnen die door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden genoemd op hun website. Daar staat onder andere dat voor deze werkplekken een ideale temperatuur van tussen de 23 en 26˚C is.

Boven de 26˚C is er sprake van een extra lichamelijke belasting en behoort men volgens het ministerie na te denken over maatregelen. Er staat dus dat men dat behoort te doen. Er is dus geen verplichting. Voor licht fysiek kantoorwerk geldt zelfs een maximum van 28˚C. Bij intensief lichamelijk inspannend werk geldt een maximum van 26˚C als er een duidelijk voelbare luchtstroom aanwezig is die voor verkoeling zorgt. Zonder voelbare luchtstroom mag het niet warmer zijn dan 25˚C. Voor zeer lichamelijk inspannend werk geldt een maximumtemperatuur van 25˚C als er een voelbare luchtstroom is. Als deze voelbare luchtstroom niet aanwezig is mag het niet warmer worden dan 23˚C.

Hoewel dit algemene richtlijnen zijn wordt niet gesproken over een verplichting. Voor werkgevers kunnen de richtlijnen dus als vrijblijvend worden beschouwd. Toch moeten de richtlijnen niet zo worden opgevat. Het werken onder hitte zorgt niet alleen voor risico’s op de werkplek en voor de gezondheid van werknemers ook de arbeidsproductiviteit en de concentratie van werknemers neemt af. Daarom is het belangrijk om werknemers de mogelijkheid te geven om verkoeling te zoeken en voldoende water beschikbaar te stellen.

Arbowet uitgangspunten samengevat

De Arbeidsomstandighedenwet kwam in Nederland tot stand in 1980. De wet werd echter vanaf 1983 ingevoerd. Dit gebeurde in verschillende fasen. Het beoogde doel van de Arbowet is het bevorderen van veilig werken. Dit heeft alles te maken met de arbeidsomstandigheden vandaar de benaming Arbeidsomstandighedenwet. De benaming Arbeidsomstandighedenwet wordt in de praktijk niet vaak meer gebruikt. In plaats daarvan gebruikt men veel vaker de benaming Arbowet. Deze benaming is korter maar het gaat om dezelfde wet. Het doel van de Arbowet is duidelijk alleen zijn er door de jaren heen wel veranderingen doorgevoerd in de Arbowetgeving. Dit zorgde er voor dat de uitgangspunten van de wet ook in de loop der tijd zijn veranderd. Zo is er meer verantwoordelijkheid komen te liggen bij werkgevers en werknemers als het gaat om veiligheid op de werkvloer. In onderstaande alinea’s is meer informatie weergegeven over de uitgangspunten van de Arbowet.

Arbeidsomstandigheden optimaliseren
Arbeidsomstandigheden kunnen veranderen. Deze veranderingen kunnen het gevolg zijn van technologische vooruitgang en de ontwikkeling van nieuwe machines en werktuigen. Ook kunnen er nieuwe persoonlijke beschermingsmiddelen worden ontwikkeld of kan men er achter zijn gekomen dat bepaalde stoffen gevaarlijker voor de gezondheid zijn dan gedacht. Al deze aspecten zorgen er voor dat veiligheidsvoorschriften voortdurend geoptimaliseerd moeten worden. Bedrijven dienen doormiddel van een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) voortdurend de risico’s op de werkvloer te evalueren en daarnaast doormiddel van een plan van aanpak deze risico’s methodisch aan te pakken. Bedrijven moeten echter niet alleen vanwege de verplichting voldoen aan deze Arbowetgeving ze moeten ook bewust zijn van de maatschappelijke verantwoordelijkheid die bedrijven hebben naar hun werknemers en naar de omgeving waarin zijn opereren. Daarom verlangt de overheid dat bedrijven niet alleen de richtlijnen uit de Arbowet opvolgen maar ook dat de bedrijven verder alles doen wat redelijkerwijs binnen hun mogelijkheden ligt om de veiligheid op de werkvloer te bevorderen en de gezondheid van de werknemers te beschermen.

Werkgever en werknemers dragen verantwoordelijkheid
Niet alleen de werkgevers zijn verantwoordelijk voor de veiligheid en gezondheid van de werknemers ook de werknemers zelf dragen verantwoordelijkheid op dit gebied. Dit is een heel belangrijk aspect en benadrukt het feit dat veiligheid en gezondheid binnen een bedrijf breed gedragen moet worden. Werknemers dienen de richtlijnen van werkgevers op te volgen zeker als het gaat om veiligheid en gezondheid. Wanneer werknemers deze richtlijnen niet opvolgen kunnen ze zelfs strafrechtelijk worden vervolgd. Van werknemers wordt tevens verlangd dat ze onveilige situaties melden bij de werkgever. Daarnaast wordt in toolboxmeetings vaak van werknemers verwacht dat ze ook actief meedenken en meepraten over aspecten die de veiligheid kunnen bevorderen. Van werknemers wordt dus zeker input verwacht op het gebied van veiligheid.

Samenwerking en overleg
Bovenstaande zorgt er tevens voor dat er veel aandacht besteed dient te worden aan de samenwerking tussen werkgevers en werknemers. Zowel de werkgevers als de werknemers dienen een bijdrage te leveren aan een werkoverleg waarbij ook de veiligheid aan de orde komt. De overheid is er met betrekking tot de Arbowetgeving van overtuigd dat alleen door een effectieve samenwerking tussen werkgevers en werknemers de veiligheid van alle aanwezigen binnen het bedrijf kan worden beschermd en dat de gezondheid van al het personeel op die manier zo goed mogelijk kan worden beschermd tegen de mogelijk schadelijke invloeden op de werkvloer. De eerder genoemde verantwoordelijkheid is een belangrijk aspect waar men elkaar binnen de samenwerking op kan aanspreken.

Deskundige ondersteuning
Deskundigheid is belangrijk als het gaat om veiligheid. Niet elk bedrijf heeft evenveel kennis op dit gebied. Kleine bedrijven hebben vaak financieel niet eens de mogelijkheid om een speciale veiligheidsmedewerker aan te stellen. Bedrijven zijn echter volgens de Arbowet verplicht om zich te laten ondersteunen door een deskundige als het gaat om het Arbobeleid. Er zijn echter verschillende mogelijkheden voor bedrijven om deze deskundigheid te verkrijgen. Zo hebben bedrijven de mogelijkheid om zich aan te sluiten bij een Arbodienst of kunnen zij een contract afsluiten met een bedrijfsarts.

Er is een mogelijkheid om je als bedrijf aan te sluiten bij een interne als bij een externe Arbodienst. Een Arbodienst is deskundig op het gebied van veiligheid en gezondheid. De Arbodienst is een adviserende organisatie die zowel naar werkgevers als naar werknemers adviezen uit kan brengen. Een bedrijf kan echter niet volstaan door alleen externe Arbodeskundigheid te raadplegen. Bedrijven dienen ook te beschikken over interne Arbodeskundigheid. Zo dienen bedrijven in ieder geval een preventiemedewerker in dienst te hebben. Deze preventiemedewerker wordt onder andere betrokken bij het opstellen van de Risicoinventarisatie en evaluatie (RE&I) en het Plan van Aanpak dat wordt opgesteld voor het oplossen en verhelpen van de risico’s. Als er geen RE&I is opgesteld door het bedrijf en er hebben zich wel ongevallen voorgedaan dan zal de werkgever de schade aan de werknemer moeten vergoeden.

Welke warmteziektes kunnen ontstaan bij werken in hitte?

Werkgevers zijn in Nederland verplicht al het mogelijke te doen om de veiligheid en gezondheid van de werknemers te beschermen. Dit is onder andere vastgelegd in het Arbeidsomstandighedenbesluit. Bij het werken onder hoge temperaturen bestaat de kans op specifieke gezondheidsklachten. Deze gezondheidsklachten kunnen leiden tot zogenoemde warmteziektes. Deze warmteziektes kunnen beperkte schade opleveren voor de gezondheid als men snel verbeteringen aanbrengt in de arbeidsomstandigheden. Als men dat niet doet kunnen warmteziektes erger worden en neemt de kans op ernstige klachten aanzienlijk toe.

Welke warmteziektes zijn er?

Er zijn verschillende soorten ziekteverschijnselen die kunnen optreden als men langdurig werkt onder hoge temperaturen. Hieronder staan een aantal voorbeelden gegenoteerd. Hierbij is verbranding door het UV-licht van de zon buiten beschouwing gelaten omdat men ook bij lage temperaturen kan verbranden als de huid onbeschermd aan direct zonlicht wordt blootgesteld.  Het gaat dus bij onderstaande ziektes dus echt om ziekten die ontstaan vanwege warmte op bijvoorbeeld de werkplek.

  • Warmte-uitslag is een uitslag van de huid die ontstaat door het langdurig zweten. Een warmte-uitslag is een warmteziekte die niet heel schadelijk is maar wel hinderlijk. De zweetklieren voeren het zweet af via de huid om zo de hitte kwijt te raken en verkoeling te bieden aan de huid. Als de lucht echter stil staat of het zweet verdampt nauwelijks dan kan het zweet niet wegtrekken.  Het gevolg is dat het zweet de zweetklieren gaat verstoppen. Als de zweetklieren verstopt zitten zullen op den duur blaasjes gaan ontstaan.  Deze zorgen voor jeuk en kunnen een bandend gevoel geven. Als men last vannjeuk krijgt zal men kunnen gaan krabben waardoor de huiduitslag verergert. De schade aan de huid wordt dan ook erger.
  • Hittekrampen zijn klachten die met de spieren omder de huid te maken hebben. Als men veel zweet verliest men met het zweet ook zout. Een te kort aan zout wordt in verband gebracht met pijnlijke krampen. Deze krampen ontstaan met name in de beenspieren en buikspieren.
  • Hitte-uitputting is een vorm van uitputting die het gevolg is van zware fysieke inspanning bij hoge temperaturen. Als men fysiek zware arbeid verricht onder hoge temperaturen moet het lichaam hard werken om de bloedvoorziening naar de spieren op niveau te houden. Daarnaast moeten ook de hersenen en huid van bloed worden voorzien. Het op peil houden van de bloedtoevoer wordt moeilijker als de hitte toeneemt en de fysieke arbeid wordt voortgezet of intensiever wordt. Het is mogelijk dat men onwel wordt als men abrupt stopt met fysieke arbeid onder hoge temperaturen.  Dit komt omdat de bloedruk door het lichaam in die gevallen te snel omlaag gaat en bijvoorbeeld de hersenen voor korte duur te weinig bloed krijgen. Men kan dan hoofdpijn krijgen en duizeligheid ervaren. Flauwvallen is ook mogelijk. Dit levert uiteraard gevaar op voor de eigen veiligheid.
  • Hitteberoerte is de gevaarlijkste vorm van hitteziektes. Als er al symptomen zijn van hitte-uitputting dan moet men meteen actie ondernemen en de werkzaamheden rustig afbouwen en verkoeling zoeken. Doet men dit niet dan kunnen de symptomen ernstiger vormen aannemen. In het ergste geval spreekt men van een hitteberoerte. De lichaamstemperatuur van de persoon is dan ontregeld.  Dit houdt in dat men letterlijk oververhitting heeft. De temperatuur van het menselijk lichasm kan dan boven de 41˚C uitkomen. Dit kan beschadiging aan het zenuwstelsel tot gevolg hebben. Omdat de temperatuurstijging niet meer onder controle is van het lichaam kunnen allemaal klachten optreden. Deze klachten beginnen met de kenmerken van hitte-uitputting. De klachten worden echter steeds erger de huid wordt droog en heet omdat de warmte niet weg kan komen. Het zweten is in een eerder stadium al ontregeld.  Men krijgt meer krampen die zelfs kunnen leiden tot stuiptrekkingen. Omdat de hersenen ook minder bloed krijgen verliest men het geheugen of toont men afwijkend gedrag. Uiteindelijk verliest men het bewustzijn maar dan bestaat er een aanzienlijke kans dat het lichaam meer schade heeft opgelopen dan bij een hitte-uitputting.

Waarom is deze informatie belangrijk? 

Hierboven staan een aantal voorbeelden van warmteziektes in de volgorde van relatief onschuldig tot zeer ernstig. Het belangrijke van deze opsomming is dat men de symptomen leert herkennen en tijdig actie onderneemt.  Bedrijven doen er verstandig aan om tijdens bijvoorbeeld een werkoverleg of een toolboxmeeting (conform de richtlijnen van het VCA) aandacht te besteden aan de gevaren van werken onder hoge temperaturen. In de zomer kunnen deze toolboxmeetings de veiligheid op de werkvloer vergroten en de gezondheid van de werknemers beschermen. Uiteraard dienen bedrijven ook aandacht te besteden aan het voorkomen van warmteziektes. Dit zijn ze ook verplicht confor artikel 6.1 van het Arbeidsomstandighedenbesluit.

Arbowet artikel 6.1 Temperatuur

In het Arbeidsomstandighedenbesluit welke ook wel de Arbowet wordt genoemd of Arbobesluit is in artikel 6.1 vastgelegd dat de temperatuur op de werkplek niet nadelig mag zijn voor de gezondheid van de werknemers. Daarbij dient het bedrijf rekening te houden met de aard van de werkzaamheden die door de werknemers worden uitgevoerd. Ook met de bijbehorende fysieke belasting dient het bedrijf rekening te houden. Als een bedrijf kan voorkomen dat werknemers onder een schadelijke temperatuur hun arbeid moeten verrichten is dat hun plicht.

In sommige gevallen is het echter onmogelijk om te voorkomen dat werknemers werkzaamheden verrichten in temperaturen die ongunstig of zelfs schadelijk zijn voor hun gezondheid. In artikel 6.1 is daarom onder lid 2 vastgelegd dat bedrijven verplicht zijn om persoonlijke beschermingsmiddelen beschikbaar te stellen aan werknemers om de schade die door de temperatuur kan ontstaan te beperken of te voorkomen.

Indien deze persoonlijke beschermingsmiddelen de schade aan de gezondheid niet voldoende kunnen beperken of voorkomen zal een bedrijf tevens volgens artikel 6.1 lid 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit de duur van de arbeid moeten beperken of de werkzaamheden moeten afwisselen. In dat laatste geval zullen werknemers regelmatig de werkzaamheden in de ongezonde temperatuur moeten onderbreken om in een minder schadelijke temperatuur te werken of pauze te houden.  Het doel van deze regels is het voorkomen dat er schade aan de gezondheid ontstaat.

Moet gereedschap gekeurd worden?

Gereedschap behoort tot de arbeidsmiddelen van de werknemer. Door het gebruiken van gereedschap zal het gereedschap slijten en daarnaast zal door intensief gebruik of verkeerd gebruik van gereedschap de kans op defecten toenemen. De veiligheidstechnische staat van bepaalde gereedschap kan door gebruik achteruit gaan. Bij gereedschappen waarbij dit aan de orde is zal men regelmatig een keuring moeten uitvoeren. Deze keuring moet over het algemeen één maal per jaar plaatsvinden. De keuring van gereedschap moet door een erkende instantie worden uitgevoerd.

Eventueel kan de keuring van gereedschap ook door een medewerker van hetzelfde bedrijf worden gedaan maar dan zal deze medewerker ook over de juist papieren moeten beschikken en voldoende ervaring moeten hebben. Een arbeidsmiddel dat gekeurd is moet voorzien zijn van een sticker of andere aanduiding zodat de gebruiker van het arbeidsmiddel kan zien wanneer het gereedschap gekeurd is en wat het resultaat is van de keuring (goedgekeurd of afgekeurd).

CE markering en goedkeuringsteken
Voor machines die in Europa worden geproduceerd en gebruikt is de machinerichtlijn (2006/42/EG) van toepassing. Deze Europese richtlijn schrijft voor aan welke veiligheidscriteria de machine-industrie moet voldoen. Goedgekeurde machines worden voorzien van een CE-markering. Deze markering maakt duidelijk dat de machine of het arbeidsmiddel conform Europese richtlijnen is geproduceerd.

Door het gebruiken van de machines en overige arbeidsmiddelen kan de werking verminderen en kan ook de veiligheid van de machine achteruit gaan. In dat geval kan een arbeidsmiddel wel een CE-markering hebben maar is het arbeidsmiddel feitelijk niet meer veilig. Daarom moeten arbeidsmiddelen gekeurd worden en na afloop van de keuring worden voorzien van een duidelijke sticker. Over het algemeen worden twee soorten stickers gehanteerd: een sticker met afgekeurd en een sticker met een datum waarop het gereedschap is goedgekeurd.

Van de keuring van de arbeidsmiddelen moeten schriftelijke bewijstukken worden opgesteld. Deze bewijsstukken moeten op de werkplek aanwezig zijn.

Europese Richtlijn Arbeidsmiddelen
De regels omtrent de veiligheid en gezondheid van werknemers is in Nederland onder andere in het Arbobesluit vastgelegd. Vanuit Europa zijn er echter ook richtlijnen vastgelegd omtrent de veiligheid van arbeidsmiddelen. Deze kan men onder andere vinden in de Europese Richtlijn Arbeidsmiddelen. Hierin staat onder andere dat een werkgever er voor moet zorgen dat het gebruik van een arbeidsmiddel geen gevaar mag opleveren voor de gezondheid en veiligheid van de werknemer.

Wie is verantwoordelijk voor de veiligheid van arbeidsmiddelen?
De werkgever die werknemers in dienst heeft en arbeidsmiddelen aan hen verstrekt is verantwoordelijk voor de technische veiligheid van de arbeidsmiddelen. Ook de huurder of lener van gereedschap is verantwoordelijk voor de veiligheid van het arbeidsmiddel. Uitzendbureaus met technisch personeel dienen zich ook te houden aan de richtlijnen met betrekking tot de veiligheid van arbeidsmiddelen. Uitzendbureaus die arbeidsmiddelen verstrekken zullen daarom ook regelmatig het gereedschap van de technische uitzendkrachten moeten laten keuren. Elektrisch gereedschap moet bijvoorbeeld voldoen aan de richtlijnen uit de NEN 3140.

Zeven risicoklassen
Arbeidsmiddelen zijn er in verschillende soorten. Handgereedschappen, elektrische gereedschappen, machines, apparaten en installaties behoren allemaal tot de arbeidsmiddelen. Bepaalde arbeidsmiddelen leveren meer arbeidsrisico’s dan andere arbeidsmiddelen. Daarom worden arbeidsmiddelen in verschillende risicoklassen ingedeeld. In totaal zijn er zeven risicoklassen. Arbeidsmiddelen die in een lage risicoklasse worden ingedeeld brengen minder arbeidsrisico’s met zich mee. Arbeidsmiddelen met een hoger arbeidsrisico worden in een hogere risicoklasse ingedeeld.

Mag een werkgever zijn eigen gereedschappen keuren?
Arbeidsmiddelen worden in zeven risicoklassen ingedeeld. Het gaat te ver om in deze tekst een opsomming te geven van alle arbeidsmiddelen en de klassen waartoe deze behoren. Hoe hoger de risicoklasse van het arbeidsmiddel hoe zwaarder de eisen zijn die aan de keurmeesters worden gesteld. Tot categorie 4 tot 6 behoren bijvoorbeeld bepaalde hijsmachines en hefmachines. De arbeidsmiddelen die in de drie hoogste risicoklassen (categorie 5, 6 en 7) zijn ingedeeld worden gekeurd door onafhankelijke deskundigen. Arbeidsmiddelen in lagere risicoklassen mogen echter wel door werknemers van het desbetreffende bedrijf zelf worden gekeurd mits ze daarvoor een gedegen opleiding hebben gevolgd.

Waarom is dagelijks onderhoud van gereedschap belangrijk?

Gereedschap behoort net als machines, apparaten en installaties tot de arbeidsmiddelen die door een werknemer kunnen worden gebruikt bij de uitvoering van de werkzaamheden. De werkgever is volgens het Arbobesluit verplicht om de werkplek van de werknemers zo veilig mogelijk te maken. Hierdoor wordt de gezondheid en veiligheid van de werknemer zoveel mogelijk beschermd. Gereedschappen behoren tot de arbeidsmiddelen die regelmatig worden gebruikt door de werknemers van technische bedrijven. Er wordt bij gereedschap meestal onderscheid gemaakt tussen handgereedschappen en elektrische gereedschappen. Gereedschappen moeten goed onderhouden worden.

Gebruik het juiste gereedschap
Gereedschap is voor het uitvoeren van veel werkzaamheden van groot belang. Denk maar eens aan de schroevendraaiers die op de werkvloer worden gebruikt. Er zijn verschillende soorten schroevendraaiers, bijvoorbeeld platkop en kruiskop, met een schroevendraaier die niet past op de kop van de schroef kan men moeilijk werken. Daarom moet altijd het juiste gereedschap worden gebruikt door de werknemer. Als men dat niet doet kan zowel het gereedschap als het materiaal worden beschadigd. Daarnaast kan ook de veiligheid en gezondheid van de werknemer in het geding komen als men niet het juiste gereedschap gebruikt gedurende de werkzaamheden. Een verkeerde schroevendraaier kan bijvoorbeeld uitschieten en een verkeerde boor kan tijdens het boren afbreken en schade en letsel veroorzaken.

Waarom is goed onderhoud van gereedschap belangrijk?
Ook het onderhoud van gereedschap is van groot belang. In eerste instantie kan veel onderhoud aan gereedschap worden voorkomen als de werknemer het gereedschap op de juiste manier gebruikt. Daarnaast dient een werknemer er voor te zorgen dat gereedschap zorgvuldig wordt opgeborgen. Veel elektrisch gereedschap moet echter ook regelmatig van nieuwe smeerolie worden voorzien zodat de draaiende delen van het gereedschap goed blijven functioneren en de wrijving wordt vermindert.

Goed onderhoud van gereedschap is belangrijk voor de levensduur van het gereedschap. Als er bijvoorbeeld veel wrijving optreed bij de draaiende delen van het gereedschap zal het gereedschap sneller slijten of zelfs vastlopen. Daarnaast wordt het werk voor de werknemer ook zwaarder als het gereedschap in een ondeugdelijke staat van onderhoud is. De werknemer hanteert gereedschap juist om de werkzaamheden te vereenvoudigen en te verlichten. Als het gereedschap niet goed onderhouden is zal de werknemer in de praktijk vaak proberen het gebrek met eigen fysieke middelen te compenseren. Dit zorgt er voor dat het werk zwaarder en gevaarlijker kan worden.

Werknemers moeten zelf gereedschap leren onderhouden
Werknemers die gereedschap op de werkvloer hanteren moeten zelf leren hoe ze het gereedschap moeten onderhouden. Bij verschillende bedrijven in de techniek is het personeel verantwoordelijk voor hun eigen gereedschap. Op de bouw hebben elektromonteurs en installatiemonteurs vaak een eigen gereedschapskoffer met de naam van de werknemer er op. Deze monteurs weten vaak precies hoe ze hun handgereedschap moeten onderhouden. Ook het eenvoudige onderhoud aan elektrisch gereedschap kunnen werknemers vaak goed uitvoeren. Het keuren van gereedschap wordt meestal door een expert gedaan van een externe keuringsinstantie. Sommige bedrijven hebben hiervoor ook zelf specialisten in dienst. Afkeur van gereedschap kan echter worden voorkomen als werknemers zelf het gereedschap goed hebben behandelt en goed hebben onderhouden. Een werkgever kan indien nodig aan werknemers trainingen verstrekken met betrekking tot het onderhouden en gebruiken van bepaalde gereedschappen. Deze trainingen kunnen de veiligheid op de werkvloer vergroten en bevorderen daarnaast de levensduur van het gereedschap voor een bedrijf. Op den duur kan een training met betrekking tot omgaan met gereedschap voor een bedrijf een kostenbesparing opleveren.

Wat zijn arbeidsmiddelen en wie is hiervoor verantwoordelijk?

Arbeidsmiddelen is een verzamelnaam voor alle gereedschappen, apparaten, machines en installaties die op de arbeidsplaats worden gebruikt door werknemers bij het verrichten van werkzaamheden. Arbeidsmiddelen hebben tot doel het werk van de werknemer te vereenvoudigen, te verlichten, te versnellen of de kwaliteit daarvan te verhogen. Verder kunnen arbeidsmiddelen zoals klimmaterialen ook de veiligheid van de werknemer op de werkplek bevorderen. Hijsmiddelen en transportmiddelen worden gebruikt om het werk van de werknemer te verlichten. Handgereedschappen zorgen er voor dat een werknemer technische werkzaamheden nauwkeuriger en sneller kan uitvoeren. Machines en elektrische gereedschappen bevorderen de snelheid en de accuratesse van de werkzaamheden van de werknemer.

Zorgvuldig omgaan met arbeidsmiddelen
Alle arbeidsmiddelen dragen op een bepaalde manier bij aan het verlagen van de belasting van het lichaam van de werknemer die de arbeidsmiddelen gebruikt. Uiteraard dient de werknemer het desbetreffende arbeidsmiddel zorgvuldig te gebruiken en goed te onderhouden. Sommige arbeidsmiddelen moeten regelmatig gekeurd worden zodat de werknemer er zeker van kan zijn dat het arbeidsmiddel veilig gebruikt kan worden. De werkgever is verplicht om voor deugdelijke arbeidsmiddelen te zorgen die veilig kunnen worden gebruikt door werknemers. De gezondheid en veiligheid van de werknemer mogen niet in gevaar komen.

Arbeidsmiddelen onderhouden en keuren
Het Arbobesluit is een belangrijk document voor werkgevers en werknemers. Hierin staan onder andere richtlijnen met betrekking tot de inrichting van de werkplek. De doelstelling van het Arbobesluit in de veiligheid en gezondheid van de werknemers in Nederland te beschermen. Ook arbeidsmiddelen horen bij de werkplek van de werknemers. Het Arbobesluit besteed aandacht aan arbeidsmiddelen en benoemt dat alle machines, apparaten, gereedschappen en installaties die op de werkplek worden gebruikt door de werknemer of in de nabijheid van de werknemer geen gevaar mogen opleveren voor de werknemers en overige aanwezigen op de werkvloer. Werknemers die over voldoende kennis van de arbeidsmiddelen beschikken kunnen zelf verantwoordelijk worden gesteld voor het onderhoud van de arbeidsmiddelen. Echter, de daadwerkelijke keuring van de arbeidsmiddelen moet door een erkende instantie worden gedaan. Het is echter ook mogelijk dat eigen werknemers worden ingezet voor het keuren van arbeidsmiddelen. Hiervoor dient de desbetreffende werknemer over de juiste papieren te beschikken.