Wat is een afvalverbrandingsinstallatie (AVI)?

Een afvalverbrandingsinstallatie is, zoals de naam al doet vermoeden, een installatie die ontworpen en bestemd is voor het effectief verbanden van afval. Het verbranden van afval lijkt eenvoudiger dan het is. bij het verbanden van afval komen namelijk verschillende stoffen vrij, waaronder schadelijke stoffen. Deze stoffen kunnen schadelijk zijn voor het milieu indien deze in de atmosfeer worden uitgestoten. De schadelijke emissie door afvalverbrandingsinstallaties wordt beperkt door omvangrijke techniek die gericht is op het zuiveren van rookgas. Door de rookgaszuiveringen die plaats vinden in afvalverbrandingsinstallaties worden schadelijke zuren verwijdert uit de gassen die ontstaan gedurende het verbrandingsproces. Deze schadelijke stoffen zijn bijvoorbeeld:

  • stikstofoxides,
  • waterstofchloride,
  • waterstoffluoride,
  • zwavelzuur.

Ook zware metalen zoals bijvoorbeeld cadmium, kwik en lood kunnen in de emissie van afvalverbrandingsinstallaties voorkomen. Verder vormen ook organische stoffen zoals dioxines en onderdeel van de uitstoot van afvalverbrandingsinstallaties. Deze stoffen zijn allemaal in meer en mindere mate schadelijk voor de gezondheid van mensen en het milieu. Daarom tracht men de emissie van deze stoffen zoveel mogelijk te beperken.

Afvalverbrandingsinstallaties en milieu
Afvalverbrandingsinstallaties en het milieu vormen een interessant spanningsveld. Men tracht voor een zo goed mogelijke afstemming te zorgen tussen het verbranden van afval en het beperken van de schade voor het milieu. Afval is een verzamelnaam van bijproducten of producten die reeds zijn verbruikt en door de oorspronkelijke eigenaar zijn weggegooid. Afval bestaat uit verschillende grondstoffen. Tegenwoordig zamelt
men de veel afval gescheiden in zodat de grondstoffen kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Door afval te hergebruiken en te recyclen wordt er minder afval verbrand waardoor er automatisch minder emissie ontstaat.

Ondanks deze milieuvriendelijker ontwikkelingen wordt er nog steeds afval verbrand. Ook bij het verbranden van afval kan men milieubesparend te werk gaan. Tijdens verbrandingsprocessen komt namelijk warmte vrij. Deze warmte kan worden gebruikt voor warmtedistributie of stadsverwarming. Daarnaast kan het worden toegepast in de industrie of voor het opwekken van elektriciteit. In de stad Amsterdam worden bijvoorbeeld de straatverlichting en de tram gevoed door elektriciteit dat opgewekt is uit restafval van de stad. Er zijn plannen om in de toekomst veel meer gebruik te gaan maken van de warmte die vrijkomt uit afvalverbrandingsinstallaties in Nederland en België.

Wat is stadsverwarming en hoe wordt dit verwarmingssysteem toegepast?

Stadsverwarming  of blokverwarming zijn verwarmingssystemen die worden gebruikt om woningen te verwarmen en/ of van warm water te voorzien. Hierbij wordt geen gebruik gemaakt van aardgas. Woningen die aangesloten zijn op stadsverwarming hebben daardoor geen eigen cv-ketel. De woningeigenaren krijgen warm water door een ondergronds netwerk van warmwaterleidingen. Dit wordt ook wel warmtedistributie genoemd. Het warme water wordt namelijk getransporteerd of gedistribueerd naar de aangesloten woningen en bedrijven. Deze woningen en bedrijven maken dus gebruik van zogenoemde stadswarmte.

Hoe ontstaat stadswarmte of stadsverwarming?
Water wordt uit zichzelf niet warm of koud. Er dient hiervoor een bewerking plaats te vinden. Deze bewerking kan bijvoorbeeld plaatsvinden bij elektriciteitscentrales. In de meeste elektriciteitscentrales worden kolen verbrand met eventueel biomassa zoals houtpallets. De warmte wordt gebruikt om water te verwarmen tot er stoom ontstaat. Deze stoom brengt turbines in beweging zodat elektriciteit kan worden opgewekt. Niet alle warmte wordt tijdens dit proces optimaal benut. Er ontstaat namelijk restwarmte.

Deze restwarmte kan op verschillende manieren worden hergebruikt. Een manier om restwarmte te hergebruiken is het verwarmen van water voor stadsverwarming. Omdat deze verwarming plaatsvindt bij een warmtebron in bijvoorbeeld de eerdere genoemde energiecentrales hoeft er geen gebruik te worden gemaakt van cv-ketels. Dit zorgt er voor dat warmtedistributie energiebesparend en kostenbesparend werkt. Voor het aanleggen van een warmtedistributienetwerk moeten echter wel grote investeringen worden gedaan. Daarnaast kost het aanleggen van een warmtedistributienetwerk ook energie en materiaal.

Huizen die aangesloten zijn op stadswarmte hebben een dubbele waterleiding. Een waterleiding voor koud water en een waterleiding voor verwarmd water. Deze huizen zijn over het algemeen niet aangesloten op het aardgasnet. Doormiddel van een warmtewisselaar wordt het leidingwater door de warmtedistributie verwarmd. Bij woningen met een aparte waterleiding voor warm water wordt het warme tapwater bij het verdeelstation geproduceerd.

Bronnen van stadswarmte
Naast de eerder genoemde elektriciteitscentrales worden ook andere bronnen aangewend voor stadswarmte. Bij afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s) ontstaat ook restwarmte die kan worden gebruikt voor warmtedistributie. Naast restwarmte die wordt gewonnen vanuit elektriciteitscentrales en afvalverbrandingsinstallaties is het ook mogelijk om rechtstreeks warmte te winnen door bijvoorbeeld biomassa te verbranden. Hierbij komt echter (ook)  CO2 vrij. Warmtepompen en geothermie zijn over het algemeen beter voor het milieu. Daarnaast kan gebruik worden gemaakt van zonnecollectoren.