Indeling soorten elektrische spanning

Elektrische spanning wordt uitgedrukt in de grootheid Volt (V). Wanneer elektrisch geladen deeltjes ongelijk over twee polen verdeeld zijn en willen bewegen, is er sprake van spanning. Er zijn vier verschillende soorten spanning. Deze verschillende soorten spanning zijn ingedeeld in het aantal Volt. Door deze indeling en benaming wordt inzichtelijk met wat voor type elektrische installatie een elektromonteur werkt.

  • Zeer lage spanning
    Dit zijn elektrische spanningen van 12V tot 24V.
  • Laagspanning
    De categorie laagspanning wordt opgedeeld in twee groepen:
    –             Wisselspanning tot 1000V en
    –             Gelijkspanning tot 1500V.
  • Middenspanning
    Dit zijn elektrische spanningen van 1.000V tot 50.000V.
  • Hoogspanning
    Hieronder vallen elektrische spanningen van 50.000V tot meer dan 380.000V.

Verschil tussen gelijkspanning en wisselspanning
Elektrische spanning wordt ook wel ingedeeld in wisselspanning en gelijkspanning. We leggen het verschil tussen deze twee begrippen kort uit. Bij wisselspanning wisselt de richting van elektronen vandaar de benaming wisselspanning. Als iemand een elektrische schok krijgt van een elektrische installatie met wisselspanning dan veroorzaakt dat een forse stoot, maar de persoon blijft niet vastzitten aan het gedeelte van de elektrische installatie die onder spanning staat.

In een elektrische installatie met gelijkspanning stromen de elektronen steeds in dezelfde richting. Als men een stroomschok krijgt van gelijkspanning dan veroorzaakt dat spierkramp. De persoon blijft na de schok vaak verkrampt vastzitten aan de elektrische installatie. Gelijkspanning veroorzaakt bij kortsluiting grotere vlambogen dan wisselspanning. Als men het heeft over veilig werken met elektriciteit moet men de verschillen in risico’s tussen gelijkspanning en wisselspanning goed weten.

Veilige spanning
Werken met veilige spanning is ook mogelijk in de elektrotechniek. Men heeft het over veilige spanning omdat er bij een bepaalde spanning geen gevaar is voor de veiligheid en gezondheid van de werknemer. Veilige spanning is:

  • Wisselspanning met maximaal 50 V(olt)
  • Gelijkspanning met maximaal 120 V(olt)

In vochtige, nauwe ruimten is men verplicht om veilige spanning toe te passen in elektrische installaties. Daarnaast wordt in speciale instellingen zoals in zwembaden en ziekenhuizen gewerkt met een zeer lage spanning: 12 V(olt).

Werken aan elektrische installaties
Het werk van een elektromonteur brengt gevaren met zich mee. Het bekendste gevaar is een elektrische schok die in een alinea hierboven al even is benoemd. Om te voorkomen dat men een elektrische schok krijgt zal men de spanning van een elektrische installatie moeten uitschakelen. Het werk aan elektrische installaties is overigens het werk van specialisten alleen bevoegde elektromonteurs die een gedegen opleiding hebben gehad mogen aan een elektrische installatie werken. In de NEN 3140 wordt een indeling gegeven op basis van de bevoegdheid van elektromonteurs. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen een:

  • Voldoende Onderricht Persoon (VOP) die onder toezicht van een VP nauwkeurig omschreven werkzaamheden mag uitvoeren aan elektrische installaties.
  • Vakbekwaam persoon (VP) mag zelfstandig aan elektrische installaties werken.
  • Installatieverantwoordelijke (IV)
  • Werkverantwoordelijke (WV).

De hierboven genoemde personen mogen in meer en mindere mate zelfstandig aan elektrische installaties werken. Daarvoor krijgen deze personen een schriftelijke aanwijzing van hun leidinggevenden. Personen die geen of onvoldoende elektrotechnische kennis hebben worden ook wel een ‘leek’ genoemd. Een leek mag niet of nauwelijks aan elektrische installaties werken. Een Leek geen aanwijzing en is iemand anders dan een Vakbekwaam Persoon of Voldoende Onderricht Persoon. Een leek kan bijvoorbeeld elektrische bedrading verwijderen bij de sloop van een gebouw. Uiteraard dient deze bedrading dan niet onder spanning te staan.

Veilig werken met een vorkheftruck

Een vorkheftruck is een combinatie van een hefmiddel en transportmiddel en wordt voortbewogen doormiddel van een elektromotor of een verbrandingsmotor. Vorkheftrucks worden in veel logistieke bedrijven gebruikt maar ook in andere bedrijven die magazijnen bevatten. Een vorkheftruck bevat twee lange lepels die uitermate geschikt zijn voor het vervoeren van goederen die op pallets staan. Deze twee lepels zorgen voor een gevorkte vorm waar de vorkheftruck haar naam aan dankt. In magazijnen worden vaak elektrisch aangedreven vorkheftrucks gebruikt. Buiten gebruikt men vaak grotere vorkheftrucks die voorzien zijn van een verbrandingsmotor en lasten kunnen tillen tot een gewicht van tien ton.

Gevaren bij het werken met vorkheftrucks
Heftrucks worden veel gebruikt maar dat zorgt er niet voor dat het eenvoudig is om deze transportvoertuigen te besturen. In een magazijn kunnen allemaal risicovolle factoren aanwezig zijn waardoor het werken met een vorkheftruck gevaren met zich meebrengt. In een Risico Inventarisatie en Evaluatie zal een bedrijf de risico’s van het bedrijf moeten benoemen en daarbij moeten aangeven hoe de risico’s bestreden kunnen worden in een plan van aanpak. In de Risico Inventarisatie en Evaluatie zal een bedrijf ook de risico’s moeten beschrijven omtrent de interne transportmiddelen zoals heftrucks. We noemen een aantal veelvoorkomende gevaren en ongelukken die te maken hebben met het verkeerd gebruiken van vorkheftrucks:

  • Kantelen van het voertuig.
  • Vallen of kantelen van de lading.
  • Aanrijden van personen en constructies.
  • Schade aan heftruck en goederen door roekeloos gebruik.
  • Inademen van uitlaatgassen van de dieselmotor bij het werken in een afgesloten ruimte.

Een belangrijk deel van de risico’s kan worden voorkomen door het in acht nemen van veiligheidsaspecten zoals voldoende kennis over het veilig werken met heftrucks en de technische specificaties van de heftruck. Deze twee onderwerpen zijn in de volgende alinea’s beschreven.

Heftruck certificaat
Er zijn een aantal algemene veiligheidsrichtlijnen voor het werken met een vorkheftruck. De bestuurder moet bijvoorbeeld minimaal 18 jaar zijn.
Vanaf 16 jaar mag iemand wel op een heftruck rijden als jde persoon daarvoor deskundig is opgeleid en onder toezicht staat van een verantwoordelijke persoon zoals een leidinggevende.

Het is belangrijk dat de bestuurder van de heftruck voldoende ervaring heeft en op de hoogte is van de bediening van de heftruck. Doormiddel van het behalen van een heftruckcertificaat of certificaat veilig werken met een vorkheftruck kan een (aankomend) bestuurder van een heftruck de belangrijkste (veiligheids-) richtlijnen en instructies leren die nodig zijn voor het dagelijks werken met vorkheftrucks. Een heftruckcertificaat zou men kunnen beschouwen als een soort rijbewijs voor heftrucks. Veel bedrijven stellen een heftruckcertificaat verplicht als een werknemer tijdens de werkzaamheden gebruik moet maken van een heftruck.

Een cursus voor een heftruckcertificaat wordt door een erkend opleidingsinstituut gehouden. Deelnemers moeten de heftruckcursus afronden met een examen. Bij het succesvol afronden van het examen ontvangt de deelnemer het heftruckcertificaat. Met het heftruckcertificaat kan de heftruckchauffeur aantonen dat hij of zij over de basisvaardigheden beschikt om veilig een heftruck te kunnen besturen. Uiteraard dient de heftruckchauffeur hetgeen hij of zij geleerd heeft in de heftruckcursus ook toe te passen in de praktijk. Alleen een heftruckcertificaat biedt geen garantie voor veilig werken de houding, motivatie en concentratie van de heftruckchauffeur is zeer belangrijk voor de veiligheid op de werkvloer.

Werklastdiagram vorkheftruck
Ook zal de bestuurder op de hoogte moeten zijn van de technische specificaties van de heftruck en moeten weten wat de maximale last is die een heftruck kan heffen en verplaatsen. Veel informatie kan de heftruckchauffeur vinden op de typeplaat van de heftruck en de werklastdiagram. De werklastdiagram maakt voor de heftruckchauffeur inzichtelijk of een bepaalde last veilig en verantwoord door de heftruck kan worden opgetild en vervoerd. Op de werklastdiagram staat naast het maximale hefvermogen ook de maximale hefhoogte aangegeven. Daarnaast geeft de werklastdiagram informatie over de stabiliteit van de vorkheftruck.

Veiligheidsrichtlijnen voor werken met een vorkheftruck
Hiervoor zijn een aantal belangrijke aspecten benoemd met betrekking tot het veilig werken met een vorkheftruck. Er zijn echter ook nog een heleboel regels als het gaat om veilig werken met vorkheftrucks. We noemen een aantal belangrijke:

  1. Iedere dag moet voor de start van de werkzaamheden met de heftruck zal de heftruck aan de hand van een checklist moeten worden gecontroleerd. Als de heftruck in technisch goede staat is en veilig is kan men deze gebruiken.
  2. Heftrucks moeten voorzien zijn van een claxon voor het geven van een waarschuwingsgeluid. Ook dient de heftruck voorzien te zijn van een uitneembare sleutel zodat niet iedereen de heftruck kan gebruiken. De plaats van de bestuurder dient beschermd te zijn door een stevige kooi en daarnaast moet de bestuurder gebruik maken van een veiligheidsgordel.
  3. Zorg dat je de veiligheidsregels opvolgt. Kijk ook naar de waarschuwingsborden en afgezette zones. Rijd langzaam met de heftruck door paden waarop personeel zich te voet verplaatst.
  4. Een heftruck is bestemd voor 1 persoon en meerijden van andere personen is niet toegestaan tenzij er een extra stoel is aangebracht op de heftruck.
  5. Met de heftruck mag men niet hijsen tenzij er een speciale hijsvoorziening is gemonteerd op de heftruck.
  6. Er mogen geen personen worden opgehesen met de heftruck. Het staan op de lepels van een heftruck is verboden. Ook wanneer personen op een pallet gaan zitten mogen ze beslist niet met een heftruck worden verplaatst. Het naar boven hijsen van personen mag alleen met een goedgekeurde werkbak.
  7. Een heftruck moet onbelast geparkeerd worden. De moet op de vloer liggen en de mast van de heftruck moet iets voorover hellen.
  8. Zorg er voor dat de opgetilde lasten niet op mensen kunnen vallen. Daarom moet de last niet boven mensen worden getild en getransporteerd.
  9. Snel optrekken en abrupt remmen moet worden vermeden.
  10. Rijd zoveel mogelijk in rechte lijnen en verander niet plotseling van richting met of zonder lading.
  11. In het geval een heling moet worden opgereden met een heftruck dan moet deze heling altijd opwaarts vooruit gereden worden. Bij het naar beneden rijden van een helling moet men achteruit rijden. Dan bevind de last zich dus aan de achterzijde van de heftruck om kantelen van de last te voorkomen.
  12. Het is verboden mobiel te bellen, sms-en en te app-en terwijl men rijd met de heftruck.
  13. Zorg dat je voldoende zicht hebt tijdens het heftruckrijden. Als de last het zicht belemmerd moet men niet vooruit rijden maar juist achteruit om voldoende zicht te blijven houden.
  14. Als een last bestaat uit opgestapelde objecten of materialen dan moeten deze in een stevig verband zijn opgestapeld.
  15. Het contragewicht aan de achterkant van de heftruck mag niet verzwaard worden.

Wat is een bedrijfsnoodplan?

Een bedrijfsnoodplan wordt ook wel een calamiteitenplan genoemd en is een beschrijving van de maatregelen en voorzieningen die een bedrijf heeft getroffen om zich voor te breiden op calamiteiten en noodsituaties. Doormiddel van een bedrijfsnoodplan wordt inzichtelijk gemaakt hoe een bedrijf zal omgaan met noodsituaties. In dit plan worden de afspraken, procedures en organisatiestructuren weergegeven die van belang zijn wanneer er sprake is van een noodsituatie. Het bedrijfsnoodplan maakt inzichtelijk wie welke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden heeft en maakt duidelijk hoe de afstemming met is met hulpdiensten en andere organisaties.

Is een bedrijfsnoodplan verplicht?
Het antwoord op bovenstaande vraag is ‘ja’. Elk bedrijf is in Nederland verplicht om een bedrijfsnoodplan te hebben. Dit is vastgelegd in Artikel 15 van de Arbeidsomstandighedenwet. Het doel van bedrijfsnoodplan is om de gevolgen van een noodgeval of calamiteit te bestrijden of te verminderen. Leidinggevenden in een organisatie zullen de inhoud van het bedrijfsnoodplan moeten kennen en moeten weten wat hun verantwoordelijkheden en verplichtingen zijn voor het geval er zich een noodsituatie voordoet.

Ook uitvoerende of operationele medewerkers moeten een bedrijfsnoodplan ontvangen voordat ze een bedrijfsterrein gaan betreden. Deze verplichting is ook van toepassing op tijdelijke krachten zoals uitzendkrachten en gedetacheerd personeel. Door deze verplichte verstrekking van het bedrijfsnoodplan zal elke persoon die een bepaald werkterrein of gebouw betreedt op de hoogte zijn van de acties die moeten worden ondernomen als er een calamiteit of noodsituatie is ontstaan. Het is echter niet overzichtelijk en effectief om iedere werknemer en leidinggevende een dik boek met allemaal regels en verplichtingen te verstrekken.

In plaats daarvan maken bedrijven gebruik van overzichtelijke folders en kleine boekjes waarin met behulp van foto’s is aangegeven welke zaken van belang zijn als er noodsituaties zijn ontstaan. Naast deze overzichtelijke documenten worden vaak borden gebruikt met daarop duidelijke richtlijnen en aanwijzingen waar men heen moet gaan als er een calamiteit heeft plaatsgevonden en waar men dan rekening mee moet houden.

Onderdelen bedrijfsnoodplan
Een bedrijfsnoodplan bestaat uit een aantal onderdelen. De inhoud van een bedrijfsnoodplan kan verschillen tussen organisaties en zal in grote mate worden beïnvloed door de aard van de risico’s en de omvang van het gebouw of werkterrein. Het plan moet in ieder geval de volgende onderdelen bevatten:

Doelstellingen
In dit deel zijn het type noodgevallen en calamiteiten beschreven waar het bedrijfsnoodplan op is gericht. Daarbij wordt een omschrijving gegeven en zijn de scenario’s benoemd en de mogelijke omvang en effecten. Ook de aanwezigheid van schadelijke en gevaarlijke stoffen wordt hierbij benoemd. Ook is aangegeven waar de relevante informatie gevonden kan worden. De doelstellingen dienen zo geformuleerd te zijn dat het bedrijfsnoodplan in de praktijk toepasbaar is, ook tijdens oefeningen.

Organisatiestructuur
In het bedrijfsnoodplan moet een duidelijke structuur worden benoemd waarmee inzichtelijk wordt gemaakt welke rol het personeel heeft dat binnen het bedrijf werkzaam is. Ook de verantwoordelijkheden dienen duidelijk te worden benoemd evenals de bevoegdheden van bepaalde personen zoals bedrijfshulpverleners (BHV-ers) en leidinggevenden. Verder dient duidelijk inzichtelijk te worden gemaakt hoe de afstemming plaatsvind met de gemeentelijke rampenbestrijdingsorganisatie.

Communicatie
Een bedrijfsnoodplan gaat voor een groot deel om communicatie, elk personeelslid, leidinggevende en specialist moet weten wat er van hem of haar wordt verwacht. In een communicatieplan wordt dit duidelijk. Het communicatieplan maakt de procedures inzichtelijk over hoe ambulancepersoneel, brandweer, overheidsdiensten, politie en andere relevante instanties opgevangen moeten worden door de organisatie wanneer de melding is gedaan. Kortom wie houdt op welke manier contact met deze verschillende partijen nadat ze op de werklocaties aanwezig zijn om bijstand te verlenen.

Instructieplan
In het instructieplan wordt duidelijk gemaakt wanneer de werknemers geïnstrueerd worden omtrent het calamiteitenplan. De werknemers dienen namelijk voor het betreden van het werkterrein of gebouw op de hoogte zijn van het bedrijfsnoodplan. Het moment van de instructie en de manier waarop de instructie omtrent het bedrijfsnoodplan plaatsvind is vastgelegd in het instructieplan.

Procedures
Een aantal specifieke procedures die moeten opgevolgd worden in het geval van een calamiteit moeten duidelijk zijn omschreven. Dit gaat om de waarschuwings- en alarmeringsprocedures. Dit deel van het bedrijfsnoodplan bevat informatie over:

  • Welke persoon, op welke manier en door welke verantwoordelijk intern gealarmeerd zal moeten worden.
  • Hoe intern gespecialiseerd personeel moet worden opgeroepen en door wie dat gedaan kan worden.
  • Welke perspoon of personen geautoriseerd om hulpdiensten te alarmeren. De alarmnummers moeten makkelijk vindbaar zijn.
  • Op welke plaats of plaatsen het personeel zich dient te verzamelen. Deze verzamelplekken dienen bij iedereen bekend te zijn.

Tekeningen
Een bedrijfsnoodplan bevat ook tekeningen. Dit kunnen tekeningen zijn van een werkterrein maar ook van een gebouw. In het laatste geval zal van elke laag van een gebouw in een tekening moeten worden aangegeven wat de vluchtwegen zijn, waar de blusmiddelen zijn geplaatst en waar de brandmelders zijn aangebracht.

Medische verzorging
Binnen het bedrijfsnoodplan dient ook aandacht te worden besteed aan hoe gewond personeel kan worden geholpen. Voor slachtoffers dienen ook veilige verzamelplaatsen aanwezig te zijn. De medische noodcentra en faciliteiten moeten bekend zijn.

Wat is SSVV of Stichting Samenwerken voor Veiligheid?

SSVV is een afkorting die staat voor Stichting Samenwerken voor Veiligheid en is een onafhankelijke organisatie die onder andere het VCA-systeem beheert. Binnen deze onafhankelijk stichting zijn alle partijen vertegenwoordigd die bij het VCA-systeem zijn betrokken. Dit zijn onder andere petrochemische bedrijven. Doormiddel van kennis en opleiding wil deze stichting de veiligheid op de werkvloer bevorderen. Veel ongelukken kunnen namelijk worden voorkomen door de veiligheidsrichtlijnen te kennen en daarnaar te handelen. Voor dit doeleinde heeft de SSVV een speciale opleidingsgids ontwikkeld, daarover kun je in de volgende alinea’s meer lezen.

SSVV Opleidingen Gids
Vanuit de SSVV wordt een zogenaamde SSVV Opleidingengids aangeboden. Deze opleidingsgids bevat zogenaamde SOG opleidingen waarbij de letters SOG staan voor SSVV Opleidingen Gids. De SSVV opleidingsgids is bedoelt om informatie te verstrekken aan opdrachtgevers en opdrachtnemers over risicovolle werkzaamheden, risicovolle arbeidsomstandigheden en werkomgevingen waar risico’s zich kunnen voordoen. Onder opdrachtgevers en opdrachtnemers vallen aannemers, onderaannemers, uitzendbureaus en detacheringsbureaus.

Daarnaast biedt de SSVV opleidingengids informatie aan gecertificeerde instellingen met betrekking tot de eisen waaraan de toetsing dient te voldoen. De SSVV opleidingengids maakt daarnaast duidelijk voor welke werkzaamheden en activiteiten in de petrochemische sector aanvullende opleidingen en examinering verplicht is. De examens zullen moeten worden afgelegd bij een SOG-examencentrum dit is een opleidingscentrum dat door de SSVV is erkend.

Verschillende VCA / VCU certificaten voor bedrijven en werknemers

VCA-certificering is bedoeld voor bedrijven die actief zijn in verschillende sector waar risicovolle werkzaamheden op de werkvloer worden verricht. Naast de werkzaamheden kunnen ook de werkomgeving en de arbeidsomstandigheden risico’s met zich meebrengen. Men kan hierbij denken aan bedrijven die actief zijn in de petrochemische sector, de industrie, bouw en elektrotechniek. In al deze sectoren worden verschillende werkzaamheden uitgevoerd. Het VCA is een algemeen veiligheidscertificaat dat voor meerdere sectoren wordt gebruikt. VCA is een afkorting die staat voor VGM Checklist Aannemers. Hierbij staat de afkorting VGM voor staat voor Veiligheid, Gezondheid en Milieu. Deze drie aspecten krijgen aandacht als men een VCA certificaat wil behalen.

Verschillende VCA certificaten
Er zijn echter verschillende soorten VCA certificaten. Het soort VCA certificaat heeft te maken met de verantwoordelijkheid van de werknemer of leidinggevende op de werkplek. Zo is er voor leidinggevenden een VCA VOL. De afkorting VOL staat voor Veiligheid Operationeel Leidinggevende. 

Voor uitvoerende krachten is er een basis VCA of diploma basisveiligheid VCA. Ook voor uitzendondernemingen er een speciale VCA certificering genaamd VCU, omdat uitzendondernemingen als intermediair functioneren en geen direct toezicht hebben op de werkzaamheden van het uitzendpersoneel. Uitzendkrachten die werkzaam zijn voor uitzendbureaus dienen echter wel in het bezit te zijn van een VCA als de opdrachtgever of de inlener dat vereist. In de volgende alinea is meer informatie weergegeven over VCU en VIL VCU.

VCU en VIL VCU
VCU staat voor Veiligheids- en Gezondheid Checklist Uitzendorganisaties (en detacheringbureaus). Intercedenten dienen in bezit te zijn van een VIL VCU. De afkorting VIL VCU staat voor Veiligheid voor Intercedenten en Leidinggevenden / Veiligheid en Gezondheid Checklist Uitzendorganisaties. In feite bestaat de afkorting VIL VCU dus uit twee afkortingen die we voor de duidelijkheid even in twee korte rijtjes hebben neergezet:

  • Veiligheid voor
  • Intercedenten en
  • Leidinggevenden

 

  • Veiligheid, gezondheid en milieu
  • Checklist
  • Uitzendorganisaties

Intercedenten, leidinggevenden en andere interne werknemers van uitzendorganisaties die VCU gecertificeerd zijn dienen in bezit te zijn van een VIL VCU certificaat.

Tot zover de VCA certificering voor werknemers en uitzendorganisaties. Voor reguliere bedrijven zijn er echter ook verschillende soorten VCA certificaten. Deze worden in de alinea hieronder benoemd onder het kopje VCA bedrijfscertificaten.

VCA bedrijfscertificaten
In totaal zijn er drie verschillende VCA bedrijfscertificaten die door bedrijven in de techniek en de bouw kunnen worden behaald. Dit zijn dus bedrijfsgebonden VCA certificaten. We noemen ze hieronder:

  • VCA*
    Dit certificaat bevat één ster. Dit VCA niveau is gericht op de directe VGM- zorg bij de activiteiten die plaatsvinden op de werkvloer. Dit VCA certificaat met één ster is voor bedrijven die minder dan 35 werknemers aan het werk hebben en daarnaast geen hoofdaannemer zijn in hun bedrijfsactiviteiten.
  • VCA**
    Dit VCA certificaat bevat twee sterren. Het is een zwaarder VCA certificaat dan VCA*. Naast de hierboven genoemde aspecten worden bij VCA** ook de veiligheidsstructuren en veiligheidssystemen binnen het bedrijf van de aannemer beoordeeld. VCA met twee sterren is een certificering die bestemd is voor organisaties met meer dan 35 werknemers in dienst en bedrijven die ook als hoofdaannemer actief zijn. Ook als ze minder van 35 werknemers in dienst hebben en hoofdaannemerschap in als bedrijfsactiviteit hebben zullen de bedrijven moeten beschikken over VCA**.
  • VCA-P
    Dit is een speciaal VCA certificaat voor de petrochemie. Bij VCA-P staat de letter P voor petrochemie oftewel de petrochemische sector. Het VCA-P certificaat is bestemd voor bedrijven die werkzaamheden uitvoeren in de petrochemische sector. Dit is de sector waar olie en gas worden gewonnen en verwerkt tot producten. VCA-P is in feite een VCA certificaat met een extra aanvulling gericht op de risico’s van het werken in de petrochemische sector.

VCO certificering
Een VCA certificering die misschien wat minder bekend in de oren zal klinken is de VCO. De afkorting VCO staat voor Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Opdrachtgevers. Dit maakt tevens het doel duidelijk van het VCO certificaat. De VCO-certificatie is namelijk bedoelt voor opdrachtgevers die opdrachten vertrekken aan VCA gecertificeerde bedrijven of bedrijven die VCA gecertificeerd zouden moeten zijn. Doormiddel van VCO wordt aan opdrachtgevers de verplichting opgelegd om zorg te dragen voor de juiste voorwaarden en omstandigheden voor VCA-gecertificeerde aannemers en de uitzendkrachten die voor deze aannemers werken.

De uitzendkrachten die voor VCU- gecertificeerde uitzendorganisaties opdrachten uitvoeren zullen voor een opdrachtgever veilig hun werkzaamheden moeten kunnen uitvoeren en ook hun gezondheid mag tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden niet geschaad worden. Een opdrachtgever is echter lang niet altijd VCA gecertificeerd omdat niet alle opdrachtgevers zelf actief werkzaamheden als aannemer uitvoeren in de bouw. Een particulier kan bijvoorbeeld ook opdracht geven om een bouwproject te laten uitvoeren, datzelfde geldt bijvoorbeeld voor een overheidsinstelling, school of een financieel bedrijf. Deze opdrachtgevers kunnen wel de opdracht geven aan bouwbedrijven en technische uitzendkrachten om technische werkzaamheden uit te voeren.

Doormiddel van een VCO certificaat maakt een opdrachtgever duidelijk dat deze de juiste arbeidsomstandigheden en voorwaarden wil creëren voor VCA-gecertificeerde aannemers als deze bij het VCO gecertificeerde bedrijf risicovolle werkzaamheden uitvoeren.