Wat was de hogere technische school (hts) voor onderwijstype?

De hogere technische school (hts) was een onderwijs vorm in Nederland. Deze onderwijsvorm kwam na de Tweede Wereldoorlog tot stand. Vlak na deze oorlog begon Nederland met de wederopbouw. Er was een grote behoefte aan technici. Deze technici moesten over voldoende technische kennis beschikken om een bijdrage te leveren aan de technische aspecten die verbonden zijn aan de wederopbouw. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog werd de Uitgebreide Technische School (UTS) al ingevoerd. Deze moest er voor zorgen dat er een optimale aansluiting zou komen tussen de lagere school en de middelbare technische school (mts).Het technisch onderwijs in Nederland werd na de oorlog op verschillende niveaus hervormd. De ambachtsschool veranderde bijvoorbeeld in 1949 in de Lagere Technische School (LTS).  Vanaf 1957 werd de naam mts gebruikt als de nieuwe aanduiding voor de Uitgebreide Technische School. Daarnaast werd later in dat jaar de mts opgewaardeerd tot hogere technisch school (hts).

Toelatingseisen voor hts
Voordat een leerling werd toegelaten tot een opleiding aan de hts moest hij of zij aan een aantal toelatingseisen voldoen. Scholieren die een diploma hadden gehaald van de havo, atheneum of het gymnasium konden een opleiding volgen aan de hts. Leerlingen met een diploma van het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo) konden eveneens een opleiding aan de hts volgen. Daarnaast was het ook voor leerlingen met een afgeronde mts opleiding mogelijk om door te stromen naar de hts. Verder was het geruime tijd mogelijk om eerst lts te volgen, dan schakelklas uts en vervolgens de schakelklas hts om aan de toelatingseisen van de hts te voldoen.

De duur van hts-opleidingen
De hts duurde vier jaar. Studenten die een opleiding volgden aan de hts hadden de eerste twee jaar van hun opleiding theorie- en praktijklessen. In het derde jaar van de hts volgden de studenten een stage bij een bedrijf dat aansloot bij hun opleidingsrichting. In het vierde jaar schreven de hts-studenten een afstudeeropdracht die werd beoordeeld. Als de afstudeeropdracht voldoende was en de student aan de verdere verplichtingen zoals het behalen van examens had voldaan kreeg hij of zij het hts-diploma. Een student die de hts had behaald mocht na het ontvangt van het hts-diploma de titel ingenieur (ing.) voor zijn of haar naam zetten.

Inhoud van hts-opleidingen
De hogere technische school had een grotere diversiteit aan vakgebieden dan de voormalige middelbare technische school. Op de hts kon men een hogere technische opleiding volgen in een specifiek vakgebied zoals:

  • Autotechniek
  • Bouwkunde
  • Chemische techniek
  • Civiele techniek
  • Economische bedrijfstechniek
  • Elektrotechniek
  • ICT
  • Scheepsbouwkunde
  • Technische bedrijfskunde
  • Technische natuurkunde
  • Vliegtuigbouwkunde
  • Werktuigbouwkunde

Binnen bovengenoemde vakgebieden was het op sommige hts-scholen mogelijk om in een specifieke richting af te studeren. Op de hts in Haarlem was het bijvoorbeeld mogelijk om binnen het vakgebied elektrotechniek de richting energietechniek te kiezen. Ook binnen andere vakgebieden was op sommige hts-scholen een specialisatie mogelijk.

Wat is de hts tegenwoordig?
Tegenwoordig is de naam hts niet meer in gebruik al staat deze naam natuurlijk nog wel op de diploma’s en cv’s van oud studenten die de hts hebben gevolgd. De hts is opgegaan in het hoger beroepsonderwijs hbo. Hogere technische opleidingen worden tegenwoordig ook wel onder de naam hoger technisch onderwijs (hto) geplaatst. Het hbo zelf is een breed opleidingsinstituut waarbinnen ook veel niet-technische opleidingen worden gegeven zoals bijvoorbeeld: economisch, administratief en pedagogisch onderwijs.

Hbo opleidingen worden vanwege de internationale transparantie op het gebied van opleidingsniveau ook wel bachelors genoemd. De diversiteit aan technische opleidingen is op het hbo zeer groot. Tegenwoordig zijn er nog steeds algemene technische hbo-opleidingen zoals:

  • HBO Electrotechniek
  • HBO Werktuigbouwkunde
  • HBO Bouwkunde
  • HBO Civiele Techniek

Er zijn echter vele nieuwe opleidingsrichtingen bijgekomen ten opzichte van de hts. Een voorbeeld hiervan zijn de Bachelor Industrieel Productontwerp, de Bachelor mechatronica en de Bachelor Technische Informatica. Ook tegenwoordig kan de afgestudeerde technische hbo-er de titel ingenieur gebruiken voor zijn of haar naam.

Wat is een technicus en wat doet een technicus?

Technicus is een algemene term die wordt gebruikt voor iemand die werkervaring of een specifieke  opleidingsrichting heeft in de techniek en binnen dat vakgebied zijn of haar beroep uitoefent. Het meervoud van technicus is technici. Binnen de techniek zijn echter verschillende deelgebieden te onderscheiden zoals bijvoorbeeld elektrotechniek en meet en regeltechniek.  In sommige gevallen wordt de term technicus verbonden aan de specifieke technische richting van de beroepsbeoefenaar. Zo ontstaan de functiebenamingen elektrotechnicus en meet- en regeltechnicus. Daarnaast wordt het woord technicus ook gebruikt voor technisch personeel in de theatertechniek en alles wat daar aan beeld, verlichting en geluid aan de orde komt. Dit wordt ook wel een audiovisueel technicus genoemd, dit wordt afgekort met AV-technicus. In de tandheelkunde wordt de functie tandtechnicus ook wel gebruikt. Deze maakt in opdracht van een tandarts prothesen, bruggen en kronen. Dit is zeer specialistisch werk.

Een technicus is een specialist
De term technicus geeft niet weer welke specifieke kennis de persoon heeft. Het is enkel een algemene naam die wordt gebruikt voor een technisch goed onderlegd persoon. Naast de eerder genoemde vakgebieden zou een technicus ook in de werktuigbouwkunde en instrumentatie werkzaam kunnen zijn. Het is ook mogelijk dat de functie naam servicetechnicus wordt gehanteerd wanneer een technicus wordt ingezet om service en onderhoud te verrichten aan machines en installaties. Over het algemeen zegt een technisch goed onderlegd persoon van zichzelf niet dat hij een technicus is. Vaak geven technici zelf duidelijk aan in welk vakgebied ze zijn gespecialiseerd. Zo kan iemand zichzelf technicus mechatronica noemen of technicus in installatietechniek. Voor die vakgebieden worden echter ook andere functiebenamingen gebruikt.

Niveau van technici
De term technicus zegt overigens niets over het niveau van de vakman. Zo kan een technicus een ingenieur zijn. Een technicus kan een titel hebben doordat hij of zij een technische opleiding succesvol heeft afgerond op een hogeschool of universiteit. Technici die als ingenieur zijn afgestudeerd op een technische hogeschool dragen ing. als titel. Ingenieurs die een technische opleiding op de universiteit hebben afgerond dragen ir. als titel. Deze technici zijn over het algemeen werkzaam in het ontwerpen verschillende projecten zoals  machines, constructies, civiele techniek en bouwkunde. Technici op hbo of universitair niveau hebben zeer specifieke kennis. Meestal worden deze personen en werknemers bij hun functienaam genoemd zoals engineer, constructeur of tekenaar.

Naast hoogopgeleide technici zijn er ook middelbaar opgeleide technici. Deze technische medewerkers komen veel voor op de bouw zoals elektrotechnici en installatiemonteurs. Ook in de werktuigbouwkunde en elektronica zijn technici op middelbaar beroepsniveau werkzaam. Vaak worden deze werknemers in de praktijk ook bij hun functienaam of vakgebied genoemd om verwarring op de werkvloer te voorkomen. De techniek is ook op uitvoerend niveau te specialistisch geworden om een algemene term als technicus te hanteren. De term technicus is daardoor zeker niet verbonden aan een niveau. Meestal geeft de positie van de persoon in de organogram van een bedrijf het kennisniveau aan van de technicus.

Bouw over de grens

De bouw krimpt in Nederland. De hoge werkloosheid onder timmermannen, metselaars en ander bouwpersoneel toont dat aan. Bouwvakkers kijken naar oplossingen. Wanneer deze niet binnen de grenzen van Nederland te vinden zijn wijken ze uit naar het buitenland. Volgens het economische bureau van ING liggen er volop kansen voor Nederlandse bouwvakkers over de grenzen. Met name België en Duitsland zijn interessant. De ING publiceerde haar conclusies in een  sectoronderzoek op donderdag 19 september 2013.

Bouw in Duitsland
De bouwproductie is in Nederland veel lager dan in Duitsland. In ons buurland is de bouwproductie 280 miljard euro. Dit is vier keer zoveel dan in Nederland. De gezamenlijke bouwproductie in de Duitse deelstaten die dicht bij Nederland liggen is bijna 80 miljard euro. Het gaat hierbij om de Duitse deelstaten:  Noordrijn-Westfalen, Nedersaksen, Rijnland-Plats en Saarland. De grote bouwplaatsen liggen minder dan twee uur rijden van de Duitse grens en zijn daardoor goed te bereiken door bouwvakker die in de grensstreken wonen.

Bouw in België
Ook in België is de bouwsector groter dan de Nederlandse bouwproductie. Bij onze zuiderburen is deze sector in grootte bijna 60 procent van de markt in Nederland. De ING gaf in haar sectoronderzoek aan dat met name in de Vlaamse provincies veel wordt geïnvesteerd in de bouw.

De toekomst van de bouw
Volgens de ING zal de bouwsector de komende jaren nog wel doorgroeien in Duitsland en België. Dit heeft te maken met een groeiend aantal huishoudens over de grens. Voor deze huishoudens moeten nieuwe woningen worden gebouwd om iedereen te kunnen huisvesten. Bouwbedrijven in Duitsland zijn daarnaast goedkoper dan Nederlandse bouwbedrijven. Het verschil is ongeveer 15 procent. Het verschil tussen Nederlandse bouwbedrijven en Belgische bouwbedrijven is niet heel groot. Nederlandse bouwbedrijven zijn slechts 2 procent duurder dan Belgische bouwbedrijven aldus de ING.