Wat leer je in een opleiding projecteringsdeskundige ontruimingsalarminstallaties?

Ontruimingsalarminstallaties worden in verschillende gebouwen geïnstalleerd en worden gebruikt om in noodsituaties de aanwezige mensen in een gebouw zo snel en ordelijk mogelijk naar een veilige plek te begeleiden. Ontruimingsalarminstallaties maken gebruik van verschillende signalen. Als gebruik wordt gemaakt van tonen spreekt men ook wel over B-systemen. Ontruimingsalarminstallaties die gebaseerd zijn op gesproken woord worden ook wel A-systemen genoemd. Er zijn ook systemen die werken met een draadloos ‘stil alarm’ waarmee een bepaalde groep personen in een gebouw gewaarschuwd kunnen worden.

Dit kan bijvoorbeeld gebeuren doormiddel van verschillende attentiepanelen in bepaalde zones van een gebouw, zoals kantoorruimten, verdiepingen of een bewakingsafdeling. Via een persoonlijke ontvanger zoals bijvoorbeeld een pieper kunnen ook specifieke mensen in een gebouw een alarmmelding krijgen. Er is een grote diversiteit aan ontruimingsalarminstallaties daarom dient een projecteringsdeskundige ontruimingsalarminstallaties over een brede kennis te beschikken met betrekking tot het projecteren en ontwerpen van installaties. Daarom is theoretische en technische kennis over ontruimingsalarminstallaties en bijbehorende normen van groot belang. Deze kennis leert een deelnemer in de opleiding projecteringsdeskundige ontruimingsalarminstallaties.

De norm NEN 2575
In de norm NEN 2575-1:2012 nl staan eisen met betrekking tot de kwaliteit van ontruimingsalarminstallaties. Ook de richtlijnen voor het ontwerp en de installatie van ontruimingsalarminstallaties zijn hierin beschreven. De eerste versie van de NEN 2575 is verschenen in het jaar 2000. In 2004 is een aangepaste versie uitgebracht door wijzigingen in de Europese wetgeving en technologische ontwikkelingen in draadloze alarmering. De NEN 2575 bestaat uit vijf delen:

  • Deel 1:  algemeen
  • Deel 2: geluidalarminstallatie type A
  • Deel3: geluidalarminstallatie type B
  • Deel 4: stiltealarminstallatie, draadloos
  • Deel 5: stiltealarminstallatie met attentiepanelen

Doelstelling van de NEN 2575 is het bieden van duidelijke richtlijnen waarmee installaties kunnen worden geïnstalleerd in en buiten gebouwen waarmee mensen op een veilige en ordelijke manier naar een veilige plek kunnen worden geleid tijdens brand en andere noodsituaties.

Inhoud opleiding projecteringsdeskundige ontruimingsalarminstallaties
De NEN 2575 norm biedt richtlijnen en duidelijke kaders aan de werkzaamheden voor een projecteringsdeskundige ontruimingsalarminstallaties. Daarom komt deze norm tijdens de opleiding aan ruimschoots aan bod. In de cursus leert een deelnemer zelfstandig ontruimingsalarminstallaties te ontwerpen en te projecteren conform de voorschriften zoals deze beschreven zijn in de NEN 2575 en de NEN 2654-2. De theoretische en praktische kennis die nodig is met betrekking tot brandveiligheid en de technische aspecten van ontruimingsalarmering worden eveneens behandelt in de opleiding.

Opleidingen op het gebied van ontruimtingsinstallaties worden vaak in een aantal specifieke richtingen gegeven. Deze richtingen zijn verbonden aan de vijf delen waaruit de NEN 2575 bestaat. Zo zijn er in de opleiding de volgende richtingen.

  • Richting 1: Projecteringsdeskundige luidalarm type A. In dit deel leert een deelnemer ontruimingsalarminstallaties te installeren, opleveren en daarnaast te onderhouden. Verder leren deelnemers geluiddrukniveaumetingen uit te voeren en metingen te verrichten met betrekking tot spraakverstaanbaarheid. Ook is er aandacht voor het opstellen van een Programma van Eisen, energievoorziening en netwerkconfiguraties.
  • Richting 2: Projecteringsdeskundige luidalarm type B. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan het opstellen van een Programma van Eisen, energievoorziening, geluid, netwerkconfiguraties en het installeren van ontruimingsalarminstallaties en het opleveren en onderhouden daarvan.
  • Richting 3: Projecteringsdeskundige draadloze stilalarminstallaties. Hierbij komen de hierboven genoemde opleidingsonderdelen aan bod en worden daarnaast specifieke installatietechnische aspecten behandelt met betrekking tot draadloze stilalarminstallaties.
  • Richting 4: Aanvulling projecteringsdeskundige OAS spraakverstaanbaarheid. Deze aanvulling is bedoelt voor monteurs die hun diploma’s hebben behaald voor medio 2013. De aanvulling is belangrijk omdat de technologische ontwikkelingen er voor zorgen dat monteurs meer kennis nodig hebben om hun werkzaamheden aan moderne installaties uit te voeren. Tijdens deze aanvulling wordt ingegaan op spraakverstaanbaarheid en de manier waarop spraakverstaanbaarheid gemeten kan worden. Daarnaast dient ook een verslag van de metingen te worden gedaan.

Welke loopbaanmogelijkheden heb je met de opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties?

De opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties is bestemd voor werknemers die gecertificeerde brandmeldinstallaties aanleggen en controleren. Deze werknemers zijn over het algemeen werkzaam bij branddetectiebedrijven en installatiebedrijven. Volgens de CCV Certificatieschema’s (Regeling Brandmeldinstallaties 2011) dient elk branddetectiebedrijf tenminste één Installatiedeskundige Brandmeldinstallaties in vast dienstverband te hebben. Deze medewerker moet minimaal gedurende het desbetreffende brandmeldproject in dienst zijn bij het branddetectiebedrijf. Deze Installatiedeskundige Brandmeldinstallaties dient over een geldig diploma te beschikken. De opleiding wordt echter ook wel gevolgd door elektromonteurs en technici die meer kennis willen verkrijgen over over alles wat met brandmeldinstallaties te maken heeft.

Vereiste vooropleiding
Voor de aanvang van opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties is het belangrijk dat iemand over voldoende werk- en denkniveau beschikt. Een basiskennis op het gebied van elektrotechniek is een belangrijke vereiste. Dit kan bijvoorbeeld door een MBO-opleiding Elektrotechniek, MTS elektrotechniek of Technicus Sterkstroominstallaties (TSI). Een gelijkwaardig diploma als de hiervoor genoemde zou ook een geschikte  vooropleiding kunnen zijn. Dit dient overlegd te worden met het opleidingsinstituut waar de opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties wordt gegeven. Ook langdurige aantoonbare werkervaring met het aanleggen van brandmeldinstallaties kan er voor zorgen dat iemand aan de opleiding kan beginnen.

Inhoud opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties
De opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties duurt gemiddeld ongeveer drie dagen en is bedoelt om de deelnemers de theoretische en praktische aspecten te leren van het kader waarbinnen een installatiedeskundige werkzaam is. Daarbij komen ook de normen en voorschriften aan de orde. Een voorbeeld hiervan is de NEN-2535.

Binnen de opleiding wordt informatie aan de deelnemers gegeven over de grondbeginselen brand. Er wordt aangegeven hoe een brand zich kan uitbreiden en hoe rook zich kan verspreiden. De risico’s van brand worden benoemd en daarnaast is er aandacht voor brandpreventie. De Regeling Brandmeldinstallatie komt aan bod en de werkingsprincipes van brandmelders en elektronische branddetectie worden uitgelegd. Daarbij wordt aangegeven hoe de brandmeldinstallatie is opgebouwd en hoe deze geïnstalleerd moeten worden.

Na afloop van de cursus volgen de deelnemers het  examen Installatiedeskundige Brandmeldinstallaties. In dit examen wordt het inzicht en de kennis van de deelnemers getoetst. Als de deelnemers het examen halen ontvangen ze het diploma Installatiedeskundige Brandmeldinstallaties.

Wat kun je met de opleiding installatiedeskundige brandmeldinstallaties
Deelnemers hebben na afronding van de opleiding algemene kennis over het ontstaan en de ontwikkeling van brand en bijbehorende rookverspreiding. De deelnemers weten welke branddetectiemiddelen er zijn en hoe deze geïnstalleerd moeten worden. Ook zijn ze op de hoogte van de componenten waaruit brandmeldsystemen bestaan. Aan brandmeldsystemen zijn strenge normen verbonden. In deze normen is onder andere vermeld aan welke eisen brandmeldinstallaties moeten voldoen. Door de kennis over deze normen kunnen installatiedeskundigen in de praktijk veilig en technisch deugdelijk brandmeldinstallaties aanleggen en de werking daarvan controleren.

Werk in de Brandmeldinstallaties
Met een diploma installatiedeskundige brandmeldinstallaties heeft iemand zijn of haar meerwaarde op de arbeidsmarkt vergroot. Met name elektrotechnische bedrijven en installateurs zoeken regelmatig naar nieuwe werknemers die kennis hebben over specifieke beveiligingsinstallaties waaronder brandmeldinstallaties. Met een diploma installatiedeskundige brandmeldinstallaties heeft een werkzoekende meer kans op werk in de installatietechniek.

Wat is een sprinklerinstallatie en hoe werkt deze installatie?

Sprinklerinstallaties zijn brandblusinstallaties die permanent in een gebouw zijn aangebracht. Een sprinklerinstallatie wordt gebruikt voor het detecteren van een brand in het gebouw. Daarnaast wordt dit systeem gebruikt om een brand te beheersen en te blussen. De term sprinklerinstallatie is afgeleid van de sproeikoppen die aan deze installatie verbonden zijn. Deze sproeikoppen worden ook wel sprinklers genoemd en zijn bevestigd direct onder het plafond of onder het dak van een gebouw. Wanneer de temperatuur in de ruimte van de sprinklerinstallatie oploopt door een brand treed de sprinklerinstallatie in werking.

Sprinklerinstallaties treden over het algemeen al in werking bij een beginnende brand. Hierdoor wordt de brand in een gebouw over het algemeen goed onder controle gehouden. Een sprinklerinstallatie treed meestal per ruimte inwerking. Dit zorgt er voor dat de waterschade die veroorzaakt wordt door het bluswater meestal beperkt is.

Hoe werkt een sprinklerinstallatie?
Een sprinklerinstallatie is een systeem dat bestaat een leidingen. Dit stelsel van leidingen is onder het plafond aangebracht met beugels en andere bevestigingssystemen. Aan de leidingen zijn sprinklers gemonteerd. Deze sprinklers hebben een smeltzekering. Deze smeltzekering is gemaakt van glas of soldeer. Er zijn verschillende sprinklers die onder andere met een kleurencode zijn gemerkt. Deze kleurencode geeft aan tot welke temperaturen de zekering bestand is.

Bij een bepaalde hoge temperatuur springt deze smeltzekering uit elkaar. Door het springen van de zekering stroomt het water uit de leiding op een spreiplaat. Deze spreiplaat zorgt er voor dat het water vanaf het plafond over hele ruimte wordt verspreid. Dit is zeer effectief omdat hete gassen en rook zich onder het plafond verzamelen. Warme lucht stijgt namelijk op. Door een sprinklerinstallatie wordt niet alleen de brand geblust maar worden ook de hete gassen afgekoeld. De ruimte wordt door deze effectieve brandbestrijding aanzienlijk snel veiliger.

Door het inwerking treden van de sprinklerinstallatie wordt er water door de leidingen getransporteerd. Dit zorgt er voor dat er ook water aan het begin van het leidingnet stroomt. Het stromend water wordt gedetecteerd door een stromingsschakelaar of alarmklep die aangeeft dat er water stroomt door de sprinklerinstallatieleidingen.

Hierdoor signaleert het systeem dat er ergens brand moet zijn. Dit gebeurd door een alarmbel die door water wordt aangedreven of via een SprinklerMeldCentrale brandmeldcentrale. Deze brandmeldcentrale is in het gebouw aanwezig en waarschuwt de mensen die in het gebouw aanwezig zijn dat er brand is. Daarnaast staat deze installatie ook in verbinding met een ontruimingsinstallatie en is het systeem verbinden met een particuliere alarmcentrale (PAC) en meestal ook aan een regionale brandweeralarmcentrale (RBAC).

Opleidingen voor installeren van sprinklerinstallaties
Het aanleggen van een sprinklerinstallatie moet zeer nauwkeurig gebeuren. Daarom moet een sprinklermonteur over gedegen theoretische kennis en praktijkkennis beschikken. Deze kennis kan een monteur niet alleen in de praktijk eigen maken. Daarom kan een monteur in de sprinklerinstallaties de opleiding Leidinggevende Monteur Sprinklertechniek volgen. Deze opleiding werd vroeger ook wel VSI A genoemd. Deelnemers aan deze cursus moeten ervaring hebben in het monteren en installeren van sprinklersystemen. Deze ervaring wordt in de opleiding Leidinggevende Monteur Sprinklertechniek verder uitgebouwd. Na het afronden van deze opleiding kunnen monteurs ook verder leren. De opleiding opleiding Aankomend technicus Sprinklertechniek is dan de meest voor de hand liggende keuze. Na het afronden van die opleiding kan de persoon doorleren tot Technicus Sprinkler doormiddel van het volgen van de gelijknamige opleiding.

Verder dienen monteurs die werken in de sprinklertechniek ook over een certificaat NEN-EN 12845+A2+NEN 1073 (NL) te beschikken. Deze norm is de vervanger van de VAS oftewel het Voorschrift Automatische Sprinklerinstallaties. Het certificaat NEN-EN 12845+A2+NEN 1073 (NL) kan een monteur bemachtigen door het volgen van een opleiding en het succesvol afronden van bijbehorend examen.

Wat is een brandmeldinstallatie en hoe werkt een brandmeldinstallatie?

 Verschillende gebrouwen die onder utiliteit vallen bevatten een gebouwbeheersysteem GBS. Hieraan kan een brandmeldinstallatie gekoppeld  worden maar die hoeft niet. Een brandmeldinstallatie kan onafhankelijk van andere systemen worden aangebracht in een gebouw. Een brandmeldinstallatie wordt aangelegd om er voor te zorgen dat een brand in een gebouw zo spoedig mogelijk wordt opgemerkt.

Verschillende onderdelen van een brandmeldinstallatie
Brandmeldsystemen zijn alarmsystemen die specifiek gericht zijn op brand en rookontwikkeling. Een brandmeldingstallatie detecteert brand en initieert een gepaste oplossing. Om dit proces goed uit te voeren bestaat het systeem uit verschillende onderdelen. De belangrijkste onderdelen zijn de rookmelders en de warmtemelders. Ook handmelders zijn verbonden aan een brandmeldinstallatie. De handmelders worden doormiddel van het indrukken van een knop in werking gezet. Handmelders zijn meestal aan de muur bevestigd en zijn rood/ wit gekleurd.

Signalen van een brandmeldinstallatie
Geautomatiseerde brandmeldinstallaties zorgen er voor dat de aanwezigen in een gebouw doormiddel van signalen op de hoogte worden gebracht van een brand. Deze signalen kunnen zowel optisch als via geluid worden verspreid door een gebouw. Geluidssignalen worden meestal verspreid door sirenes en optische signalen doormiddel van felle rode knipperlichten. Hierdoor kunnen verschillende zintuigen van de aanwezigen in een gebouw de signalen opvangen.

Daarnaast is het mogelijk dat een brandmeldinstallatie ik contact staat met een extern gebouw of instantie. Meestal is dat een beveiligingsbureau of brandweer. De brandweer kan dan tijdig in actie komen om het vuur te blussen in een zo vroeg mogelijk stadium.

Sprinklerinstallaties
Brandmeldinstallaties kunnen ook gekoppeld worden aan installaties waarmee de brand geblust kan worden. Sprinklerinstallaties worden in de praktijk veel toegepast. Hiervoor zijn strenge normen opgesteld. Een sprinklerinstallatie is in feite een brandblusinstallatie. Deze installaties blussen brand door grote hoeveelheden water te sproeien in de ruimtes van een gebouw waar de brand gedetecteerd is. Het is belangrijk dat een sprinklerinstallatie alleen wordt ingeschakeld wanneer er daadwerkelijk sprake is van brand. Een sprinklerinstallatie kan namelijk ook een hoop waterschade veroorzaken.