Welke lasverbindingen worden gebruikt in de werktuigbouwkunde?

Lasverbindingen zijn verbindingen die niet uitneembaar zijn. Dat houdt in dat een lasverbinding, in tegenstelling tot een schroefverbinding, niet zonder geweld uit elkaar kan worden gehaald. Een lasverbinding dient daarom professioneel te worden gemaakt door een ervaren lasser. In een Lasmethodebeschrijving LMB of Welding Procedure Specification WPS is aangegeven hoe een las gemaakt dient te worden. Hierin is aangegeven welk lasproces gebruikt moet worden. Dit kan bijvoorbeeld MIG/MAG, TIG of BMBE lassen zijn. Naast deze lasprocessen zijn er nog vele andere lasprocessen die door een lasser gebruikt kunnen worden voor het maken van een las. In een WPS of LMB is tevens beschreven in welke positie de las moet worden gemaakt en welk toevoegmateriaal (lasdraad) moet worden gebruikt. Verder staat in een WPS ook de soort lasverbinding die moet worden gemaakt.

Verschillende lasverbindingen
Er zijn verschillende lasverbindingen die gemaakt kunnen worden door een lasser. De lasverbindingen zijn verdeeld in een aantal verschillende hoofdgroepen. Deze hoofdgroepen zijn:

  • Stuiklas. Deze las wordt ook wel een kopse las genoemd. Deze las wordt zeer veel gebruikt in de werktuigbouwkunde
  • Overlaplas. De overlaplas wordt gebruikt om twee metalen platen die over elkaar heen geschoven zijn aan elkaar te lassen.
  • Oplas. Deze las is een bijzondere las die onder andere wordt gebruikt voor het repareren van bepaalde machineonderdelen en andere werkstukken die zijn afgesleten. Doormiddel van oplassen worden nieuwe laslagen aangebracht over het versleten object zodat het object zijn oorspronkelijke vorm of diameter weer krijgt. Vaak wordt in dat geval het desbetreffende object door een verspaner op de exacte diameter verspaand. Oplassen wordt overigens ook gebruik voor het aanbrengen van een slijtvaste laag op objecten van metaal.
  • T-las. Bij de T-las wordt een plaat met de kopse kant haaks tegen een andere plaat aangelast. De positie van de plaat die met de kopse kant tegen een andere plaat aan wordt gedrukt is zodanig dat aan de bovenzijde een ‘T’ vorm ontstaat.
  • Hoeklas. De hoeklas wordt in de werktuigbouwkunde ook veel gebruikt. Hierbij wordt ook een plaat met de kopse kant tegen een andere plaat aangelast. In tegenstelling tot een T-las ziet men aan de bovenkant niet een T-vorm maar een L vorm of een V-vorm.  De basisplaat waar de tweede plaat tegenaan wordt gelast steekt niet aan twee kanten uit zoals bij een T-las het geval is. In plaats daarvan steekt de basisplaat maar aan één kant uit. Er wordt onderscheid gemaakt tussen en binnenhoeklas en een buithoeklas.
  • Flenslas. Bij een flenslas worden de twee flensen van platen aan elkaar gelast. Een flens aan een plaat kan ontstaan wanneer men de plaat in een hoek van 90 graden buigt. De opstaande rand die dan ontstaat noemt men een flens. Als men de opstaande randen van twee platen tegen elkaar aan drukt en vervolgens een las maakt over de lengte van de flensen maakt men in feite een flenslas.

De lasverbindingen die worden gebruikt zijn afhankelijk van het materiaal dat gelast moet worden en de lastechniek die gebruikt wordt. Daarnaast zijn uiteraard ook de constructie en materiaaldikte van invloed op de lasverbinding die gekozen wordt. Er zijn lastechnieken die voor een specifieke verbindingsvorm worden gebruikt. Daarnaast zijn er ook lastechnieken die voor verschillende verbindingsvormen gebruikt kunnen worden. Een middelbaar lastechnicus kan adviseren op het gebied van de juiste lastechniek. De kennis van een lastechnicus is van belang bij het opstellen van een WPS of een LMB.

Metallurgie en lasverbindingen
Bij het bepalen van een lasmethode kan ook de hulp van en metallurg worden ingeschakeld. Een metallurg heeft een opleiding gevolgd op het gebied van metallurgie. Daardoor heeft deze specialist verstand van de samenstelling en eigenschappen van metalen en legeringen die gebaseerd zijn op metalen. Door deze kennis kan een metallurg goed aangeven welke metalen juist wel of juist niet geschikt zijn voor een bepaalde toepassing. Over het algemeen is bij de meeste bedrijven in de werktuigbouwkunde goed bekend welke eigenschappen de metalen hebben die worden gebruikt. deze eigenschappen kunnen bij de inkoop van metalen worden opgevraagd.

Wat is oplassen en waarvoor wordt oplassen gebruikt in de metaaltechniek?

Oplassen is een lastechniek waarbij op metalen objecten nieuwe laslagen worden aangebracht. De laslaag wordt op het metalen basismateriaal aangebracht om verschillende redenen. Zo kan het basismateriaal versleten zijn of beschadigingen hebben. Doormiddel van oplassen kunnen afgesleten delen van het basismateriaal worden opgevuld, verlengd of verstevigd.

Het dragermateriaal gaat niet een volledige metallurgische verbinding aan met de laslagen die doormiddel van oplassen worden aangebracht. Een goede hechting van een lasnaad op het dragermateriaal is afhankelijk van een aantal factoren zoals warmte-inbreng. Ook de opmenging en de warmte-beïnvloede zone zijn van belang bij oplassen.

OP-lassen en oplassen
Oplassen is niet hetzelfde als Onder Poederdek-lassen. Lassen onder poederdek wordt ook wel OP-lassen genoemd. Dit lasproces wordt uitgevoerd met een OP-lastoestel en wordt met name gebruikt voor lange lasnaden. Over het algemeen is OP-lassen een zeer productief lasproces. OP-lassen kan ook worden gebruikt voor het oplassen van een slijtvaste cladlaag. Hierbij wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van (sinter)band.

Waar wordt oplassen voor gebruikt
Oplassen wordt ook gebruikt voor reparaties aan onderdelen zoals tanden voor graafmachines. Afgesleten onderdelen kunnen door oplassen worden aangevuld tot de oorspronkelijke afmeting en dikte. Deze vorm van reparatie is meestal goedkoper dan nieuwe machineonderdelen aanschaffen. Ook wordt oplassen gebruikt voor het verdikken van assen en andere machineonderdelen die vervolgens verspaand worden tot de juiste maat is bereikt.

Doormiddel van oplassen worden de eigenschappen verbetert van metalen objecten en onderdelen. Hierbij kan gedacht worden aan een beschermlaag tegen erosie of corrosie. Daarnaast kan men doormiddel van oplassen extra dikke laslagen aanbrengen op metaal zodat een harde slijtlaag ontstaat. Deze slijtlaag kan van een slijtvaster materiaal worden gemaakt dan het basismateriaal waar het op wordt gelast. Het oplassen zorgt er namelijk voor dat het metalen object dikker wordt. Hoe dikker het object hoe beter deze bestand is tegen slijtage. Als de laslaag daarnaast ook nog van harder en slijtvaster materiaal wordt gemaakt is het product nog corrosiebestendiger en erosiebestendiger.

Oplassen een lasproces?
Oplassen is een specifiek type lasverbinding en geen specifiek lasproces. Een aantal voorbeelden van oplasprocessen zijn cxplosielassen, TIG/ MIG/ MAG cladding en magnetisch pulslassen. Oplassen kan door een lasser met de hand gedaan worden doormiddel van bijvoorbeeld een MIG/MAG lastoestel. Er zijn echter ook specialistische bedrijven die oplastechnieken volledig geautomatiseerd hebben.