Wat is passieve veiligheid bij voertuigen en machines?

Passieve veiligheid is een verzamelnaam voor alle constructieve en technische voorzieningen die er op gericht zijn om de gevolgen van een ongeval te beperken. Over het algemeen wordt de term passieve veiligheid gebruikt in de voertuigenindustrie maar de term komt ook voor in de machinebouw. Passieve veiligheid is met name gericht op het beperken van de schadelijke gevolgen van een ongeval terwijl actieve veiligheid gericht is op het voorkomen van ongevallen.

Voorbeelden van passieve veiligheid
Passieve veiligheid bestaat meestal uit technische aanpassingen aan machines en voertuigen. Auto’s kunnen bijvoorbeeld worden voorzien van een kreukelzone die de klap van een botsing grotendeels opvangt. Ook een zacht dashboard kan de kans op letsel voor inzittenden van een auto beperken. Veiligheidsgordels behoren ook tot passieve veiligheid evenals airbags en een vervormbare stuurkolom. Auto’s kunnen ook een kooiconstructie hebben ter bescherming van de inzittenden bij een botsing. De effectiviteit van deze veiligheidsmiddelen wordt pas aantoonbaar na een ongeval.

Ook beschermende kleding kan een vorm zijn van passieve veiligheid. Hierbij kan gedacht worden aan de beschermende kleding voor motorrijders. Ook de helmen die motorrijders en scooterrijders dragen vallen onder de passieve veiligheid omdat deze de schadelijke gevolgen van een ongeval moeten beperken voor de drager van deze beschermingsmiddelen.

Wat is een kreukelzone en waarvoor dienen kreukelzones?

Een kreukelzone is een bufferzone in een constructie of de carrosserie van een auto. De kreukelzone aangebracht voor het opvangen van krachten die uit een bepaalde richting komen. Dit deel van een constructie of carrosserie is bestemt voor het opvangen van de impact van krachten die door een externe factor wordt toegebracht. Bij voertuigen is de kreukelzone vooral bedoelt voor het beschermen van de inzittenden van bijvoorbeeld een auto, bus of trein. Door het opvangen van de impact door de kreukelzone wordt een groot deel van de energie weggenomen en komt de klap, van bijvoorbeeld een botsing, minder hard aan op het compartiment waar de passagiers zitten.

Passieve veiligheid
Na een aanrijding kan een auto behoorlijk zijn beschadigd. Een auto met een kreukelzone kan voor een groot deel worden ingedeukt terwijl de passagiers vrijwel geen of weinig verwondingen hebben. Men kan dan op basis van het autowrak de conclusie trekken dat het een zeer zware aanrijding betrof. Toch hoeft dat niet altijd het geval te zijn. Een kreukelzone is bedoelt om in elkaar te drukken of te kreukelen bij een aanrijding. Hierdoor worden de krachten opgevangen die gepaard gaan bij een aanrijding. Doormiddel van de kreukelzone wordt duidelijk dat niet het behoud van het voertuig maar juist de veiligheid en gezondheid van de inzittenden voorop staat. Omdat de gevolgen van een ongeval worden beperkt noemt men de kreukelzone een vorm van passieve veiligheid. Actieve veiligheid is daarentegen gericht op het voorkomen van ongevallen.

Geschiedenis en toekomst van de kreukelzone
De kreukelzone is als concept bedacht door de ontwerper Béla Barényi. Deze een Oostenrijkse auto-ontwerper kreeg in 1952 een octrooi voor zijn concept en kan worden gezien als grondlegger van de passieve veiligheid. Het duurde nog een paar jaar voordat kreukelzones werden ingebouwd in auto’s. De eerste auto die met kreukelzones was uitgerust was de Mercedes-Benz W111 uit 1959. Sinds die tijd zijn er steeds meer auto’s uitgerust met kreukelzones. Tegenwoordig worden kreukelzones niet alleen meer toegepast in auto-ontwerpen, ook raceboten, vliegtuigen en railvoertuigen hebben kreukelzones die de kans op letsel voor inzittenden zoveel mogelijk moeten beperken. De kreukelzones worden steeds verder verbetert zodat de veiligheid voor de inzittenden van diverse voertuigen en vaartuigen wordt geoptimaliseerd. Door gebruik te maken van kunststoffen en nieuwe verbindingstechnieken blijft de passieve veiligheid van voertuigen in ontwikkeling.