Wat is een stroominfarct?

Een stroominfarct is een verschil in vraag en aanbod aan elektriciteit in het elektriciteitsnet waarbij de vraag het aanbod zo sterk overstijgt dat het elektriciteitsnet geheel of gedeeltelijk wordt uitgeschakeld. De term stoominfarct wordt onder andere door de Technische Universiteit van Delft gebruikt om de ernst en gevolgen van een groot tekort aan elektrische stroom te illustreren.

Vraag en aanbod elektriciteit
Een stroominfarct is een realistisch probleem wanneer het aanbod aan elektrische stroom onzekerder wordt en de vraag naar elektrische stroom toeneemt. Dat is een ontwikkeling die op dit moment gaande is. Vanwege de energietransitie zijn veel installaties en voertuigen meer elektriciteit gaan verbruiken in plaats van fossiele brandstoffen zoals aardgas, steenkool maar ook benzine en diesel.

Elektrische energie

Elektrische stroom kan men op verschillende manieren verkrijgen. De steenkolencentrales en aardgascentrales worden beschouwd als niet duurzaam omdat deze draaien op fossiele brandstoffen. Wel is de elektrische stroom die in deze centrales wordt opgewekt constant en controleerbaar. Men kan immers berekenen hoeveel steenkool men nodig heeft om in een bepaalde elektrische energiebehoefte te voorzien.

Weersafhankelijk

Lastiger wordt het wanneer men de elektrische energiebehoefte laat afhangen van weersomstandigheden. Dit is het geval bij energie-installaties die draaien op windkracht zoals windturbines of op zonlicht zoals zonnepanelen. Deze installaties zijn afhankelijk van weersomstandigheden die kunnen veranderen. Als er weinig wind staat en de zon onvoldoende kracht heeft kan er een tekort aan elektrische stroom ontstaan. Er wordt dan minder elektriciteit uit duurzame bronnen opgewekt waardoor er een stroominfarct kan ontstaan. De Technische Universiteit van Delft (TU Delft) zoekt naar oplossingen voor deze situatie.

Thorium een alternatief voor uranium?

Kernenergie staat wereldwijd ter discussie. Men kan hierbij eenvoudig via internet verschillende discussiegroepen vinden. Zowel voorstanders als tegenstanders bestrijden elkaar met argumenten. Daarbij worden de kernramp in Tsjernobyl (1986) en de kernramp in het Japanse Fukushima (2011) regelmatig aangehaald. Zowel voorstanders als tegenstanders van kernenergie zijn het er over eens dat deze rampen nooit meer mogen gebeuren. Men kijkt naar nieuwe methodes om kernenergie veiliger op te weken. Desondanks kan een natuurramp er voor zorgen dat alle veiligheidsmaatregelen in één klap ontoereikend zijn. Minder gevaarlijke energiebronnen die kernenergie vervangen zullen de beste oplossing zijn.

Uranium
Voor het opwekken van kernenergie wordt verrijkt uranium gebruikt. Dit is een stof waaruit tijdens de kernsplijting in de kerncentrale veel elektrische energie vrijkomt. Door de enorme splijtingswarmte wordt water verhit tot stoom en wordt een stoomturbine in beweging gebracht. Door het draaien van deze turbine ontstaat bewegingsenergie die omgezet wordt in elektrische energie. Een nadeel van uranium is echter dat er door het gebruik van deze stof veel gevaarlijk radioactief afval ontstaat. Dit afval is zeer schadelijk voor mens en milieu. Naast het feit dat uranium schadelijk is, komt deze stof bovendien niet veel voor. Het is dus een kostbare en tevens gevaarlijke  grondstof.

Thorium
Thorium is een element dat vernoemd is naar Thor, de god van de donder in de Germaanse mythologie.  Thorium heeft atoomnummer 90 en scheikundig symbool Th. Thorium wordt veel aangetroffen in verschillende gesteentes. Het gaat daarbij meestal om lage concentraties. Ondanks de hoeveelheid thorium die beschikbaar is in de wereld wordt het materiaal nog niet veel toegepast. Het element  blijkt echter over verschillende gunstige eigenschappen te beschikken. Zo blijkt thorium ook geschikt voor de productie van nucleaire brandstof. In Noorwegen werden in 2007 plannen ontwikkelt voor het opstarten van een thoriumreactor. Dit is een gesmoltenzoutreactor en wordt in het Engels een Molten Salt Reactor (MSR) of soms Liquid Fuel Thorium Reactor (LFTR) genoemd.

TU Delft
De Technische Universiteit  Delft houdt hield op 17 april 2015 een congres over de hierboven genoemde thorium gesmolten-zoutreactor. De  initiatiefnemer van het congres is Jan Leen Kloosterman. Op het congres gaat men meer informatie verschaffen over de werking van een thorium-centrale. Wereldwijd lijkt vooral China zeer positief over deze nieuwe centrales te zijn. Binnen tien jaar verwacht China een werkende thorium-centrale te hebben. Ook Europa kijkt met belangstelling naar deze ontwikkeling en heeft geld vrijgemaakt voor onderzoek naar deze zoutreactor. Jan Leen Kloosterman doet als reactorfysicus zelf ook onderzoek aan de TU Delft naar deze vorm van kernenergie. In een periode van tien jaar groeide zijn enthousiasme over de thorium gesmolten-zoutreactor.