Cursus Elektrisch Schakelen

De cursus Elektrisch Schakelen wordt door verschillende opleidingsinstituten op het middelbaar beroepsonderwijs gegeven en is specifiek ontwikkeld voor werknemers die meer vakkennis willen of moeten krijgen op het gebied van industriële elektrotechniek.

Wat leer je tijdens de cursus Elektrisch Schakelen?
Tijdens de cursus Elektrisch Schakelen leert de deelnemer elektrische componenten, te installeren, te vervangen en te repareren. Daarnaast leert een deelnemer storingen zoeken en verhelpen. Het lezen van elektrische schema’s behoort ook tot het opleidingsprogramma. In een tekening kunnen de elektrische bedrading, de elektrische schakelingen overige componenten schematisch worden weergegeven. Het is belangrijk dat een monteur deze tekeningen en schema’s goed kan lezen.

Verder wordt er in de cursus elektrisch schakelen ook aandacht besteed aan meetapparatuur en de manieren waarop men metingen moet verrichten aan elektrische systemen. Ook relais, schakelkasten, draaistroommotoren, draaistroommotorschakelingen, frequentieregelaars, softstarters en alle beveiligingssystemen die bij deze voorgenoemde systemen behoren komen aan de orde in de cursus Elektrisch Schakelen. Toch verschilt de cursusinhoud voor Elektrisch Schakelen per opleidingsinstituut. Daarom is het belangrijk om van te voren goed na te vragen wat de precieze cursusinhoud is als je Elektrisch Schakelen wil gaan volgen bij een bepaald opleidingsinstituut.

Voorkennis en vooropleiding
Voor de cursus Elektrisch Schakelen is een mbo-3 werk- of denkniveau gewenst. Ook is het belangrijk dat iemand die deelneemt aan deze cursus affiniteit heeft met de techniek of in de techniek werkzaam (is gewenst). Vooropleidingen in de elektrotechniek en/ of werktuigbouwkunde zorgen er voor dat de cursus elektrisch schakelen effectiever kan worden opgepakt. Iemand met deze opleidingsachtergrond zal namelijk bepaalde informatie uit de opleiding Elektrisch Schakelen herkennen.

Doelgroep voor Elektrisch Schakelen
De cursus elektrisch schakelen is ontwikkeld voor mensen die werkzaam zijn in de machinebouw of machineonderhoud. Onderhoudsmonteurs, installatiemonteurs, servicemonteurs en andere werknemers die werken in het assembleren of repareren en onderhouden van machines kunnen voordeel hebben met de opleiding Elektrisch Schakelen. De cursus vormt een goede aanvulling voor technici die alleen maar kennis hebben van de mechanische componenten van machines en installaties.

Geen volledige elektrotechnische opleiding
Elektrisch Schakelen is echter geen volledige opleiding in de elektrotechniek. Als iemand een elektrotechnisch onderhoudsmonteur wil worden dan zijn aanvullende opleidingen op het gebied van mechatronica, elektronica en elektrotechniek gewenst en noodzakelijk. Ook veiligheidstrainingen in de vorm van VCA of NEN 3140 vormen een belangrijke aanvulling voor mensen die een opleiding Elektrisch Schakelen hebben gevolgd.

BBL trajecten kunnen een oplossing vormen voor personeelstekort in techniek

Het tekort aan ervaren krachten in de techniek neemt toe. Veel bedrijven hebben tijdens de economische crisis ook bezuinigd op hun personeelsbestand. Ook technische bedrijven en bedrijven in de bouw hebben veel personeel noodgedwongen moeten laten vertrekken toen het slecht ging met de economie. Er werd in die crisistijd nauwelijks geïnvesteerd in instromers. Daarnaast zorgde de bezuinigingen van technische bedrijven en bouwbedrijven er voor dat er in de periode rond 2013 niet veel leerlingen kozen voor een technische opleiding. Het gevolg is dat dat er een tekort is aan personeel en dat dit tekort niet opgelost kan worden als men niet bereid is om alsnog te investeren in opleiding en ontwikkeling van instromers. BBL opleidingen zijn daarbij een effectief middel.

Wat is BBL?
BBL is de Beroepsbegeleidende leerweg en wordt ook wel werken en leren genoemd. Het is een vorm van het middelbaar beroepsonderwijs. BBL is de tegenhangen van BOL dat staat voor Beroepsopleidende leerweg. Een BOL opleiding vind, op een paar praktijkstages na, volledig op een opleidingsinstituut plaats bijvoorbeel een ROC. Een BBL traject is praktijkgerichter en dat maakt deze mbo-opleidingsvorm een uitstekend middel om iemand een ideale mix van praktijk en theorie te bieden tijdens een uitdagend opleidingstraject. In feite heb je voor een succesvolle BBL een goede begeleiding nodig vanuit school en op het werk. Daarom worden er wel eisen gesteld aan bedrijven die BBL-ers in dienst nemen. Bedrijven moeten gecertificeerd worden als erkend leerbedrijf. Praktijkopleiders van bedrijven kunnen de BBL-er op de werkplek ondersteunen bij het leren van de comptenties die nodig zijn in een technisch vakgebied.

BBL en de toekomst
De BBL-er zal tijdens zijn of haar BBL traject een groot deel op het werk aanwezig zijn. Een klein deel van de opleiding vind op school plaats waar de theoretische aspecten voornamelijk worden bijgebracht. Door BBL-ers in te laten stromen in technische bedrijven ontstaat er een nieuwe toestroom aan toekomstige vakkrachten. Het inwerken van BBL-ers kost natuurlijk tijd en wellicht ook capaciteit maar bedrijven krijgen er veel voor terug. Zonder nieuwe instromers in de techniek kunnen de personeelstekorten de komende jaren niet worden opgelost. Dat zorgt er voor dat bedrijven in de techniek steeds vaker er voor kiezen om erkend leerbedrijf te worden en BBL-ers aan te nemen. Ook steeds meer uitzendbureaus maken deze keuze. Zo kunnen de tekorten aan personeel in de bouw en de techniek de komende jaren worden aangepakt.

Hybride leervorm, BBL en werken en leren

Een hybride leervorm is een leervorm waarbij gebruik wordt gemaakt van de praktijk als leeromgeving. Hybride leren is in feite werken en leren. Deze leervorm is vooral aanwezig in het middelbaar beroepsonderwijs oftewel het mbo. Op het mbo is de Beroepsbegeleidende leerweg een typerende vorm van hybride leren. Tijdens een BBL opleiding is een deelnemer zoveel mogelijk op de werklocatie van het erkend leerbedrijf aanwezig. Daar leert hij of zij vaardigheden en competenties aan.

Praktijkgericht
Hybride leren is in tegenstelling tot het klassikaal leren, dat vooral bij de BOL (Beroepsopleidende leerweg) wordt gehanteerd, meer gericht op de praktijk. Daarom zal iemand met een hybride leervorm tijdens zijn of haar opleiding nauwelijks op het opleidingsinstituut aanwezig zijn maar juist meer op de werkvloer. Op de werkvloer kunnen opdrachten worden gemaakt en beoordeeld door praktijkbegeleiders. Niet alleen de praktijkbegeleiders maar ook de collega’s op de werkvloer zorgen er voor dat de deelnemers aan de hybride leervorm zichzelf kan ontwikkelen.

BBL
BBL wordt als hybride leervorm veelvuldig ingezet bij technische bedrijven. In de installatietechniek en elektrotechniek worden BBL opleidingen gebruikt als oplossing voor het tekort aan technisch personeel. Doormiddel van BBL opleidingstrajecten kunnen mensen zonder technische achtergrond toch ontwikkeld worden tot een techneut. Dit gebeurd op een praktijkgerichte opleiding in de vorm van werken en leren. BBL is bij uitstek geschikt voor mensen die leren door te doen en mensen die tijdens de opleiding graag willen werken en geld verdienen.

Bijna 80 procent van de technische organisaties verwacht tekort aan technici vanaf 2018

Ede, 15 oktober 2018 – 79 procent van de technische organisaties in Nederland verwacht een tekort aan technici in de komende vijf jaar. Dit blijkt uit de ROVC TechBarometer, een onderzoek uitgevoerd door ROVC, partner in trainingen en opleidingen voor technisch Nederland. 969 respondenten uit de technische branche geven in het rapport antwoord op vragen over markt-, HR- en opleidingstrends binnen de techniek.

De afgelopen vijf jaar heeft bijna een kwart van de organisaties een kwalitatief tekort ervaren (24%), 11 procent alleen een kwantitatief. 38 procent heeft met beiden vormen van tekorten te maken gehad.

Grootste tekort in maritieme en chemische sector
De maritieme sector verwacht de komende vijf jaar de grootste kwalitatieve én kwantitatieve tekorten (61%). De (petro)chemie staat voor een bijna even grote uitdaging (60%). Ook de helft van de organisaties in bouw en infra (50%), de installatiebranche (53%), de voedingsindustrie (47%) en de zorg (52%) verwachten zowel een kwalitatief als een kwantitatief tekort aan technici.

John Huizing, directeur bij ROVC: “Er zijn verschillende oorzaken voor het tekort aan technici. Kijkend naar het kwalitatieve tekort is dat bijvoorbeeld een kennisgebrek door technologische vernieuwing. Een groot deel van het technisch werk vindt plaats achter de computer of met machines. Technici die al langer in het vak zitten zijn een totaal andere werkwijze gewend en hebben niet de passende vaardigheden voor deze ontwikkeling. Dit geldt echter niet alleen voor oudere medewerkers. Het reguliere onderwijs sluit slecht aan op de praktijk, waardoor technisch personeel niet goed voorbereid is op de werkzaamheden. Zij beschikken niet over de kennis en kunde die het werk vereist. Het kwantitatieve tekort is onder andere te wijden aan een slecht imago van de branche. Techniek wordt veelal gezien als een vak waar je vieze handen krijgt, maar techniek is veel meer dan dat. Het imago boosten is cruciaal om de tekorten terug te dringen.”

Het rapport: de ROVC TechBarometer 2018
De ROVC TechBarometer geeft inzicht in de relevante trends voor de techniek. Het rapport is gratis aan te vragen via de website van het ROVC.

Technicum Techniek Academy een oplossing voor het tekort aan Technisch personeel

Het opleiden van technisch personeel wordt steeds belangrijker. De arbeidsmarkt heeft de komende jaren te maken met een oplopend tekort aan technisch personeel en de technologische ontwikkelingen worden steeds complexer. Techniek draait om kennis, veiligheid, innovatie en kwaliteit. Al deze aspecten zijn voortdurend in ontwikkeling en worden in technische opleidingen aangeboden. Technicum uitzendbureau levert met de Techniek Academy een speciale bijdrage aan het opleiden van vakkundig technisch personeel.

Dienstverlening aan bedrijven en leerlingen

De dienstverlening die Technicum levert doormiddel van de Techniek Academy bestaat uit het optimaal ontzorgen van technische bedrijven met betrekking tot de opleiding en ontwikkeling van technische werknemers. Met ‘ontzorgen’ wordt bedoelt dat Technicum een aantal tijdrovende en complexe taken van bedrijven over kan nemen in en rondom het opleidingsproces. Technicum zal met bedrijven afspraken maken of de dienstverlening die gewenst is. Zo kan Technicum verantwoordelijk worden gemaakt voor de werving van de leerlingen en de selectie van de juiste kandidaten die deelnemen aan een opleiding. Ook de begeleiding van de leerlingen kan Technicum uitstekend uitvoeren.

Focus op werving en selectie

Juist nu er op de arbeidsmarkt een steeds grotere krapte ontstaat aan ervaren technisch personeel is de focus en de aandacht voor het werven en selecteren van kandidaten voor opleidingstrajecten van groot belang. Er zijn voldoende werkzoekenden en werklozen op de arbeidsmarkt maar niet iedereen die tot deze groepen behoort is ook geschikt voor een technisch beroep. Daarnaast verschillende technische beroepen onderling en is er ook sprake van zogenaamde cultuurverschillen tussen de sectoren.

Denk hierbij het verschil tussen de bouwsector en de metaalbranche. Technicum is vrijwel in alle sectoren binnen de techniek vertegenwoordigd en kent daardoor de verschillen tussen de bedrijfsculturen maar ook de verschillen tussen de functies en de bijbehorende opleidingseisen. Deze aspecten zorgen er voor dat Technicum goed in staat is om voor bedrijven het juiste personeel en de juiste leerlingen te selecteren. Voor leerlingen betekent deze kennis en ervaring van Technicum een goede begeleiding naar het juiste leerbedrijf en een uitstekende ondersteuning in het leerproces. Door de bemiddeling van Technicum vind je de opleiding die bij je kennis, ervaring en ambities aansluit en heb je bovendien door de vakkundige begeleiding ook een zo groot mogelijke kans om de opleiding succesvol af te ronden.

Specifieke eigenschappen van de Technicum Academy
De Technicum Academy is een Engelse benaming voor de specifieke aanpak die het VCU gecertificeerde uitzendbureau Technicum hanteert om het succesvol leren van technische leerlingen te bevorderen bij leerbedrijven. Om de opleiding van de medewerker het beste aan te laten sluiten op zijn/ haar wensen ten aanzien van de loopbaan binnen de techniek en wat de arbeidsmarkt vraagt worden door Technicum de volgende stappen gehanteerd:

    1. Kennismaking. Technicum start met een persoonlijk opleidingsgesprek met de kandidaat leerling. Dit gesprek wordt gevoerd met een van de opleidingsadviseurs of ervaren consultants op een Technicum-vestiging. Uit dit gesprek ontstaat een duidelijk beeld van de wensen van de kandidaat en de manier waarop deze loopbaanwensen doormiddel van een opleiding verwezenlijkt kunnen worden.
    2. Aanmelding. Technicum biedt zelf opleidingen aan en heeft contact met vrijwel alle gangbare opleidingsinstituten in de techniek. De leerling kan samen met de consultant of opleidingadviseur van Technicum een startmoment bepalen. Technicum zal de leerling dan aanmelden bij de beste opleidingsinstantie. De medewerker komt voor de aanvang van de opleiding bij Technicum in dienst en gaat daarbij een leerwerkovereenkomst aan. Technicum zorgt er voor er een passende werkplek wordt gevonden bij een erkend leerbedrijf welke het beste bij de medewerker en de opleidingsrichting aansluit.
    3. Kosten. De kosten van de opleiding worden door Technicum betaald, zowel het lesgeld als de boeken.
    4. Leren en werken. De medewerker werkt 4 of 5 dagen in de praktijk bij een erkend leerbedrijf en gaat één dag of twee avonden in de week naar school.
    5. Veiligheid. Technicum is een VCU gecertificeerde uitzendorganisatie en daardoor gespecialiseerd in het bemiddelen van technisch personeel bij VCA gecertificeerde bedrijven. Naast de gebruikelijke doorgeleidingsplicht van veiligheidsregels en de werkinstructie zorgt Technicum doormiddel van de verstrekking van persoonlijke beschermingsmiddelen (pbm’s) en werkplekinspecties er voor dat de werknemers in een veilige omgeving werken. Doormiddel van veiligheidscertificaten zoals de NEN3140, NEN1010, het heftruckcertificaat, VCA Basis, VCA Vol en vele andere certificaten kunnen leerlingen en uitzendkrachten die via Technicum werken nog beter op de hoogte worden gebracht van de veiligheidsaspecten in een specifieke werkomgeving. Ook deze certificaten betaald Technicum.
    6. Een leven lang leren. De techniek is in ontwikkeling en het is daarom belangrijk dat je kennis en vaardigheden op niveau blijven. Werknemers die in dienst zijn van Technicum blijven zich in hun werk ontwikkelen en worden daarbij theoretisch en praktisch ondersteund door aanvullende opleidingen en cursussen.

Aanmelden voor de Technicum Academy?
Heb je interesse in werken en leren, BBL, of een andere opleidingsvariant binnen de Technicum Academy? Neem dan contact met ons op via het contactformulier of meld je direct aan voor een passend BBL traject doormiddel van het BBL aanmeldformulier. Binnen 2 werkdagen zal een opleidingsadviseur of consultant van Technicum met je contact opnemen voor een vrijblijvend gesprek over je mogelijkheden in de techniek en de bijbehorende opleidingen.

Wat is omscholen?

Omscholen is het geheel van opleidingen, trainingen, cursussen en andere activiteiten waarmee iemand nieuwe vaardigheden en kennis aanleert die hem of haar in staat stellen om een ander beroep uit te oefenen dan men tot op heden heeft uitgeoefend en waar men aanvankelijk voor is opgeleid. Deze definitie voor omscholen heeft schrijver Pieter Geertsma van Technischwerken.nl geformuleerd om het begrip omscholen te verduidelijken. Het is duidelijk dat omscholen zorgt voor een verandering in de loopbaanmogelijkheden van de desbetreffende persoon. Deze verandering vereist inspanning en wordt daarom met een reden of vanwege meerdere redenen in werking gezet. In de volgende alinea zijn een aantal redenen genoemd waarom iemand kiest voor omscholen.

Waarom omscholen?
Omscholen doet men meestal niet zomaar. Meestal kost omscholen geld en behoorlijk wat inspanning. Er worden andere keuzes gemaakt en men neemt vaak afscheid van een bepaald beroep of beroepsgroep. Voordat men dit doet moet men goed nadenken en de keuze voor een omscholing naar andere beroepsgroep goed motiveren. Er kunnen verschillende redenen zijn waarom iemand besluit tot omscholen. We zetten een aantal veelvoorkomende redenen op een rijtje:

  • Met de opleiding die men aanvankelijk heeft gevolgd heeft men geen mogelijkheden op een betaalde baan op de arbeidsmarkt.
  • Men ondervind fysieke of psychische klachten bij het uitoefenen van de huidige functie waardoor men een omscholingstraject nodig heeft om een andere baan te kunnen krijgen.
  • De huidige loopbaan biedt weinig perspectieven en heeft ongunstige arbeidsvoorwaarden.
  • Er ontstaan nieuwe functies en beroepen door nieuwe technologieën en andere ontwikkelingen die de interesse wekken en mensen laten overwegen om zich om te scholen.
  • Vrienden of kennissen maken iemand geïnteresseerd in andere functies waardoor men overweegt om een omscholingstraject in te gaan.
  • Door ontslag of door een reorganisatie raakt iemand zijn of haar functie kwijt en besluit hij of zij om de loopbaan en loopbaanperspectieven een nieuwe invalshoek te geven doormiddel van een omscholing.
  • Iemand komt er tijdens een gesprek of loopbaanbegeleidingstraject met een loopbaanbegeleider achter dat hij of zij toch geschikter is voor een andere functie dan hij of zij op dit moment uitoefent.

Hierboven staan een paar redenen voor omscholing. Zoals je ziet hebben veel redenen te maken met beeldvorming over beroepen en functies. Deze beeldvorming kan veranderen na verloop van tijd. Daarnaast veranderen functies ook. Doormiddel van nieuwe technologieën, gereedschappen, robotisering en automatisering verdwijnen functies, worden functies aangepast en komen er nieuwe functies bij. Omscholen en bijscholen worden daardoor steeds vaker ter sprake gebracht binnen bedrijven en bij loopbaanbegeleidingstrajecten.

Omscholen begint met kiezen
Omscholen begint in feite bij de werknemer of werkzoekende zelf en zijn of haar omgeving. Door veranderingen in de werksituatie en persoonlijke (lichamelijke en psychische) situatie kan er behoefte ontstaan aan omscholing. Zodra deze behoefte ontstaat is het belangrijk dat deze behoefte en veranderde beeldvorming getoetst wordt. Dit kan door een gesprek aan te gaan met een loopbaanbegeleider of met een decaan. Ook kan het nuttig zijn om op internet informatie te zoeken met betrekking tot opleidingen en beroepen. Vacatures en functieprofielen kunnen belangrijke informatie geven over wat werkgevers voor opleidingsachtergrond eisen in bepaalde beroepen. Een keuze voor omscholing is vaak een keuze voor een bepaald beroep of functie. De beeldvorming over dit beroep of deze functie moet goed worden getoetst bij werknemers die een dergelijk beroep uitoefenen. Werknemers die daadwerkelijk dezelfde functie uitoefenen kunnen vaak een eerlijk beeld geven van de positieve en negatieve aspecten van de functie. Zo kan men een helder beeld krijgen en een goede beslissing maken om juist wel of niet een omscholingstraject in te gaan. Als je niet zeker weet of je een omscholingstraject in wilt gaan is het verstandig om geen overhaaste beslissingen te nemen. Een omscholing naar een ander beroep kost vaak veel tijd en geld en daarom moet een omscholingstraject zorgvuldig in werking worden gezet.

Hoe werkt omscholen?
Omscholen doe je meestal niet alleen maar samen met je werkgever een outplacementbureau, het UWV of een andere instantie. Deze zal je vaak advies geven over de opleiding en het opleidingsinstituut waar je de opleiding zou kunnen volgen. Vaak kun je zelf afspraken maken met het opleidingsinstituut over de aanvang en duur van de opleiding. Ook weet het opleidingsinstituut vaak goed te vertellen wat de loopbaanmogelijkheden en loopbaanperspectieven zijn met een bepaalde opleiding. Omscholingstrajecten kun je fulltime doen maar ook naast je werk. Op die manier kun je naast je werk jezelf ontwikkelen voor een andere beroepsgroep. Denk hierbij aan avondstudies, werken en leren of zelfs BBL.

Vooropleiding voor omscholen
Er zijn veel opleidingen in Nederland. Toch kun je niet elke opleiding zomaar volgen. Meestal wordt er een vooropleiding vereist. Omdat er sprake is van een omscholingstraject is de kans groot dat iemand niet over de vereiste vooropleiding beschikt. Daarom wordt vaak gekeken naar het opleidingsniveau. Heeft iemand bijvoorbeeld een HBO niveau of een MBO niveau dan is het vaak mogelijk om op hetzelfde niveau een andere opleiding te volgen in een andere richting. Of iemand voor bepaalde modules en vakken vrijstelling kan krijgen is afhankelijk van de opleiding, het opleidingsinstituut en individuele afspraken die hierover gemaakt kunnen worden voordat men met de opleiding start. De meeste ROC’s en HBO-opleidingsinstituten hebben vaak duidelijke regels en voorschriften met betrekking tot vrijstelling en vooropleiding. Daarom is het belangrijk om met deze opleidingsinstituten hierover in contact te treden voordat men zich aanmeld voor een opleiding in het kader van omscholing.

Voor- en nadelen BOL en BBL

Binnen het middelbaarberoepsonderwijs of MBO kan een student kiezen tussen twee onderwijsvormen: BOL (Beroeps opleidende leerweg) en BBL (Beroepsbegeleidende leerweg). Er zijn grote verschillen tussen deze onderwijsvormen. De BOL opleidingsvorm vindt hoofdzakelijk op school plaats in een combinatie met stages. De BBL vorm vindt plaats bij een bedrijf, men noemt dit dan ook wel werken en leren. Tijdens een BBL opleiding is de student veelal vier dagen aan het werk in een erkend leerbedrijf en gaat hij of zij een dag naar school. Sommige opleiding worden uitsluitend in een BBL of BOL vorm gegeven, bij andere opleidingen kan men een keuze maken tussen deze opleidingsvormen. Dit verschilt niet alleen per opleiding maar ook per opleidingsinstituut. Vee BBL en BOL opleidingen worden gegeven op een Regionaal Opleidingscentrum (ROC) maar er worden ook BBL opleidingen gegeven op het Agrarisch Opleidingscentrum (AOC).

Kiezen voor BBL of BOL
Om een keuze te maken moet de student goed afweging welke opleidingsvorm het beste aansluit bij zijn of haar toekomstvisie. Hierin kan een (toekomstige) student ook de voor- en nadelen van de twee opleidingsvormen in overweging nemen. De voor- en nadelen staan niet vast, maar zijn opgesteld naar de mening van Tjerk van der Meij, student HRM aan de NHL, schrijver van deze tekst.

Voor- en nadelen BOL
Zoals in voorgaande tekst werd uitgelegd, vindt de scholing van een BOL student hoofdzakelijk plaats op een opleidingsinstituut. Het is een opleiding van theoretische aard die wordt gegeven in combinatie met stages om de student van praktijk ervaring te voorzien.

Voordelen van een BOL opleiding:

  • Student krijgt veel theorie mee op school en kan daardoor een theoretische verdieping krijgen in de leerstof.
  • Student krijgt de kans stages te lopen bij een organisatie van zijn of haar keuze.
  • Student heeft recht op studiefinanciering, wanneer hij of zij 18 jaar of ouder is.
  • Door de stages of beroepspraktijkvorming heeft de student mogelijkheden om bij meerdere werkgevers te werken.
  • Naast de studiefinanciering heeft de student recht op een studentenreisproduct, vaak in de vorm van een OV-kaart.
  • Het is met een BOL-opleiding vaak eenvoudiger om door te stromen naar een hogere opleiding omdat die op het gebied van leervorm beter aansluiten dan de praktijkgerichte BBL-vorm.

Zo kent een BOL opleiding ook enige nadelen ten opzichte van de BBL opleidingen:

  • Student krijgt minder praktijk ervaring en leert vaak in mindere mate de ‘fijne kneepjes van het vak’.
  • Er zijn kosten verbonden aan de opleiding, zoals: boeken, lesgeld, etc.
  • De student weet minder van de arbeidsmarkt en minder van de werkprocessen.
  • In tegenstelling tot de BBL-variant is de beroepspraktijkvorming vaak onbetaald. Bij een BBL-opleiding ontvangt de BBL-er vaak salaris over de uren dat hij of zij werkt bij een erkend leerbedrijf.
  • En BOL-leerling of student heeft verhoudingsgewijs een korte praktijkervaring met een beroepspraktijkvorming en heeft daardoor minder ervaring met bedrijven en bedrijfscultuur.

Voor- en nadelen BBL
In tegenstelling tot de BOL opleidingen, is de student tijdens een BLL opleiding werkzaam bij een organisatie. Dit maakt BBL een opleidingsvorm van praktische aard.

Voordelen van een BBL opleiding:

  • De leerling doet veel werkervaring op bij een erkend leerbedrijf.
  • De leerling kan meteen geld verdienen tijdens het werken bij het erkend leerbedrijf.
  • School wordt in het algemeen gefinancierd door de organisatie waar de leerling werkt. Dit kan bijvoorbeeld een technisch uitzendbureau zijn maar ook het erkend leerbedrijf.
  • Leerling wordt begeleid in het werk- en leerproces door een praktijkbegeleider en door school.
  • De leerling zal veel kennis opdoen van de werkprocessen, arbeidsmarkt en organisatiecultuur

Ook BBL kan nadelen hebben:

  • Doordat er (in het algemeen) maar één dag per week school is voor de leerling, vindt er minder theoretische scholing plaats. Het leren vanuit theorie wordt beperkt.
  • Bovenstaande heeft tot gevolg dat het doorstromen naar hogere theoretische opleidingen vaak een grote stap is voor BBL-ers.
  • De leerling heeft geen recht op studiefinanciering.
  • De leerling heeft geen recht op een studenten reisproduct. Eventueel kan de leerling wel reiskostenvergoeding krijgen voor het woon-werkverkeer naar het erkend leerbedrijf.
  • Er zijn weinig mogelijkheden om bij meerdere werkgevers werkzaam te zijn. De BBL-er heeft vaak een overeenkomst met het erkende leerbedrijf om daar gedurende de opleiding en een bepaalde periode daarna aan de slag te blijven.

Samenvattend
Er is dus een groot verschil in BOL- en BBL opleidingen. Het grootste verschil zit hem in de mate van praktische en theoretische scholing. Een (aankomend) student die besluit een MBO opleiding te gaan volgen kan voor deze keuze komen te staan. Het is dan van belang dat er een weloverwogen keuze wordt gemaakt, voor nu en de toekomst. Wanneer een (aankomend) student niet uit de keuze kan komen, kan hij of zij de site van het dichtstbijzijnde opleidingsinstituut raadplegen. Ook kan men contact opnemen met de scholeninstellen, deze kunnen vaak helpen bij het maken van een keuze. Er zijn verschillende technische uitzendbureaus die ook advies bieden aan (aankomende) BBL-ers. Een voorbeeld hiervan is het uitzendbureau Technicum. Met dit uitzendbureau heeft Technischwerken.nl een samenwerkingsverband gesloten. Als je een BBL-opleiding wil gaan doen kun je dat kenbaar maken door het invullen van het contactformulier of het doen van een aanmelding op de hoofdpagina via de knop ‘BBL Technicum).

Beroepsbegeleidende leerweg BBL

De beroepsbegeleidende leerweg wordt ook wel afgekort met de hoofdletters BBL of met bbl en is een praktijkgerichte vorm van het middelbaar beroepsonderwijs oftewel het mbo. BBL wordt ook wel werken en leren genoemd omdat de deelnemer aan deze opleiding grotendeels werkzaam is in de praktijk bij een erkend leerbedrijf. BBL opleidingen worden aangeboden door Regionale OpleidingsCentrums (ROC) en Agrarische OpleidingsCentrums (AOC). Tijdens een BBL-opleiding werkt de leerling ongeveer 80 procent van zijn of haar tijd bij een erkend leerbedrijf. De overige twintig procent van de tijd is de leerling aanwezig op het opleidingsinstituut voor theorielessen, praktijklessen, toetsen en examens.

Werkend leren?
BBL is een combinatie tussen werken en leren. Dat betekend dat er op deze praktijkgerichte opleiding een bepaalde balans is tussen leren in de praktijk en leren op school. Dat is voor bepaalde leerlingen ideaal omdat niet iedereen het beste uit zichzelf haalt op school. Sommige mensen leren beter door te doen. Dat betekent dat deze mensen liever in de praktijk vaardigheden en competenties toepassen in een beroep. Het werkend leren is vooral interessant in echte doe-beroepen waarin assistenten of BBL-ers worden opgeleid tot vakmensen of vakvolwassen werknemers. Bovendien werkt men in de praktijk vaak anders dan in de theorie op school wordt aangegeven. Ervaren krachten hebben in de uitvoering van hun werk vaak vaardigheden en technieken aangeleerd die ze kunnen overbrengen op BBL-ers en andere aankomende vakkrachten. Dat zorgt er voor dat werken en leren in de vorm van BBL er voor zorgt dat er ook technische- en praktijkvaardigheden worden geleerd die niet eens in de theorie vermeld zijn.

Vooropleiding voor BBL
BBL-opleidingen zijn er op verschillende niveaus. Meestal kan je een BBL opleiding in een bepaalde richting volgen van niveau 1 tot en met niveau 4. Voor het instroomniveau is meestal geen vooropleiding vereist. Dit instroomniveau is niveau 1 en zorgt er voor dat je een assistent bent in een bepaalde beroepsgroep. Na niveau 1 volgen de hogere niveaus waarvoor een vmbo opleiding of een Havo opleiding als vooropleiding is vereist. Als je precies wilt weten welke vooropleiding je voor een bepaalde BBL-opleiding nodig hebt kun je dat vragen aan een ROC of AOC waar de desbetreffende BBL-opleiding wordt gegeven.

BBL in de techniek
Technischwerken.nl is een website met informatie over de techniek en de technische arbeidsmarkt. Geen wonder dat op deze website vooral wordt gekeken naar technische BBL opleidingen hoewel er ook andere BBL opleidingen zijn. In de techniek is vooral in de installatietechniek, elektrotechniek en de werktuigbouwkunde een groot tekort aan technisch personeel. De overheid en bedrijven proberen daarom leerlingen te werven voor BBL-trajecten zodat er voor de toekomst meer technisch personeel wordt opgeleid. Daarbij zijn ook vaak technische (VCU) uitzendbureaus aangesloten.

VCU uitzendbureaus en BBL
Technische uitzendorganisaties zoals Technicum leveren BBL opleidingen aan hun uitzendkrachten en gedetacheerd personeel. Daarvoor heeft Technicum opleidingscoördinators in dienst die adviezen geven over BBL trajecten en de BBL-ers ook daadwerkelijk begeleiden. Technicum heeft daarnaast ook een groot netwerk aan erkende leerbedrijven waar ze haar BBL-ers aan de slag laat gaan om te werken aan hun vakkennis en praktijkvaardigheden. Technischwerken.nl heeft een samenwerkingsverband met Technicum op het gebied van BBL. Als je interesse hebt in een technisch BBL-traject kun je via het contactformulier je gegevens naar de websitebeheerder sturen of het BBL aanmeldformulier invullen. Dit aanmeldformulier voor BBl kan worden gevonden op de hoofdpagina van de website onder het knopje ‘BBL Technicum’.

MBO praktijkopleider niveau 4

De opleiding mbo praktijkopleider is een opleiding die kan worden gegeven aan werknemers die al een bepaalde functie hebben in een bedrijf of organisatie. De opleiding is bedoelt om de desbetreffende werknemer vaardigheden aan te  leren die hij of zij kan gebruiken om andere collega’s of stagiaires te begeleiden in hun leerproces. Op de opleiding mbo praktijkopleider wordt aandacht besteed aan de methodes die kunnen worden gehanteerd om leerlingen en stagiairs op de werkvloer te begeleiden.

Vaardigheden aanleren
Omdat het een opleiding praktijkopleider is wordt veel aandacht besteed aan de praktijk. Dit houdt in dit verband in dat men op de opleiding vooral praktische vaardigheden aanleert. Men krijgt informatie over hoe men het beste kennis kan overdragen op leerlingen en stagiairs. Ook leert men om deze aankomende vakkrachten te coachen en te ondersteunen bij hun leerproces. Daar komen persoonlijke didactische vaardigheden bij kijken maar men leert ook de bijbehorende administratie op orde te houden. Op de opleiding praktijkopleider leert men ook een opleidingsplan te schrijven voor werknemers die bijvoorbeeld een opleidingsvraagstuk hebben en zich breder willen ontwikkelen of zich willen specialiseren.

Praktijkbegeleiding in diverse sectoren
Praktijkopleiders zijn er in verschillende sectoren. Zo zijn er praktijkopleiders in de beveiligingssector en in de zorg. Ook in de techniek zijn veel praktijkopleiders werkzaam. Een mbo opleiding praktijkopleider richt zich op alle sectoren. Dit houdt in dat het een brede opleiding is waarbij vaardigheden worden aangeleerd die in verschillende sectoren kunnen worden toegepast. Daarom gaat men niet in op de technieken en processen die in een bedrijf worden uitgevoerd. Een voorman van een lasbedrijf die bijvoorbeeld praktijkopleider wil worden om leerlingen te ondersteunen bij het leren van lassen zal tijdens de opleiding tot praktijkopleider niet vaardigheden ontwikkelen over hoe hij het beste leerlingen kan ondersteunen bij het lasproces. Wel zal deze voorman leren hoe leerlingen het beste in het algemeen kunnen worden begeleid bij het aanleren van nieuwe vaardigheden (in de techniek).

Vooropleiding voor mbo praktijkopleider
Om een opleiding mbo praktijkopleider te volgen zal iemand minimaal een VMBO-diploma moeten hebben. Dit diploma kan zijn behaald in de Kaderberoepsgerichte leerweg, Gemengde leerweg of Theoretische leerweg. Een aantal jaren HAVO of VWO evenals een overgangsbewijs van HAVO/VWO naar HAVO /VWO 4 is ook in de meeste gevallen voldoende. Voor specifieke vragen hierover kun je contact opnemen met een Regionaal Opleidingscentrum (ROC) bij jou in de buurt.

Wat is een Regionaal opleidingscentrum ROC?

Een ROC is een regionaal opleidingencentrum, meestal wordt het ROC voluit een Regionaal opleidingscentrum genoemd. Dit is een samenwerkingsverband van onderwijsinstituten in  Middelbaar BeroepsOnderwijs (MBO). Daarnaast is het ROC gericht op volwasseneneducatie. Aan het einde van de jaren negentig van de twintigste eeuw zijn in Nederland ROC’s ontstaan. Dit gebeurde door verschillende fusies van een aantal MBO opleidingen. In totaal zijn meer dan vijfhonderd MBO’s samengevoegd tot ongeveer vijftig ROC’s. De vijftig ROC’s zijn echter wel aanzienlijk groter dan de vele kleine MBO’s die Nederland in het verleden had. Er zijn door de samenvoeging grote  onderwijsinstellingen in het middelbaar beroepsonderwijs ontstaan. Tegenwoordig worden Mbo-opleidingen gegeven door Regionale opleidingencentra (ROC), agrarische opleidingencentra (AOC) en vakinstellingen.

Verschillen tussen ROC’s, een AOC’s en een vakinstellingen?
Aan ROC’s kunnen opleidingen worden gevolgd in verschillende richtingen. De opleidingssectoren waar ROC’s zich op richten zijn techniek, economie, handel, zorg en welzijn. De AOC’s bieden middelbare beroepsopleidingen aan op het gebied van de groensector. Soms is het ook mogelijk om een opleiding in de groensector te volgen via een ROC maar over het algemeen is een AOC het aanwezen opleidingsinstituut voor agrarische opleidingen en overige opleidingen in de groene sector. Vakinstellingen hebben opleidingen die gericht zijn op één specialistische sector. Voorbeelden van vakinstellingen zijn bijvoorbeeld het Hout- en Meubileringscollege en een Grafisch Lyceum. Ook is er een vakinstelling voor haven en logistiek. Vakinstellingen zijn over het algemeen kleine specialistische opleidingsinstituten.

Stichting ROC.nl
Voor het toegankelijker maken van onderwijs is in 1998 de onafhankelijke Stichting ROC.nl opgericht. Deze stichting is vooral gericht op het toegankelijker maken van onderwijs en het verschaffen van informatie over opleidingen. Hierdoor kunnen leerlingen en volwassenen goed zien welke Mbo-opleidingen er gevolgd kunnen worden. Naast informatie over Mbo-opleidingen wordt er op de website ook informatie gegeven over Hbo-opleidingen. Daarnaast verstrekt stichting ROC.nl op de website informatie over beroepen zodat mensen zich een beeld kunnen vormen van een aantal beroepen. Hiervoor zijn op de website filmpjes geplaatst waarin kan worden meegekeken met een werknemer die een bepaald beroep in de praktijk uitoefent.

Wat is Beroepspraktijkvorming BPV en is het volgen daarvan verplicht?

In Nederland zijn verschillende opleidingsinstituten die Mbo-opleidingen aanbieden aan leerlingen. Het aantal verschillende Mbo-opleidingen in Nederland is groot. Ook in de techniek zijn veel verschillende opleidingen door leerlingen te volgen. Er zijn bijvoorbeeld opleidingen die gericht zijn op elektrotechniek, werktuigbouwkundige installaties, mechatronica en constructiebankwerken. Mbo staat voor Middelbaar Beroepsonderwijs. Op deze opleidingen leren leerlingen een beroep. Een beroep leer je echter niet alleen in de schoolbanken. Daarvoor is ook praktijkkennis nodig. Deze praktijkkennis komt onder andere aan de orde in de Beroepspraktijkvorming BPV. De stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven SBB heeft een belangrijk invloed op de BPV.

Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven SBB
Binnen Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven SBB worden afspraken gemaakt tussen onderwijs en de bedrijven. De SBB is een stichting. Hierin zijn de sociale partners, VNO-NCW, MKB-Nederland, Colo en de MBO Raad verenigd. De SBB is in januari 2012 opgericht en werkt sinds de oprichting met steeds meer bedrijven en opleidingsinstanties samen. Op dit moment zijn er ongeveer zeventig onderwijsinstellingen die Mbo-opleidingen aanbieden. Hieronder vallen de regionale opleidingscentra en Agrarische opleidingscentra. Daarnaast zijn er in Nederland meer dan 200.000 erkende leerbedrijven. Waar Mbo-leerlingen hun beroepspraktijkvorming kunnen volgen. Er worden afspraken gemaakt binnen SBB met bedrijven en onderwijs over de beroepspraktijkvorming.

Wat is Beroepspraktijkvorming BPV?
Vanuit de SBB zijn richtlijnen naar voren gekomen voor Mbo-opleidingen. Hierin wordt onder andere het belang genoemd van het afstemmen van de leerstof op de praktijk. Mbo-opleidingen moeten leerlingen datgene leren wat in de praktijk wordt toegepast. Dit is niet alleen de wens van opleidingsinstituten, ook het MKB (het Midden en Klein Bedrijf) pleit voor het opdoen van praktijkervaring door Mbo-leerlingen in het bedrijfsleven. Daarom is het belangrijk dat de kennisoverdracht op een Mbo-opleiding praktijkgericht is.

Op een Mbo-opleiding wordt niet alleen gekeken naar de theoretische aspecten van een beroep. Ook de praktische aspecten zijn van groot belang. Deze praktijkkennis komt onder andere aan de orde tijdens stages. Deze stages worden Beroepspraktijkvorming genoemd. Dit word ook wel afgekort met BPV. Elke Mbo-opleiding maakt gebruik van een BPV.

Twee soorten Beroepspraktijkvorming BPV
Er zijn  twee verschillende soorten Beroepspraktijkvorming BPV. De eerste variant is de variant die wordt gedaan bij de beroepsbegeleidende leerweg (BBL). Dit wordt ook wel werkplekleren genoemd. Bij deze BPV-vorm werkt een leerling voornamelijk binnen het leerbedrijf. Dit is de meest praktijkgerichte vorm van MBO en wordt veel toegepast in de techniek. Daarnaast is er en tweede vorm van BPV. Dit is de vorm die wordt gedaan bij de beroepsopleidende leerweg (BOL). De BPV tijdens een BOL-opleiding is korter en wordt ook gedaan in een leerbedrijf.

Is het volgen van een BPV verplicht?
Het volgen van een BPV is voor Mbo-leerlingen verplicht. Het MKB wil dat opleidingsinstituten de leerlingen zoveel mogelijk ondersteunen bij de Beroepspraktijkvorming. De werkgevers willen hiervan zo weinig mogelijk administratieve last van ondervinden. Ondanks de taken die een Mbo-opleidingsinstituut overneemt kunnen niet alle bedrijven Mbo-leerlingen inzetten om hun BPV af te ronden. Alleen bij erkende leerbedrijven mogen Mbo-leerlingen hun Beroepspraktijkvorming volgen.

Erkende leerbedrijven
Niet alle bedrijven voldoen aan de richtlijnen die aan een leerbedrijf worden gesteld. Voordat een bedrijf een erkend leerbedrijf is moet aan een aantal eisen worden voldaan. Of een bedrijf aan de eisen voldoet is ter beoordeling van een kenniscentrum voor beroepsonderwijs bedrijfsleven. Er zijn in Nederland verschillende kenniscentra aanwezig. Voor de techniek is het kenniscentrum Kenteq. Dit is het Kennis- en adviescentrum voor technisch vakmanschap. Kenteq beoordeelt of een bedrijf aan de voorwaarden voldoet om een leerling op te leiden in een bepaald beroep of vak. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de deskundigheid van de praktijkopleider die de leerlingen het vak moet leren. Daarnaast word aandacht besteed aan de leeromgeving. De leeromgeving moet veilig zijn voor de leerling en moet daarnaast voldoende mogelijkheden bieden om het vak uit te kunnen oefenen. De werkzaamheden die worden uitgevoerd moeten passen bij de opleiding en het niveau van de leerling.