Wat zijn de werkzaamheden van een voeger?

Een voeger is een bouwvakker die gespecialiseerd is in het aanbrengen en afwerken van voegen in het metselwerk. Voegers werken op de bouw meestal als een onderaannemer. Deze onderaannemers nemen het voegwerk of de voegwerkzaamheden tegen een bepaalde prijs aan van een hoofdaannemer. De voegers bepalen hun prijs meestal per vierkante meter. Voegers zijn vakmensen die hun vak leren op basis van ervaring en gevoel. In veel gevallen hebben voegers geen specifieke opleiding gevolgd in hun vakgebied.

Wanneer worden voegen aangebracht?
Gevels van woningen, utiliteit en andere bouwwerken worden in Nederland meestal van bakstenen gemaakt. Deze bakstenen worden door een metselaar aan elkaar bevestigd doormiddel van specie. De voeger kan pas aan de slag nadat de metselaar zijn werk heeft afgerond.

De metselaar dient eerst de muren van het gebouw “op hoogte” te brengen. Dan is hij klaar met metselen. De metselaar gaat vervolgens de voegen uitkrabben. Pas als hij daar mee klaar is kan de voeger zijn werk doen.

Het aanbrengen van voegen gebeurd alleen op schoon metselwerk. Onder schoon metselwerk verstaat men muren en gevels die in het zicht blijven en niet worden afgedekt door bijvoorbeeld stucwerk. Deze muren zijn netjes gemetseld. De voegen worden aangebracht zodat de muur netjes is afgewerkt en er minder vochtdoorslag optreed naar de binnenkant van de woning.

Hoe worden voegen aangebracht?
Bij het aanbrengen van voegen wordt van boven naar beneden gewerkt. De voeger start aan de bovenkant van de muur met het schoonborstelen van de stenen en de ruimtes waar de voegen moeten worden aangebracht. Hierbij wordt gebruik gemaakt van verdund zoutzuur. De stenen worden afgespoeld met veel water. Nadat de muur is schoongeborsteld en gewassen laat de voeger de muur een drogen. De muur moet echter niet te droog worden. Als de muur voldoende is opgedroogd gebruikt de voeger een voegspijker om de lintvoeg in te zetten. Vaak komt achter de voeger een andere voeger aan die de stootvoegen er in zet en alles afwerkt.

Afwerken van voegen
Een voeg wordt aangebracht op schoon metselwerk. Dit metselwerk is in het zicht en bevindt zich bijvoorbeeld op de voorgevel, achtergevel of de zijgevels. Omdat de voegen meestal in het zicht zijn aangebracht worden ze netjes afgewerkt. Voegen kunnen op verschillende manieren worden afgewerkt. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Geborstelde voeg
  • Gesneden voeg
  • Platvol voeg
  • Schaduwvoeg

Voegen worden ook wel voorzien van een kleurstof of extra kalk. Hierdoor kan de voeg een groter esthetische waarde krijgen. Bijzondere gevels worden ook wel façade of front genoemd. Deze gevels zijn beeldbepalend en worden daarom meestal voorzien van speciale voegen. Deze voegen komen vaak voor op monumentale panden in oude dorpen en binnensteden.

Wat is een dilatatievoeg en waar wordt deze voeg toegepast?

Een dilatatievoeg is een voeg die wordt aangebracht om de krimp en rek op te vangen tussen twee verschillende materialen. Het krimpen en rekken van materialen wordt ook wel werking genoemd en kan voor scheuren zorgen in constructies. Een dilatatievoeg kan deze scheurvorming voorkomen. Dilatatievoegen kunnen verschillende vormen en afmetingen hebben. De keuze voor een bepaalde vorm of afmeting is afhankelijk van de belasting op de constructie en de soort belasting. Ook de waterdichtheid is van invloed evenals de maximale horizontale en verticale bewegingen van de voeg. Hieronder zijn een paar voorbeelden gegeven van varianten van de dilatatievoeg. Daarbij zijn de toepassingen van deze varianten ook benoemd.

Beperkte belasting
Als de vulling van de voeg slechts beperkt wordt belast van buitenaf zal men er voor kiezen om een voeg aan te brengen van elastisch materiaal. Hiervoor kan men bijvoorbeeld kit gebruiken met daarachter een rugvulling van kunststofschuim. De kit moet gemaakt zijn van materiaal dat de trekkrachten en drukkrachten kan opvangen. Daarnaast moet de kit ook bestand zijn tegen invloeden die inwerken op de buitenkant.

Waterdichtheid
In sommige bouwdelen is waterdichtheid van extra groot belang. Hierbij kan gedacht worden aan vloeren en kelderwanden. Hierbij wordt voor het aanbrengen van voegen zogenoemde voegbanden gebruikt. Een veel voorkomende variant van voegbanden is het zogenaamde instortvoegenband. Dit voegband wordt ingestort in de beton. Daarnaast zijn er ook voegbanden verkrijgbaar die later op de voeg worden aangebracht.

Dilatatievoegprofielen
In vloeren kunnen ook dilatatievoegen worden toegepast. Hierbij wordt vaak ook gebruik gemaakt van dilatatievoegprofielen. De profielen moeten er voor zorgen dat de randen van de voegen niet afbrokkelen door de belasting van bijvoorbeeld voertuigen die zich over de vloer verplaatsen. Er zijn verschillende Dilatatievoegprofielen. Deze worden onder andere van metalen gemaakt zoals aluminium, corrosievast staal (RVS) of verzinkt staal. Deze metalen kunnen eventueel in combinatie met rubber worden geplaatst.

Wat is een voeg en waarvoor dient een voeg?

Een voeg vormt de overgang tussen twee gelijke of verschillende materialen. De naad tussen de twee materialen wordt de voeg genoemd en bestaat meestal uit een andere materiaal dan de materialen die doormiddel van de voeg aan elkaar verbonden worden. Het woord voeg wordt vooral gebruikt voor de naad tussen bakstenen en tegels. Daarnaast wordt de term ook wel gebruikt voor de naad tussen gipsplaten en planken. Een voeg kan ook een verbinding vormen of een afdichting tussen twee onderdelen van een constructie die om technische redenen niet met elkaar verbonden mogen en kunnen worden.

Voegen in metselwerk
Voegen of voegwerk komt onder andere aan de orde bij metselwerk. Bij metselen worden stenen aan elkaar verbonden door gebruik te maken van specie. De specie wordt hard waardoor de stenen aan elkaar worden verbonden. Men kan voor het verharden van specie ook cement gebruiken. In dat geval spreekt men ook wel van een cementvoeg. Met name in muren van oude gebouwen bestaan voegen voor een groot deel uit kalk. Deze kalkvoegen zijn elastischer zijn dan de cementvoegen die tegenwoordig veel worden gebruikt. Er zijn verschillende soorten voegen. Men past in de praktijk de lintvoeg of horizontale voeg toe en de stootvoeg of verticale voeg. De speciale specie waarmee de voegen in het metselwerk worden opgevuld dient niet alleen ter verfraaiing van de gevel. Een voeg heeft ook een belangrijke functie tegen vochtdoorslag.

Voegen bij wand- en vloertegels
Wanneer men wantegels en vloertegels plaatst worden de voegen daarvan ook opgevuld. Hiervoor gebruikt men een ander soort voegenvuller dan de voegvulling die wordt gebruikt bij buitenmuren voor het verbinden van bakstenen. De voegenvuller voor vloertegels en wandtegels heeft een dichtende werking en is meestal wit of witachtig van kleur.

Overige voegen
Naast metselwerk en het plaatsen van wandtegels en vloertegels komt men ook voegen tegen bij andere materialen die aan elkaar worden verbonden. Hieronder volgt een opsomming:

  • Voegenvulling van bestrating bestaat meestal uit zand. Hierdoor zit de bestrating niet stevig aan elkaar verbonden en kan deze indien nodig opgebroken worden om bijvoorbeeld bij leidingen te komen of om het straatwerk te herstellen.
  • Voegen in houtwerk worden met of zonder lijm gedicht. Daarnaast wordt ook gewerkt met een veer en een groef. Hierdoor kan het hout krimpen en uitzetten en toch aan elkaar verbonden blijven zodat er geen schade optreed aan de constructie.
  • De platen van gipswanden worden ook met elkaar verbonden door een voegmiddel. Dit voegmiddel bestaat uit poedervorming gipsgebonden materiaal waaraan water wordt toegevoegd. Hierdoor ontstaat een mooie strakke muur.

Dilatatievoeg en thermische voeg
Bijzondere voegen zijn de dilatatievoeg en de thermische voeg:

  • De dilatatievoeg is zo aangebracht dat deze mogelijke differentiële zettingen van de verschillende constructie-onderdelen kan opnemen. Deze voeg kan krimp en uitzetting van bepaalde constructies opvangen dat de constructie sterk blijft. In de praktijk wordt een bepaalde afstand tussen twee dilatatievoegen aangehouden. Deze afstand is onder andere afhankelijk van de toegepaste materialen.
  • De thermische voeg is een speciale voeg die de thermische uitzetting van de constructie bij temperatuurschommelingen kan opnemen.

Wat is het beroep stukadoor en wat doet een stukadoor?

Een stukadoor is een beroep. Stukadoors zijn vakmensen die stucwerk aanbrengen op plafonds en muren van gebouwen. Stucwerk wordt ook wel stucco, stuc of sierpleister genoemd. Stucwerk wordt op muren en plafonds aangebracht om deze aantrekkelijke of egaal te maken. Lelijke stenen of elementen van beton kunnen doormiddel van stuc worden bedekt. Stucwerk kan dienen ter verfraaiing  van het interieur en dient daarnaast ter bescherming  van de materialen die onder het stucwerk aanwezig zijn.

Wat doet een stukadoor?
Een stukadoor maakt gebruikt van verschillende gereedschappen tijdens zijn of haar werkzaamheden. Op het raapbord wordt specie neergelegd. Dit doet de stukadoor doormiddel van een zogenoemde stukadoorstroffel. Zodra de gipsspecie of pleistergips op het raapbord is geplaatst kan de stukadoor doormiddel van een houten spaan de gipsspecie of pleisterspecie op de muren aanbrengen. Doormiddel van een glad houten bord of een rubber schuurbord kan de muur worden gladgestreken. De rubberen structuur van het rubberen schuurbord kan voor een speciaal effect zorgen in de aangebrachte laag. Een stukadoor kan ook machinaal stuc aanbrengen in gebouwen. Dit wordt tegenwoordig veel gedaan in nieuwbouw woningen en utiliteit. Met name in oude woningen en in restauratieprojecten wordt nog handmatig gewerkt. Ook kleine herstelwerkzaamheden bij particulieren worden meestal nog handmatig uitgevoerd.

Een stukadoor is een vakman
Een ervaren stukadoor is een vakman. Hij of zij is de persoon die er voor moet zorgen dat de woning of het utiliteitspand er netjes uit ziet. De muren en plafonds worden door een stukadoor professioneel bewerkt. De stuc moet goed zijn aangebracht en niet van de muren en plafonds loslaten. Daarnaast dient het geheel er aantrekkelijk uit te zien. De stukadoor moet een goed inzicht hebben in de kwaliteit van muren en plafonds. Daar moet hij of zij rekening mee houden tijdens het voorbereiden. De wensen van de klant of opdrachtgever spelen een grote rol bij het stucwerk. Een stukadoor moet goed naar deze wensen luisteren en moet daarnaast kunnen adviseren over wat technisch wel mogelijk is en wat technisch niet uitgevoerd kan worden.

Met name bij het restaureren van oude monumentale panden komt het vakmanschap van de stukadoor aan de orde. De stukadoor dient deze panden zodanig te restaureren dat het geheel in oude glorie wordt hersteld. Daarom moet een stukadoor regelmatig handwerk verrichten. Vooral bij oud pleisterwerk is restaureren een moeilijke klus. Als het nieuw aangebrachte pleisterwerk is opgedroogd dient dit er het zelfde uit te zien als het oude pleisterwerk dat daar rondom aanwezig is. Een stukadoor is een vakman en wordt over het algemeen steeds beter in het vak. Veel technische en esthetische aspecten die bij dit werk aan de orde komen leert de stukadoor tijdens het werk.