Wat is Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT)?

Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT) is een pensioenfonds dat pensioenregelingen verstrekt aan werknemers uit de branche metaal en techniek. Het PMT staat op de derde plaats als men kijkt naar de omvang van de organisatie en de hoeveelheid pensioenen die de organisatie verstrekt. Bij het PMT zijn meer dan 33.000 werkgevers aangesloten. Het aantal deelnemers dat bij het fonds is aangesloten is ongeveer 1,2 miljoen. Deze groep kan worden opgesplitst in deelnemers die nog werkzaam zijn in de sector metaal en techniek en deelnemers die in deze sector hebben gewerkt. Ook bestaat dit aantal uit gepensioneerden. Als men kijkt naar de 1,2 miljoen deelnemers dan kan men deze als volgt over de hiervoor genoemde groepen verdelen:

  • 378.000 werkzame mensen in de bedrijfstak;
  • 656.000 personen die in de metaal en techniek hebben gewerkt;
  • 206.000 deelnemers die daadwerkelijk pensioen van het PMT ontvangen.

Informatie van het PMT pensioenfonds
PMT is een pensioenfonds zonder winstoogmerk. Dit houdt in dat dit pensioenfonds niet tot doelstelling heeft dat ze winst wil behalen. Op de website van PMT staan de beleidsregels en het pensioenreglement. Het fonds verstrekt zowel informatie aan werkgevers als aan (potentiële) deelnemers van het pensioenfonds. Dit doet PMT op internet maar het fonds heeft ook verschillende informatieve brochures gemaakt die op verzoek kunnen worden verstrekt.

Bij het pensioenfonds kan men onder andere terecht als men vragen heeft over de hoogte van de pensioen of de manier waarop men zich kan aansluiten bij het fonds. PMT probeert haar deelnemers zoveel mogelijk te ondersteunen en doet dit ook op administratief gebied. Zo worden mensen ontzorgd, dit houdt in dat deelnemers ondersteund worden door PMT zodat ze zich minder zorgen hoeven te maken over pensioenproblematiek. Dat is een geruststelling voor veel werknemers uit de metaal en techniek.

Voor wie is het PMT pensioenfonds bedoelt?
Niet iedereen heeft namelijk verstand van pensioenen. Daarom is het belangrijk dat hun pensioenen worden beheerd door een ervaren partij op dit gebied. Het PMT is wat dat betreft de aangewezen partij om pensioenen te regelen voor elektromonteurs, installatiemonteur maar ook andere personen die werkzaam zijn in de installatietechniek of elektrotechniek. Ook mensen die werkzaam zijn in de metaaltechniek kunnen zich aansluiten. Als je specifieke vragen hebt met betrekking tot pensioenen bij PMT kun je contact opnemen met deze organisatie op bpmt.nl.

Opbouw van pensioen op basis van 4 pijlers

Pensioen is een inkomen dat een pensioengerechtigde werknemer of werkneemster ontvang na het behalen van de pensioengerechtigde leeftijd. Het pensioen wordt vanaf de pensioengerechtigde leeftijd uitbetaald door de pensioenvoorziening. Gedurende iemand zijn of haar werkzame leven heeft iemand pensioen opgebouwd. Dit pensioen bestaat uit een aantal verschillende pijlers. Deze pijlers zijn hieronder omschreven.

Pijler 1: pensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW)
De eerste pijler is pensioen dat wordt opgebouwd op basis van de  AOW. Dit wordt ook wel een basispensioen genoemd. Dit basispensioen ontvangt iedereen in Nederland die de pensioengerechtigde leeftijd heeft behaald. Deze pensioengerechtigde leeftijd was altijd 65 jaar maar die leeftijd zal de komende jaren opschuiven naar 67 jaar. De AOW wordt opgebouwd in de vijftig gaar voor de pensioengerechtigde leeftijd. Als iemand al die tijd in Nederland heeft gewoond ontvangt hij of zij de volledige AOW-uitkering. Elk jaar dat iemand in het buitenland heeft gewoond zorgt voor een korting van twee procent op de AOW-uitkering. Het is echter mogelijk om in het buitenland de AOW-opbouw voort te zetten op vrijwillige basis.

Pijler 2: werkgeverspensioen
Werknemers in Nederland bouwen over het algemeen pensioen op via hun werkgever. Dit is een aanvullend pensioen dat wordt uitgekeerd bovenop de AOW-uitkering. Alleen werknemers die bij een werkgever hebben meegedaan aan een pensioenregeling hebben recht op een werkgeverspensioen. Niet alle werkgevers in Nederland hebben een pensioenregeling. Daardoor bouwen niet alle werknemers in Nederland werkgeverspensioen op.

De vorm van de pensioenregeling verschilt bovendien per werkgever. Over het algemeen loopt de opbouw van het werkgeverspensioen tot de pensioengerechtigde leeftijd. Het is echter onder bepaalde voorwaarden wel mogelijk om eerder een deel van dit pensioen op te nemen. Dit heeft echter wel gevolgen voor de hoogte van de pensioenuitkering op een later tijdstip, bijvoorbeeld na de pensioengerechtigde leeftijd. Die uitkering wordt lager als er al eerder bedragen uit de pensioenregeling zijn opgenomen.

Pijler 3: zelfstandig pensioeninkomen opbouwen
Het is mogelijk dat het opgebouwde pensioeninkomen vanuit de AOW en het werkgeverspensioen voor iemand onvoldoende is om na de pensioengerechtigde leeftijd voldoende financiële middelen te hebben. In dat geval moet men tijdig naar een geschikte oplossing zoeken. Men kan dan bijvoorbeeld er voor kiezen om via een bankrekening een spaarbedrag op te bouwen.

Dit wordt ook wel banksparen genoemd. Een andere oplossing is een lijfrenteverzekering. Sommige mensen kiezen er ook voor om doormiddel van beleggingen een vermogen op te sparen voor een pensioen. Daar zijn echter wel risico’s aan verbonden want een beleggingsportefeuille kan ook in waarde dalen. Naast beleggingen zijn ook obligaties een mogelijkheid om vermogen te verwerven voor een pensioen. Als men zelfstandig extra pensioeninkomen gaat opbouwen dan komt dit inkomen bovenop de inkomsten uit de vorige pijlers.

Wat is pensioen?

Pensioen is een inkomen dat een pensioengerechtigde ontvangt vanaf de leeftijd waarop hij of zij met pensioen gaat. Als men met pensioen gaat ontvangt men geen salaris meer. Toch heeft men een inkomen nodig om te kunnen bestaan. Het pensioen voorziet in dat inkomen. Daarom kan een pensioen worden beschouwd als een soort inkomensverzekering.

De meest bekende vorm van pensioen is pensioen dat wordt uitgekeerd na de pensioengerechtigde leeftijd. Er zijn echter ook andere pensioenvormen zoals pensioen dat wordt uitgekeerd na overlijden van de kostwinner of wanneer de kostwinner arbeidsongeschikt is geworden. Over de verschillende soorten pensioen wordt hieronder meer informatie weergegeven.

Verschillende soorten pensioen
Men onderscheid drie verschillende soorten pensioen:

Ouderdomspensioen: dit is pensioen dat een werknemer of werkneemster opbouwt over de periode dat hij of zij werkzaam is. Dit pensioen is bestemd als inkomensvoorziening na de pensioengerechtigde leeftijd. Er zijn echter verschillende varianten en aanvullingen op het ouderdomspensioen. Zo is er bijvoorbeeld een vroegpensioen of een prepensioen.

Nabestaandenpensioen:  dit is een uitkering die wordt betaald aan partners die achterblijven en wezen als de kostwinnaar is overleden. Het nabestaandenpensioen wordt uitgekeerd op basis van drie pijlers:

  • Eerste pijler: de Algemene nabestaandenwet
  • Tweede pijler: partnerpensioen en wezenpensioen
  • Derde pijler: individuele voorziening

Ook hier zijn afgeleiden van zoals  in Nederland het tijdelijk nabestaandenoverbruggingspensioen en de zogenoemde anw-hiaatverzekering. Deze varianten veranderen wanneer de wetgeving op het gebied van pensioenen ook verandert. Daarom is het altijd verstandig om de actuele pensioenvoorziening te raadplegen bij een adviseur op het gebied van pensioenen.

Arbeidsongeschiktheidspensioen: het is ook mogelijk dat men niet meer kan werken vanwege arbeidsongeschiktheid. In dat geval kan men ook in aanmerking komen voor een arbeidsongeschiktheidspensioen. Dit wordt ook wel het invaliditeitspensioen genoemd. Het risico en de oorzaken van arbeidsongeschiktheid worden over het algemeen gedekt in een goede pensioenregeling.

Wat is Vervroegde uittreding (VUT) of prepensioen

In Nederland worden met de Vervroegde uittreding (VUT) of prepensioen regelingen bedoelt waarmee werknemers eerder kunnen stoppen met werken voordat ze de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Met deze regelingen krijgen (voormalig) werknemers een uitkering tot de leeftijd waarop ze een AOW-uitkering mogen ontvangen en een aanvullend pensioen.

Wie betaalt het prepensioen of de Vervroegde uittreding (VUT)?
Net zoals het geld van een pensioenfonds moet het geld voor prepensioen of de VUT ergens vandaan komen. Het geld voor de VUT regeling is afkomstig van de werkgever en/of van werknemers. Zij betalen de uitkeringen van de voormalig werknemers die op dat moment in de VUT zitten. Werknemers dienen wel tot hun laatste werkdag bij de desbetreffende werkgever te blijven werken. Als ze eerder naar een andere werkgever vertrekken om daar te gaan werken vervallen de rechten op de VUT regeling. Ook als een werknemer nar de VUT-leeftijd blijft doorwerken vervalt het recht op de VUT-uitkering.

Het is echter ook mogelijk dat de VUT-regeling wordt afgeschaft. Ook in dat geval heeft de werknemer geen recht op een VUT-uitkering als hij de VUT-leeftijd zou bereiken want die leeftijd is er dan feitelijk niet meer. In deze gevallen zal de werknemer moeten door blijven werken tot de pensioengerechtigde leeftijd. Doordat de overheid sinds 2005 een aantal wetten heeft doorgevoerd is het fiscaal onaantrekkelijk geworden om nog aan VUT regelingen deel te nemen. VUT-regelingen komen daardoor in de praktijk nauwelijks meer voor.

Prepensioen
Prepensioen is over het algemeen een combinatie van een opbouwdeel en een regeling die lijkt op de VUT-regeling. Hierbij spaart echter elke werknemer voor zijn of haar eigen vervroegde uittreding in plaats van dat men allemaal gezamenlijk afdraagt aan totale VUT reservering. Aan een prepensioen zijn ook regels verbonden. Een prepensioen mag bijvoorbeeld niet eerder ingaan dan bij het bereiken van de 60-jarige leeftijd. Daarnaast mag het prepensioen niet later ingaan bij het bereiken van de in de pensioenregeling vastgestelde ingangsdatum van het ouderdomspensioen. Verder mag het prepensioen uiterlijk eindigen op het moment dat de gebruiker van het prepensioen de 65 jarige leeftijd bereikt.

Deze tekst is in september 2015 geschreven het is mogelijk dat de wet en regelgeving na deze datum is verandert. Hou daar rekening mee.

Wat is een pensioenfonds en wat doet een pensioenfonds?

Voordat men een pensioenfonds kan definiëren zal men moeten weten wat wordt bedoelt met pensioen. Een pensioen is een inkomensverzekering. Met deze inkomensverzekering wordt een inkomen verzekerd voor het geval het inkomen wegvalt vanwege ouderdom, overlijden of arbeidsongeschiktheid. Er zijn een aantal verschillende soorten pensioenen. De belangrijkste pensioenvormen zijn:

  • Een (Levenslang) ouderdomspensioen
  • Een nabestaandenpensioen
  • Een arbeidsongeschiktheidspensioen

Het doel van een pensioen is het voorkomen dat mensen in financiële nood terecht komen wanneer het inkomen wegvalt vanwege de eerder genoemde redenen.

Wat is een pensioenfonds?
Een pensioenfonds is een fonds welke uitkeringen betaald aan pensioengerechtigden. Daarvoor heeft een pensioenfonds natuurlijk geld nodig. Dit geld ontvang het fonds doormiddel van premies. De premies worden door werknemers die bij het pensioenfonds aangesloten zijn betaald gedurende hun werkzame leven.

Wat doet een pensioenfonds?
Een pensioenfonds ontvangt geld van de werknemers die bij het pensioenfonds zijn aangesloten. Dit geld wordt echter niet verstopt in een grote kluis, pensioenfondsen zullen proberen doormiddel van beleggingen het geld zo goed mogelijk te laten renderen. Men tracht een optimaal rendement te behalen tegenover een zo laag mogelijk financieel risico.

Pensioenfondsen proberen in beginsel zo goed mogelijk aan de verplichtingen te voldoend die ze zijn aangegaan met werknemers en werkgevers die pensioenpremie afdragen. De uitkering van een pensioen loopt vanaf de pensioengerechtigde leeftijd tot het overlijden van de pensioengerechtigde en vaak ook diens partner. Het kan echter voorkomen dat de uitkering van de pensioengerechtigde lager valt dan eerder werd benoemd door het pensioenfonds.

Dit heeft voor een deel te maken met tegenvallende beleggingen. Mensen die een pensioen afsluiten kunnen echter in veel gevallen een zo veilig  mogelijke regeling afsluiten waardoor verassingen op latere leeftijd kunnen worden voorkomen. Ondanks dat maken veel mensen in bepaalde sectoren toch nog mee dat hun pensioen lager uitvalt dan ze hadden verwacht.

Wat is het StiPP Pensioenfonds voor Personeelsdiensten?

Werknemers die in Nederland voor een uitzendbureau werken worden over het algemeen uitzendkrachten of gedetacheerd personeel genoemd. Deze personeelsleden werken in dienst van een uitzendbureau bij één of meerdere inleners. De inlener is de partij die de uitzendkracht in dienst neemt en het dagelijks toezicht op deze kracht heeft. Een uitzendbureau neemt veel taken op zich zoals de verloning van de uitzendkracht en het inhouden en uitbetalen van de reserveringen die over het loon worden betaald of ingehouden. Ook payrollbedrijven voeren deze taken uit voor hun werknemers die ook wel payrollers worden genoemd.

Wie zijn aangesloten bij het StiPP Pensioenfonds?
Vanaf 1 januari doo4 moeten alle uitzendbureaus, payrollondernemingen en detacheringsbureaus in Nederland zich aansluiten bij de Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten dit wordt ook wel afgekort met StiPP. Tot 31 december 2003 was dit anders geregeld en waren alleen uitzendbureaus die op dat moment lid waren van de Algemene Bond voor Uitzendondernemingen (ABU) verplicht om zich mij StiPP aan te sluiten.

Het bestuur van StiPP Pensioenfonds
Een aantal vertegenwoordigers van de ABU vormen het bestuur van StiPP. Daarnaast zijn ook vertegenwoordigers van de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU), de FNV Bondgenoten, De Unie en de CNV Dienstenbond in het bestuur opgenomen.

Wat biedt het StiPP Pensioenfonds?
Het StiPP is een pensioenfonds. Deze stichting biedt een pensioenregeling volgens het beschikbare-premiesysteem aan. De administratie van StiPP is uitbesteed aan Syntrus. Syntrus is een onderdeel van Achmea. Duizenden uitzendkrachten in Nederland zijn aangesloten bij het StiPP Pensioenfonds.

Nog geen akkoord over pensioen

Woensdagavond 14 november 2013 vond er overleg plaats tussen minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën en de woordvoerders van diverse politieke partijen over een akkoord met betrekking tot de pensioenen. Hier namen de volgende oppositiepartijen aan deel: ChristenUnie, SGP, GroenLinks, D66 en het CDA. Er zijn tijdens het overleg voorzichtige stappen gemaakt om tot overeenstemming te komen. Van een akkoord is op dit moment echter nog geen sprake. Er moet nog meer overlegd worden om tot overeenstemming te komen.

Het volgende overleg over de pensioenen staat gepland op aankomende maandag, 18 november 2013. Dit overleg kon niet eerder plaatsvinden omdat minister Dijsselbloem in Europa andere verplichtingen heeft die hij moet nakomen. Hierdoor komen de onderhandelingen tijdelijk stil te liggen.

Het Kabinet heeft een plan ontwikkeld om de pensioenopbouw vanaf 2015 omlaag te brengen. De opbouw van het pensioen moet vanaf dat jaar worden verlaagd van 2,25 procent van het inkomen naar 1,75 procent. Met deze kabinetsplannen hoopt de regering een besparing van 3 miljard te realiseren. Het plan werd echter niet goedgekeurd in de Senaat. De regeringspartijen VVD en PvdA kregen hierdoor geen meerderheid. Daarom moet het Kabinet noodgedwongen steun zoeken bij de oppositiepartijen.

Reactie Technisch Werken
Het is interessant om te zien hoe vaak het Kabinet moet samenwerken met oppositiepartijen om bepaalde plannen door te voeren. De oppositie zorgt er meestal voor dat de ‘scherpe kantjes’ van de plannen worden afgeslepen. Daarnaast wil de oppositie natuurlijk ook voor hun eigen achterban het beeld scheppen dat ze een goede ‘deal’ hebben gesloten. Voor wat hoort wat is het beleid. Dit is democratie aan de onderhandelingstafel. Iedereen moet ‘water bij de wijn doen’. Het voordeel van deze werkwijze is dat het Kabinet en de oppositie gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de koers van Nederland.