Wat is Chroom-6?

Chroom-6 of chroom (VI) is een positief geladen geproduceerde variant van natuurlijk chroom (Cr). Het zijn chroom houdende verbindingen met zeswaardig chroom, zoals chroomzuur, chroomtrioxide, dichromaten en chromaten en worden gebruikt voor het beschermen van metaal (ferro) tegen roest. Let op! Chroom-6 is zeer schadelijk voor de gezondheid, het tast het DNA van mensen en dieren aan en kan verschillende soorten kanker veroorzaken! Hieronder is meer informatie over Chroom-6 en de schadelijke effecten daarvan weergegeven.

Waarvoor werd Chroom-6 gebruikt?
Chroom-6 werd vooral in de periode tussen de jaren 60 en 80 veel gebruikt. Voor corrosiebestrijding werd Chroom-6 in het verleden aan de oppervlakte van het metaal aangebracht. Chroom-6 werd overigens niet alleen op metaal aangebracht deze zeer giftige stof werd ook in hout, verf en zelfs plastic verwerkt. Zo kan het voorkomen dat men bij he schuren van chroomhoudende verflagen kleine deeltjes Chroom-6 door de lucht verspreid. Deze chroomhoudende verflagen kunnen bijvoorbeeld op bepaalde vliegtuigen, auto’s en andere voertuigen zitten.

Hoe komt Chroom-6 vrij?
Chroom-6 kan in de atmosfeer komen door het werken met het materiaal. Er kunnen dampen afkomen die bij inademing schadelijk zijn. Ook bij het lassen van sommige soorten roestvaststaal kan Chroom-6 vrij komen en bij het zagen van hout dat met Chroom-6 is geïmpregneerd hout. Door het zagen en schuren van hout en metaal dat Chroom-6 bevat kunnen kleine fijnstofdeeltjes vrijkomen van dit gevaarlijke materiaal.

Hoe ziet Chroom-6 er uit?
Chroom-6 wordt door chemici meestal chroom(VI) genoemd. Daarnaast komt deze chemische stof ook voor als chroom(VI)oxide (CrO3). Deze aanduiding maakt duidelijk er zuurstofatomen aan het metaal zitten. CrO3 is een vaste stof in bijvoorbeeld korrelige vorm. Als men CrO3 in kleine korrelige vorm ziet dan lijken het net donkerrode steentjes. De stof lost goed op in water waardoor het water in combinatie met CrO3 een zeer sterk stuur vormt.

Gevaren van Chroom-6
Martin van den Berg, hoogleraar toxicologie aan de Universiteit Utrecht heeft in een artikel van Joost de Vries in de Volkskrant van 21 augustus 2014, 17:31 aangegeven wat de schadelijke effecten kunnen zijn van Chroom-6. Volgens deze expert in de toxicologie heeft Chroom 6 zeer schadelijke gevolgen voor de gezondheid als men er aan wordt blootgesteld. Chroom-6 kan onder ander longkanker veroorzaken maar ook kanker in de neus en neusbijholte. Verder kunnen er door de blootstelling aan Chroom-6 verschillende soorten allergieën, chroomzweren en chronische longziekten ontstaan. Chroom-6 verbindingen zijn ook giftig voor de voortplanting.

Hoe komt Chroom-6 het lichaam binnen?
Een gevaarlijk aspect van Chroom-6 is dat deze stof op drie manieren in het menselijk lichaam kan komen. Dat kan bijvoorbeeld door inademing, maar ook door inslikken en via de huid door de poriën. Volgens de hoogleraar toxicologie is Chroom-6 daardoor gevaarlijke dan asbest. Asbest wordt namelijk nauwelijks door de huid opgenomen en is vooral via inademing schadelijk voor de mens. Als men met Chroom-6 zou werken zou men het hele lichaam tegen deze gevaarlijke stof moeten beschermen inclusief de ademhaling.

Wat zijn sensibiliserende stoffen?

Sensibiliserende stoffen worden ook wel allergenen genoemd en zijn stoffen die een overgevoeligheidsreactie kunnen veroorzaken doordat ze in contact komen met het afweersysteem of immuunsysteem. Er zijn verschillende bekend sensibiliserende stoffen, we noemen een aantal voorbeelden:

  • natuurlijke stoffen zoals graspollen en bepaalde plantenonderdelen zoals hars of plantensap. Deze worden ook wel ‘Biologische agentia’ genoemd.
  • Kleurmiddelen en bestanddelen van twee-componentverven en verschillende soorten kunstharsen zoals epoxyhars en acrylaathars.
  • Metalen en metaalbehandelingsmiddelen zoals nikkel, kobalt en chroom en middelen die worden gebruikt om metaal te beschermen tegen corrosie.
  • Ook conserveermiddelen in cosmetica, verzorgingsproducten en schoonmaakmiddelen kunnen een allergische reactie veroorzaken.

Ontwikkeling van allergische reacties
De overgevoeligheid voor een sensibiliserende stof ontstaat in twee fasen, deze fasen zijn als volgt:

Sensibilisatiefase: in de sensibilisatiefase raakt het immuunsysteem van een men overgevoelig oftewel gesensibiliseerd. Dit is een reactie op de stof die allergische reacties kan veroorzaken. Deze stof is een specifiek allergeen.

Provocatiefase: de tweede fase is de provocatiefase die alleen kan plaatsvinden als de sensibilisatiefase al heeft plaatsgevonden. Door het eerste contact met het allergeen heeft het immuunsysteem T- en B–geheugencellen aangemaakt en afweerstoffen. Wanneer men later in de tweede fase weer in contact komt met dezelfde allergeen zal men heftiger reageren. De hevigheid van de reactie is afhankelijk van de hoeveelheid van de stof en de duur dat men er mee in contact heeft gestaan. Er treed in ieder geval in de provocatiefase een heviger reactie op dan in de sensibilisatiefase.

Gevolgen van sensibiliserende stoffen
Niet elk mens reageert even sterk op sensibiliserende stoffen. Wanneer mensen hier wel hevig op reageren en een allergie hebben voor bepaalde stoffen dan kan dat deze personen belemmeren in de uitoefening van hun functie. Dit is vooral het geval als ze het contact met deze stoffen bij een normale uitoefening van de functie niet kunnen vermijden. In dat geval zal men een andere functie moeten gaan uitoefenen of een andere oplossing moeten gaan bedenken waardoor de allergische reacties kunnen worden voorkomen.

Wat is de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen WVGS?

De Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen is een Nederlandse wet waarin allemaal regels zijn opgesteld die er voor moeten zorgen dat het vervoeren van gevaarlijke stoffen op een zo veilig mogelijke manier gebeurd. De Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen is van kracht sinds 12 oktober 1995 en heeft de oude wet Gevaarlijke Stoffen uit 1963 vervangen. Verschillende vervoerbedrijven en transportbedrijven krijgen in Nederland te maken met de Wet Vervoer Gevaarlijke stoffen. Het kan daarbij gaan over het vervoeren van gevaarlijke stoffen per spoor, over de weg of over de binnenwateren.

Veilig vervoeren van gevaarlijke stoffen
Een belangrijk aspect van de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen is dat gevaarlijke stoffen zoveel mogelijke getransporteerd moeten worden buiten de bebouwde kom, kortom het vervoeren van gevaarlijke stoffen moet gebeuren zoveel mogelijk uit de buurt van bevolkte gebieden. Dat is in een dichtbevolkt land als Nederland natuurlijke moeilijk te verwezenlijken daarom hebben gemeenten conform deze wet, die ook wel afgekort wordt met WVGS, de mogelijkheid om verplichte routes vast te leggen waarover gevaarlijke stoffen getransporteerd mogen worden. Deze verplichte routes zullen gemeenten in de praktijk zo zorgvuldig mogelijk opstellen zodat de kans op onveilige situaties, hinder en schade aan mens en milieu zo klein mogelijk blijft. Gemeenten in Nederland zijn echter niet verplicht om routes vast te stellen waarover gevaarlijke stoffen getransporteerd mogen worden. Daardoor kunnen gemeenten hierover zelf een beslissing nemen.

Dat is een belangrijke verantwoordelijkheid. Als gemeenten wel een route voor het transport van gevaarlijke stoffen hebben vastgesteld dan is men verplicht deze route te volgen. Men heeft het dan echter over zogenaamde routeplichtige stoffen. De routeplichtige stoffen zijn genoteerd op de lijst VLG, deze afkorting staat voor regeling Vervoer over Land van Gevaarlijke stoffen. In deze regeling staan de meest gevaarlijke stoffen genoteerd.

Deze stoffen zijn aantoonbaar risicovol genoeg om ze verplicht via een vastgestelde route te transporteren. Daarvan mag alleen worden afgeweken als men van de desbetreffende gemeente een ontheffing heeft ontvangen. Deze ontheffing wordt echter niet zomaar verstrekt, men moet kunnen aantonen waarom men van een bepaalde route wil afwijken en in welke mate het noodzakelijk is om een alternatieve route te nemen voor het transport van gevaarlijke stoffen.

Als een gemeente geen verplichte route heeft vastgelegd?
Niet alle gemeenten in Nederland hebben een verplichte route vastgelegd voor transportbedrijven die gevaarlijke stoffen transporteren. Er zijn ook gemeenten die de transportbedrijven een bepaalde vrijheid bieden op dit gebied. Dat kan verschillende oorzaken hebben. Desondanks is men wel verplicht om zich te houden aan de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen. Dit houdt in dat het vervoer van gevaarlijke stoffen in ieder geval zoveel mogelijk buiten de bebouwde kom moet gebeuren. Transporteurs dienen volgens Artikel 11 van de WVGS zelf zoveel mogelijk rekening te houden met de dichtbevolkte gebieden, dit houdt in dat deze gebieden zoveel mogelijk dienen te worden gemeden. Als een vervoerder of transporteur niet in de bebouwde kom hoeft te laden of te lossen dient hij of zij niet door de bebouwde kom heen te rijden tenzij er beslist geen andere route mogelijk is. Dit laatste dient de vervoerder aan te tonen bij een controle.

Werkingsgebied van de WVGS
De Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen is van toepassing op de volgende situaties:

  • Vervoer van gevaarlijke stoffen over de wegen.
  • Vervoer van gevaarlijke stoffen over de binnenwateren.
  • Vervoer van gevaarlijke stoffen over de spoorwegen.

Daarnaast is de WVGS niet alleen gericht op het vervoer van gevaarlijke stoffen ook de volgende aspecten of situaties vallen onder de WVGS:

  • Het laden en lossen van gevaarlijke stoffen.
  • Het parkeren of laten staan van een voertuig dat gevaarlijke stoffen bevat,
  • Het neerleggen van gevaarlijke stoffen tijden het transport/ vervoer.

Welke regels bevat de WVGS?
Net als elke wet bevat de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen een aantal regels. Desondanks spreekt men bij de WVGS over een zogenaamde kaderwet omdat deze wet kaders biedt waaraan men zich dient te houden. Naast de eerder genoemde situaties bevat de wet ook regels met betrekking tot het volgende:

  • De verantwoordelijkheden van de verschillende partijen met betrekking tot het laden, lossen en transporteren van gevaarlijke stoffen.
  • Eisen met betrekking tot het voertuig waarin gevaarlijke stoffen worden vervoerd.
  • Opleiding van de personen die de gevaarlijke stoffen vervoeren.
  • Richtlijnen met betrekking tot vergunningen en papieren die nodig zijn voor het transporteren van gevaarlijke stoffen.

De controle op de naleving van de WVGS wordt gedaan door Rijksverkeersinspectie afdeling gevaarlijke stoffen. Deze inspectie voert controles uit namens het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Daarnaast zijn nog verschillende andere overheidsdiensten betrokken zoals de politie, de inspectie Milieuhygiëne en de inspecteurs die werkzaam zijn bij de gemeentelijke havenbedrijven.

Wat is de Europese verordening REACH?

REACH is een Europese verordening die van toepassing is op de productie en handel in chemische stoffen in Europa. In REACH staat aan welke regels bedrijven en overheden zich moeten houden als het gaat om chemische stoffen. Het woord REACH is een afkorting die staat voor Registratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemische stoffen.

Informatie over chemische stoffen
REACH is van toepassing op alle landen die lid zijn van de Europese Unie. REACH is ingevoerd om er voor te zorgen dat er meer informatie beschikbaar komt over de chemische stoffen die zijn verwerkt in producten. De chemische grondstoffen en de eigenschappen daarvan moeten bekend zijn bij de afnemers of klanten zodat deze de producten veilig kunnen gebruiken. Klanten kunnen op basis van de informatie over chemische stoffen de juiste voorzorgsmaatregelen nemen als ze de producten gebruiken. De verantwoordelijkheid voor een effectieve risicobeheersing verschuift door REACH naar het bedrijfsleven.

Doel van REACH
Het doel van REACH is een zo hoog mogelijk veiligheidsniveau voor mens en milieu te waarborgen met betrekking tot het produceren en gebruiken van chemische stoffen of producten waarin chemische stoffen zijn verwerkt. REACH is een Europese verordening die er voor zorgt dat zowel klanten als bedrijven goed op de hoogte worden gebracht van de eigenschappen en schadelijke effecten van chemische stoffen en hoe men zich tegen deze schadelijke effecten beschermen.

Doelgroepen van REACH
De informatie over de chemische grondstoffen in producten wordt van begin tot eind doorgegeven. Dit start bij het begin van het productieproces waarbij de chemische stoffen worden verwerkt of toegevoegd. De fabrikant is dus de eerste schakel in de keten die informatie over de chemische stoffen die zijn verwerkt moet gaan inventariseren en noteren. Deze informatie moet worden doorgegeven aan de volgende schakels. Kort samengevat heeft REACH betrekking op de volgende groepen:

  • Fabrikanten: dit zijn de producenten van de producten waarin chemische stoffen zijn verwerkt.
  • Distributeurs: dit zijn de bedrijven die de goederen vervoeren.
  • Eindgebruikers: dit zijn de afnemers, consumenten of eindgebruikers.

Elk van deze genoemde schakels in de keten hebben een verschillende functie of taak. Dat zorgt er ook voor dat ze bepaalde verplichtingen hebben conform de Europese verordening REACH. Bedrijven die te maken krijgen met REACH zullen van te voren goed moeten inventariseren welke verplichtingen ze hebben. Sommige bedrijven vervullen meerdere rollen omdat ze bijvoorbeeld zowel een fabrikant zijn van chemische stoffen als een distributeur van deze stoffen.