Wat is bouwvak?

Bouwvak is een onofficiële vastgestelde periode van drie weken in de zomer waarin bouwbedrijven hun bouwproductie verminderen of stilleggen zodat het bouwpersoneel (bouw)vakantie kan nemen. Het woord ‘bouwvak’ is een verkorting van bouwvakantie. In Nederland hanteert men echter in het dagelijkse taalgebruik het woord ‘bouwvak’ in België noemt men een vergelijkbare periode in het hoogseizoen: ‘bouwverlof’. Veel bedrijven en werknemers of de bouw, de zogenaamde bouwvakkers, krijgen in hun werk te maken met een bouwvakperiode.

Bouwvak en bedrijfssluiting
In het verleden was de bouwvakperiode een periode van een verplichte bedrijfssluiting maar dat is al geruime tijd niet meer het geval. Daarom werken veel bouwbedrijven tijdens de zogenaamde bouwvakperiode gewoon verder aan bouwprojecten. Voor het personeel van deze bedrijven is er vaak een keuze om vrij te nemen of niet. Als aannemers en onderaannemers echter besloten hebben om door te werken in de bouwvakperiode zal het personeel met elkaar in overleg met de werkgever moeten afstemmen welk personeelslid wel en niet vrij kan nemen zodat het bedrijf ook in de bouwvakperiode effectief haar projecten kan voortzetten.

Wanneer is het bouwvak?
Hoewel lang niet alle bedrijven in de bouw de bouwvakperiode in acht nemen wordt in Nederland toch voor ieder jaar een bouwvakperiode vastgesteld. Deze periode van drie weken wordt in Nederland vastgesteld door de brancheorganisaties: de vereniging van bouwbedrijven en Bouwend Nederland. Daarbij wordt Nederland onderverdeeld in drie regio’s:

  • Noord
  • Midden
  • Zuid

De bouwvakperiode is daardoor afhankelijk van de regio waar je werkzaam bent. Het is in de praktijk echter wel zo dat de bouwvakperiodes elkaar overlappen. Dit houdt in dat er altijd wel een paar weken zijn waarin meerdere regio’s in Nederland gelijktijdig bouwvak hebben. Zoals eerder aangegeven is de bouwvakperiode geen verplichting. In plaats daarvan kan men spreken van een adviesperiode vanuit de brancheorganisaties. De werkgevers en de werknemers kunnen, wanneer dit in de cao is vastgelegd, gezamenlijk bepalen of in de bouwvakperiode verlof opgenomen moet worden wegens bedrijfssluiting of niet.

Bouwvak is niet verplicht
Tegenwoordig is de bouwvakperiode niet meer verplicht. Voor 1981 was de bouwvak echter wel een periode waarin bouwvakkers verplicht vakantie moesten opnemen. De vakbonden vonden dit echter onwenselijk. Zij vinden dat bouwpersoneel de vrijheid moet krijgen om zelf hun vakantieperiode te kunnen bepalen. Daarom is de bouwperiode in Nederland een onofficiële periode. Het advies van de brancheorganisatie in de bouw heeft daardoor geen verplicht karakter. Uiteindelijk zullen bouwbedrijven zelf samen met de personeelsvertegenwoordiging (Ondernemingsraad OR) moeten afspreken of  er een bouwvakperiode gehandhaafd zal worden of niet. Er zijn echter voordelen en nadelen aan een bouwvakperiode.

Voordelen en nadelen van een bouwvak
Omdat de bouwvak geen verplichting is maar een keuze die doormiddel van overleg tot stand komt is het belangrijk om een duidelijke afweging te maken tussen de voordelen en de nadelen van een verplichte vakantieperiode in het hoogseizoen. In sommige gevallen is een bouwvak zeer gewenst of zelfs noodzakelijk omdat een bedrijf in die periode geen opdrachten heeft gekregen en niet kan werken aan lopende bouwprojecten. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn in tijden van economische crisis. Een verplichte bedrijfssluiting in de vorm van een bouwvak is dan noodzakelijk of in ieder geval belangrijk voor het voortbestaan van het bedrijf. Meestal is het personeel dan op de hoogte van de (financiële) situatie van het bedrijf en is daardoor bereid om gehoor te geven aan de oproep van het bedrijf om gezamenlijk een bouwvak te hanteren.

Bovengenoemde situatie is in tijden van een oplevende economie en een stijgende bouwproductie echter een uitzondering. In plaats daarvan zullen veel bouwbedrijven juist voldoende opdrachten hebben om in de bouwvakperiode het personeel aan het werk te kunnen houden. Voor het personeel is er daardoor vaak keuzevrijheid om in de bouwvakperiode vrij te nemen of niet. Deze keuzevrijheid is een belangrijk voordeel een nadeel hiervan is echter dat het bouwbedrijf en het personeel veel aandacht moet besteden aan een goede planning van de vakanties. Deze druk op de planning is er veel minder wanneer (vrijwel) het gehele bedrijf in de bouwvakperiode vrijwillig dicht gaat. Aan de andere kant is het voor een bouwbedrijf een belangrijk voordeel om in de bouwvakperiode door te werken. Hierdoor kunnen bouwprojecten sneller worden afgerond.

Wat is vorstverlet?

Vorstverlet is een vorm van betaald verlof voor werknemers in de bouw. In het woord vorstverlet is het woord ‘vorst’ verwerkt. Dit verklaard dat deze vorm van betaald verlof verband houdt met de (gevoels-)temperatuur. Werknemers die buiten op de bouw werken hebben recht op vorstverlet wanneer er sprake is van sneeuw en/of  ijs en er een gevoelstemperatuur is van -6° Celsius waardoor het gevaarlijk wordt om werkzaamheden op de bouw uit te voeren. De periode waarin een werknemer in de bouw geen werk kan verrichten vanwege de kou noemt men de vorstverletperiode.

Bij welke temperatuur is er sprake van vorstverlet
De temperatuur is hierbij een belangrijke meetbare factor. Deze temperatuur wordt in de ochtend gemeten rond 7:00 uur en even later om 10:00 uur. Als de gevoelstemperatuur bijvoorbeeld rond 7:00 uur nog onder de -6° Celsius ligt en rond 10:00 boven die grens dan zal een bouwvakker alsnog zijn of haar werkzaamheden moeten hervatten. Als de temperatuur ook rond 10:00 beneden de -6° Celsius ligt mag het uitvoerend bouwpersoneel naar huis.

Vervangend werk bij vorstverlet
Het is mogelijk dat een bouwbedrijf vervangende werkzaamheden heeft voor bouwpersoneel. Dit kunnen bijvoorbeeld prefab timmerwerkzaamheden zijn in een verwarmde timmerloods. Als een bouwbedrijf deze werkzaamheden aanbiedt aan haar personeel tijdens vorstverlet dan is het personeel verplicht deze werkzaamheden uit te voeren. Ook wanneer een werkgever op de bouwplaats voorzieningen aantreft waarmee de gevoelstemperatuur boven de -6° Celsius kan worden gebracht zullen bouwvakkers verder moeten met hun werkzaamheden. In dat geval is er geen sprake meer van vorstverlet.

Salaris tijdens vorstverlet
Bouwvakkers die in verband met vorstverlet geen werkzaamheden kunnen of mogen uitvoeren hebben recht op volledige doorbetaling van hun salaris. De werkgever is verplicht om het salaris voor werknemers in vorstverlet door te betalen. Als een werkgever hierbij in gebreke blijft heeft de bouwvakker de mogelijkheid om een beroep te doen op een vakbond. Deze vakbond zal een maximale looncompensatie bieden van €80,= per dag dat een bouwvakker in de vorstverlet zit.

Garantiefonds voor vorstverlet
Als een werkgever haar werknemers moet doorbetalen tijdens vorstverlet kunnen de loonkosten hoog oplopen terwijl daarvoor geen werkzaamheden worden verricht. Bedrijven beschouwen vorstverlet dan ook als een kostenpost. Het is echter moeilijk in te schatten of er ieder jaar sprake is van vorstverlet en hoeveel dagen de vorstverletperiode zal duren.

Daarom is het voor bedrijven lastig om voor deze kostenpost reserveringen op te bouwen. Bedrijven kunnen daarom voor vorstverlet gebruikmaken van het garantiefonds. Dit is een fonds waarin geld is verzameld door de bouwbranche om de vorstverletkosten te dekken. Ieder bouwbedrijf moet bijdragen aan deze “vorstverletpot”. Het bedrag dat bouwbedrijven moeten betalen aan het garantiefonds is afhankelijk van de omvang van het bouwbedrijf.

Verzekeren tegen vorstverlet
Naast het garantiefonds kunnen bouwbedrijven zich ook verzekeren tegen vorstverlet. De verzekeringspremie voor vorstverlet wordt als hoog beschouwd. De hoogte is echter afhankelijk van de dekking. Ook het aantal verzekerde werknemers speelt een rol bij het bepalen van de hoogte van de premie. De premie kan lager worden als bedrijven ook een aantal dagen vorstverlet voor eigen risico nemen.

Wat wordt bedoelt met de binnenwerkse maat en de buitenwerkse maat

De begrippen binnenwerkse maat en buitenwerkse maat worden in de bouwkunde gebruikt. Zowel tekenaars, werkvoorbereiders als uitvoerend personeel zoals timmermannen gebruiken deze termen voor maataanduiding. In de bouw weet men precies wat met deze maten wordt bedoelt daarom hoeven deze termen daar niet verder te worden uitgelegd. Hieronder is een korte definitie gegeven van deze termen zodat men weet wat er mee wordt bedoelt.

Wat is binnenwerkse maat?
Met de aanduiding binnenwerkse maat wordt de maat bedoelt binnen in een voorwerp van de ene buitenzijde naar de andere buitenzijde. Dit is de maat exclusief de dikte van de rand of wand van het object. Dit kan bijvoorbeeld het kozijn van een raam of deur zijn. Hierbij is de binnenwerkse maat de afmeting van de binnenkant van het kozijn.

Men kan de maten binnen voorwerp aangeven op een technische tekening. De maten binnenin een voorwerp worden in drie richtingen bepaald zodat men de inhoud van een voorwerp of ruimte in bijvoorbeeld kubieke decimeters (dm³) of kubieke meters (m³) kan weergeven op een technische tekening. Het is ook mogelijk dat men de inhoud van een object in liters aangeeft.

Wat is buitenwerkse maat?
Naast binnenwerkse maat wordt ook de term buitenwerkse maat gebruikt in de techniek. De buitenwerkse maat is de afstand van de ene buitenkant naar de andere buitenkant van een object. Hierbij wordt de omvang van het voorwerp aangegeven inclusief de randen of wanden van het voorwerp of object. Ook hierbij worden de maten in drie verschillende richtingen bepaald. Daardoor krijgt men een beeld van de ruimte of het volume dat een voorwerp in zijn totaliteit inneemt. Voor deze maataanduiding gebruikt men eveneens de aanduiding kubieke meters (m³), kubieke decimeters (dm³) of liters (l).

Hoe vind ik werk in de bouw?

Bovenstaande vraag wordt door menig timmerman of metselaar gesteld. Ook andere bouwvakkers kunnen kampen met een terugloop aan werkzaamheden en projecten waardoor ze noodgedwongen moeten zoeken naar werk. Het aanbod van werk in de bouw verandert voortdurend. Dit heeft in belangrijke mate te maken met de economische ontwikkelingen van een land. Wanneer de economie achteruit gaat en de koopkracht daalt zijn minder mensen geneigd om een woning aan te schaffen of een verbouwing uit te laten voeren. Mensen houden de ‘hand op de knip’. Dit heeft zijn uitwerking in de werkgelegenheid voor bouwpersoneel. Wanneer het aantal bouwprojecten terugloopt ontkomen veel bouwbedrijven niet aan ontslagprocedures.

Dit is natuurlijk vervelend voor de bouwbedrijven maar nog vervelender voor bouwpersoneel dat met het verlies van werk de belangrijkste inkomstenbron verliest. Wanneer het aantal ontslagen onder bouwpersoneel toeneemt neemt ook het aantal werkzoekende bouwvakkers op de arbeidsmarkt toe. Eerst werkte je met elkaar aan een bouwproject en nu ben je als werkzoekende bouwvakker elkaars concurrent. Hoe zorg je er voor dat je weer werk vind in de bouw? Hieronder staan een aantal tips die kunnen helpen om werk te vinden in de bouw. Een aantal van deze tips zijn misschien voor de hand liggend. Toch worden ze genoemd voor een duidelijk overzicht van mogelijkheden om werk te zoeken.

Netwerken
Netwerken zijn belangrijk omdat bedrijven tegenwoordig steeds vaker via via mensen aannemen en minder vacatures uitzetten in kranten of andere media. Het plaatsen van vacatures is voor bedrijven kostbaar en tijdrovend. Daarnaast moeten bedrijven een complete sollicitatieprocedure afronden en hopen dat de juiste kandidaat er bij zit. Bedrijven willen veel liever van te voren weten waar ze aan toe zijn. Daarom vinden bedrijven het prettig om tijdig in kaart te hebben welke bouwvakkers geschikt zouden kunnen zijn voor hun bedrijf. Bedrijven zijn afhankelijk van netwerken en hun medewerkers ook. Maak daar gebruik van.

Wanneer je als bouwvakker zonder werk komt te zitten is het belangrijk dat je jezelf niet terugtrekt en thuis gaat zitten. Als bouwvakker trok je er vaak op uit om verschillende bouwprojecten tot een succes te maken. Deze denkwijze moet je ook hanteren bij het zoeken naar werk. Werk moet je zoeken, het komt over het algemeen niet naar je toe. Daarom moet je een netwerk ontwikkelen van mensen die je kunnen helpen aan een baan. Het is verstandig om hiermee tijdens je werk al te beginnen. Wanneer je eenmaal ontslagen bent moet je een inhaalslag maken met het ontwikkelen van een netwerk.

Hoe start ik met het maken van een netwerk?
Het ontwikkelen van een netwerk gaat stap voor stap. Allereerst houdt je goed contact met je collega’s die bij het bouwbedrijf werken of gewerkt hebben. Ook collega’s die om wat voor reden het bouwbedrijf eerder dan jou hebben verlaten vormen nuttige personen in een netwerk. Door regelmatig contact met elkaar te hebben krijg je zicht op de loopbaan van je voormalig collega’s. Mochten je voormalig collega’s een nieuwe baan krijgen dan is dat goed nieuws. Misschien kunnen ze in de toekomst wat voor jou betekenen wanneer er binnen het nieuwe bedrijf weer een vacature ontstaat. Zo kunnen je voormalig collega’s een goed woordje doen bij hun nieuwe werkgever. Wanneer je elkaar op die manier helpt snap je het doel van een netwerk.

Naast (voormalig) collega’s heb je misschien ook vrienden, buren of kennissen die werkzaamheden uitvoeren of uitgevoerd hebben in de bouw. Of in het verleden in de bouw hebben gewerkt. Deze bekenden kunnen je informatie geven over bouwbedrijven waar het goed mee gaat of bouwbedrijven waar het slecht mee gaat. Hierdoor kun je gericht solliciteren. Dit spaart tijd en moeite. Mochten bekenden van je nog werkzaam zijn in de bouw dan kun je natuurlijk altijd vragen hoe druk het bouwbedrijf het heeft en of er eventueel mogelijkheden zijn voor werk.

Bedrijven in een netwerk
Contacten met bedrijven zijn van groot belang. Wanneer je ontslagen wordt moet je altijd proberen een schriftelijke positieve referentie mee te krijgen van je vorige werkgever. Om dit te krijgen moet je goed werk hebben geleverd en op een ‘nette’ manier het bedrijf hebben verlaten. Dit is een belangrijke start. Daarnaast is je voormalig werkgever een belangrijke informatiebron. Veel bouwbedrijven kennen elkaar. Vraag daarom aan je voormalig werkgever of hij niet een collega-bedrijf weet waar het drukker wordt. Misschien kan je voormalig werkgever een goed woordje voor je doen. Ook kun je in het verleden misschien projecten op de bouw hebben uitgevoerd onder een grote aannemer. Zorg dat je daarmee in contact komt en blijft. Namen van contactpersonen zijn erg belangrijk. Schrijf deze op in een lijst of bewaar hun visitekaartjes.

Bouwprojecten volgen
Wanneer je een goed begin hebt gemaakt met een netwerk is het belangrijk om het lokale en landelijke nieuws met betrekking tot bouwprojecten goed in de gaten te houden. Probeer te achterhalen waar grote bouwprojecten worden gerealiseerd en wanneer. Het belangrijkste is natuurlijk wie de hoofdaannemer is en welke onderaannemers op de bouw aanwezig zullen zijn. Deze informatie moet je gebruiken om je netwerk uit te breiden. Mocht je al mensen in je netwerk hebben die bij de aannemers van de bouwprojecten werken dan is dat mooi meegenomen. Probeer met hen in contact te blijven over de nieuwe ontwikkelingen. Misschien kunnen jouw contactpersonen je tips gegeven om een werkplek te krijgen op een bouwproject? Vragen kan geen kwaad en geeft alleen maar blijk van interesse.

Uitzendbureaus
Ook uitzendbureaus zijn vaak een nuttige schakel in een netwerk. Uitzendbureaus beschikken zelf ook over netwerken van personeel en bedrijven. Het is verstandig om je bij uitzendbureaus te laten inschrijven. Geef daarbij duidelijk aan wat je wensen en vaardigheden zijn en neem je cv en diploma’s mee als je van plan bent om een uitzendbureau te bezoeken. Bewaar de visitekaartjes van de intercedenten die je geholpen hebben goed. Deze namen vormen een aanvulling voor je netwerk. Hou regelmatig contact met uitzendbureaus, dan weten ze dat je nog beschikbaar bent en gemotiveerd bent om aan de slag te gaan.

Omscholen of bijscholen
Het is mogelijk dat er ondanks je inspanningen weinig werk is voor iemand met jouw ervaring. Dit is misschien teleurstellend maar vormt tevens een kans om een nieuwe draai te geven aan je loopbaan. Probeer te achterhalen aan welke functies op de arbeidsmarkt wel behoeft is. Het is verstandig om hierbij te kijken naar functies die niet te veel afwijken van de functie die jezelf hebt uitgevoerd. Wanneer je bijvoorbeeld als timmerman hebt gewerkt kun je kijken naar andere functies die op de bouw worden uitgevoerd zoals installatiemonteurs of elektromonteurs. Door je werkervaring op de bouw heb je vaak zicht gekregen op verschillende functies die daar worden uitgevoerd en weet je welke bij je passen en welke minder geschikt zijn. Maak voor jezelf een lijst van functies die bij je passen en ga na of daar op de arbeidsmarkt behoefte aan is. Deze behoefte kun je ontdekken door op internet of kranten vacatures te zoeken. Ook kun je bij uitzendbureaus inventariseren aan welke beroepen meer behoefte is. Wanneer je dit in kaart hebt kun je gaan kijken wat je nodig hebt om voor die beroepen en vacatures in aanmerking te komen.

Een opleiding volgen is een goede keuze wanneer deze doelbewust wordt gemaakt. Met een opleiding kun je jezelf bijscholen om beter te worden in je vakgebied of jezelf laten omscholen door een ander vak te leren. Het laatste geval kost veel inspanning en zorgt er voor dat je loopbaan een andere ‘draai’ krijgt. Denk goed na voordat je een omscholing doet en vraag verschillende instanties om advies.

Het volgen van een opleiding brengt kosten met zich mee. Niet alleen geld moet worden geïnvesteerd, ook tijd is een belangrijk aspect dat je zelf moet investeren. Kies daarom niet iets omdat je daar toevallig veel vacatures van hebt gezien. Je moet een opleiding kiezen omdat je ervan overtuigd bent dat het beoogde beroep bij je past en de opleiding meerwaarde bied op je cv.

Tot slot
Hiervoor is het schrijven van een cv en een sollicitatiebrief niet benoemd. Deze informatie is in de kennisbank ook te vinden onder het kopje sollicitatie. Het schrijven van sollicitatiebrieven en een cv is uiteraard een belangrijk element van een doelgerichte sollicitatie. Toch behoort dit steeds meer tot de traditionele sollicitatiemiddelen. Tegenwoordig wordt ook veel gebruik gemaakt van facebook, LinkedIn en andere sociale media. Het is verstandig om ook die middelen om werk te krijgen te inventariseren. Hoe meer mediamiddelen je gebruikt om een baan te vinden des te beter. Zolang je overal maar hetzelfde beeld over jezelf laat zien.