Wat is de ATEX 153 richtlijn (voorheen ATEX 137)?

Vanuit de ATEX 137 waren bedrijven als verplicht om een ExplosieVeiligheidsDocument (EVD) op te stellen. Deze verplichting blijft gehandhaafd in de ATEX 153 richtlijn. De benaming ATEX 137 was een andere naam die gehanteerd werd de richtlijn 1999/92/EG. Deze naam is nu veranderd in de ATEX 153. Het getal 153 is ontleend aan de hoofdstukken uit het Europese Verdrag van Lissabon.

Doel en toepassing van de ATEX 153 richtlijn
Het doel van de ATEX 153 richtlijn is het maken van een veilige werkomgeving door het voorkomen van risico’s in explosieve atmosferen. De ATEX 153 richtlijn gaat over het voorkomen van de ontwikkeling van een explosieve atmosfeer. Omdat een explosie plaatsvindt op basis van een ontsteking is de ATEX 153 richtlijn ook gericht op het vermijden van ontsteking en ontstekingsbronnen. Ook is de richtlijn gefocust op de beperking van de schadelijke effecten van een explosie en de toepassing van apparatuur op explosiegevaarlijke werkplekken. De ATEX richtlijnen zijn van toepassing op alle bedrijven waarin gewerkt wordt met ontvlambare gassen en vloeistoffen of met fijn stof omdat in deze bedrijven een gevaarlijke explosieve atmosfeer ontstaan.

ExplosieVeiligheidsDocument (EVD)
Zoals in de inleiding is genoemd vormt de verplichting van het ExplosieVeiligheidsDocument (EVD) een belangrijk onderdeel van de ATEX 137. Dit ExplosieVeiligheidsDocument moet een aantal verplichte onderdelen bevatten. Deze verplichte onderdelen zijn:

  • Er moet een indeling zijn van gevarenzones, deze moet actueel zijn. Dit houdt in dat deze indeling niet ouder mag zijn dan vijf jaar.
  • De stofeigenschappen moeten vastliggen.
  • Ook de totstandkoming van de zones voor stof- en/of damp- en gasexplosiegevaar moeten zijn vastgelegd.
  • De (mogelijke) ontstekingsbronnen en de beoordeling van de risico’s daarvan moeten zijn vastgelegd.
  • Er moet inzichtelijk zing gemaakt hoe de risicobeoordeling van de ontstekingsbronnen heeft plaatsgevonden.
  • De getroffen maatregelen moeten daadwerkelijk worden uitgevoerd en geborgd. Deze borging moet inzichtelijk zijn.

Wat is de ATEX 114 richtlijn (voorheen ATEX 95)?

Apparatuur die bestemd is voor een toepassing in een explosiegevaarlijke omgeving en na 20 april 2016 op de markt is gebracht zal moeten voldoen aan de ATEX 114 richtlijn (2014/34/EU). De letters ATEX zijn een afkorting en staan voor de Franse benaming “ATmosphère EXplosible. In de ATEX 114 zijn richtlijnen beschreven die bedrijven moeten opvolgen om aan de essentiële gezondheidseisen en veiligheidseisen (EHSR’s) te voldoen. Dit zijn specifieke richtlijnen voor zowel elektrische apparaten als niet-elektrische apparaten die worden gebruikt op locatie waar stof- of gasexplosiegevaar kan optreden. In het Besluit Explosiegevaarlijk materiaal is de ATEX 114 opgenomen.

Doel en toepassing van de ATEX 114 richtlijn
De ATEX 114 biedt transparantie en zorgt er voor dat een vrij verkeer van explosieveilige producten tussen Europese lidstaten eerlijk verloopt. Bedrijven die in Europa producten, apparaten en  beveiligingssystemen aanschaffen die onder de ATEX 114 richtlijn vallen kunnen er vanuit gaan dat deze producten aan de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen voldoen.

ATEX richtlijnen zijn dus van toepassing op alle bedrijven waar gewerkt wordt met ontvlambare gassen, ontvlambare vloeistoffen of met fijn stof. In deze bedrijven kan een explosief mengsel en  gevaarlijke explosieve atmosfeer ontstaan en daarom moet men de speciale richtlijnen van de ATEX 114 opvolgen. Deze richtlijnen zijn overigens niet alleen van toepassing op grote industriële  bedrijven maar ook op andere bedrijven waar brandbare stoffen worden opgeslagen of verwerkt. Samengevat is de ATEX 114 richtlijn van toepassing op: 

  • Fabrikanten van materiaal dat gebruikt wordt in een explosiegevaarlijke omgeving.
  • Het distribueren en importeren van apparatuur die moet worden gebruikt op explosiegevaarlijke plaatsen.
  • Het gebruiken en in gebruik nemen van Elektrische  en niet-elektrisch materialen en apparatuur in een explosiegevoelige omgeving.

Wat zijn Ex installaties en waar zijn deze installaties aanwezig?

Installaties moeten veilig zijn en zo zijn aangelegd dat de kans op ongelukken zo klein mogelijk is. De risico’s in de woningbouw en reguliere utiliteit zijn echter kleiner dan de risico’s die gelden in gebouwen en gebieden waar brandbare en explosieve stoffen zijn opgeslagen of worden behandeld. In deze gebieden worden installaties met zeer grote zorg aangelegd en onderhouden. Men heeft het hierbij over explosieveilige zones. De installaties in deze zone worden ook wel explosieveilige installaties genoemd. Deze installaties worden ook wel Ex installaties genoemd.

Richtlijnen Ex installaties
Monteurs en  bedrijven die Ex installaties aanleggen en onderhouden moeten zich houden aan strenge wetgeving en regelgeving. De wetgever stelt namelijk speciale eisen aan installaties die geïnstalleerd zijn in een omgeving met explosieve mengsels. Hiervoor zijn onder andere de ATEX richtlijnen van toepassing. ATEX is een afkorting die uit de Franse taal afkomstig is, voluit staat ATEX voor ‘ATmosphère EXplosible’. Dit kan worden vertaald met explosieve atmosfeer. Het woord atmosfeer houdt in dit verband de lucht op de werkplek of werkomgeving in. Door het vermengen van zuurstof en een brandbare stof, gas, damp of nevel kan een gevaar op explosies ontstaan. In een atmosfeer met een verhoogd risico op explosies moeten installaties zo worden aangelegd dat een explosieveilige zone ontstaat.

De ATEX richtlijnen geven duidelijk weer welke voorschriften er zijn voor de elektrische materialen die toegepast mogen worden in Ex zones. Hierbij kan gedacht worden aan eisen met betrekking tot verlichting, elektromotoren en frequentieregelaars.

NEN-EN-IEC 60079-0
Voor het plaatsen van installaties in Ex zones zijn ook NEN-EN normen ontwikkelt. De algemene norm hiervoor is de NEN-EN-IEC 60079-0. Deze norm bevat algemene eisen met betrekking tot het ontwerpen, het beproeven en het markeren van Ex-onderdelen en materieel. NEN-EN-IEC 60079 bevat een uitgebreide serie normen deze zijn in delen beschreven. Vooral delen 10, 14 en 17 worden veel gebruikt.

NEN-EN-IEC 60079-10-1
Dit deel gaat over explosieve gasatmosferen en de classificatie van gebieden waar naast brandbaar gas ook brandbare nevel en damp aanwezig kunnen zijn.

NEN-EN-IEC 60079-10-2
Dit deel van de NEN norm gaat over de gevarenzone-indeling met betrekking tot explosiegevaar van explosieve stofatmosferen.

NEN-EN-IEC 60079-14
De norm IEC 60079-14 geeft voorschriften voor de keuze van elektrisch materiaal in een omgeving met stofontploffingsgevaar en gasontploffingsgevaar. In deze norm worden richtlijnen gegeven voor het ontwerp en de opstelling van elektrische installaties. Aan het einde van 2013 is een nieuwe versie van deze norm gepubliceerd.

NEN-EN-IEC 60079-17
De NEN-EN-IEC 60079-17 is gericht op Inspectie en onderhoud van elektrisch installaties in Ex zones.

NEN-EN-IEC 60079-19
Aan het onderhouden en reviseren van Ex installaties zijn ook eisen gesteld. Deze eisen staan in de NEN-EN-IEC 60079-19. De eisen in deze norm zijn gericht op renovatie, revisie en reparatie van Ex installaties en materieel in Ex zones.