Wat is TTIP of het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag

TTIP is een afkorting die staat voor het Engelse Transatlantic Trade and Investment Partnership. In het Nederlands kan dit vertaald worden met het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag. Dit is een verdrag waarover wordt tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten. Dit beoogde verdrag staat ter discussie. De belangrijkste voorstanders van dit verdrag zeggen dat het verdrag goed is voor de economische groei van Europa en dus ook voor Nederland. Tegenstanders van het TTIP geven aan dat er te veel macht wordt gegeven aan bedrijven.

Bedrijven kunnen het regeringen lastig maken wanneer regeringen wetten en regels invoeren die door de bedrijven als belemmering kunnen worden beschouwd in hun bedrijfsvoering. Het nationaal belang van regeringen kan in de uitvoering van het TTIP in strijd zijn met het belang van grote bedrijven. Ondanks dat kunnen Nederlandse consumenten en bedrijven volgens de voorstanders profiteren van de uitvoering van dit akkoord.

Wat wil men met het TTIP bereiken
Een belangrijke doelstelling van het TTIP is het verbeteren van de toegang van markten door het afbouwen of afschaffen importtarieven tussen Amerika en Europa. Doordat de importtarieven omlaag gaan worden producten van Amerika in Europa goedkoper en andersom. De betrokken landen moeten door het verdrag meer werkgelegenheid en economische groei kunnen realiseren.

Een andere belangrijke doelstelling is het afstemmen van regels, voorwaarden en standaarden doe gekoppeld zijn aan producten. Hierbij kan men bijvoorbeeld denken aan veiligheidseisen die aan producten worden gesteld. Ook kan men denken aan milieueisen van producten. Het testen van producten moet uniform gebeuren zodat er niet twee keer een test hoeft te worden gedaan in Europa en Amerika voor hetzelfde product voordat het verkocht en gebruikt mag worden.

Voor en nadelen van TTIP
Aan het TTIP kleven voor en nadelen. Het plan is nog niet rond en de voor en tegenstanders bestoken elkaar al met voor en tegenargumenten. De aanpassing van de standaards vinden veel milieuorganisaties zorgwekkend omdat Amerika volgens hen lagere standaards hanteerd dan Europa, dat zou ook het geval zijn op het gebied van voedselveiligheid. Verder kunnen landen overheden voor het gerecht dagen indien er wetten en regels worden doorgevoerd die niet gunstig zijn voor bedrijven. Als de internationale rechter aangeeft dat bedrijven in het gelijk zijn, dan zullen overheden in aanmerking kunnen komen voor een schadevergoeding.

Dit zorgt voor veel terughoudendheid bij veel mensen om akkoord te gaan met het TTIP. Mensen voelen zich niet machtig ten opzichte van bedrijven. Daarom gaan ze op internet en ook in de praktijk hun bezwaren kenbaar maken in de hoop dat de onderhandelingen voor het TTIP worden stopgezet of dat de richtlijnen in het verdrag gunstiger worden voor de mens, het milieu, de veiligheid en de lokale overheid. Het TTIP is er(in oktober 2015)  nog niet dus het is nog afwachten en discussiëren. De overheid zal echter wel wat moeten doen met de bezorgdheid van de mensen. Als TTIP er doorheen wordt gedrukt zal de bevolking haar vertrouwen in de overheid verder verliezen en daar is niemand bij gebaat.

Internet onder controle door NSA

Dat het wereldwijde internetverkeer in de gaten werd gehouden door geheime diensten is al lang bekend. De omvang van deze vorm van spionage neemt echter steeds grotere vormen aan. The Wall Street Journal geeft aan dat de Amerikaanse geheime dienst NSA in totaal 75 procent van het Amerikaanse dataverkeer op internet in de gaten kunnen houden. De NSA gaf eerder aan dat ze slechts 1,6 procent van het verkeer op internet in de wereld kunnen analyseren.

NSA
Het internet zou door de NSA worden afgetapt op grote kabels die op de bodem van de zee liggen. Over die kabels loopt internationaal internetverkeer. Zonder toestemming van de rechter mag de NSA deze internetkabels aftappen om zo berichten te onderscheppen die voor deze instantie van belang zijn.

Discussie
Wereldwijd staat deze manier van handelen ter discussie. Wanneer gaat een overheid te ver met hun ‘afluisterpaktijken’ en wat is nu eigenlijk het aantoonbare resultaat hiervan?  Mag een overheid van een land eigenlijk wel zonder toestemming gegevens en data die afkomstig is van een ander land controleren?