Wanneer moet vakantiegeld uitbetaald worden?

Een werkgever dient 1 keer per 12 maanden vakantiegeld uit te betalen aan werknemers. De meeste werkgevers betalen het vakantiegeld uit in de maand mei maar het is ook toegestaan om het vakantiegeld in juni uit te betalen als dat voor de werkgever beter uitkomt. Werkgevers mogen van de overheid het vakantiegeld ook in termijnen aan werknemers uitbetalen. Een dergelijke regeling voor het uitbetalen van vakantiegeld dient dan echter wel schriftelijk te zijn vastgelegd. Werkgevers moeten er echter wel voor zorgen dat het vakantiegeld uiterlijk in juni volledig aan de werknemer(s) is uitbetaald. Ook wanneer de werkgever dus het vakantiegeld volgens de schriftelijke regeling in termijnen betaald zal de laatste termijn van het vakantiegeld in de maand juni bij de werknemer(s) binnen moeten zijn.

Mocht een werknemer eerder vakantie nemen dan is het ook mogelijk om een aanvraag bij de werkgever in te dienen om het vakantiegeld dat tot dat moment is opgebouwd uit te laten betalen. Daarvoor zal echter wel een schriftelijke overeenkomst moeten worden opgesteld. Ook bij andere momenten waarop een afwijkende betaling plaatsvind van het vakantiegeld is een schriftelijk overeenkomst vereist. Bedrijven zijn verplicht om in ieder geval 1 keer in de 12 maanden vakantiegeld uit te betalen aan hun werknemer(s). Bedrijven dienen duidelijke loonstroken of salarisoverzichten te verstrekken aan werknemers. Hierop moeten ze goed kunnen zien welk bedrag ze aan vakantiegeld hebben ontvangen. Als werknemers te laat vakantiegeld hebben ontvangen kunnen ze van de werkgever een verhoging eisen van maximaal 50 procent bovenop het verschuldigde vakantiegeld.

Als een werknemer uit dienst treed zal de werkgever het opgebouwde vakantiegeld moeten uitbetalen. Dat hoort bij de resterende reserveringen van de werknemer. Bij reserveringen kun je ook denken aan de adv-dagen, vakantiedagen en de overige opgebouwde vergoedingen waar de werknemer recht op heeft. Meestal wordt het vakantiegeld gezamenlijk met deze reserveringen uitbetaald aan de voormalig werknemer.

Wettelijke bepalingen omtrent ADV en ATV

ADV is een regeling bedoelt voor werknemers die met deze regeling hun arbeidsduur kunnen verkorten door ADV-dagen op te nemen, waarvoor ze in feite zelf doormiddel van gewerkte uren hebben gespaard. ADV is een afkorting die staat voor arbeidsduurverkorting. Ook de afkorting ATV wordt in de praktijk gebruikt. Deze afkorting staat voor arbeidstijdverkorting. Deze twee verschillende termen worden in de praktijk vaak door elkaar gebruikt. Toch is er een verschil tussen ATV en ADV, dit verschil wordt in de volgende alinea uitgelegd.

Verschil tussen ATV en ADV
Het verschil tussen arbeidstijdverkorting en arbeidsduurverkorting zit in de manier waarop de werknemer de vrije uren kan opnemen. Als er sprake is van arbeidsduurverkorting (adv) dan zal de werkweek worden ingekort. In dat geval is de werknemer bijvoorbeeld elke twee weken een middag uitgeroosterd en dus vrij. Er zijn ook bedrijven die in een ADV-regeling hebben bepaald dat dat werknemers maandelijks minimaal 1 dag ADV moeten opnemen. Ook kan de werkweek worden ingekort van 40 uur naar 38 uur per week op basis van een ADV-regeling. Er zijn echter ook  bedrijven die werknemers vrij laten op het gebied van de inzet van ADV-dagen en/of uren.

De arbeidsduurverkorting wordt opgebouwd als een werknemer structureel meer uren werkt terwijl er in de arbeidsovereenkomst een lager urenaantal is vastgelegd. Bijvoorbeeld wanneer een werknemer 40 uur per week werkt maar in de arbeidsovereenkomst een werkweek van 38 uur overeen is gekomen met de werkgever. In die situatie worden er per week 2 uren adv opgebouwd door de werknemer.

Als er sprake is van arbeidstijdverkorting (ATV) dan heeft een werknemer meer vrije uren of roostervrijedagen. Deze dagen kan de werknemer in overleg met de werkgever inplannen. Het is echter ook mogelijk dat er geen sprake is van vastgelegde momenten waarop ATV-uren of ATV-dagen opgenomen moeten worden. In dat geval heeft de werknemer meer vrijheid om zelf ATV uren in te plannen en op te nemen. Uiteraard gebeurd dit natuurlijk wel vaak in overleg met de (direct) leidinggevende. Als men de laatste werkwijze hanteert met betrekking tot ATV is er weinig verschil met vakantiedagen.

Wat schrijft de wet over ADV en ATV?
Hoewel veel werknemers in Nederland te maken krijgen met ADV-regelingen of ATV-regelingen is er in de wet niets over deze regelingen vastgelegd. ADV of ATV worden ook wel normale bovenwettelijke arbeidsvoorwaarden genoemd.

Het is echter wel zo dat er in de meeste collectieve arbeidsovereenkomsten bepalingen zijn opgenomen met betrekking tot ADV of ATV. Meestal wordt de ADV-regeling beschreven in een aantal roostervrije uren of roostervrije dagen op jaarbasis. De collectieve arbeidsovereenkomsten oftewel cao’s kunnen echter per bedrijf of per sector verschillen. Een cao komt echter tot stand na onderhandeling tussen werkgever(s) en werknemers of afgevaardigden en woordvoerders van deze groepen.

De arbeidsovereenkomsten die tussen werknemers en werkgevers worden gesloten bij het in dienst treden van de werknemers bevatten bepalingen die aan de cao zijn ontleend. Op die manier zijn de meeste werknemers schriftelijk op de hoogte gebracht van de ADV-regeling. Indien er tijdens het dienstverband van de werknemer bij een bedrijf discussie ontstaat over de ADV-regeling of ATV-regeling dan kunnen de werknemer en de werkgever de bepalingen in de arbeidsovereenkomst en de bijbehorende cao als uitgangspunt hanteren.

Equal pay 2015

Equal pay is in feite de inlenersbeloning. Deze inlenersbeloning wordt van kracht op 30 maart 2015. Dit houdt in dat vrijwel alle uitzendkrachten vanaf die datum op hun eerste werkdag minimaal dezelfde beloning dienen te ontvangen als de contractwerknemers die dezelfde werkzaamheden uitvoeren bij het bedrijf dat de uitzendkrachten inleent. Equal pay vloeit voort uit afspraken die de ABU en de bonden met elkaar hebben gemaakt in het principeakkoord dat gesloten is op 30 september 2014.

Wat is equal pay?
Equal pay is een Engelse term die in het Nederlands vertaald kan worden met ‘gelijkwaardige beloning’ of ‘gelijke beloning’. In het verleden werd deze term vaak gebruikt om duidelijk te maken dat mannen en vrouwen gelijkwaardig betaald te dienen worden als ze in dezelfde functie werkzaam zijn. Tegenwoordig wordt equal pay vooral gebruikt in wetten en voorschriften die er voor moeten zorgen dat tijdelijke werknemers of zogenoemde flexwerkers gelijkwaardig beloond dienen te worden ten opzichte van personeel dat rechtstreeks in dienst is bij het bedrijf.

Over welke beloningsonderdelen gaat equal pay?
Als men het heeft over de beloning van een werknemer kan men verschillende beloningscomponenten bedoelen. Daarom wordt er door de Wet Werk & Zekerheid duidelijkheid verschaft over welke componenten van toepassing zijn als men het heeft over equal pay. Dit zijn de volgende:

  • Het bruto loon van de werknemer.
  • Arbeidsduurverkorting (ADV) en andere bepalingen met betrekking tot de arbeidsduur indien deze rechtstreeks invloed hebben op de hoogte van het loon dat is vastgesteld.
  • Toeslagen die van toepassing zijn op het loon zoals overwerktoeslag, onregelmatigheidstoeslag en toeslag voor overuren. Ook ploegentoeslag hoort bij deze groep toeslagen.
  • Initiële loonsverhoging dienen voor flexwerkers op het zelfde moment in te gaan als bij de werknemers die rechtstreeks bij een bedrijf werken. Ook de hoogte van de loonsverhoging dient het zelfde te zijn.
  • Extra kostenvergoedingen zoals reiskosten en pensioenkosten dienen eveneens gelijkwaardig te worden betaald aan de flexkrachten. Dit is ook van toepassing op overige kosten die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de functie.
  • Tot slot dienen ook de periodieken die de inlener aan haar eigen personeel toekent eveneens te worden verstrekt aan de flexwerkers. Ook hierbij dient de hoogte en het tijdstip gelijk te zijn aan het personeel dat rechtstreeks bij het bedrijf in dienst is.

Waarom is equal pay ingevoerd?
Men kan zich misschien afvragen waarom uitzendbureaus equal pay moeten invoeren. Het antwoord hierop heeft te maken met het feit dat een aantal uitzendbureaus hun uitzendkrachten minder salaris biedt dan het personeel dat rechtstreeks bij hun opdrachtgever (de inlener) op contractbasis werkt. Hierdoor ontstaat scheefgroei en in sommige gevallen is er zelfs sprake van uitbuiting. Door equal pay wil de overheid voorkomen dat flexkrachten worden uitgebuit door de uitzendbureaus en de inleners. Uitzendbureaus en de inleners dienen daarom van te voren met elkaar in overleg te gaan over de beloning van de flexkrachten. Uiteraard is de cao waaronder de inlener valt hierbij een belangrijk uitgangspunt.

Wat is arbeidstijdverkorting en arbeidsduurverkorting?

Arbeidstijdverkorting wordt meestal afgekort tot ATV. De arbeidstijdverkorting houdt in dat het totaal aantal werkdagen van een werknemer structureel wordt ingekort. Deze structurele verkorting van arbeidsdagen is van toepassing voor alle medewerkers die onder een cao vallen waarin de desbetreffende arbeidstijdverkorting is opgenomen. De arbeidsduurverkorting ADV kan echter ook van toepassing zijn op het dienstverband van de werknemer of werkneemster. Tussen deze twee termen zit een verschil. Dit is onder andere hieronder beschreven.

Invoering van ATV
De arbeidstijdverkorting is voor het eerst ingevoerd in 1982, dit gebeurde naar het akkoord van Wassenaar. Door de invoering van arbeidstijdverkorting trachtte men de werkloosheid te bestrijden. Het beschikbare werk zou over een groter aantal personeelsleden kunnen worden verdeeld. In de praktijk heeft de invoering van ADV en ATV nog niet overduidelijk een positief effect gehad op de vergroting van de werkgelegenheid. Werkgevers hebben de ADV en ATV voornamelijk gebruikt voor het vergroten van de arbeidsproductiviteit van de werknemers die ze in dienst hebben.

ATV, ADV en de cao
De cao’s in Nederland zijn verschillend, in sommige sectoren wordt ATV en ADV wel opgenomen in de cao en in andere sectoren niet. Bedrijven die actief zijn in de sector Industrie & nijverheid passen over het algemeen het meest het gebruik van ATV toe. Bedrijven die actief zijn in de sector Zakelijke dienstverlening passen ATV het minste toe in Nederland.

Wat is ATV?
Doormiddel van ATV wordt het totaal aan werkdagen van een werknemer of werkneemster structureel vermindert. Dit komt er in de praktijk op neer dat een werknemer of werkneemster een paar dagen vrij is per jaar. De dagen die een werknemer vrij krijgt worden soms door de werknemers zelf bepaald maar het is ook mogelijk dat het bedrijf verplichte ATV-dagen hanteert. De manier waarop een bedrijf met ATV omgaat is vastgelegd in de cao waaronder het bedrijf valt.

Wat is ADV?
ADV is arbeidsduurverkorting. Dit houdt in dat de werknemer of werkneemster tot zijn of haar pensioen minder uren per week hoeft te werken. De ADV kan op verschillende manieren worden ingevoerd. Meestal kiest men er voor om de werkweek met een aantal uren in te korten. Ook kan men er voor kiezen om een VUT-regeling te treffen.

Verschil tussen ADV en ATV
De arbeidstijdverkorting ATV verschilt met de arbeidsduurverkorting ADV. De ATV is een structurele verkorting van het aantal werkdagen van een werknemer. Bij ATV worden deze worden de roostervrije dagen ingepland. ADV is meer gericht op het verkorten van de werkweek. Werknemers met ADV hebben een kortere werkweek van bijvoorbeeld 38 of 36 uur.

Wat is werktijdverkorting?

Een bijzondere vorm van arbeidsduurverkorting ADV is de Werktijdverkorting (WTV). Deze regeling is door de Nederlandse overheid ingesteld in 2008. De Bijzondere regeling werktijdverkorting werd toen ingesteld om de gevolgen van de kredietcrisis te beperken voor bedrijven. De overheid probeerde met deze regeling te voorkomen dat het aantal faillissementen ten gevolge van de crisis nog verder zou oplopen.

Doelstelling werktijdverkorting
De doelstelling is van de werktijdverkorting is het beperken van het omzetverlies in bijzondere omstandigheden zoals overstromingen, brand en zoals in 2008 een financiële crisis. Alleen wanneer door deze omstandigheden een omzet verlies van 30 procent ontstaat mag de regeling door bedrijven worden aangewend.

Vergunning aanvragen voor werktijdverkorting
Een bedrijf zal dan echter wel een vergunning voor werktijdverkorting moeten aanvragen. Dit kan een bedrijf doen bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid SZW. De vergunning heeft een maximale duur van zes weken. Indien nodig kan een verlenging worden aangevraagd van de vergunning nadat de zes weken zijn verlopen.

Werktijdverkorting in de praktijk
Als de werktijdverkorting door een bedrijf mag worden doorgevoerd kan een werkgever de werknemers minder uren per week aan het werk zetten. Dit kost een werknemer echter geld. De overheid compenseert dit door de werktijdverkorting af te dekken met de WW. In de praktijk betaald het bedrijf gewoon het volledige loon uit aan de werknemers en werkneemsters. Het bedrijf krijgt echter de WW-uitkering vanuit het UWV. Hier kan het bedrijf de werktijdverkorting mee bekostigen.

Gevolgen voor werknemer
Werktijdverkorting is met name gericht op het bedrijf en het voortbestaan van het bedrijf. Voor de werknemers en werkneemsters bij het bedrijf verandert er weinig. Alleen wanneer een werknemer of werkneemster binnen 26 weken na het begin van de werktijdverkorting wordt ontslagen zal dat gevolgen hebben voor de opgebouwde WW rechten.

Deeltijd-WW
De regeling werktijdverkorting is opgevolgd door de deeltijd-WW. Doormiddel van deze regeling worden bedrijven eveneens ondersteund wanneer ze in economisch zwaar weer terecht zijn gekomen. Een bedrijf kan deeltijd-WW aanvragen bij het UWV. Ook aan deze regeling zijn voorwaarden verbonden. Eén van deze voorwaarden is bijvoorbeeld het draagvlak onder het personeel. Het personeel zal het eens moeten zijn met het bedrijf dat de deeltijd-WW wil aanvragen.

Een werknemer of werkneemster die zich in deeltijd-WW bevind zal officieel nog in dienst zijn van zijn werkgever. De werknemer of werkneemster zal echter minder uren dan de afgesproken contracturen daadwerkelijk binnen het bedrijf werkzaam zijn. De contracturen die een werknemer vanwege de deeltijd-WW misloopt worden door de WW gecompenseerd.