Wat is verdozing?

Verdozing is een benaming die wordt gebruikt voor landschappen waarin steeds meer grote rechthoekige gebouwen verrijzen. Hierbij kun je denken aan grote loodsen die in toenemende mate worden gebouwd rondom steden maar ook op het platteland. Deze loodsen zijn over het algemeen niet ontworpen vanwege esthetische aspecten maar puur vanwege de ruimte die in de gebouwen aanwezig is.

Verdozing ontstaat omdat er in Nederland meer grote distributiecentra worden gebouwd. Ook agrarische bedrijven en grote productiebedrijven plaatsen vaak loodsen voor hun bedrijfsprocessen. Het bouwen van loodsen is over het algemeen eenvoudig en niet heel kostbaar. Doordat loodsen vrij eenvoudig in elkaar kunnen worden gezet kunnen deze complexen vaak snel worden gebouwd. Dat is meteen ook het grote probleem waardoor verdozing in de hand wordt gewerkt. Er ontstaan steeds meer doosvormige gebouwen in Nederland.

De afgelopen vijf jaar is het aantal distributiecentra in Nederland toegenomen met 25 tot 43 procent. Als hier geen verandering in komt zal de verdozing in het landschap van heel Nederland de komende jaren verder gaan toenemen. Dat vind niet iedereen een gunstige ontwikkeling

Kunststof kozijnen populair in de woningbouw

Kunststof kozijnen worden tegenwoordig in bijna alle nieuwe woningen geplaatst. Ook in vele oudere woningen worden kunststof kozijnen geplaatst als de houten kozijnen verrot zijn of gekozen wordt voor een beglazing met een hoger rendement. De meeste kunststof kozijnen worden gemaakt van PVC oftewel Polyvinylchloride. Dit is een kunststof met een lange levensduur en heeft maar weinig onderhoud nodig. Dit is een belangrijk voordeel dat er voor zorgt dat veel particulieren maar ook veel bedrijven kiezen voor kunststof kozijnen. Er zijn echter meer voordelen die er voor zorgen dat mensen kiezen voor een kozijn van kunststof in plaats van hout.

Voordelen van kunststof kozijnen
Kunststof kozijnen hebben een aantal belangrijke voordelen. Een belangrijk voordeel van kunststof kozijnen is de duurzaamheid. Kunststof is een materiaal dat heel lang mee gaat. Het materiaal hoeft nauwelijks onderhouden te worden. Dat betekent dat kunststof kozijnen niet geschilderd hoeven te worden, dat kan in de praktijk zelfs niet eens. Naast onderhoudsvriendelijke en duurzaam is een kunststof kozijn ook beter geïsoleerd dan andere soorten kozijnen. Kunststof isoleert nog beter dan hout. Het materiaal heeft niet alleen een isolerende werking tegen warmte maar ook tegen geluid. Tot slot hebben kunststof kozijnen ook nog een hoge score op het gebied van milieuvriendelijkheid. Door de moderne productieprocessen gaat er weinig materiaal verloren en op het gebied van recycling is ook veel mogelijk.

Nadelen van kunststof kozijnen
Natuurlijk zijn er ook nadelen aan kunststof kozijnen. Een belangrijk nadeel is dat kozijnen van kunststof moeilijk gerepareerd kunnen worden als er barsten of scheuren in zitten. Ook als er hoekjes uit missen kan men deze vaak maar moeilijk repareren. In die gevallen is hout echt veel gunstiger materiaal om te herstellen. Kunststof kozijnen kunnen ook nauwelijks overgeschilderd of gespoten worden. de verf hecht niet op kunststof. Daarnaast kan de verf ook nog een schadelijke werking hebben op het onderliggende kunststof. Gelukkig kan men kunststof kozijnen wel in verschillende kleuren en structuren bestellen.

Augmented reality is toegevoegde realiteit

Augmented reality (AR) kan in het Nederlands letterlijk vertaald worden met toegevoegde realiteit. Het is in feite een verzamelnaam voor verschillende technologieën die er voor zorgen dat er beelden of indrukken worden toegevoegd aan hetgeen men ziet. Augmented reality kan men beschouwen als een extra laag over de realiteit heen. Deze extra laag kan op verschillende manieren worden gevisualiseerd. Een bekend voorbeeld is de augmented reality bril. Als men door deze bril kijkt ziet men de omgeving met toegevoegde digitale elementen. Op die manier wordt de omgeving niet alleen feitelijk waargenomen maar ook met vormen, installaties, constructies en andere elementen die op dat moment nog niet concreet aanwezig zijn.

Men kan doormiddel van augmented reality mensen een beeld geven van hoe een omgeving er uit kan komen te zien of hoe de omgeving er in het verleden uit heeft gezien. Naast de projectie van augmented reality op brillenglazen kan men dit ook op tablet, smartphone, televisie of andere elektronische producten met een beeldscherm tonen. Ook in de sportwereld wordt augmented reality gebruikt om bijvoorbeeld extra lijnen op videobeelden te tonen waardoor gevisualiseerd wordt of een speler buitenspel staat of niet. Hoewel augmented reality (AR) al een tijd beschikbaar is zien we nog weinig producten voor consumenten waarin AR is verwerkt. Alleen in apps, zoals Snapchat is duidelijk AR toegepast evenals het bekende spel Pokémon Go.

Ook in de techniek experimenteren bedrijven met AR. Sommige monteurs en ander technisch personeel kunnen in moderne bedrijven doormiddel van augmented reality een beeld krijgen hoe een installatie of machine in elkaar gezet moet worden. AR zal in de toekomst meer invloed gaan krijgen in de techniek. Toch gaat deze ontwikkeling nog niet heel snel.

Wat is APP bitumen dakbedekking?

APP-bitumen is een dakbedekking die bestaat uit een combinatie van bitumen en een plastische kunststof en wordt net als andere bitumen op rollen verkocht. De afkorting APP staat voor een kunststof namelijk Atactisch PolyPropyleen (APP). Dit is een polymeer met speciale eigenschappen die er voor zorgen dat de bitumineuze dakbedekking soepel blijft ook bij hoge temperaturen. Atactisch PolyPropyleen wordt bij temperaturen tussen de 140 en 150 graden Celsius pas vloeibaar terwijl de meeste bitumen bij een temperatuur rond de 50 graden Celsius vloeibaar kunnen worden. Het verwerkingspunt van APP bitumen ligt dus veel hoger als bij normale bitumen het geval is. Het membraan van APP bitumen is ook in hoge mate bestand tegen UV.

Tijdens het productieproces van APP bitumen wordt gewone zachte bitumen gemengd met ongeveer dertig procent Atactisch PolyPropyleen. Deze kunststof geeft het bitumen haar unieke duurzame eigenschappen. APP bitumen is in veel gevallen een ideale dakbedekking voor platte daken. Toch is het belangrijk om een adviseur in te schakelen. Niet altijd is bitumen de juiste oplossing. In sommige gevallen kan men beter kiezen voor gewone bitumen op SBS bitumen. Daarnaast is er ook nog EPDM verkrijgbaar. Dit is een dakbedekking waarin geheel geen bitumen zijn toegepast.

Wat is EPDM dakbedekking?

EPDM is een synthetische rubberen dakbedekking die bestaat uit de hoofdbestandsdelen Ethyleen, Propyleen, Dieën en Monomeer en wordt in de vorm van folie op daken geplaatst. De benaming EPDM bestaat uit etheen, propeen en een dieen (een onverzadigde koolwaterstof met twee dubbele bindingen) en Monomeer. Deze verschillende stoffen gaat men polymeriseren. Het polymeer dat hieruit ontstaat wordt vervolgens gevulkaniseerd. Daaruit komt rubber voort. De samenvoeging van de verschillende stoffen zorgt er voor dat het rubber unieke eigenschappen heeft. Zo heeft EPDM een grote elasticiteit en daarnaast ook een groot temperatuurbereik. De gunstige eigenschappen zorgen er voor dat EPDM de meest populaire kunststof dakbedekking is op dit moment.

Deze dakbedekking is vrij makkelijk aan te brengen maar men dient van te voren wel goed onderzoek te doen naar het dak waar deze synthetisch rubber op wordt aangebracht. Men kan bijvoorbeeld EPDM niet zomaar over bitumen daken heen aanbrengen. Aan de andere kant bied EPDM ook weer voordelen omdat men op dit materiaal zelfs een groendaksysteem kan aanbrengen. EPDM is namelijk bestand tegen wortels. Ook hier komen allemaal voorwaarden en technische aspecten aan de orde. Voordat je besluit om EPDM te laten aanbrengen is een goed advies van een ervaren dakdekker dus van groot belang.

Wandconvector of een convectorput

Een wandconvector is een verwarmingssysteem waarbij gebruik wordt gemaakt van het opstijgen van warme lucht. Een wandconvector is in tegenstelling tot een convectorput boven de vloer geplaatst. Een convectorput is een convector die in een put in de vloer is geplaatst. Beide verwarmingssysteem werken op basis van convectie. Dat is het opstijgen van warme lucht. Het grote verschil tussen de wandconvector en de convectorput zit voornamelijk in het uiterlijk van het verwarmingssysteem en de zichtbaarheid daarvan in een bepaalde ruimte.

Hoe werkt een convector?
De werking van een convector is gebaseerd op convectie oftewel het verwarmen van een luchtstroom. Het maakt daarbij niet uit of de convector een wandconvector is of een putconvector. Een convector bevat in de basis een koperen buis waar warm cv-leidingwater doorheen stroomt. Dit warme water wordt door de koperen buis aan de omgeving afgegeven. Voor de verspreiding van deze lucht worden een hele serie aan dunnen lamellen gebruikt die over het algemeen van aluminium zijn gemaakt. Deze lamellen bevinden zich rondom de koperen buis van de convector.

Door de lamellen wordt koude lucht aan de onderkant aangetrokken. Vervolgens wordt de lucht in de convector verwarmd door de lamellen en stijgt deze op. De warme lucht verlaat de convector aan de bovenkant. Omdat een convector de lucht verwarmd wordt de omkasting van de convector zelf niet of nauwelijks warm, dit in tegenstelling tot een radiator. Een convector verwarmt een ruimte sneller dan een radiator. De koperen leiding in de convector wordt sneller warm maar ook de lucht wordt sneller warm. Een andere eigenschap is dat een convector ook veel sneller afkoelt als men deze uitschakelt terwijl een radiator vaak nog wel eventjes warm blijft.

Convectorput of radiator?

Er zijn verschillen tussen radiatoren en convectorputten. Deze verschillen zitten zowel in de vorm als de werking van de verwarmingssystemen. Een convectorput is een verwarmingsmethode die bestaat uit een convector die is geplaats in een bak in de vloer. Deze bak wordt ook wel put genoemd en is meestal rechthoekig van vorm. De convectorput wordt meestal onder een raam of schuifpui geplaatst en is op een rooster na vrijwel geheel aan het zicht onttrokken. Een radiator is een warmingselement dat bestaat uit met water gevulde lamellen die geplaatst worden aan de muur. Radiatoren worden net als convectorputten ook meestal onder ramen geplaatst alleen zijn radiatoren veel meer in het zicht. Daarom worden radiatoren doorgaans niets voor ramen geplaatst. Dat kan men echter wel doen met een convectorput omdat deze onder het vloeroppervlak verdwijnt.

Verschil in werking tussen een convectorput en een radiator
De werking van een convectorput en een radiator verschilt. Een radiator geeft stralingswarmte af via de met heet water gevulde lamellen. Een convector werkt op basis van de spreiding van hete lucht. Dit wordt ook wel convectie genoemd. Een convector is gemaakt van metalen die goed warmte geleiden. Aan de onderkant van de convector is een koperen buis waar een aantal aluminium lamellen omheen zijn geplaatst. Deze lamellen zijn flinterdun in tegenstelling tot de lamellen van radiatoren.

De dunne lamellen van de convector verspreiden de warmte die die afkomstig si van de koperen buis. De convector zuigt koude lucht aan die vervolgens wordt verwarmd. De warmte lucht wordt vervolgens weer uitgestoten. Een convector wordt sneller warm dan een radiator en koelt bovendien sneller af. Daardoor is er bij convectors nauwelijks sprake van ongebruikte restwarmte. In totaal is 90% van de warmte van de convector warme luchtstroom en is 10% stralingswarmte. Een convector gebruikt ook minder warm water dan een radiator en warmt sneller op. Om die reden worden convectorputten als energiezuiniger beschouwd als de standaard radiatoren.

Een convectorput of vloerverwarming?

Een convectorput is een verwarmingssysteem dat bestaat uit een aantal verzonken bakken in de vloer waarin convectoren zijn geplaatst. Deze verzonken bakken worden ook wel putten genoemd vandaar de naam convectorputten. Omdat convectorputten verzonken zijn in de vloer zijn ze voor een groot deel aan het oog onttrokken. Dat biedt voordelen. Daarom worden convectorputten vooral geplaatst voor hoge raampartijen waar geen radiatoren voor geplaatst kunnen worden. Ook voor grote schuifpuien of in de buurt van openslaande deuren worden in de praktijk convectorputten geplaatst.

Convectorputten of vloerverwarming
Een convectorput is verwarming die in de vloer is geplaatst maar wordt over het algemeen geen vloerverwarming genoemd. Als men het over vloerverwarming heeft bedoelt men een andere soort verwarming die onder vrijwel de gehele oppervlakte van de vloer is aangebracht. Een convectorput is een convector die in een put is geplaatst terwijl vloerverwarming bestaat uit een patroon van leidingen waar warm water doorheen wordt getransporteerd. Dit zijn echter een paar uiterlijke verschillen tussen convectorputten en vloerverwarming. Ook de warmteafgifte verschilt. Een convectorput werkt doormiddel van convectie waarbij warmte doormiddel van metalen panelen wordt afgegeven aan de lucht in de ruimte terwijl bij vloerverwarming de warmte wordt afgegeven aan het vloeroppervlak.

Verwarming doormiddel van een HR ketel of warmtepomp
In een ruimte met vloerverwarming voelt de vloer warm aan terwijl in een ruimte met convectorputten de vloer niet per definitie warm hoeft aan te voelen. De convectorput verwarmt de vloer vooral lokaal in de directe omgeving van de convectorput. Op die plekken ligt de temperatuur wel aanzienlijk hoger dan in de rest van de ruimte net als bij radiatoren het geval is. Daarom moet een verwarmingssysteem bijvoorbeeld een HR ketel ook warm water tegen een hogere temperatuur produceren voor convectorputten dan bij vloerverwarming nodig is. Vloerverwarming kan ook worden aangesloten op een warmtepomp. Deze verwarmingssystemen verwarmen water doormiddel van de lucht of doormiddel van aardwarmte. Deze temperaturen liggen wel aanzienlijk lager dan de temperaturen van aardgasgestookte cv-installaties. Vloerverwarming die aangesloten is op een warmtepomp wordt daarom ook wel lage temperatuurverwarming genoemd.

Vloerverwarming en convectorput
Vloerverwarming is om die reden duurzamer dan een convectorput. Met name in de wat oudere woningen tref je nog convectorputten aan. Het heeft niet altijd zin om deze putten te vervangen door vloerverwarming. Daarbij zou namelijk ook gekeken moeten worden naar andere factoren zoals de isolatie maar ook de samenstelling van de vloer. Op internet zijn verschillende informatiebronnen aanwezig waarin de combinatie tussen convectorputten en vloerverwarming wordt besproken. Deze combinatie blijkt in de praktijk nog wel eens problemen op te leveren. Daarbij kun je denken aan een convectorput die nauwelijks warm wordt en net als bij de vloerverwarming ook slechts een lage temperatuur heeft.

Duurzaamheid
Vloerverwarming die aangesloten is op een warmtepomp is de meest duurzame oplossing. Daarbij heeft men het hoogste warmterendement en de laagste CO2 uitstoot. Vraag echter een ervaren installatiebedrijf om de mogelijkheden voor vloerverwarming goed te beoordelen.

Wat is het rendement van verwarmingsbronnen?

Als men kijkt naar de verwarming van woningen dan is het rendement belangrijk. Het rendement van verwarmingsbronnen is in feite de hoeveelheid warmte die geproduceerd kan worden door een verwarmingssysteem uit een bepaalde brandstof. Hoe hoger het rendement hoe rendabeler het verwarmingssysteem is. Een rendabel verwarmingssysteem is niet per definitie een duurzame verwarmingssysteem. Een hr-ketel verstookt bijvoorbeeld aardgas om cv-leidingwater te verwarmen. Aardgas is een fossiele brandstof en daardoor niet een duurzame energiebron. In tegenstelling tot een conventionele cv-ketel of een (verbeterd rendement) vr ketel haalt de hr-ketel wel meer warmte uit aardgas. Het rendement van de hr-ketel ligt dus hoger dan de andere ketelsoorten. Een hre-ketel heeft een nog hoger rendement en wekt zelfs elektriciteit op doormiddel van een warmtekrachtkoppeling.

De afgelopen jaren zijn er verschillende soorten verwarmingssystemen toegevoegd en is de keuze voor consumenten en bedrijven enorm geworden. De verwarmingsbronnen zijn zo divers dat men gespecialiseerde bedrijven moet gaan inschakelen als men een duidelijke indruk wil krijgen van de specifieke eigenschappen van elk verwarmingssysteem. Niet elk verwarmingssysteem is namelijk toepasbaar in elke woning. Er moet naar oppervlakte, isolatie, materialen en andere aspecten worden gekeken. Als men alleen naar het rendement van verwarmingssystemen zou kijken dan geeft de opsomming in de volgende alinea een duidelijk verschil weer tussen de verwarmingsbronnen.

Verwarmingsbronnen en hun rendement
Hieronder staan verschillende soorten verwarmingsbronnen en daarbij is het rendement genoemd. Hoe lager het rendement hoe meer warmte verloren gaat tijdens het proces. In onderstaande lijst zie je duidelijk dat het verstoken van hout in een open haard het minste rendement oplevert. De installatie van een warmtepomp levert het meeste rendement op. Dit is echter niet overal mogelijk. Ook de kosten moeten goed in de gaten worden gehouden bij een beslissing voor een bepaalde verwarmingsbron. Zo heeft een hr-ketel een aanschafprijs van ongeveer 2000 euro maar een hre-ketel kost maar liefst 12.000 euro. Het loont zeker de moeite om uit te zoeken of een dergelijk verschil in aanschafprijs zich gaat terugverdienen.

  • Open haard 20 procent
  • Elektrische kachel 40 procent
  • Gaskachel 65 procent
  • Houtkachel 75 procent
  • Speksteen/ Tegelkachel 90 procent
  • CV/ VR ketel 92 procent
  • Pelletkachel 94 procent
  • Hr-ketel 107 procent%
  • Hre ketel (Micro WKK) 130 procent
  • Warmtepomp 600 procent

Wat is een HRe-ketel?

Een HRe-ketel is een speciale cv-ketel met een hoog rendement die ook in staat is om elektrische stroom op te wekken. Dit klinkt natuurlijk interessant de ketel wordt gebruikt om het cv-leidingwater te verwarmen en tevens om elektrische stroom op te wekken. Toch moet men hierbij rekening houden met het feit dat er wel aardgas wordt verstookt voor zowel de radiatoren als het opwekken van elektriciteit. Het is dus maar de vraag of men een HRe-ketel als een duurzame oplossing kan beschouwen. Daarnaast is een HRe-ketel kostbaar in aanschaf. Deze ketels kosten al snel meer dan 10.000 euro en zijn eigenlijk alleen geschikt voor grote panden waarin 1.600 m3 gas of meer per jaar wordt verstookt. Dan nog loont het om eerst te kijken of deze gebouwen beter geïsoleerd kunnen worden om het gasverbruik op die manier te verlagen.

Hoe werkt een HRe-ketel?
De HRe-ketel is een cv-ketel met een hoog rendement. Dat betekent dat deze ketels in feite een maximaal rendement halen uit de aardgas die in deze ketels wordt verstookt. De belangrijkste functie van deze ketels is het verwarmen van cv-leidingwater maar de HRe-ketel gebruikt ook de hete gassen in de cv-ketel om elektrische stroom op te wekken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van een zogenaamde warmtekrachtkoppeling. De HRe-ketel gebruikt voor deze warmtekrachtkoppeling een stirlingmotor. Deze motor werkt op hete lucht in plaats van op een brandstof. Toch moet voor het produceren van deze hete lucht wel aardgas worden verstookt.

De HRe-ketel is energiezuiniger dan andere cv-ketels zoals de vr-ketel en de conventionele cv-ketel. De hete lucht van de HRe-ketel wordt namelijk gebruikt om elektrische energie op te wekken. Toch verbrand deze cv-ketel wel wat meer aardgas om er voor te zorgen dat de stirlingmotor goed werkt. Met een HRe-ketel zal men in de praktijk dus meer geld betalen op de gasrekening maar minder op de elektriciteitsrekening. Het is de moeite waard om hier een berekening op los te laten. Toch zal een HRe ketel waarschijnlijk nooit worden terugverdient gezien de hoge aanschafprijs.

Wat is een hr-ketel, vr-ketel en een hr-combiketel?

Een hr-ketel is een hoog rendement centrale verwarmingsketel en wordt geplaatst in woningen met een aardgasgestookte cv-installatie. Hoewel een hr-ketel aardgas verstookt kunnen deze ketels toch een gunstig energielabel A krijgen. Dit heeft te maken met het rendement dat de hr-ketel uit aardgas haalt. Bij de verbranding van aardgas in de cv-installatie haalt de hr-ketel een hoger rendement dan de conventionele cv-ketel.

Vr-ketels
De hr-ketel levert ook nog een hoger rendement dan de vr-ketels. De vr-ketel is minder energiezuinig dan de hr-ketel hoewel de letters ‘vr’ staan voor verbeterd rendement.

Combiketels
De benaming combiketel is vrij algemeen. In feite zegt de term combiketel weinig over de energiezuinigheid van de ketel. Een combiketel is een cv-ketel waar ook een boiler bij geplaatst is. Deze boiler zorgt er voor dat er warm water uit de kraan komt. Een combiketel is energiezuiniger dan een losse boiler of geiser. Er zijn echter verschillende soorten combiketels die onder andere verschillen op het gebied van energiezuinigheid.

Vr-combiketels en hr-combiketels

Er zijn op dit moment nog vr-combiketels en hr-combiketels op de markt. De hr-combiketels zijn hoogrendementsketels met een boiler. De allernieuwste variant is de HRe-ketel. Dit is tevens ook de duurste combiketel en geschikt voor huishoudens vanaf 4 personen.

Wat kost vervangen van loden waterleidingen?

Het vervangen van loden waterleidingen uit woningen moet worden gedaan door een erkend installateur. Gemiddeld kost het vervangen van loden leidingen ongeveer 1400 euro per woning. Deze kosten zijn voor de eigenaar van de woning. Ook wanneer de woning verhuurd wordt zal de eigenaar van de woning de kosten voor het verwijderen van de loden leidingen moeten betalen. De meeste loden leidingen zijn aanwezig in oude woningen die voor 1945 zijn gebouw en geïnstalleerd door loodgieters. Ook in woningen die tussen 1945 en 1960 zijn gebouwd komen nog wel leidingen voor die van lood zijn gemaakt en gebruikt worden als drinkwaterleiding. Het is verstandig om deze leidingen te vervangen.

Is het verwijderen van loden leidingen verplicht?
Het laten verwijderen van loden leidingen is niet verplicht. Wel is duidelijk geworden uit onderzoek van de Gezondheidsraad dat het drinken van drinkwater uit loden leidingen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Met name voor jonge kinderen en ongeboren kinderen die nog in de baarmoeder zitten van zwangere vrouwen lopen een risico als ze met lood vervuild drinkwater drinken. Als een zwangere vrouw met lood vervuild drinkwater opdrinkt zal dat ook gezondheidsschade kunnen opleveren voor het nog ongeboren kind. Het verwijderen van loden leiding wordt daarom dringend aanbevolen vanuit de Gezondheidsraad maar ook vanuit de overheid.

De overheid gaat in 2019 mogelijk subsidies invoeren die er voor moeten zorgen dat eigenaren van woningen met loden waterleidingen deze zo spoedig mogelijk gaan vervangen. Daarnaast denkt de overheid nog na over andere maatregelen. Zo zou bij de verkoop en verhuur van woningen duidelijk moeten worden aangegeven of er loden leidingen in het gebouw aanwezig zijn.

Wat is een transformatiewoning?

Een transformatiewoning is een woning die uit een verbouwing van een bestaand pand met een andere bestemming is getransformeerd. Transformatiewoningen komen vooral in gebieden voor waar er sprake is van een tekort aan woningen. Als er te weinig woningen beschikbaar zijn om aan de vraag te voldoen dan wordt er steeds vaker gekeken naar bestaande panden met een andere bestemming om deze vervolgens om te bouwen tot woningen en woonruimten.

Utiliteit ombouwen tot woningen
Een tansformatiewoning is dus een woning die ontstaan is uit een pand met een andere functie. In de praktijk worden scholen en kantoren regelmatig tot transformatiewoningen omgebouwd. Daarnaast worden ook andere bedrijfspanden en utiliteit omgebouwd tot woningen. Zo kunnen zelfs loodsen, fabrieken, kazernes en stallen van boerderijen tot woningen of appartementen worden omgebouwd. Bouwbedrijven en projectorganisaties worden steeds creatiever op dit gebied. Ook investeringsmaatschappijen zien geld in het ombouwen van bestaande panden tot transformatiewoningen.

Woningtransformatie als oplossing

Op die manier kan er wat worden gedaan aan het tekort aan woning maar kan ook meer geld worden verdiend met de verkoop en de verhuur van transformatiewoningen. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waren er in 2018 in totaal 13.000 transformatiewoningen ontstaan. Dat maakt duidelijk dat een groot deel van de toename in het aanbod aan woningen wordt gerealiseerd door gebouwen te transformeren tot woningen.

Vloer isoleren met PUR

Polyurethaan (PUR) is een schuimvormige kunststof die bestaat uit de componenten polyol en isocyanaat en kan als vloerisolatie worden aangebracht doormiddel van spuiten. De polyol en isocyanaat worden met elkaar vermengd tijdens het spuiten en gaan daardoor een reactie met elkaar aan. Door deze reactie ontstaat een schuim dat opgevuld is met cellen die lucht bevatten. De cellen die gevuld zijn met lucht zorgen voor de isolerende werking van PUR. De cellen van het PUR kunnen bestaan uit open cellen en dichte cellen. Als er sprake is van open cellen spreekt men van zacht schuim en bij dichte cellen spreekt men van hard schuim. De blaasmethode en het soort blaasmiddel dat wordt gebruikt tijdens het aanbrengen van PUR-schuim is bepalend voor de soort schuimsubstantie.

PUR als vloerisolatie
PUR schuim is een materiaal dat breed wordt toegepast. Een bekende toepassing van het materiaal is vloerisolatie. Door de luchtcellen heeft PUR een gunstige isolerende werking. Het aanbrengen van PUR gebeurd doormiddel van een grote spuit waar de twee componenten gezamenlijk met elkaar vermengd uit worden gespoten. Dit is werk dat door een specialistisch bedrijf moet gebeuren. Ook de persoon die de spuit bedient moet over voldoende kennis beschikken en moet veilig werken. Tijdens het spuiten komen namelijk schadelijke dampen vrij. De PUR vloerisolatie wordt aan de bovenkant van een kruipruimte aangebracht. Dat is dus rechtstreeks onder de vloer van de begane grond. Om dat goed te kunnen uitvoeren moet de kruipruimte een minimale hoogte hebben van 50 centimeter.

Eigenschappen van PUR vloerisolatie
Omdat PUR onderkant van de vloer gespoten wordt vaak ook een deel van de funderingsmuren in de kruipruimte geïsoleerd met PUR. Ook de aanwezige leidingen, buizen en andere objecten in de kruipruimte zullen door een laag PUR worden bedekt. Kieren en gaten worden eveneens door PUR gedicht. Dit is over het algemeen geen probleem. Op die manier worden constructiedelen beschermd tegen vocht en wordt tocht uit kieren voorkomen. Ook is de PUR laag luchtdicht waardoor de isolerende werking wordt verhoogd. Die isolerende werking van PUR wordt verhoogd naar mate de PUR laag dikker wordt. Het materiaal heeft een lambdawaarde van 0,026 W/m*K en dat is zeer hoog. Een groot nadeel van PUR is dat het materiaal niet milieuvriendelijk is. Het materiaal bevat HFK’s of HFO’s, dit zijn chemische gassen die slecht zijn voor het milieu. Er worden echter steeds meer PUR-varianten ontwikkelt die deze schadelijke stoffen niet bevatten.

Wat is een Mantavloer?

Een Mantavloer is een prefab betonnen vloer die in de jaren zestig en zeventig van vorige eeuw werd toegepast als vloer in gebouwen, waaronder woningen, in Nederland. Mantavloeren werden aangebracht tussen 1965 en 1981 en hebben een verhoogd risico op betonschade in de vorm van betonrot. Hierbij roest de wapening van de betonnen draagdelen waardoor de betonnen dekking scheurt en uiteindelijk los knapt. Daardoor worden de dragende delen zwakker en dat kan ernstige gevolgen hebben. Andere prefab betonnen vloeren die dit probleem hebben zijn de zogenaamde Kwaaitaal vloeren die veel bekender zijn. Er zijn echter verschillen tussen Mantavloeren en Kwaaitaal vloeren.

Hoe herken je een Mantavloer?
Een Mantavloer bestaat uit verschillende onderdelen die ook wel elementen worden genoemd. Deze elementen rusten op de fundering van het gebouw. Elk element van een Mantavloer is 120 cm breed. Er wordt ook wel gesproken over een ribcassettevloer. Per element bestaat deze uit twee betonbalken die de ribben worden genoemd. Daarnaast is er tussen deze delen aan de bovenkant een dunne vloerplaat aangebracht. Deze tussenplaat is 5,5 centimeter dik. Deze tussenplaat zit tussen de betonnen ribben. Standaard is er in één plaat een kruipluik aangebracht.

Vanuit de kruipruimte kan men de vloerconstructie bekijken en tot de conclusie komen of er een Mantavloer is aangebracht. Een Mantavloer is een andere vloer dan de eerder genoemde Kwaaitaalvloer. De Mantavloer heeft namelijk elementen van 120 cm breed en de Kwaaitaalvloer heeft elementen van 50 cm breed. Bovendien is de vorm ook anders. De Kwaaitaalvloerdelen hebben namelijk een gebogen vorm. Aan de onder kant zitten bij een Kwaaitaalvloer allemaal boogjes terwijl een Mantavloer uit allemaal rechte platte delen bestaat.

Risico’s van een Mantavloer
Een Mantavloer heeft in grote lijnen dezelfde kans op problemen als een Kwaaitaalvloer namelijk: betonrot. De betonnen elementen van een Mantavloeren zijn voorzien van een bewapening van staal dat ook wel betonijzer of betonstaal wordt genoemd. IJzer oftewel ferro heeft de nare eigenschap dat het in combinatie met vocht en zuurstof gaat roesten. Als men daar ook nog zouten (chloriden) aan toevoegt is dit risico al helemaal groot. Juist dat laatste vormt het grootste risico van de Manatavloer.

Aan het betonmengsel van Mantavloeren is calciumchloride toegevoegd. Deze chloride zorgt er voor dat het betonstaal extra snel gaat corroderen oftewel roesten. Tijdens het roestproces zetten de verroeste delen uit. Daardoor wordt het beton naar buiten gedrukt. Het beton gaat dan op de duur barsten. Na verloop van tijd breken er betonnen delen af en die vallen op de grond. Het gevolg is dat nog meer zuurstof bij het betonstaal komt waardoor betonrottingsproces verder doorgezet wordt. Dit kan de betonconstructie ernstig verzwakken. Problemen met Mantavloeren komen pas na jaren aan het ligt. De bedrijven die de Mantavloeren en Kwaaitaalvloeren hebben geproduceerd zijn inmiddels failliet. De toepassing van calciumchloride in betonmengsels voor vloeren is inmiddels verboden.

Wat is een Kwaaitaalvloer?

Een Kwaaitaalvloer is een prefab gewapende betonnen vloer die in veel Nederlandse gebouwen werd geplaatst in de periode van 1965 tot en met 1983. De naam Kwaaitaal is afgeleid van de firma Kwaaitaal in Rotterdam die deze vloeren ontwikkelde en fabriceerde. Met name het productieproces van Kwaaitaalvloeren leverde een groot voordeel op. Deze vloeren werden namelijk vrij snel prefab gemaakt. Dat was interessant omdat in de jaren zeventig van vorige een veel woningen in Nederland werden gebouwd.

Hoe herken je een Kwaaitaal vloer?
Kwaaitaalvloeren zijn prefab betonnen vloeren die uit allemaal elementen bestaan. Deze elementen zijn in feite lange banen die op een fundering rusten. Deze prefab betonnen vloeren kunnen eenvoudig worden herkend. Zo hebben deze betonnen delen een gebogen oftewel een gewelfde onderkant. Deze vloeren werden aangebracht op funderingsdelen waaronder een kruipruimte aanwezig is. In deze kruipruimte kan men de Kwaaitaalvloer herkennen aan deze afgeronde holle vormen. Tijdens de bouw werden de opkanten van de elementen meestal dichtgezet met een kopschot van piepschuim. De betonnen delen van een Kwaaitaalvloer zijn 50 cm breed en 18 cm dik. De uitsparing oftewel het gedeelte van de boog is 40 cm breed. Daarnaast kan men op de betonnendelen soms ook nog de naam Kwaaitaal aantreffen. Dit verwijst naar de Firma Kwaaitaal Vormbeton B.V. die deze betonnen vloeren ontwikkelde en produceerde voor de bouw.

Waarom werden Kwaaitaalvloeren toegepast?
Kwaaitaalvloeren werden ontwikkeld als prefab betonnen vloeren. Deze vloerdelen hadden een betonmengsel met calciumchloride. Dit bestandsdeel wordt ook wel een betonverhardings-versneller en zorgde er voor dat het betonmengsel sneller kon uitharden. Doordat het beton sneller kon uitharden kon men de betonnen vloerdelen van de Kwaaitaalvloer in de middag al uit de mal halen nadat deze in de ochtend werden gestort. Daardoor kon men in de middag een nieuwe betonstort doen. Op die manier konden de betonnen vloerdelen in grote massa worden geproduceerd. De productie verdubbelde.

Problemen met Kwaaitaalvloeren
In eerste instantie was het bouwprincipe van Kwaaitaalvloeren niet problematisch. De vloeren waren stevig en werden bovendien snel geproduceerd. De problemen ontstonden echter in de loop der jaren. De betonverhardings-versneller calciumchloride bleek namelijk ook nadelen te hebben. Na een bepaalde tijd zorgde de calciumchloride namelijk voor een chemische reactie met het betonijzer dat als wapening werd gebruikt voor de vloerdelen. Er ontstond een roestproces waarbij het roesten er voor zorgde dat de wapening ging uitzetten. De gecorrodeerde staaldelen zijn namelijk groter dan het staal dat niet gecorrodeerd is. Er ontstaat dus een expansie of uitzetting.

Deze uitzetting zorgt voor scheuren in het beton en wordt de buitenste betonlaag aangetast. De buitenste laag wordt ook wel de dekking genoemd. Als de dekking van de betonnen vloerdelen wegbreekt komt er meer zuurstof bij het betonijzer (de wapening) waardoor het betonrottingsproces nog harder gaat verlopen. Met name in een vochtige kruipruimte is er een extra grote kans op problemen met Kwaaitaalvloeren. De problemen met deze vloeren zijn bekend en er zijn verschillende specialistische bedrijven die het probleem passend kunnen oplossen. Als dat niet lukt zal de hele vloer moeten worden vervangen wat veel geld kost.

Aandachtspunten voor woningen die gebouwd zijn tussen 1970 en 1980

In de periode tussen 1970 en 1980 zijn er in Nederland veel woningen gebouwd. De architectuur van deze woningen is beter dan de architectuur van de woningen die voor 1970 zijn gebouwd. Daarnaast is de kwaliteit van deze woningen over het algemeen prima. Ten opzichte van oudere woningen zijn de onderhoudskosten lager. Er werd namelijk in de bouwperiode tussen 1970 en 1980 veel gebruik gemaakt van onderhoudsarme materialen. Bovendien werden er meer isolerende materialen toegepast. Zo werden de woningen standaard uitgerust met dubbel glas ook werd er dakisolatie en spouwisolatie aangebracht in woningen die in deze bouwperiode zijn opgeleverd.

Aandachtspunten woningen die tussen 1970 en 1980 werden gebouwd
Woningen die tussen 1970 en 1980 werden gebouwd zijn over het algemeen voorzien van materialen die beter zijn dan de woningen die voor deze periode werden gebouwd. Toch zijn er wel aandachtspunten. Zo kunnen woningen die in deze periode nog kozijnen bevatten die van een niet-duurzame houtsoort zijn gemaakt. Zo bevatten deze woningen regelmatig burenhouten gevelkozijnen. Deze zijn gevoelig voor houtrot. Sommige woningen hebben in de loop der jaren nieuwe kozijnen gekregen die gemaakt zijn van kunststof of hardhout.

Kwaaitaal- en Mantavloeren
Een behoorlijk aantal woningen uit de bouwperiode 1970 en 1980 werden voorzien van Kwaaitaal- en Mantavloeren. In totaal zijn er in Nederland 100.000 woningen in Nederland die problemen hebben met een Mantavloer. Deze woningen krijgen op den duur te maken met betonrot wat er voor zorgt dat de betonvloer afbrokkelt en haar sterkte verliest. Dit zorgt er voor dat de vloer kan breken. Ook Kwaaitaal vloeren hebben een zeer grote kans op betonrot. Deze vloeren zijn van 1965 tot ongeveer 1984 in veel woningen in Nederland aangebracht. Het repareren van een Kwaaitaalvloer en Mantavloer is meestal erg kostbaar daarom is het belangrijk dat men bijvoorbeeld bij de aanschaf van een woning goed op de hoogte is wat voor type (beton)vloer de woning heeft.

Elektrische installatie
Veel woningen die tussen 1970 en 1980 zijn gebouwd hebben een verouderde elektrische installatie die niet meer aan de eisen van 2019 voldoet. Er worden nu andere huishoudelijke apparaten gebruikt die meer elektriciteit verbruiken zoals afwasmachines, elektrische ovens, wasmachines en drogers met meer capaciteit. Al deze apparaten in combinatie met domotica toepassingen en internet of things vereisen een moderne elektrische installatie. Veel woningen uit de bouwperiode tussen 1970 en 1980 hebben daarom de afgelopen jaren een optimalisatie, renovatie en modernisering gehad van de elektrische installatie. Deze verbouwing is echter lang niet altijd zorgvuldig uitgevoerd. Met name in vochtige ruimten zoals badkamers bestaat er een vergrote kans op een onveilige elektrische installatie.

Centrale verwarmingsinstallatie
De huidige verwarmingstechniek is ook anders dan vroeger. In de jaren zeventig van vorige eeuw werden andere leidingen gebruikt voor een centrale verwarming dan tegenwoordig. Onder andere de diameter was anders. Als de cv-installatie moet worden vervangen kan dat voor extra kosten zorgen. Ook de cv-ketel zal in de afgelopen jaren vervangen zijn of zal dringend aan vervanging toe zijn.

Geluidsisolatie van woning
De geluidsisolatie van woningen is ook een aandachtspunt. Bij woningen die gebouwd zijn vóór 1978 moet gelet worden aan de geluidsisolatie tussen de woningen. Na 1978 werden nieuwe materialen en constructies toegepast voor woningscheidende wanden, zoals ankerloze spouwmuren enzovoort. Deze aanpassingen zorgden voor een betere isolatie van geluid maar ook van warmte.

Hitte is slecht voor de vloeistof in batterijen

Lithium-ionbatterijen vormen een belangrijk onderdeel van smartphones en andere mobiele telefoons. De levensduur van een batterij is echter regelmatig een onderwerp van discussie geweest. Zo zijn in het verleden producenten van smartphones in opspraak geraakt omdat de batterijen van hun producten niet lang genoeg meegingen. De overheid en consumentenorganisaties willen dat er batterijen worden geleverd die goed gebruikt kunnen worden door consumenten en bedrijven. Daarom wordt voortdurend gekeken naar nieuwe technologie om betere batterijen te maken die langer mee kunnen gaan.

Lithium-ionbatterijen kunnen behoorlijk lang mee gaan en kunnen bovendien regelmatig weer worden opgeladen. Een nadeel van batterijen blijft echter dat de batterijen minder goed gaan functioneren na verloop van tijd. Daarom moet je met batterijen altijd zorgvuldig omgaan. Een belangrijk aspect is dat batterijen niet in de brandende zon of op een hele warme plek zoals een kachel moeten worden neergelegd. Op een warme plek wordt ook de batterij opgewarmd en dat is hee slecht voor de vloeistof in de batterij. Bewaar daarom de batterij en toestellen die een batterij bevatten niet in de volle zon of in de buurt van een kachel, waterkoker of andere plek die regelmatig warm wordt. Zo kun je zelf een bijdrage leveren aan het vergroten van de levensduur van je batterijen.

Wat is een WT monteur of monteur WT?

WT monteur is een term die wordt gebruikt in de installatietechniek als functiebenaming voor een monteur werktuigbouwkundige installaties (WTB). Om die reden wordt een WT monteur door sommige bedrijven als monteur WTB. Als men het echter heeft over werktuigbouwkunde dan kan men ook denken aan de machinebouw in de metaaltechniek. Een WT monteur is echter niet verantwoordelijk voor de bouw van machines, in plaats daarvan is hij of zij juist verantwoordelijk voor het aanleggen van installaties in de koeltechniek, verwarmingstechniek, klimaatbeheersing maar ook voor het aanleggen van sanitair en loodgieterswerk.

Een WT monteur heeft daardoor een behoorlijk brede functie. De werktuigbouwkundige installaties waar een WT monteur aan de slag gaat zijn warmtepompen, hybrideketels, aardgasgestookte cv-ketels en waterstofketels. Dit zijn slechts een aantal werktuigbouwkunde installaties die behoren tot de werktuigbouwkundige techniek waar de WT monteur in de praktijk mee in aanraking kan komen. Door de energietransitie kunnen de werktuigbouwkundige installaties voor de WT monteur veranderen. Dat houdt het vakgebied installatietechniek interessant.

Wat is een Japans toilet, douche-wc of bidet-wc

Een Japans toilet, bidet-wc of douche-wc is een bidet die voorzien is van een regelbare waterstraal die uitschuifbaar is en wordt gebruikt om tijdens het toiletbezoek de billen van de persoon schoon te spoelen. Daarnaast is een Japans toilet meestal voorzien van een verwarmde wc-bril en een blazer waaruit warme lucht komt zodat de billen worden gedroogd nadat ze zijn schoongespoeld door de sproeier. De klep van een modern Japans toilet kan automatisch omhoog gaan en daarnaast kan het toilet meestal draadloos worden bediend. Dat maakt een Japans toilet echt een hightech toilet.

Waarom de naam Japans toilet?
De naam Japans toilet wordt voor dit type toilet gebruikt omdat in Japan in de jaren negentig van vorige eeuw al zogenaamde douche-wc’s aanwezig waren in kantoren, huizen, hotels en utiliteit. In Japan werd al eeuwen veel warde gehecht aan persoonlijke hygiëne. Daarom zijn in Japan veel ontwikkelingen geweest op dit gebied. Vermoedelijk heeft de Japanse fabrikant TOTO de eerste douche-toiletten op de markt gebracht. Vanaf die tijd zijn er verschillende ontwikkelingen geweest die er voor hebben gezorgd dat de Japanse wc nog beter is afgestemd op de wensen van de eigenaar. Zo kan een Japans toilet naast een boogstraal, ook een harde rechte straal hebben of een voorverwarmde bril. Ook is het mogelijk om een Japans toilet te kopen met een soort blaassysteem. Dat systeem kan worden gebruikt om de billen na het wassen ook weer te drogen.

Douchetoilet en milieu
Het Japans toilet of douchetoilet heeft een aantal voordelen. Allereerst is deze wc comfortabeler voor de gebruiker. Daarnaast is deze ook hygiënischer als men de wc goed gebruikt. Dat vereist wel enige oefening en ook het instellen van de straal en de verwarming is afhankelijk van de wensen van de gebruiker. Uiteindelijk zal een Japans toilet iets meer water verbruiken maar er hoeft geen wc-papier te worden gebruikt. Dat is beter voor het milieu hoewel wc-papier over het algemeen van gerecycled papier wordt gemaakt.

Populariteit van Japans toilet
In Nederland worden de douche-wc’s nog nauwelijks aangebracht in woningen. Nederland is op dit gebied vrij traditioneel. Misschien ziet men tegenwoordig wel vaker een douchetoilet in woningen omdat domotica en woonconmfort steeds belangrijker worden voor consumenten. Installatiebedrijven en sanitairverkopers spelen hier op in.