Aanmelden voor BBL in de techniek in juli 2018

BBL is voor veel werkzoekenden en leerlingen in de techniek een interessante opleidingsvorm. Doormiddel van BBL kun je werken en leren. Een BBL volg je via een opleidingsinstituut in het middelbaar beroepsonderwijs, ook wel bekend als het mbo. Veel BBL opleidingen worden gegeven op een Regionaal Opleidingscentrum (ROC) maar er zijn ook andere mbo instituten die BBL opleidingen geven. Er is veel keuze tussen opleidingsinstituten en tussen BBL opleidingen.

BBL opleidingsrichting
Als je voor jezelf de keuze hebt gemaakt om een BBL opleiding in de techniek te gaan volgen heb je in ieder geval een globale richting. Toch zijn er binnen de techniek enorm veel verschillende vakrichtingen en BBL opleidingen. Zo zijn er opleidingen in BBL variant voor de installatietechniek, elektrotechniek, mechatronica, constructiebankwerken, werktuigbouwkunde, timmeren en noem maar op. Een goede loopbaanbegeleiding is belangrijk bij het maken van de juiste keuze voor een BBL opleiding. Het kiezen voor een bepaalde BBL opleiding is namelijk meestal niet eenvoudig. Gelukkig zijn er speciaalisten die je kunnen ondersteunen bij de keuze voor de juiste BBL opleiding die bij je past.

Aanmelden voor een BBL opleiding
Via deze website kun je jezelf aanmelden voor een BBL opleiding. Je komt op het aanmeldingsformulier door hier te klikken. Aanmelden voor BBL is vrijblijvend. Bovendien krijg je ook nog kosteloos een adviesgesprek zodat je de juiste BBL opleiding kunt kiezen die past bij je kwaliteiten, wensen en toekomstperspectief.

Aanmelden voor BBL in juli?
Je zult jezelf misschien afvragen of het mogelijk is of je jezelf kunt aanmelden voor een BBL opleiding in juli. Het antwoord op de vraag is ‘ja’ dat kan. Als je jezelf aanmeld via het aanmeldformulier voor BBL krijg je een persoonlijk gesprek met een studiebegeleider die je kan helpen om de aanmelding voor BBL zo goed mogelijk te regelen. Bovendien kun je via een professionele intermediair werken bij een erkend leerbedrijf in de techniek.

Honderden arbeidsplaatsen verdwijnen bij Tata Steel door fusie vanaf 2018

Inmiddels is bekend geworden dat de fusie tussen Tata Steel en ThyssenKrupp doorgaat. In Nederland is er veel overleg gevoerd over deze fusie en vooral over de gevolgen die deze fusie heeft voor de werkgelegenheid bij het voormalige Hoogovens dat nu in handen is van het Indiase Tata Steel. Toen duidelijk werd dat er in Nederland ‘slechts’ een paar honderd arbeidsplaatsen zouden verdwijnen zijn de vakbonden toch akkoord gegaan met de fusieplannen.

Arbeidsplaatsen verdwijnen
Er zouden maximaal 400 arbeidsplaatsen bij Tata Steel Nederland verdwijnen door de fusie met ThyssenKrupp. Toch waren er ion eerste instantie grote zorgen bij de werknemers, de ondernemingsraad en de vakbonden. De toezegging is gedaan dat er geen gedwongen ontslagen zullen vallen. Dat betekent bijvoorbeeld dat de banen verdwijnen door natuurlijk verloop en dat bijvoorbeeld tijdelijke contracten niet zullen worden verlegd.

Toezegging OR en vakbonden
Door deze toezeggingen zijn de werknemers van beide staalproducenten toch akkoord gegaan met de fusie. Afgevaardigden van het personeel in de vorm van vakbonden en de ondernemingsraad hebben hun instemming gegeven toen ze volgende garanties kregen over werkgelegenheid en toekomstige investeringen. De ondernemingsraad van Tata Steel Nederland had vrijdag 29 juni al haar instemming gegeven voor de fusie. Daardoor kwam de samensmelting een stuk dichterbij.

Fusie tussen staalbedrijven Tata Steel en ThyssenKrupp afgerond eind juni 2018

Op zaterdag 30 juni 2018 werd bekend gemaakt dat de staalproducenten Tata Steel en ThyssenKrupp daadwerkelijk gaan fuseren. Eerder ging Tata Steel al akkoord met de fusie maar het akkoord van ThyssenKrupp volgde al snel. Op zaterdag werd bekend dat de Raad van Bestuur van ThyssenKrupp het ook eens met de voorwaarden. De bedrijven gaan echter niet volledig fuseren. Het gaat om de zogenaamde Europese activiteiten van de staalbedrijven. Dat zijn als het ware de Europese afdelingen of takken van de bedrijven. Inmiddels heeft de ondertekening ook formeel plaatsgevonden waardoor de fusie tussen de staalproducenten een feit is.

Nieuwe grote fusie in de staalsector
Het is al weer een tijd geleden dat er grote fusies en overnames werden gedaan tussen staalbedrijven in Europa. De overname van Arcelor door Mittal in 2006 is een van de laatste grote staaldeals geweest in de afgelopen jaren. Hieruit ontstond de staalgigant ArcelorMittal. De fusie tussen Tata Steel en ThyssenKrupp is de nieuwste grote fusie binnen Europa tussen staalproducenten. Het akkoord tussen de bedrijven is er al maar de mededingingsautoriteiten moeten de fusie nog wel goedkeuren.

Fusie tussen staalproducenten
Er was een lange weg voordat de fusie daadwerkelijk tot stand kwam. De bedrijven zijn actief in dezelfde branche maar verschillen onderling. Het bedrijf Tata Steel wordt aangestuurd vanuit India. TataSteel is door de overname van het voormalige Hoogovens in IJmuiden eigenaar van deze staalproductielocatie in Nederland geworden. Het Duitse industrie- en staalconcern ThyssenKrupp heeft ook een Europese staalproductie. Beide bedrijven hebben in september 2017 bekend gemaakt dat ze van plan waren om hun staalactiviteiten in Europa samen te voegen.

Thyssenkrupp Tata Steel
De fusie zal de naam Thyssenkrupp Tata Steel krijgen. In totaal heeft deze nieuwe samengesmolten organisatie ongeveer 48.000 medewerkers in dienst en een omzet van 15 miljard euro. Door de fusie verwachten de staalproductiebedrijven 400 tot 500 miljoen euro te kunnen besparen. Deze besparing ontstaat onder andere door het schrappen van 4.000 arbeidsplaatsen. Hierover hebben de vakbonden en de ondernemingsraad veel overleg gevoerd.

NieuweStroom neemt Energieleverancier easyEnergy over in 2018

Energiebedrijf NieuweStroom heeft haar branchegenoot EasyEnergy overgenomen. Het laatste bedrijf behoorde tot de easyGroup. De easyGroup is een grote organisatie die onder andere ook achter de luchtvaartmaatschappij easyJet zit.

De energieleverancier EasyEnergy werd opgericht in maart 2017. Het bedrijf onderscheide zich van veel van haar concurrenten door de belofte om gas en elektriciteit aan te bieden tegen inkoopprijzen aan consuementen. Deze prijzen verschillen echter sterk per moment. Per uur kunnen de energieprijzen daardoor wisselen. De energieleverancier zorgde er met haar aanpak voor dat consumenten kun energiegebruik konden plannen op momenten waarop de energiekosten het goedkoopste zijn.

De bedrijven NieuweStroom en easyEnergie zijn geen onbekenden van elkaar. Beide bedrijven hebben al een tijd met elkaar samengewerkt. Door de overname kunnen de bedrijfsprocessen nog beter op elkaar worden afgestemd. De details met betrekking tot de overnamesom zijn echter nog niet bekend gemaakt. Wel is duidelijk dat het management van easyEnergy de activiteiten van easyEnergy en de verantwoordelijkheden zal overdragen aan NieuweStroom.

Personeel Tata Steel Nederland akkoord met fusie ThyssenKrupp

Het personeel van Tata Steel Nederland is akkoord met de fusie met ThyssenKrupp. Vanwege dit akkoord kom de fusie tussen de staalbedrijven dichtbij. Op vrijdagochtend heeft de ondernemingsraad van Tata Steel in Nederland ingestemd met de samenvoeging van de Europese activiteiten van beide bedrijven. Tata Steel is het voormalige Koninklijke Hoogovens en heeft een grote afdeling in IJmuiden. Deze vestiging van Tata Steel zal de samenvoeging wel merken maar desondanks is de ondernemingsraad wel akkoord gegaan. Frits van Wieringen van de ondernemingsraad heeft vrijdag 29 juni 2018 de beslissing van het overlegorgaan bekend gemaakt. door het akkoord van de ondernemingsraad is een belangrijke hindernis genomen in de ontwikkeling.

In Duitsland is men ook nog druk in overleg over de fusie. Hier zal op korte termijn ook een beslissing worden genomen over de fusie volgens Van Wieringen. De directie van het staalbedrijf kwam in Nederland tegemoet aan het behoud van de relatief zelfstandige positie van de Nederlandse activiteiten. Dat was volgens de ondernemingsraad doorslaggevend voor het akkoord. Bovendien werd er ook toegezegd dat er investeringen worden gedaan in IJmuiden. De Duitse vakbonden die betrokken zijn geweest bij het overleg over de fusie van de staalactiviteiten zijn al akkoord. Ook de Nederlandse vakbonden zijn al akkoord gegaan. Deze stappen zorgen er voor dat het niet lang meer zal duren voordat er een definitief akkoord wordt gegeven over de fusie tussen het Duitse ThyssenKrupp en het Nederlandse Tata Steel.

Bouwbedrijven hebben meer werk dan ooit in 2018

Bouwondernemingen in Nederland hebben dit jaar gemiddeld meer werk dan ooit te voren. De meeste bouwbedrijven hebben nog voor meer dan 10 maanden werk in hun orderportefeuille. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) heeft aangegeven dat het nog niet eerder in Nederland is voorgekomen dat bouwbedrijven voor meer dan tien maanden orders in het verschiet hebben. De werkvoorraad steeg in de woningbouw uitgedrukt in maanden met 0,3 maand tot 11,2 maanden. Ook in de utiliteitsbouw steeg de werkvoorraad. Hier steeg de werkvoorraad met 0,4 maand tot 10,8 maanden. De utiliteitsbouw is de bouwsector waarin grote bouwwerken worden gebouwd zoals kantoorcomplexen, scholen, musea en grote industriële gebouwen.

Materiaaltekort en personeelstekort in de bouw
De civiele techniek had nauwelijks meer werkvoorraad opgebouwd de afgelopen maanden. De grond-, water- en wegenbouw hebben gemiddeld 7,5 maanden werkvoorraad in het vooruitzicht. Dit is een stijging van 0,2 maand. Het gaat goed met de bouwsector als men kijkt naar het aantal projecten en opdrachten. Toch zijn er ook problemen. Zo zijn er grote tekorten aan vakkrachten en staan er verhoudingsgewijs veel vacatures open. Hierbij kun je denken aan vacatures voor installatiemonteurs en elektromonteurs maar ook aan timmermannen en metselaars is een groot tekort. Daar komt het tekort aan bouwmateriaal nog bij. Het materiaaltekort en het personeelstekort vormen in 2018 de grootste problemen voor de bouwsector. Ongeveer zeventig procent van de bouwsector verwacht dat de prijzen in de bouw zullen stijgen. Daarnaast geeft dertig procent van de bouwondernemingen aan dat ze de komende drie maanden extra personeel gaan aannemen.

Productie van Tesla loopt nog steeds achter in 2018

Tesla heeft nog steeds problemen met betrekking tot de productiedoelstelling voor de Tesla Model 3. Van dit type auto zou Tesla per week 5000 voertuigen produceren. Dit blijkt echter nog steeds te hoog gegrepen voor de producent van Elektrische auto’s. Volgens Elon Musk zou dit productieaantal eind juni waarschijnlijk worden behaald. Uit de praktijk komt echter naar voren dat het daadwerkelijke productieaantal op 4.200 auto’s per week ligt. Dit bericht werd bekend gemaakt door Amerikaanse media. De berichtgeving werd gedaan op basis van bronnen onder de werknemers van Tesla. Vanuit Tesla zelf is er geen officiële berichtgeving gedaan.

Productietent
Momenteel heeft de huidige fabriek van Tesla nog onvoldoende capaciteit om per week 5000 auto’s te produceren. Tesla heeft verschillende oplossingen bedacht voor het productieprobleem. Zo heeft Tesla onder andere een grote tent gebouwd waarin een deel van de productie moet worden uitgevoerd. Op dit moment worden er nog maar een paar auto’s in de productietent gebouwd. Deze auto’s moeten echter vaak worden aangepast volgens een medewerker van Tesla.

Windmolenparken Borssele III en Borssele IV ontvangen nauwelijks subsidie

De overheid wil in de toekomst dat windmolenparken zoveel mogelijk zonder subsidie worden gebouwd. Windmolenparken moeten rendabel genoeg zijn om zonder overheidssteun elektriciteit op te wekken. De windmolenparken Borssele III en Borssele IV krijgen daarom verhoudingsgewijs weinig subsidie. Het valt op dat er in de windmolentechniek steeds minder geld nodig is. Zo ging men een aantal jaren geleden nog uit van een subsidiebedrag van 5 miljard euro. Dit bedrag werd begroot om de windmolens te bouwen. Aan het einde 2016 kwam men er achter dat deze begroting veel te fors was. Voor de bouw hadden de partijen maar een extra investering nodig van 300 miljoen euro.

Aan het begin van 2018 werd de ontwikkelaar voor het eerste subsidieloze windpark gevonden. Het bedrijf Vattenfall heeft de primeur op dit gebied. Dit bedrijf is het moederbedrijf van Nuon. Het bedrijf gaat in een ander windmolenproject bouwen zonder extra financiële steun voor de exploitatie. Het gaat hierbij om een windmolenpark dat wordt gebouwd voor de kust van Holland. Dit windmolenpark krijgt een vermogen van 700 megawatt. De bouw van windmolenparken krijgt meer aandacht in Nederland. Windenergie is een belangrijke factor in de energietransitie. De bouw van windmolenparken moet er voor zorgen dat er meer hernieuwbare energie wordt opgewekt. Daardoor kunnen de duurzame energiedoelstellingen die de overheid heeft vastgesteld beter worden behaald. Zo moet in 2023 in totaal 16 procent van alle in Nederland verbruikte energie uit hernieuwbare energiebronnen komen. Windmolenparken vormen slechts één hernieuwbare energiebron. Men kan ook denken aan zonnepanelen, geothermie en warmtepompen.

Financiering voor windmolenparken Borssele III en Borssele IV is rond

De financiering die nodig is voor de bouw van de windmolenparken Borssele III en Borssele IV is rond. Dat betekent dat het consortium dat de offshore windparken wil gaan bouwen verder kan gaan met de uitvoering van hun plannen. Vermoedelijk gaat de bouw van de windmolenparken van start in het vierde kwartaal van 2019.

Consortium windmolenparken
Het consortium dat de windmolenparken wil bouwen bestaat uit een aantal bedrijven. De volgende bedrijven doen hier aan mee:

  • Eneco,
  • Shell,
  • Van Oord,
  • DGE
  • Partners Group.

Het bedrijf DGE is een dochterbedrijf van het Japanse Mitsubishi. Partners Group is een investeringsmaatschappij uit Zwitserland. Natuurlijk wordt bij dit soort projecten altijd gekeken naar de investering en de opbrengsten. Daarom hebben de partijen ook afspraken gemaakt over de afname van de stroom die door het windmolenpark wordt opgewekt. Deze duurzame elektrische stroom zal in ieder geval de komenden vijftien jaar worden afgenomen door Shell en Eneco. De bouwfase vereist echter een investering van 1,3 miljoen euro.

Vermogen windmoleparken
Als de windmolens allemaal in gebruik worden genomen dan kunnen ze gezamenlijk 2.800 gigawatt uur groene stroom per jaar produceren. Deze hoeveelheid elektrische stroom is gelijk aan de hoeveelheid elektrische stroom die 823.529 huishoudens per jaar verbruiken. De windmolens zullen waarschijnlijk begin 2021 elektrische stroom gaan produceren. Alle windmolens hebben gezamenlijk een capaciteit van 731,5 megawatt.

Verbod op wegwerpplastic kost bedrijven nauwelijks geld vanaf 2018

Plastic afval is een wereldwijd probleem waardoor de kans groot is dat er binnenkort strengere wereldwijde regelgeving wordt ingevoerd die het gebruik van wegwerpplastic moet tegengaan. Het verbod op wegwerpplastic heeft echter maar een beperkte invloed op bedrijven die plastic produceren. Dit bericht werd donderdag 28 juni 2018 bekend gemaakt door kredietbeoordelaar Fitch. Deze organisatie heeft donderdag een rapport gepubliceerd waarin staat dat de meeste chemie- en oliebedrijven in het uiterste geval enkele procenten minder winst zullen maken als het verbod op wegwerpplastic wordt ingevoerd.

Voorafgaand aan het rapport had Fitch een onderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek werd gekeken naar het effect van een wereldwijd plasticverbod op de resultaten van bedrijven. De kans dat er een wereldwijd verbod op wegwerpplastic komt is overigens vrij klein. Fitch acht de kans groot dat het gebruik van wegwerpplastic in kleine stappen worden ingevoerd. Door dit verbod stapsgewijs in te voeren hebben bedrijven de gelegenheid om hun bedrijfsprocessen en verpakkingsmaterialen aan te passen.

Kort gelden kondigde de Europese Commissie nog maatregelen aan tegen verschillende plastic producten waaronder plastic rietjes. Ook bedrijven zoals Cocacola en McDonald’s beginnen zich te richten op verduurzaming en het beperken van de afvalstroom. McDonald’s gaat bijvoorbeeld stoppen met rietjes. Ook andere bedrijven zoals Starbucks en IKEA zijn bezig om het gebruik van plastic te verminderen. Deze bedrijven stoppen met plastic bekertjes en plastic roerstaafjes.

CPB: Innovatie heeft geen groot effect op productiviteitsgroei in 2018

De OESO oftewel de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling heeft een bepaald beeld geschetst over de productiviteitsgroei in Nederland. In de rapportage van de OESO wordt aangegeven dat de voorlopers op het gebied van innovatie qua productiviteit steeds verder vooruit lopen ten opzichte van landen die minder geld besteden en minder aandacht geven aan innovatie. Drie economen van het Centraal Planbureau (CPB) hebben echter aangegeven dat deze conclusie niet geheel juist is. De economen hebben onderzoek gedaan naar de productiviteitsgroei in Nederland. De bevindingen van de economen zijn gepubliceerd in het vakblad Economisch Statistische Berichten.

Sterke innoverende bedrijven hebben niet per definitie een grotere productietoename dan bedrijven die niet of nauwelijks investeren in innovatie. Deze conclusie trekken de economen op basis van een onderzoek dat ze in de periode van 2006 tot en met 2015 hebben uitgevoerd. De onderzoekers hebben tijdens het onderzoek ook gekeken naar de ontwikkelingen bij kleine bedrijven. Dat hebben de onderzoekers van de OESO niet gedaan en daardoor ontstaat een andere conclusie. De kleine bedrijven zijn volgens het CPB belangrijk bij het meten van de nationale productiviteit. Deze bedrijven laten echter een ander groeipatroon zien volgens het onderzoek van het CPB.

Chauffeurs op uitzendbasis worden ingezet om staking streekvervoer op te vangen in 2018

De vakbonden voeren stakingen uit in het openbaar vervoer in Nederland. Dat zorgt er voor dat het streekvervoer moeite heeft om haar planning te halen. Het tekort aan personeel dat ontstaat door de stakingen in het streekvervoer worden echter opgevangen door uitzendkrachten aldus de vakbonden. Buschauffeurs die via een uitzendbureau werken worden door de vervoersbedrijven extra ingezet zodat de ritten toch door kunnen gaan. Ondanks de stakingen gaan veel uitzendkrachten toch rijden.

FNV-kaderlid Rien Lieman geeft aan dat uitzendkrachten met een 0-urencontract verschillende redenen hebben om toch nog hun werkzaamheden voort te zetten. Uitzendkrachten met een 0-urencontract krijgen namelijk geen uitkering over de periode dat er gestaakt wordt. Bovendien krijgen deze uitzendkrachten per uur betaald. Dat betekent dat als ze niet rijden er ook geen uren kunnen worden uitbetaald. Geen werk heeft dan automatisch geen inkomsten tot gevolg. Dit heeft Lieman tegen RTV Drenthe gezegd. Uitzendkrachten willen meestal graag in aanmerking komen voor een langdurig dienstverband en ze zijn bang dat ze een rechtstreeks contract kunnen vergeten als ze meedoen met de staking.

RTV Noord heeft aangegeven dat de vakbond FNV inmiddels aangifte heeft gedaan tegen Qbuzz gedaan vanwege ‘besmet werk’. De vakbond geeft aan dat Qbuzz de regels overtreed door uitzendkrachten extra in te zetten op lijnen waarvoor ze in eerste instantie niet waren ingepland. De woordvoerder van het streekvervoer, Michel van der Mark, ontkent echter dat de regels worden overtreden: “We doen dit op een heel nette manier. We bieden mensen nieuw werk aan, iets dat ze anders niet zouden doen.”

Tienduizenden Nederlandse banen naar het buitenland verdwenen tussen 2014 en 2016

Er zijn de afgelopen jaren tienduizenden banen uit Nederland naar het buitenland verplaatst. Het zou gaan om ongeveer 30.000 banen in de periode tussen 2014 en 2016 volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS maakte dit bericht bekend op woensdag 27 juni 2018. Het zijn met name bedrijven met meer dan 50 werknemers die er voor kiezen om banen te verplaatsen naar het buitenland. Van deze grotere bedrijven heeft volgens het CBS zes procent de keuze gemaakt om taken onder te brengen in andere landen. Dit waren in veel geval andere EU-lidstaten. Ongeveer zeventig procent van de banen werden door bedrijven verplaatst naar andere Europese lidstaten.

Als men de cijfers bekijkt dan valt het vooral op dat er banen verdwijnen uit de maakindustrie. Van het totale aantal banen dat is verdwenen uit Nederland in de periode tussen 2014 en 2016 waren bijna 18.000 banen in de maakindustrie. Ook worden verhoudingsgewijs veel administratieve banen en managementfuncties naar het buitenland verplaatst. In de periode tussen 2014 en 2016 werden 6.700 banen in het buitenland ondergebracht. Twintig procent van de bedrijven die een deel van hun activiteiten naar het buitenland verplaatsen hebben een moederbedrijf in het buiteland. Over het algemeen kiezen bedrijven er voor om banen en activiteiten naar het buitenland te verplaatsen om kosten te besparen.

Staalsector Amerika dient aanklacht in tegen staalheffing in 2018

Een Amerikaanse belangengroep die opkomt voor de staalsector heeft een aanklacht ingediend tegen de Amerikaanse importheffingen op staal die zijn ingevoerd door de Amerikaanse president Donald Trump. Volgens de American Institute for International Steel (AIIS) is de aanklacht de eerste juridische procedure die is gestart om de controversiële maatregelen van de Amerikaanse regering ongedaan te maken.

Importheffingen op staal
Voor het invoeren van de importheffingen op staal heeft de Amerikaanse president gebruik gemaakt van een wet uit de jaren zestig. Deze wet maakt het invoeren van handelsbarrières mogelijk als er sprake is van een gevaar voor de nationale veiligheid. Volgens de AIIS maakt de Amerikaanse president door het gebruik van de wet inbreuk op de Amerikaanse grondwet. Door deze werkwijze en het gebruik van deze wet trekt de Amerikaanse president wetgevende bevoegdheden rond internationale handel naar zich toe. Het is echter niet aan de president om een dergelijke wet daarvoor te gebruiken. De wetgevende bevoegdheden met betrekking tot de internationale handel zijn namelijk voorbehouden aan het Amerikaanse Congres en de Amerikaanse grondwet.

Negatief effect op staalsector
Door de importheffingen lopen de staalprijzen op aldus de AIIS. Veel bedrijven in de staalsector zijn niet zelfvoorzienend en kunnen niet zonder staal uit Europa. De staalbedrijven moeten de hogere prijzen voor staal nu zelf betalen. De importheffingen maken bovendien Amerikaanse producten uit de staalindustrie duurder want de heffingen moeten worden doorberekend aan de afnemers oftewel de klanten. Daardoor werken de importheffingen negatief door. Bovendien hebben verschillende landen ook al tegenmaatregelen afgekondigd en ingevoerd met betrekking tot Amerikaanse producten.
Daardoor worden ook importheffingen in onder andere China en Europa in rekening gebracht voor Amerikaanse producten. Er is wereldwijd een handelsconflict ontstaan waarin Amerika een belangrijke rol speelt. De importheffingen op staal die Amerika zelf heeft opgelegd blijken nu ten nadele te zijn van de Amerikaanse staalbedrijven die president Trump juist wilde beschermen tegen de internationale concurrentie in de staalindustrie.

Duizenden Groningse woningen moeten in 2018 versterkt worden ten gevolge van aardbevingsschade

Ongeveer 5.000 woningen en andere gebouwen die aanwezig zijn in het Groningse aardbevingsgebied moeten zo snel mogelijk worden verstevigd. Dit bericht heeft het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) bekend gemaakt aan minister Wiebes die hiervoor mede verantwoordelijk is. In het advies is ook aangegeven dat er aandacht moet worden besteed aan het gebied 10 kilometer ten noorden van Groningen.

Verder geeft de toezichthouder aan dat de gaswinning in Groningen zo snel mogelijk omlaag moet naar 12 miljard kuub gas per jaar. Er moeten maatregelen genomen worden waardoor de afbouw van de gaswinning verder wordt gestimuleerd. Zo moet er een verbod komen waardoor grootverbruikers van aardgas geen gas meer mogen gebruiken uit Groningen. Het advies van de SodM is dus tweeledig. Het afbouwen van de gaswinning en het verstevigen van gebouwen moeten beide worden gedaan om de veiligheid en leefbaarheid in het aardbevingsgebied van Groningen te optimaliseren.

VS wil boycot olie Iran vanaf 4 november 2018

De Verenigde Staten willen dat haar bondgenoten vanaf vier november 2018 geen olie meer gaan kopen uit Iran. De Amerikaanse president Donald Trump wil op die manier Iran in een moeilijke positie brengen op de wereldwijde oliemarkt. Eerder had president Donald Trump al besloten om het nucleaire verdrag met Iran op te zeggen. Er zijn verschillende landen die olie importeren uit Iran. Voorbeelden hiervan zijn China, India en Turkije. Als het aan het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken moet er zo weinig mogelijk olie worden gekocht uit Iran. Uitstel of vrijstellingen zijn niet wenselijk volgens het Amerikaanse ministerie.

Er zijn nog wel een aantal landen die het nucleaire verdrag met Iran in stand willen houden. Zo blijven de Europese Unie, Rusland en China bleven nog wel achter de bepalingen in het nucleaire verdrag met Iran staan. De huidige president van Amerika is echter van mening dat dit verdrag nooit tot stand had mogen komen. Volgens Donald Trump is Iran onbetrouwbaar en biedt het verdrag geen enkele garanties dat Iran niet aan een atoomwapen gaat werken. Daarom wil Trump harde maatregelen om Iran weer in een isolement te brengen tot er een beter verdrag wordt opgesteld.

Duitse banken investeren 6 miljard in fintech vanaf 2018

Fintech wordt een steeds belangrijker speerpunt voor Duitse banken. De komende jaren willen de banken in Duitsland meer investeren in financieel technische oplossingen waardoor hun dienstverlening sneller, veiliger en efficiënter wordt. Er wordt de komende jaren miljarden euro’s geinvesteerd in digitalisering. Consultancybureau Oliver Wyman heeft aangegeven dat de investering van de banken zal oplopen tot een bedrag van zes miljard euro tot 2020. De vijftig grootste kredietverstrekkers van Duitsland gaan investeren in fintech.

Automatisering is belangrijk voor banken maar ook andere ontwikkelingen in het kader van fintech kunnen een belangrijke bijdrage vormen voor den bankensector. Het bedrag dat alle banken totaal investeren in innovatie komt neer op circa 12 procent van de gezamenlijke omzet. Bovendien is dit bedrag exclusief de gewone IT-bestedingen. De ontwikkelingen in de Duitse financiële sector zijn ook noodzakelijk omdat Duitse banken nog behoorlijk achterblijven met betrekking tot digitalisering in vergelijking met branchegenoten. Dit kwam naar voren uit een onderzoek van advies- en accountantsbureau Deloitte. Wereldwijd staan Duitse banken op de 24ste plaats van de 38 landen die op het gebied van digitalisering en fintech zijn onderzocht in Europa, Afrika en het Midden-Oosten.

De ING bank is een bank die op deze gebieden juist voorop loopt. Door investeringen in fintech en de automatisering die daar bij hoor kan deze bank veel geld besparen. De kosten worden gereduceerd en de winst en omzet gaan omhoog. Duitsland heeft een aantal grote banken die sterk met elkaar concurreren. De grootste bank van Duitsland is de Deutsche Bank. Deze bank is op dit moment aan het onderzoeken hoe meer kosten bespaard kunnen worden. Er wordt mogelijk een reorganisatie uitgevoerd waarbij waarschijnlijk duizenden banen zullen verdwijnen. Een andere Duitse bank, de Commerzbank, heeft al een reorganisatie uitgevoerd waarbij een groot deel van het personeel werd ontslagen. Het nadeel van fintech en automatisering is dat veel werk van mensen wordt overgenomen door computers en systemen waardoor banen verdwijnen. Toch zorgt fintech ook weer voor werkgelegenheid want er zijn software-engineers en andere specialisten nodig om fintech-producten te ontwikkelen, te verkopen en te onderhouden.

Hogesnelheidsspoor Europa is onder de maat in 2018

De kwaliteit van het hogesnelheidsspoornet in de EU is onderzocht door de Europese Rekenkamer. Op dinsdag 26 juni 2018 heeft de Europese Rekenkamer haar bevindingen bekend gemaakt. Daaruit komt naar voren dat het hogesnelheidsspoornet onvoldoende functioneert. Er is sprake van een ‘lappendeken’ aan nationale spoorlijnen die slecht met elkaar verbonden zijn. Bovendien ontbreekt er een duidelijk plan voor de lange termijn.

De Europese lidstaten handelen voornamelijk op basis van eigen inzicht omdat Europese coördinatie tekortschiet. Deze werkwijze zorgt er voor dat de doelstelling om het hsl-net in 2030 te verdriedubbelen buiten bereik ligt. Tegen dat jaar moet het hogesnelheidsspoor 30.000 kilometer spoor bevatten. De Europese Rekenkamer heeft echter al de conclusie getrokken dat deze doelstelling niet gehaald gaat worden.

Deze conclusie volgt na een analyse van de helft van het huidige spoornetwerk. De Europese Rekenkamer heeft al een bezoek aan Frankrijk, Spanje, Italië, Duitsland, Portugal en Oostenrijk gebracht. Het spoornetwerk in deze landen is al meegenomen in de conclusie van het onderzoek. Volgens de rekenkamer kijkt de lokale politiek vooral naar de belangen van hun eigen land. Er wordt veel geld uitgegeven en bovendien treed er veel vertraging op.

Twintig procent werkgevers heeft personeelstekort in 2018

In Nederland heeft een op vijf werkgevers een tekort aan personeel volgens het UWV. De uitkeringsinstantie geeft aan dat de krapte op de arbeidsmarkt in steeds meer sectoren wordt gemerkt. In verschillende beroepsgroepen is er een tekort aan personeel. Dit komt naar voren uit een rapport van het UWV dat is opgesteld over de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Dit rapport werd gepubliceerd op dinsdag 26 juni 2018. Hieronder staan een aantal opvallende ontwikkelingen van de afgelopen tijd.

Tekort aan personeel in de bouw en techniek
Volgens het UWV is vooral in de bouw en techniek een tekort aan personeel merkbaar. Bedrijven in deze sectoren kunnen nauwelijks personeel vinden om de vacatures in te vullen. Ook in de installatietechniek en de autotechniek is het tekort aan personeel merkbaar. Veel bedrijven in deze sectoren hebben vacatures die lang open staan.

ICT en agrarische sector
Het valt op dat ook andere sectoren inmiddels een krapte merken op het gebied van personeel. De ICT, zorgsector, transportsector en de logistieke branche hebben inmiddels ook te maken met personeelstekorten. Ook de agrarische branche merkt dat het vinden van personeel steeds moeilijker wordt.

Uitzendbureaus
Gemiddeld zou één op de vijf werkgevers belemmeringen ervaren in de productie vanwege een tekort aan personeel. Sommige sectoren hebben echter meer problemen op dit gebied. Hierbij kun je denken aan uitzendorganisaties die personeel bemiddelen in de techniek en de bouw. Ook architecten en de metaal- en technologische industrie merken meer dan gemiddeld problemen op het gebied van personeelsbezetting. In deze sectoren zouden volgens het UWV gemiddeld 1 op de 3 werkgevers problemen ervaren op het gebied van personeelsbezetting.

Vakbonden slaan gesprek werkgevers metaalsector in juni 2018

De vakbonden hebben kenbaar gemaakt dat ze niet bereid zijn om met de werkgevers in de metaalsector te onderhandelen over een nieuwe cao. Een uitnodiging voor een gesprek vanuit de brancheorganisatie FME werd afgeslagen door de vakbonden. Bovendien beraden de vakbonden zich op nieuwe stakingen. Dit bericht heeft een woordvoerder van het CNV bekend gemaakt.

FME en CNV
De FME geeft aan dat ze de houding van de vakbonden niet kan begrijpen. Het is volgens de FME jammer dat de vakbonden nu al weerstand bieden. De werkgevers hebben aangegeven dat ze open staan voor een gesprek zonder eisen en voorwaarden die vooraf zijn opgesteld. De vakbond CNV geeft aan dat er echter stappen moeten worden gemaakt. Het moment van een open gesprek is volgens het CNV al geruime tijd geleden geweest. Inmiddels worden er stakingen gehouden. Het is overigens nog niet duidelijk wanneer de vakbonden nieuwe stakingen doorvoeren in de metaalsector. Eerder werden al stakingen gehouden bij verschillende metaalbedrijven in Nederland. Zo zijn er al stakingen geweest op woensdag en vrijdag.

Metaalcao
In de nieuwe cao willen de werknemers in de metaalsector een loonsverhoging van 3,5 procent per jaar vastleggen. Bovendien zouden de werknemers ook meer werkzekerheid moeten krijgen en meer invloed moeten hebben. De metaalcao is een belangrijke cao omdat in Nederland ongeveer 150.000 werknemers onder de metaalscao vallen.